Virtual Reality als tussenstap van de psychiatrie naar de maatschappij voor mensen met een eestoornis

Myrthe Logist
Persbericht

Virtual Reality, een therapeutisch portaal naar de maatschappij voor mensen met een eetstoornis

Het schrijven van een bachelorproef is een onderdeel waar ik heel de opleiding naar uit heb gekeken, maar ook iets waar ik voor vreesde. Maar in mijn planning had ik geen rekening gehouden met een lockdown die plots de kop kwam opsteken. Gedurende deze lockdown is voor me het belang van technologie duidelijk geworden en hoe deze technologie kan dienen als portaal naar de maatschappij. 

De bachelorproef kwam tot stand met als doel een mogelijkheid te onderzoeken om meer functioneel gericht te werk te gaan bij deze doelgroep door bijvoorbeeld het uitvoeren van handelingen uit het dagelijks leven van de cliënt (ADL-handelingen). Mensen met een eetstoornissen ervaren graag controle, bij het bereiden van een maaltijd wordt alles keurig afgewogen. Tijdens ergotherapeutische interventies proberen de therapeuten er voor te zorgen dat de cliënten deze controle loslaten. Het gebruik van VR in de sessies kan de overstap naar de werkelijkheid versoepelen. De integratie van ADL-activiteiten in ergotherapeutische interventies verloopt momenteel moeizaam in de praktijk. Het neemt vaak te veel tijd in beslag, maar het brengt ook kosten met zich mee. Daarnaast is niet elke afdeling voorzien van de gepaste ruimtes. Tenslotte staan niet alle instellingen open voor het geven van ADL-sessies.

Onze digitale maatschappij

De dag van vandaag bevinden zowel cliënten als zorgverleners zich in een digitale revolutie. Digitale technologie is ingebed in de manier waarop mensen leven en werken, zelfs in het lichaam van mensen en wat ze dragen. Het staat vast dat nieuwe technologieën het dagelijks handelen en de uitvoering van betekenisvolle activiteiten beïnvloeden en ook in een nieuw perspectief zetten. Een voorbeeld van een nieuwe technologie is Virtual Reality (VR). De mens is van nature een handelend wezen wat samengaat met het participeren in een maatschappij die constant evolueert. Ergotherapie legt de focus op 'het weer mogelijk maken van de concrete alledaagse handelingen' en dit op verschillende niveaus. Het handelen heeft therapeutische potentie en mensen kunnen moeilijkheden ervaren in het handelen. Deze (tijdelijke) verstoring van het handelen kan het gevolg zijn van bijvoorbeeld ziekte of een verandering in de omgeving. Het feit dat hun leven verandert, is op zich niet het probleem. De moeilijkheden worden gevormd doordat deze mensen niet kunnen handelen naar eigen tevredenheid of die van de omgeving, met als gevolg dat ze zich niet kunnen aanpassen aan de verandering. Personen die moeilijkheden ervaren in het (dagelijks) handelen vormen de doelgroep voor ergotherapeuten. Een ergotherapeut begeleidt mensen van alle leeftijdsfasen in het terugwinnen, verbeteren en/of in stand houden van hun functioneren in hun leer-, leef-, werk- en ontspanningssituaties. Alle verschillende handelingsdomeinen waarin een persoon zich kan bevinden komen aan bod gedurende ergotherapeutische interventies. Gedurende dit praktijkgericht onderzoek werd meer gefocust op de rol van een ergotherapeut binnen het psychiatrisch werkveld, meer specifiek bij cliënten met de eetstoornis Anorexia Nervosa (AN) of Boulimia Nervosa (BN).

Het psychiatrisch werkveld vanuit  ergotherapeutische bril

Ergotherapie in het psychiatrisch werkveld ondersteunt bij handelingsproblemen die veroorzaakt worden door een psychische kwetsbaarheid. Deze handelingsproblemen bevinden zich eerder op cognitief/mentaal vlak, hoe het denken en de verstoring van het denken een invloed hebben op het dagelijks leven van de cliënt. De ergotherapeut gaat in dit werkveld therapeutisch aan de slag via 'betekenisvolle activiteiten' in functie van de noden en behoeften van cliënten op de handelingsgebieden zelfzorg, productiviteit en vrije tijd. De graad van betekenisvolheid wordt door de cliënt zelf bepaald. Voor het praktijkonderzoek werd er samengewerkt met een ergotherapeut van de Mind-Body Unit van het Universitair Psychiatrisch Centrum te campus Gasthuisberg Leuven. Op deze afdeling verblijven cliënten met eetstoornissen. Eetstoornissen zijn psychologische ziektebeelden en bevatten verschillende symptomen, waarbij een verstoord eetpatroon centraal staat. De verstoring in het eetgedrag brengt verschillende gevolgen tot stand waaronder een gewijzigde voedselopname (een eetprobleem), een verstoord lichaamsbeeld (bv. laag zelfwaardegevoel en sociale isolatie) en fysieke problemen (een te laag of te hoog lichaamsgewicht, spijsverteringsproblemen, osteoporose, ...). Het herstelproces van iemand met een eetstoornis kan jaren duren. In sommige gevallen herstelt de cliënt niet en wordt de eetstoornis een chronische ziekte. Wanneer de cliënten na een tijd op ontslag gaan verloopt de stap naar de maatschappij moeizaam en vindt de cliënt het een uitdaging om de geleerde technieken toe te passen in het dagelijks leven. Vanuit een ergotherapeutisch perspectief kwam naar voren dat de focus gedurende de interventies bij cliënten met eetstoornissen nog te veel ligt op het uiten van gevoelens en/of gedachten en minder op bijvoorbeeld het functioneel handelen zelf. 

Er werd onderzoek gedaan naar een vernieuwende manier om deze functionele therapie te geven die zowel duurzaam als veilig is voor zowel de cliënten als de therapeuten. Zo kunnen interventies ontwikkeld worden die uitvoerbaar, aanvaardbaar en succesvol zijn. Er zal cliëntgerichte innovatie moeten toegepast worden die zowel de technische als economische haalbaarheid waarborgt. De nieuwe technologie VR kan een oplossing bieden voor deze zoektocht. De noden en behoeften van cliënten zijn richtinggevend voor de implementatie van technologieën en het ergotherapeutisch innoveren. In de toekomst zou er meer onderzoek gedaan moeten worden naar de houding van cliënten met eetstoornissen tegenover het gebruik van VR in therapiesessies. Het praktijkonderzoek van deze bachelorproef kon niet volledig uitgevoerd worden omwille van de veiligheidsmaatregelen tegen de verspreiding van COVID-19.

Een veelbelovende, technologische toekomst

Het gebruik van VR in ergotherapeutische interventies zou een grote stap vooruit zijn in het innovatieproces van de ergotherapie en de geestelijke gezondheidszorg. De technologie kan een virtuele omgeving creëren met verschillende therapeutische mogelijkheden. Hierdoor kunnen cliënten geconfronteerd worden met moeilijke situaties met als gevolg dat ze hierna leren handelen op een constructieve manier. Het plaatsen van een cliënt in een virtuele omgeving biedt meer experimentele controle waardoor cliënten zich veiliger voelen in de omgeving. De therapeut kan hierdoor aan een meer betrouwbare en tijdelijke evaluatie doen van het handelen waardoor handelingsproblemen geanalyseerd kunnen worden. Van hieruit kunnen verschillende therapeutische interventies worden uitgevoerd in een gepaste context. Op deze manier kan de cliënt even ontsnappen aan de ziekenhuiscontext en opnieuw leren handelen in een context die meer gelijkend is op het dagelijks leven.

 

Bibliografie

American Psychiatric Association. (2014). Handboek voor de classificatie van psychische stoornissen (DSM-5). Amsterdam: Boom. 
AZ Sint-Lucas. (2012). Indienen van een aanvraag bij de ethische commissie tot goedkeuring van een eindwerk of scriptie . Brugge . 
Clus, D., Larssen, M., & Lemey, C. &. (2018 ). The Use of Virtual Reality in Patients with Eating Disorders: Systematic Review . Journal of Medical Internet Research . 
de Rooij, I., van de Port, I., & Visser-Meily, J. &. (2019). Virtual reality gait training versus non-virtual reality gait training for improving participation in subacute stroke survivors: study protocol of the ViRTAS randomized controlled trial. BioMed Central. 
Dol, D., Peters, E., Kerkaert, K., Van Lierde, L., & Proost, S. &. (2018 ). Ergotherapie & geestelijke gezondheid . België . 
Ergotherapie Vlaanderen. (2009, februari). Visie op het beroep ergotherapie. Opgeroepen op januari 2020, van Ergotherapie Vlaanderen: https://www.ergotherapie.be/NL/web-2432/Visie 
Falconer, C. J., Slater, M., Rovira, A., King, J. A., Gilbert, P., Antley, A., & Brewin, C. R. (2014, november). Embodying compassion: a virtual reality paradigma for overcoming excessive self-criticism. PLoS ONE, 9(11). doi:10.1371/journal.pone.0111933 
Freeman, D., Reeve, S., Robinson, A., Ehlers, A., Clark, D., & Spanlang, B. &. (2017). Virtual reality in the assessment, understanding, and treatment of mental health disorders. Psychological Medicine, 2393-2400. doi:10.1017/S00332917170040X 
Gega, L. (2017). The virtues of virtual reality in exposure therapy. The British Journal of Psychiatry, 245-246. doi:10.1192/bjp.bp.116.193300 
Granse, L. (2017). Grondslagen van de ergotherapie. Houten: Bohn Stafleu van Loghum. doi:10.1007/978-90368-1704-2 
Greenwood, K. E., Morris, R., Smith, V., Jones, A., & Pearman, D. &. (2016). Virtual shopping: A viable alternative to direct assessment of real life function? Elsevier, 206-210. 
Halton, J. (2008). Virtual Rehabilitation with video games: A new frontier for occupational therapy. occupational therapy now, 12-14. 
Hategan, A., & Giroux, C. &. (2019, maart). Digital Technology Adoption in Psychiatric Care: an Overview of the Contemporary shift from Technology to Opportunity. Journal of Technology in Behavioral Science, 171-177. 
Liu, L. (2018). Occupational therapy in the Fourth Industrial Revolution. Canadian Journal of Occupational Therapy, 272-285. doi:10.1177/0008417418815179 
Mishkind, M., Norr, A., & Katz, A. &. (2017, september). Review of Virtual Reality Treatment in Psychiatry: Evidence Versus Current Diffusion and Use. Springer. 
38 
 
Nossum, R., & Johansen, A. &. (2018). Occupational problems and barriers reported by individuals with obesity. Scandinavian Journal of Occupational Therapy, 25(2), 136-144. 
Park, M. J., Kim, D. J., Lee, U., & Na, E. J. (2019, juli). A Literature Overview of Virtual Reality in Treatment of Psychiatric Disorders: Recent Advances and Limitations. Frontiers in Psychiatry. doi:10.3389/fpsyt.2019.00505 
Riva, G. (2017). Virtual Reality in the treatment of eating and weight disorders. Psychological Medicine, 25672568. doi:10.1017/S0033291717001441 
Riva, G., Bachetta, M., Cesa, G., & Conti, S. &. (2004). The use of VR in the treatment of eating disorders. Studies in Health Technology and Informatics, 121 -163. doi:10.3233/978-1-60750-943-1-121 
Rose, A. (2018). What is Health? CMOP-E. Opgehaald van https://amandarose747430550.wordpress.com/2018/10/08/what-is-health/ 
Sienaert, P. (2017). Psycho-pathologie. Leuven: LannooCampus. 
UPC KU Leuven. (2019, juli). informatie voor ouders en gezin Behandeling eetstoornissen. informatie voor ouders en gezin Behandeling eetstoornissen. Leuven. 
UPC KU Leuven. (2020). Eetstoornissen. Opgeroepen op januari 2020, van UPC Z.ORG KU LEUVEN: https://www.upckuleuven.be/nl/campus-gasthuisberg/eetstoornissen 
Van Hoeck, J. &. (2017). Herkenning en aanpak voor eet- en gewichtsproblemen Draaiboek voor CGG. Holsbeek, België. Opgeroepen op december 2019 
Vanderlinden, J., & Buis, H. &. (2004). Welke behandeldoelstellingen zijn belangrijk in het genezingsproces van eetstoornissen? Directieve therapie, 175-191. 

Vermeersch, C. (2018, mei). Occupational therapy and eating disorders, a care case study. Elsevier, 31-33. doi:10.1016/j.spsy.2018.03.007. 

Universiteit of Hogeschool
Ergotherapie
Publicatiejaar
2020
Promotor(en)
Odisee
Kernwoorden
Share this on: