Het vertrouwen in de regering

Michiel Nuytemans
Het vertrouwen in de regering
Michiel Nuytemans
 
Het vertrouwen in de huidige regering lag en ligt een stuk hoger dan het vertrouwen in de regering Dehaene. Dat blijkt uit een grondige studie van de driemaandelijkse enquête van La Libre Belgique. Hoewel de regering Verhofstadt de laatste maanden iets minder sterk staat dan voordien, blijft het verschil globaal gezien zeer sterk. Waar komt dit verschil nu vandaan? Dat is de vraag die me een aantal maanden heeft beziggehouden.
De eerste mogelijke verklaring is de economische toestand van ons land.

Het vertrouwen in de regering

Het vertrouwen in de regering

Michiel Nuytemans

 

Het vertrouwen in de huidige regering lag en ligt een stuk hoger dan het vertrouwen in de regering Dehaene. Dat blijkt uit een grondige studie van de driemaandelijkse enquête van La Libre Belgique. Hoewel de regering Verhofstadt de laatste maanden iets minder sterk staat dan voordien, blijft het verschil globaal gezien zeer sterk. Waar komt dit verschil nu vandaan? Dat is de vraag die me een aantal maanden heeft beziggehouden.

De eerste mogelijke verklaring is de economische toestand van ons land. De stelling is hier dat Verhofstadt en zijn regering gewoon geluk hebben gehad, ze zijn immers van start gegaan in een periode van hoogconjunctuur. Om dit na te gaan, heb ik de samenhang van het vertrouwen in de regering en drie economische factoren statistisch nagegaan. En wat blijkt: de resultaten liggen verbazingwekkend hoog, de economische toestand van het land bepaalt in zeer grote mate het vertrouwen dat de bevolking in haar regering heeft. De werkloosheidsgraad bepaalt bijvoorbeeld niet minder dan 56% van het vertrouwen en ook de BBP-groei en het consumentenvertrouwen blijken een serieuze invloed te hebben. Een hoger aantal werklozen, een lagere groei van het Bruto Binnenlands Product of een daling van het consumentenvertrouwen betekent dus een lager vertrouwen van de bevolking in haar regering ook als ze niet aan de basis van deze evolutie ligt.

Ondanks deze sterke eerste verklaring is er nog een (beperkte) ruimte voor een aantal andere verklaringen. De tweede mogelijke verklaring die ik onderzocht heb is de communicatie van de eerste minister en zijn regering. Om een goed beeld te verkrijgen van de veelbesproken communicatie van Dehaene en van Verhofstadt, heb ik vijf journalisten en twee woordvoerders ondervraagd over hoe zij de communicatie van de twee premiers typeren en wat volgens hen de verschillen zijn. Uit al deze interviews blijkt dat er zeer veel verschillen tussen de communicatie van de twee premiers en hun regeringen zijn. Al deze verschillen zijn te herleiden tot de stelling dat de communicatie van Dehaene minder open en minder professioneel begeleid verloopt dan die van Verhofstadt. De open-debatcultuur en de wekelijkse persconferentie zijn voorbeelden van de open communicatie van Verhofstadt. Het grote belang dat Verhofstadt hecht aan televisie en aan de begeleiding door een uitgebreide communicatieploeg zijn voorbeelden van de professionele begeleiding. Er is met andere woorden een zware breuk in de communicatiestijl die mee aan de basis ligt van het grotere vertrouwen in de regering Verhofstadt; de juiste impact hiervan kunnen we spijtig genoeg niet meten.

De geïnterviewden hebben talloze voorbeelden gegeven van de communicatie van de twee premiers, we lichten er enkele uit. Bij een televisie-interview met Dehaene klopte de reporter vaak de ‘pellekes’ nog van zijn schouders. Hij hield enkel een persconferentie als hij iets te zeggen had en hield zijn ministerraad dan ook volledig afgesloten in Hertoginnendal. Verhofstadt daarentegen houdt elke week om 15 uur een persconferentie en zegt altijd wel iets. Het gaat zelfs zo ver dat hij redacties opbelt om hen op fouten in hun berichtgeving te wijzen. De open-debatcultuur van deze regering is legendarisch. Premier Verhofstadt laat zich bij al deze communicatie begeleiden door twee woordvoerders, een communicatieadviseur en een tekstschrijver, functies die onder Dehaene bijna allemaal werden vervuld door zijn woordvoerster. Het is niet mijn bedoeling om hier een karikatuur neer te zetten van de premiers, de werkelijkheid is genuanceerder maar deze voorbeelden geven wel aan hoe groot de verschillen zijn.

Een andere factor die in het voordeel van de regering Verhofstadt speelt is het nieuwe van deze regering. Het zijn bijna allemaal nieuwe gezichten en nieuwe partijen. Bij het begin van de eerste regering Dehaene hadden haar ministers opgeteld reeds negentig jaar ervaring op ministerposten. Het contrast met de huidige regering is enorm, ze had bij haar start slechts dertig jaar ervaring. Hoewel we aanvoelen dat dit tekort aan ervaring ook in het nadeel van de nieuwe ploeg speelt, was het zeker op het begin van de regeerperiode vooral een voordeel. Journalisten wijzen erop dat men extra kansen heeft gegeven en dat men de schuld vaak kon doorschuiven naar de voorgangers.

De laatste mogelijke verklaring die ik van naderbij heb bekeken is het beleid van de twee regeringen. Na een analyse van de agenda van de ministerraad over de laatste tien jaar, bleek er daar ook een enorm verschil te bestaan tussen de twee regeringen. De regeringen Dehaene hielden zich vooral bezig met thema’s als belastingen, begroting en Europese Integratie. Hoewel dit een logisch gevolg is van de toetreding tot de EMU, zal het de regering zeker niet populair hebben gemaakt bij de bevolking. Onder andere door de betere economische situatie en door de verwezenlijkingen van de voorganger, is de regering Verhofstadt er in geslaagd om zich met heel andere beleidsterreinen bezig te houden. Werkgelegenheid, asielbeleid en mobiliteitsbeleid, we doen geen uitspraak over de kwaliteit van het beleid maar de regering hield zich er alvast meer mee bezig. De grotere aandacht aan sociale thema’s ligt dus ook mee aan de basis van het grotere vertrouwen dat de regering Verhofstadt geniet bij de bevolking.

Een betere economische situatie, een open en professionele communicatie, het nieuwe en de aandacht voor sociale thema’s bepalen dus te samen het vertrouwen in de regering. Wat betekent dit nu voor de toekomst van deze regering? Het gaat immers slecht met de economie wat onmiddellijk ook de ruimte voor sociale thema’s beperkt en echt nieuw is de regering Verhofstadt na drie jaar ook niet meer te noemen. De ware kracht van het beleid en van de communicatie van dat beleid door deze regering zal dus de volgende maanden te zien zijn. Gaat de regering mee ten onder met de economie of houdt ze zich sterk dankzij haar communicatie en haar beleid?

 

Voor de volledige thesis: www.uia.ac.be/psw

Voor alle reacties: michielnuytemans@hotmail.com

 

Universiteit of Hogeschool
Publicatiejaar
2002
Share this on: