Guatemala in beweging, Sherborne Development Movement met de oudste kleuters

Annelore Peeters
Guatemala in beweging, Sherborne Development Movement met de oudste kleuters
Rollen, kruipen, lopen, hinkelen,… Er bestaan wel tientallen manieren om je voort te bewegen.  We kunnen met ons lichaam veel meer dan we zelf denken! Oefeningen alleen, per twee en soms zelfs met de hele groep! Elkaar eens lekker verwennen, samenwerken met je vriendjes, over en onder elkaar heen klauteren, … Het kan allemaal tijdens de bewegingssessies van V. Sherborne!
Misschien klinkt het bovenstaande stukje tekst u wel aanlokkelijk.

Guatemala in beweging, Sherborne Development Movement met de oudste kleuters

Guatemala in beweging, Sherborne Development Movement met de oudste kleuters

Rollen, kruipen, lopen, hinkelen,… Er bestaan wel tientallen manieren om je voort te bewegen.  We kunnen met ons lichaam veel meer dan we zelf denken! Oefeningen alleen, per twee en soms zelfs met de hele groep! Elkaar eens lekker verwennen, samenwerken met je vriendjes, over en onder elkaar heen klauteren, … Het kan allemaal tijdens de bewegingssessies van V. Sherborne!

Misschien klinkt het bovenstaande stukje tekst u wel aanlokkelijk. Het maakte in ieder geval veel kinderen warm om eens te proeven van wat Sherborne kan betekenen. Tijdens de sessies die ik in 2009 gaf aan verschillende kinderen ontdekte ik dat vele Belgische kinderen echt kunnen genieten van een sessie Sherborne.  Hoe zouden kinderen aan de andere kant van de wereld reageren op Sherborne? 

Van januari 2010 tot maart 2010 liep ik stage in Guatemala.  Ik werkte in het Preparatoriaklasje van een straatschooltje  (vergelijkbaar met derde kleuterklas) en in een naschoolse kinderopvang van Caras Alegres.  Op dinsdag en donderdag gaf ik sessies Sherborne Development Movement aan de 6 à 7 jarige kinderen van Preparatoria.  Hiermee wou ik de bewustwording van zichzelf, het respect voor elkaar en de zin in bewegen stimuleren.  Centraal in de sessies stond het in interactie gaan met andere deelnemers van de groep. 

Mijn onderzoeksvraag luidt dan ook als volgt:

“Is het mogelijk om met behulp van sessies Sherborne Development Movement het contact met de medeleerlingen te verbeteren bij de Guatemalteekse kleuters van de Preparatoriaklas?”

Voordat ik deze vraag kon beantwoorden moest ik te weten komen of SDM paste binnen de Guatemalteekse cultuur? Moeten de sessies aangepast worden aan de nieuwe doelgroep? Op praktisch vlak? Op inhoudelijk vlak?

Zoveel vragen

Om een antwoord te zoeken op de verschillende vragen, zocht ik informatie op over de verschillende puzzelstukjes uit mijn vraag.  Ik zocht informatie over de volgende bedenkingen:  Hoe ontwikkelen de sociale vaardigheden van een kind? Wat is er nodig om in contact te durven treden met anderen? Kunnen kinderen van 6 jaar al echte vrienden kiezen? Kunnen ze al rekening houden met elkaar?  En wat gebeurt er als er in Guatemala veel ‘’stoute’’ kinderen zijn? Kan ik dan nog wel Sherborne geven? Hoe kan ik Sherborne best begeleiden? Zijn er veel verschillen tussen Belgische en Guatemalteekse kinderen?  Gaan de kinderen op dezelfde manier om met hun leerkracht en hun klasgenoten?

De sociale ontwikkeling van kleuters

Het boek ‘’Young children’s personal, social and emotial development” van Dowling (2000) gaf me informatie over de sociale ontwikkeling van het kind. Deze informatie vergeleek ik met de informatie die ik kon vinden in het boek ‘’Sociale ontwikkeling van het jonge kind’’ (De Vries, 1999) en "Ontwikkelingspsychologie’’ (Feldman, 2005)

 Zelfvertrouwen vindt Dowling een belangrijke voorwaarde om te durven experimenteren en dingen zelfstandig te durven uitproberen.  Het sociale netwerk van een kind breidt zich steeds uit: eerst kent het kind enkel zijn ouders, het leert andere familieleden kennen en later, vaak in een crèche of bij een onthaalmoeder, leert het kind contact leggen met andere kinderen.  Dit in contact komen met andere kinderen is erg belangrijk voor het ontwikkelen van sociale vaardigheden. 

Voor de leeftijd van 1 jaar kan men nog niet van vriendschap spreken.  Op de leeftijd van 3 jaar is vriendschap van voorbijgaande aard maar toch al van groot belang.  Op de leeftijd van vier jaar zijn vrienden meer stabiel geworden.  Kinderen zoeken elkaar op deze leeftijd al bewust op in een speelzaal.  Vanaf een leeftijd van 7 à 8 jaar kunnen langdurige vriendschappen ontstaan. 

Sherborne ?

Binnen Sherborne Development Movement gelooft men dat beweging er kan voor zorgen dat je je meer bewust wordt van je lichaam en de verschillende mogelijkheden van je lichaam.  Het lichaam wordt gebruikt als een creatief en expressief instrument.  Men stimuleert zowel het vertrouwen in zichzelf als het vertrouwen in de ander.  De sessies zijn steeds gebaseerd op de verschillende doelstellingen zich bewust worden van het eigen lichaam, de bewustwording van de ander en de bewustwording van de ruimte.  (Sherborne vereniging België, 2004)

“Stoute” kinderen

Ik ging op zoek naar literatuur over het thema ‘agressie’.  Ik ontdekte dat verschillende auteurs hierover uiteenlopende definities gebruiken.  Qua concrete leeftijden, kan een kind agressief gedrag vertonen vanaf de leeftijd van 2 à 3 jaar.  Agressie zou vaak te maken hebben met het hebben van controle over een bepaalde ruimte of een bepaald stuk speelgoed.  Dit gedrag zou nauw verband houden met een dominantie-hiërarchie die tussen een groep kinderen heerst.  (De Vries, 1999 & Feldman, 2005)  Kinderen vanaf 5 jaar slagen er door een betere emotionele zelfregulatie steeds beter in om hun agressie onder controle te houden. (Eisenbher & Zhou, 2000)

Ik heb verschillende vergelijkbare ervaringen van andere begeleiders van Sherborne gevonden.  Sherborne wordt zowel toegepast bij kleuters in het gewoon onderwijs als in buitengewoon onderwijs.  Sherborne met kinderen met gedrags- en aandachtsproblemen en met kinderen uit multi-problem-gezinnen vraagt (net als bij andere doelgroepen) om een zoektocht naar de juiste aanpak, maar de bewegingspedagogiek wordt na een eventuele zoekperiode als positief ervaren. 

Guatemala?

In verschillende reisgidsen kon ik informatie vinden over Guatemala: de natuur, de economie, de bezienswaardigheden,… Er werd steeds een kort stukje over de bevolking geschreven, maar echt diepgaand was het nooit.  Ik wist nog steeds niet hoe de mensen van Guatemala nu precies zouden. 

In het boek “Allemaal Andersdenkenden’’ (Hofstede, 1994) kon ik lezen hoe enkele basisverschillen in een land grote gevolgen kunnen hebben.  Hofstede omschrijft de verschillende dimensies machtafstand, individualisme, masculiniteit en onzekerheidsvermijding.  Op deze manier kon ik meer te weten komen over de Guatemalteekse bevolking.  Hofstede probeert zo veel mogelijk het verband te leggen met de dagelijkse realiteit zoals gezin en school. 

Onderzoeksmethodiek

Ik heb gekozen om gebruik te maken van een zuivere registratie, door de sessies Sherborne op te nemen op video. Zo kon ik achteraf nagaan hoe de sessies gevorderd waren.  Bij het observeren nam ik gestructureerd notitie. (de Bil, 2005)  Ik noteerde observaties per kind, per oefening, per groepssamenstelling en over enkele overkoepelende thema’s zoals participatie, het contact tussen jongens en meisjes en de reacties van seño Silvia. 

Om het gedrag van de kinderen goed te kunnen begrijpen, was het belangrijk om hun manier van leven, de dagelijkse klasroutine, de cultuurverschillen,… te leren kennen.  Dit gebeurde door een participerend observerende manier van veldonderzoek.  (Goossens, 2008 & Boeije, ’ t Hart, Hox, 2009)  Door twee à drie maanden in de klas Preparatoria mee te helpen, probeerde ik het reilen en zeilen van de klas van binnenuit te leren kennen. 

Resultaten

Uit mijn praktijkstudie blijkt dat kinderen door het ervaren van sessies Sherborne niet enkel op motorisch vlak vorderingen maken, maar vooral op sociaal vlak.  Bij de met elkaar relaties, merkte ik zowel op kwalitatief als op kwantitatief vlak verbeteringen.  Op kwalitatief vlak merkte ik dat kinderen “zachter” met elkaar omgingen en meer vertrouwen en respect hadden voor elkaar. 

De kwantitatieve  verbetering uitte zich doordat de kinderen een bepaalde gekende oefening spontaan langer konden volhouden.  Volgens mij speelt het feit dat de oefeningen gekend zijn hierbij een belangrijke rol.  Hierdoor voelen de oefeningen vertrouwd en veilig aan. 

Plagend gedrag (duwen, trekken, hangen,…) hangt niet samen met het aantal sessies Sherborne dat de kinderen reeds hebben gehad, maar met het aantal en de duur van de “lege’’ momenten.  Bij een leeg moment zijn de kinderen niet meer geboeid door de oefening, krijgen de kinderen minder persoonlijke aandacht of is er een gebrek aan structuur.  Bij bewegingsactiviteiten waar de ruimte vrij verkend mocht worden ( bijv.  op verschillende manieren door de ruimte bewegen) gedroegen de deelnemers zich minder geconcentreerd. 

Er zijn een aantal culturele elementen die Sherborne meer geschikt maken voor een Latijns-Amerikaans land en een aantal elementen die de begeleidingsstijl binnen Sherborne moeilijker maken.  Zo is Guatemala, net als de andere Latijns-Amerikaanse landen, een hoge contactcultuur.  De kinderen zijn het gewoon om dicht bij elkaar te zijn. Elkaar omhelzen past goed bij het idee dat in Guatemala heerst over vriendschap en kameraadschap. In elkaars persoonlijke ruimte komen, leverde in het algemeen geen weerstand op. 

Het klassieke beeld van wat men in Guatemala beschouwt als een normale en goede omgang met de leerlingen komt niet overeen met de manier waarop men binnen Sherborne met de kinderen omgaat.  Van een leerkracht wordt in Guatemala verwacht dat ze duidelijk de regie op zich neemt.   De leerkracht heeft de rol van ‘leider’ en de leerlingen horen de richtlijnen van de leerkracht te volgen.  De leraar staat centraal in het leerproces.  Afhankelijkheid en respect worden als vanzelfsprekend gezien.  Experimenteergedrag, gelijkheid tussen leerkracht en leerling, uniek durven en mogen zijn, die typisch zijn voor Sherborne, passen niet echt in deze cultuur. 

SDM bestaat niet uit een strikt “behandelplan”.  Men zegt dat Sherborne niet zozeer gaat over ‘wat’, maar over ‘hoe’.  Hierdoor biedt de methodiek de nodige souplesse om de bewegingspedagogiek op verschillende locaties succesvol uit te voeren.  Je bent als begeleider vrij om bewegingsspelen die hebben geleid tot succes te herhalen en oefening die nog te moeilijk bleken aan te bieden op een eenvoudiger niveau.  Anderzijds biedt de theorie van Sherborne, bestaande uit basisdoelstellingen, basispijlers en concrete tips voor een goede begeleidingsstijl, de nodige houvast.  Naar deze basis kan je als begeleider steeds teruggrijpen bij vragen, bedenkingen, probleemsituaties,…

Besluit

In de onderzoeksvraag vroeg ik me af of het contact tussen Guatemalteekse kleuters verbetert door Sherborne.  Uit mijn praktijkstudie blijkt dat het contact binnen vertrouwde oefeningen zowel kwalitatief als kwantitatief verbetert.  Voor de kinderen van Preparatoria is het belangrijk om voldoende structuur en duidelijkheid te bieden.  Wanneer de kinderen te lang of te veel vrijheid krijgen, gaan de kinderen plagend gedrag vertonen. 

Ik kan het iedereen aanraden om Sherborne in het buitenland uit te proberen.  Ik denk dat men na het lezen van mijn eindwerk, met een gerust hart Sherborne kan gaan geven bij kleuters in Latijns-Amerikaanse landen.  Sherborne in andere werelddelen of bij andere leeftijdscategorieën, zullen mogelijks een hele andere manier van denken vragen, maar met een open en kritische houding vindt een begeleider daar vast een weg in. 

Zelf heb ik ervoor gekozen om me erg breed voor te bereiden op het Sherborne geven in het buitenland.  Dit gaf me een veiliger gevoel om aan het buitenlandse avontuur te beginnen.  Ik vermoed dat het niet voor iedereen nodig zal zijn om zich zo grondig voor te bereiden.  Ervaring uit de praktijk kan vaak al heel wat kennis geven.  Ik raad wel iedereen aan om literatuur over Sherborne naar je land van bestemming mee te nemen.  Het kan bij vragen inspiratie en een nieuwe invalshoek bieden. 

 

 

Bibliografie

Literatuurlijst:

Boeken

Boeije, H., ’t Hart, H., Hox, J., (2009) Onderzoeksmethoden. Den Haag: Boomonderwijs

Boone, L. (2007). Het integreren van de Sherbornefilosofie in individuele ergotherapie bij baby’s en peuters. Onuitgegeven eindwerk, KHBO, Departement Ergotherapie Geel

Brehm, S., Kassin, S., Feim, S., Mervielde, I., Van Hiel, A., (2007) Sociale Psychologie. Gent: Academia Press

de Bil, P. (2005) Observeren, registreren, rapporteren en interpreteren. Soest: Nelissen

De Vries, A. (1999). Sociale ontwikkeling van het jonge kind. Baarn: Bekadidact

Dowling, M. (2000). Young children’s personal, social and emotional development. Londen: Paul Chapman Educational Publishing

Feldman, R. (2005). Ontwikkelingspsychologie. Amsterdam: Pearson Education Benelux

Gepts, L. (2001). Op de matten:  Bewegingspedagogiek volgens Sherborne in een Centrum voor Integrale Gezinszorg. Onuitgegeven eindwerk, Katholieke Hogeschool Kempen, Departement Ergotherapie Geel

Goossens, F., (2008), Gedrag onder de loep. Bussum: Coutinho

Hill, C. (2006). Communicating through movement:  Sherborne Developmental Movement-towards a broadening perspective. Sunfield: Sunfield Publications.

Hofstede, G. (1994). Allemaal andersdenkenden: omgaan met cultuurverschillen. Amsterdam: Contact

Marsden, E., Egerton, J.(2007) Moving with research: Evidence-Based Practice in Sherborne Developmental Movement. Sunfield: Sunfield Publications.

Pynaert, J. (2001). ‘’Sherborne’’ bewegingspedagogiek getoetst aan de realiteit van het gewoon kleuter- en lager basisonderwijs. Onuitgegeven nota’s voor het behalen van ’course Leader Level 3’ van SDM.

Shadid, W.A. (2007) Grondslagen van interculturele communicatie. Mechelen:Kluwer

Sherborne, V. (2001). Devolopmental Movement for children. Londen: Worth Publishing

Sherborne Vereniging België vzw, Sig vzw, (2009). Een kijk op de Sherborne bewegingspedagogiek: Het groene boekje.Destelbergen: Sig vzw

Van der Perren, V. ‘Bewegingspedagogiek gebaseerd op Sherborne als onderdeel van een resultaatgerichte aanpakbij kleuters met gedrags- en aandachtsproblemen’ Onuitgegeven nota’s, Vormingscentrum Dialoog vzw, Leuven.

van der Bijl, Y. (2008) Guatemala. Rijswijk: Elmar B.V.

van Dun, I. (2008) Verbeteren van lichamelijk contact via bewegingspedagogiek van Sherborne bij kinderen met gedragsproblemen. Onuitgegeven eindwerk, Katholieke Hogeschool Kempen, Departement Ergotherapie Geel

Wellens, T. (1997). ‘Sherbornen’ met de oudste kleuters. Onuitgegeven nota’s, Vormingcentrum Dialoog vzw, Leuven.

Zoon, C. (2007). Guatemala. Amsterdam: KIT Publischers

 

Internetbronnen

 

 

Clifton, E. (2009) Alleen elite leeft goed in Guatemala

Gevonden op 29 december 2009 op het internet: www.mo.be

 

De Walsche, A. (2008) Geweld tegen vrouwen in Guatemala

Gevonden op 29 december 2009 op internet: www.mo.be

 

Diplomatie België, (2009) Reisadvies Guatemala

Gevonden op 19 oktober 2009 op het internet: www.diplomatie.be

 

Goossenaerts, J. (2009) Megaprojecten dulden geen tegenspraak.

Gevonden op 29 december 2009 op het internet: www.mo.be

 

Hofstede, G.(2009).Geert Hofstede™ Cultural Dimensions

Gevonden op 15 april 2010 op het internet: http://www.geert-hofstede.com/

 

Hofstede, G.(2009). Culture

 Gevonden op 15 april 2010 op het internet: http://www.geerthofstede.nl/

 

ISCO, (2009). The International Sherborne Co-operation Group

Gevonden op 23 december 2009 op het internet: http://www.sherbornemovement.org

 

Sherborne Vereniging België vzw, (2009). Basisprincipes

Gevonden op 23 december 2009 op het internet: http://www.sherborne.be

 

Studio Globo, Inter-cambio vzw, Steungroep Rechtvaardigheid en Vrede Guatemala, Stuurgroep Educatie Guatemala, (2008) Machismo violento: De situatie van vrouwen in Centraal-Amerika: Geweld tegen vrouwen in Guatemala en Honduras

Gevonden op 2 mei 2010 op het internet: www.oxfamsol.be