Ergotherapeutische zorg bij allochtone kinderen in de thuissituatie

Inge Claessens

 




 
 
 
 


 
 



 


 






Inge Claessens









 
 
 
 




Omdat we te maken hebben met andere culturen, gaan we eerst het aspect cultuur, met onderlinge verschillen, uitdiepen. Hiervoor baseren we ons op het werk van Geert Hofstede, Allemaal Andersdenkenden. We bekijken cultuur als mentale programmering alsook dimensies van een cultuur. Daarna komen aspecten die de hulpverlening kunnen beïnvloeden aan bod.

Ergotherapeutische zorg bij allochtone kinderen in de thuissituatie

 

 
 
 
 

 
 

 

 

Inge Claessens

 

 

 

 


Omdat we te maken hebben met andere culturen, gaan we eerst het aspect cultuur, met onderlinge verschillen, uitdiepen. Hiervoor baseren we ons op het werk van Geert Hofstede, Allemaal Andersdenkenden. We bekijken cultuur als mentale programmering alsook dimensies van een cultuur. Daarna komen aspecten die de hulpverlening kunnen beïnvloeden aan bod. Deze aspecten zijn eigen aan allochtonen en hun cultuur en hiermee dient de ergotherapeut rekening te houden bij het geven van zorg aan allochtone ouderen.


 

 

Onze huidige samenleving is multicultureel. Tevens hebben we te maken met vergrijzing van de samenleving. De eerste generatie van allochtonen wordt hulpbehoevend. Binnen de ergotherapie is er nood aan afstemming op deze ‘nieuwe’ doelgroep, allochtone ouderen. Het geven van zorg op maat houdt dus in dat de ergotherapeut rekening gaat houden met het fenomeen cultuur en de onderlinge verschillen tussen onze cultuur en de cultuur van allochtonen.

 

Methodiek

 

Mijn onderzoek is gebaseerd op bestaande literatuur en reeds uitgevoerde onderzoeken. Toch heb ik de theorie deels kunnen linken aan ervaringen die ik heb opgedaan bij het Wit-Gele Kruis in Genk. Ik ben bij vele allochtone ouderen geweest en heb daar goed kunnen observeren.

De doelgroep bestaat vooral uit ouderen van Turkse en Marokkaanse afkomst, omdat zij nog in de thuissituatie opgevangen worden.

 

Resultaten

 

Om het begrip cultuur uit te diepen heb ik me gebaseerd op een onderzoek van Geert Hofstede. Hij bekijkt cultuur als een mentale programmering, die zijn bronnen vindt in de sociale omgeving. Volgens Hofstede bestaat de mentale programmering uit drie niveaus: persoonlijkheid, cultuur en menselijke natuur.

Verder geeft Hofstede vier dimensies van nationale culturen. Deze dimensies kan men gebruiken om culturen met elkaar te vergelijken. De dimensies zijn: individualisme en collectivisme, masculien en feminien, onzekerheidsvermijding, machtsafstand.

 

 

 

 

 

Cultuur als mentale programmering volgens Hofstede

 

 

 

Ook geeft Hofstede aan hoe culturele verschillen zich uiten. Hij maakt hiervoor gebruik van een ui-diagram. Dit ui- diagram geeft culturele verschillen tussen mensen weer en deze verschillen veruitwendigen zich in symbolen, helden, rituelen en waarden.

 

Ik heb ook onderzoek gedaan naar aspecten die de hulpverlening bij allochtone ouderen kunnen beïnvloeden. Hier heb ik me vooral gebaseerd op een onderzoek van Jo Kavs en het werk van Danielle Van Es.

De huidige allochtone ouderen zijn de eerste generatie arbeidsmigranten. Ze werden aangeworven om in de mijnbouw te werken, maar kwamen ook in de grote steden en havens terecht. Hun zorgvraag is niet anders dan die van autochtone ouderen, maar allochtone ouderen voelen zich vroeger oud. Ook zitten zij met twee soorten dilemma’s: het terugkeerdilemma en het zorgdilemma. Wanneer allochtone ouderen in een slechte gezondheid verkeren willen de meeste toch in  België blijven. Dan is er wel een dilemma tussen mantelzorg of zorg door professionele diensten. Dit tweede dilemma, het zorgdilemma, steunt op traditie, cultuur en geloof.

 

Een zeer belangrijk aspect binnen de zorgverlening is het aspect (interculturele) communicatie. Met interculturele communicatie tracht men grenzen te overbruggen tussen mensen met verschillende sociaal-culturele achtergronden. Goed contact is een voorwaarde voor goede communicatie en goede communicatie verhoogt de kans op effectief gedrag, dit maakt dat de geboden hulp meer resultaat heeft. Om interculturele communicatie vlot en duidelijk te laten verlopen, kan men het TOPOI- model gebruiken van Hoffman en Arts. TOPOI staat voor Taal, Ordening, Personen, Organisatie en Inzet in communicatie.

 

Mijn onderzoek bevat ook een deel over de godsdienst van allochtone ouderen, namelijk de islam. De islam is vooral een manier van leven en het fundament ervan bestaat uit vijf zuilen: de sjahada of geloofsbelijdenis, de salat of het gebed, de vasten, de zakat of de aalmoes, de hadj of de pelgrimstocht. Belangrijk hierbij is ook dat Turkse en Marokkaanse ouderen ziekte en gezondheid beschouwen als gaven van Allah.

 

Ik heb ook verschillende redenen aangehaald waarom allochtone ouderen weinig gebruik maken van Vlaamse diensten en voorzieningen. Enkele redenen zijn dat slechts een deel van de allochtone ouderen zorgbehoevend is, financiële redenen, allochtone ouderen zijn vaak niet op de hoogte van bestaande diensten en voorzieningen. Dit blijkt vooral uit het onderzoek van Jo Kavs.

 

Discussie

 

Mijn onderzoek vormt tot nu toe een goede theoretische basis om op verder te werken. De volgende stap zal bestaan uit deze theoretische basis te koppelen aan ergotherapie. Wat heeft de ergotherapeut in de thuissituatie te bieden en dit specifiek bij allochtone ouderen. Het zal een omschrijving worden van mogelijke problemen en hierbij mogelijke oplossingen. Voor deze oplossingen ga ik medewerking vragen aan Houssein Boukhriss. Hij heeft reeds verscheidene boeken geschreven aangaande allochtonen en geeft ook cursussen i.v.m. het omgaan met allochtonen.

Uit mijn ervaringen bij het Wit-Gele Kruis is mij vooral opgevallen dat de communicatie de grootste struikelblok is. Het Turks is zowel een gesproken als een geschreven taal. Het Marokkaans echter is eigenlijk een dialect, wat niet in een geschreven vorm bestaat. Om te schrijven gebruiken de Marokkanen het Arabisch. Hierbij is er echter een probleem: de meeste allochtone ouderen zijn analfabeet.

 

 

Communicatie is de grootste struikelblok

 

Mijn onderzoek richt zich op allochtone ouderen in de thuissituatie omdat de meeste nog zorg ontvangen van mantelzorgers. In de rusthuizen is er nog geen allochtone, hiermee bedoel ik Turkse en Marokkaanse, populatie.

Zo richt ik me op twee ‘nieuwe’ terreinen, de ergotherapie in de thuissituatie gaat in de toekomst zeker en vast uitgebreid worden en de doelgroep, allochtone ouderen, is iets wat we niet uit de weg kunnen gaan.

 

Dit biedt ook een mogelijkheid voor de opleidingen ergotherapie om het aanbod te verruimen. Hoe omgaan met allochtonen.

 

Besluit

 

De rol van de ergotherapeut bij allochtone ouderen is iets waar we nu iets meer van weten. Het is zeker en vast iets waar nog meerdere onderzoeken naar gedaan kunnen worden.

In het werken met allochtonen zal de zorgvraag niet veel zal verschillen in die van autochtonen, maar de aanpak zal het verschil maken.

Bibliografie

Literatuur

 

BOEKEN

 

DE MUYNCK, A., TIMMERMAN, C., Interculturele communicatie in de gezondheidszorg. Acco, Leuven/Amersfoort, 1998.

 

HOFFMAN, E., Interculturele gespreksvoering. Theorie en praktijk van het TOPOI – model. Bohn Stafleu Van Loghum, Houten, 2002.

 

HOFSTEDE, G., Allemaal andersdenkenden. Omgaan met cultuurverschillen. Contact, Amsterdam, 2002.

 

VAN ES, D., De migrant als patiënt. Een oriëntatie voor hulpverleners in de gezondheidszorg. Elsevier gezondheidszorg, Maarssen, 2000.

 

ONDERZOEK

 

KAVS, J., CUYVERS, G., De huidige en toekomstige behoeften van allochtone ouderen aan welzijns- en gezondheidsvoorzieningen. Katholieke Hogeschool Kempen, Departement Sociaal Werk, Geel, 2001 (in opdracht van Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap Afdeling Algemeen Welzijnsbeleid).

Universiteit of Hogeschool
Ergotherapie
Publicatiejaar
2004
Share this on: