Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Instagram food influencers: threat or opportunity? Determining the impact of social media influencers’ food related content on Flemish 12-18 year old adolescents’ eating outcomes: An intervention

Katoo Derks Yara Qutteina
Een experimenteel (4x4, between subjects) onderzoek naar de impact van voedselgerelateerde inhouden van sociale media influencers op de eetgewoonten van Vlaamse 12-18-jarige adolescenten.

Hoe kan een kleuteronderwijzer(es) kanker een plaats geven in de klas wanneer hij/zij hiermee te maken krijgt?

Sarah Bovens
Juf Griet staat al 30 jaar in het kleuteronderwijs. Ze kreeg in haar loopbaan meermaals te maken met kanker. Doorgaans betrof het familieleden van kleuters, maar tijdens de schooljaren 2013-2014 en 2014-2015 had ze een kleuter met kanker in de klas. Het verhaal van juf Griet is helaas geen alleenstaand geval.

De meerwaarde van meditatie bij de behandel- en herstelfase van kanker

Silke Duym Jolien Wieme Silke Duym Margot De Bruyn
De meerwaarde van meditatie bij de behandel- en herstelfase bij kanker. Bachelorproef geschreven in 2020-2021 door studenten ergotherapie.

To CRISPR or not to CRISPR? Ethische bezwaren tegen het CRISPRen van mensen

Julie Muller
In deze scriptie bespreek ik vier van de meest voorkomende ethische bezwaren tegen de nieuwe revolutionaire techniek CRISPR.

Slachtoffers van onwetendheid: de kennisverspreiding van het DES-hormoon in België sinds 1971

Antje Van Kerckhove
In 1947 veroverde het DES-hormoon de wereld. Het middel had als doel om miskramen te voorkomen en werd wereldwijd voorgeschreven aan miljoenen zwangere vrouwen. In 1971 werd echter aangetoond dat DES schadelijk was voor de baby’s – zogenaamde DES-kinderen – die als foetus werden blootgesteld aan het hormoon. Vooral DES-dochters liepen ernstige medische risico’s. Bovendien bleek jaren later dat ook DES-kleinkinderen vatbaar zijn voor de gevolgen van DES. Dat het middel in België nog zeker tot 1977 – zes jaar nadat de schadelijkheid formeel werd bewezen – is toegediend aan zwangere vrouwen, doet onderzoeksjournaliste Greet Pluymers en enkele DES-dochters vermoeden dat er sprake is van een dofpotoperatie. Een mogelijke doofpotaffaire zou inderdaad verklaren waarom DES op de markt bleef tussen 1971 en 1977, maar het vormt geen antwoord op de vraag waarom er vandaag in België – in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Verenigde Staten en Nederland – nog steeds weinig kennis bestaat of circuleert over de schadelijke gevolgen van het hormoon. Dit onderzoek gaat daarom na hoe de late en gebrekkige kennisverspreiding van DES binnen de Belgische context verklaard kan worden. Daarbij neemt deze studie afstand van een mogelijke doofpotaffaire door op zoek te gaan naar een lange termijn verklaring voor de relatieve onwetendheid over DES in België. Om een licht te werpen op het gebrek aan kenniscirculatie vanaf 1971 steunt dit onderzoek op inzichten uit de agnotologie, een theorie die ervan uitgaat dat onwetendheid het gevolg is van culturele constructies.
Zo bood deze studie – aan de hand van interviews met DES-dochters en gynaecologen – inzicht in de langdurige mechanismen en processen die aan de basis liggen van de gebrekkige kennisverspreiding van het DES-hormoon in België. De rol van ouders en artsen – die golden als de belangrijkste informatieverstrekkers in het kennisproces van DES-dochters – bleek daarbij cruciaal. Indien zij niet optraden als kennisverspreiders, bleven DES-dochters vaak jarenlang in het ongewisse over hun DES-identiteit. Verder wees de analyse uit dat DES-dochters in grote mate afhankelijk waren van toeval voor een juiste diagnostisering. Daarnaast bleek dat de schuldgevoelens van sommige DES-moeders – zeker in huishoudens waar een sterk taboe rustte op infertiliteit – het stilzwijgen van DES in de hand werkte. Op die manier toonde ik aan dat het stigma rond onvruchtbaarheid bijdroeg aan de onwetendheid over DES en niet alle ouders zomaar fungeerden als doorgeefluiken van kennis. Tot slot toonde dit onderzoek aan dat ook gynaecologen hun rol als informatieverstrekkers niet systematisch opnamen. Zo bleek dat artsen – ondanks het feit dat ze sinds het begin van de jaren 1970 geïnformeerd waren over de schadelijkheid van DES – het probleem leken te onderschatten. Deze onderschatting was het gevolg van de overtuiging dat het DES-probleem vanaf het einde van de jaren 1980 verleden tijd was. Maar deze opvatting alleen kon het kennistekort niet verklaren. Andere redenen waren de onzichtbaarheid van het DES-probleem in combinatie met de moeilijkheid om congenitale afwijkingen te linken met het hormoon, de exclusieve focus op fertiliteitsproblemen, het gebrek aan ondervraging
94
en de mogelijk nauwe relaties tussen UCB en de medische wereld. Op die manier ontstond er een algemeen gebrek aan belangstelling voor het DES-probleem in medische kringen in België waar DES-dochters tot op heden het slachtoffer van zijn.

Glyfosaat en recht

Anaïs Renard
Deze masterproef beoogt twee basisvragen te beantwoorden. Ten eerste, wat is het juridisch kader rond glyfosaat? Ten tweede, zou een vordering ingesteld kunnen worden voor de milieuschade veroorzaakt door glyfosaathoudende gewasbeschermingsmiddelen?

The role of Gardnerella and bacterial vaginosis in reproductive health of African women

Lisa Himschoot
In deze masterscriptie wordt prevalentie van bacteriële vaginose in 2 Afrikaanse populaties (uit Etiopië & de Democratische Republiek Congo) beschreven. De rol van verschillende bacteriën, van het genus Gardnerella, Atopobium en Lactobacillus, in bacteriële vaginose en vroeggeboorte wordt ook onderzocht.

Secondary debulking surgery in ovarian cancer: a critical appraisal

Ottilie Derycke
Met deze thesis werd de rol van chirurgie in de behandeling van eierstokkanker na herval gerevalueerd naar aanleiding van de publicatie van twee grote gerandomiseerde studies die de overleving vergeleken tussen vrouwen die chirurgie ondergingen en vrouwen die geen chirurgie ondergingen.

Towards a functional metagenomic platform for lysin discovery

Marte Elias
Het is van mondiaal belang om alternatieve antibiotica te ontwikkelen om de antibioticaresistentie tegen te gaan. In dit onderzoek werd een stappenplan ontwikkeld om met hoge efficiëntie uitgebreid metagenomen te kunnen screenen voor lysines en dus lysine-bouwblokken. Met een techniek die vergeleken kan worden met Legoblokjes zal het mogelijk zijn om geoptimaliseerde lysines te maken die ingezet kunnen worden tegen tal van gevaarlijke bacteriën.

De ondersteunende rol van de school bij de specifieke onderwijsbehoeften van kinderen met kanker: een systematische literatuurstudie

Pauline Verhelst
De terugkeer naar school tijdens of na de behandeling van kanker is zowel voor het kind, zijn/haar gezin en de school een mijlpaal. Ondanks de verschillende uitdagingen waar kinderen met kanker bij hun terugkeer naar school mee geconfronteerd kunnen worden, blijkt ongeveer de helft van deze kinderen onvoldoende onderwijsondersteuning te krijgen. Het doel van deze masterproef was daarom (1) om via een systematische literatuurstudie de specifieke onderwijsnoden van kinderen met kanker in kaart te brengen en (2) om concrete handvaten voor de onderwijspraktijk uit te schrijven.

Welke genetische factoren verhogen het risico op borstkanker?

Sofie Vannerom
Met het optreden van borstkanker zijn een aantal risicofactoren geassocieerd. In deze scriptie werd gefocust op de genetische risicofactoren en hun rol bij het optreden van familiaal overerfbare borstkanker. Er wordt ook ingegaan op risicobepaling voor het optreden van dit soort kanker.

Interpretation of differential drug sensitivities in paired patient-derived newly-diagnosed and recurrent glioblastoma cell lines

Marine Van der Voordt
Deze thesis had als doel om biomerkers te identificeren die geassocieerd zijn met gevoeligheid of resistentie voor verschillende therapieën. Daartoe werden gepaarde cellijnen, genereerd van de nieuw gediagnosticeerde en recurrente tumor van dezelfde patiënt, getest voor hun gevoeligheid voor een reeks van therapieën. Deze omvatten de standaardbehandeling (radiotherapie en temozolomide), maar ook 3 doelgerichte inhibitoren. Via de correlatie tussen het genetisch profiel en de gevoeligheden aan deze therapieën van de PDCLs konden klinisch relevante biomerkers worden geïdentificeerd.

Welke tool kan bewegend leren in het ziekenhuis faciliteren voor 6-8-jarige kinderen met kanker of andere chronische ziekten?

Arjen De Meyer Jelke Deplorez Jarne Claeys Bono Goffaux
De BIKO-beweegbox vermijdt en bestrijdt de leer- en beweegachterstand bij kinderen met kanker of andere chronische aandoeningen. BIKO staat hierbij voor "bewegingsintegratie kinderoncologie".

Acinar-to-ductal metaplasia in pancreatic cancer: regulatory genes as a target for therapy

Jan-Lars Van den Bossche
Tot op vandaag blijft pancreaskanker een ongeneeslijke ziekte met weinig hoopgevende statistieken. De wetenschap heeft aangetoond dat een proces waarbij cellen in de pancreas van identiteit veranderen, dat zich voordoet bij o.a. chronische ontsteking, aan de oorsprong kan liggen van pancreaskanker. In deze studie werd onderzocht welke genen hierin een rol spelen, met het oog op het blokkeren van dit proces om zo de ontwikkeling van pancreaskanker te voorkomen.

Deep learning modellering voor de kwantitatieve FTIR-analyse van ternaire stabilisatorenmengsels

Laurens Van den Meersche
In deze thesis wordt een methode voorgesteld om een chemische kwantificatie van een ternair stabilisatorenmengsel te voltrekken via deep learning en FTIR-analyse. Een menselijke interpretatie wordt bemoeilijkt door een grote hoeveelheid aan pieken die niet individueel toe te schrijven zijn aan individuele stabilisatoren. Daarom wordt deep learning gebruikt om een model op te bouwen dat zelfstandig infraroodspectra kan verwerken. Ook werd geëxperimenteerd met pre-processing om de grote hoeveelheid aan data onder controle te houden.

Huiswerk voor LO?

Glenn Junior Pepermans Jari De Pauw
Dit eindwerk laat zien dat huiswerk voor lichamelijke opvoeding perfect kan.

Optimization of isolation, maintenance and phalloidin staining of skeletal muscle cell populations

Mathieu Vandamme
De gelijkenissen en de verschillen tussen de bekende bloedtransfusies en orgaantransplantaties. Wat de valkuilen zijn bij spierweefseltransplantaties en hoe deze valkuilen kunnen worden aangepakt.

Development and preclinical evaluation of new theranostic anti-CXCR4 radiopharmaceuticals

Karen Leys
Achtergrond: Onderzoek heeft aangetoond dat de CXCR4 receptor een belangrijke rol speelt bij verschillende kankertypes. Bestaande beeldvorming en therapie zijn niet afdoende voor de nood die er vandaag is. Een theranostische aanpak die specifiek is voor deze receptor zou een waardevolle bijdrage leveren aan de opsporing en behandeling van verschillende kankertypes. DV1-K-(DV3), een peptide bestaande uit D-aminozuren en CXCR4-antagonist, is een interessant vector molecule voor de ontwikkeling van radiofarmaceutische preparaten in een “theranostische setting” en zal voor het eerst getest worden als vectormolecule.
Doel: In deze thesis werd het peptide DV1-K-(DV3) geëvalueerd als vector molecule voor de ontwikkeling van zowel diagnostische en therapeutische radiofarmaceutische preparaten. Er werden verschillende testen mee gedaan om na te gaan of DV1-K-(DV3) geschikt is als theranostische vector met CXCR4 als doelwit.
Methoden: Verschillende modificaties werden toegepast op het peptide, zoals synthese van een FITC-derivaat, een aluminiumfluoride-RESCA-derivaat, aluminiumfluoride en gallium NOTA-derivaten en lutetium en lanthanium DOTA-derivaten. Daarna werden de constructen gelyofiliseerd en werden er affiniteitstesten en calcium-binding proeven op uitgevoerd. De in vivo farmacokinetiek en CXCR4- specificiteit van [18F]AlF-NOTA-DV1-K-(DV3) werden geëvalueerd in gezonde muizen met behulp van µPET/CT en een ex vivo biodistributie studie werd uitgevoerd.
Resultaten: De verschillende modificaties werden succesvol uitgevoerd, met uitzondering van de complexatie van stabiel lanthanium met DOTA-DV1-K-(DV3) en de complexatie van stabiel aluminiumfluoride met NOTA-DV1-K-(DV3). De affiniteitstest en calcium-binding proef toonden aan dat alle geteste constructen inhibitors van CXCR4 waren, weliswaar met verschillende affiniteit en activiteit voor deze receptor. [18F]AlF-NOTA-DV1-K-(DV3) werd succesvol geproduceerd, maar het HPLC analysesysteem moet nog verder geoptimaliseerd worden. De in vivo testen op gezonde muizen toonden gunstige farmacokinetische eigenschappen van [18F]AlF-NOTA-DV1-K-(DV3), zoals snelle klaring en renale excretie. Bovendien werd opname in de lever (waar er zich CXCR4 expressie bevindt) succesvol geblokt met AMD3100, een CXCR4 antagonist, wat duidt op specificiteit van de tracer voor CXCR4 in vivo.
Conclusie: Voorlopige resultaten suggereren dat DV1-K-(DV3) een veelbelovend vectormolecule is voor de ontwikkeling van nieuwe diagnostische en therapeutische radiofarmaceutische preparaten met CXCR4 als doelwit.

De Hongaarse Vizsla: een prevalentiestudie binnen de Europese, Noord-Amerikaanse en Oceanische hondenpopulaties

Amber Braekman
Onderzoek naar de geschiedenis en de meest voorkomende aandoeningen bij de Hongaarse Vizsla en de mogelijke invloeden op deze aandoeningen. Met de kennis zouden fokkers deze aandoeningen beter moeten kunnen terugdringen.

Moss-inhabiting diatoms from Campbell Island (sub-Antarctic)

Charlotte Goeyers
In deze studie werden diatomeeën, verborgen in een historische mos-collectie, grondig bestudeerd. De collectie werd een halve eeuw geleden verzameld op Campbell Island, een eiland nabij het zuidpoolgebied. Zes nieuwe soorten werden ontdekt.

Moving Cancer Care: beweging na een kankerbehandeling.

Niels Gossé Eva Van Immerzeele Mattias Huyghebaert
Deze scriptie gaat over hoe de stap naar een actievere levensstijl kleiner gemaakt kan worden om zoveel mogelijk kankersurvivors aan te zetten tot bewegen. Dit rekening houdend met de verschillen wat betreft vroegere levensstijl maar ook wat betreft interesses en motivatie.

Gecombineerde lever-niertransplantaties, resultaten in UZ Leuven

Seliene Van Laer
Deze masterthesis gaat over gecombineerde lever-niertransplantaties in UZ Leuven. De complicaties en overleving na deze transplantatie werden onderzocht.

The effects of UATC in addition to a classic moderate-intensity aerobic exercise program on body composition and cardiometabolic risk profile in adults with obesity.

Katrien Vilters Brenda Reynders
Dit onderzoek richt zich op het ontdekken van de additionele effecten van ultrasound vetweefselcavitatie bovenop een klassiek oefenprogramma in een populatie van volwassenen met obesitas.

Orgaandonatie na euthanasie. Een literatuurstudie naar de mogelijkheden en beperkingen van orgaandonatie na euthanasie

Hanne Michielsen
Een literatuurstudie naar de mogelijkheid om de euthanasieprocedure te combineren met orgaandonatie. Een overzicht van de grenzen, mogelijkheden en beperkingen van deze opeenvolging van procedures.

Gene insertion and excision: a step towards the reversible immortalisation of human corneal endothelial cells

Wout Arras
Bepaling van de fundamentele aspecten die nodig zijn voor de reversibele immortalisatie van humane corneale endotheelcellen met de focus op gen introductie.