Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Patiëntenparticipatie tijdens multidisciplinaire teambesprekingen in residentiële settings van de geestelijke gezondheidszorg. De persoonlijke mening van hulpverleners.

Laurein Van Peer
Exploratief cross-sectioneel onderzoek naar de persoonlijke mening van hulpverleners over patiëntenparticipatie tijdens multidisciplinaire teambesprekingen in residentiële settings van de geestelijke gezondheidszorg.

Preventief versterken van de zelfwaardering van 6-8 jarigen in Child Action Lanka via dans en beweging

Maxime Van Hoof
In deze bachelorproef wordt de toepassing van dans -en bewegingstherapie voor Child Action Lanka in Sri Lanka, besproken. Via het gebruik van een laagdrempelige vorm van dans -en bewegingstherapie wordt de zelfwaardering van kinderen preventief versterkt. Om het bovenstaande doel te bereiken is de methode ‘Dance-esteem’ tot stand gekomen.

Le rêve d'un roi: Congo Free State and Its Unlikely Existence in 19th-Century International Law

Maxim Smets
Onderzoek naar de status van Kongo-Vrijstaat in het negentiende-eeuwse internationaal recht. De thesis beschrijft ook hoe de kolonisatie op juridische wijze werd gerealiseerd.

Buitenlandcorrespondenten in Rusland: Een kwalitatief onderzoek naar informatietoegang bij Vlaamse en Nederlandse buitenlandcorrespondenten in Rusland in de periode van 1990 tot nu

Jana Valcke
Dit onderzoek focust zich op de informatietoegang bij Vlaamse en Nederlandse buitenlandcorrespondenten in Rusland met persvrijheid als invalshoek. Aan de hand van interviews wordt er een antwoord gezocht op vragen m.b.t. verschillende deelaspecten zoals het brongebruik, mogelijke hulpmiddelen, ervaringen met problemen en censuurmaatregelen bij de correspondenten.

Op zoek naar de elite: Hooggeschoolde immigranten aantrekken via het Belgische migratiebeleid.

Claire Nardon
Hooggeschoolde immigranten vormen een belangrijke troef voor een groeiende economie. In tegenstelling tot Canada en Australië, slaagt België er echter niet in om deze gegeerde groep aan te trekken. Via een comparatieve analyse tussen het Belgische, Canadese en Australische migratiebeleid gaat deze masterproef na hoe België hier verandering in kan brengen.

Turkey's Humanitarian Diplomacy: Embracing liberal humanitarianism or breaking the mold?

Laura Werbrouck
Het humanitaire veld verandert door nieuwe, niet-traditionele actoren die steeds vaker een grotere rol opnemen, zo ook Turkije. Sinds 2013 maakt het land zelfs gebruik van de term "humanitarian diplomacy". In dit onderzoek werd aan de hand van een discoursanalyse onderzocht hoe Turkije zich verhoudt tegenover het liberale humanitaire veld.

De reis van Karel V doorheen Frankrijk (1539-1540)

Maxim Hoffman
In de winter van 1539-1540 onderneemt Karel V een reis door het land van zijn vroegere rivaal Frans I om het rebelse Gent te gaan onderdrukken. De ontvangst van Karel in Frankrijk was zonder meer bijzonder. Twee vorsten die elkaar niet op het slagveld konden verslaan, trachtten elkaar nu in deugden te overtreffen. De ontmoeting tussen Karel V en Frans I moest niet zozeer bijdragen aan hun vriendschappelijke relaties, maar wel hun eigen beeldvorming alsook de monarchale en mystieke legende rond hun figuur versterken.

Op welke manier kunnen we doorheen het jaar werken aan de SDG’s, met de focus op SDG 10 en 16 ?

Rajmonda Osmanaj Lucinde Opsomer Amber Pecceu
'Op welke manier kunnen we doorheen het jaar werken aan de SDG’s, met de focus op SDG 10 en 16?' Dit is de vraag waarmee drie afstuderende kleuterjuffen aan de slag gingen om kinderen op een speelse en laagdrempelige manier te leren kennis maken met de duurzame ontwikkelingsdoelen.

Barrières voor meisjes bij het kiezen voor een STEM-richting.

Carisse Van Strydonck Lien Geraets
Wat zijn de barrières voor meisjes om te kiezen voor een STEM-richting?
In ons onderzoek gaan we ons verder verdiepen in twee onderzoeksvragen:
Wat hebben meisjes nodig om een STEM-les als interessant of motiverend te ervaren?
Welke eigenschappen hebben ouders van meisjes die STEM-richtingen kiezen en hoe zijn deze meisjes tot hun gekozen richting gekomen?

Vita domestica dei fiamminghi descritta in tre racconti da Enrico Conscience: un'analisi narrativa e traduttiva

Margaux Gianolla
Het figuur van Hendrik Conscience en het leven van Vlamingen in de negentiende eeuw op basis van het Italiaanse boek Vita domestica dei fiamminghi descritta in tre racconti da Enrico Conscience van de Italiaanse letterkundige Tommaso Gar.

De Menapii in Gallia Belgica. Onderzoek naar de grenzen van het Menapisch gebied

Sien Demuynck
Deze masterproef gaat in op de problematiek rond de grenzen van het Menapisch gebied in de vroege Keizertijd (57 v.C. - 284 n.C.). Door alle literaire, documentaire en archeologische bronnen over de Menapii samen te brengen, was het mogelijk bestaande hypothesen over de grenzen tegen het licht te houden en zelf een nieuwe hypothese te formuleren.

The influence of Flemish pupils’ attitudes toward German on their language acquisition

Aaricia Herygers
Wat is de huidige stand van zaken voor Duits in het secundair onderwijs? Voor deze bachelorproef werd onderzocht in welke mate de mening van Vlaamse leerlingen tegenover de Duitse taal hun taalverwerving beïnvloedt.

Schrijf-vaardig. Kan de toekomstige leraar nog schrijven?

Sarah Bousson
Studenten moeten doorheen hun opleiding veel schrijven. Toch blijkt uit meerdere onderzoeken dat veel studenten moeite hebben om zakelijke teksten te maken. Het secundair onderwijs heeft mee de verantwoordelijkheid om hun leerlingen voldoende schrijfvaardig te maken voor het hoger onderwijs, maar hoe goed kunnen student-leraren zelf schrijven? En hoe kunnen toekomstige leraren het schrijven toch onder de knie krijgen met het doeboek 'Schrijf-vaardig'?

Op die vragen en meer zoekt de bachelorproef 'Schrijf-vaardig. Hoe goed kan de toekomstige leraar schrijven?' antwoorden.

Een studie van remigratiemotieven van tweede en derde generatie hoogopgeleide Belgen met Turkse roots

Elif Lootens
Het migratiedebat verhit in West-Europa sinds de laatste decennia van de twintigste eeuw de gemoederen. Het debat is vooral gericht op instroom en integratie. Daarbij is emigratie een onderbelicht aspect. Zo is er weinig onderzoek gedaan naar de remigratie van migranten naar het land van herkomst.

Bij remigratie is het opleidingsniveau een relevante factor. Anders dan soms vermoed wordt, zijn het niet kansarme, laaggeschoolde jongeren die remigreren, maar eerder hoogopgeleide jonge migranten. Omdat net zij in Turkije een gedegen opleiding, meertaligheid en nuttige beroepservaring kunnen inbrengen als troef op de arbeidsmarkt.

Deze hoogopgeleiden ervaren in West-Europa beperkte vooruitzichten op zowel sociaal, persoonlijk als professioneel gebied. Hoogopgeleiden met Turkse roots hebben het gevoel dat zij in Turkije hun kansen beter kunnen benutten en zijn daardoor eerder geneigd te vertrekken.

Daarnaast wijzen onderzoekers erop dat de uitstroom van jonge hoogopgeleiden in tijden van vergrijzing en de daarmee samenhangende schaarstes op de arbeidsmarkt, nadelig kan zijn voor West-Europese economieën. Het vertrek van hoogopgeleide Turken is een ‘braindrain’ en een ‘verlies van menselijk kapitaal’. Dit veroorzaakt een onevenwicht tussen hoog- en laagopgeleiden migranten in Europa.

Wat opvalt is dat ondanks hun studies en diploma, deze hoogopgeleiden geconfronteerd worden met discriminatie op de arbeidsmarkt. Deze pessimistische toekomstperspectieven in Belgie voeden de drang tot remigratie. Etnische minderheden scoren beduident lager op vlak van jobtevredenheid. Volgens Vandevenne & Lenaers (2007) geeft ongeveer 64% van de hoogopgeleide etnische minderheden in Vlaanderen aan minder kans te hebben om door te stromen naar hogere functies en 61% meent zich door zijn afkomst extra te moeten bewijzen.

Hierbij komen we tot de integratieparadox die als een pushfactor meespeelt voor remigratie: hoogopgeleide Belgische Turken komen meer in aanraking met autochtonen, waardoor ze hun eigen posities op de arbeidsmarkt vergelijken en bijgevolg een ‘relatieve deprivatie’ ervaren waardoor hun eigen jobtevredenheid afneemt. Deze hooggeschoolden met een migratieachtergrond hebben immers vaak een baan onder hun opleidingsniveau, ervaren meer moeite om werk te vinden en krijgen minder promotiekansen. Hoogopgeleide en ondernemende migranten ervaren deze discriminatie intenser en zijn daarom sterker geneigd om elders het geluk te zoeken.

Bovendien hebben deze hoogopgeleiden de perceptie, met hun verworven competenties, betere jobkansen en doorgroeimogelijkheden te kunnen krijgen in Turkije. Vrouwen bevinden zich in een extra benadeelde positie doordat ze dubbel gediscrimineerd worden: naast het behoren tot een etnische minderheid, behoren ze ook tot de symbolische minderheid op vlak van gender. Hierdoor zou de wil om te migreren bij vrouwen eveneens hoger liggen, in de hoop op een gunstiger positie in het land van herkomst.

Uit resultaten van het onderzoek dat uitgevoerd werd bij kandidaat remigranten in België en effectieve remigranten in Turkije is er een duidelijke discrepantie te vinden in hun motivaties. Uit het onderzoek blijkt dat de economische factoren minder belangrijk geacht worden als drijfveer bij de hoogopgeleide aspirant-remigranten dan bij de effectieve remigranten, omdat ze min of meer tevreden zijn met hun huidige arbeidsmarktpositie in België. Bij aspirant-remigranten draait het vooral rond maatschappelijke beweegredenen. Ten eerste zijn er gevoelens van frustratie doordat de participanten zich aanvankelijk als deel van de Belgische samenleving beschouwen, maar anderzijds continu geconfronteerd worden met hun ‘anders’ zijn en steeds het gevoel kregen niet volledig aanvaard te worden als deel van de Belgische samenleving. De negatieve beeldvorming over etnische minderheden en moslims in de media lijkt hierin een katalysator te zijn.

Een tweede, opvallend resultaat, is dat de angst voor assimilatiedruk en het risico op verlies van de Turkse cultuur bij hun kinderen een veel gebruikt argument vormt om te overwegen om naar Turkije te verhuizen.

Het ervaren van een identiteitsconflict maakt de aantrekkingskracht van Turkije als toevluchtsoord bovendien groter. Remigratie biedt de mogelijkheid om voortaan tot de meerderheid te behoren. Door remigratie heft de remigrant zijn minderheidsstatus op.

Asprianten blijven in België tot zich een krachtige combinatie van negatieve en positieve acute gebeurtenissen voordoet die een kentering in hun leven te weeg brengt. Acute pushfactoren zoals ontslag, gemiste promotiekansen of een relatiebreuk stimuleren de aspirant-remigrant om de remigratiewens om te zetten in concrete plannen. Van zodra acute pullfactoren zich aandienen, zoals een aantrekkelijke werkaanbieding of een huwelijk, wordt het voornemen waargemaakt.

Bij de effectieve regimgranten zien we wel jobgerelateerde motieven zoals de ongunstige posities op de Belgische arbeidsmarkt en de ruimere carrièremogelijkheden in het land van origine. Het was voor hen niet evident om een job te vinden op het niveau van hun behaalde diploma, en ze maakten zich zorgen over hun loopbaanperspectieven. Daarenboven uiten deze hoogopgeleide participanten die op de sociale ladder willen opklimmen een gevoel van onbehagen. Vandaar dat deze groep zich niet langer uitsluitend op de Belgische arbeidsmarkt focuste en na ontslag of gefnuikte carrièrekansen tot het besef kwam dat ze beschikt over een alternatief, namelijk de arbeidsmarkt in Turkije. Na het maken van een kostenbatenanalyse verkoos deze groep te verhuizen naar Turkije, omdat zij daar een beter perspectief op werk en carrière zage. Een aantrekkelijke jobaanbieding in Turkije zorgde er uiteindelijk voor dat men daadwerkelijk de stap onderneemt.

‘Uit de locker!’: Een studie naar de implementatie van Queer onderwerpen in het secundair onderwijs

Steff Nellis
Deze scriptie onderzoekt hoe scholen kunnen bijdragen aan het verhogen van holebitolerantie. In dat licht worden de positie van wetgeving, onderzoek en didactisch materiaal ten aanzien van LGBTQ+ onderwerpen in het onderwijs besproken. Hoewel de literatuurstudie aanwijst dat zowel expliciete (top-down) als impliciete (bottom-up) aandacht vereist zijn om queer thema’s in secundaire scholen te promoten, stuurt dit onderzoek vooral aan op een impliciet-geïntegreerde aanpak van LGBTQ+ onderwerpen in de concrete lespraktijk.

“Visit Rwanda” : a well primed public relations campaign or a genuine attempt at improving the country’s image abroad?

Thomas Yaw Voets
Deze scriptie probeert te verklaren waarom Rwanda, een arm Afrikaans land dat bekend staat vanwege de genocide die er plaatsvond in 1994, een steenrijke Engelse voetbalclub, Arsenal, sponsort. Om dit te doen is gebruik gemaakt van een casestudie, waarbij de contextuele omstandigheden in overweging werden genomen, die de keuze van de Rwandese overheid voor het toepassen van nation branding (kort samengevat, het toepassen van marketingtechnieken om landen te promoten) verklaren. Er wordt geconcludeerd dat het land hoogstwaarschijnlijk veel zichtbaarheid en misschien zelfs diplomatieke slagkracht heeft gekregen, maar dat het buitenlands beleid daarentegen lijkt gereduceerd te zijn tot de wetten van de marketingwereld, om zo voordelen te bereiken die waarschijnlijk te mooi zijn om waar te zijn.

Characteristics of single women signing up for fertility treatment with donor sperm - A cross-sectional study in a Flemish university hospital

Helena Demey Stephanie Dekempe
Wereldwijd heerst controverse rond alleenstaande vrouwen met een kinderwens. Vrouwen zonder partner zouden psychologisch niet in staat zijn om hun kind de juiste opvoeding te geven. Dit onderzoek toont echter aan dat alleenstaande vrouwen met een kinderwens gemiddeld minder psychologische problemen vertonen dan de doorsnee populatie.

Hoe passen de preferentiële oorsprongsregels in ASEAN en de EU binnen zijn multilaterale omkadering in de WHO?

Louise Delforge
Oorsprongsregels zijn 'the next frontier'. Globale tariefverminderingen en toenemende complexiteit van de internationale handel zorgen voor een onderbenutting van tariefverminderingen, waartoe oorsprongsregels de sleutel zijn. Op multilateraal vlak kan hieraan tegemoet gekomen worden door transparantie te verhogen, harmonisatie en overleg te stimuleren.

HR-tech: een concreet antwoord op discriminatie op de arbeidsmarkt of een illusie?

Lieven Miguel
Sinds 2010 zoeken wetenschappers naar oplossingen om discriminatie op de arbeidsmarkt te bestrijden. Lieven Miguel wilde onderzoeken als technologie 4.0 een oplossing kan zijn voor het verminderen van discriminatie op de arbeidsmarkt. Om het specifieker te maken, heeft hij zich toegespitst op de blockchaintechnologie.

In welke mate reikt de juridische bescherming van minderjarige Belgische profvoetballers?

Hanne Reichpietsch
In welke mate reikt de juridische bescherming van minderjarige Belgische profvoetballers?

De invloed van het internationale en Europese recht op de ontwikkeling van de hobbyluchtvaart

Sus Dierckx
Het recht dat de hobbyluchtvaart beheerst is in volle ontwikkeling. Deze ontwikkeling heeft grote gevolgen voor de hobbyluchtvaart en gaat gepaard met opportuniteiten en risico's welke nader bestudeerd en gekaderd worden in een internationaal en Europees kader.

Belgisch humanitarisme: andere naam, zelfde imperialisme? Een onderzoek naar het Belgische discours rond mensenrechten en ontwikkelingssamenwerking (1960-1975)

Flo Van den Broeck
Deze masterproef onderzoekt hoe België zichzelf definieerde als humanitaire actor na de dekolonisatie van Congo. Het gaat eveneens na in hoeverre het Belgische humanitarisme van 1960 tot 1975 te begrijpen valt als een verlengstuk dan wel als een breuk ten aanzien van de koloniale praktijk.

De invloed van de organisatiecultuur op de bespreekbaarheid van traumatogene gebeurtenissen binnen de politiezone Gent: een exploratieve casestudy

Hans Moors
Het doel van het onderzoek is om de invloed van de organisatiecultuur, meer bepaald de politiecultuur, te onderzoeken op de bereidheid om te praten over traumatogene gebeurtenissen, gecontroleerd op achtergrondvariabelen en persoonlijke kenmerken.
Het empirische onderzoek werd uitgevoerd in de Gentse politie in januari en februari 2019. Een anonieme online vragenlijst werd gestuurd naar 716 geselecteerde werknemers; 326 respondenten hebben de enquête effectief ingevuld. Het responspercentage bedroeg 45,5% met een foutenmarge van 4,01% en een betrouwbaarheidsniveau van 95%. De gegevens werden verwerkt met SPSS, waarbij de afhankelijke variabele "bereidheid tot praten" en twee onafhankelijke variabelen "persoonlijke kenmerken" en "organisatiecultuur" werden gewogen. De resultaten werden vervolgens besproken met vier experts uit het veld.

Het sociaal netwerk van minderjarige vluchtelingen binnen een stedelijke context: hun huidige ervaringen en hun toekomstige noden

Ellen De Broyer
Dit kwalitatief onderzoek focust op het informeel sociaal netwerk van minderjarige vluchtelingen. Het onderzoek heeft als doel het huidig sociaal netwerk te beschrijven en het gewenst sociaal netwerk in kaart te brengen.

Resettlement preferences from landslide prone areas in the Bamboutos caldera: Willingness to move, reasons to stay

Midas Baert
Information about resettlement preferences is important for voluntary resettlement programs to be a successful disaster risk reduction strategy. This study combines semi-structured interviews and structured household surveys which includes a discrete choice experiment to elicit ex-ante resettlement preferences of households that live in landslide prone areas. We use a mixed logit model and latent class model to assess resettlement preferences and to investigate differences in preferences between socioeconomic groups. We find that, in general, people are willing to resettle away from a landslide prone area to a safer area and to an area that is accessible by roads. The willingness to resettle increases when additional arable land is provided, when the extended family can come along and when monetary compensation is offered. However, the relative importance of these attributes varies among socioeconomic groups. More wealthy households show a greater willingness to resettle and attach more importance to improved road infrastructure, while poorer respondents are less willing to resettle and attach more importance to whether their family can move along. Although the majority of households are willing to resettle, previous resettlement attempts were not always successful and individual willingness is not translated into actions. This can be attributed to the fact that little unused land is available in highly populated areas which may results in border disputes at the resettlement destination. In addition, resettling is costly and the effective monetary compensation received by resettlers is often low (and not in line with the government’s promises). Finally, group dynamics also play a role: households mainly want to resettle along with their (extended) family. Hence, if there is no consensus among a large part of the community to resettle, the status quo remains.