Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Zo is het altijd "de schuld van de sossen"

Sien D'hauwer
Deze masterproef is een kwantitatieve inhoudsanalyse van polariserende reacties onder online gepubliceerde nieuwsartikels van Het Laatste Nieuws. Ze gaat na of contentmoderatie werkt als oplossing voor de polarisatietrend.

" En als ik ziek word, dan is Hij bij mij "

Abid Samira
In mijn bachelorproef onderzoek ik hoe islamitische patiënten en hun zorgverleners omgaan met de planning van hun levenseinde.
Aan het levenseinde weigeren moslims palliatieve sedatie omwille van geloofsredenen. Zij gaan niet in op het aanbod van de palliatieve hulpverlening als het om palliatieve sedatie gaat. Dit brengt moeilijkheden met zich mee in de praktijk. De communicatie tussen patiënte en arts loopt stroef, waardoor men niet tot verbinding komt. Er ontstaat een dilemma bij de palliatieve zorgverleners, die vinden dat het principe van weldoen in het gedrang komt. Hierdoor kunnen zij moeilijk in verbinding komen met een islamitische patiënt en zijn of haar naasten. Anderzijds ontstaat het probleem dat de patiënt vindt dat de voorgestelde behandeling in strijd is met de principes van de islam. Er ontstaat een vorm van paternalisme vanuit de zorg en dit levert in de praktijk dilemma’s op. Er is duidelijk een communicatieprobleem dat verder dient onderzocht te worden om tot een adequate gemeenschappelijke oplossing te komen.

Belgian Identity and Interaction

Margot Bouchez Margot Bouchez
Onderzoek naar Belgische identiteit en interactie tussen Franstaligen en Nederlandstaligen volgens de intergroupscontact theory van Allport.

Een studie van remigratiemotieven van tweede en derde generatie hoogopgeleide Belgen met Turkse roots

Elif Lootens
Het migratiedebat verhit in West-Europa sinds de laatste decennia van de twintigste eeuw de gemoederen. Het debat is vooral gericht op instroom en integratie. Daarbij is emigratie een onderbelicht aspect. Zo is er weinig onderzoek gedaan naar de remigratie van migranten naar het land van herkomst.

Bij remigratie is het opleidingsniveau een relevante factor. Anders dan soms vermoed wordt, zijn het niet kansarme, laaggeschoolde jongeren die remigreren, maar eerder hoogopgeleide jonge migranten. Omdat net zij in Turkije een gedegen opleiding, meertaligheid en nuttige beroepservaring kunnen inbrengen als troef op de arbeidsmarkt.

Deze hoogopgeleiden ervaren in West-Europa beperkte vooruitzichten op zowel sociaal, persoonlijk als professioneel gebied. Hoogopgeleiden met Turkse roots hebben het gevoel dat zij in Turkije hun kansen beter kunnen benutten en zijn daardoor eerder geneigd te vertrekken.

Daarnaast wijzen onderzoekers erop dat de uitstroom van jonge hoogopgeleiden in tijden van vergrijzing en de daarmee samenhangende schaarstes op de arbeidsmarkt, nadelig kan zijn voor West-Europese economieën. Het vertrek van hoogopgeleide Turken is een ‘braindrain’ en een ‘verlies van menselijk kapitaal’. Dit veroorzaakt een onevenwicht tussen hoog- en laagopgeleiden migranten in Europa.

Wat opvalt is dat ondanks hun studies en diploma, deze hoogopgeleiden geconfronteerd worden met discriminatie op de arbeidsmarkt. Deze pessimistische toekomstperspectieven in Belgie voeden de drang tot remigratie. Etnische minderheden scoren beduident lager op vlak van jobtevredenheid. Volgens Vandevenne & Lenaers (2007) geeft ongeveer 64% van de hoogopgeleide etnische minderheden in Vlaanderen aan minder kans te hebben om door te stromen naar hogere functies en 61% meent zich door zijn afkomst extra te moeten bewijzen.

Hierbij komen we tot de integratieparadox die als een pushfactor meespeelt voor remigratie: hoogopgeleide Belgische Turken komen meer in aanraking met autochtonen, waardoor ze hun eigen posities op de arbeidsmarkt vergelijken en bijgevolg een ‘relatieve deprivatie’ ervaren waardoor hun eigen jobtevredenheid afneemt. Deze hooggeschoolden met een migratieachtergrond hebben immers vaak een baan onder hun opleidingsniveau, ervaren meer moeite om werk te vinden en krijgen minder promotiekansen. Hoogopgeleide en ondernemende migranten ervaren deze discriminatie intenser en zijn daarom sterker geneigd om elders het geluk te zoeken.

Bovendien hebben deze hoogopgeleiden de perceptie, met hun verworven competenties, betere jobkansen en doorgroeimogelijkheden te kunnen krijgen in Turkije. Vrouwen bevinden zich in een extra benadeelde positie doordat ze dubbel gediscrimineerd worden: naast het behoren tot een etnische minderheid, behoren ze ook tot de symbolische minderheid op vlak van gender. Hierdoor zou de wil om te migreren bij vrouwen eveneens hoger liggen, in de hoop op een gunstiger positie in het land van herkomst.

Uit resultaten van het onderzoek dat uitgevoerd werd bij kandidaat remigranten in België en effectieve remigranten in Turkije is er een duidelijke discrepantie te vinden in hun motivaties. Uit het onderzoek blijkt dat de economische factoren minder belangrijk geacht worden als drijfveer bij de hoogopgeleide aspirant-remigranten dan bij de effectieve remigranten, omdat ze min of meer tevreden zijn met hun huidige arbeidsmarktpositie in België. Bij aspirant-remigranten draait het vooral rond maatschappelijke beweegredenen. Ten eerste zijn er gevoelens van frustratie doordat de participanten zich aanvankelijk als deel van de Belgische samenleving beschouwen, maar anderzijds continu geconfronteerd worden met hun ‘anders’ zijn en steeds het gevoel kregen niet volledig aanvaard te worden als deel van de Belgische samenleving. De negatieve beeldvorming over etnische minderheden en moslims in de media lijkt hierin een katalysator te zijn.

Een tweede, opvallend resultaat, is dat de angst voor assimilatiedruk en het risico op verlies van de Turkse cultuur bij hun kinderen een veel gebruikt argument vormt om te overwegen om naar Turkije te verhuizen.

Het ervaren van een identiteitsconflict maakt de aantrekkingskracht van Turkije als toevluchtsoord bovendien groter. Remigratie biedt de mogelijkheid om voortaan tot de meerderheid te behoren. Door remigratie heft de remigrant zijn minderheidsstatus op.

Asprianten blijven in België tot zich een krachtige combinatie van negatieve en positieve acute gebeurtenissen voordoet die een kentering in hun leven te weeg brengt. Acute pushfactoren zoals ontslag, gemiste promotiekansen of een relatiebreuk stimuleren de aspirant-remigrant om de remigratiewens om te zetten in concrete plannen. Van zodra acute pullfactoren zich aandienen, zoals een aantrekkelijke werkaanbieding of een huwelijk, wordt het voornemen waargemaakt.

Bij de effectieve regimgranten zien we wel jobgerelateerde motieven zoals de ongunstige posities op de Belgische arbeidsmarkt en de ruimere carrièremogelijkheden in het land van origine. Het was voor hen niet evident om een job te vinden op het niveau van hun behaalde diploma, en ze maakten zich zorgen over hun loopbaanperspectieven. Daarenboven uiten deze hoogopgeleide participanten die op de sociale ladder willen opklimmen een gevoel van onbehagen. Vandaar dat deze groep zich niet langer uitsluitend op de Belgische arbeidsmarkt focuste en na ontslag of gefnuikte carrièrekansen tot het besef kwam dat ze beschikt over een alternatief, namelijk de arbeidsmarkt in Turkije. Na het maken van een kostenbatenanalyse verkoos deze groep te verhuizen naar Turkije, omdat zij daar een beter perspectief op werk en carrière zage. Een aantrekkelijke jobaanbieding in Turkije zorgde er uiteindelijk voor dat men daadwerkelijk de stap onderneemt.

DE RELATIE TUSSEN ZWEDEN EN NAVO (1948-2020): MAAKT 'PARTNER NUMBER ONE' EEN EINDE AAN MEER DAN 200 JAAR NEUTRALITEIT?

Bruno Loosvelt
Een politiek-historische literatuurstudie omtrent de relaties tussen NAVO en Zweden, met oog op de lidmaatschapskwestie.

Een vlees- en zuivelrijk eetpatroon in tijden van klimaatcrisis, een ethische analyse

Channa Cattoir
Kunnen we ons vlees- en zuivelrijk dieet vandaag nog rechtvaardigen? In tijden van klimaatverandering, overbevolking en massa-extinctie dringen ethische vragen zich op.

“Visit Rwanda” : a well primed public relations campaign or a genuine attempt at improving the country’s image abroad?

Thomas Yaw Voets
Deze scriptie probeert te verklaren waarom Rwanda, een arm Afrikaans land dat bekend staat vanwege de genocide die er plaatsvond in 1994, een steenrijke Engelse voetbalclub, Arsenal, sponsort. Om dit te doen is gebruik gemaakt van een casestudie, waarbij de contextuele omstandigheden in overweging werden genomen, die de keuze van de Rwandese overheid voor het toepassen van nation branding (kort samengevat, het toepassen van marketingtechnieken om landen te promoten) verklaren. Er wordt geconcludeerd dat het land hoogstwaarschijnlijk veel zichtbaarheid en misschien zelfs diplomatieke slagkracht heeft gekregen, maar dat het buitenlands beleid daarentegen lijkt gereduceerd te zijn tot de wetten van de marketingwereld, om zo voordelen te bereiken die waarschijnlijk te mooi zijn om waar te zijn.

Het Koloniaal Monument als 'Ongehoorzame' Readymade - Demonumentalisering en Remythologisering van Intentioneel Memorerende Beeldhouwkunst

Adam Van Den Berghe
Een nieuw iconoclasme doet zijn intrede. Als zelfverklaarde mijlpalen in de geschiedenis en de
publieke ruimte worden symbolen van een geromantiseerde en eurocentrische visie op het
koloniaal verleden steeds meer onderhevig aan aantasting, bevraging en verwijdering. Als het
ware houden deze controversiële objecten een spiegel voor de ogen van de dagelijkse slenteraar.
In dit onderzoek is er gepoogd antwoord te krijgen op de hedendaagse relevantie van koloniale
monumenten in de openbare ruimte. Als centraal voorbeeld voor deze intentionele
memorerende monumenten worden de beeltenissen van Leopold II onder de loep genomen.
Hoewel deze objecten het tegenovergestelde van dekolonisatie symboliseren vormt deze
verhandeling geen betoog voor de aantasting of verwijdering van dergelijke monumenten.
Integendeel, het beheer en behoud van dergelijke monumenten in functie van
demonumentalisering en remythologisering geniet de voorkeur. Door herdefiniëring wordt
getracht een gemeenschappelijk koloniaal erfgoed en verleden na te streven.
De controversiële objecten omvatten, als voorbeelden van traditionele canonieke kunst, actuele
problematiek en hedendaagse relevantie. Als communicatiemiddel en metonymie van protest
stelt het koloniaal monument zichzelf aan de kaak. Dusdanig capteert het, als geval van
hedendaagse kunst, twee tegengestelde waarheden. Het object zelf als monument en pure vorm
van kolonialisme en het subject als strijd om de zuivere waarheid tussen de onderdrukker en de
onderdrukte. In dit onderzoek wordt getracht na te gaan of deze tegenstrijdige uitingen elkaar
in het object kunnen opheffen. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen twee
verschijningen die de standbeelden van Leopold II aannemen. Met name dat van een
intentioneel memorerend monument en dat van een koloniaal monument als readymade. Deze
nemen respectievelijk een amplische en een ciselante of beitelende fase aan.
De toestand van de mens verpersoonlijkt zich in het koloniaal monument als ongehoorzame
readymade. Het ziet zichzelf vervat in de terugkerende object-subject dialectiek die het beleeft.
De conclusie is dat de classificatie en criteria van een readymade ondersteuning biedt voor de
uitlijning van de maatschappelijke en politieke dilemma’s die de objecten meedragen. De inzet
is nog steeds de macht over tijd en ruimte. Het biedt een alternatieve werkwijze voor de
spektakeldemocratie waarin politiekers voor figuranten spelen en politieke correctheid als
illusie voor gelijkheid wordt gehanteerd. Als tweede verschijning nemen kunstenaars in dit
schouwtoneel de rol van burger-betoger op. Doormiddel van additivisme wordt er gemedieerd
tussen de verschillende actoren. Dit moet voldoen aan het erfgoedbeleid maar mag niet meer
als crimineel worden aanzien.

Chief Happiness Officer: een hype of een blijvende troef voor bedrijven?

Kyana Smets
Het belang voor geluk en welzijn op de werkvloer groeit. En daar speelt de Chief Happiness Officer een belangrijke rol. Maar hoe zit het met de CHO’s in Vlaanderen? Wat is hun profiel en wat kunnen ze betekenen voor bedrijven? Dat wordt duidelijk met een onderzoek naar de Chief Happiness Officer in Vlaanderen.

Europese organisaties! Voor of tegen de EU-wet tegen ‘conflictmineralen’?

Jessy Thomas Ohanu Kalonda
De nieuwe Europese wetgeving tegen conflictmineralen die van kracht gaat op 1 januari 2021 heeft enkele gaten. In dit werkstuk worden de sterktes en de zwakheden beschreven.

Belonging als universeel ontwerp: het fundament voor de diverse school

Sofie Smets
Belonging als universeel ontwerp: het fundament voor een diverse school

Conflict bij natuurbehoud: het geval van het Pendjari Nationaal Park in Benin, West-Afrika

Iliana Janssens
Met de recente, drastische dalingen in biodiversiteit, wordt de nood aan natuurbehoud steeds duidelijker. Hier komen echter veel betrokken partijen bij kijken met ieder hun eigen belangen, wat conflict met zich meebrengt. Ik onderzocht een natuurbehoudsconflict in het Pendjari Nationaal Park in Benin dat zich voordeed na een verandering van een participatief naar een particulier beheer.

Werkbaar werk - werk op jouw maat!

Jens Longueville
Deze bachelorproef onderzoekt de werkbaarheid van het werk binnen het bedrijf 'Thon Hotels Brussels' en biedt oplossingen aan inzake werkstress.

Russie et l'Europe civilisée: Europese identiteitsvorming in het Belgische Ruslandbeeld 1848-1861

Sam Kuijken
Mijn onderzoek gaat na hoe de Belgische kijk op Rusland tussen 1848 en 1861 bijdroeg aan de vorming van een Europese identiteit.

De borderline persoonlijkheidsstoornis in de perinatale periode. Botst de vroedvrouw op een ongekende grens?

Suzanne Meyers
De borderline persoonlijkheidsstoornis in de perinatale periode

De uitdagingen voor het vennootschapsrecht door de opkomst van stemadviseurs (‘proxy advisors’)

Arnaud Van Caenegem
Stemadviseurs zijn rechtspersonen die beroepshalve en op commerciële basis bedrijfs- en andere informatie van beursgenoteerde vennootschappen analyseren om vervolgens beleggers advies te geven over hoe zij moeten stemmen in de algemene vergadering. Ondanks hun louter adviserende functie hebben stemadviseurs in de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk een invloedrijke rol in het bepalen van goede corporate governance in de meeste beursgenoteerde vennootschappen.

Deze masterproef zal aan de hand van twee opeenvolgende tendensen verklaren waarom stemadviseurs ook in België aan invloed winnen. Aansluitend past dit onderzoek de agency theorie toe om een duidelijk economisch beeld weer te geven van de kosten en baten verbonden aan het gebruik van stemadviseurs. Uit deze analyse blijkt dat de voornaamste kosten voortkomen uit een gebrek aan transparantie in de methodologieën en het bestaan van belangenconflicten. Het Belgisch juridisch kader komt hier vooralsnog niet aan tegemoet. Op Europees niveau werden een aantal maatregelen genomen waarbij de nadruk ligt op transparantie. Na een bespreking en evaluatie van een aantal Belgische rechtsfiguren en deze Europese maatregelen worden voorstellen gedaan om het juridisch kader aan te scherpen.

Belgische wapens in Jemen: een kwalitatief onderzoek naar de vermoedelijke afwending van Belgische wapens naar het huidige Jemenitische conflict

Elias Viaene
Deze masterproef onderzocht aan de hand van expertinterviews (N=7) de rol van bepaalde statelijke actoren en niet-statelijke gewapende actoren in de vermoedelijke afwending van Belgische wapens naar het huidige Jemenitische conflict. Ook werd er nagegaan hoe de controlemechanismen op beide actoren worden toegepast ter voorkoming van afwending.

De rol van ruimte in hoe kinderen een tandartsbezoek beleven - Een methodologische en inhoudelijke verkenning in een ziekenhuis en een privépraktijk

Elfride Heylen
De thesis behandelt de ruimtelijke beleving van kinderen tussen 10 en 16 jaar oud in een tandheelkundige omgeving. Bijkomend worden de gebruikte onderzoeksmethoden geanalyseerd.

Horta in Amerika: het verblijf van Victor Horta in de Verenigde Staten van 1915 tot 1919

Tom Packet
Aan de vooravond van WOI werkt de Belgische architect Victor Horta (1861-1947) aan enkele van de belangrijkste projecten uit zijn carrière. Vanaf februari 1915 verblijft hij noodgedwongen in ballingschap, aanvankelijk in Londen, maar voor het grootste deel van de oorlog in de Verenigde Staten. De Belgische overheid instrueert Horta om de Amerikaanse samenleving en haar architectuur grondig te bestuderen in het licht van de naoorlogse wederopbouw van het land. Horta verkondigt daarnaast tijdens talloze lezingen en interviews het belang van het Belgisch artistiek patrimonium en de betreurenswaardige verwoesting ervan in het conflictgebied.

Dit Amerikaans ‘avontuur’ is een relatief slecht gekende periode in het leven van Horta. Het wordt doorgaans bekeken als een minder interessante episode binnen het verloop van zijn oeuvre. Dit onderzoek toont aan dat Horta de Amerikaanse samenleving zoals opgedragen grondig bestudeert en dat hij als architect, lesgever en urbanist onophoudelijk doortheoretiseert over materies die reeds voor de oorlog zijn interesse genoten. Hij verblijft voor langdurige periodes in New York, Washington D.C. en San Francisco, waar hij telkens opnieuw contacten aanknoopt met noemenswaardige architecten, ingenieurs, ontwerpers en academici.

Dit onderzoek wil Horta’s Amerikaanse periode grondig reconstrueren en contextualiseren. Zijn uitwijk naar de VS was een voorbereidde missie die kaderde binnen een maatschappelijk en politiek doel. Aan de hand van voornamelijk primaire bronnen (archiefmateriaal en krantenartikelen) wordt een allesomvattend beeld geschetst van Horta’s confrontatie met een radicaal andere samenleving en architectuur. Toenemend inzicht in deze confrontatie kan helpen de opmerkelijke kentering in stijl en constructiepraktijk in het naoorlogs oeuvre van Victor Horta te begrijpen en verklaren.

Verpleegkundigen en eerstelijns spirituele zorg: een harmonieuze combinatie binnen de hedendaagse zorgcontext?

Elien Rogiers
Een (ernstige) chronische ziekte of een acute, zelfs kleine ingreep kan er toe leiden dat patiënten de zin van het leven en/of hun geloof of levensbeschouwing in vraag stellen. Veel zorgvragers hebben op zo'n moment nood aan ondersteuning van degenen die het dichtst bij hen (en hun bed) staan. Uit onderzoek blijkt echter dat veel verpleegkundigen vaak niet weten hoe ze moeten omgaan met zinvragen, onmacht... binnen de zorgcontext. In deze masterproef worden drie sporen uitgetekend om verpleegkundigen hierin te ondersteunen.

Excellentie versus gelijke kansen: convergerende of conflicterende doelstellingen?

Jan Schoukens
Als in de definitie van 'excellentie' rekening wordt gehouden met achtergrond en thuistaal, krijgen we excellerende scholen uit alle onderwijsvormen met leerlingen van diverse achtergrond. Deze scholen scoren bovendien ook goed op gelijke onderwijskansen.

Investigating the role of alphasynuclein induced extracellular vesicle secretion in a mouse model of Parkinson’s disease

Elien Clarebout
De ziekte van Parkinson is een neurologische hersenaandoening die gekenmerkt wordt door bewegingsproblemen. De precieze manier waarop de ziekte van Parkinson zich doorheen de hersenen verspreidt, is nog niet volledig opgehelderd. De studies uit mijn masterthesis toonden aan dat de choroid plexus een rol speelt in de verspreiding van Parkinson-gerelateerde eiwitten.

Tussen ‘beschaving’ en ‘barbaren’ De Romeinse soldaat aan de oostgrens: identiteit en band met de lokale bevolking

Ward Lammens
Studie van de identiteit van de Romeinse soldaat aan de oostgrens van het Romeinse Rijk. Hiervoor worden de religieuze en materiële uitingen en het gebruik van taal onderzocht. Eveneens wordt bestudeerd in welke mate soldaten contacten aangingen met de lokale bevolking en welk effect dit had op de culturele uitingen van de soldaten.

Corpus Christi; Het Christuskind en Dürers kunsttheorie in het 16e-eeuwse Antwerpen

Saar Vandeweghe
Deze scriptie onderzoekt de weergave van het Christuskind in de kunst van 16e-eeuws Antwerpen. Hierbij wordt het theoretisch traktaat van Albrecht Dürer over de proportie van het menselijk lichaam gebruikt om de ontwikkeling van het lichaam af te lezen.

Tracing statehood: Salafi-Jihadism and the creation of an Islamic state

Marte Beldé
Deze scriptie onderzoekt de ideologie en geschiedenis van het concept 'islamitische staat' binnen het salafi-jihadistisch gedachtegoed. Door geweld te beschouwen als deel van het staatsvormingsproces krijgen we nieuwe inzichten in de politieke aard van dit proces.