Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Moodcase

Coline Derycke Delphine Hoedt Charlotte Ladon Evie Adriaen Lise Dhaeze Anke Batsleer Nikita Verstraeten Coline Derycke
Het ontwikkelen van methodieken om aan tevredenheidsmetingen te doen bij kinderen van 6 tot 12 jaar met een verontrustende opvoedingssituatie, verblijvend in vzw Kompani.

Wat is de invloed van co-teaching op het welbevinden van de leerling en de leerkracht bij de uitvoering van een STEM-project in de 1ste graad secundair onderwijs?

Ellen De Meerleer Crijntje Vanacker
Voor onze bachelorproef stapten we af van de klassieke manier van individueel lesgeven. We wilden specifiek experimenteren met STEM en co-teaching door ze aan elkaar te koppelen en aldus in teamverband ons vakoverschrijdend ‘Vissen-STEM-project’ uit te voeren. Daarbij stelden we ons de vraag in hoeverre de combinatie van deze twee werkvormen het welbevinden van zowel leerlingen als leerkrachten zou verhogen. Om tot de beste studie te komen, hebben we dit project eerst alleen uitgevoerd en nadien in co-teaching met een grotere klas.

Het effect van dieren op het welzijn van bewoners van een woonzorgcentrum

Laetitia Pauwels
Het effect van dieren op bewoners van een woonzorgcentrum en de soorten interacties tussen mens en dier zoals Animals Assisted Interventions, Animals Assisted Therapy en Animals Assisted Activities.

Welbevinden wel bevonden?

Lin Tulfer
Onderzoek naar het welbevinden van leerlingen met een 'label'. Hoe ervaren zij dit label in de klas en voelen zij zich voldoende ondersteund.

Palliatieve zorg en Architectuur

Maud van Oerle
Op welke manier kan architectuur bijdragen aan palliatieve zorg? Dat is de centrale onderzoeksvraag en rode draad door de scriptie. Het doel van deze scriptie is om verschillende parameters die gerelateerd zijn aan architectuur en die positief kunnen bijdragen aan het welbevinden van een persoon in de laatste levensfase samen te vatten uit een literatuuronderzoek, en deze vervolgens in de praktijk te toetsen aan verschillende relevante casestudies.

From inequality to better practice: healthcare access in five European countries from the perspectives of trans people and healthcare practitioners.

Aisa Burgwal
Kwantitatief survey-onderzoek naar attitudes over verschillende transgender-gerelateerde thema's binnen de gezondheidszorg en de noodzaak aan training om conservatieve attitudes te verbeteren.

Impact of Green Space Exposure on Children’s and Adolescents’ Mental Health: a Systematic Review

Gert-Jan Vanaken
Kinderen en jongeren met beperkte toegang tot parken, grasveldjes, boomrijke omgevingen vertonen vaker mentale gezondheidsproblemen. Deze verhouding blijkt onafhankelijk van demografische en sociaal-economische verstorende variabelen.

Diagnose coloncarcinoom en het verlammend effect op patiëntgerichte communicatie

Debbora Steemans
Een scriptie over kanker en communicatie. Want wat zeg je tegen iemand die kanker heeft? Evidence-based theorie en een zakboekje als educatiemiddel.

Compassie in het onderwijs: effecten op persoonlijk welbevinden en professioneel functioneren van leerkrachten

Ludwig Peeters
Deze scriptie bracht in kaart in welke mate leerkrachten in het Vlaamse secundair onderwijs op moeilijke momenten compassie ervaren vanwege naaste collega's en directie. Er blijken belangrijke effecten te zijn op het persoonlijk welbevinden en het professioneel functioneren (bv. ziekteverzuim en burn-out).

I’ll be okay, just not today. Schrijven bij jongvolwassenen in een rouwverwerkingsproces

Clara Pollentier
In dit onderzoek wordt gekeken hoe we jongeren, tussen de 16-25 jaar in Vlaanderen, kunnen ondersteunen in hun rouwverwerkingsproces door middel van schrijven met pen en papier. Via deskresearch werd een rouwschrift opgesteld waarin jongeren hun gevoelens en gedachten, rond het overlijden van een dierbare, kunnen neerschrijven. Vanuit dit schrijven krijgen ze handvatten aangereikt om met dit overlijden om te gaan en leren ze een aantal coping mechanismen.

spreken is goud, zwijgen is out.

Wendy Aernouts Jill Peeters Ellen Deckx Jolien Heusdens Wendy Aernouts
Spreken is goud, zwijgen is out. Hoe kunnen we verpleegkundigen ondersteunen om de communicatie omtrent seksualiteit bij de 65-plusser in een chronische zorgsetting te optimaliseren?

De kracht van binnenklasdifferentiatie? Een kwantitatief onderzoek naar de relatie met het welbevinden van leerlingen in sociaal-etnisch gesegregeerde basisscholen

Elena Van den Broeck
De centrale onderzoeksvraag van deze studie richt zich op het verband tussen de binnenklasdifferentiatie door de leerkracht en het welbevinden van de leerlingen in het vierde leerjaar in sociaal-etnisch gesegregeerde basisscholen.

Scholen met een hoge proportie sociaal-etnische minderheden verdienen extra aandacht aangezien zij als risicoscholen worden beschouwd. Daar waar in het verleden de meerderheid van onderzoek binnen deze context zich op de cognitieve uitkomsten bij leerlingen richtte, richt dit onderzoek zich op een non-cognitieve uitkomst, namelijk het welbevinden van deze leerlingen. Aangezien weinig geweten is over hoe het welbevinden van de leerlingen ondersteund en bevorderd kan worden is het belangrijk om in kaart te brengen welke factoren kunnen bijdragen aan het vergroten van het welbevinden van de leerlingen en welke rol de leerkracht via binnenklasdifferentiatie kan innemen.

Vaders in beeld binnen de preventieve gezinsondersteuning

Arne Van Schoors
Op zoek gaan naar werkvormen om mogelijke hindernissen die vaders ervaren in de preventieve gezinsondersteuning weg te werken.
Welke mogelijke hindernissen ondervinden vaders om toegang te vinden binnen de preventieve gezinsondersteuning en welke werkvormen kunnen hier een antwoord op bieden?

Het verband tussen het gebruik van digitale media en welzijn: een verkennend onderzoek bij kinderen van 9 tot 12 jaar

Helena Bruggeman
In deze masterproef bestudeerden we de relatie tussen schermgebruik, sociale relaties en subjectief welbevinden bij kinderen tussen 9 en 12 jaar. We vonden een belangrijke samenhang tussen zowel de kwaliteit als de kwantiteit van hun sociaal netwerk met hun subjectief welbevinden. We vonden geen betekenisvolle relatie tussen schermgebruik en subjectief welbevinden enerzijds en sociaal netwerk anderzijds.

Wenbeleid in de occasionele kinderopvang: Praktische en haalbare handvatten voor een wetenschappelijk onderbouw wenbeleid

Nancy Goossens
Op initiatief van en ondersteund door stad Antwerpen startte in 2003 de “Occasionele Kinderopvang Is DroomOpvang”(OKiDO). Deze opvang is ontstaan als buurt- en nabijheidsdienst project naast de andere opvangvormen door onthaalouders, kinderdagverblijven en buitenschoolse kinderopvang. De doelgroep van OKiDO zijn kwetsbare gezinnen. Buiten de functie van occasionele kinderopvang is OKiDO ook een tewerkstellingsproject voor doelgroepmedewerkers in opleiding. Zo combineren deze doelgroepmedewerkers hun opleiding Kinderzorg met hun werk bij OKiDO. Elke OKiDO zet heel erg in op ouderparticipatie en buurtparticipatie. Dat zijn de pijlers van hun lokale dienst buurtgerichte kinderopvang.

De occasionele opvang speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van de kinderen. Door kennis over de verschillende ontwikkelingsfasen van een kind en over bijzondere aandachtspunten voor kwetsbare gezinnen werkt de opvang preventief en ondersteunend. Dat draagt bij tot een kwaliteitsvolle opvang. Volgens het referentiekader van Kind en Gezin maakt wennen deel uit van een kwaliteitsvolle opvang en is het een recht van de ouders en de kinderen. Het starten in de kinderopvang is een ingrijpende gebeurtenis voor kinderen en ouders. Ingrijpende gebeurtenissen brengen angst en stress met zich mee en hebben een invloed op de ontwikkeling van het kind. Dit kan voor een, meestal tijdelijke, terugval in de ontwikkeling zorgen. In het bijzonder voor kwetsbare kinderen (bv. uit migratiegezinnen, in een armoedesituatie) vormt dat een risico. Het is belangrijk daarmee rekening te houden in de opvang.

Wennen kan niet losgekoppeld worden van ouderparticipatie. Ouderparticipatie is belangrijk voor het kind, de ouders en de begeleiders. Voor de medewerkers in de kinderopvang is er een belangrijke rol weggelegd bij het wennen en bij de ouderparticipatie. Indien er een goede samenwerking is tussen de verschillende actoren, verloopt de overgang van thuis naar opvang ook vlotter. Een vlotte samenwerking is een belangrijke basis voor een kwaliteitsvolle kinderopvang. Kwaliteitsvolle kinderopvang kan zo voor een verbindende werking zorgen.

In de occasionele opvang OKiDO zagen we dat de ondersteunende mogelijkheden om te wennen niet altijd in de praktijk worden omgezet. Deze eindproef heeft mij toegelaten om het belang van wennen theoretisch te onderbouwen en om OKiDO een aantal mogelijkheden aan te reiken die hun wenbeleid versterken.

Bij mijn veranderingsvoorstellen heb ik gekozen om te vertrekken vanuit het aanzetten tot empowerment van ouders en kinderbegeleiders. Deze vertalen zich in praktische handvatten zoals:

• Een vast afscheidsritueel aan een familieboom, die dienst doet als ankerpunt voor kind en ouders en zorgt voor vertrouwen, verbondenheid en actieve betrokkenheid van de ouders.
• Een stappenplan dat zorgt voor een visuele overdracht van informatie tussen opvangverantwoordelijke en kinderbegeleiders.
• Het aanstellen van een wenbegeleider en deze actief laten participeren tijdens het intakegesprek en bij de wenmomenten, zorgt voor meer zin tot verantwoordelijkheid bij de betreffende kinderbegeleider en het schept vertrouwen bij ouders en kind. Bovendien zijn alle praktische voorbereidingen getroffen voor de opstart in de opvang waardoor ouders en kind zich welkom voelen.

De voorstellen zijn implementeerbaar in alle kinderdagverblijven, mits het creëren van bewustwording rond het belang van wennen binnen de organisaties en bij de opvangverantwoordelijken. Om hiertoe te komen is er nood aan een professional binnen de organisatie die het thema wennen opneemt, uitdraagt en opvolgt. Wennen is immers geen ‘eenmalig’ aandachtspunt, maar maakt deel uit van het pedagogische raamwerk van de kinderopvang, één van de vergunningsvoorwaarden voor alle organisatoren van kinderopvang. Het is een cruciaal onderdeel om het welbevinden van het kind in de opvang te bevorderen.

Kwalitatief onderzoek naar slaapgedrag bij adolescenten

Laura Boets Jolien Joriskes
Onderzoek naar de nood aan een interventie ter bevordering van slaapgedrag bij adolescenten tussen 13 en 15 jaar. Hierin peilt men naar de barrières, attitudes en kennis omtrent slaap, evenals de mogelijkheden van een participerende aanpak.

"La lingua che non lo so io"- La questione della lingua dei minatori italiani nelle Fiandre: integrazione linguistica e creazione di un gergo italo-francese.

Bilitis Nijs
Deze scriptie bespreekt de taal van de Italiaanse mijnwerkers in de steenkoolmijnen in Vlaams Limburg. Het omvat de houding van de mijnwerkers ten opzichte van de taal, een beschrijving van de taal zelf en een analyse van de gebruikte termen.

Is er nood aan het sensibiliseren van de vroedvrouw om een postpartum depressie beter te detecteren en te begeleiden?

Lindsay De Groote Evelyne Heyerick
Wij hebben onderzocht of de vroedvrouw gesensibiliseerd wil worden omtrent postpartum depressie.

Opstarten en toepassen van een tuinwerking als therapeutisch medium bij gedetineerden: theorie en praktijk

Soetkin Driesen Amber Kiesekoms Stef Venken Istvan Daniëls
De ontwikkeling van een tuin, als therapeutisch medium, bij lang veroordeelde mannelijke gedetineerden. Dit om te voldoen aan de achterliggende doelstellingen: verbeteren van op voorhand opgestelde gedragscompetenties.

Dit onderzoek heeft al reeds de pers gehaald. Er is een publicatie verschenen in Het Laatste Nieuws.

Adolescente verkrachtingsslachtoffers: Ontwerp van een brochure ter bevordering van veerkracht

Bieke Longeville
In deze bachelorproef wordt een brochure ontworpen voor adolescente verkrachtingsslachtoffers waarvan op basis van wetenschappelijk vooronderzoek kan worden verwacht dat deze het herstel van jongeren na een eenmalige verkrachting stimuleert. Dergelijke informatie op maat van adolescenten bleek tot op heden immers te ontbreken, terwijl zij bijzonder kwetsbaar zijn voor secundaire victimisatie en de ontwikkeling van psychische klachten na verkrachting.

Muzikale integratie in andere lessen en de invloed ervan op kinderen

Ruben Luyten
De wetenschap heeft aangetoond dat muziek een ongelofelijke positieve invloed heeft op ons brein. Voor kinderen vormt het dus een grote meerwaarde op de verschillende ontwikkelingsgebieden. Door op onderzoek uit te gaan, werd echter snel duidelijk dat muziek of muzikale integratie ontbreekt in ons huidig onderwijssysteem. In dit werk doe ik dan ook een aantal voorstellen om deze negatieve trend te stoppen.

iMATerials

Hannelore Joosen Annelies Meurs Mattia Verreydt Donna Belmans Nina Caggiano Gelinde Verdonck Kelly Verhoeven
Steeds vaker worden leerkrachten geconfronteerd met leerlingen die het Nederlands niet machtig zijn. Verschillende lagere scholen komen hiermee in contact. Vooral grootstedelijke scholen, maar ook plattelandsscholen vragen naar concreet materiaal om in te zetten tijdens de rekenlessen in reguliere klassen. Graag willen we DoorElkaar helpen met het aanpassen van het materiaal van iMAT aan de lagere school door prototypes te ontwikkelen.

De herziening en beëindiging van de uitkering tussen echtgenoten na echtscheiding door onderlinge toestemming

Liesbet Van Gijsel
Bij een echtscheiding door onderlinge toestemming kunnen de echtgenoten overeenkomen dat de ene een uitkering zal betalen aan de andere. Zij kunnen daarbij afspraken maken die hen rechtszekerheid bieden wanneer de betaling van de uitkering moet veranderen of stoppen, als hun levensomstandigheden gewijzigd zijn.

Integratie van relaxatie en anti- agressie d.m.v. muziek en beweging in het Freinetonderwijs.

Joyce Weyens
In dit onderzoek werd a.d.h.v. muziek en beweging gewerkt aan een sterker welbevinden bij kleuters. Hierbij ontwikkelde ik een relaxatiebox en een relaxatiekast om dit tot stand te brengen.

Wat als atleetprestaties de zelfwaarde van de coach bepalen? Atleetgebonden contingente zelfwaarde en de coachingsstijl van jeugdsportcoaches nader onderzocht.

Raf Lambrecht
In deze studie werd de coachingsstijl van 374 jeugdsportcoaches uit heel Vlaanderen onderzocht. Meer specifiek werd gekeken naar mogelijke factoren die een bepaalde coachingsstijl kunnen verklaren zoals de zelfwaarde van de coach, de aanwezigheid van onvervulde dromen bij de coach en druk vanuit zijn sportieve context. Bovendien werd voor het eerst in de sportpsychologie een vergelijking gemaakt tussen coaches actief op vier verschillende niveaus (recreatief, provinciaal, nationaal en internationaal).