Form Follows Fiction. De nieuwe utopie van Ground Zero

Marijke Beerens
De nieuwe utopie van Ground Zero
 
11 september 2001. Slechts enkele uren na zonsopgang werd New York al weer volledig in het duister gehuld. De hele wereld keek geschokt mee hoe een enorme stofwolk het leven uit de anders zo vitale stad verdreef en plaats maakte voor de dood. Al snel rees de vraag welke feniks er uit de as van het verdwenen World Trade Center zou herrijzen. Voor de eerste keer in zijn geschiedenis ervoer New York de nood aan een gedenkteken: de stad met een natuurlijke afkeer van monumenten, de stad die sinds zijn ontstaan steeds vooruit had gekeken, de stad zonder verleden.

Form Follows Fiction. De nieuwe utopie van Ground Zero

De nieuwe utopie van Ground Zero

 

11 september 2001. Slechts enkele uren na zonsopgang werd New York al weer volledig in het duister gehuld. De hele wereld keek geschokt mee hoe een enorme stofwolk het leven uit de anders zo vitale stad verdreef en plaats maakte voor de dood. Al snel rees de vraag welke feniks er uit de as van het verdwenen World Trade Center zou herrijzen. Voor de eerste keer in zijn geschiedenis ervoer New York de nood aan een gedenkteken: de stad met een natuurlijke afkeer van monumenten, de stad die sinds zijn ontstaan steeds vooruit had gekeken, de stad zonder verleden. NY groeide in de loop van de jaren uit tot de meest monumentale stad ter wereld. We vinden er geen monumenten of obelisken, maar torenhoge wolkenkrabbers volgestouwd met kantoren. Gebouwen met een geladen symbolisch verleden zijn er nauwelijks. Naast de verzameling skyscrapers springen bruggen en verkeerstunnels in het oog. Dit is een stad die bruist van vitaliteit, waar men enkel voorwaarts kijkt. Door NY kreeg het begrip metropolis zijn eerste betekenis.

Sinds eeuwen beweren de Amerikanen te leven in een land waar het maakbare geluk triomfeert. Een land dat zij zelf ‘geschapen’ hebben. In zijn boek Sideraal Amerika noemt Jean Baudrillard de VS ‘het land van de gerealiseerde utopie’. Vanuit hun onverschrokken geloof in de moderne mythe van de vooruitgang en vanuit hun eeuwig optimisme wilden de Amerikanen met de stad NY de hele wereld overtuigen van hun grenzeloze capaciteiten. Zo werd in 1974 het World Trade Center voltooid. Het hoogste gebouw ter wereld triomfeerde als een symbool van de Amerikaanse macht en prestige. De Tweeling werd het architecturale boegbeeld van het Amerikaanse Model. Nu, dertig jaar later, zal op dezelfde plek een gebouw komen te staan dat nog hoger en grootser moet worden dan het WTC. ‘The sky is the limit’ en dat geldt nog steeds. Of is er toch iets veranderd sinds 09.11, de dag waarop de zon ’s morgens al onder ging?

Voor de eerste keer in zijn geschiedenis kent NY een gebeuren met een tragische dramatiek die geen vergetelheid verdraagt. Het nieuwe gebouw zal geen fonkelende ‘futuropolis’ meer zijn zoals het WTC. Het zal verwijzen naar de zwartste dag uit de ‘blijde’ geschiedenis van NY. De fundamenten van de ‘Freedom Tower’ liggen verankerd in een donker verleden en niet, zoals alle andere wolkenkrabbers in de stad, in een rooskleurige toekomst. Ondertussen is de eerste steen van het nieuwe gebouw al gelegd. Na een langdurig selectieproces werd Daniel Libeskind aangesteld als de meester-architect van Ground Zero. Met zijn ontwerp vol emoties won hij binnen de kortste keren de harten van de New Yorkers voor zich. Zijn masterplan herdenkt enerzijds een pijnlijk verleden en belooft anderzijds een toekomst zonder de gruwel van 09.11.

De aanduiding van Libeskind als architect van Ground Zero ging echter niet over één nacht ijs. Van in het prille begin werd duidelijk dat de heropbouw met heel wat getouwtrek gepaard zou gaan. Enerzijds was er het financiële en economische aspect maar anderzijds moest er voorzichtig omgegaan worden met het collectieve verdriet van de New Yorkers. Er ontstond een onvermijdelijk gevecht tussen de rouwenden en de geldschieters, tussen het Verdriet en het Kapitaal. De vastgoedontwikkelaars wilden kantoorruimtes van topniveau. De families van de slachtoffers eisten een waardig gedenkteken. De dubbele aanslag had immers van Ground Zero een begraafplaats gemaakt.

In juli 2002 werden in het Javits Center de eerste ontwerpvoorstellen bekendgemaakt. Op de schermen verschenen beelden van anonieme blokkentorens temidden van… nog meer anonieme blokken. Er was nauwelijks een verschil tussen de nieuwe voorstellen en de al bestaande omliggende gebouwen. Om nog maar te zwijgen over de zes concepten onderling. Het waren enkel variaties op hetzelfde thema, het resultaat van meerdere testen om het grootste aantal torens op de beschikbare oppervlakte te kunnen bouwen. Geen vierkante meter kostbare grond mocht verloren gaan. Het Kapitaal had berekend, het Verdriet was in de kiem gesmoord. De mythe NY bleef overeind. Ergens was er wel een herdenkingsruimte voorzien, maar die zat nog in de ontwerpfase. In feite was het slechts het lapje grond dat overbleef. Een naam en een beperkte oppervlakte, daarmee moesten de familieleden van de slachtoffers het stellen. Het financiële hart van Manhattan daarentegen zou hersteld worden door een aantal torens, die op enkele details na, zo goed als ‘bouwklaar’ leken te zijn. De aanwezigen in het Javits Center moesten enkel nog hun stem uitbrengen.

Het werd een zeer kritische stem. De reactie was algemeen: in plaats van een democratisch proces was dit een door Big Brother gecoördineerd spel tussen geldschieters en projectontwikkelaars, waarin voor de inwoners van NY geen rol was weggelegd. Onder democratische druk gezet, veranderde de New Yorkse overheid van aanpak en schreef een internationale ontwerpwedstrijd uit. Over de hele wereld waagden architecten zich aan het ontwerp voor Ground Zero. Uit de 406 inzendingen werd een selectie gemaakt van zeven teams. De keuze was nu aan het publiek. Via een grootschalige campagne werden de nieuwe voorstellen gelanceerd op publieke zittingen en tentoonstellingen, in kranten en tijdschriften, op de televisie en het Internet. De reacties op de ‘Plans in Progress’-campagne waren positief en er werd dan ook massaal gestemd. Als resultaat werd in februari 2003 officieel meegedeeld dat Libeskind de architect van Ground Zero zou worden.

De prioriteiten van de New Yorkers lagen dus duidelijk bij een waardevol ontwerp vol herinnering en emotie. Libeskind, sinds zijn ontwerp voor het Joods Museum in Berlijn ‘de architect van het verdriet’ genoemd, doet ook hier zijn naam alle eer aan. Met zijn plan voor Ground Zero zal dus voor het eerst in de Metropool een dominant gebouw verrijzen dat niet enkel naar de toekomst verwijst, maar dat ook de herinnering aan het verleden levend zal houden. Het utopische en optimistische denken uit het modernisme lijkt plaats gemaakt te hebben voor een eerder postmoderne gevoeligheid. Het nieuwe gebouw op Ground Zero zal niet meer de uitdrukking zijn van een perfect beheerste en maakbare wereld zonder herinnering, maar eerder de verbeelding van een beloftevolle toekomst die voortkomt uit de verwerking van het ‘ondenkbare drama’ van 09.11.

De humanist Thomas More ontwierp in zijn Utopia de gedachte aan een betere, toekomstige wereld van, voor en door de verlichte mensheid. Libeskinds ontwerp wijst die utopische gedachte niet af. Zijn ontwerp is geen dystopie. Libeskind humaniseert het utopische humanisme van de utopolis Manhattan, NY. Midden in het wereldcentrum van de ‘Global Capital’ installeert zich de collectieve verwerking van het verdriet van Zwarte Dinsdag. De architecturale versmelting van troost én hoop vormt het democratische vermogen van de nieuwe utopische architectuur die uit de as van 09.11 zal herrijzen. Of zal dat toch een utopie blijken te zijn?

Universiteit of Hogeschool
Architectuur
Publicatiejaar
2004
Share this on: