Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Economic Sanctions: An Effective EU Foreign Policy Tool?

Martijn Adam
Deze studie doet onderzoek naar effectiviteit economische sancties op gelegd door de EU om beleidsverandering in derde landen teweeg te brengen.

Unmasking utopia. Civil conditioning in early-modern utopian literature

Hannah Lingier
Zogenaamd utopische teksten worden doorgaans gezien als teksten die een ideale samenleving beschrijven. De utopieën uit de vroegmoderne periode kunnen echter ook op een andere manier gelezen worden, die voor ons veel nuttiger is. Eerder dan een alternatieve wereld, weerspiegelen ze de werkelijkheid en leggen bloot hoe maatschappijen functioneren via doorgaans onzichtbare conditionerende mechanismen zoals gezin, religie, vrijetijdsbesteding en groepsvorming.

(Hoe) Hebben patiënten baat bij samenwerking tussen patiëntenorganisaties en stakeholders in de Belgische gezondheidszorg?

Hafida Boufraioua Emely Mintiens
Verscheidene prominente actoren binnen de Belgische gezondheidszorg erkennen dat lotgenotengroepen een actieve rol moeten spelen in het gezondheidsbeleid. Dit omdat lotgenotengroepen dé uitgelezen partij zijn die, op basis van de ervaring van patiënten, feedback kunnen geven over de gezondheidszorg. Echter vormt de versplintering in het landschap van deze groepen en het gebrek aan professionalisatie een grote hindernis. Bovendien is gebleken dat de Belgische bevolking weinig op de hoogte is van het bestaan van deze groepen en hun potentiële rol die ze kunnen spelen binnen de gezondheidszorg.

Sociale ongelijkheid: een kritiek op de verdeelde stad

Daan Sillen
Sociale ongelijkheid is het grootste dogma van onze tijd, maar hoe ongelijkheid zich in de gebouwde omgeving vertaalt, is echter onontgonnen terrein gebleven. Het onderzoek van deze scriptie betreft de wijze waarop vanuit de optiek van architectuur de mondiale toename van ongelijkheid, en haar ideologie en economisch systeem, kritisch kan worden benaderd binnen het blikveld van een democratische visie op het metabolisme en de architectuur van de stad.

De ideale man, een zoektocht naar mannelijkheid in postrevolutionair Tunesië. Exploratief onderzoek naar genderconstructies in Tunis.

Marie Verstraeten
Dit verkennend onderzoek bundelt informatie over de hedendaagse genderrelaties in Tunesië. Wat zijn de heersende man-vrouwverhoudingen in Tunis vandaag en waarin kennen zij hun oorsprong? Het onderzoek gebeurt vanuit het mannelijke perspectief, dit wil zeggen dat er wordt nagegaan hoe mannen aan de basis liggen van de mannelijkheids- én vrouwelijkheidsidealen.

(Re)claiming spatial justice for the native Naqab Arab Bedouin. Towards a critical geography of the Israeli land and planning laws.

Jana Van Braeckel
Deze casestudy onderzoekt het aanhoudende ruimtelijk-juridisch conflict tussen de Israëlische regering en de inheemse Arabische bedoeïenen in de Naqab-woestijn. Sinds de oprichting van de staat Israël in 1948 wordt de Bedoeïenbevolking er geconfronteerd met non-stop landconfiscatie en -onteigening, uithuiszetting, huisvernielingen, gedwongen herlokalisering en urbanisering. Door het ontrafelen van het Israëlisch rechtssysteem, de wetgeving en beleid, wordt duidelijk dat juridische instrumenten gebruikt worden om de Arabische Bedoeïenen hun landrechten en landeigendom te ontkennen.

De Westerse fascinatie voor vrouwelijke gewapende strijders uit Syrië: een kritische discoursanalyse naar de nieuwsberichtgeving over de vrouwen van de YPJ.

Tillia Eestermans
Dit onderzoek tracht de oorzaak van de Westerse fascinatie voor de vrouwen van de YPJ na te gaan door middel van een kritische discoursanalyse van Westerse media. Er wordt besloten dat de representatie van de vrouwen plaatsvindt binnen een heldin discours en een Oriëntalistisch discours.

Vlaamse preventie tegen extremisme: een vergelijkende analyse

Michiel Praet
Dit beleidsrapport omvat een vergelijkende analyse van het Vlaamse preventiebeleid rond extremisme met hoofdzakelijk dat van het Verenigd Koninkrijk en Nederland. Hiervoor werd er een combinatie gemaakt van een literatuurstudie en interviews met diverse relevante actoren uit het veld. Door de recente aanslagen (en in het bijzonder de gebeurtenissen op 22/3) werd dit stuk relevanter dan ooit. Het maakt namelijk duidelijk dat er op vlak van samenwerking tussen de verschillende politieke niveaus, tussen de gemeenschappen, binnen de penitentiaire sector en het onderwijs nog heel wat zaken te verbeteren zijn. In het bijzonder zou er werk moeten gemaakt worden van een Nationale Coördinator Contra-Extremisme die het beleid in goede banen kan leiden, zou er meer vertrouwen moeten komen tussen verschillende lokale actoren en moet er een aanpak gezocht worden voor minderjarige terroristen. Ook moet er bekeken worden hoe veroordeelde afgezonderde terroristen in de toekomst beter kunnen begeleidt worden tijdens en na de detentieperiode.

Het stemgedrag van UKIP MEPs: resoluut tegen alles of genuanceerder dan het lijkt?

Laure-Anne Rigaux
Deze scriptie onderzoekt het stemgedrag van UKIP Europarlementsleden en heeft als doel dit grondig in kaart te brengen. Als algemene conclusie geldt dat het stemgedrag van UKIP genuanceerder is dan het op het eerste gezicht lijkt, dat er welbepaalde patronen in kunnen vastgesteld worden en dat het nog steeds een echte anti-EU partij is.

Dienstverlening van de overheid aan de burger: hoe ervaren mensen met een chronische aandoening de overheidsdienstverlening?

Paulin Van Biesen
Kwalitatief onderzoek naar de ervaring van chronisch zieke burgers met de overheidsdienstverlening. In het kader van service design en vereenvoudiging aan de hand van levensgebeurtenissen.

Opposition Groups Armed with Rational Choice and International Humanitarian Law: Is Compliance the Outcome?

Aruna Michiels
Een interdisciplinair onderzoek waar internationaal humanitair recht en theorie van internationale betrekkingen kruisen. Het voorwerp is nalevingsgedrag van staten en gewapende groeperingen benaderd vanuit het perspectief van Rational Choice Theory.

Concentrische cirkels van Europese integratie: de integratie van niet-lidstaat Noorwegen in een gedifferentieerde Unie.

Wouter Vermeulen
Comparatieve studie van de relatie tussen gedifferentieerde EU-lidstaten Denemarken en het Verenigd Koninkrijk en niet-lidstaat Noorwegen in het breder kader van gedifferentieerde integratie.

A Critical Discourse Analysis of reports on UKIP in a selection of British newspapers

Maïté Muller
Deze scriptie bestudeert de berichtgeving van de Britse geschreven pers over de politieke partij UKIP en de partijleider Nigel Farage. Aan de hand van een kritische discours analyse wordt gekeken of die berichtgeving objectief is. De berichtgeving over UKIP wordt eveneens vergeleken met die over de zogenaamde 'mainstream' partijen.

Europees handelsbeleid en haar democratische legitimiteit: een casestudie naar het onderhandelingsproces van het Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag (TTIP)

Joke Matthieu
Deze masterproef bestudeert de democratische legitimiteit van het onderhandelingsproces van het Trans-Atlantisch Vrijhandels- en Investeringsverdrag (TTIP).

Democratie en het internet. De invloed van gepersonaliseerde zoekresultaten op het democratisch denken bij studenten. Case: Google

Jana Cornelis
Een onderzoek naar hoe de gepersonaliseerde zoekresultaten van Google, gebaseerd op je online profiel, ervoor zorgen dat mensen terecht komen in een 'filter bubble'. Ze krijgen vaker informatie te zien die aansluit bij hun huidig denkpatroon en worden steeds minder uitgedaagd kritisch te denken. Ook voor het opzoeken van politieke thema's kunnen de gepersonaliseerde zoekresultaten zorgen voor een eenzijdige informatiestroom.

The aftermath of a dark past. Forensic archaeology and memorialization of the 1994 Genocide against the Tutsi.

Lies Verlinden
Deze masterthesis behandelt twee aspecten van het transitionele justitie- en verzoeningsproces: enerzijds de forensische archeologie, haar technieken, toepassing en belang voor internationale strafhoven zoals het ICTY en het ICTR, en anderzijds de inspanningen om gebeurtenissen te memorialiseren, en hun impact op de gemeenschap. Beide onderdelen worden benaderd vanuit een algemeen oogpunt via een theoretisch kader dat telkens toegepast kan worden op de gekozen case study, namelijk de genocide tegen de Tutsi in Rwanda uit 1994.

Van Opstandeling tot Stadsmagistraat. Verenigingen en de socio-politieke rol van haar leden: een vergelijkende studie tussen de Romeinse collegia en de 14de eeuwse ambachten in Ieper, Gent en Brugge

Fons Verheyde
Een vergelijkende studie die de politieke rol van verenigingen onderzoekt in de leefwereld van Rome (1ste eeuw v.C. - 3de eeuw n.C.) en Vlaanderen (14de eeuw).

Maurice Joostens en het Bokserprotocol. Marionet op het diplomatieke theater?

Gert Huskens
In dit onderzoek staat centraal in welke mate en op welke manier Belgisch diplomaat Maurice Joostens een invloed uitoefende op het Belgische buitenlandse beleid tijdens de Conferentie van Peking die plaatsvond na afloop van de Bokseropstand.

In de mazen van het visnet

Dylan Vynck
Deze scriptie probeert een alternatief op oplossing te bieden op de problematische gevolgen van de aanlandplicht op de Vlaamse visserijsector. Deze Europese wetgeving die onrust opwekt creëert volgens enkelen vissterfte, terwijl de wet net visverspilling moet tegengaan.

De Sino-ASEAN relaties en de territoriale conflicten op de Zuid-Chinese Zee: de strategische implicaties van de hedendaagse Chinese nood aan het veiligstellen van de zee

Axel Dessein
De paper tracht via het politiek realisme enkele aspecten van de territoriale conflicten in de Zuid-Chinese Zee te belichten. Hier wordt uitgegaan van de Chinese nood aan het verdedigen van haar nationale belangen: energie en territoriale integriteit.

Crisismanagement en de ramp in Fukushima: de invloed van het ‘Nuclear Village’

Kelly Knapen
Crisis Management and the Fukushima Daiichi Nuclear disaster
The influence of the Nuclear Village
Kelly Knapen


The triple meltdown in the Fukushima daiichi nuclear power plant on the 11th of March 2011 has been coined the second worst nuclear disaster since Tsjernobyl. It created a shockwave through the world. Concerns about the safety of this energy source rose to new heights. Voices arose to completely step away from nuclear energy altogether. In Japan this became very apparent. The government experienced massive waves of criticism. Mainly on the way they handled the crisis. This dissertation looked deeper into the crisis management regarding the Fukushima Daiichi nuclear disaster and investigated whether this was effective or not. Secondly this research concentrated on the reasons behind the failures of the crisis management, mainly concentrating on the influence of the Nuclear Village and what effect this had on the crisis management itself.
To achieve this, this dissertation first looked deeper into the legal framework surrounding crisis management in Japan to investigate whether two important aspects of crisis management were covered namely those of preparation and prevention. Secondly it used the reports of the ‘Fukushima Nuclear Accident Independent Investigation Commission’ of the National Diet of Japan and ‘The Independent Investigation committee on the Fukushima Nuclear Accident’ to look deeper into the immediate crisis respons and looked whether the three important elements of communication, cooperation and leadership were present. Lastly, by using the theory of George Stigler on ‘Regulatory Capture’ and the more concrete studie on the ‘Nuclear Village’ of Kainuma (開沼) and Kingston, this dissertation formed its conclusion on the reason behind the problems regarding crisis management in Japan and its effectiveness.
Out of this research it became apparent that there were serious problems concerning the crisis management of the Fukushima nuclear accident. It became clear that nuclear safety was not ensured. The government did not learn the necessary lessons from the two severe incidents that occurred before the disaster in Fukushima, which should have served as a wake-up call. During the crisis at the Fukushima Daiichi nuclear power plant, the main players in crisis management distrusted each other, which lead to a general lack of cooperation, communication and leadership. Although this was a period of crisis, where no one acts perfectly according to plan, this research made clear that the influence of TEPCO on the different players was a major factor in the failure of the crisis management concerning the nuclear disaster at the Fukushima Daiichi nuclear power plant.
This crisis eventually led to a structural reform of crisis management in Japan. This can certainly be called a big step forward. However regarding the nature of the Nuclear Village, as a deeply-enrooted system, a reform alone may not be enough. On this part more research is definitely needed.

Cape Town F[r]ictions - Landscape as an ally of urban growth

Bruno Stevens Hannelore Fabri Elena Gogiberidze Joran Lombahe Gertie van den Bosch Laurens Vanden Eynde Brecht Vermeylen
Het werk vormt een referentiedocument voor de stedelijke groei van Afrikaanse steden, meer specifiek in het geval van Kaapstad. Het onderzoekt en toont de rol van stedelijk ontwerp en architectuur in één van de snelst groeiende steden in zuidelijk Afrika.

“Who Lives, Who Dies, Who Tells Your Story?” Reinventing a National Narrative and Its Political Meaning in ‘Hamilton: an American Musical’

Stéphanie Verbrugghe
Het musicalfenomeen van 2016, 'Hamilton' biedt niet alleen geschiedkundig entertainment aan de vele bezoekers (waaronder president Obama), maar ook een verdoken politiek commentaar op de toekomst van Amerika.

Vladimir Poetin door de westerse bril

Alexia Papadis
Een kwalitatieve analyse van de invloed van interculturele verschillen in non-verbale communicatie op de perceptie van Vladimir Poetin in het Westen.

Presidential term limit compliance: Policies of the United Nations and African Union in Burkina Faso and Burundi

Laura Ritter
This explorative research examines the policies of the United Nations and African Union in making African presidents comply with constitutionally guaranteed term limits.