Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Investigation and in vivo validation of the anti-Candida activity of probiotic metabolites in the vaginal niche

Silke Baldewijns
Deze scriptie gaat over het effect van probiotische metabolieten op vaginale Candida infecties. Het effect van de gist Saccharomyces cerevisiae als probioticum tegen vaginale Candida infecties werd ook getest in een muismodel.

CTG misinterpretatie: Sneller gebeurd dan je denkt!

Lore Schurgers Jelina Baute Caro Merckx
Literatuuronderzoek dat nagaat hoe CTG misinterpretatie ontstaat, wat de gevolgen zijn (zowel voor het verloop van de arbeid en bevalling, als voor de neonaat) en aanbevelingen om de misinterpretatie tegen te gaan.

Het verbod op commercieel draagmoederschap bekeken vanuit mensenrechtelijk en rechtsvergelijkend perspectief

Tessa Quina
Er wordt onderzocht of een verbod op commercieel draagmoederschap noodzakelijk is vanuit mensenrechtelijk en rechtsvergelijkend perspectief. Uiteindelijk wordt een aanbevelend voorstel geschreven.

Abortus, ook een mannenzaak

Amber Scheerlinck Maarten Bockstaele Rano Pulatova Francis Pauwels
In ‘Abortus, ook een mannenzaak’ gaan we op zoek naar de rol van de man in het abortusverhaal. We laten getuigen en experten aan het woord in drie fases. Dit doen we volgens het verloop van een abortusproces: de beslissing, de ingreep en de verwerking.

Pre-eclampsie en het ontwikkelen van een autisme spectrum stoornis bij het kind: een systematische review.

Celine Vlerick Lana Hoebeke
Door middel van een literatuuronderzoek werd er onderzocht of vrouwen met pre-eclampsie tijdens de zwangerschap een verhoogde kans hebben op het krijgen van een kind met autismespectrumstoornis. Het werkingsmechanisme op de hersenontwikkeling wordt bondig uitgelegd. Bovendien kon de masterproef aantonen dat er een verhoogd risico op autismespectrumstoornis is.

Slachtoffers van onwetendheid: de kennisverspreiding van het DES-hormoon in België sinds 1971

Antje Van Kerckhove
In 1947 veroverde het DES-hormoon de wereld. Het middel had als doel om miskramen te voorkomen en werd wereldwijd voorgeschreven aan miljoenen zwangere vrouwen. In 1971 werd echter aangetoond dat DES schadelijk was voor de baby’s – zogenaamde DES-kinderen – die als foetus werden blootgesteld aan het hormoon. Vooral DES-dochters liepen ernstige medische risico’s. Bovendien bleek jaren later dat ook DES-kleinkinderen vatbaar zijn voor de gevolgen van DES. Dat het middel in België nog zeker tot 1977 – zes jaar nadat de schadelijkheid formeel werd bewezen – is toegediend aan zwangere vrouwen, doet onderzoeksjournaliste Greet Pluymers en enkele DES-dochters vermoeden dat er sprake is van een dofpotoperatie. Een mogelijke doofpotaffaire zou inderdaad verklaren waarom DES op de markt bleef tussen 1971 en 1977, maar het vormt geen antwoord op de vraag waarom er vandaag in België – in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Verenigde Staten en Nederland – nog steeds weinig kennis bestaat of circuleert over de schadelijke gevolgen van het hormoon. Dit onderzoek gaat daarom na hoe de late en gebrekkige kennisverspreiding van DES binnen de Belgische context verklaard kan worden. Daarbij neemt deze studie afstand van een mogelijke doofpotaffaire door op zoek te gaan naar een lange termijn verklaring voor de relatieve onwetendheid over DES in België. Om een licht te werpen op het gebrek aan kenniscirculatie vanaf 1971 steunt dit onderzoek op inzichten uit de agnotologie, een theorie die ervan uitgaat dat onwetendheid het gevolg is van culturele constructies.
Zo bood deze studie – aan de hand van interviews met DES-dochters en gynaecologen – inzicht in de langdurige mechanismen en processen die aan de basis liggen van de gebrekkige kennisverspreiding van het DES-hormoon in België. De rol van ouders en artsen – die golden als de belangrijkste informatieverstrekkers in het kennisproces van DES-dochters – bleek daarbij cruciaal. Indien zij niet optraden als kennisverspreiders, bleven DES-dochters vaak jarenlang in het ongewisse over hun DES-identiteit. Verder wees de analyse uit dat DES-dochters in grote mate afhankelijk waren van toeval voor een juiste diagnostisering. Daarnaast bleek dat de schuldgevoelens van sommige DES-moeders – zeker in huishoudens waar een sterk taboe rustte op infertiliteit – het stilzwijgen van DES in de hand werkte. Op die manier toonde ik aan dat het stigma rond onvruchtbaarheid bijdroeg aan de onwetendheid over DES en niet alle ouders zomaar fungeerden als doorgeefluiken van kennis. Tot slot toonde dit onderzoek aan dat ook gynaecologen hun rol als informatieverstrekkers niet systematisch opnamen. Zo bleek dat artsen – ondanks het feit dat ze sinds het begin van de jaren 1970 geïnformeerd waren over de schadelijkheid van DES – het probleem leken te onderschatten. Deze onderschatting was het gevolg van de overtuiging dat het DES-probleem vanaf het einde van de jaren 1980 verleden tijd was. Maar deze opvatting alleen kon het kennistekort niet verklaren. Andere redenen waren de onzichtbaarheid van het DES-probleem in combinatie met de moeilijkheid om congenitale afwijkingen te linken met het hormoon, de exclusieve focus op fertiliteitsproblemen, het gebrek aan ondervraging
94
en de mogelijk nauwe relaties tussen UCB en de medische wereld. Op die manier ontstond er een algemeen gebrek aan belangstelling voor het DES-probleem in medische kringen in België waar DES-dochters tot op heden het slachtoffer van zijn.

Dyspareunie in de menopauze, hoe het taboe doorbreken?

Sara Corsus
Dyspareunie is een veelvoorkomend ongemak in de menopauze. Door het taboe rond dit onderwerp word het vaak niet besproken en blijft het vervolgens onbehandeld. Deze proef onderzoekt hoe we dit taboe in de maatschappij kunnen doorbreken, om vrouwen met dyspareunie vlotter bij de juiste hulpverlener te krijgen.

Karakterisatie van klinische vaginale Candida albicans isolaten en het beoordelen van de antischimmelactiviteit van Saccharomyces cerevisiae stammen

Jade Michiels
Het karakterisatie van klinische vaginale Candida albicans isolaten. En daarnaast het beoordelen van de antischimmelactiviteit van Saccharomyces cerevisiae stammen tegen vaginale schimmelinfecties.

The role of Gardnerella and bacterial vaginosis in reproductive health of African women

Lisa Himschoot
In deze masterscriptie wordt prevalentie van bacteriële vaginose in 2 Afrikaanse populaties (uit Etiopië & de Democratische Republiek Congo) beschreven. De rol van verschillende bacteriën, van het genus Gardnerella, Atopobium en Lactobacillus, in bacteriële vaginose en vroeggeboorte wordt ook onderzocht.

Effect of Green Tea Extracts Enriched in Epigallocattechin-3-Gallate (GTE-EGCG) on Anatomical and Behavioural Phenotype in a Mouse Model of Down Syndrome

Vicky Van Bulck
In deze thesis wordt het effect van groenetheesupplementen die EGCG bevatten onderzocht op de gezichtsstructuur en cognitieve profiel bij een muismodel voor downsyndroom.

Je baby ademt mee

Nore Claes Evie Van Dael Magali Neys
Luchtvervuiling zorgt wereldwijd voor een verhoogde mortaliteit en morbiditeit.
Zwangere vrouwen, ontwikkelende embryo's en foetussen vormen een bijzonder
kwetsbare populatie. Er zijn reeds verschillende studies die een effect tonen als gevolg van
de passage van luchtvervuiling doorheen de foetoplacentaire barrière. Men vermoedt dat
blootstelling aan verschillende elementen van luchtvervuiling een negatieve invloed heeft
op de zwangerschapsuitkomsten. Daarom wordt volgende onderzoeksvraag beantwoord:
“Wat zijn de perinatale uitkomsten die optreden door de blootstelling aan luchtvervuiling
voor en/of tijdens de zwangerschap?”

De roze wolk, schijn bedriegt: De betrokkenheid van de vroedvrouw bij postpartum psychosen

Sophie Van hoof
We zijn op de hoogte van de screenings- en behandelingsmethodes voor een postpartum depressie maar hoe zit het met deze voor een postpartum psychose? Deze aandoening kan tenslotte ook optreden en ook deze vrouwen hebben recht op kwaliteitsvolle zorg, zorgverlening die zich specifiek focust op hun noden en behoeften. Ik wil met andere woorden voor de vroedvrouwen van de toekomst trachten een overzicht te schetsen van hoe om te gaan met deze diagnosestelling.

Ouderschap, Papa ook jij telt mee!

Ahlam Yousfi
De gezinsbegeleidsters van het CKG de Hummeltjes te Hasselt wensen vadersensitiever te begeleiden. Momenteel is er op de afdeling geen specifieke aanpak om de vaders te betrekken in de begeleidingen, ondanks dat het belang ervan wetenschappelijk bewezen is. Zo blijkt uit literatuurstudie dat vaderbetrokkenheid een positief effect heeft op de ontwikkeling van het kind, de moeder en van de vader zelf. Door de vader te benaderen in zijn totaliteit en positief te bekrachtigen wordt zijn bestaan in de opvoeding erkent. Dit zorgt voor een verhoogd zelfvertrouwen in het vaderschap.

Haptonomische pre- en postnatale begeleiding van ouders en kind

Birten Pots
Binnen het perinatale zorgnetwerk zijn er heel wat alternatieve begeleidingsvormen aan een
opmars bezig, onder andere de haptonomische pre- en postnatale begeleiding van ouders en
kind. De impact en de meerwaarde hiervan worden beschreven pre, peri- en postnataal, dat zowel voor de ouders als voor het kind. Als vroedvrouw kan de haptonomische visie een andere kijk op het werkveld geven.

Zwangerschap na gastric bypass: Aandachtspunten en meest voorkomende complicaties

Zoë Frans
Een zwangerschap na gastric bypass gaat gepaard met aandachtspunten en mogelijke complicaties. Er wordt verwacht dat vroedvrouwen meer en meer in contact gaan komen met zwangeren met een gastric bypass in de voorgeschiedenis. Wat is de taak van de vroedvrouw binnen een multidisciplinaire opvolging?

Internet of Animals: Foaling detection based on accelerometer data

Timo De Waele
Dit onderzoek maakt gebruik van accelerometer data om een veulendetectie algoritme te ontwikkelen. De voorgestelde methode bestond uit een op een autencoder gebaseerd anomalie detectie algoritme om gedragingen die de start van de bevalling aangaven te detecteren.
Verschillende configuraties en parameters werden geëvalueerd om de performantie van het algoritme te verbeteren.

Moedermelk in een correlatie tot necrotiserende enterocolitis: toeval of wetenschap?

Lien Heyvaert
In deze scriptie wordt de impact van moedermelk, donormoedermelk en kunstvoeding op necrotiserende enterocolitis bij prematuren bestudeerd.

Metagenomic study of lettuce potting soil microbiome under chitin treatment and functional genomic analysis of Mortierella hyalina

Floris Voorthuijzen
Metabarcoding studie naar de invloed van chitine op het microbioom van slaplanten, gevolgd door een genoomonderzoek van de schimmel Mortierella hyalina.

Maximalisatie van het welbevinden bij de prematuur door middel van van geluid, geur en gevoel

Siel Pattyn Vanmeenen
Aan de hand van een literatuurstudie werd het effect van geluid, geur en gevoel op de prematuur bestudeerd. Dit met als doel een knuffel te ontwerpen, die deze elementen bundelt.

Wolk in mijn hoofd. Gezinsondersteunend werken bij postpartum depressie

Friedl Teirlinck
Voor 10 tot 20% van de kersverse moeders en hun partners wordt de periode na de bevalling overschaduwd door een postpartum depressie. Hoe kunnen de partners van deze mama's die vaak aangeven zich machteloos te voelen, beter geïnformeerd en ondersteund worden? En hoe kan het taboe rond dit thema doorbroken worden zodat moeders met een hulpvraag (sneller) de weg vinden naar de juiste hulpverlening?

Een vroedvrouw die lesgeeft over relaties en seksualiteit? Dat kan toch niet!

Floor Cleuren
Relationele en seksuele vorming is een belangrijk item tijdens de verschillende levensfases van de jongeren. Jammer genoeg weten zij niet altijd bij wie ze terecht kunnen met vragen en bezorgdheden. Deze scriptie helpt hen verder op weg. Ook de vroedvrouw komt uitgebreid aan bod als mogelijke vormingsbegeleider.

De borderline persoonlijkheidsstoornis in de perinatale periode. Botst de vroedvrouw op een ongekende grens?

Suzanne Meyers
De borderline persoonlijkheidsstoornis in de perinatale periode

Persistent genital arousal disorder bij vrouwen: een systematische literatuurstudie

Ina Van Ransbeeck
In deze masterproef wordt het voorkomen van ‘persistent genital arousal disorder’ (PGAD) bij vrouwen belicht. PGAD is een voorbeeld waarbij er een dissociatie bestaat tussen de genitale en psychologische seksuele respons. Dit heeft vaak fysieke en psychologische gevolgen en dus een negatieve invloed op het welzijn van de vrouw. In mijn scriptie ga ik op zoek naar de oorzaken van deze aandoening waarover consensus bestaat binnen de literatuur, alsook naar mogelijke behandelingen.

STATISTIEK ALS GLAZEN BOL: Wat is de kans op een miskraam?

Helene Vermeulen
Gebruik van 'joint latent class' models voor het voorspellen van een miskraam tijdens het eerste trimester van de zwangerschap.

De jobtevredenheid van de vroedvrouw - De jobtevredenheid van de vroedvrouw werkzaam in het midwifery led care zorgmodel versus het medisch zorgmodel.

Noa Mottard
Hoe tevreden is de vroedvrouw over haar werk? Welke elementen spelen hierbij een rol? Heeft het zorgmodel waarin ze werkt een invloed op haar jobtevredenheid? Het medische zorgmodel wordt vergeleken met het midwifery led care zorgmodel.