Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Comparison of Smartphone-Based 3D Body Measurements with Traditional Anthropometry and 4D Stereophotogrammetry: Reliability, Validity, and Accuracy in Healthy Adults

Universiteit Antwerpen
2026
Femke
Van Orden
  • Emma
    Van den Hoek
Deze scriptie onderzoekt de betrouwbaarheid, validiteit en nauwkeurigheid van smartphonegebaseerde 3D-scantoepassingen voor lichaamsmetingen in vergelijking met traditionele antropometrische metingen en 4D-stereofotogrammetrie. In een cross-sectionele studie werden 35 gezonde volwassenen gemeten met twee smartphone-apps (3D Measure Me en MeThreeSixty), een 4D-stereofotogrammetriesysteem en conventionele meetinstrumenten. De resultaten tonen aan dat 4D-stereofotogrammetrie en de app 3D Measure Me over het algemeen goede tot uitstekende overeenstemming vertonen met traditionele metingen, terwijl MeThreeSixty minder nauwkeurige en consistente resultaten oplevert. Vooral metingen van de ledematen bleken betrouwbaar, terwijl rompmetingen meer variatie vertoonden. De bevindingen suggereren dat smartphonegebaseerde 3D-scans, en in het bijzonder 3D Measure Me, een veelbelovend en toegankelijk alternatief kunnen vormen voor antropometrische metingen in de klinische praktijk, mits de beperkingen van bepaalde lichaamsregio's in acht worden genomen.
Meer lezen

Het besparingspotentieel van een Energie Management Systeem (EMS)

AP Hogeschool Antwerpen
2025
Walter
D'Amico
‘Het besparingspotentieel van een Energie Management Systeem (EMS)’
Student: Walter D’Amico – AP Hogeschool Antwerpen
Stageplaats: VEKA – Vlaams Energie- en Klimaatagentschap
Opleiding: Professionele bachelor Energiemanagement (2024-2025)
In een energiemarkt gekenmerkt door prijsschommelingen, capaciteitsheffingen en digitalisering, worden huishoudens en KMO’s uitgedaagd om hun verbruik slimmer te beheren. Energie Management Systemen (EMS’en) vormen hierbij een sleuteltechnologie: ze sturen het verbruik automatisch op basis van realtime prijs- en netdata. Toch blijft de rendabiliteit ervan voor veel gebruikers onduidelijk. Deze bachelorproef brengt daar verandering in.
Ik ontwikkelde een interactieve rekenmodule die op basis van gebruikersinput – zoals woningtype, toestellen, gedrag en contractvorm – de Total Cost of Ownership (TCO) en de Terugverdientijd (TVT) van een EMS berekent. Via Google Sheets en Apps Script wordt automatisch een gepersonaliseerd rapport gegenereerd, inclusief scenariovergelijking, besparingsgrafieken en benchmarkanalyse.
De tool werd ontworpen met reproduceerbare logica, gevoeligheids- en correctiefactoren, en werd getest op meer dan 550 realistische scenario’s. De resultaten tonen dat voor gebruikers met meerdere regelbare toestellen en een dynamisch of een contract bij een Flexibility Service Provider of aggregator, de jaarlijkse besparing kan oplopen tot honderden euro’s, met een gemiddelde terugverdientijd van net boven de 5 jaar. Daartegenover staan profielen waar de investering minder loont – wat de nood aan maatwerk aantoont.
Het project is technisch en beleidsmatig relevant. VEKA gaat deze rekenmodule zeker verder bespreken om te integreren in de website www.maakjemeterslim.be en zal dan worden ingezet in campagnes van VEKA als extra stimulans om potentiële gebruikers te overtuigen. Daarnaast is het inzetbaar als simulatie-instrument bij energieloketten, netbeheerders of leveranciers die contractoptimalisatie en flexibiliteitsdiensten willen ondersteunen. De methodiek is uitbreidbaar naar andere technologieën (zoals warmtepompen of batterijen) en types aansluitingen (zoals AMR).
Deze bachelorproef koppelt praktijkervaring, innovatie en systeeminzicht met een breed maatschappelijk nut. Het biedt gebruikers helderheid, en beleidsmakers een onderbouwde basis om het potentieel van EMS’en gericht te stimuleren in het kader van de energietransitie.
Meer lezen

AI in het wiskundeonderwijs.

HOGENT
2025
Annelore
Liekens
  • Milan
    De Smet
AI in het wiskundeonderwijs.
Hoe kan leermateriaal binnen het wiskundeonderwijs met AI ontwikkeld
worden.
Meer lezen

Communicatie tussen scholen en anderstalige ouders: een kwalitatief onderzoek naar de nood aan sociaal tolken in het onderwijs

KU Leuven
2025
Sofie
Knockaert
Ouderbetrokkenheid beïnvloedt de schoolprestaties en het welbevinden van leerlingen (Bakker et al., 2013; Fantuzzo et al., 2004; Menheere & Hooge, 2010; Quezada, 2024). Een beperkte kennis van de schooltaal vormt voor anderstalige ouders een barrière in de communicatie met de school (Baxter & Kilderry, 2024; Beks & Natris, 2008; Benoit et al., 2009; Lawal, 2021; Stassen et al., 2005).
Het recentste Vlaamse regeerakkoord voorziet niet langer een financiële tegemoetkoming voor de inzet van sociaal tolken op school. Het beleid wil inzetten op de kennis van het Nederlands van de ouders en legt het vereiste niveau voor inburgeraars op B1, wat heel ambitieus is. Dit masterproefonderzoek schetst een beeld van de praktijk in Nederlandstalig onderwijs in Vlaanderen: hoe verloopt de communicatie tussen anderstalige ouders en scholen nu? Worden er nog sociaal tolken ingezet en zo ja, hoe worden ze betaald?
152 respondenten van 69 verschillende scholen uit het Nederlandstalig onderwijs in Vlaanderen beantwoordden hierover een vragenlijst. Deze antwoorden werden getrianguleerd met 15 semigestructureerde diepte-interviews. Om een zicht te krijgen op de financiering is er tijdens de interviews navraag gedaan bij de geïnterviewde directieteamleden, bij lokale besturen en betrokken instanties zoals het OVSG (Onderwijsvereniging van Steden en Gemeenten).
Het onderzoek toont dat de taalbarrière een optimale communicatie in de weg staat. Ouders beheersen het Nederlands vaak niet of onvoldoende. Volgens de ondervraagde leerkrachten zijn ze daardoor vaker afwezig op contactmomenten en komen ze als minder betrokken over. Scholen zoeken daarom naar oplossingen.
Als er geen tolk is, gebruiken leerkrachten een lingua franca (Engels of Frans), (child) language brokering en vertaalapps. Dat maakt direct contact met de ouders mogelijk, maar de kwaliteit van de communicatie wordt door de respondenten als niet goed beoordeeld. Er is bij leerkrachten onzekerheid of de boodschap is begrepen én frustratie over het verlies aan nuance.
Communicatie met een tolk wordt vooral positief beoordeeld: er is meer vertrouwen dat de boodschap correct wordt overgebracht én begrepen. Tolken maken complexe en diepgaande gesprekken mogelijk en voor leerkrachten is dit bevredigend: de communicatie verloopt in twee richtingen én in het Nederlands.
De grootste belemmering voor het inschakelen van tolken door de scholen zijn de hoge kosten. Omdat de overheid niet meer tussenkomt, springen lokale besturen blijkbaar in. Gegevens van meer dan twintig Vlaamse steden en gemeenten geven blijk van een grote verschillen hierin en suggereren bijgevolg een ongelijke toegang tot tolkdiensten voor de Vlaamse scholen, wat de facto het gelijkekansenbeleid in het onderwijs aantast: voor meer dan één op vier leerlingen in het Vlaams onderwijs is Nederlands niet de thuistaal (Statistiek Vlaanderen, 2025).
Meer lezen

Wat zijn de meest effectieve educatiestrategieën voor verpleegkundigen om het vocht- en natriumbeleid aan patiënten met hartfalen uit te leggen?

Hogeschool UCLL
2025
Luca
Van Wesemael
Tijdens mijn stages op de afdeling cardiologie viel het mij op hoe moeilijk het voor patiënten met hartfalen is om zich aan een strikt vocht- en natriumbeleid te houden. Vaak kregen ze tegenstrijdige adviezen van verschillende zorgverleners, wat leidde tot verwarring en frustratie. Daarom besloot ik mijn bachelorproef te wijden aan dit onderwerp. Met de vraag: “Wat zijn de meest effectieve educatiestrategieën voor verpleegkundigen om het vocht- en natriumbeleid aan patiënten met hartfalen uit te leggen?” ging ik opzoek naar een antwoord dat patiënten de weg wijst naar meer kennis en een betere ziektebeleving.
Uit mijn literatuurstudie kwamen drie strategieën naar voren die écht het verschil maken: de teach-back methode, waarbij patiënten in hun eigen woorden uitleggen wat ze hebben begrepen; multimedia educatie, die complexe informatie toegankelijk maakt via filmpjes en interactieve tools; en de constructivistische methode, die patiënten actief betrekt bij hun leerproces. Deze aanpakken verbeteren niet alleen kennis en therapietrouw, maar zorgen ook voor minder ziekenhuisopnames en een hogere levenskwaliteit.
Mijn onderzoek toont dat verpleegkundigen met duidelijke, interactieve educatie een cruciale impact hebben op de gezondheid en het welzijn van patiënten met hartfalen.
Meer lezen

Pilgrimage Reconfigured: Vision 2030, Religious Tourism, and the Shifting Imaginaries of Flemish Muslims

Universiteit Gent
2025
Amina
Bouslah
Voor veel Vlaamse moslims is het een levensdoel om de Hajj of Umrah ondernemen naar Mekka en Medina. Eeuwenlang draaide die reis uitsluitend om spiritualiteit en verbondenheid met God. Maar sinds Saudi-Arabië in 2016 Vision 2030 lanceerde, verandert ook de manier waarop pelgrims hun reis ervaren.

In mijn onderzoek sprak ik met 125 Vlaamse moslims en deed ik aanvullende interviews. Hun verhalen tonen een dubbel beeld. Enerzijds blijft de pelgrimage een diep religieuze ervaring. Anderzijds krijgen pelgrims steeds meer te maken met moderne infrastructuur, apps zoals Nusuk en een overheid die zichzelf via sociale media als toeristische topbestemming in de markt zet.

Dat leidt tot nieuwe inzichten én spanningen. Veel pelgrims waarderen het comfort en de efficiëntie, maar anderen maken zich zorgen over de commercialisering rond de heilige plaatsen, de zichtbare armoede buiten de pelgrimszones en de rol van migrantenarbeid. Ook politiek weegt mee, sommigen ervaren ongemak over Saudi-Arabië’s internationale positie.

Mijn studie toont hoe Vision 2030 de bedevaart hertekent tot meer dan een spirituele reis. Het wordt ook een verhaal van toerisme, modernisering en geopolitiek.
Meer lezen

Bescherming of beperking? De invloed van child trackingtechnologie op privacy, autonomie en ouder-kindrelaties bij gezinnen met adolescenten van 15 tot 22 jaar

Universiteit Antwerpen
2025
Manon
Timmerman
Child trackingtechnologie wordt vaak gebruikt in het gezinsleven om de veiligheid te vergroten en gemoedsrust te bieden. Het roept echter ook ethische vragen op over privacy, autonomie en vertrouwen. Hoewel veel onderzoek zich heeft gericht op kinderen en jongere adolescenten, is er een gebrek aan diepgaande kennis over hoe dergelijke technologieën gezinnen met oudere adolescenten beïnvloeden - die zich in een cruciale fase bevinden waarin ze onafhankelijkheid en privacybewustzijn ontwikkelen. Deze studie vult die leemte door de volgende onderzoeksvraag te onderzoeken: Hoe beïnvloedt het gebruik van child trackingtechnologie de ouder-kindrelatie en privacyonderhandelingen in gezinnen met adolescenten van 15 tot 22 jaar?

Op basis van de Communication Privacy Management Theory van Petronio onderzoekt deze studie hoe volgpraktijken worden geïmplementeerd, onderhandeld en ervaren binnen gezinnen. Met behulp van een kwalitatieve methodologie werden diepte-interviews gehouden met 23 deelnemers (11 adolescenten en 12 ouders) uit zes Vlaamse gezinnen.

Uit de bevindingen blijkt dat tracking vaak wordt geïntroduceerd op belangrijke momenten van toenemende onafhankelijkheid en over het algemeen wordt geaccepteerd door adolescenten, hoewel vaak zonder uitdrukkelijke toestemming. Ouders behouden de primaire controle over beslissingen omtrent tracking, terwijl adolescenten beperkte zeggenschap hebben over het gebruik ervan. Tracking kan leiden tot privacyturbulentie wanneer grenzen worden overschreden, wat conflicten of vermijdingsstrategieën kan veroorzaken.

Deze studie benadrukt het belang van een open dialoog en onderhandelde grenzen om spanningen te verminderen en wederzijds begrip te bevorderen. Ze draagt bij tot een beter begrip van de gezinsdynamiek die wordt gevormd door surveillancetechnologieën en moedigt een reflectieve benadering van digitaal ouderschap aan, waarbij de opkomende behoefte van adolescenten aan autonomie en privacy wordt gerespecteerd.
Meer lezen

AI en toeristische B2B- en B2C-communicatie

Hogeschool PXL
2025
Maartje
Kerfs
Mijn bachelorproef gaat over AI binnen toeristische B2B- en B2C-communicatie. De communicatiemedewerkers van Visit Limburg - een toeristische organisatie die het toerisme in de provincie Limburg ontwikkelt en promoot - wensen artificiële intelligentie te gebruiken om de communicatie met partners én toeristen te verbeteren. Het resultaat is een praktische handleiding met tips over prompten en uitleg over AI-tools.
Meer lezen

Ignoring the Decoy: Tackling Forensic Distractions in Fake Image Detection

Universiteit Gent
2025
Xander
Staelens
Detectiemethoden proberen met slimme AI-technieken te achterhalen of een afbeelding al dan niet bewerkt is. In deze scriptie onderzocht ik hoe het toevoegen van logo's of tekst deze methoden kan afleiden waardoor ze vervalsingen missen. Om dit problem aan te pakken ontwikkelde ik een techniek, namelijk gemaskerde AI, die deze methoden veel robuuster maakt, waardoor afleidingen bijna geen invloed meer hebben.
Meer lezen

The role of melatonin in reducing chemotherapy-induced jejunal toxicity in a mouse-model for hepatocellular carcinoma

HOGENT
2025
Sophie
Haumont
While chemotherapy is a key component of cancer treatment, it often damages healthy gastrointestinal cells, resulting in toxicity marked by symptoms such as diarrhea, pain, and impaired nutrient absorption. The damage disrupts the gut mucosal barrier integrity and epithelial function, compromising the patient well-being and treatment continuity. These side effects limit chemotherapy’s effectiveness and highlight the need for protective strategies targeting the gut. This study investigates the
potential protective effect of melatonin in mitigating chemotherapy-induced gastrointestinal toxicity.
Meer lezen

Vergeten Conflicten: een blinde vlek van Vlaamse media?

KU Leuven
2025
Benthe
Vermeulen
In mijn scriptie onderzocht ik hoe het Nieuwsselectieproces van conflicten bijdraagt aan het voortbestaan van vergeten conflicten, door in gesprek te gaan met tien buitenlandjournalisten van uiteenlopende nieuwsmedia. De masterproef is opgebouwd uit vier delen. In het eerste deel wordt, op basis van de bestaande literatuur over vergeten conflicten en het nieuwsselectieproces, nagegaan welke theoretische kaders relevant zijn voor dit onderzoek. Deel twee omvat de probleemstelling en een uiteenzetting van de methodologische aanpak. In deel drie worden de resultaten van de interviews gepresenteerd. Deel vier sluit af met een bespreking van deze resultaten aan de hand van de in deel één besproken literatuur. Tot slot eindigt de masterproef met een algemene conclusie van het onderzoek.
Meer lezen

FOMO OF JOMO: WAT MISSEN JONGEREN ECHT?

Universiteit Gent
2025
Hymke
Van der Meeren
In dit onderzoek werd nagegaan hoe Fear of Missing Out (FoMO) en Joy of Missing Out (JoMO) het mentaal welzijn en de zelfwaardering van jongeren (18-25 jaar) beïnvloeden. FoMO verwijst naar de angst om sociale activiteiten of ervaringen te missen, terwijl JoMO staat voor de vreugde en rust die men kan ervaren door bewust offline of afwezig te zijn.
Via een grootschalige survey met meer dan 1000 jongeren werd onderzocht hoe deze twee fenomenen samenhangen met mentaal welzijn, zelfwaardering, problematisch smartphonegebruik en sociale vergelijking.
De resultaten tonen dat FoMO een negatieve impact heeft: jongeren die sterker lijden aan FoMO vergelijken zich vaker met anderen en gebruiken hun smartphone problematischer, wat leidt tot meer stress en een lager zelfbeeld. JoMO heeft daarentegen een beschermend en positief effect: jongeren die JoMO ervaren, vergelijken zich minder met anderen, gebruiken hun smartphone gezonder en rapporteren een hoger welzijn en meer zelfwaardering.
De studie concludeert dat een evenwichtige omgang met sociale media cruciaal is. Het ontwikkelen van JoMO kan een tegengewicht vormen voor de schadelijke effecten van FoMO. Dit opent perspectieven voor preventieve initiatieven en educatieve programma’s rond digitale weerbaarheid.
Meer lezen

Design and Development of Custom-Made 3D Printed Breast Prostheses: A Multidisciplinary Approach Integrating Material Science, 3D Scanning, Product Design and Production Process

Universiteit Gent
2025
Eline
De Roo
Winnaar Vlaamse Scriptieprijs
Winnaar Eosprijs
Genomineerde shortlist mtech+prijs
Deze thesis onderzoekt hoe 3D printtechnologie kan
worden ingezet om lichte en gepersonaliseerde externe
borstprothesen te ontwerpen voor vrouwen die een mastectomie
hebben ondergaan. Traditionele prothesen zijn vaak zwaar,
oncomfortabel en sluiten niet goed aan op de individuele
lichaamsvorm. Door middel van een benchmarkanalyse, cocreatie
met gebruikers en parametrisch modelleren in Grasshopper, richt
dit onderzoek zich op het ontwikkelen van een nieuwe generatie
prothesen die beter aansluiten bij de behoeften van de gebruikers.
Er werd een aanpasbaar digitaal model ontwikkeld met interne
perforatiestructuren om het gewicht te verminderen, terwijl de
prothese zacht en stabiel bleef. Verschillende prototypes werden
geprint in PLA, TPU en siliconen. Door technische beperkingen
was uitgebreid testen met patiënten niet mogelijk, maar er werd
wel feedback verzameld van experts. De studie toont aan dat 3D
printen belangrijke voordelen biedt op het gebied van comfort,
pasvorm en ontwerpflexibiliteit. Daarnaast benadrukt het
onderzoek het belang van gebruikersbetrokkenheid in het
ontwerpproces. De resultaten vormen een stevige basis voor
toekomstig onderzoek en klinische validatie.
Meer lezen

De schoolbel boven de beltoon: een onderzoek naar het smartphonebeleid op scholen

Universiteit Gent
2025
Jiska
Kuys
Deze studie onderzoekt welke motivaties en percepties een rol spelen in de vormgeving van het smartphonebeleid bij scholen in Vlaanderen. Smartphones zijn uitgegroeid tot onmisbare apparaten in het dagelijks leven, maar leiden in onderwijscontexten tot polariserende debatten over hun educatief potentieel en disruptieve impact. De paradoxale aard van smartphones als zowel hulpmiddel en risicofactor vormt het kernpunt van discussies bij stakeholders in het onderwijs. Deze studie maakt gebruik van semigestructureerde interviews met beleidsmedewerkers, leerkrachten en opvoeders, aangevuld met focusgroepen met leerlingen uit acht Vlaamse scholen om deze motivaties en percepties bloot te leggen. De onderzoeksvragen richtten zich op stakeholderpercepties tegenover smartphones, motivaties voor beleidsvorming, attitudes tegenover het smartphonebeleid en verschillen in percepties met het laptopbeleid. De resultaten tonen dat alle stakeholders de paradoxale aard van smartphones erkennen waarbij educatieve, sociale en gezondheidsgerichte motivaties centraal staan bij beleidsvorming. Beleidsmedewerkers associëren smartphones primair met concentratieverlies, terwijl leerkrachten en opvoeders een ambivalente houding hanteren en leerlingen openlijk hun smartphone-afhankelijkheid erkennen. Het onderzoek onthult spanningen tussen bescherming en zelfregulatie, waarbij een gefaseerde beleidsimplementatie per leeftijdsgroep wordt aanbevolen. De bevindingen onderstrepen de noodzaak van een geïntegreerd beleid voor alle digitale apparaten in het onderwijs waarbij de stakeholders beamen dat digitale geletterdheid en het aanleren van 21e-eeuwse vaardigheden onmisbaar zijn geworden.
Meer lezen

Hoe kunnen chatbots, gebruik makend van RAG en NLP, bijsluiters begrijpbaar maken?

Hogeschool West-Vlaanderen
2025
Lien
De Jong
De centrale onderzoeksvraag van deze bachelorproef luidt: Hoe kunnen chatbots, gebruikmakend van RAG en NLP-technologieën, bijsluiters begrijpbaarder maken? Het doel van het onderzoek was om na te gaan hoe artificiële intelligentie ingezet kan worden om medische informatie toegankelijker te maken voor een breed publiek, waaronder jongeren, ouderen en mensen met beperkte gezondheidsvaardigheden.

Het project bestond uit een literatuurstudie naar bestaande NLP-technieken, gevolgd door de ontwikkeling van een werkende demo van een AI-chatbot. Deze chatbot maakt gebruik van Retrieval-Augmented Generation (RAG), Azure AI Search en GPT-technologie om informatie uit medische bijsluiters te extraheren, te vereenvoudigen en aan te bieden via een gebruiksvriendelijke interface.

Tot slot werd de oplossing kritisch geëvalueerd aan de hand van feedback van experten uit het werkveld, zoals VITO, het FAGG, en softwareontwikkelaars en marketing directors uit de medische sector.

Positieve elementen in de evaluatie waren de technische haalbaarheid, de intuïtieve gebruikerservaring en de schaalbaarheid van het systeem. Negatieve of kritische aandachtspunten betroffen vooral de juridische en ethische grenzen, het risico op misinterpretatie, en de nood aan duidelijke afbakening van wat het systeem wel
en niet mag doen.

De belangrijkste elementen in het advies zijn dan ook het vermijden van persoonlijke data, het beperken van de reikwijdte van de chatbot tot informatieve antwoorden, en het voorzien van een heldere juridische en echnische structuur. De conclusie van het project luidt dat AI-chatbots een waardevolle bijdrage kunnen leveren aan begrijpelijke gezondheidsinformatie, op voorwaarde dat ze zorgvuldig ontworpen, beperkt ingezet en
voortdurend gemonitord worden.
Meer lezen

Iedereen telt mee: Samen digitale zorgtechnologieën creëren

KU Leuven
2025
Arthur
Haerinck
De toenemende digitalisering van de gezondheidszorg verandert de manier waarop zorg wordt aangeboden en beleefd, en biedt nieuwe kansen voor patiëntgerichte zorg en innovatie. In dit veranderende landschap nemen patiënten een actievere rol op in hun eigen zorg, waarvoor het beschikken over voldoende digitale gezondheidsgeletterdheid (DGG) als een belangrijke hefboom fungeert. Helaas blijft een gebrek aan DGG in de bevolking bestaan.

Daarnaast kan het betrekken van het perspectief van patiënten in de ontwikkeling van digitale gezondheidstechnologieën (DGT) de toegankelijkheid en gebruiksvriendelijkheid van nieuwe, innovatieve technologieën bevorderen. Toch kan de technische complexiteit van ontwikkelingsfases zinvolle betrokkenheid van lekenpatiënten bemoeilijken.

De verschuiving naar inclusieve en duurzame gezondheidsinnovatie benadrukt de noodzaak om beter te begrijpen hoe patiënten ondersteund kunnen worden in het verwerven van de vaardigheden en kennis die nodig zijn om betrokken te worden bij hun zorg en bij co-creatieprocessen.

Deze thesis onderzoekt de belangrijkste noden en uitdagingen met betrekking tot de voorbereiding van Belgische patiënten op betrokkenheid bij de ontwikkeling van DGT, met bijzondere aandacht voor DGG als een hefboom voor empowerment en inclusie.
Meer lezen

Automatic Semantic Annotation and Visualization of Machine Learning Pipelines with FnO

Universiteit Gent
2024
Pol
Nachtergaele
Deze paper introduceert een innovatieve tool voor het automatisch semantisch annoteren van machine learning-processen in RDF, met als doel om deze te integreren op het semantische web. Dit bevordert transparantie en helpt bij het naleven van de GDPR-wetgeving. De tool maakt gebruik van de Function Ontology (FnO) om Python-functies, -methoden en -klassen semantisch te beschrijven, en integreert de Provenance Ontology (ProvO) om datatransformaties tijdens het verwerkingsproces vast te leggen. Door het beschrijven van functie-implementaties kunnen gebruikers deze processen nadoen en uitvoeren, terwijl gedetailleerde provenance-informatie wordt vastgelegd. Bovendien worden MLFlow en de MLSchema Ontology gebruikt om machine learning-modellen en hun trainingsprocessen in RDF-formaat te beschrijven. Deze beschrijvingen worden gevisualiseerd met behulp van een stroomdiagram. Dankzij de semantische beschrijving van machine learning-operaties via deze tool kan een individu meer controle behouden over zijn eigen data.
Meer lezen

Supporting Life Participation: an ethnographic study of a nephrology centre

Universiteit Gent
2024
HENRIETTA
ADOM
ABSTRACT
Achtergrond:
Chronische nierziekte (CKD) vereist niet alleen biomedische behandeling maar beïnvloedt ook de vitaliteit van patiënten, waardoor hun deelname aan het leven vermindert. Behandeling, inclusief nierfunctievervangende therapie, beperkt patiënten. Nefrologen streven naar een evenwicht tussen de ernst van symptomen, comorbiditeiten zoals kwetsbaarheid en invaliditeit, en deelname aan het leven, maar de integratie van levensparticipatie in de CKD-zorg blijft beperkt
Doelstelling:
Dit onderzoek beoogt te onderzoeken hoe de integratie van levensparticipatie in nefrologische zorg de kwaliteit van leven en gezondheidsuitkomsten voor CKD-patiënten kan verbeteren, gebruikmakend van een etnografische benadering.
Methode:
Data werden verzameld via vier gevalideerde vragenlijsten (Impact op Participatie en Autonomie, SONG-Life participatie, SONG-HD Fatigue, en EQ5D5L), semi-gestructureerde interviews en observaties. De flexibele aard van semi-gestructureerde interviews stond toe om dieper in te gaan op de antwoorden van de deelnemers.
Resultaten:
De studie omvatte negen patiënten, twee andere belanghebbenden en vijf zorgverleners. De bevindingen benadrukken de noodzaak om niet-medische aspecten zoals sociale diensten en welzijnsprogramma's op te nemen in de zorg voor chronische nierpatiënten. Interviews onthulden aanzienlijke koof in psychologische en sociale ondersteuning voor patiënten, met beperkte middelen en een gebrek aan gespecialiseerd personeel zoals psychologen, maatschappelijk werkers en diëtisten, wat de mogelijkheid beperkt om uitgebreide zorg te bieden die zowel medische als niet-medische behoeften aanpakt.
Conclusie:
Thematische analyse toonde aan dat het integreren van levensparticipatie in de nefrologische zorg essentieel is voor het verbeteren van gezondheidsuitkomsten en de kwaliteit van leven voor chronische nierpatiënten.
Meer lezen

Een boekentas vol veerkracht

Universiteit Gent
2024
Margot
Fermyn
Het thema van mijn scriptie ligt mij nauw aan het hart. Om deze reden bracht ik dit thema ook zelf aan aan de universiteit. Ik was dan ook erg blij toen deze werd goedgekeurd en ik hierin de eerste stappen mocht zetten in dit onderzoeksdomein. Mijn scriptie onderzoekt de mate waarin leraren reeds preventief inzetten op veerkracht en wat hen kan helpen om deze implementatie mogelijk te maken. We willen weg van het curatief behandelen, en het wachten tot er reeds problemen optreden. Hierdoor willen we de preventieve insteek includeren. Veerkracht is hierbij een transdiagnostisch begrip waardoor het over verschillende stoornissen heen een beschermend effect heeft. Bovendien scoren veerkrachtige kinderen ook beter op school, wat toch voor de overheid en primair doel blijft. Verschillend met vorige onderzoeken, focust dit onderzoek ook op de draagkracht van de leraar. Het onderzoekt wat leraren nodig hebben om veerkrachtbevorderend te kunnen werken in de lagere school, zonder hier zelf volledig uitgeput door te raken. Leraren hebben meer tijd en middelen nodig om veerkrachtgericht te kunnen werken met hun leerlingen. Verder onderzoek zou deze piste verder kunnen uitdiepen en zoeken waar hierin de mogelijkheden liggen.
Meer lezen

Welbevinden boosten bij anderstalige nieuwkomers in het lager onderwijs

Odisee Hogeschool
2024
Jolien
Van Hoey
Mijn bachelorproef heeft als doel een antwoord te vinden op volgende hoofdvraag: ‘Hoe kunnen leerkrachten op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse het welbevinden van anderstalige leerlingen in het eerste leerjaar verhogen?’ Daarnaast wou ik ook een antwoord vinden op enkele bijvragen, namelijk: ‘Wat houdt de term ‘welbevinden’ in?’,
‘Hoe kan een leerkracht op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse een laag niveau van welbevinden bij anderstalige leerlingen herkennen?’ en ‘Welke noden hebben anderstalige leerlingen in het eerste leerjaar en hun leerkracht op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse op vlak van welbevinden?’.

Mijn bachelorproef is gericht op een heel actueel thema. Als gevolg van de toenemende globalisering, migratie en humanitaire uitdagingen, krijgen steeds meer lagere scholen met anderstalige nieuwkomers te maken. De aanpassingsperiode waarin anderstalige nieuwkomers te maken krijgen met taalbarrières en culturele verschillen, vormt een cruciale fase. Het welbevinden kan flink onder druk komen te staan. Anderstalige leerlingen hierin bijstaan en zo goed mogelijk begeleiden is geen eenvoudige opdracht.

Door verschillende methoden toe te passen zocht ik een antwoord op mijn deelvragen en hoofdvraag. Om te beginnen heb ik mij verdiept in verschillende soorten bronnen binnen de literatuur. Mijn literatuuronderzoek onthulde de cruciale rol van welbevinden op het leerproces van een leerling. Volgens Heylen & Laevers (2019) is de
meest algemene definitie van welbevinden: Welbevinden is een toestand waarin kinderen zich bevinden wanneer ze zich op en top voelen. Op dat moment
genieten ze volop. Ze stellen zich daarbij open en ontvankelijk op voor wat op hen afkomt. Ze zijn spontaan en durven zichzelf te zijn. Ze stralen energie en tegelijk ontspanning en innerlijke rust uit. Het identificeren van de signalen van welbevinden kan een waardevolle leidraad bieden voor leerkrachten om het welbevinden van anderstalige leerlingen in te schatten, te begrijpen en er correct op te reageren.

Naast de literatuurstudie heb ik ook een beeldende bevraging, een interview en observaties gebruikt als onderzoeksmethoden. De resultaten daarvan heb ik verwerkt in deze bachelorproef. Ik ontwierp een eindproduct, een toolbox, waarmee ik leerkrachten wil ondersteunen bij het bevorderen van welbevinden bij anderstalige
leerlingen.
Meer lezen

Uitwerken van een sensibiliseringscampagne voor studenten en personeelsleden van de Associatie Universiteit-Hogescholen Limburg richting een duurzame modal shift

Universiteit Hasselt
2024
Seppe
Van Springel
  • Myrthe
    Bouckaert
De masterthesis richt zich op het realiseren van een duurzame gedragsverandering bij studenten en personeelsleden van de Associatie Universiteit-Hogescholen Limburg (AUHL), bestaande uit de onderwijsinstellingen PXL, UCLL en UHasselt. Het doel is om autoverplaatsingen te verminderen, duurzame vervoersmodi te stimuleren en parkeer- en verkeersproblemen rond de campussen te voorkomen. De centrale onderzoeksvraag is hoe strategische communicatie campusbeleidsmaatregelen kan inzetten om duurzame verplaatsingsgedragingen te bevorderen. De masterthesis combineert een literatuurstudie over het COM-B model met gedragsveranderingsstrategieën, traditionele en moderne communicatiemethoden, en technologische toepassingen. Het onderzoek omvat een analyse van COM-B componenten, uienschillen en kleurtabellen, campagnetijdlijnen en strategische communicatie. Dit biedt inzicht in het creëren van effectieve boodschappen en het beter afstemmen van communicatiestrategieën op studenten en personeel, wat de kans op succesvolle gedragsverandering vergroot.
Meer lezen

Van klaslokaal naar cyberspace: een diepgaande analyse van cyberpesten in klaschats en exposegroepen onder leerlingen in het secundair onderwijs

Universiteit Gent
2024
Hanne
Vermeire
Winnaar Klasseprijs
Genomineerde longlist Vlaamse Scriptieprijs
Sociale media zijn een integraal onderdeel geworden van het leven van adolescenten, waarbij verschillende applicaties enorm populair zijn geworden. Naast deze populariteit die toeneemt in deze applicaties, neemt ook cyberpesten toe in dergelijke sociale media apps. Echter, er is nog weinig onderzoek verricht naar de aard en omvang van cyberpesten in nieuwe vormen zoals exposegroepen. Dit onderzoek beoogt dit hiaat op te vullen door inzicht te bieden in de aanwezigheid, motivaties en dynamieken van leerlingen in het secundair onderwijs met betrekking tot cyberpesten in deze contexten. De onderzoeksvraag richt zich op het bepalen van de aard en omvang van online pestgedrag onder leerlingen in het secundair onderwijs, specifiek binnen klaschats en exposegroepen. Een diepgaande analyse werd uitgevoerd met behulp van een vragenlijst, afgenomen bij 949 leerlingen uit het secundair onderwijs. Hierbij lag de focus op het verkennen van de omvang, aard en dynamieken van cyberpesten in klaschats en exposegroepen, zowel bij getuigen, daders als slachtoffers. De bevindingen onthulden dat een aanzienlijk aantal jongeren gebruikmaakt van klaschats, waarbij Snapchat en WhatsApp de meest populaire kanalen zijn. Bovendien kwam een grote meerderheid van de respondenten in aanraking met exposegroepen, voornamelijk op platforms zoals TikTok en Instagram. Online pestgedrag, waaronder roddels, gemene opmerkingen, uitsluiting, belachelijk maken, nadoen, en bedreigen, werden geïdentificeerd in klaschats en exposegroepen. Een belangrijke bevinding daarbij is dat vele respondenten aangeven dit gedrag te stellen omdat het grappig is en mogelijks niet de ernst ervan inzien. De gevolgen voor sommige respondenten waren groot waarbij sommige gevallen leidden tot depressie, negatieve gevolgen schoolresultaten, zelfverminking of zelfs suïcidale gedachten. Opvallend was dat aanzienlijk meer vrouwen dan mannen slachtoffer werden van exposegroepen onder de respondenten van dit onderzoek. Het onderzoek legde de perceptie van leerlingen over de rol van scholen in de aanpak van cyberpesten bloot. Respondenten erkennen dat scholen een cruciale rol moeten spelen in het bestrijden van cyberpesten. Echter, er bestaat twijfel over de effectiviteit van de huidige aanpak en interventies van scholen. Veel respondenten geven aan dat ze een gebrek aan vertrouwen hebben om gevallen van pestgedrag aan schoolautoriteiten te melden. Daarnaast werd ook aangegeven dat respondenten geen melding wouden maken aan schoolautoriteiten omdat het niet hun zaak is en ze zich niet willen moeien maar ook uit schrik voor eigen slachtofferschap. Het onderzoek benadrukt de noodzaak van bewustwording, vertrouwen en effectieve interventies vanuit het onderwijs, evenals een gezamenlijke inspanning tussen scholen en leerlingen om een veilige online omgeving te creëren.
Meer lezen

Media in de kleuterklas: Het creatief denken stimuleren

Hogeschool PXL
2024
Britt
Roosen
Als bachelorproef onderwerp heb ik gekozen voor media in de kleuterklas. Ik heb onderzocht hoe ik het creatief denken bij kleuters van de derde kleuterklas kan stimuleren met behulp van een toolbox met verschillende mediamaterialen rond muzische vorming en diverse activiteiten.

Mijn ontwerp is een toolbox met verschillende mediamaterialen, diverse activiteiten, handleiding en een kijkwijzer. De toolbox is bedoeld voor gebruik in de kleuterklas en is zodanig ontworpen dat kleuters er zelfstandig en toegankelijk mee aan de slag kunnen. De open opdrachten in de toolbox geven de kleuters de ruimte en vrijheid om procesgericht met media te werken.
Meer lezen

Adaptive second language tutoring through generative AI and social robots

Universiteit Gent
2023
Eva
Verhelst
Genomineerde shortlist mtech+prijs
Genomineerde shortlist Klasseprijs
In deze masterproef wordt een systeem ontwikkeld om talen te leren samen met een sociale robot. Er wordt gebruik gemaakt van generatieve artificiële intelligentie om nieuwe inhoud te creëren, die wordt aangepast aan het niveau en de interesses van de gebruiker.
Meer lezen

Naar een betere thuiszorgplanning via artificiële intelligentie

Arteveldehogeschool Gent
2023
Jens
Vande Ginste
  • Louise
    De Rycke
  • Yaël
    Windey
  • Ibou
    Ndao
  • Matthias
    Reyntjens
  • Jens
    Vangaever
Genomineerde longlist Bachelorprijs
In de scriptie wordt besproken hoe artificiële intelligentie kan ingezet worden in het proces van de thuiszorgplanning, om deze te kunnen versnellen en vergemakkelijken. Hiervoor werd samengewerkt met de onderzoekers van het project PREPCA.I.RE.
Meer lezen

(BE)SCHERM

Hogeschool VIVES
2023
Rani
Vanlerberghe
  • Emilia
    Renier
  • André
    Wittevrongel-Liefhooghe
  • Brontië
    Courtens
  • Liza
    Keulemans
  • Laurens
    Van Der Meulen
Genomineerde longlist Bachelorprijs
Genomineerde longlist Klasseprijs
Kinderen gebruiken tegenwoordig op steeds jongere leeftijd games en sociale media. Om hierop in te spelen, werd er een volledig nieuwe klassessie bedacht om op maat te maken voor leerlingen van de derde graad basisonderwijs. Deze sessie gaat vanaf nu verder onder de naam (BE)SCHERM via het preventieteam van Centrum Geestelijke Gezondheidszorg Largo.
Meer lezen

Evaluatie van User Experience op basis van EEG-metingen

Odisee Hogeschool
2022
Robin
Verbeelen
Onderzoek naar het gebruike van bestaande methodes om EEG-data te verwerken zodat UX-inspanningen op een website of applicatie objectief kunnen gescoord worden. Zo zouden UX-analyses mogelijks kunnen worden geautomatiseerd. Daarnaast kan men hierdoor ook eenvoudig de cognitieve ballast die de gebruikers van een interface ervaren gaan meten en proberen verlagen.
Meer lezen

Stimulating preschoolers' early literacy development using educational technology: A systematic literature review

KU Leuven
2022
Genica Fae
Bautista
Is educatieve technologie effectief in het stimuleren van de vroege leesontwikkeling van kleuters? Zo ja, welke kenmerken zijn geassocieerd met de effectiviteit ervan? Via een systematische analyse van 60 internationale studies onderzoekt deze scriptie de potentiële effectiviteit en meerwaarde van educatieve technologie bij het leren lezen van kinderen.
Meer lezen

Zelfmanagement bij hartfalen

Thomas More Hogeschool
2022
Sophie
Geens
Hartfalen is een klinisch syndroom waarbij de pompfunctie van het hart van de patiënt tekort gaat schieten. Door de vergrijzing van de bevolking zal de prevalentie van deze aandoening alleen maar stijgen. In België lijdt naar schatting 4% van de bevolking hieraan. Er lijden 200.000 mensen aan hartfalen. De levenskwaliteit zal dalen op verschillende vlakken, zowel op het sociale aspect als op het psychisch en lichamelijke aspect. Leefstijlinterventies zijn cruciaal om de impact van hartfalen op het dagelijkse leven en complicaties van de ziekte te verminderen. Deze interventies gaan over de inname van medicatie, het aanpassen van de voeding en het opvolgen van het gewicht. Bij therapieontrouw van medicatie gaan de klachten verergeren. Als de patiënt zich niet houdt aan de vochtbeperking, zal de vochtretentie en stuwing niet minderen. De lichamelijke activiteit gaat zorgen voor een betere inspanningstolerantie. Het is van groot belang dat de kortademigheid en de vermoeidheid afnemen. Er moet ingezet worden op therapietrouw van zowel medicatie als dieet. Vaak is dit voor patiënten zeer complex en gebeuren hier regelmatig fouten op. Dit kan verklaard worden doordat in de medische zorg de focus ligt op de farmacologische therapieën in plaats van op het ondersteunen van de patiënten bij gedragsverandering.

Vraagstelling: Literatuurstudie naar hoe zelfmanagement bij patiënten met hartfalen in de thuissituatie door eerstelijnsverpleegkundigen bevorderd kan worden.

Zoekstrategie: Tussen 4 oktober en 7 mei werd er een literatuurstudie uitgevoerd met behulp van volgende gecomputeriseerde databanken: PubMed, UpToDate, Google Scholar, Nature, ScienceDirect en Springerlink. De zoektocht leverde in totaal 41 artikels op waaronder 26 reviews, 5 richtlijnen, 1 secundaire kwalitatieve analyse, 1 kwalitatieve studie en 8 tijdschriften.

Resultaten: Uit een literatuurstudie is gebleken dat mHealth-apps een positieve invloed hebben in de eerstelijnszorg, de zorgkosten en de levenskwaliteit. Patiënten gaan op een actievere manier hun gezondheid in eigen handen nemen. Zelfmanagementgedrag wordt beïnvloed door de leeftijd, de comorbiditeit, de functionele/emotionele en economische status. Het prototype HeartCheck wil de competenties van de zorgvragers verhogen door op verschillende factoren in te spelen. Deze competenties gaan over communicatie, aandacht voor de mentale en fysieke toestand, adaptatie aan ziektesymptomen en integratie in de maatschappij. Wederzijds vertrouwen tussen de patiënt en zorgverlener is hierbij essentieel.

Conclusie: Zonder effectief management zal de levenskwaliteit van de patiënt met hartfalen verslechteren. Voor de zorgverleners bieden mHealth-interventies de mogelijkheid om bijwerkingen te monitoren en verbeterpunten te identificeren. Ook de vrijheid en draagbaarheid van mobiele apparaten bieden een enorm potentieel aan patiënten en zorgverleners. Er kan gesteld worden dat gepersonaliseerde zorg door de app een meerwaarde vormt voor patiënten met hartfalen binnen een bestaand zorgplan. Elke patiënt heeft specifieke zorgvragen die niet alleen bepaald worden door de mate van de ernst en het type van HF maar ook door de individuele vaardigheden en context van de patiënt.


Meer lezen

Onderzoek naar variabelen die een invloed kunnen hebben op de selectie van educatieve apps door leerkrachten secundair onderwijs.

Universiteit Gent
2021
Tom
De Schepper
Ontwikkelaars van digitale leermiddelen houden in hun business model doorgaans enkel rekening met de prijs van de ontwikkeling en het kanaal waarlangs de leermiddelen verspreid worden. In deze educatieve masterproef onderzoeken we de verwachtingen van leerkrachten.
Meer lezen