Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Het onzichtbare gemis in spoedzorg

Thomas More Hogeschool
2026
Lauren
Claes
  • Caress
    Bruyndonckx
Deze bachelorproef onderzoekt welke factoren de patiënttevredenheid op de spoedgevallendienst beïnvloeden, met bijzondere aandacht voor wachttijden, overbevolking en communicatie. Daarnaast wordt nagegaan welke interventies de tevredenheid van patiënten kunnen verbeteren.

Uit de literatuur blijkt dat overbevolking op spoeddiensten wereldwijd een toenemend probleem vormt. Lange wachttijden leiden niet alleen tot frustratie en stress bij patiënten, maar verhogen ook de kans dat patiënten vertrekken zonder gezien te worden. Daarnaast zorgen personeelstekorten, beperkte beddencapaciteit en een hoge instroom van niet-dringende patiënten voor extra druk op de spoedgevallendienst.

De studie toont aan dat patiënttevredenheid niet uitsluitend afhangt van de objectieve wachttijd, maar vooral van de manier waarop patiënten deze wachttijd ervaren. Onvoldoende communicatie over wachttijden, triage en zorgprocessen zorgt voor onzekerheid, wantrouwen en een negatieve zorgervaring. Daartegenover staan duidelijke uitleg, empathische communicatie en persoonsgerichte zorg, die de tevredenheid aanzienlijk kunnen verhogen, zelfs wanneer de wachttijd zelf niet korter wordt. Verpleegkundigen spelen hierin een cruciale rol door patiënten te begeleiden, verwachtingen te managen en ondersteuning te bieden tijdens het wachten.

Binnen de bachelorproef werden verschillende interventies onderzocht. Effectieve maatregelen zijn onder andere duidelijke wachtrijsystemen, visuele informatie over wachttijden, informatieve video’s, verbeterde wachtomgevingen en extra aanspreekpunten voor patiënten. Ook technologische toepassingen, zoals zelfmeetkiosken en digitale dashboards, kunnen bijdragen aan een betere doorstroming en meer transparantie. Daarnaast benadrukt de studie het belang van een sterkere eerstelijnszorg om de druk op spoeddiensten te verminderen.

Op basis van de onderzoeksresultaten ontwikkelden wij het prototype “MyTurn”, een digitale applicatie voor patiënten op de spoedgevallendienst. Via deze app krijgen patiënten realtime informatie over wachttijden, uitleg over triage en inzicht in de actuele drukte op de dienst. De applicatie bevat daarnaast een digitale vragenlijst volgens de AMPLE-structuur om relevante gezondheidsinformatie vooraf te verzamelen. Het doel van MyTurn is niet om wachttijden effectief te verkorten, maar wel om frustratie, onzekerheid en stress te verminderen door transparante communicatie en betere betrokkenheid van de patiënt.

De conclusie van de bachelorproef is dat patiënttevredenheid op de spoedgevallendienst vooral bepaald wordt door de beleving van de patiënt. Heldere communicatie, empathische begeleiding en een persoonsgerichte aanpak blijken essentieel om de negatieve impact van wachttijden en drukte te beperken. Verpleegkundigen vormen hierbij een centrale schakel binnen kwaliteitsvolle en patiëntgerichte spoedzorg.
Meer lezen

Framinganalyse van de zij-instromer in de Vlaamse pers tussen januari 2022 en juli 2025

KU Leuven
2025
Charlotte
Wright
In dit onderzoek werd nagegaan welke frames de Vlaamse kranten De Morgen, De Standaard, De Tijd, Het Laatste Nieuws, Het Nieuwsblad en het magazine Knack hanteren in hun berichtgeving over de zij-instromer tussen januari 2022 en juli 2025. Hiervoor werd een kwalitatieve, inductieve framinganalyse uitgevoerd. Naast deze centrale onderzoeksvraag werden ook twee deelvragen onderzocht. De eerste deelvraag richtte zich op mogelijke verschillen in de gebruikte frames tussen de
verschillende jaren binnen de onderzoeksperiode. De tweede deelvraag ging na hoe de frames verschillen tussen de kwaliteitsmedia (De Morgen, De Standaard, De Tijd en Knack) en de populaire media (Het Laatste Nieuws en Het Nieuwsblad).

Uit het onderzoek kwamen vier frames naar voren die het beeld van de zij-instromer in de Vlaamse pers tussen 2022 en midden 2025 vormgeven: ‘de uitvaller’, ‘de extra belasting’, ‘de meerwaarde’ en ‘de betekeniszoeker’. De eerste twee frames schetsen een eerder negatief beeld van de zij-instromer, terwijl de laatste twee frames juist een positief beeld uitdragen. Alle vier de frames kwamen terug in elk van de onderzochte jaren en waren aanwezig in zowel de kwaliteitsmedia als de populaire media.
Meer lezen

Socio-economische mobiliteit op de werkvloer: een kwalitatief onderzoek naar de werkervaring van sociale stijgers met een lage SES-achtergrond

Universiteit Gent
2025
Cynthia
Maes
  • Mikay
    De Jaeger
Kwalitatief onderzoek naar de werkervaringen van sociale stijgers, op basis van 51 diepte-interviews.
Meer lezen

Van lerarenopleiding naar beroep: Een mixed-method onderzoek naar de relatie tussen autonome motivatie, self-efficacy, zelfbeeld en de instapintentie van student-leraren

Universiteit Gent
2025
Kylian
Almey
Tegen de achtergrond van het Vlaamse lerarentekort is de instroom van afgestudeerde
student-leraren in het lerarenberoep cruciaal. Een kwart van de afgestudeerde student-leraren
secundair onderwijs stapt niet in het beroep binnen de drie jaar na het afstuderen. In de
onderzoeksliteratuur is er echter weinig recent Vlaams onderzoek dat autonome motivatie,
self-efficacy en zelfbeeld van student-leraren in verband brengt met de instapintentie.
Voorliggend masterproefonderzoek komt aan dit hiaat tegemoet door deze relaties in kaart te
brengen. Om dit te onderzoeken werd een mixed-method onderzoeksdesign opgezet. In het
kwantitatieve onderzoeksluik werd een online vragenlijst afgenomen bij 531 student-leraren
secundair onderwijs. Vervolgens werden de antwoorden geanalyseerd met behulp van een
hiërarchische regressieanalyse. Op die manier konden de verbanden tussen autonome
motivatie, self-efficacy, zelfbeeld en de instapintentie gekwantificeerd worden. In het
kwalitatieve onderzoeksluik werden 16 student-leraren secundair onderwijs geïnterviewd met
als doel de statistische verbanden te interpreteren en te verklaren. Met behulp van een
thematische analyse werden deze interviewdata geanalyseerd. Uit zowel de kwantitatieve als
kwalitatieve resultaten blijkt dat autonome motivatie en zelfbeeld een positieve relatie vertonen
met de instapintentie. Het resultaat voor self-efficacy is daarentegen minder eenduidig. De
kwantitatieve data wijzen op een significante negatieve relatie en de kwalitatieve data op een
positieve relatie tussen self-efficacy en de instapintentie. Een mogelijke verklaring is dat
andere factoren in vergelijking met self-efficacy meer doorwegen op de instapintentie of dat
het effect van self-efficacy afhangt van het niveau van autonome motivatie en zelfbeeld. De
kwalitatieve resultaten tonen aan dat naast autonome motivatie, self-efficacy en zelfbeeld er
diverse factoren zijn die invloed hebben op de instapintentie. Een andere bevinding uit het
kwalitatieve onderzoeksluik is dat de lerarenopleiding en stage-ervaringen een aanzienlijke rol
spelen in de ontwikkeling van autonome motivatie, self-efficacy en zelfbeeld bij student
leraren. Op basis van deze inzichten zijn er verschillende aanbevelingen aangereikt voor praktijk en beleid.
In de scriptie worden ook limitaties van het onderzoek en suggesties voor vervolgonderzoek
besproken.
Meer lezen

A New Approach to Accounting Education (NABO): The Impact on Student Performance

Universiteit Gent
2025
Jens
Verhofstadt
This study investigates the effectiveness of the New Approach to Accounting Education (NABO), a teaching method designed to introduce accounting to novice students in Belgian secondary schools. Specifically, we examine whether students taught using the NABO method demonstrate higher academic performance compared to those taught through traditional approaches. Additionally, we investigate the role of student motivation and engagement in influencing academic outcomes. A quasi-experimental design was employed, combining between- and within-subjects elements, including a control group with a pretest-posttest setup. Data were collected over four academic years (2018-2022) from 582 high school students. Structural equation modeling was used to test the proposed hypotheses. Results show that students taught with the NABO method significantly outperform their peers in traditional settings. Moreover, motivation and engagement have a strong positive effect on academic achievement. These findings contribute to accounting education by showing that innovative teaching methods can enhance learning outcomes for novice students, while also offering practical recommendations and avenues for future research on improving introductory accounting courses.
Meer lezen

De waarde van artificiële intelligentie bij borstkankerscreening met mammografie

Universiteit Gent
2024
Helena
Laseure
Borstkanker is de meest voorkomende kanker met de hoogste mortaliteit bij vrouwen wereldwijd. Vroegtijdige detectie via mammografische borstkankerscreening verbetert de prognose. Artificiële intelligentie (AI) belooft op haar beurt de efficiëntie van de mammografische screening te verbeteren. Dit literatuuronderzoek richt zich op de potentiële waarde van AI bij mammografische borstkankerscreening.
Meer lezen

"Zoudt ge graag verder studeren?": gender en studiekeuze in Vlaanderen in de jaren 1970

KU Leuven
2024
Siel
Bosmans
De jaren 1970 werden gekenmerkt door de aanwezigheid van verschillende activistische groepen, waaronder de tweede feministische beweging, en een verdere democratisering van het onderwijs. Beleidsmakers wilden met de invoering van het Vernieuwd Secundair Onderwijs elk kind, van elke socio-economische achtergrond, gelijke kansen geven door onder andere de studiekeuze op een latere leeftijd te plaatsen. Ook feministen pleitten voor gelijke kansen: ze streden ervoor dat meisjes dezelfde kansen als jongens kregen, in onder andere de studie- en beroepskeuzebegeleiding. Het onderwerp van deze thesis is hoe er in de jaren 1970 in Vlaanderen werd omgegaan met studiekeuze en beroepsoriëntering en welke rol gender in die beslissing speelde. Daarbij ligt de focus op twee maatschappelijke ruimtes, de PMS-centra en de openbare omroep BRT, waarbinnen studiekeuze en beroepsoriëntering door verschillende actoren werden aangekaart, vormgegeven, gereproduceerd en bijgestuurd.

In het eerste hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de adviezen en werking van psycho-medisch-sociale centra (PMS) en de toekomstbeelden van de begeleide leerlingen van scholen in regio Leuven-Vilvoorde-Brussel. De analyse richt zich op de PMS-leerlingendossiers aan de hand van een discoursanalyse. Daarnaast worden de gebruikte testen en vragenlijsten als paper technologies benaderd. Het onderzoek in het tweede hoofdstuk richt zich op verschillende uitzendingen van de openbare omroep waarin studiekeuze en beroepsoriëntering werden besproken. De analyse heeft betrekking op de reeks Studiekeuze en beroepsoriëntering uit 1970 en 1971 en twee afzonderlijke programma’s Zin en onzin van het huwelijk uit 1973 en Het gaat niet om die ene pop uit 1975. Welke boodschap droegen de uitzendingen uit en wat maakte dat bij de kijkers los?

In beide maatschappelijke ruimtes waren traditionele genderrollen aanwezig. Zo kregen kinderen en ouders zowel via de PMS-werking als via de BRT-uitzendingen gegenderd advies. Het advies en discours bij de BRT was weliswaar gekenmerkt door een ambiguïteit: de hoofdboodschap was emancipatorisch, maar tegelijkertijd bestendigden de programmamakers door het gebruik van bepaalde beelden traditionele genderrollen. Het PMS-advies en de inhoud en vorm van de gebruikte documenten lagen daarentegen wel grotendeels in lijn met de traditionele genderrollen. Sommige individuele medewerkers doorbraken dat genderstereotype patroon bij individuele gevallen. Bij de kijkers, ouders en leerlingen was het beeld gemengd. Een deel was het niet eens met de traditionele rolpatronen en meende dat vrouwen geschikt waren voor elk beroep en de kans moesten krijgen om eender wat te studeren en worden. Anderen geloofden dat het traditionele rollenpatroon met reden bestond en dat vrouwen en mannen inherent verschilden. Daarnaast blijkt dat ook in de samenleving een genderspecifiek toekomstbeeld voor jongens en meisjes voortleefde. De meerderheid van de kijkers, ouders en leerlingen geloofden dat het huishouden en de opvoeding van kinderen behoorden tot het takenpakket van de vrouw en buitenshuis werken tot dat van de man. Zo gaven tienermeisjes aan dat ze verder wilden studeren en werken, maar dacht een deel al na hoe ze later de huishoudelijke en opvoedende taken zou combineren met buitenshuis werk. Andere meisjes stelden dat beeld wel in vraag. Jongens dachten enkel aan ‘mannelijke’ beroepen en reflecteerden niet over hoe ze later hun gezin met hun job zouden combineren.
Meer lezen

The role of Latin American dance makers in the Flemish dance landscape: A decolonial analysis of the Flemish dance landscape through the concept of cultural extractivism

Universiteit Gent
2024
Paulina
Rosa
Deze masterproef toont aan dat het concept van “(cultureel) extractivisme” relevant is voor een dekoloniale analyse van het Vlaamse danslandschap. Het draagt bij tot het begrijpen van niet alleen de koloniale oorsprong van de materiële rijkdommen die fundamenteel waren voor het ontstaan van deze culturele scène, maar ook de hedendaagse dynamieken met betrekking tot: culturele toe-eigening en exotisering op het vlak van dans; overbrenging van mensen van het Globale Zuiden naar Vlaanderen (vooral naar de hoofdstad Brussel); en overbrenging van ideeën van het Globale Noorden naar het Globale Zuiden. Deze studie stelt dat het Vlaamse danslandschap, een dansscène gebaseerd op individualiteit waarin de overgrote meerderheid van de dansende individuen niet oorspronkelijk uit Vlaanderen komt, opereert aan de hand van een culturele extractivistische logica van fetisjisering. Het onthult ook dat deze dynamiek en logica niet gekend zijn binnen de Vlaamse context, omdat het officiële discours eromheen voornamelijk geproduceerd wordt door tribaal bevooroordeelde Vlaamse auteurs: de meeste bronnen beschrijven de internationaliteit en culturele diversiteit van de Vlaamse dansscène als haar bepalende kenmerken, maar lauweren dit feit zonder de ongelijkheden die het impliceert onder ogen te zien. Aan de basis van die ongelijkheden ligt de cultuur van witte suprematie die geregeld opduikt in Westerse organisaties. Dit onderzoek suggereert dat echte institutionele dekolonisatie echte interculturaliteit vereist, in plaats van performatieve gebaren, exotisering en tokenisme. Het vereist dat de machtsonevenwichten in besluitvormingsprocessen worden aangepakt en dat de internationaliteit het institutionele personeel bereikt.
Meer lezen

Kan de overlevingsmodus van jongvolwassenen hersteld worden naar leven met perspectief? in het woonconcept Maison Segal, gedragen vanuit Nieuwe Autoriteit

Karel de Grote Hogeschool
2024
Eva
Janssens
Maison Segal is een kleinschalige woonvorm waarbij ik de doelgroep jongvolwassenen tussen 20 en 30 jaar verbind met de doelgroep jonge ouderen tussen 60 en 70 jaar.

Zo is Maison Segal de metaforische cocon waarin beide doelgroepen zich verwezenlijken. Ze vinden hier veilige ondersteuning en betrouwbare voeding om te vinden wie ze willen zijn als vlinder. Wanneer ze zich er klaar voor voelen als volgroeide vlinder, vliegen ze uit. Vol zelfvertrouwen tonen ze al hun pracht aan de wereld.
Meer lezen

plaatsvervangende rechters: afschaffen of behouden?

Universiteit Gent
2024
Chey
De Roeck
Een kritische analyse van het statuut van de plaatsvervangende rechter.
Meer lezen

Welbevinden boosten bij anderstalige nieuwkomers in het lager onderwijs

Odisee Hogeschool
2024
Jolien
Van Hoey
Mijn bachelorproef heeft als doel een antwoord te vinden op volgende hoofdvraag: ‘Hoe kunnen leerkrachten op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse het welbevinden van anderstalige leerlingen in het eerste leerjaar verhogen?’ Daarnaast wou ik ook een antwoord vinden op enkele bijvragen, namelijk: ‘Wat houdt de term ‘welbevinden’ in?’,
‘Hoe kan een leerkracht op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse een laag niveau van welbevinden bij anderstalige leerlingen herkennen?’ en ‘Welke noden hebben anderstalige leerlingen in het eerste leerjaar en hun leerkracht op de Vrije Basisschool Sint-Jozef in Temse op vlak van welbevinden?’.

Mijn bachelorproef is gericht op een heel actueel thema. Als gevolg van de toenemende globalisering, migratie en humanitaire uitdagingen, krijgen steeds meer lagere scholen met anderstalige nieuwkomers te maken. De aanpassingsperiode waarin anderstalige nieuwkomers te maken krijgen met taalbarrières en culturele verschillen, vormt een cruciale fase. Het welbevinden kan flink onder druk komen te staan. Anderstalige leerlingen hierin bijstaan en zo goed mogelijk begeleiden is geen eenvoudige opdracht.

Door verschillende methoden toe te passen zocht ik een antwoord op mijn deelvragen en hoofdvraag. Om te beginnen heb ik mij verdiept in verschillende soorten bronnen binnen de literatuur. Mijn literatuuronderzoek onthulde de cruciale rol van welbevinden op het leerproces van een leerling. Volgens Heylen & Laevers (2019) is de
meest algemene definitie van welbevinden: Welbevinden is een toestand waarin kinderen zich bevinden wanneer ze zich op en top voelen. Op dat moment
genieten ze volop. Ze stellen zich daarbij open en ontvankelijk op voor wat op hen afkomt. Ze zijn spontaan en durven zichzelf te zijn. Ze stralen energie en tegelijk ontspanning en innerlijke rust uit. Het identificeren van de signalen van welbevinden kan een waardevolle leidraad bieden voor leerkrachten om het welbevinden van anderstalige leerlingen in te schatten, te begrijpen en er correct op te reageren.

Naast de literatuurstudie heb ik ook een beeldende bevraging, een interview en observaties gebruikt als onderzoeksmethoden. De resultaten daarvan heb ik verwerkt in deze bachelorproef. Ik ontwierp een eindproduct, een toolbox, waarmee ik leerkrachten wil ondersteunen bij het bevorderen van welbevinden bij anderstalige
leerlingen.
Meer lezen

Exploring the processes and dynamics of work-related demands in relation to Flemish critical care nurses’ health: a constructivist grounded theory study on mitigating strategies

Universiteit Gent
2023
Lukas
Billiau
Wereldwijd wordt het verpleegkundig beroep gekenmerkt door een veeleisend takenpakket, wat kan leiden tot gezondheidsklachten en ziekteverzuim. Dit onderzoek tracht een antwoord te formuleren op de vragen hoe de Vlaamse verpleegkundigen tewerkgesteld in de kritische zorg dergelijke blootstelling aan veeleisende werkactiviteiten ervaren en bovendien, wat de sociale en psychologische processen zijn waar ze beroep op doen om de gevolgen van deze blootstelling te verzachten.
Meer lezen

Een onderzoek naar het perspectief van zorgverleners en leidinggevenden op crustatieve zorg bij mensen met een ernstige en persisterende psychiatrische aandoening

Universiteit Gent
2023
Lena
Beirnaert
Een onderzoek naar het perspectief van zorgverleners en leidinggevenden op crustatieve zorg. Een innoverend zorgmodel voor mensen met een ernstige persisterende psychiatrische aandoening.
Meer lezen

Ondersteuning anderstalige nieuwkomers in het regulier secundair onderwijs

AP Hogeschool Antwerpen
2023
Lynn
Suy
  • Julie
    Van Goylen
Uit ons onderzoek is snel gebleken dat de leerkracht geen tijd krijgt of kan maken voor het ondersteunen van een anderstalige nieuwkomer. Met onze ondersteuningsbundel proberen we zowel de leerkrachten als de leerlingen handvatten aan te bieden door extra aandacht te besteden aan zowel school- als vaktaalwoorden.
Meer lezen

Life in Limbo: A spatial analysis of the Brussels reception centres and the lived experiences of their residents

KU Leuven
2022
Sarah
ten Berge
  • Joëlle
    Spruytte
In deze scriptie wordt het ruimtelijk kader en de menselijke beleving van de architectuur van de Brusselse asielcentra geanalyseerd aan de hand van veldwerk en getuigenissen. De analyse beperkte zich niet tot de sites van de opvangcentra, maar bracht ook in kaart welke sociale voorzieningen - zoals winkels, sport, cultuur en transport - in de omgeving beschikbaar zijn en hoe deze gebruikt worden door asielzoekers.
Meer lezen

De perceptie van de zorgsector bij schoolgaande jeugd, een cross-sectioneel onderzoek.

Universiteit Antwerpen
2022
Vicky
Bollens
De perceptie van leerlingen uit de derde graad van het secundair onderwijs tegenover de zorgsector. Hierbij werd een verschil gezocht tussen drie graden, het ASO, BSO en TSO.
Meer lezen

Prestatiedruk op de werkvloer bij 18- tot 30-jarigen in HR-functies

Arteveldehogeschool Gent
2022
Ianne
Verbeke
  • Julie
    Allemeersch
  • Rebecca
    Demunter
  • Charlotte
    Verckens
Prestatiedruk, het is iets waar bijna iedereen last van heeft. Hier lees je meer over de oorzaken, gevolgen en mogelijke oplossingen.
Meer lezen

Digitale Deconnectie: Zwart, wit én alles wat er tussen zit

KU Leuven
2022
Lore
Geldof
Kwalitatief onderzoek naar digitale deconnectie bij werknemers. Specifiek is onderzocht wat de 'hoe', 'wanneer' en 'waarom' van digitale deconnectie zijn binnen het werkveld. Er is een model opgesteld om de veelheid aan informatie uit de gesprekken visueel weer te geven, genaamd 'Het Metroplan van de Deconnectie'.
Meer lezen

Een woonzorgcentrum in 2040: Hoe oudere volwassenen willen wonen in toekomstige Vlaamse woonzorgcentra

Hogeschool PXL
2022
Charlotte
Wong
Genomineerde longlist Bachelorprijs
Een woonzorgcentrum bestaat gewoonlijk uit grote leefgroepen, een sober niet huiselijk interieur, weinig mogelijkheden in de privé- en gemeenschappelijke ruimtes en er wordt weinig rekening gehouden met de buiten- en buurtomgeving. Hierdoor groeit de nood aan een nieuw woonconcept. Dit project beoogt een leidraad te ontwikkelen aangaande de wensen en behoeften van oudere volwassenen, met de leeftijd tussen 60 en 75 jaar. Er wordt een antwoord gezocht op de vraag: “hoe willen oudere volwassen wonen in toekomstige Vlaamse woonzorgcentra binnen de 20 jaar, rekening houdend met hun wensen en behoeften?”.
Meer lezen

Ontwikkeling van een leerpad 'Exploratie arbeidsgeneeskunde'

Universiteit Gent
2022
Evelien
Jacobs
  • Ilse
    Six
We ontwierpen een leerpad ter promotie van de specialisatierichting arbeidsgeneeskunde, omwille van een tekort aan arbeidsartsen. Het leerpad biedt een kennismaking met arbeidsgeneeskunde die op maat is gemaakt voor de geneeskundestudenten. Aan de hand van vragenlijsten kan gepeild worden wat de ingesteldheid is van de studenten tegenover arbeidsgeneeskunde, tevoren en achter het consulteren van het leerpad.
Meer lezen

Is verengelsing necessary in Flanders? Waarom verengelsen Vlaamse universiteiten weinig tot niet in vergelijking met Nederlandse universiteiten?

Hogeschool West-Vlaanderen
2020
Yvonne
Kuiken
Deze scriptie onderzoekt waarom het hoger onderwijs in Vlaanderen minder snel verengelst dan in Nederland. Daarbij wordt ook dieper ingegaan op de voor- en nadelen die verengelsing met zich meebrengt.
Meer lezen

Planning for sustainable surf tourism: social and spatial aspects in the Lisbon region

Universiteit Gent
2020
Jef
Van den Driessche
Dit onderzoek bestudeert de sociaalruimtelijke aspecten van surftoerisme in de regio rond Lissabon. Aan de hand van enquêtes en interviews met betrokkenen en een studie van bronnenmateriaal wordt nagegaan hoe de ruimtelijke planning rond surftoerisme de duurzaamheid van deze groeiende toeristische niche kan bevorderen.
Meer lezen

Schrijf-vaardig. Kan de toekomstige leraar nog schrijven?

Hogeschool PXL
2020
Sarah
Bousson
Genomineerde longlist Bachelorprijs
Studenten moeten doorheen hun opleiding veel schrijven. Toch blijkt uit meerdere onderzoeken dat veel studenten moeite hebben om zakelijke teksten te maken. Het secundair onderwijs heeft mee de verantwoordelijkheid om hun leerlingen voldoende schrijfvaardig te maken voor het hoger onderwijs, maar hoe goed kunnen student-leraren zelf schrijven? En hoe kunnen toekomstige leraren het schrijven toch onder de knie krijgen met het doeboek 'Schrijf-vaardig'?

Op die vragen en meer zoekt de bachelorproef 'Schrijf-vaardig. Hoe goed kan de toekomstige leraar schrijven?' antwoorden.
Meer lezen

Genderverschillen aan de uitstroomzijde van de politieke arena

Universiteit Gent
2020
Maartje
Du Pont
Hoe verschillen mannen en vrouwen bij het verlaten van de Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers? Zijn er verschillen tussen de lengte van de ambtstermijn? Hebben mannen en vrouwen andere motieven om de politiek te verlaten en zijn er verschillen tussen partijen?
Meer lezen

Een studie van remigratiemotieven van tweede en derde generatie hoogopgeleide Belgen met Turkse roots

Universiteit Gent
2020
Elif
Lootens
Het migratiedebat verhit in West-Europa sinds de laatste decennia van de twintigste eeuw de gemoederen. Het debat is vooral gericht op instroom en integratie. Daarbij is emigratie een onderbelicht aspect. Zo is er weinig onderzoek gedaan naar de remigratie van migranten naar het land van herkomst.

Bij remigratie is het opleidingsniveau een relevante factor. Anders dan soms vermoed wordt, zijn het niet kansarme, laaggeschoolde jongeren die remigreren, maar eerder hoogopgeleide jonge migranten. Omdat net zij in Turkije een gedegen opleiding, meertaligheid en nuttige beroepservaring kunnen inbrengen als troef op de arbeidsmarkt.

Deze hoogopgeleiden ervaren in West-Europa beperkte vooruitzichten op zowel sociaal, persoonlijk als professioneel gebied. Hoogopgeleiden met Turkse roots hebben het gevoel dat zij in Turkije hun kansen beter kunnen benutten en zijn daardoor eerder geneigd te vertrekken.

Daarnaast wijzen onderzoekers erop dat de uitstroom van jonge hoogopgeleiden in tijden van vergrijzing en de daarmee samenhangende schaarstes op de arbeidsmarkt, nadelig kan zijn voor West-Europese economieën. Het vertrek van hoogopgeleide Turken is een ‘braindrain’ en een ‘verlies van menselijk kapitaal’. Dit veroorzaakt een onevenwicht tussen hoog- en laagopgeleiden migranten in Europa.

Wat opvalt is dat ondanks hun studies en diploma, deze hoogopgeleiden geconfronteerd worden met discriminatie op de arbeidsmarkt. Deze pessimistische toekomstperspectieven in Belgie voeden de drang tot remigratie. Etnische minderheden scoren beduident lager op vlak van jobtevredenheid. Volgens Vandevenne & Lenaers (2007) geeft ongeveer 64% van de hoogopgeleide etnische minderheden in Vlaanderen aan minder kans te hebben om door te stromen naar hogere functies en 61% meent zich door zijn afkomst extra te moeten bewijzen.

Hierbij komen we tot de integratieparadox die als een pushfactor meespeelt voor remigratie: hoogopgeleide Belgische Turken komen meer in aanraking met autochtonen, waardoor ze hun eigen posities op de arbeidsmarkt vergelijken en bijgevolg een ‘relatieve deprivatie’ ervaren waardoor hun eigen jobtevredenheid afneemt. Deze hooggeschoolden met een migratieachtergrond hebben immers vaak een baan onder hun opleidingsniveau, ervaren meer moeite om werk te vinden en krijgen minder promotiekansen. Hoogopgeleide en ondernemende migranten ervaren deze discriminatie intenser en zijn daarom sterker geneigd om elders het geluk te zoeken.

Bovendien hebben deze hoogopgeleiden de perceptie, met hun verworven competenties, betere jobkansen en doorgroeimogelijkheden te kunnen krijgen in Turkije. Vrouwen bevinden zich in een extra benadeelde positie doordat ze dubbel gediscrimineerd worden: naast het behoren tot een etnische minderheid, behoren ze ook tot de symbolische minderheid op vlak van gender. Hierdoor zou de wil om te migreren bij vrouwen eveneens hoger liggen, in de hoop op een gunstiger positie in het land van herkomst.

Uit resultaten van het onderzoek dat uitgevoerd werd bij kandidaat remigranten in België en effectieve remigranten in Turkije is er een duidelijke discrepantie te vinden in hun motivaties. Uit het onderzoek blijkt dat de economische factoren minder belangrijk geacht worden als drijfveer bij de hoogopgeleide aspirant-remigranten dan bij de effectieve remigranten, omdat ze min of meer tevreden zijn met hun huidige arbeidsmarktpositie in België. Bij aspirant-remigranten draait het vooral rond maatschappelijke beweegredenen. Ten eerste zijn er gevoelens van frustratie doordat de participanten zich aanvankelijk als deel van de Belgische samenleving beschouwen, maar anderzijds continu geconfronteerd worden met hun ‘anders’ zijn en steeds het gevoel kregen niet volledig aanvaard te worden als deel van de Belgische samenleving. De negatieve beeldvorming over etnische minderheden en moslims in de media lijkt hierin een katalysator te zijn.

Een tweede, opvallend resultaat, is dat de angst voor assimilatiedruk en het risico op verlies van de Turkse cultuur bij hun kinderen een veel gebruikt argument vormt om te overwegen om naar Turkije te verhuizen.

Het ervaren van een identiteitsconflict maakt de aantrekkingskracht van Turkije als toevluchtsoord bovendien groter. Remigratie biedt de mogelijkheid om voortaan tot de meerderheid te behoren. Door remigratie heft de remigrant zijn minderheidsstatus op.

Asprianten blijven in België tot zich een krachtige combinatie van negatieve en positieve acute gebeurtenissen voordoet die een kentering in hun leven te weeg brengt. Acute pushfactoren zoals ontslag, gemiste promotiekansen of een relatiebreuk stimuleren de aspirant-remigrant om de remigratiewens om te zetten in concrete plannen. Van zodra acute pullfactoren zich aandienen, zoals een aantrekkelijke werkaanbieding of een huwelijk, wordt het voornemen waargemaakt.

Bij de effectieve regimgranten zien we wel jobgerelateerde motieven zoals de ongunstige posities op de Belgische arbeidsmarkt en de ruimere carrièremogelijkheden in het land van origine. Het was voor hen niet evident om een job te vinden op het niveau van hun behaalde diploma, en ze maakten zich zorgen over hun loopbaanperspectieven. Daarenboven uiten deze hoogopgeleide participanten die op de sociale ladder willen opklimmen een gevoel van onbehagen. Vandaar dat deze groep zich niet langer uitsluitend op de Belgische arbeidsmarkt focuste en na ontslag of gefnuikte carrièrekansen tot het besef kwam dat ze beschikt over een alternatief, namelijk de arbeidsmarkt in Turkije. Na het maken van een kostenbatenanalyse verkoos deze groep te verhuizen naar Turkije, omdat zij daar een beter perspectief op werk en carrière zage. Een aantrekkelijke jobaanbieding in Turkije zorgde er uiteindelijk voor dat men daadwerkelijk de stap onderneemt.

Meer lezen

Uitdagingen en kritische succesfactoren voor de lokale diensteneconomie. Een kwalitatief onderzoek naar de gevolgen van het nieuwe decreet voor ondernemingen binnen de sector

KU Leuven
2020
Diana
Gebruers
Deze masterproef wil nagaan wat de mogelijke gevolgen van het nieuwe decreet lokale diensteneconomie zijn geweest voor de ondernemingen binnen de sector in Vlaanderen op vier vlakken: organisatie van de ondernemingen; toewijzing en bemiddeling van de doelgroepwerknemers; verplichte doorstroom; en financiering. Om de opvattingen van de respondenten over de veranderingen die de ondernemingen hebben ervaren in kaart te brengen werden zeven semigestructureerde interviews afgenomen bij medewerkers met leidinggevende functies van organisaties met verschillende dienstverleningen.
Meer lezen

Jonge vrouwen in lokale politiek: de grote verdwijntruc?

Universiteit Gent
2019
Alana
Verpaelst
Een onderzoek over de exit van jonge vrouwen in Vlaamse lokale politiek. Verdwijnen jonge vrouwen sneller van het politieke toneel en welke factoren hebben hier een invloed op?
Meer lezen

Simulation of household-based water systems for an efficient water management

Universiteit Gent
2019
Arjen
Van de Walle
In dit proefschrift hebben we het
functioneren van gedecentraliseerde waterhergebruiksystemen door middel van simulatie bestudeerd, met bijzondere
aandacht op het functioneren op huishoudniveau en onafhankelijk van het
drinkwaternet of rioleringsnetwerk. Er werd een theoretisch waterbeheersysteem uitgewerkt, waarvoor een technologische
configuratie geconstrueerd werd op basis van biologische en physico-chemische
waterzuiveringstechnologieën met additionele disinfectie. Centraal staat het gecombineerd
hergebruik van grijswater en regenwater in het systeem, waarbij het systeem
regenwater als enige instroom gebruikt en zwartwater als uitstroom.
Meer lezen

Compassie als politieke strategie? Een kwalitatieve analyse naar het gebruik van compassie in het politiek discours rond asielzoekers en vluchtelingen.

Vrije Universiteit Brussel
2019
Rhea
Moonen
Aan de hand van 224 artikels toont deze masterproef dat niet alleen negatieve emoties, maar ook schijnbaar positieve emoties zoals compassie, worden gebruikt om het politiek debat rond de asiel- en vluchtelingencrisis te sturen.
Meer lezen

Employer branding in context van bedrijven met een negatief consumer brand

KU Leuven
2019
Nele
Ruys

In deze masterproef onderzoeken we wat potentiële werknemers motiveert om te kiezen voor een bedrijf met een negatief consumer brand, waarom huidige werknemers blijven werken voor een bedrijf met een negatief consumer brand en hoe organisaties met een negatief consumer brand een positief, geloofwaardig employer brand kunnen ontwikkelen. We voerden deze studie uit omdat huidig onderzoek zich voornamelijk focust op bedrijven met een positief employer brand en omdat er nog niet veel geweten is omtrent het ontwikkelen van een positief, geloofwaardig employer brand. Deze studie werd uitgevoerd aan de hand van een kwalitatieve case study bij een internationale tabaksfabrikant. De resultaten van 32 respondenten werden voorgesteld aan de hand van een raamwerk. Uit dit onderzoek is gebleken dat potentiële en huidige werknemers ingedeeld kunnen worden in duidelijk te onderscheiden groepen. Dit enerzijds op basis van hun mindset en houding tegenover het consumer brand, en anderzijds op basis van organisatiekenmerken waardoor zij aangetrokken worden tot de organisatie of er blijven werken. Daarnaast is ook gebleken dat bedrijven met een negatief consumer brand een positief, geloofwaardig employer brand kunnen ontwikkelen door ervoor te zorgen dat extern gecommuniceerde kenmerken overeenkomen met intern gecommuniceerde kenmerken. Tot slot toonde dit onderzoek aan dat het inzetten op oprechtheid als werkgever zorgt voor een geloofwaardig employer brand.
Meer lezen