De bescherming van minderheidsaandeelhouders in een rechtsvergelijkend perspectief: een leximetrische studie van de Belgische beschermingsmaatregelen

Anne-Sophie Vankemmelbeke
 

quotering van aandeelhoudersbescherming resulteert in richtlijnen voor de overheid.  
 

Waarom aandeelhoudersbescherming
 
Aandeelhoudersbescherming is een hot topic. Een golf van schandalen en de financiële crisis hebben het vertrouwen van de minderheidsaandeelhouder in het bestuur van de vennootschap diep geschokt en de relatie tot de grootaandeelhouder sterk geschaad. Zulke praktijken doen meer en meer de vraag rijzen naar de bescherming van de aandeelhouder tegen het bestuur en van de minderheids- tegen de meerderheidsaandeelhouder.

De bescherming van minderheidsaandeelhouders in een rechtsvergelijkend perspectief: een leximetrische studie van de Belgische beschermingsmaatregelen

 

quotering van aandeelhoudersbescherming resulteert in richtlijnen voor de overheid.  
 

Waarom aandeelhoudersbescherming
 
Aandeelhoudersbescherming is een hot topic. Een golf van schandalen en de financiële crisis hebben het vertrouwen van de minderheidsaandeelhouder in het bestuur van de vennootschap diep geschokt en de relatie tot de grootaandeelhouder sterk geschaad. Zulke praktijken doen meer en meer de vraag rijzen naar de bescherming van de aandeelhouder tegen het bestuur en van de minderheids- tegen de meerderheidsaandeelhouder. Vraag- en vorderingsrechten, onafhankelijk bestuurders enz. kunnen het vertrouwen in de belegging en op een toekomstig rendement opkrikken.
 
Verschillende landen proberen dan ook de de bescherming systematisch op te trekken, zowel via wetten,  als via ‘soft law’. Soft law staat voor normen zonder kracht van wet maar die door hun specifieke karakter in grote mate worden nageleefd. Een van de recentste vormen hiervan zijn corporate governance -codes. Dit zijn richtlijnen voor bedrijven waarbij ze de keuze hebben om deze al dan niet na te leven. In het laatste geval moeten ze zich wel verantwoorden waarom ze dit niet doen.
 
Niettemin stelt men zich niet de vraag  welke bron (wet, soft law, rechtspraak,…) hierbij het best kan worden aangewend.. Ook onderzoekt men niet of  de Europese of eerder de nationale overheid moet reguleren. Sterker nog, men vraagt zich zelfs niet af of die systematische verhoging op termijn wel een goede evolutie is.
Als er al studies verricht werden hierover, valt het op dat België zelden tot nooit onderzocht werd.
 
Deze studie probeerde dit tekort op te vangen door als eerste in België op een verregaande manier een nieuwe, uitdagende onderzoeksmethode toe te passen, de “leximetrie”, om de Belgische aandeelhoudersbescherming van 1970 tot 2010 in kaart te brengen en aanbevelingen te formuleren.
 
Leximetrie of quoteren van juridische normen
 
Bij de leximetrische methode wordt een lijst opgesteld met algemene stellingen die verschillende wijzen om de aandeelhouder te beschermen, omschrijven (een “index”) en waarbij men gaat kijken in welke mate een land die bescherming biedt. Men kan de bescherming bieden via o.m. wetgeving, rechtspraak, soft law of zelfs vaste praktijken van de ondernemingen. Voor elke stelling wordt een score toegekend van 0, 1, of een cijfer tussenin.
De wijze van beoordeling werd vooraf nauwgezet toegelicht met het oog op  objectivering en de gebruikte index werd bekritiseerd en waar mogelijk gecorrigeerd. De resultaten  werden grafisch voorgesteld.   
 
Resultaten & Richtlijnen
 
1.Zichtbare harmonisatie niet goed
Deze studie gebruikt één van de meest gedetailleerde indexen die reeds zijn opgesteld, m.n. die van Siems en Lele. Hun lijst bevat 40 stellingen en bestrijkt zowel de bescherming tegen de grootaandeelhouder als deze tegen het bestuur. De resultaten van deze auteurs uit vijf andere landen werden in deze studie aan de eigenhandig verworven Belgische resultaten gekoppeld. De in de grafiek zichtbare  harmonisering tussen de landen van de aandeelhoudersbescherming leidt tot de vraag of dit wel positief is. Daar heel veel verschillende theorieën moesten worden aangewend om de verbanden te kunnen verklaren tussen de grafieken. en dan nog eens doorkruist werden door economische en sociale invloeden, werd geconcludeerd dat één aandeelhoudersbeschermingsniveau voor alle landen (een niveau dat duidelijk ieder jaar steeds hoger en hoger wordt gelegd) niet ideaal is. Er zijn teveel landenspecifieke eigenheden hiervoor.
 
2. Soft law beter als standaardbron
Vervolgens werd een afzonderlijke quotering doorgevoerd per rechtsbron per stelling per jaar over dezelfde periode. De score varieert naarmate een  rechtsbron heeft bijgedragen tot de verhoging van de aandeelhoudersbescherming. Uit de resultaten kon de evolutie waargenomen worden van het belang van de bronnen over 40 jaar; daaruit bleek duidelijk dat geen van de bronnen zaligmakend was op zich, maar ze allen hun steentje bijdroegen op hun eigen manier. De wet profileerde zich wel naar het einde toe meer en meer als standaardbron.  Opvallend was wel dat vele van de voorgestelde soft law- regelen  niet werden nageleefd en dat de wetgever deze in 2010 heeft omgezet in wetten. Uit het derde deel van de studie, dat hieronder wordt toegelicht, bleek dat het feit dat vele van deze soft law-regelen niet werden nageleefd, moet geïnterpreteerd worden als een signaal van de markt dat zij geen verhoging van de bescherming zou wensen.
Het feit dat soft law dus de marktwens weerspiegelt maar dat deze bron ook zeer flexibel is aangezien men ze niet moet naleven mits een goeie verklaring en het feit dat de naleving ervan goed gedocumenteerd is, leidde tot de conclusie dat soft law beter zou zijn als standaardbron in deze rechtstak.
 
3.Minder is beter
In een laatste fase werd ook een correlatie- en regressieanalyse toegepast, wat een moeilijk woord is voor het zoeken naar verbanden tussen rijen gegevens.
Een positief verband betekent dat als bepaalde rij gegevens (x) in stijgende lijn gaat dat een andere rij gegevens (y) hierdoor ook in stijgende lijn gaat.
Vooreerst werd onderzocht  of er een verband is tussen de hoger geworden Belgische aandeelhoudersbescherming en de evolutie van de Belgische  beurs. De analyse geeft aan dat de hogere bescherming leidt tot hogere beursactiviteit. Daaruit werd afgeleid dat de hogere aandeelhoudersbescherming leidt tot meer vertrouwen in het handelen op de beurs.
Ten tweede werd gekeken of er een verband bestaat tussen de steeds hogere aandeelhoudersbescherming en de opbrengsten van een vennootschap.
Hier werd waargenomen dat de hogere bescherming leidt tot een vermindering van de rendementen van de bedrijven. Daaruit werd geconcludeerd dat  de verhoging van de aandeelhoudersbescherming zijn nadelen heeft. De trend naar systematische hogere bescherming zonder de landenspecifieke eigenheden in acht te nemen, is geen goede evolutie. De kosten van de bescherming (vb. het instellen van onafhankelijke bestuurders, comités, vraagrechten) wegen niet op tegen de baten ervan. Dit is allemaal zeer belangrijk want aandeelhouders willen naast bescherming ook opbrengsten zien.
 
Deze conclusies leidden tot de aanbeveling om een “minder is beter-houding” aan te nemen, wat wil zeggen dat we de hoeveelheid bescherming moeten verminderen opdat de prestaties van de vennootschappen zouden verbeteren. We moeten zoeken naar die stellingen die de vennootschapsprestaties negatief beïnvloeden, daarbij rationeel nadenkend over hun nut en noodzaak. 
 
Besluit
Het mag duidelijk zijn dat deze studie door het creëren van een uitgebreide databank, het uitdiepen en verregaand toepassen van de leximetrie en daarmee richtlijnen formulerend voor de overheid over een zeer actueel thema waar de kleine man zijn eigen situatie in erkent, een aanzienlijke bijdrage heeft geleverd. Nu valt enkel nog te hopen dat de Belgische beleidmakers deze stem te horen krijgen en de aanbevelingen ter harte nemen.

Bibliografie

 

Bibliografische lijst
 
A. Rechtspraak
1.          HvJ 148/78, Ratti, Jur. 1970, 1629.
 
2.          HvJ 148/81, Commissie v. België, Jur. 1982, 3555.
 
3.          HvJ 152/84, Marshall, Jur. 1986, 723.
 
4.          HvJ 208/00, Überseering BV v. Nordic Construction Company Baumanagement GmbH, Jur. 2000, I, 9919.
 
5.          HvJ 33/70, SACE, Jur. 1970, 1213.
 
6.          HvJ 46/88, Commissie t. België, Jur. 1989, 1133.
 
7.          HvJ 6/90 en 9/90, Francovich/ Bonifaci v. Italië, Jur. 1995, I, 3843.
 
8.          HvJ 46/88, Commissie t. België, Jur.1989, 1133.
 
9.          HvJ 9/70, Franz Grad, Jur. 1970, 825.
 
10.       HvJ 91/92, Faccini Dori, Jur. 1994, I, 03325.
 
11.       HvJ C-106/89, Marleasing, Jur. 1990, I, 4135.
 
12.       HvJ C-212/97, Centros Ltd v. Erkhvers-og Selskabssssyrelsen, Jur. 1999, I, 1459.
 
13.       Arbitragehof Fr. 6 mei 1964, Grenoble, Gaz. Pal. 1964, 2, 208.
 
14.       Cass. 13 februari 1890, Pas 1891, I, 332.

15.       Cass. 10 maart 1904, RPS 1905, 4, nr. 1578.
 
16.       Cass. Fr 2 juli 1924, RPS 1925, 261, nr. 2638.

17.       Cass. 18 juni 1925, Pas. 1925, I, 297.
 
18.       Cass. 26 april 1948, Pas. 1948, I, 277.
 
19.       Cass. 21 juni 1956, Pas. 1956, I, 1158;
 
20.       Cass. 30 april 1970, Pas. 1970, I, 749.
 
21.       Cass. 4 april 1975, RW 1974-75, 2461.
 
22.       Cass. 12 februai 1981, BRH 1981, 154, noot B. Van Bruystegem.
 
23.       Cass. 4 maart 1982, RCJB 1984, 175, noot M. Fontaine.
24.       Cass. 29 september 1988, RW 1988-89, 849.
 
25.       Cass. 13 april 1989, RW 1989-90, 253-256.
 
26.       Cass. 23 augustus 2003, C.01.0536.F, TBH 2003, 836, Jv. Cass. 2002, 42-43, www.cassonline.be/easycms/jaarverslagen?PHPSESSID=84b7c537e04d402bc0ffe….
 
27.       Cass. 26 februari 2009, AR. F.07.0043.N, http://jure.juridat.just.fgov.be/?lang=nl&jur=1.
 
28.       Brussel, 2 januari 1904, Pas.1905,III, 308.
 
29.       Gent 3 februari 1906, RPS 1907, 302, nr.1713.

30.       Brussel 27 juni 1931, RPS 1932, 137, nr 3214, bevestiging van Kh. Brussel 22 maart 1930.
 
31.       Antwerpen, 23 september 1976, RW 1976-77, 1518.
 
32.       Luik, 15 januari 1980, RPS 1980, nr. 6082.
 
33.       Luik 12 januari 1981, RPS 1962, 146.
 
34.       Brussel 20 maart 1981, RPS 1981, 133.
 
35.       Brussel 5 oktober 1988, TBH 1989, 883, noot L. Liefsoens.
 
36.       Brussel 1 maart 1988, TRV 1988, 115, noten S. RAES, K. GEENS en M. WYCKAERT; JT 1988, 232.
 
37.       Luik 22 oktober 1992, JDSC 2000, 105; Pas. 1992, II, 117; TBH 1994, 1017, noot F.D.B.
 
38.       Brussel (8ste k.) 18 juni 1996, TRV 1996, 494.
 
39.       Brussel 4 mei 2000,DAOR 2000, 237.

40.       Brussel 21 januari 2003, TRV 2004, afl. 6, 606, noot M. Wyckaert.

41.       KG Verviers, 10 juni 1964, RPS 1965, 28, nr. 5249.
 
42.       KG Brussel 17 mei 1988,JDSC 2005, 77; JLMB 1988, 978;RPS 1988, 218.
 
43.       KG Luik 12 april 1991, JT 1992, 8, noot Darville-finet.
 
44.       KG Brugge, 15 juli 1993, A.R. 1804, onuitg.
 
45.       KG Brussel 15 juli 1996, TBH 1997, 262.
 
46.       Rb. Brussel 31 maart 1903, RPS 1904, 25.
 
47.       Kh. Brussel 8 februari 1907, JCB 1908, 189.
 
48.       Kh. Brussel 23 december 1922, JCB 1923, 27.
 
49.       Kh. Brussel 17 maart 1923, RPS 1924, 262.
 
50.       Rb. Remronde 19 juli 1924, RPS 1926, 30, nr. 2260.
 
51.       Kh. Brussel 21 maart 1960,RPS 1961, 296, nr. 5022.
 
52.       Kh. Brussel 31 januari 1980, BHR 1980, 420.
 
53.       Kh. Brussel 23 november 1981, BRH 1982, 532.
 
54.       Kh. Brussel 31 januari 1988, TBH 1980, 420-434.
 
55.       Voorz. Kh. Brussel 6 november 1987, TRV 1988, 314, noot J. Ronse.

56.       Voorz. Kh. Oudenaarde 19 april 1994, V&F 1997, 325.
 
57.       Kh. Ieper 17 mei 1999,JDSC 2001, 236; TRV 1999, 534, noot; V&F 1999, 247.
 
58.       Weinberger v. UOP, Inc., 457 A.2d 701 (Del. 1983).
 
59.       Cede & Co. V. Technicolor, Inc., 634 1.2d 345 (Del. 1993).
 
B.   Rechtsleer
 
1.          Ahlering, B., en Deakin, S., “Labour Regulation, Corporate Governance and Legal Origin: A Case Of Institutional Complementarity?”, 2006, 19, www.ssrn.com/abstract=898184.
 
2.          Allaire, Y, “The independence of board members: a quest for legitimacy”, Policy paper IGPPO 2008, 17-18, www.ssrn.com/abstract=1299131.
 
3.          Armour J., Deakin, S., Sarkar, P., Siems, M. en Singh, A., “Shareholder Protection and Stock Market Development: An Empirical Test of the Legal Origins Hypothesis”, 2010, 1-53, www.ssrn.com/abstract=1094355
 
4.          Armour, J. en Lele, P., “Law, Finance and Politics: The case of India”, 23-36, www.ssrn.com/abstract=1116608.
 
5.          Armour, J., “Who should make the regulation? EC Regulation versus Regulatory competition”, EGCI Working Paper 2005, 1-52, www.ssrn.com/abstract=676417.
 
6.          Armour, j. en Skeel, D., “Who Writes the Rules for Hostile Takeovers, and Why? The
Peculiar Divergence of US and UK Takeover Regulation,” The Georgetown Law Journal 2007, 1727–1794.
 
7.          Baeten, X. enVande Walle, C., How variable is the CEO’s business?, 2008, http://www.vlerick.com/en/media/press/releases/9873-VLK.html.
 
8.          Baglioni, A.S., “Shareholders' Agreements and Voting Power: Evidence from Italian Listed Firms”, 2008, 1, www.ssrn.com/abstract=1092864.

9.          Bankcommissie,  Jaarverslag 1967, Brussel, Demarichet, 1967, 169.
 
10.       Bankcommissie,  Jaarverslag 1967, Brussel, Demarichet, 1967, 169.
 
11.       Bankcommissie,  Jaarverslag 1971-72, Brussel, Demarichet, 1972, 168 e.v.
 
12.       Bankcommissie,  Jaarverslag 1974-75, Brussel, Demarichet, 1975, 177.
 
13.       Bankcommissie,  Jaarverslag 1978-79, Brussel, Demarichet, 1979, 106-115.
 
14.       Bankcommissie,  Jaarverslag 1982-83, Brussel, Demarichet, 1983, 75.
 
15.       Bankcommissie,  Jaarverslag 1983-84, Brussel, Demarichet, 1984, 71.
 
16.       Bankcommissie, Jaarverslag 1946-47, Brussel, Demarichet, 1947, 80.
 
17.       Bankcommissie, Jaarverslag 1954-55, Brussel, Demarichet, 1955, 90.
 
18.       Bankcommissie, Jaarverslag 1955-56, Brussel, Demarichet, 1956, 102 e.v.
 
19.       Bankcommissie, Jaarverslag 1961, Brussel, Demarichet, 1961, 129.
 
20.       Bankcommissie, Jaarverslag 1966, Brussel, Demarichet, 1966, 34.
 
21.       Bankcommissie, Jaarverslag 1967, Brussel, Demarichet, 1967, 169;
 
22.       Bankcommissie, Jaarverslag 1970, Brussel, Demarichet, 1970, 147.
 
23.       Bankcommissie, Jaarverslag 1973-74, Brussel, Demarichet, 1974, 192.
 
24.       Bankcommissie, Jaarverslag 1973-74, Brussel, Demarichet, 1974, 192.
 
25.       Bankcommissie, Jaarverslag 1975-1976, Brussel, Demarichet, 1976, 115-117.
 
26.       Bankcommissie, Jaarverslag 1976-77, Brussel, Demarichet, 1977, 113, 115-116.
 
27.       Bankcommissie, Jaarverslag 1978-79, Brussel, Demarichet, 1979, 112.
 
28.       Bankcommissie, Jaarverslag 1983-84, Brussel, Demarichet, 1984, 71.
 
29.       Bankcommissie, Jaarverslag 1984-85, Brussel, Demarichet, 1985, 54.
 
30.       Bankcommissie, Jaarverslag 1986-87, Brussel, Demarichet, 1987, 77, 85-86.
 
31.       Bankcommissie, Jaarverslag 1987-88, Brussel, Demarichet, 1988, 90.
 
32.       Bankcommissie, Jaarverslag, 1986-87, Brussel, Demarichet, 1987, 85-86.
 
33.       Bauer, R., Günster, N.,  en Otten, R., “Empirical evidence corporate governance in Europe, the effect on stock market returns, firm value and performance”, EFMA Basel Meeting Paper 2004, 1-24,www.ssrn.com/abstract=444543.
 
34.       Baums, T. en Wymeersch, E., Shareholder voting rights and practices in Europe and the United States, The Hague-London-Boston, Kluwer, 1999, 21.
 
35.       Bebchuk, L. Cohen, L., Ferrel, A., “What matters in corporate governance?”, 2004, Review of Financial Studies 2009, 783-827, www.ssrn.com/abstract_id=593423,www.law.harvard.edu/programs/olin_center.

36.       Bebchuk, L., Cohen, A. en Ferrell, A., “What Matters in Corporate Governance?”,
 
37.       Bebchuk, L.A. en Roe, M.J., “A Theory of Path Dependence in Corporate Ownership and Governance”, Stanford Law Review 1999, 127-170, www.ssrn.com/abstract=202748.
 
38.       Beck, T. en Al-Hussainy, E., “Financial Structure Dataset”, 2010, World Bank, http://siteresources.worldbank.org/INTRES/Resources/469232-110744951276…).
 
39.       Belgian Governance Insitute, Leidraad voor niet-uitvoerende bestuurders, 1-13, www.guberna.be/files/Leidraad%20voor%20niet-uitvoerende%20bestuurders%2….
 
40.       Belot, F. , “Shareholder and firm value: Evidence from French listed companies”, 2008, 33, www.ssrn.com/abstract=1282144.
 
41.       Bennedsen, M. en Wolfenzon, D., “The balance of power in closely held corporations”, Journal of Financial Economics 2000, 58, 113-139.
 
42.       Bevernage, P. “Bestuurdersaansprakelijkheid anno 2003: zijn bestuurders met uitsterven bedreigd?” in M. Goris (ed.), Bestuurder en bestuurder is twee: de uitdaging en invulling van het bestuursmandaat, Brussel, Larcier 2003, 19-20, 21.
 
43.       Bhagat, S. en Bolton, B.J. “Corporate Governance and Firm Performance”, 2007, 1-58, www.ssrn.com/abstract=1017342.
 
44.       Bhagat, S. en Black, B.S., “The non-correlation between board independence and long-term firm performance”, Journal of Corporation Law 2001, 231-273, www.ssrn.com/abstract=133808.
 
45.       Bhagat, S., Carey, D.C. en Elson, C.M., “Director ownership, corporate performance and management turnover,” 1999,1-61,  www.ssrn.com/abstract=134488.
 
46.       Blauwens, G.,Welvaartseconomie en kosten-batenanalyse, Deurne, MIM, 1988, 194 p..
 
47.       Boros, E. J., Minority Sharholders’ Remedies, Oxford, Clarendon Press, 1995, 15.

48.       Bours, J.P., Michel,H., Matray, C., Nicaise, P., Jassogne, C.,  (eds), Traité pratique de droit commercial, IV, Diegem, Story-Scientia 1998, 285, nr. 393.
 
49.       Braeckmans, H. en Wymeersch, E. (eds.), Behoorlijk vennootschapsbestuur: een analyse van de wet van 2 augustus 2002, Antwerpen, Intersentia 2003, 49-52, 77 e.v., 125-129, 209-215, 329-330.
 
50.       Braeckmans, H. en Wymeersch, E., Het gewijzigde vennootschapsrecht 1991, Maklu Antwerpen, 359.

51.       Braeckmans, H., Het gewijzigde vennootschapsrecht 1995, Antwerpen, Maklu, 1995, 395.
 
52.       Braendle, U.C., “Shareholder Protection in the USA and Germany - “Law and Finance” Revisited”, German Law Journal 2006, 276.
 
53.       Brav, A., Jiang, W., Thomas, R.S., Randall, S. en Partnoy, F.,  “Hedge Fund Activism, Corporate Governance, and Firm Performance”, Journal of Finance 2008, 1729, ECGI - Finance Working Paper 2006, www.ssrn.com/abstract=948907.
 
54.       Breuer, R., “Corporate Governance in Europe”, Revue Bancaire et Financière 2001, 259.
 
55.       Brick, I.E. en Chidambaran, N.K., “Board Meetings, Committee Structure, and Firm Performance”, 2007, 1-54, www.ssrn.com/abstract=1108241.
 
56.       Brown,  L.D. en Caylor, M.L., “Corporate Governance and Firm Operating Performance”, 2006, 1-31, www.ssrn.com/abstract=814205.
 
57.       Brown, L., Robinson, J.L en Caylor, M., “Corporate Governance and firm performance”, 2004, 1-53, www.ssrn.com/abstract=586423.
58.       Bruno, V. en Claessens, S., “Corporate Governance and Regulation: Can there be too much of a good thing?”, ECGI - Finance Working Paper 2010; 30-31, www.ssrn.com/abstract=956329.

59.       Byttebier, K., Feltkamp, R., Jansens, E. (eds.), Capita selecta economisch recht, Antwerpen, Maklu, 2007, 323.
 
60.       Byttebier, K., Francois, A., Delvoie, J. (eds.), De Wet Corporate Governance ontkleed, Mechelen, Kluwer, 2004, 29-30.
 
61.       Byttebier, K., Fusies en overnames in Recht en onderneming, Brugge, die Keure, 2006, 18.
 
62.       Byttebier, K., Het vijandig Overnamebod, Antwerpen, Maklu, 1993, 552.

63.       Byttebier, K., Piu, P., Roeland, S., Corporate governance: eigendom, bestuur en controle van vennootschappen, Antwerpen, Maklu, 2003, 72-79, nrs. 142-156.

64.       Byttebier, K.,Feltkamp, R.R., Francois, A.(eds.),De gewijzigde Vennootschapswet 1995, Antwerpen, Kluwer, 1996, 134.
 
65.       CBF, “Aanbevelingen van de CBF aan de Belgische beursgenoteerde vennootschappen i.v.m. hun informatie over de wijze waarop zij hun bestuur en hun beleid organiseren”, januari 1998, 6.
 
66.       CBF, “Rapportering Corporate Governance”,18 november 1999, 1-6, http://www.ecgi.org/codes/documents/cbf_dec1998_nl.pdf
 
67.       CBF, “Vergelijkende studie van de informatie inzake "corporate governance" die door Belgische genoteerde vennootschappen wordt gepubliceerd”, oktober 1998,1-31, www.cbfa.be/nl/publications/stu/pdf/study5.pdf.
 
68.       CBFA, “De informatie over Corporate Governance verstrekt door de Belgische op de eerste markt van Euronext Brussels genoteerde vennootschappen – capita selecta”, studies en documenten, 2004, 1-12, http://www.cbfa.be/nl/publications/stu/pdf/study27.pdf.
 
69.       CBFA, ‘Emittenten die een statutaire kennisgevingsdrempel hanteren’, http://www.cbfa.be/nl/gv/ah/not/dbeginfrmemittenten.asp.
 
70.       CBFA, “Geconsolideerde versie aandeelhoudersrichtlijn:Voorontwerp van de Wet betreffende de uitoefening van bepaalde rechten door de aandeelhouders van beursgenoteerde vennootschappen”, 22 mei 2009, consultaties, 1-41, www.cbfa.be.
 
71.       CBFA,Praktijkgids CBFA 2008/16:Transparantiewetgeving (Titel II van de wet van 2 mei 2007 en koninklijk besluit van 14 februari 2008), 2009, 14, www.cbfa.be/nl/gv/ah/circ/pdf/cbfa_2008_16.pdf.
 
72.       Cheffins, B.R., “Does Law Matter?: The Separation of Ownership and Control in the United Kingdom”, 2000, 1-61, www.ssrn.com/abstract=245560.
 
73.       Cheffins,B.R., Company law – Theory, Structure and Operation, Oxford, Clarendon Press, 1997, 466.
 
74.       Cheung, W.M., Lam, K. en Tam, K., “Ownership concentration, adverse selection and equity offering Choice”, 2007, 28, www.ssrn.com/abstract=965361.
 
75.       Claessens, S. en Laeven, L., “Financial development, property rights, and growth”, Journal of Finance 2003, 2401-2436.
 
76.       Claessens, S., Fan, J.H.P., Djankov, S., Lang, L.H.P., “On expropriation of minority shareholders: evidence from East Asia”, 1999, 1-51, www.ssrn.com/abstract=202390.
 
77.       Clarke, D.C.,“Setting the Record Straight: Three Concepts of the Independent Director”, GWU Legal Studies Research Paper 2006,1-31, www.ssrn.com/abstract=892037.
 
78.       Coffee, Jr. J.C. “Do norms matter?: A cross-country examination of the Private benefits of Control”, 2001, 1-32, www.ssrn.com/abstract=257613.
 
79.       Commissie Juridische zaken –rapporteur M.M.Ortega,” Werkdocument over institutionele en wettelijke gevolgen van het gebruik van “soft law”- instrumenten”, DT\65334, 2, http://www.europarl.europa.eu/meetdocs/2004_2009/documents/dt/653/65334….
 
80.       Cools, S., “The Real Difference in Corporate Law Between the United States and Continental Europe: Distribution of Powers”, Delaware Journal of Corporate Law 2005, 697-766, www.ssrn.com/abstract=893941.
 
81.       Cooter, R. en Ginsburg, T., “Leximetrics: Why the Same Laws are Longer in Some Countries than Others,” 2003, 1-26, www.ssrn.com/abstract=456520.

82.       Core, J., Guay, W. en Rusticus, T., “Does weak governance cause weak stock returns? An examiniation of firm operating performance and investor’s expectations”, Journal of Finance 2006, 655-687, www.ssrn.com/abstract=533582.
 
83.       Commissie Corporate Governance, “Belgische Corporate Governancecode 2004”, 2004, 1-41, www.corporategovernancecommittee.be/nl/home/.
 
84.       Commissie Corporate Governance, “Enquête code Lippens”, 2002, 1-27, www.corporategovernancecommittee.be/library/documents/EnqueteCodeLippen…;
 
85.       Commissie Corporate Governance, “Voorontwerp van de Wet betreffende de uitoefening van bepaalde rechten door de aandeelhouders van beursgenoteerde vennootschappen”, 1-42, www.corporategovernancecommittee.be/library/documents.
 
86.       Coucke, P., “De controle op de grootaandeelhouder naar Belgisch en Frans recht,” Jura Falc. 1998-99, 207-234.
 
87.       Dahya J., McConnell, J.J., Travlos, N.G., “The Cadbury Committee, Corporate Performance and Top Management Turnover”, Journal of Finance 2001, 461.
 
88.       Dahya, J. en McConnell, J.J., “Does Board Independence Matter in Companies with a Controlling Shareholder?” Journal of Applied Corporate Finance 2009, 67-78, www.ssrn.com/abstract=1394690.
 
89.       Dahya, J.J. en MC Connell, J.J., ”Board Composition, Corporate Performance and the Cadbury Committee Recommendation”, 2005, 29, www.ssrn.com/abstract=687429.
 
90.       Dalton, D.R., Daily, C.M., Ellstrand, A.E. en Johnson, J.L., “Meta-analythic reviews of board composition, leadership structure an financial performance”, Strategic Mangagement Journal, 1998, 269-290.
 
91.       De Bie, E., “Het cumulatief stemrecht en de evenredige vertegenwoordiging van aandeelhouders in de raad van bestuur van een NV”, TRV 1995, 70-71.
 
92.       De Muynck, T., “De aandeelhouders en het vennootschapsbelang in Duitsland vergeleken met België”, Jura Falc.1998-1999, 235-260, www.law.kuleuven.be/jura/.
93.       De Vriese, C. en Spaenjers, C., “Corporate Governance en Performantie in België: een longitudinale studie (1997-2004)”, Kwartaalschrift Economie 2007, 217-235.

94.       De Wulf , H. en De Poorter, I., “De aansprakelijkheid van vennootschapsbestuurders en commissarissen”,WPS, 2004, 2-3, www.law.ugent.be/fli/WP/WPindex.html.
 
95.       Delreu, G., Misdrijven in verband met de staat van faillissement, Antwerpen, Maklu, 2006, 160.

96.       Dirix, E., Montangie,Y., Vanhees,H., Handels- en Economisch recht in hoofdlijnen, Antwerpen, 2005, Intersentia, 108.

97.       Djankov, S. en Glaeser, E., “The new comparative economics”, Journal of Comparative Economics 2003, 595-619.
 
98.       Djankov, S., La Porta, R., Schleifer, A en Lopez de Silanes, F, “The law and economics of self-dealing”, 2005, 27, www.ssrn.com/abstract=864645.
 
99.       Dreesden, M., “De voorlopige bewindvoerder in de onderneming in moeilijkheden” in Jura. Falc. 2005-2006, 3-36, http://law.kuleuven.be/jura/.
 
100.    Drobetz, W., Hillhofer, A. en Zimmerman, H., ”Corporate Governance and expected stock returns: evidence from Germany”, ECGI Working Paper Series in Finance 2003, 1-51, www.ssrn.com/abstract=379102.
 
101.    Easterbrook, F.H. en Fischel, D.R., The economic structure of corporate law, Cambridge, Harvard University Press, 1991, 34.
 
102.    Ernst, P.,  “Belangenconflicten in naamloze vennootschappen”, Jura Falc. 1998-99, 291-318, http://law.kuleuven.be/jura/.
 
103.    European Commission, EASD en ECGN, “Comparative study of Corporate Governancecodes relevant to the European Union and its member States”, 2002, 52, www.ecgi.org/codes/.
 
104.    European Corporate Governance Network, “The separation of Ownernship and Control: a survey of 7 European Countries”,1997, 4, www.ecgn.org.
 
105.    Europese Commissie, “Impact Assessment on the Proposal for a Directive on the Exercise of Shareholders’ Voting Rights,” 2006, SEC(2006),181.
 
106.    Europese Commissie, Mededeling van de Commissie aan de Raad en het Europees Parlement: Modernisering van het vennootschapsrecht en verbetering van de Corporate Governance in de Europese Unie - Een actieplan, COM(2003)284.
 
107.    Evereardt, J., Andre-Dumont, A.-P. en Renard, J.P., Praktische gids voor de raad van bestuur en de algemene vergadering, Meerbeek-Kortenberg, Edi.pro, 2008, 42-43.
 
108.    Faccio, M. ,Lang, L.H.P., “The ultimate ownership of western European corporations”, Journal of Financial Economics, 365-395.
 
109.    Fernández-Rodríguez,E.,Gómez-Ansón, E, Cuervo-García, A., “The Stock Market Reaction to the Introduction of Best Practices Codes by Spanish Firms, Corporate Governance, An International review”, Corporate Governance: An International Review 2004, 29-46, www.ssrn.com/abstract=513420.
 
110.    Florackis,C., Kostakis, A.en  Ozkan,A., “Managerial Ownership and Corporate Performance”, Journal of Business Research 2008, 1-34, www.ssrn.com/abstract=1092406.
 
111.    FOD Economie, “Demografie van de ondernemingen”, http://www.statbel.fgov.be/figures/d422_nl.asp#1.
 
112.    FOD Justitie, “Persbericht 5 maart 2010”, http://www.just.fgov.be/persberichten/2010/03/08.html.
 
113.    Fogel, E. en Geier, A.M., “Strangers in the House: Rethinking Sarbanes-Oxley and the Independent Board of Directors”, Delaware Journal of Corporate Law 2007,72, www.ssrn.com/abstract=975411.
 
114.    Francois, A., Het vennootschapsbelang in het Belgische vennootschapsrecht, doctoraatsthesis Rechten aan de R.U. Gent, 7 september 1998, 44, 48-55.
 
115.    Fredericq, S. Handboek van Belgisch Handelsrecht, IV, Brussel, Emile Bruylant, 1981, 47-50, 607-608.
 
116.    Geens, K., maeijer,J.M.M., Nelissen Grade,J.M., Van Gerven, W., Van Hulle, K., Openbaar bod en beschermingsconstructies, Kalmthout, Biblo, 1990, 16 e.v., 37-45, 61.
 
117.    Gianfrate, G., “What do shareholders’ coalitions really want? Evidence from Italian voting trusts”, Corporate Governance 2008, 122-132.
 
118.    Gompers, P., Ishii, J. en Metrick, A., “Corporate Governance and equity prices”, Quarterly Journal of Economics, 2003, 107-155.
 
119.    Goossens, N., “Wanneer kunnen vennootschapsschuldeisers de aanstelling van een voorlopig bewindvoerder verkrijgen” ( noot onder KG Luik 16 augustus 1991), TRV 2002, 323-326.
 
120.    Gorlé, F., Handboek Rechtsvergelijking: studentenuitgave, Mechelen, Kluwer, 2007, 3.
 
121.    Grandmont, R., Grant, G., Silva, F., “Deutsche Bank Research : Beyond the numbers: corporate governance implications for investors”, 2004, 1-26, www.unepfi.org/fileadmin/documents/materiality1/cg_deutsche_bank_2004.p….
 
122.    Guzman, A.T.en Meyer, T.L.,“Explaining soft law”, 2009, 44, www.ssrn.com/abstract=1353444.

123.    Hamsini Amritha S., “Differential voting rights”, The Hindu Business Online 5 oktober 2008, http://www.thehindubusinessline.com/iw/2008/10/05/stories/2008100550501…
 
124.    Heeden, J., ”Le choix des administrateurs”, RPS 1956, 68.
 
125.    Heenen, J., noot onder Cass. 4 april 1975, RCJB 1977, 561 e.v.
 
126.    Hertig, G., “Ongoing board reforms: one-size-fits-all and regulatory capture”, Law Working Paper 2005, 14-15, 6-7, 15-16 , 17, www.ssrn.com/abstract=676417.
 
127.    Hopht, K. J. , “’Minority rights under German law” in E. Perakis (ed.), Rights of Minority Shareholders, Brussel, Bruylant, 2004, 373-389;
 
128.    Hopt, K en Leyens, P., “Board Models in Europe - Recent Developments of Internal Corporate Governance Structures in Germany, the United Kingdom, France, and Italy”, ECGI Law Working Paper 2004, 1-30, www.ssrn.com/abstract=487944.
 
129.    Hopt, K.J., Kanda, H., Roe, M.J., Wymeersch E. en Prigge S. (eds), Comparative Corporate Governance: the state of the art and emerging research, Oxford, Oxford University Press, 1998, 1119.
 
130.    Hutchinson, M.R., “An Analysis of the Association Between Firms' Investment Opportunities, Board Composition, and Firm Performance”, 2002, 1-39, www.ssrn.com/abstract=295483.
 
131.    Instituut voor Bestuurders, ‘Director’s Charter’, 2000, 1-7, http://www.ecgi.org/codes/documents/fda_code_eng.pdf.
 
132.    Jagersma, P.K. en Ebbers, H.A., Internationale bedrijfskunde: van exporteren naar globaliseren, Amsterdam, Pearson Education, 2004, 300.
 
133.    Jan Ronse Instituut (Ed.), De nieuwe fusiewetgeving 1993: vennootschapsrechtelijke en fiscaalrechtelijke aspecten, Kalmthout, Biblo, 1994, 7-10, 58-59,144-154 en 162.
 
134.    Jan Ronse instituut ,Knelpunten van dertig jaar vennootschapsrecht, Kalmthout, Biblo, 1999, 472 e.v.
 
135.    Jassogne, C., Bours, J.P., Michel, H., Matray, C., Les societies in Traité pratique de droit commercial, IV, Brussel, Story-Scientia, 1998, 254-255, 291-292.
 
136.    Jensen, M.C. en Meckling, W.H., “Theory of the firm: managerial behaviour, agency costs and ownership structure”, Journal of Financial Economics 1976, 305-360.
 
137.    Johnson, S.A., Moorman, T.C., en Sorescu, S.M., “A Reexamination of Corporate Governance and Equity Prices”, 2008, 1-78, www.ssrn.com/abstract=687207.
 
138.    Keynes, J.M., The general theory of employment, interest and money, New Delhi, Atlantic, 2006, xii-xxiv.
 
139.    Khanna ,T., and Palepu, K., “The Evolution of Concentrated Ownership in India Broad Patterns and a History of the Indian Software Industry”, NBER Working Paper 2004, 1-56, www.ssrn.com/abstract=565166.
 
140.    Kraakman, R., Davies, P., Hansmann, H., Hertig, G., Hopt, K.J., Kanda, H. en Rock, E.B., The anatomy of Corporate Law, A Comparative and Functional Approach, Oxford, Oxford University Press, 2004, 11, 34 e.v.
 
141.    La Porta, R., Lopez-de-silanes, F. ,Vishny, R. en Shleifer, A.,“Law and finance”, Journal of Political Economy 1998, 1113- 1155.
 
142.    La Porta, R., Lopez-de-silanes, F., en Shleifer, A., “Corporate ownership around the World”,1998, 1-2, 37, www.ssrn.com/abstract=103130.
 
143.    La Porta, R., Lopez-de-Silanes, F., Shleifer, A. en Vishny, R., “Agency problems and dividend policies around the world”, Journal of Finance 2000, 3-27.
 
144.    La Porta, R., Lopez-de-Silanes, F., Shleifer, A. en Vishny, R., “Legal determinants of external finance”, Journal of Finance 1997, 1131-1150.
 
145.    La Porta, R., Lopez-de-silanes, F., Vishny, R. en Shleifer, A. , “Investor Protection and Corporate Valuation”, Journal of Finance 2002, 1147.
 
146.    Laeven, L. en Levine R., “Complex ownership structures and corporate valuations”, Review of Financial Studies 2008, 579-604.
 
147.    Laga, H., en Parrein,F., “Corporate Governance in a European perspective”, 2010, 41, www.ssrn.com/abstract=1547722.
 
148.    Larcker, D.F., Richardson, S.A.en Tuna, A.I.,” How Important is Corporate Governance?”,2005, 1-77, www.ssrn.com/abstract=595821.
 
149.    Le Brun, J. en Lempereur, C., “La protection de l’épargne publique et la Commission bancaire”, RPDP 1979, nr. 771.
150.    Lele, P. en Siems, M., “Diversity in Shareholder Protection in Common Law Countries”, 2007, 6, www.ssrn.com/abstract=988409.

151.    Leyens, P.C., “Internal Corporate Governance in Europe - Towards a More Market-Based Approach”, Kyoto Journal of Law and Politics 2007, 29-32, www.ssrn.com/abstract=1119527.
 
152.    Lievens, J., De nieuwe vennootschapswet (wet van 18 juli 1991), Gent, Mys & Breech, 1991, 175 p.
 
153.    Lievens, J., De reparatiewet Vennootschapsrecht: een commentaar bij de wet van 13 april 1995, Gent, Mys&Breesch, 1995, 222 p.
 
154.    Lindemans, D., Kort geding, Antwerpen, Kluwer, 1985, 266, nr. 480 e.v.
 
155.    Lopez-de-silanes, F., Vishny, R. en Shleifer, A., “Agency Problems and Dividend Policies Around the World”,1998, 22, www.ssrn.com/abstract=52871.
 
156.    Maeyes, L., “Voorlopig vermogensbeheer en/of sekwester ener vennootschap”, RW 1961-62, 345 e.v.
 
157.    Majumdar, S.K., “Why privatize? The decline of public ownership in India and its impact on Industrial Performance”, 2006, 25-26, www.ssrn.com/abstract=885432.
 
158.    Marasceau, M., Cursus Europees recht, onuitg., cursus derde bachelor, faculteit Rechtsgeleerdheid Universiteit Gent,2007-2008, 77-78.
 
159.    Mariani, P., “Rapport au Premier ministre: La modernisation du droit des sociétés”, Collection des rapports officiels, 1996, 51 en 65.
 
160.    Matolcsy, P.en Wright, A., “CEO Compensation Structure and Firm Performance”, 2007, 1-43, www.ssrn.com/abstract=971300.
 
161.    Merchiers, Y., “De vennootschap: juridisch kader voor de onderneming in haar maatschappelijke dimensie”, TPR 1988, 357, nr. 88.
 
162.    Ministry of Corporate Governance Affairs Government of India, “Corporate Governance voluntary guidelines 2009”, 6, www.ecgi.com/codes/.
 
163.    Mishan, E.J. en Quah,E., Cost benefit Analysis, London, Routlegde, 1988. 315 p.
 
164.    Muelenaer, G., “Lonen topmanagers: ontsporingen nog steeds mogelijk”, 19 oktober 2005, www.trends.be.

165.    Musacchio, A., “Do Legal Origins Have Persistent Effects Over Time? A Look at Law and Finance Around the World c. 1900”, 2008, 1-64, www.ssrn.com/abstract=1086225.

166.    NACD, “Key agreed principles to strengthen corporate governance for U.S. publicly traded companies”, 2008, 11, www.ecgi.org/codes/
 
167.    Niskanen,W.A., “Reagonomics”, The Concise Encyclopedia of Economics 1988, http://www.econlib.org/library/Enc1/Reaganomics.html.
 
168.    NYSE, “Final Corporate Governance rules”, 2003, 7-8, www.ecgi.org/codes/.
 
169.    NYSE, “NYSE Listed Company Manual”, §303A(2), http://nysemanual.nyse.com/lcm/.
 
170.    OECD, “The OECD Principles of Corporate Governance”, 2004, 21, www.ecgi.com/codes/.
 
171.    Pagano, M. en Volpin, P., “Shareholder Protection, Stock Market Development, and Politics”, 2005, 7, www.ssrn.com/abstract=853005.
 
172.    Passelecq, F. en Cambier, J.F., Traité des Sociétés Commerciales in Les Novelles: corpus juris belgici Droit Commercial, III, Brussel, Maison Ferdinand Larcier, 1934, 203; 234, nr. 2007; 256, nr. 1429 bis; 293, nrs 1719,1720 en 1722; 293, nr. 1719; 294, nrs. 1728 en 1720; 297, nr. 1760; 308, nr. 1860; 314, nrs. 1919 en 1923; 329, nr. 2043; 375, nr. 2478; 391, nr. 2619; 394, nr. 2634; 398, nr. 2262.
 
173.    Patterson, J.D., “The link between corporate governance and performance: year 2000 update”, The Conference Board Report 2000, 1-33, www.conferenceboard.ca/documents.aspx?did=890.
 
174.    Perakis, E., “General Report” in E. Perakis (ed.), Rights of Minority Shareholders, Brussel, Bruylant, 2004, 17-24, 35, 96, 101-104.
 
175.    Persbericht FOD Justitie, “Aandeelhouders krijgen meer rechten”, 5 maart 2010, http://www.just.fgov.be/persberichten/.
 
176.    Ralph, H. P., Complementaries in Corporate Governance, Berlin, Springer, 2002, 4.
 
177.    Restau, C., Traité des sociétés anonymes, V, Brussel, Pée, 34, nr. 33; 193, nr. 1208; 425, nr. 2250.
 
178.    Restau, C.,Benoit-moury, A., Gregoire, A., Traité des sociétés anonymes , II, Brussel, Swinnen, 1981; 366, nr. 1168; 510, nr. 1307.
 
179.    Rodrigues, U., “The Fetishization of Independence”, Journal of Corporation Law 2008, 447-496, www.ssrn.com/abstract=968513.
 
180.    Romano, R., “The Sarbanes-Oxley Act and the Making of Quack Corporate Governance”, Yale ICF Working Paper, ECGI - Finance Working Paper 2004, 1-243, www.ssrn.com/abstract=596101.
 
181.    Ronse, J., De Vennootschapswetgeving 1973, Story-Scientia, Gent, 1975, 162.
 
182.    Ronse, J., “Marginale toetsing”, TPR 1977, 207 e.v.
 
183.    Ronse, J., “Overzicht van rechtspraak vennootschappen”, TPR 1978, 885, nr. 280.
 
184.    Ronse, J., “Overzicht van Rechtspraak”, TPR, 1964, nr. 134, 131.
 
185.    Ronse, J., Algemeen deel van het vennootschapsrecht: aantekeningen bij colleges van professor J. Ronse, Leuven, Acco, 1970, 8-10.
 
186.    Ronse, J., De Vennootschapswetgeving 1973, Gent, Story-Scientia,1975, 5, 38, 64-65, 164, 175-176, 276, 309, 311- 315, 354.
 
187.    Ronse, J., “Overzicht van de rechtspraak van vennootschappen”, TPR 1967, 694, nr. 129.
 
188.    Schmid, M.M. en Zimmermann, H.,“Should Chairman and CEO Be Separated? Leadership Structure and Firm Performance in Switzerland”, 2008,182-205, www.ssrn.com/abstract=696381.
 
189.    Shleifer, A. en Vishny, R.W.,  “A survey of corporate governance”, Journal of Finance 1999, 737-783.
 
190.    Shleifer, A., geciteerd in N. Thompson, “Common Denominator,” Legal Affairs 2005,http://www.legalaffairs.org/issues/January-February-2005/feature_thomps….
 
191.    Sidak, J.G. en Woodward, S.E., “Takeover premiums, appraisal rights and the price elasticity of a firm’s publicly traded stock”, Georgia Law Review 2001, 783-818,www.ssrn.com/abstract=314573.
 
192.    Siems M. en P. Lele, “Data from Paper: Shareholder protection, a leximetric approach”, 2007, India voetnoten 310, 312, 349 en 392, UK voetnoten 178 en 179, http://www.cbr.cam.ac.uk/pdf/Shareholder%20protection%20index%20data%20….
 
193.    Siems M.en Lele P., “Diversity in Shareholder Protection in Common Law Countries”, 2007, 1-7, www.ssrn.com/abstract=988409.
 
194.    Siems, M. en Deakin,S., “Comparative law and finance: past, present and future research”, Journal of Institutional and Theoretical Economics 2010, 1-22, www.ssrn.com/abstract=1428247.
 
195.    Siems, M. en Lele, P., “Shareholder protecton: a leximetric approach”, 2007, Journal of Corporate Law Studies 2007, 18-19, 35-36, www.ssrn.com/abstract=897479.
 
196.    Siems, M., “Shareholder Protection Around the World ('Leximetrics II')”, CBR Working Paper 2008, www.ssrn.com/abstract=991092.
 
197.    Siems, M., “The case against harmonization of shareholder rights”, European Business Organization Law Review 2005, 549-552, www.ssrn.com/abstract=879270.
 
198.    Siems, M., “Time Series Evidence about the Differences between French, German, Indian, UK and US law”, 2009, 3, www.ssrn.com/abstract=1329997.
 
199.    Skaife, H., Ashbaugh, C., Daniel, W., en LaFond, R., “Corporate Governance and the Cost of Equity Capital”, 2004, 1-54, www.ssrn.com/abstract=639681.
 
200.    Smith, A., An inquiry into the Nature and the Causes of the Wealth of Nations, New York, Random House, 1776, 70.
 
201.    Smith, A.,The Wealth of Nations, New York, Cosimo, 2007, 351, www.bibliomania.com/2/1/65/112/frameset.html.
 
202.    Spamann, H., “Law and Finance Revisited” 2008, 1-52., www.ssrn.com/abstract=1095526.
 
203.    Spitz, A. en Muller, E.,“Managerial Ownership and Firm Performance in German Small and Medium-Sized Enterprises”, ZEW Discussion Paper 2001, 1-72. www.ssrn.com/abstract=327567.
 
204.    Suetens – Bourgeois, G., De verhouding meerderheid-minderheid in de naamloze vennootschap: rechtsvergelijkende studie, Gent-Leuven, Story–Scientia, 1969, 56, 89-90, 122-126, 205, 234-236, 260, 302-313.
 
205.    Tilleman, B., “Bestuur van vennootschappen: statuut, interne werking en vertegenwoordiging”, Jura Falc. 1995-96, 431-432.
 
206.    Timmerman, L. en Doorman, A., “Rights of minority shareholders in the Netherlands” in E. Perakis (ed.), Rights of Minority Shareholders, Brussel, Bruylant, 2004, 463-483.
 
207.    Trumpener, J., Code Lippens: toetsing aan de praktijk, onuitg. licentiescriptie Toegepaste Economische Wetenschappen U. Hasselt, 2007, bijlagen, 140-262, http://uhdspace.uhasselt.be/dspace/bitstream/1942/1842/1/trumpener.pdf.
 
208.    Van Bael, J., Fusies en Splitsingen, Deurne, Kluwer, 1993, 7-10.
 
209.    Van Bruystegem, B., De vennootschappenwet 1984 na de tweede en de vierde richtlijn, Kluwer, Antwerpen, 1984, 5, 43-47, 68-69, 72, 76, 80, 91-92, 149.
 
210.    Van Bruystegem, B., Mythe of werkelijkheid van de verantwoordelijkheid van het bestuur, de commissarissen en de vereffenaars in de NV, PVBA en CV, BRH 1980, 489, geciteerde rechtspraak in voetnoot 8.
 
211.    Van Canegem, L., en Cerfontaine,J., ‘Nieuwe regelen inzake aandelen”, in H. Braeckmans en E. WYmeersch (eds.), Het gewijzigde vennootschapsrecht 1995, Antwerpen, Maklu, 1996, 223.
 
212.    Van Daele, C., adviseur beleidscel Minister van Justitie, e-mail dd. 20/11/2009.
 
213.    Van den Berghe, K. en Baelden, T.,Vademecum van de bestuurder, Mechelen, Kluwer, 2007, 180.
 
214.    Van den Berghe, L. en De Ridder, L., Hoe optimaliseer ik mijn raad van bestuur?, Mechelen, Ced. Samson, 2002, 198.
 
215.    Van den Steen, L. , “De richtlijn aandeelhoudersrechten in genoteerde vennootschappen: toekomstperspectieven voor het Belgisch vennootschapsrecht”, TRV 2008, 424-462.
 
216.    Van der Elst, C. en De Poorter, I., “Upgrading corporate governance: auditcomité in het wetboek van vennootschappen”, TRV 2009, 397-415.
 
217.    Van der Elst, C. en Dewulf, H., De Belgische overnamewetgeving na de hervorming van 2007, Antwerpen – Oxford, Intersentia, 216.
 
218.    Van der Elst, C., “Attendance of Shareholders and the Impact of Regulatory Corporate Governance Reforms: an empirical assessment of the Situation in Belgium”, European Business Organisation Law Review 2004, 471-510.
 
219.    Van Der Elst, C., “Corporate Governance op het snijvlak tussen wetgeving en aanbeveling: Een praktijkstudie”, Accountancy & Bedrijfskunde 2006, 11-24; WPS FLI 2005, 15-18, www.law.ugent.be/fli/WP/WPindex.html.
 
220.    Van der Elst, C., “De Belgische Corporate Governancecodes en de regelgeving: twee handen op éen buik”, WPS FLI 2006, 3, www.law.ugent.be/fli/WP/WPindex.html.
 
221.    Van der Elst, C., “De wet deugdelijke vennootsschapsbestuur”, WPS FLI 2002, 9, 16, http://www.law.ugent.be/fli/wps/pdf/WP2002-13.pdf.
 
222.    Van der Elst, C., “Law and Economics of Shareholder Rights and Ownership structures: How Trivial are Shareholder Rights for Shareholders?”, TILEC Discussion Paper 2010,41, www.ssrn.com/abstract=1553094.
 
223.    Van der Elst, C., Aandeelhouderschap van beursgenoteerde vennootschappen, Brussel, Larcier, 2001, 248, 252-253.
 
224.    Van der Elst,C., “Shareholder mobility in five European Countries”, 2008, 27-30, 48-49, www.ssrn.com/abstract=1123108.
 
225.    Van Gerven, W., “Voorafgaande titel, economisch grondslagenrecht” in W. Van Gerven, H. Cousy en J. Stuyck (eds.), Beginselen van het Belgisch Privaatrecht, XII, Handels- en Economisch Recht, I, Brussel, Story-Scientia, 1989, 29 e.v.
 
226.    Van Gysegem, J. en Devos, W.,“De samenstelling en werking van het remuneratiecomité”, 25 september 2006, 1-24, http://cmp.roularta.be/cmdata/Attachments/site4/2006/w42/Artikelremuner….
 
227.    Van Ommeslaghe, P, "Rapport général" in H. Biron, C.Dauw (eds.), Rechten en plichten van moeder- en dochtervennootschappen, Antwerpen, Kluwer, 1989, 97, 141, 161, 261, 287-288.
 
228.    Van Ryn, J., Principes de droit commercial in Traité pratique de droit commercial, I, Brussel, Bruylant, 1954, nrs. 679, 703, 711, 719 en 779.
 
229.    Vanhoudt, M., Rechtseconomische analyse van het Belgisch vennootschapsrecht, Licentiescriptie Universiteit Hasselt, 2005-2006, 5, http://doclib.uhasselt.be/dspace/.
 
230.    Varottil, U., “The evolution of independent directors and their effectiveness in Indian corporate governance”, 2010, 1,www.ssrn.com/abstract=1548786.
 
231.    VBO en Belgian Governance Institute, “Naleving van de Corporate Governancecode: een stand van zaken”, 1-27, http://www.corporategovernancecommittee.be/library/documents/EnqueteCod….
 
232.    VBO en Insituut voor Bestuurders, “De praktijk van corporate governance in Belgische beursgenoteerde ondernemingen: de belangrijkste bevindingen van een enquête van het Verbond van Belgische Ondernemingen en het Instituut voor Bestuurders”, 2002, 1-3, www.vbo-feb.be/files/cgc_enqueteVBO.pdf.
 
233.    VBO, “Code Corporate Governance”, 1 januari 1998, 1-6, http://www.ecgi.org/codes/documents/vbo_feb_nl.pdf
 
234.    Veriter, V. “Storm achter gesloten deuren: wanneer het niet botert tussen vennoten”, Pacioli, 15 maart 2002, http://www.bibf.be/default.aspx.
 
235.    Verougstrate, I., “Niet-betaling en wankelen van krediet”, BRH 1975, 455.
 
236.    Vlaamse Conferentie der Balie van Gent en M. Tison (eds.), Omgaan met vennootschappen: regulering en rechtspraktijk, Antwerpen, Maklu, 2002, 42, 80-81.
 
237.    Waeterinckx, P. en Van Steenwinkel, J.(Eds.), Strafrecht in de onderneming: praktische gids voor bestuurders en zaakvoerders, Intersentia, Antwerpen, 2002, 159.
 
238.    Wan, K.M., “Independent Directors, Executive Pay, and Firm Performance”, EFMA Helsinki Meetings 2003, 1-43, www.ssrn.com/abstract=392595.
 
239.    Wauwermans, P. en Lieben, A., Manuel pratique des sociétés anonymes, Brussel, Bruylant, 1933, 1927, nrs. 312 en 322.
 
240.    Witerwulghe, R., l’ Offre Publique d’Acquisition, Brussel, De Boeck, 1988, 106-107.
 
241.    World Bank, Doing Business Report, 2008, http://www.doingbusiness.org.
 
242.    Wyckaert, M., ‘Overdrachtsbeperkingen en stemrecht’, in Jan Ronse Instituut (ed.), De nieuwe vennootschapswetten van 7 en 13 april 1995, Kalmthout, Biblo, 1995, 116, nr. 35.
 
243.    Wyckaert, M., Kapitaal in NV en BVBA, Kalmthout, Biblo, 1994, 403, nr. 480.
 
244.    Wymeersch , E en Cerfontaine, J., Rechtspraak vennootschapsrecht, Antwerpen-Groningen, Intersentia, 1997, 62-69, 221-223, 494-499.
 
245.    Wymeersch, E.,”The Corporate Governance “Codes of Conduct”: between state and private law”, FLI WPS 2007, 22, www.ssrn.com/abstract=1032596.
 
246.    Wymeersch, E., “Aandeelhouders in de crisis”,WPS FLI 2009, 1-4 , www.law.ugent.be/fli/wps/pdf/WP2009-09.pdf.
 
247.    Wymeersch, E., “De nieuwe voorschriften inzake vennootschapsinformatie evenals inzake commissaristoezicht in H. Braeckmans en E. Wymeersch (eds.), Het nieuwe vennootschappenrecht na de wet van 5 december 1984, Antwerpen, Kluwer, 1985, 76-77.
 
248.    Wymeersch, E., “l’Article 60 et le droit belge des groupes de sociétés” in X, Hommage à Jacques Heenen, Brussel, Bruylant, 1994, 637, nr. 5.
 
249.    Wymeersch, E., “The Corporate Governance ‘Codes of Conduct” between state and private law”, WPS FLI 2007, 11-30, www.ssrn.com/abstract=931100.
 
250.    Wymeersch, E., “The new Belgian Law on takeover bids”, WPS FLI 2008, 13-14, www.law.ugent.be/fli/WP/WPindex.html.
251.    Wymeersch, E., De belangenconflictregeling in de Vennootschap, Antwerpen, Maklu, 1996, 125.
 
252.    Wymeersch, E.“Aandeelhouders in de crisis”, WPS FLI, 2009, 9, http://www.law.ugent.be/fli/wps/pdf/WP2009-09.pdf
 
253.    Wymeersch,E., “De nieuwe voorschriften inzake vennootschapsinformatie evenals inzake commissaristoezicht in H. Braeckmans en E. Wymeersch (eds.) Het nieuwe vennootschappenrecht na de wet van 5 december 1984, Antwerpen, Kluwer, 1985, 76-77.
 
254.    X, Dutch Corporate Governancecode: Principles of good Corporate Governancecode: Principles of good corporate governance and best practice provisions’, 2008, 6-7, www.ecgi.com/codes/.
 
255.    X, German Corporate Governance Code as amended by 18 June 2009’, 2009, 2 en 6, www.ecgi.com/codes/.

256.    X, “Report of the Committee on the Financial Aspects of Corporate Governance (Section 1.8)”, 1 december 1992 in X, “Self-regulation Seen as the Way Forward”, Financial Times, 28 mei 1992.
 
257.    X, “UK Combined Code”, §A.3.1, www.fsa.gov.uk/pubs/ukla/lr_comcode2003.pdf
 
258.    X, “Corporate Governance in France and the UK: long-term perspectives on contemporary institutional arrangements”, Business History 1999, 92.
 
259.    X, De gecoördineerde wetten op de handelsvennootschappen, Brussel, Emile Bruylant, 1973, 87p.
 
260.    X, Wetgeving in Pocket 1999, Diegem, Ced.Samson, 1999, 27-49.
 
261.    Yermack, D.,” Board Members and Company Value. Financial Markets and Portfolio Management”, 2006, 33-48, www.ssrn.com/abstract=894249.
 
262.    Zetzsche, A., “An Ethical Theory of Corporate Governance History”, CBC-RPS 2007,15-18.
 
 

Universiteit of Hogeschool
Rechten
Publicatiejaar
2010
Kernwoorden
Share this on: