Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Een model voor efficiënt coöperatief leren in STEM-projectonderwijs 2A

Andreas Boussery
In dit werk ga ik op zoek naar een efficiënte manier om groepswerk vorm te geven tijdens STEM-lessen binnen de eerste graad A-stroom. Hiervoor ontwikkelde ik een model gebaseerd op literatuur en testte ik dit uit in mijn eigen klaspraktijk met positieve resultaten tot gevolg.

Hervorming van VSO naar CV erkend als SO: geslaagd of niet?

Selena Zwijsen
Deze scriptie tracht te beoordelen of de hervorming door het WVV van het regime van de VSO (vennootschap met sociaal oogmerk) naar de CVSO (coöperatieve vennootschap erkend als sociale onderneming) al dan niet geslaagd is. Dit doet men door middel van een bespreking van beide regimes, een vergelijking van de twee, een blik op de CVSO in de praktijk, en een formulering van alternatieven en aanbevelingen aan de wetgever.

Ontwikkeling van een algoritmisch design framework om een nieuwe, innovatieve ondersteuningsmethode in beha's te introduceren.

Eline Voskuilen Eline Voskuilen
Onderzoek naar een alternatieve steunvoorziening in een beha. Dit door middel van parametrisch ontwerpen en borduren op textiel. De verificatie werd gedaan aan de hand van gebruikstesten.

CLINICAL OUTCOMES AND COST-EFFECTIVENESS OF SUPERFICIAL PAROTIDECTOMY VERSUS EXTRACAPSULAR DISSECTION OF THE PAROTID GLAND A SINGLE-CENTRE RETROSPECTIVE STUDY OF 161 PATIENTS

Robin Vanroose Jan Scheerlinck Renaat Coopman
Verbeteringen in geneeskundige technieken hebben de chirurgische verwijdering van goedaardige parotiskliertumoren minder invasief gemaakt. Extracapsulaire dissectie werd populairder in vergelijking met oppervlakkige parotidectomie, de huidige standaard. Retrospectief werden de klinische resultaten en kosteneffectiviteit van beide technieken met elkaar vergeleken.

Motivaties en praktijken van jongeren op de Brusselse tweedehandsmarkt

Robine Horckmans
Deze scriptie onderzoekt de motivaties en praktijken van jongeren op de Brusselse tweedehandsmarkt voor kledij. Waarom (ver)kopen jongeren kledij op de tweedehandsmarkt? Deze scriptie gaat eerst en vooral in op de algemene betekenis van kledij in het leven van jongeren. Daarna toont ze aan dat de twintig geïnterviewde jongeren vooral uit recreatieve en duurzame overwegingen naar de tweedehandsmarkt trekken. Economische motieven schuiven naar de achtergrond. Tot slot wordt de aandacht gevestigd op de eventuele gentrificatie van de tweedehandsmarkt.

Typological Considerations on P-lability and its Interaction with Morphosyntactic Alignment in Latin Medical Texts

Tim Ongenae
Talen met elkaar vergelijken kan onze kennis over taal en over bepaalde fenomenen in taal verrijken. Deze scriptie past deze methode toe om meer te weten over de ontwikkeling van labiele werkwoorden in het Latijn.

Inburgeren in Vlaanderen: op grond van welk verleden? De rol van geschiedenis, erfgoed en herinneringseducatie in Vlaamse inburgeringstrajecten van meerderjarige nieuwkomers in Antwerpen (2004-heden)

Anthe Baele
De meeste volwassen nieuwkomers in Vlaanderen moeten verplicht een cursus Maatschappelijke Oriëntatie volgen in het kader van hun inburgeringstraject. Deze scriptie onderzoekt wat de rol is van geschiedenis, erfgoed en herinneringseducatie in deze lessenreeks en in welke mate dit mee vormgeeft aan een burgerschap.

De herlancering van een online horlogemerk - Wat kan horlogemerk Fjordson doen om online succesvol op te vallen met zijn aanbod?

Jeremie Boissevain
Fjordson is een online horlogemerk waarin al enige tijd weinig beweging zit. De bedoeling was om dit merk opnieuw in de markt te zetten. Hiervoor werd de volgende onderzoeksvraag opgesteld: ‘Wat kan horlogemerk Fjordson doen om online succesvol op te vallen met zijn aanbod?’

Krekels en krijgers in het spiegelpaleis. De Nederlandstalige vertalingen van Anyte's epigrammen en hun context

Josefien Branson
Door de manier waarop Nederlandstalige vertalingen de gedichten van de Oudgriekse dichteres Anyte van Tegea presenteren, krijgt de lezer een foutief idee van de schrijfster als stereotiep vrouwelijk auteur.

Angstige sukkel of manipulatieve narcist? Vertelstrategieën voor onsympathieke personages. Een vergelijking van Een nagelaten bekentenis (1894) van Marcellus Emants en De opdracht (1995) van Wessel te Gussinklo

Margo Destrijcker
Deze masterproef onderzoekt hoe vertelstrategieën de lezer zodanig manipuleren dat die een personage als onsympathiek interpreteert.

Een multisensorieel museum: Universal Design als stap richting integraal toegankelijke musea in Vlaanderen en Brussel

Lisa Van Raemdonck
Multisensorialiteit in kunstmusea aan de hand van Universal Design als stap richting integrale toegankelijkheid. Wat zijn de voor- en nadelen? Hoe kan zo'n museum eruit zien? Rekening houdend met de mening van museumbezoekers, museummedewerkers en experten. Zowel de museumwerking als de museumarchitectuur wordt bestudeerd.

Tuinieren voor de toekomst

Sarah Wauters
Volks- en buurttuinen zijn gegeerd in de stad en alomtegenwoordig in het academisch onderzoek. In deze masterproef willen we de stedelijke moestuinen koppelen aan het al even actuele onderwerp van een rechtvaardige transitie: een transitie naar een duurzame samenleving die niemand achterlaat. Ingebed in dit concept is het idee dat sociale en ecologische duurzaamheid samen behandeld moeten worden. Gemeenschappelijke moestuinen of volkstuintjes raken aan zowel sociale als ecologische bezorgdheden, dus is het zinvol om te bekijken in hoeverre ze zich positioneren binnen een rechtvaardige transitie. De masterproef focust op de stedelijke context van Gent,

Deontologische pionier of schandaalgedreven laatbloeier? Een verklarend onderzoek naar de categorieën, evolutie en uitvoering van gedragsregels in het Europees Parlement (1999-2022)

Dieter Bochar
Deze studie onderscheidt de voornaamste
categorieën van gedragscodes in het Europees Parlement en biedt tevens een verklaring voor de totstandkoming, evolutie en implementatie van die regelgeving binnen het wetgevende EU-orgaan (1999-2022).

Can circular building solutions provide a positive impact? Determining the environmental and financial impact of internal walls.

Jade Claes
In deze scriptie wordt een evaluatiemethode onderzocht om de duurzaamheid van circulaire bouwoplossingen te kwantificeren. Daarna wordt deze evaluatiemethode toegepast op een case studie, namelijk de circulaire pilootwoning in Berchem van het CBBW project. De milieu-impact en kost van circulaire JUUNOO wanden wordt vergeleken met vaak gebruikte binnenwanden in de Belgische bouwsector.

Design of a DC/DC Step-Down Converter for Electrolyzers Powered by LVDC Grids

Merijn Van Deyck
De thesis betreft het ontwerp van een geoptimaliseerde DC/DC converter voor het efficiënt aandrijven van elektrolyse op industriële schaal.

How do Youth Parliamentarians Experience the Core Functions of Youth Parliaments? A Case Study of the Belgian Jeugd Parlement Jeunesse and Vlaams Jeugd Parlement.

Merel Fieremans
Deze masterproef bestudeert het potentieel van twee Belgische jongerenparlementen, het Vlaams Jeugd Parlement en het Jeugd Parlement Jeunesse, om jongeren met de politiek te herenigen/verenigen.

Can machine learning capture differences in EEG of infants at elevated likelihood and typical likelihood of Autism?

Sam Boeve
Autisme is een complexe en heterogene ontwikkelingsstoornis die moeilijk te diagnosticeren is op jonge leeftijd. Kunnen we a.d.h.v. hersengolven en machine learning achterhalen welke kinderen een risico lopen op het ontwikkelen van autisme?

"Now you're playing with power" Het gebruik van digitale simulatiegames in het geschiedenisonderwijs

Titouan Mares
De digitale simulatiegame als historisch werk. Het gebruik van deze historische videogames binnen het geschiedenisonderwijs, praktische uitwerking.

De asymmetrische uitoefening van federale bevoegdheden

Quinten Jacobs
De federale overheid kan haar bevoegdheden verschillend uitoefenen in de verschillende landsdelen. Deze masterproef analyseert in welke mate dat verenigbaar is met de Grondwet.

Psychose in virtual reality: hoe vergroten we het inlevingsvermogen bij de studenten orthopedagogie aan de UCLL rond psychose via immersive virtual reality?

Louise Bex
Een onderzoek naar hoe we een psychose kunnen omzetten naar een immersive virtual reality ervaring en hoe we deze ervaring kunnen integreren in het klassieke lespakket. Dit om het inlevingsvermogen bij studenten te vergroten rond psychoses.

Impact van koud plasma behandelingen op lipide-oxidatie; een studie op vetzuurmethylesters.

Charlie Van Paepeghem
Het gebruik van koud plasma als milde conserveringstechniek is veelbelovend. Maar koud plasma kan ook aanleiding geven tot lipide-oxidatie, een proces dat zowel de kwaliteit als de veiligheid van levensmiddelen kan reduceren. In deze scriptie werd koud plasma toegepast op oliematrices.

Blended Food. Where food and social life blend together.

Lena Jacobs Lena Jacobs Sofie Van Beek Lotte Verhoeven
We focuste ons tijdens onze bachelorproef op het onderwerp blended food. Dit is gewone voeding die gebeld wordt tot een consistentie die door een sonde te spuiten is. Deze manier van voeding blijkt verschillende gezondheidsvoordelen met zich mee te brengen. We ontwikkelden hierbij ook twee tools.

Leraarperformantie: welke indicatoren vinden schoolleiders belangrijk en hoe brengen zij dit in kaart?

Frank Cauterman
Welke indicatoren van leraarperformantie vinden schoolleiders in het basisonderwijs belangrijk? Welke informatiebronnen gebruiken zij om zich een beeld te vormen over de performantie van de leraren binnen het team? Tussen de verschillende indicatoren bestaan correlaties die door exploratieve factoranalyse leiden tot verschillende leraarprofielen.

Geldt een pandemie als overmacht in het verbintenissenrecht

Caro Stuer
1. Het uitgangspunt is dat een overeenkomst die geldig wordt aangegaan, de partijen tot wet strekt. Een pandemie kan daar een voorbeeld van zijn een omstandigheid die het moeilijk of onmogelijk maakt een verbintenis na te komen. Overmacht zou ervoor kunnen zorgen dat een schuldenaar wordt bevrijd van zijn contractuele verbintenis.
2. Om na te gaan of er in de context van de coronacrisis sprake is van overmacht, dient in de eerste plaats te worden nagegaan of er sprake is van een toestand waarbij de schuldenaar kampt met een financieel onvermogen. In de meeste gevallen is dit in het kader van een handelshuurovereenkomst.
Luidt het antwoord positief, dan kan men er kort over zijn. De kans is groot dat de rechter de rechtsgrond overmacht niet zal aanvaarden. De meerderheid en de meest recente rechtspraak verwijst naar het cassatiearrest van 28 juni 2018. Het Hof van Cassatie aanvaardt namelijk niet dat financieel onvermogen een kwalificatie tot overmacht rechtvaardigt. Het Franse Hof van Cassatie aanvaardt dit evenmin.
Luidt het antwoord daarentegen negatief en is er geen sprake van een financieel onvermogen in hoofde van de schuldenaar, dan dient te worden nagegaan of aan de toepassingsvoorwaarden van overmacht is voldaan.
3. Er moet bij elke met corona verband houdende situatie geval per geval, sector per
sector, contract per contract worden nagegaan of er sprake is van overmacht.
Een schuldenaar moet zich ingevolge de coronacrisis in de onmogelijkheid bevinden de verbintenis na te komen en de contractuele fout dient ontoerekenbaar te zijn. Er is nog discussie over de vraag of het nu gaat om een absolute of een relatieve onmogelijkheid. De contractuele wanprestatie dient onvoorzienbaar en onvermijdbaar te zijn.
Indien aan de toepassingsvoorwaarden van overmacht niet voldaan is, dan is er geen sprake van overmacht. Er kan dan worden onderzocht of er beroep kan worden gedaan op de alternatieven van overmacht: de wijziging van de overeenkomst, de ontbinding, contractuele clausules of de uitvoering te goeder trouw.

4. Het eerste alternatief voor overmacht is de wijziging van de overeenkomst.
Een contract kan alleen gewijzigd of opgezegd worden mits wederzijdse toestemming van de partijen of op grond van de wet. Dit standpunt wordt gevolgd in het Franse recht en in het nieuwe Burgerlijk Wetboek.
5. Het tweede alternatief is de ontbinding van de overeenkomst. Wanneer de gedwongen uitvoering niet mogelijk is, kan er een keuze gemaakt worden tussen: de gerechtelijke ontbinding, de ontbinding op kennisgeving of het uitdrukkelijk ontbindend beding.
De ontbinding op kennisgeving werd recentelijk erkend door cassatierechtspraak en zal in het nieuwe Burgerlijke Wetboek een wettelijke grondslag krijgen. De ontbinding op kennisgeving is wellicht geïnspireerd op het Franse recht. Er dient bij een ontbinding op kennisgeving sprake te zijn van een wederkerig contract, een voldoende gekwalificeerde schending, een ingebrekestelling en een kennisgeving van de beslissing van de schuldeiser aan de andere contractspartij. Het klassieke voorbeeld van een wanprestatie is de niet-betaling van de huurgelden. Wanneer overmacht kan worden vastgesteld, zal er niet aanvaard worden dat er sprake is van een wanprestatie die de ontbinding rechtvaardigt.
6. Het derde alternatief voor overmacht zijn de contractuele clausules. Deze clausules zijn mogelijk nu het verbintenissenrecht van aanvullend recht is. Enerzijds zijn er de overmachtsclausules en anderzijds de imprevisieclausules. In zo een clausule kunnen contractspartijen bedingen welke omstandigheden in aanmerking komen als overmacht of imprevisie en wat de gevolgen zijn van deze kwalificatie op hun contract. Partijen kunnen dus zelf overeenkomen in welke mate een pandemie een impact zal hebben op hun overeenkomst.
In Frankrijk zijn contractuele clausules eveneens mogelijk.
7. Het vierde en laatste alternatief dat in deze thesis wordt voorgesteld voor overmacht, is de uitvoering te goeder trouw.
Er kunnen op grond van de aanvullende werking van de goede trouw bijkomende verbintenissen worden opgelegd aan partijen. Zo dienen de contractspartijen er zich van te onthouden de nakoming van de verbintenis door de wederpartij te bemoeilijken in de context van een pandemie. Er kan ook de verplichting worden afgeleid om bijkomende contractuele regelingen te treffen met het oog op de goede afloop van de basisovereenkomst. Ook het Franse recht en het nieuw Burgerlijk Wetboek geven deze betekenis aan de aanvullende werking van de goede trouw. Een contractspartij die zich in een situatie van overmacht bevindt, kan worden verhinderd zijn verplichtingen te goeder trouw na te komen. Vaak is een onderhandelde oplossing wel opportuun. Zo kan een betalingsuitstel, afbetalingsregeling of een prijsvermindering worden voorgesteld.
Het is bij de matigende werking en bij rechtsmisbruik aan een contractpartij verboden de haar uit de overeenkomt voortvloeiende rechten uit te oefenen op een manier die in strijd is met wat van een redelijke contractpartij mag worden verwacht. Wie in het kader van de coronacrisis de nakoming zou blijven eisen van een ingrijpend gewijzigde overeenkomst, kan zich schuldig maken aan rechtsmisbruik. De schuldenaar dienst daarnaast loyaal redelijke maatregelen te nemen die de schade van de niet-nakoming kunnen matigen of beperken. Deze redenering is in het Franse recht en het nieuw Burgerlijk Wetboek terug te vinden. Het ontbreken van een onderhandelde oplossing, zoals een betalingsuitstel, een afbetalingsregeling of een prijsvermindering, kan leiden tot rechtsmisbruik. De matigende werking staat de toepassing van de risicotheorie in geval van overmacht echter niet in de weg.
8. Imprevisie kan niet als alternatief worden gebruikt voor overmacht in het Belgische recht. Bij imprevisie is er, in tegenstelling tot bij overmacht, sprake van omstandigheden die de uitvoering van de overeenkomst bijzonder moeilijk of aanzienlijk zwaarder maken voor (één van) de partijen. De coronacrisis kan daar een voorbeeld van zijn. De imprevisieleer beoogt een heronderhandeling van de overeenkomst tussen de partijen. Noch het Burgerlijk Wetboek, noch het Hof van Cassatie en noch andere (corona)rechtspraak aanvaarden de imprevisieleer.
De bindende kracht van een overeenkomst blijft het uitgangspunt. Het Franse recht en het nieuwe Burgerlijk Wetboek aanvaarden de imprevisieleer wel.
Partijen kunnen wel steeds een contractuele imprevisieclausule opnemen. De imprevisieleer kan ook min of meer het recht binnensluipen via enerzijds de matigende werking van de goede trouw en de leer van het verbod op rechtsmisbruik en anderzijds door een soepele invulling van het overmachtsbegrip.
We hebben de imprevisieleer niet kunnen gebruiken tijdens de coronapandemie.
Mocht het nieuw Burgerlijk Wetboek al van kracht zijn geweest, had dit een grote invloed gehad op verschillende contracten en zou de rechtspraak vandaag anders luiden.
De aanvaarding van de imprevisieleer tijdens de coronacrisis had er wellicht toe geleid dat overmacht minder snel werd aanvaard.

Het effect van sponsoring in de Jupiler Pro League op de marketingstrategie van bedrijven. Case: OH Leuven

Moutasim Benkaddour
Sportsponsoring is de laatste decennia enorm gegroeid. Bedrijven willen naast de klassieke
communicatiekanalen, ook met sport hun marketingdoelstellingen behalen. In dit onderzoek wordt
er gekeken naar het effect van sponsoring in de Jupiler Pro League op de marketingstrategie van
bedrijven.
Deze bachelorproef gaat over hoe bedrijven en voetbalploegen elkaar gemakkelijker kunnen vinden
en waar ze precies op moeten letten om een win-win situatie te verkrijgen. Er werd nagegaan welke
motieven schuilgaan achter de keuze voor het sponsoren van Belgische voetbalclubs. Daarnaast heb
ik gezocht naar de redenen waarom een bedrijf zou investeren in de Belgische markt die minder
bereik en aandacht krijgt van media en fans vergeleken met de absolute top (bv. Premier League).
Daarnaast heb ik onderzoek gevoerd naar de activatiemogelijkheden die gekoppeld zijn aan de
sponsoring. Waarom een bedrijf voor een bepaalde voetbalclub kiest en wat de doorslaggevende
factoren zijn in die keuze.
Het was zeer interessant om met grote bedrijven en voetbalploegen te praten die in de hoogste
klasse van de Belgische competitie aanwezig zijn. Ik ben te weten gekomen dat niet alleen budget
en bereik belangrijk is, maar veel meer dan dat. Grote bedrijven kijken heel erg naar de positionering
en waarden van een club. Als deze in lijn zijn met hun eigen waarden is een deel van de beslissing
voor voetbalsponsoring en de club reeds genomen. Daarna volgen de gesprekken waar er aandacht
wordt gegeven aan wat de club op vlak van creatieve visibiliteit en networking kan doen.
Tot slot moet rekening gehouden worden met de positionering van zowel de voetbalclub als de
potentiële partner. Voor het ene bedrijf zijn sportieve prestaties belangrijker dan voor de ander.
Daarom is het cruciaal om te anticiperen op de sportieve prestaties van het moment. Als het goed
gaat met de club kunnen deze resultaten aangekaart worden. Bij mindere tijden is het de bedoeling
dat de club de nadruk legt op het feit dat Leuven meer is dan alleen voetbal. Er wordt hard ingezet
op networking en de infrastructuur in het stadion. Hoe groter de het bedrijf, hoe creatiever ze
verwachten dat de clubs omgaan met de investeringen.