Kinderarbeid in het kader van influencer marketing: product placement of illegaliteit?

Lauren Daniels
Tegenwoordig worden kinderen steeds vaker ingeschakeld voor influencer marketing op Instagram. Deze trend doet zorgen baren in het licht van het verbod op kinderarbeid. Deze scriptie gaat na in welke mate influencer marketing met kinderen een vorm van verboden kinderarbeid uitmaakt, of de Belgische wetgeving in dat geval voldoende aangepast is aan deze moderne vorm van kinderarbeid en of welbepaalde voorstellen tot modernisering wenselijk zijn.

Help, mijn mama is influencer! Over kinderarbeid op Instagram.

  

We scrollen allemaal wel een aantal keer per dag door onze Instagram-feed. De kans is dan ook groot dat u wel eens een foto bent tegengekomen waarop een kind tegen betaling met gesponsorde producten poseert op het Instagram-profiel van zijn/haar moeder. Deze recente trend doet zorgen baren in het licht van het verbod op kinderarbeid. Kinderarbeid is een geladen thema en zeker bij gebrek aan een eensluidende definitie is het geen sinecure om te oordelen of influencer marketing met kinderen steeds verboden kinderarbeid uitmaakt. 71223609 1280463018779645 8468960743549566976 n

Niet alle foto’s zijn illegale kinderarbeid…

Om te kunnen spreken van ‘kinderarbeid’moet het kind enerzijds jonger zijn dan 15 jaar (of nog voltijds leerplichtig) en anderzijds moet de foto zodanig in scène zijn gezet dat er sprake is van arbeid als niet-vrijblijvende bezigheid. Deze beoordeling gebeurt per foto afzonderlijk en is nooit zwart-wit: alles hangt af van de tamelijk subjectieve inschatting of er sprake is van een heuse fotoshoot dan wel van een spontane foto.

Indien er inderdaad ‘kinderarbeid’voorhanden is, moet in tweede instantie worden bekeken of de moeder een individuele afwijking voor ‘fotosessies’ heeft bekomen in de zin van de Arbeidswet. Zo’n individuele afwijking moet de moeder minstens één maand vóór de fotoshoot aanvragen bij de overheid (Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg). Heeft de moeder inderdaad een individuele afwijking van de overheid bekomen, dan wordt de foto beschouwd als ‘toegelaten kinderarbeid’. Is dit niet het geval, dan is er sprake van ‘verboden kinderarbeid’. Dit is een belangrijke vaststelling, vermits er binnen de community van influencers een gebrek aan bewustwording heerst en moeders zich bijgevolg soms onbewust schuldig maken aan illegale kinderarbeid. 

Is de Arbeidswet nog wel up-to-date?

Vervolgens rijst de vraag of de huidige regels rond kinderarbeid nog wel aangepast zijn aan moderne internetfenomenen zoals influencer marketing. Reeds in 1992 kwam men immers tot de constatatie dat de toenmalige regels onvoldoende up-to-date waren voor kinderarbeid in de showbizz, waardoor de Arbeidswet werd aangepast. 

Anno 2019 is dat verhaal niet anders. Via een enquête bij mama-influencers wordt aangetoond dat het Belgisch kinderarbeidsrecht inderdaad op vele vlakken verouderd is. Zo blijkt o.a. uit de enquête dat geen enkele bevraagde moeder de aanvraagprocedure bij de overheid volgt en dat de betaling zelden tot nooit volgens de wettelijke regels (storting op een geblokkeerde spaarrekening op naam van het kind) gebeurt. 

Privacyrecht to the rescue?

Voor het specifiek fenomeen van influencer marketing is er nochtans het goede nieuws dat de negatieve evaluatie van het kinderarbeidsrecht gecompenseerd wordt door de actiemogelijkheden in het privacyrecht.

Enerzijds wordt de privacy beschermd via het recht op afbeelding: dit persoonlijkheidsrecht is geschonden zodra geen toestemming verkregen werd voor het maken en/of delen van de afbeelding. Het leeuwendeel van de poserende kinderen beschikt nog niet over het vermogen des onderscheids (d.w.z. dat het kind nog niet voldoende rijp is om zelf beslissingen te nemen), waardoor hun ouders gezamenlijk moeten toestemmen in hun hoedanigheid van wettelijke vertegenwoordiger. Indien de moeder dus nalaat de instemming van de andere ouder te verkrijgen, is er geen geldige toestemming ergo schending van het recht op afbeelding. Deze schending kan onder andere gesanctioneerd worden met een schadevergoeding en een verbod tot verder gebruik van de afbeelding. 

Anderzijds is er de GDPR (General Data Protection Regulation), die velen zich herinneren van toen we in mei 2018 massaal toestemming moesten geven voor verwerking van onze gegevens om op die manier in de toekomst nog e-mails met reclame te ontvangen. Het maken en plaatsen van foto’s op Instagram houdt net zo goed zo’n verwerking van persoonsgegevens in, waardoor de GDPR ook hier van toepassing is. Aangezien kinderen niet vrijwillig, geïnformeerd en ondubbelzinnig kunnen toestemmen, is er geen verwerkingsgrond voorhanden en is er bijgevolg sprake van een onrechtmatige verwerking. Dit leidt tot een arsenaal aan actiemogelijkheden: het recht op vergetelheid, het recht op bezwaar, het recht om klacht in te dienen bij de Gegevensbeschermingsautoriteit en het recht om een voorziening in rechte in te stellen. 

Dit positief privacyverhaal is helaas op dubbele wijze afgezwakt. Aan de ene kant is het privacyrecht in de specifieke context van de arbeidsrelatie ingeperkt door het gezagsrecht van de werkgever. Aan de andere kant is het kind handelingsonbekwaam om zijn privacyrecht af te dwingen voor de rechtbank. Het kind zal dus steeds vertegenwoordigd moeten worden door de personen die het ouderlijk gezag over hem/haar uitoefenen of er zal een voogd ad hoc worden aangesteld. Al bij al biedt het privacyrecht dus geen volledige bescherming voor kinderen van mama-influencers en blijft er nood aan een nieuwe reglementering op kinderarbeid. 

Naar een moderne reglementering op kinderarbeid…

Voor een nieuw kinderarbeidsrecht kan inspiratie gehaald worden uit Nederland. Het is namelijk zo dat Nederlandse kinderen meer mogelijkheden krijgen om te werken dan hun Belgische leeftijdsgenoten, doordat ze reeds vanaf 13 jaar aan de slag kunnen. Bovendien verschilt het Nederlandse systeem van ontheffingen van het Belgische systeem van individuele afwijkingen, aangezien ontheffingen enerzijds enkel nodig zijn tot de leeftijd van 12 jaar en anderzijds openstaan voor “vergelijkbare niet-industriële arbeid van lichte aard”. Daarnaast bevat de Nederlandse Reclamecode Social Media een interessante bepaling die verbiedt om kinderen te stimuleren tot het maken van reclame op sociale media. Dit resulteert in voorstellen tot kleine aanpassingen van het Belgisch recht op korte termijn, alsook tot een meer fundamentele hervorming op langere termijn. Het stokpaardje in deze aanbevelingen is de idee dat we de deur moeten openlaten voor nieuwe fenomenen via de ruime formulering van “niet-industriële arbeid van lichte aard”. Het arbeidsrecht moet immers niet gedicteerd worden aan de hand van één specifiek fenomeen zoals influencer marketing, dat mogelijks al achterhaald is tegen dat de wetgeving in het Belgisch Staatsblad gepubliceerd wordt. Een thema om over na te denken wanneer u nog eens door uw Instagram-feed scrolt…71203853 2529333320446064 7405045761773142016 n
 70279641 652239888599952 2198413133972766720 n 0

 

 

Bibliografie

WETGEVING

Internationaal recht:

Conventie nr. 138 van 26 juni 1973.

Conventie nr. 189 van 17 juni 1999.

Aanbeveling nr. 146 van 26 juni 1973.

Aanbeveling nr. 190 van 17 juni 1999.

Protocol nr. 29 van 11 juni 2014.

Art. 32 IVRK.

Art. 6 IVESCR.

Art. 10, 3e lid IVESCR.

Art. 7 (H)ESH.

Art 4 EVRM.

Europees recht:

Art. 5 Richtlijn 94/33/EG van 22 juni 1994 betreffende de bescherming van jongeren op het werk.

Art. 32 Handvest Grondrechten EU.

Art. 8, 1e lid Verordening (EG) Nr. 593/2008 van 17 juni 2008 inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (Rome I).

Richtlijn 2010/13/EU van 10 maart 2010 betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in de lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten.

Richtlijn (EU) 2015/1535 van het Europees Parlement en de Raad van 9 september 2015 betreffende een informatieprocedure op het gebied van technische voorschriften en regels betreffende de diensten van de informatiemaatschappij.

Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens.

Richtlijn (EU) 2018/1808 van 14 november 2018 tot wijziging van Richtlijn 2010/13/EU betreffende de coördinatie van bepaalde wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen in lidstaten inzake het aanbieden van audiovisuele mediadiensten (richtlijn audiovisuele mediadiensten) in het licht van een veranderende marktsituatie.

Belgisch recht:

Art. 6-7.14 Arbeidswet van 16 maart 1971.

Wet van 5 augustus 1992 inzake de kinderarbeid.

KB van 11 maart 1993 betreffende de kinderarbeid.

Art. 134 Sociaal Strafwetboek.

Art. 136 Sociaal Strafwetboek.

Art. 7 Wet 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens.

Art. 17bis, §1 KB 28 november 1969 tot uitvoering van de wet van 27 juni 1969 tot herziening van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders.

Art. 5 KB van 19 december 1967 houdende algemeen reglement in uitvoering van het koninklijk besluit nr. 38 van 27 juli 1967, houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen.

Art. 7, 4° KB nr. 38 houdende inrichting van het sociaal statuut der zelfstandigen. Art. 333 Programmawet (I) van 27 december 2006.
Art. 3, 3° wet 3 juli 2005 betreffende de rechten van vrijwilligers.
Art. 376 BW.

Art. 378, §1, 6e lid BW.

Art. 2262bis BW.

Art. 1385bis Ger.W.

Ontwerp van Arbeidswet, Parl.St. Kamer 1969-70, nr. 556/1.

Wetsontwerp betreffende de kinderarbeid, Parl.St. Kamer 1990-91, nr. 1733/1.

Nederlands recht:

Art. 3:1-3:5 Arbeidstijdenwet.

Beleidsregel inzake ontheffing verbod van kinderarbeid 2016.

Nadere regeling kinderarbeid.

RECHTSPRAAK

EHRM 26 oktober 2005, nr. 73316/01, Siliadin t. Frankrijk.

EHRM 15 januari 2009, nr. 1234/05, Reklos en Davourlis t. Griekenland.

EHRM 11 januari 2013, nr. 67724/09, C.N. en V. t. Frankrijk.

HvJ 16 februari 2012, nr. C-360/10, Belgische Vereniging van Auteurs, Componisten en Uitgevers (SABAM) v. Netlog.

HvJ 13 mei 2014, nr. C-131/12, Google Spain SL, Google Inc. v Agencia Española de Protección de Datos, Mario Costeja González.

Cass. 19 maart 1984, JTT 1985, 310. Cass. 10 maart 2014, NJW 2014, 547.

Cass. 31 oktober 2014, AR F.13.0082.N.
Arbh. Antwerpen 15 oktober 1993, JTT 1994, 391.Arbh. Antwerpen 9 februari 1996, JTT 1997, 205.
Arbh. Bergen 10 mei 1995, JTT 1995, 442.
Arbh. Luik 14 november 1996, Soc.Kron. 1997, 613.
Antwerpen 19 december 1995, AM 1996, 360 noot D. VOORHOOF.
Antwerpen 8 februari 1999, AM 1999, 241, noot D. VOORHOOF. Antwerpen 5 mei 2003, AM 2004, 67.
Brussel 6 oktober 1995, JT 1996, 303.
Brussel 12 november 1998, AM 1999, 361.

Brussel 5 februari 1999, AM 1999, 274, noot F. RINGELHEIM. Brussel 7 april 2000, JT 2001, 779.
Gent 26 april 1996, RW 1999-00, 642.
Rb. Brussel 29 oktober 2001, AM 2002, 184.

Rb. Brussel 17 mei 2002, AM 2003, 138.
Rb. Gent 14 juni 2002, AM 2003, 143.
Rb. Mechelen 29 maart 1983, RW 1984-85, 62.
Arbrb. Brussel 9 september 1991, KIDS, III, 3.3.3, 4.
Arbrb. Brussel 16 september 2004, JTT 2005, 61.
Arbrb. Luik 2 mei 1991, JLMB 1991, 1331.
Kh. Antwerpen 9 oktober 2009, IRDI 2012, 421.
Kh. Brussel 24 februari 1995, Ing.-Cons. 1995, 333, noot L. MULLER.
Voorz. Rb. Brussel 21 maart 2001, AM 2002, 75.
Voorz. Kh. Brussel 5 maart 1998, Jaarboek Handelspraktijken & Mededinging 1998, 758.

RECHTSLEER

BOEKEN

BACKALER, J., Digital influence: unleash the power of influencer marketing to accelerate your global business, Cham, Palgrave Macmillan, 2018, 214p.

BAKELS, H.L., Schets van het Nederlands arbeidsrecht, Deventer, Kluwer, 2003, 484p.
92

BERTRAND, A., Droit à la vie privée et droit à l’image, Parijs, Litec, 1999, 222p.

BLANPAIN, R., Europees arbeidsrecht, Brugge, die Keure, 2012, 616p.

BLOMME, F., Arbeidsduur en de 24 uurseconomie. Arbeidstijd en arbeidsverbodsbepalingen,Brugge, Vanden Broele, 2007, 261p.

BOERAEVE, C. en VERDONCK, P., Le statut des volontaires. Commentaire interpretatif de la loi du 3 juillet 2005, Waterloo, Kluwer, 2008, 202p.

CAPRONI, M. en SMEDT, S., Praktische gids privacy in uw onderneming, Mechelen, Kluwer, 2017, 316p.

CARNEROLI, S., Le droit à l’oubli, Brussel, Larcier, 2016, 136p.

CARNEROLI, S., Les aspects juridiques des réseaux sociaux, Brugge, Vanden Broele, 2013, 116p.

CASTRO-EDWARDS, J., EU General Data Protection Regulation. A guide to the new law, Londen, The Law Society, 2018, 240p.

COLAERT, P. en JANVIER, R., Vergelijking sociaal en fiscaal statuut van de zelfstandige en loontrekkende, Mechelen, Kluwer, 2006, 70p.

CRAVEN, M., The International Covenant on Economic, Social and Cultural Rights. A perspective on its Development, Oxford, Clarendon Press, 1995, 413p.

DAVAGLE, M., Vrijwillige arbeid, Mechelen, Kluwer, 2008, 204p.

DECONYNCK, M., GOFFIN, T., TACK, S. en VAN COTTHEM, M., Kids Codex, V, Arbeidsrecht, Sociale Zekerheidsrecht, Gezondheidsrecht, Brussel, Larcier, 2014, 456p.

DEKKERS, R. en WYLLEMAN, A., Handboek burgerlijk recht, I, Antwerpen, Intersentia, 2009, 419p.

DENEVE, C., Internationaal arbeidsrecht, Brugge, die Keure, 2010, 440p.

D’HONDT, S. en VAN BUGGENHOUT, B., Het statuut van de vrijwilliger, knelpunten en oplossingen, in opdracht van de Koning Boudewijnstichting, Antwerpen, Maklu, 1998, 479p.

DIEBELS, M., De kleine gids voor het Nederlandse arbeidsrecht, Deventer, Kluwer, 2007, 163p.

DIERICKX, L., Het recht op afbeelding, Antwerpen, Intersentia, 2005, 345p.
DIRIX, E., TILLEMAN, B. en VAN ORSHOVEN, P, De Valks Juridisch Woordenboek, Antwerpen, Intersentia, 2010, 621p.
DOCQUIR, B., Le droit de la vie privée, Brussel, De Boeck, 2008, 354p.

DUMONT, D. en CLAES, P., Le nouveau statut des bénévoles. Commentaire de la loi du 3 juillet 2005 relatif aux droits des volontaires et réflexions sur le droit social et la gratuité, Brussel, Larcier, 2006, 217p.

FEILER, L., FORGO, N. en WEIGL, N., The EU General Data Protection Regulation (GDPR): A Commentary, Horsell, Globe Law and Business, 2018, 333p.

GRAUX, H. en DUMORTIER, J., Privacywetgeving in de praktijk, Kortrijk-Heule, UGA, 2009, 439p.

HENDRICKX, F., Privacy en arbeidsrecht, Brugge, die Keure, 1999, 358p.

HENDRICKX, F., Inleiding tot het Belgische arbeidsrecht, Brugge, die Keure, 2017, 313p.

HEYLEN, D. en VERREYT, I., Sociaal recht in essentie, Antwerpen, Intersentia, 2016, 510p.

HEYLEN, D. en VERREYT, I., Arbeidsrecht toegepast, Antwerpen, Intersentia, 2012, 440p.

HEYLEN, D. en VERREYT, I., Arbeidsrecht toegepast, Antwerpen, Intersentia, 2016, 464p.

HUMBLET, P., De gezagsuitoefening door de werkgever, Deurne, Kluwer, 1994, 420p.

INTERNATIONAL LABOUR OFFICE, Child labour: A textbook for university students, Genève, IAO, 2004, 307p.

ISGOUR, M., Le droit à l‘image, Brussel, Larcier, 2014, 394p.

ISGOUR, M. en VINCOTTE, B., Le doit à l’image, Brussel, Larcier, 1998, 155p.

JANSSEN, L., Jeugdrecht begrepen, Den Haag, Boom Juridische Uitgevers, 2014, 345p.

KRZYSZTOFEK, M., Post-Reform Data Protection in the European Union, Alphen aan den Rijn, Kluwer, 2017, 255p.

KWANT, R.C., Filosofie van de arbeid, Antwerpen, De Nederlandsche Boekhandel, 1964, 266p.

LEMMENS, K., La presse et la protection juridique de l’individu, Brussel, Larcier, 2004, 603p. LEVY, V., Le droit à l’image. Définition. Protection. Exploitation, Zurich, Schulthess, 2002, 401p.

LINDER, A., European Data Protection Law: General Data Protection Regulation 2016, s.l., CreateSpace, 2016, 129p.

LINDON, R., Une creation prérorienne: les droits de la personnalité, Parijs, Dalloz, 1974, 372p.

LOONSTRA, C.J. en ZONDAG, W.A., Sdu Commentaar Arbeidsrecht II, Den Haag, Sdu Uitgevers, 2011, 2883p.

LOONSTRA, C.J. en ZONDAG, W.A., Sdu Commentaar Arbeidsrecht Thematisch, Den Haag, Sdu Uitgevers, 2013, 3255p.

LORRE, J., Sociale media en werkgeverscontrole, Mechelen, Kluwer, 2012, 164p.

LU, H., The right to work in China, Antwerpen, Intersentia, 2011, 397p.

MAYAUD, Y. en GAYET, C., Code Pénal, Parijs, Dalloz, 2011, 3300p.

MINTJENS, D., Uw organisatie GDPR Compliant. Modellen voor een praktische implementatie, Mechelen, Kluwer, 2018, 226p.

MOLEMANS, K., Vrijwilligerswerk. Wat kan, mag en moet? Een concrete stand van zaken, Brussel, Koning Boudewijnstichting, 2001, 180p.

MOUFFE, B., Le droit à l’image, Waterloo, Kluwer, 2013, 241p.
PAS, H., Kinderen en de actieve welvaartsmaatschappij, Brugge, die Keure, 2005, 194p.

PUT, J., Handboek jeugdbeschermingsrecht, Brugge, die Keure, 2015, 622p.

REYNIERS, K., (Verboden) arbeid, Antwerpen, Intersentia, 2012, 546p.
RSVZ, Het sociaal statuut der zelfstandigen, Brussel, geen uitgever, 1991, 212p.

SAUL, B., KINLEY, D. en MOWBRAY, J., The International Covenant on Economic, Social and Cultural Rights. Commentary, Cases and Materials, Oxford, Oxford University Press, 2014, 1292p.

SENAEVE, P., Compendium personen- en familierecht, Leuven, Acco, 2015, 685p.

TREEP, M., Arbeidsrecht, Den Haag, Boom Juridische Uitgevers, 2012, 381p.

VAN BUEREN, G., The international law on the rights of the child, Dordrecht, Martinus Nijhoff Publishers, 1995, 464p.

VAN CALSTER, G., European Private International Law, Oxford, Hart Publishing, 2016, 520p.

VANDAELE, A., International labour rights and the social clause: friends or foes, Londen, Cameron May, 2005, 949p.

VAN DER SYPE, Y., Naar een geïntegreerde privacybescherming in de onderneming, Mechelen, Kluwer, 2017, 301p.

VAN EECKHOUTTE, W., Sociaal Compendium 2017-2018, I, Waterloo, Kluwer, 2017, 1402p.

VAN EECKHOUTTE, W., Sociaal zakboekje, Mechelen, Kluwer, 2014, 892p.

VAN GENDEREN, D.M., SCHOUTEN, C.E., STEVERINK, E.A.T.M., WITTE, W.G.M.J. en ZUIDEMA, T., Arbeidsrecht in de praktijk, Den Haag, Sdu Uitgevers, 1998, 322p.

VAN LEEUWEN, C.H.J, Memo Plus Arbeidsovereenkomst en Ontslag 2017, Alphen aan den Rijn, Vakmedianet, 2017, 738p.

VOIGT, P. en VON DEM BUSSCHE, A., The EU General Data Protection Regulation: A Practical Guide, Cham, Springer International Publishing, 2017, 383p.

VOORHOOF, D., Actuele vraagstukken van Mediarecht, Deurne, Kluwer, 1992, 891p.

VOORHOOF, D., Handboek Mediarecht, Brussel, Larcier, 2003, 478p.
VOORHOOF, D. en VALCKE, P., Handboek Mediarecht, Brussel, Larcier, 2015, 755p.

BIJDRAGEN IN TIJDSCHRIFTEN

AKPOGHENETA, O. “Risky business: children at work”, The Lancet 2011, 390. AMBROSE, M., “Speaking of forgetting: Analysis of possible non-EU responses to the right to be forgotten and speech exception”, Telecommunications Policy 2014, 800-811.

ANGELOPOULOS, C., “Product Placement”, Iris Plus 2010, 3-21.

AUSLOOS, J.,“The ‘Right to be Forgotten’ – Worth remembering?”, Computer Law & Security Review 2012, 143-152.

BALTHAZAR, T., “Nieuwe kaderwet vormt sluitstuk voor GDPR”, Juristenkrant 2018, 1-2.

BIERMANN, F., KANIE, N. en KIM, R., “Global governance by goal-setting: the novel approach of the UN Sustainable Development Goals”, Current Opinion in Environmental Sustainability 2017, 26-31.

BLOMME, F., “De tewerkstelling van minderjarigen: arbeidsrechtelijke bepalingen voor jeugdige werknemers op de werkvloer”, Or. 2018, 90-111.

BOGHAERT, L., “Eindejaar op kantoor? Privacy respecteren!”, Juristenkrant 2018, 20.

BROERSMA, A., “Het belang van het kind”, Kind & Adolescent Praktijk 2018, 27.

BUNN, A., “The curious case of the right to be forgotten”, Computer Law & Security Review 2015, 336-350.

BYGRAVE, L., “Law and Technology: A Right to Be Forgotten?”, Communications of the ACM 2015, 35-37.

COMITÉ VOOR DE RECHTEN VAN HET KIND, “Het recht van het kind om te worden gehoord”, TJK 2010, 39-56.

DAVIDSON, M., “The International Labour Organization’s Latest Campaign to End Child Labor: Will it Succeed Where Others Have Failed?”, Transnational Law & Contemporary Problems 2001, 203-224.

DE BOT, D., “De uitvoering van de algemene verordening gegevensbescherming: enkele bemerkingen bij de Belgische context”, TVW 2016, 218-234.

DE CROM, P., “Kinderarbeid”, Ondernemen 1992, 393.
DE GREVE, H., “Rondetafel Kinderarbeid: Kinderarbeid vanuit eenKinderrechtenperspectief”, TJK 2009, 74-75.
DE HERT, P. en SAELENS, R., “Recht op afbeelding”, TPR 2009, 867-917.

DE JANS, S., HUDDERS L. en CAUBERGHE, V., “Advertising literacy training”, European Journal of Marketing 2017, 2156-2174.

DE KEZEL, E., “Het begrip ‘het belang van het kind’”, RW 1998-99, 1163-1167.
DELARUE, R., “Bescherming van de privacy in de onderneming en de begrenzing van de patronale prerogatieven”, Soc.Kron. 1992, 134.
DESMET, N., “De inschatting van het belang van het kind” (noot onder Gent 24 augustus 2016), TJK 2017, 50.
DILLON, S., “Child Labour and the Global Economy: Abolition or Acceptance?”, Nordic Journal of International Law 2015, 297-322.
DUMONT, C., “De kinderarbeid op wereldschaal”, Arbbl. 1992, 8-16.

DURA, N. en MITITELU, C., “International Covenant on Economic, Social and Cultural Rights”, European Integration Realities and Perspectives Proceedings 2013, 130-136.

EGAN, S., “Tackling the Rise of Child Labour in Europe: Homework for the European Court of Human Rights”, International and Comparative Law Quarterly 2015, 601-630.

FUNCK, J., “Le projet de loi relatif au travail des enfants”, JDJ 1992, 3-6.
GILLES, R., “De wetgeving op de kinderarbeid aan de feiten getoetst”, Arbbl. 1992, 17-23.

GULDIX, E., “Algemene systematische beschouwingen over het persoonlijkheidsrecht op de eigen afbeelding”, RW 1980-81, 1162-1192.

HANIQUE, P., “La protection du travail des enfants: vers une nouvelle réalité?”, Journ.proc.1993, 14-17.

HANSON, K., “Kennis over kinderarbeid ter discussie”, Brood & Rozen 2001, 7-33.

HANSON, K. en VANDAELE, A., “Working children and international labour law: A critical analysis”, The International Journal of Children’s Rights 2003, 73-146.
HENDRICKX, F., “Het ondergeschikt verband -Overzicht van rechtspraak 1990-1998”, TSR 1999, 3-110.
HENDRICKX, F., MARX, A., RAYP, G. en WOUTERS, J., “The architecture of global labour governance”, International Labour Review 2016, 339-355.
HOVERS, N., “Een nieuw wapen in de strijd tegen ernstige vormen van kinderarbeid”, Ars Aequi 1998, 178-183.

JANSSEN, L., VAN SPRANG, B. en FRANSEN, F., “Het effect van sponsorvermeldingen op merkevaluaties en geloofwaardigheid van bloggers: De rol van tweezijdige boodschappen”,Tijdschrift voor Communicatiewetenschap 2017, 19-36.

JOACHIMOWICZ, A., “Droit à l’image des travailleurs”, Or. 2015, 14-25.
KELLY, M. en SATOLAM, D., “The Right to Be Forgotten”, University of Illinois Law Review 2017, 1-63.
KRANENBORG, H., “Google and the Right to Be Forgotten”, European Data Protection Law Review 2015, 70-79.
LEE, K., “The Do’s and Don’ts of Influencer Marketing”, Public Relations Tactics 2017, 19.

MADELEY, J., “Sustainable Development Goals”, Appropriate Technology 2015, 32-33.

MANTELERO, A., “The EU Proposal for a General Data Protection Regulation and the roots of the ‘right to be forgotten’”, Computer Law & Security Review 2013, 229-235.

MAVUNGA, R., “A critical assessment of the Minimum Age Convention 138 of 1973 and the Worst Forms of Child Labour Convention 182 of 1999”, Potchefstroomse Elektroniese Regsblad 2013, 121-158.

MENESES-REYES, R. en CABALLERO-JUAREZ, J.,“The right to work on the street: Public space and constitutional rights”, Planning Theory 2014, 370-386.

MOMMERS, L. en ZWENNE, G.J., “De tien belangrijkste veranderingen die de Algemene Verordening Gegevensbescherming gaat brengen”, Tijdschrift voor Compliance 2016, 182- 189.

MUIZNIEKS, N., “Le travail des enfants n’a pas disparu en Europe”, JDJ 2013, 3-4. O’HARA, K. en SHADBOLT, N., “The Right to be Forgotten: Its Potential Role in a Coherent Privacy Regime”, European Data Protection Law Review 2015, 178-189.
PECINOVSKY, P., “RSZ op vrijwilligerswerk” (noot onder Cass. 10 maart 2014), NJW 2014, 551.
PETILLON, F., “Inbreuken op het portretrecht leiden tot contractuele en/of extracontractuele schadevergoeding” (noot onder Gent 21 februari 2008), RABG 2008, 1274.

PIKE, G., “The Right to Be Forgotten”, Information Today 2016, 13.

RAETS, S., “Alles wat werkgevers moeten weten over de Algemene Verordening Gegevensbescherming (GDPR)”, Or. 2016, 208-225.

RAGHENO, N., “Data protection: la future nouvelle Autorité de protection des données”, CJ 2017, 29-31.

RASKIN, P., “Nieuwe vormen van kinderarbeid?”, Jura Falc. 1969, 277-284.
REES, C. en HEYWOOD, D., “The ‘right to be forgotten’ or the ‘principle that has been remembered’”, Computer Law & Security Review 2014, 574-578.
REYNAERT, D., “Het belang van het kind. Zoektocht naar een lading voor de vlag”, TJK 2007, 203-205.
SARKIN, J. en KOENIG, M., “Developing the right to work: Intersecting and dialoguing human rights and economic policy”, Human Rights Quarterly 2011, 1-42.

SCHOOFS, R., “De internationale strijd tegen kinderarbeid”, Arbbl. 1997, 73-74.

SCHRIJVER, N., “Ban de kinderarbeid: de rol van de ILO”, NJB 2008, 783-784.

SHAHIN, S., “Right to Be Forgotten: How National Identity, Political Orientation, and Capitalist Ideology Structured a Trans-Atlantic Debate on Information Access and Control”, Journalism & Mass Communication Quarterly 2016, 360-382.

TIROSH, N., “Reconsidering the ‘Right to be Forgotten’ – memory rights and the right to memory in the new media era”, Media, Culture & Society 2017, 644-660.

VANDAELE, A., “Kinderarbeid in het internationale recht vroeger en nu”, Brood & Rozen 2001, 163-183.

VANDAELE, A., “Kanttekeningen bij recente ontwikkelingen op internationaal en Belgisch vlak inzake kinderarbeid”, TJK 2002, 58-61.

VAN DAMME, J., “De nieuwe wet op de kinderarbeid”, Arbbl. 1992, 24-29.
VAN DE MEULEBROUCKE, A., “De algemene verordening gegevensbescherming”, RW 2015-16, 1562.
VANDENHOLE, W., “Duurzame ontwikkelingsdoelstellingen voor 2030: de nieuwe ontwikkelingsagenda vanuit kinderrechtenperspectief”, TJK 2017, 22-35.
V AN DER HEIJDEN, P ., “Uitbreiding van handhavingsmechanismen fundamentele arbeidsrechten – Is meer ook beter?”, Nederlands Juristenblad 2014, 768-775.
VAN DER SYPE, Y., “Werkgevers, wees gewaarschuwd. Enkele nieuwe uitdagingen voor het rechtmatig verwerken van werknemersgegevens”, Arbeidsrecht Journaal 2016-17, 23-29. VANDERVENNET, R., “Tewerkstellen van minderjarigen anno 2002: een stand van zaken”, TJK 2002, 104-111.
VANDE VORST, C., “Algemene Verordening Gegevensbescherming: vijf nieuwigheden van dichterbij bekeken”, CJ 2016, 75-85.
VAN GREMBERGHE, T., “GDPR legt procedure vast bij datalekken”, Juristenkrant 2017, 7.

VAN LANGENDONCK, J., “Gelijke behandeling in de sociale zekerheid”, RW 1991-92, 1211- 1222.

VERHELLEN, E., “Kinderarbeid en het UNO-verdrag inzake de rechten van het kind”, Arbbl.1992, 31-37.

VERHELLEN, E., “Het Verdrag inzake de rechten van het kind meerderjarig. Enkele beschouwingen over de implementatie in België", TJK 2008, 11-40.

VOORHOOF, D., “Het portretrecht van de Rode Duivels, de Belgische Voetbalbond en het recht op informatievrijheid” (noot onder Voorz. Brussel (KG) 12 november 2013), AM 2014, 265.

WAUTERS, E., LIEVENS, E. en VALCKE, P., “Children as social network actors: A European legal perspective on challenges concerning membership, rights, conduct and liability”, Computer Law & Security Review 2015, 351-364.

WILTHAGEN, A.C.J.M. en VAN LIEMPT, A.A.G., “Moet het arbeidsrecht (beter) op de kleintjes letten?”, SMA 2007, 7.

ZWENNE, G.J., “Nog veel onzekerheden over het recht om te worden vergeten”, IR 2012, 68- 76.

BIJDRAGEN IN VERZAMELWERKEN

DE HERT, P., “De nieuwe Europese Verordening van 27 april 2016 inzake databescherming” in CBR (ed.), Jaarboek 2015-2016, Antwerpen, Intersentia, 2016, 1-74.

DE TERWANGNE, C., “Droit à l’oubli numérique, élément du droit à l’autodétermination informationnelle?” in DECHENAUD, D. (ed.), Droit à l’oubli numérique, Brussel, Larcier, 2015, 23-50.

DIERICKX, L., “Sociale media en het recht op afbeelding” in LIEVENS, E., WAUTERS, E. en VALCKE, P. (eds.), Sociale media anno 2015: actuele juridische aspecten, Antwerpen, Intersentia, 2015, 91-123.

DOUTRELEPONT, C., “L’introuvable droit à l’image” in Mélanges offerts à Raymond Vander Elst, Brussel, Nemesis, 1986, 223-241.

DU MONGH, J.,“Maakt privacy nog een kans in een gedigitaliseerd tijdperk?” in BOONE, I., DECLERCK, C., DU MONGH, J. en SENAEVE, P. (eds.), Personen- en familierecht, Brugge, die Keure, 2017, 123-133.

FOCQUET, A., “GDPR: Privacy/Data Protection 1 – Bedrijven 0”, in VRG ALUMNI (ed.),Recht in beweging – 25ste VRG Alumnidag, Oud-Turnhout, Gompel&Svacina, 2018, 91-114.

FRIBOULET, J., “Le droit au travail, droit fondamental de la personne ou utopie sociale” in BORGHI, M. en MEYER-BISCH, P. (eds.), Ethique économique et droits de l’homme. La repsonsabilité commune, Fribourg, Universitaires de Fribourg Eds,1998, 233.

FUKUDA-PARR, S., “Sustainable Development Goals” in T. WEISS en S. DAWS (eds.), The Oxford Handbook on the United Nations, Oxford, Oxford University Press, 2018, 764-777.

GIANNAKAKI, M., “The ‘right to be forgotten’ in the Era of Social Media and Cloud Computing” in AKRIVOPOULOU, C.M. en GARIPIDIS, N. (eds.), Human Rights and Risks in the Digital Era: Globalization and the Effects of Information Technologies, Hershey PA, IGI Global, 2012, 10-24.

GILSON, S., en ROGER, A., “Le travail des mineurs d’âge en Belgique” in CLESSE, C.-E., en GILSON, S. (eds.), Le droit social et les jeunes, Limal, Anthemis, 2011, 13-77.

GOYVAERTS, J., “Aard van de arbeidsrelatie” in HENDRICKX, F. en ENGELS, C., (eds.),Arbeidsrecht, I, Brugge, die Keure, 2017, 237-269.

GRAUX, H., “Privacybescherming op sociale netwerken: heeft u nog een privéleven?” in VALCKE, P., VALGAEREN P.-J. en LIEVENS, E. (eds.), Sociale media. Actuele juridische aspecten, Antwerpen, Intersentia, 2013, 1-28.

HENDRICKX, F., “Discriminatie” in HENDRICKX, F. en ENGELS, C. (eds.), Arbeidsrecht,II, Brugge, die Keure, 2017, 329-395.

HENDRICKX, F., “Privacy en elektronisch toezicht” in HENDRICKX, F. en ENGELS, C. (eds.), Arbeidsrecht, II, Brugge, die Keure, 2017, 451-508.

HEREMANS, T. en DEPYPERE, L.,“Marketing, intellectuele rechten en sociale media” in LIEVENS, E., WAUTERS, E. en VALCKE, P. (eds.), Sociale media anno 2015. Actuele juridische aspecten, Antwerpen, Intersentia, 2015, 1-39.

ISGOUR, M., “Examen de la jurisprudence européenne récente en matière de droit à l’image des personnes physiques et d’image de marque des personnes morales” in VAN GYSEGHEM, J.M., ISGOUR, M. en OMRANI, F. (eds.), Droits de la personnalité, Limal, Anthemis, 2013, 47-97.

KINDT, E., “Wat brengt de nieuwe Verordening Algemene Gegevensbescherming? – Een eerste kritische analyse” in VRG-ALUMNI (ed.), Recht in beweging, Antwerpen, Maklu, 2016, 489-506.

LANGERAERT, H., “Drie eeuwen kinderarbeid in België” in LANGERAERT, H. en VAN HOORDE, W. (eds.), Made by children: kinderarbeid vroeger en nu, Oostkamp, Stichting Kunstboek, 2017, 9-28.

LIETEN, K., “Kinderarbeid wereldwijd” in LANGERAERT, H. en VAN HOORDE, W. (eds.),Made by children: kinderarbeid vroeger en nu, Oostkamp, Stichting Kunstboek, 2017, 29- 44.

LIEVENS, E., “Risico’s voor jongeren op sociale netwerken bekeken vanuit juridisch perspectief” in VALGAEREN, P., VALCKE, P. en LIEVENS, E. (eds.), Sociale media, Antwerpen, Intersentia, 2013, 29-66.

MAERTEN, P., “9. Arbeidsduur en flexibele tewerkstellingsregimes” in BLOMMAERT, D., GADEYNE, S., MERCHIERS, Y. en STRUYEN, D. (eds.), Recht voor de onderneming,XVIII.33, Mechelen, Kluwer, 2008, losbl.

MASSON, J.-P., “Le droit à l’image” in RENCHON, J.-L. (ed.), Les droits de la personnalité,Brussel, Bruylant, 2009, 237-246.

MONTANUS, P.J., “De rol van ouders bij hun topsportende kinderen in het licht van het IVRK” in DE GRAAF, J.H, MAK, C. en VAN WIJK, F.K. (eds.), Rechten van het kind en ouderlijke verantwoordelijkheid, Nijmegen, Ars Aequi Libri, 2008, 71-83.

OSAER, V. en NAYAERT, S., “Privacy in de werksfeer” in VERMEULEN, G., Privacy en strafrecht: nieuwe en grensoverschrijdende verkenningen, Antwerpen, Maklu, 2007, 513-564.

PAS, H., “Rechten van het kind: arbeid – gewaarborgd minimuminkomen” in Kinderrechtengids, Gent, Mys&Breesch, 1997, 25-142.

PLETS, I., ELIAS, B. en DESMET, N., “Minderjarigen en centen” in KINDERRECHTSWINKELS (ed.), De juridische positie van de minderjarige in de praktijk,Kortrijk-Heule, UGA, 2010, 291-327.

PLETS, I. en ELIAS, B., “Le mineur et le droit social” in VILLEE, C. (ed.), La position juridique du mineur dans la pratique, Kortrijk-Heule, UGA, 2006, 291-320.

RASLE, B., “Droit à l’oubli: quel rôle pour le délégué à la protection des données personnelles?” in DECHENAUD, D. (ed.), Le droit à l’oubli numérique, Brussel, Larcier, 2015, 331-360.

SERVAIS, J.-M., “Les droits sociaux de l’enfant: Droit du travail et Sécurité sociale” in MEULDERS-KLEIN, M.-T., (ed.), La Convention sur les droits de l’enfant et la Belgique,Brussel, Story-Scientia, 1992, 181-189.

STALFORD, H., “Prohibition of Child Labour and Protection of Young People at Work” in PEERS, S., HERVEY, T., KENNER, J. en WARD, A. (eds.), The EU Charter of Fundamental Rights: A Commentary, Londen, Hart Publishing, 869-889.

STROOBANT, M., “De arbeidsovereenkomstenwet van 10 maart 1900 en het recht op arbeid” in STROOBANT, M. en VANACHTER, O. (eds.), Honderd jaar arbeidsovereenkomstenwet,Antwerpen, Intersentia, 2001, 34-35.

VALCKE, P., VERDOODT, V, LAMBRECHT, I. en LIEVENS, E., “Reclame en nieuwe media: vind ik (niet) leuk” in VRG ALUMNI (ed.), Recht in beweging – 24ste VRG Alumnidag,Antwerpen, Maklu, 2017, 359-384.

VANDENHOLE, W., “Het kind en het badwater: de kruisbestuiving van kinderrechten en mensenrechten” in W. VANDENHOLE (ed.), Kinderrechten als mensenrechten: een multidisciplinaire verkenning, Antwerpen, Intersentia, 2007, 34-40.

VAN OVERBEKE, S., “De weerslag van individuele omstandigheden bij de aanwerving. Jongeren en minderjarigen” in Aanwerven. Tewerkstellen. Ontslaan, Antwerpen, Kluwer Rechtswetenshappen, 1998, Aanwerven, 2100.

VERHELLEN, E., “Implementatie van kinderrechten: óók een academische verantwoordelijkheid” in VANDENHOLE, W. (ed.), Kinderrechten als mensenrechten: een multidisciplinaire verkenning, Antwerpen, Intersentia, 2007, 1-24.

WEBSITES

www.reclamecode.nl/nrc/reclamecode-social-media-rsm/ (consultatie 25 april 2019). www.werk.belgie.be/detailA_Z.aspx?id=1058 (consultatie 25 april 2019).

www.law.kuleuven.be/home/onderzoek/nieuws-onderzoek/frank-hendrickx-ove…- vlamingen-die-hun-kinderen-inschakelen-om-reclame-te-maken (consultatie 25 april 2019).

www.adlit.be/nieuws/bekende-vlamingen-schuldig-aan-kinderarbeid. (consultatie 25 april 2019).

www.standaard.be/cnt/dmf20171206_03227949 (consultatie 25 april 2019).

www.hbvl.be/cnt/dmf20171205_03225611?utm_source=hbvl&utm_medium=email_d… d&utm_campaign=magic- link&adh_i=e73dfa7ec769835b83304318bc5ffa09&M_BT=24050970549 (consultatie 25 april 2019).

www.gva.be/cnt/dmf20171205_03225771/bv-s-schakelen-kinderen-in-op-insta…- grens-van-kinderarbeid (consultatie 25 april 2019).

https://sustainabledevelopment.un.org/sdg8 (consultatie 25 april 2019). www.ilo.org/ipec/programme/lang--en/index.htm (consultatie 25 april 2019).

www.ilo.org/ipec/Campaignandadvocacy/wdacl/lang--en/index.htm (consultatie 25 april 2019).

www.ilo.org/dyn/normlex/en/f?p=NORMLEXPUB:11300:0::NO:11300:P11300_INST… ENT_ID:312327:NO (consultatie 25 april 2019).

www.ilo.org/dyn/normlex/en/f?p=1000:11300:0::NO:11300:P11300_INSTRUMENT… 283 (consultatie 25 april 2019).

www.ilo.org/wcmsp5/groups/public/@europe/@ro-geneva/@ilo- brussels/documents/genericdocument/wcms_170009.pdf (consultatie 25 april 2019).

https://static1.squarespace.com/static/5a9ffc57fcf7fd301e0e9928/t/5acd0… 50/1523386423201/Marketer+Survey+Rebrand.pdf (consultatie 25 april 2019).

www.vandale.be/gratis-woordenboek/nederlands/betekenis/kinderarbeid#.XL… (consultatie 25 april 2019).

ANDERE BRONNEN

Aanbevelingen van de Raad voor de Reclame inzake online influencers, oktober 2018.
FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg, Wegwijs in... De reglementering op de

kinderarbeid, brochure, 2009.
Activiteitsverslag 2015 TSW, www.werk.belgie.be/publicationDefault.aspx?id=46322.

Global Estimates of Child Labour: results and trends, 2012-2016, https://www.ilo.org/wcmsp5/groups/public/@dgreports/@dcomm/documents/pu… ms_575499.pdf.

SANTOS PAIS, M., CRC/C/20 (Annex V), 1993.

LIVINGSTONE, S. en HADDON, L., EU Kids Online, LSE, Londen, http://www.lse.ac.uk/media%40lse/research/EUKidsOnline/EU%20Kids%20II%20(2009- 11)/EUKidsOnlineIIReports/Final%20report.pdf.

 

Universiteit of Hogeschool
Master in de Rechten
Publicatiejaar
2019
Promotor(en)
Frank Hendrickx
Kernwoorden
Share this on: