Creatief musiceren

Linde Platteau
Persbericht

Creatief musiceren

CREATIEF MUSICEREN

 

Inleiding

 

 Het is goed om jezelf te zijn in deze wereld, jezelf te ontplooien en je talenten te ontwikkelen. Voor jongeren met een verstandelijke beperking is dat een opgave die niet te onderschatten is. Met mijn project “muziekklas, een poging tot integratie en participatie van jongeren met een lichte tot matige verstandelijke beperking” wil ik deze jongeren extra mogelijkheden bieden, althans wat betreft één aspect van het leven: de vrijetijdsbesteding.

 

Beginsituatie

 

 Als studente orthopedagogie heb ik stage gelopen in een buitenhuis van een Medisch Pedagogisch Instituut voor jongeren van 11 tot 21 jaar met een lichte tot matige verstandelijke beperking en autisme spectrumstoornissen. Ik leerde er hoe belangrijk het voor deze jongeren is om “er bij te kunnen horen”.

 In de sociale sector heerst er een algemene visie van integratie, inclusie, keuzevrijheid, empowerment en emancipatie. Deze theoretische termen begrijp je pas echt als je zelf in het werkveld staat en omgaat met personen die soms op de rand van de samenleving balanceren, die door de maatschappij een etiket meekrijgen en die op basis daarvan een welbepaalde behandeling krijgen. Gelukkig begrijpt men langzaam maar zeker dat de nadruk moet gelegd worden op het “mens – zijn” en niet op het “anders – zijn”. Deze jongeren moeten gestimuleerd worden  om deel te nemen aan het “gewone” leven: boodschappen doen, naar de bib gaan, sporten, … Er wordt gewerkt aan inclusie.

 Toch is er in realiteit nog een groot verschil met dat gewone leven. Al wonen deze jongeren nu in een dorp in plaats van in een grote instelling, al doen ze dingen die iedereen doet, men merkt snel dat het om “speciale” jongeren gaat. De gelijkenissen met leeftijdsgenoten zijn groot, maar ze krijgen geen gelijke kansen omwille van dat verkregen etiket, hun verleden, de praktische organisatie die het wonen in een leefgroep met zich meebrengt, enzovoort. Ze worden gedwongen om in een bepaald stramien te lopen waarin weinig vrijheid is voor hun eigen keuzes. Hun kansen tot ontplooiing en ontwikkeling worden op die manier ontegensprekelijk beperkt.

 

Het project: muziekklas, een poging tot integratie en participatie van jongeren met een lichte tot matige verstandelijke beperking via zinvolle vrijetijdsbesteding

 

 Het cultureel centrum De Ploter in Ternat heeft eveneens de visie dat iedereen gelijke kansen moet krijgen, in het bijzonder mensen die in de samenleving al wat achteruit geduwd worden omdat ze niet beantwoorden aan de normen die door de maatschappij worden opgelegd.

Zij stonden eveneens achter de doelstelling om via het oprichten van een muziekklas de keuzemogelijkheden qua vrijetijdsbesteding van deze jongeren te vergroten en hen te stimuleren op die manier zichzelf te kunnen zijn, hun eigen “ding” te kunnen doen. 

Via OC De Ploter kon ik beschikken over een gemeentelijke subsidie van 400 euro om dit project te realiseren. Dat bedrag liet me toe om gedurende twee maanden een tiental percussie – instrumenten te huren.

 Nadat ik mijn doelstellingen motiveerde aan de muziekschool van Ternat, had ik ook hun medewerking. Een dergelijk aanbod bestaat slechts in een klein aantal gemeenten. Ternat vervult hier dan eveneens een voorbeeldfunctie. Zij boden mij een lokaal aan met piano waar ik de lessen kon organiseren.

 

 Wekelijks kwamen twee jongeren afzonderlijk gedurende dertig minuten naar de les. We gingen in op elk aspect van muziek, maar telkens op een individueel aangepaste manier. Elke les was verdeeld in zes “momenten”: zingen, in een muziekboek lezen, iets leren over muziektermen, ritme, piano en een keuzemoment. De nadruk lag steeds op plezier, het moest een hobby blijven. Het was niet mijn intentie hen te laten streven naar welbepaalde doelen, wel hen aan bod te laten komen en zichzelf te uiten zoals ze werkelijk zijn. Ik noemde het creatief musiceren.

 Gedurende de twee maanden dat ik deze halfuurtjes met hen deelde, leerden zij liedjes spelen op de piano, ze leerden zingen, wat bijdroeg tot hun spraakvermogen, ze leerden sociale vaardigheden, aangezien we tijd maakten voor complimentjes en luisteren naar muziek en naar elkaar, ze leerden via ritme – oefeningen hun fijne motoriek te verbeteren, ze leerden praten over wat ze zelf graag wilden. Ze leerden – mits ondersteuning- hun vrije tijd zinvol in te vullen.

 

Conclusie

 

 Van in het begin van de stage speelde ik met het idee iets te doen rond muziek. Het project zou echter gedoemd geweest zijn om te mislukken als ik niet was vertrokken van wat de jongeren zelf wilden. Het is heel belangrijk om voortdurend hun wensen na te gaan en hen te ondersteunen in het zoeken naar antwoorden op vragen en problemen die ze zelf niet altijd kunnen formuleren. Lang op voorhand deden we samen al dingen rond muziek en hadden we gesprekken over wat ze nog wilden doen in hun vrije tijd. Op basis daarvan en vertrekkend vanuit de visie van het medisch pedagogisch instituut en het buitenhuis waar ik stage liep, gaf ik invulling aan dit project. Opvoeder zijn, is dan ook meer dan het dagelijkse leven van deze jongeren in goede banen leiden. Het is steeds weer doordacht handelen en reflecteren om zo een meerwaarde te kunnen zijn voor deze jongeren.

 

 Dit project was een test om na te gaan wat de mogelijkheden zijn in de toekomst. Het werd doorgegeven aan het cultureel centrum de Ploter en aan de muziekschool van Ternat. Hiermee wil ik aangeven dat er echt nog wel een gaatje is dat voor deze doelgroep opgevuld kan worden. Het was een startsein, een oranje knipperlicht dat aangeeft dat er nog werk aan de winkel is. De deur staat open, mijn bedoelingen zijn geslaagd. Ik heb kunnen aantonen dat dit initiatief wel degelijk de moeite waard is.

Universiteit of Hogeschool
Orthopedagogie
Publicatiejaar
2003
Share this on: