Wie zorgt voor de sociaal werker? Een onderzoek naar de normalisering, onderrapportering en structurele aanpak van agressie en geweld binnen het sociaal werk
Erasmushogeschool Brussel
2026
Agressie en grensoverschrijdend gedrag tegenover sociaal werkers komen frequent voor
in het sociaal werkveld, maar worden in de praktijk nog te vaak genormaliseerd en
ondergerapporteerd. Deze bachelorproef onderzoekt waarom agressie-incidenten niet
systematisch worden gerapporteerd, welke rol normalisering hierin speelt en welke
drempels sociaal werkers ervaren om incidenten te melden. Aanleiding tot dit onderzoek
was het overlijden van een OCMW-medewerker in Gent tijdens een huisbezoek in
augustus 2025, een gebeurtenis die de kwetsbaarheid van sociaal werkers op scherp
stelde en vragen opriep over hoe de sector omgaat met veiligheid.
Vanuit een kwalitatieve onderzoeksaanpak werden tien semigestructureerde interviews
afgenomen bij sociaal werkers uit uiteenlopende werkvelden, waaronder bijzondere
jeugdzorg, politie, straathoekwerk, straatzorg en onderwijs. De data werden thematisch
geanalyseerd om zowel overeenkomsten als verschillen in ervaringen en organisaties in
kaart te brengen.
Uit de resultaten blijkt dat verbale agressie de meest voorkomende vorm is en het sterkst
onderhevig aan normalisering. Verbale agressie wordt frequent beschouwd als een
“uiting van onmacht” en daardoor als inherent aan het beroep. Fysieke agressie wordt
vaker gemeld, maar zelfs dan belemmeren factoren zoals werkdruk, zware caseload,
gebrek aan opvolging en de vrees om de hulpverleningsrelatie te schaden het effectief
meldgedrag. De organisatiecultuur speelt een cruciale rol. In teams met ruimte voor
supervisie en collegiale opvang wordt agressie beter bespreekbaar gemaakt en zijn
sociaal werkers weerbaarder. Beginnende medewerkers en stagiaires blijken bijzonder
kwetsbaar voor de normalisering.
De gevolgen van agressie reiken verder dan het individu. De gevolgen beïnvloeden het
professioneel handelen, de kwaliteit van de hulpverleningsrelatie en leiden op
organisatieniveau tot verhoogd ziekteverzuim en uitstroom. Preventie- en
nazorgmaatregelen bestaan, maar zijn sterk contextafhankelijk en niet overal even
structureel verankerd. De opleiding sociaal werk bereidt studenten bovendien
onvoldoende voor op het omgaan met agressie en onveiligheid in de praktijk.
Deze bachelorproef besluit dat een veilige werkomgeving voor sociaal werkers vraagt om
een gedeelde, structurele verantwoordelijkheid: van opleiding over organisatie tot
overheid. Agressie mag niet langer worden beschouwd als “part of the job”, maar dient
erkend, geregistreerd en structureel aangepakt te worden, met aandacht voor zowel de
fysieke als de mentale en emotionele veiligheid van de sociaal werker.
Meer lezen