Het fenomeen Poeske Scherens

Fran Herpelinck
 
‘In pofbroek en badjas’
 
Het fenomeen “Poeske” Scherens
 
 
Een galerij van bejubelde wielrenners dient zich aan vanuit het verleden, als boegbeelden van weleer. Sportieve kinderen van hun tijdsgeest, bewonderd door velen. Waar fiets en geschiedschrijving behoedzaam elkaar kruisen, mag de naam van de sprinter Jef “Poeske” Scherens met stip vermeld. Foto’s uit die tijd tonen een kleine spierbundel, veelal in pofbroek en badjas.

Het fenomeen Poeske Scherens

 

‘In pofbroek en badjas’

 

Het fenomeen “Poeske” Scherens

 

 

Een galerij van bejubelde wielrenners dient zich aan vanuit het verleden, als boegbeelden van weleer. Sportieve kinderen van hun tijdsgeest, bewonderd door velen. Waar fiets en geschiedschrijving behoedzaam elkaar kruisen, mag de naam van de sprinter Jef “Poeske” Scherens met stip vermeld. Foto’s uit die tijd tonen een kleine spierbundel, veelal in pofbroek en badjas. Als een bokser, klaar voor sprintend wielerspektakel.

 

Een sprintend heerschap

 

Jef Scherens, op 26 februari 1909 geboren te Werchter, zou zijn jonge leven al snel omgooien, ten dienste van fiets en competitie. Vanaf het begin van de jaren 1930 tot het einde van de jaren 1940 werd het internationale sprintnummer ronduit gedomineerd door een wereldtopper van Belgische makelij. Als sprintende baanwielrenner kende hij in de periode tussen de Twee Wereldoorlogen, het interbellum van de twintigste eeuw, veruit zijn gelijke niet. Jef Scherens was als ‘fenomeen’ een ‘idool’, die supporters deed juichen, journalisten in de pen deed kruipen en lyrische reacties aan hen ontlokte. In een fervente poging op zoek te gaan naar een kern van waarheid en tijdsgevoel, is ‘Het fenomeen ”Poeske” Scherens’ een kritische schets van een tijdsklimaat, met de sprinter als leidsman.

 

Op het ritme van een groeiende wielersport, balancerend in de bewogen periode van het interbellum, maakte Jef Scherens vanaf de ‘gouden jaren twintig’ zijn naam waar. Als een energieke duizendpoot, nerveus en overactief, zou hij aan het einde van de jaren 1920 de overstap maken naar het baanwielrennen, waar ‘de proef in zuivere snelheid’ hem een discipline op maat aanbood. Wielrennen op weg en veld bleken slechts een succesvolle aanloop naar anders en meer. Te midden van flitsende acrobaten en goochelende managers, jonglerend met geld en ronkende belangen, zou “Poeske” dominant zijn stempel drukken. In een ziedende rush naar overwinning en rijkdom, oversteeg hij generaties uit verleden en toekomst.

 

Lyrische fascinatie

 

Vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw vonden sport en techniek voorgoed hun thuis in de wereld van de Europese bourgeoisie. De fiets en haar wielersport vormden in deze evolutie een gouden orgelpunt. De fiets bracht immers niet enkel een bewegingscultuur met zich mee, gekleurd door eerzucht en elitaire belangen, maar zou van meet af aan een breder publiek aanspreken. Mensen werden als toeschouwer gelokt door spektakel en atletisch vermaak, ontwikkelden droombeelden en verlangens, en projecteerden deze op de noeste renner. Aanvankelijk een elitair gegeven, later zou de kleine man zich laten leiden door geldelijke ambities. De eerbied voor hen was groot. Wie een armzalig leven terzijde kon laten, om de fiets als maatschappelijk redmiddel aan te grijpen, was een grote. Exploten van de zoevende coureur, wegrenner of pistier, werden beschreven en benadrukt door de geschreven pers, wier mening gretig afgenomen werd. Verbeelding en waarheid groeiden in de wielerverslaggeving al te vaak naar elkaar toe, in jubelzang of heldendicht.

 

Vandaag de dag lijkt de glansrol van de wielerpiste enigszins uitgespeeld, doorheen de eerste helft van de vorige eeuw lagen verhoudingen duidelijk anders. Wielrennen op de weg was een vast gegeven, maar werd in haar ijver naar sensatie ruimschoots overvleugeld door de velodrooms. Mensen trokken en masse naar de wielerbaan, alwaar de pistier de publieke belangstelling geldelijk verzilverde. Op een piste waren wielerhelden voortdurend zichtbaar, tastbaar, aaibaar. De schets van de wielerpiste als sportief instituut legt een sprintende traditie bloot, die abrupt onderbroken werd door het razende oorlogsgeweld aan het einde van de jaren 1930. Een gouden era drong zich op, de erfenis van het vooroorlogse wielrennen werd uitgestrooid in een waas van nostalgie en vergetelheid.

 

Aristocraat van de piste

 

In navolging van een ‘versnelde’ maatschappij, geleid door industriële en technologische ontwikkelingen, sprak men zich jubelend uit over de snelheid en haar deugden. Vliegtuig, auto of motorfiets werden in een verschroeiende race bijgetreden door de fiets, die almaar in een hogere versnelling trad. De focus van menig wielerliefhebber lag meer dan ooit bij snelheidsnummers op de wielerpiste.

 

Op de piste leefde men krachtig en snel, ongeluk en dood waren even vertrouwd als glorie en zegeroes. De spurter, op zichzelf aangewezen als snelheidsfactor, werd vanuit een verheerlijkend perspectief bekeken. De sprint zelf zou uitgroeien tot het koningsnummer van het populaire baanwielrennen, aangevoerd door ‘edellieden’ op de fiets, die het fascinerende credo van snelheid tot een handelsmerk maakten. De grenzen van het menselijke kunnen aftastend, noemde men het sprintgelid lovend ‘de aristocratie van de piste’, en bij uitbreiding van de gehele wielersport.

 

 

 

Zwevend tussen twee werelden

 

In tijden van welvaart voor de sprintdiscipline, had Jef Scherens zich opportunistisch gesmeten. Het maakte hem er niet armer op, verre van. Als grootverdiener van de wielersport zou hij zich opwerpen als een aristocratisch idool van twee werelden. Opgestaan uit het volk, vergat hij nooit zijn eenvoudige afkomst en zou hij zich steeds laten omringen door het volk. Ronkende overwinningen, in een verheerlijkend daglicht geplaatst door de Vlaamse wielerpers, maakten hem tot een vooroorlogs idool. Geliefd door ieder, van krantenjongen tot landsvorst, groeide stelselmatig een aura van populariteit en idolatrie. Sport fungeerde al snel als een sociaal schouwtoneel. De sprint was op het hoogste niveau exclusief, in die zin dat het slechts enkelen gegeven was, maar leefde anderzijds inclusief in de hoofden en kreten van velen. Loopings met zijn persoonlijke vliegtuig of hoge snelheden met de wagen vormden een regelmatige elitaire uitspatting, maar droegen bij aan de volkse idolatrie voor zijn persoon. Als piloot van de sprint zweefde “Poeske” tussen twee werelden.

 

Een literaire druppel zweet

 

Jef Scherens was een sprinter op de piste, kort maar hevig in de inspanning, ver van lange wielerrondes en modderige kasseien. Schijnbaar moeiteloos walste hij doorheen zijn wielerleven, in schril contrast met de ‘dwangarbeiders van de weg’. Voor een periode waarin de geschreven pers als het belangrijkste journalistieke medium fungeerde, wordt de figuur van Jef Scherens in het beschreven onderzoek belicht aan de hand van meningen en verslagen, afkomstig uit de vermaarde Vlaamse sportkrant Sportwereld. Televisie bestond nog niet, radio was haast niet van tel. Het maakte dat journalisten op een zekere manier schreven, om mensen wedstrijden te laten herleven, elke druppel zweet al lezend te laten proeven. De tijdsgeest omarmde zijn wielerheld, “Poeske” had op geen beter moment kunnen schitteren.

 

 

____________________

 

 

Bibliografie

 

Bibliografie

 

1. Bronnen

 

1.1 Onuitgegeven bronnen

 

1.1.1 Archieven

 

-          BRUSSEL, Stadsarchief. Fonds van de burgemeester.

-          HOFSTADE, Van Landeghemarchief. Wielrennen – doos 135: Alles over zesdaagsen (uitslagen, historiek, renners,…).

-          HOFSTADE, Van Landeghemarchief. Wielrennen – doos 137: Baanspecialiteiten.

-          HOFSTADE, Van Landeghemarchief. Wielrennen – doos 172: Biografieën Wielerkampioenen.

-          LEUVEN, Stadsarchief. Map Jef Scherens.

-          LEUVEN, Stadsarchief. Map 6954 – Stadsbestuur van Leuven.

-          LEUVEN, Stadsarchief. Map O. nr. 10.478 - ‘Stoempersclub’.

-          ROESELARE, Wielermuseum. Map Jef Scherens.

 

1.1.2 Correspondentie

 

-          E-mail van Paul Scherens (Leuven), 16 augustus 2011.

 

1.2 Uitgegeven bronnen

 

1.2.1 Boeken

 

-          BEFFORT, A., Jef Scherens (Ignis édite la vie de nos champions, n°3), Brussel, s.d..

-          GOOSSENS, M., De onvergelijkbare loopbaan van Poeske Scherens: verschenen in de "De Haachtenaar" tussen 3 november 1962 en 17 oktober 1964, Haacht, 1964.

-          HEERKENS, N., Zijn eerste zesdaagsche, Helmond, 1934.

-          MATTHYS, G., 1934-1936 (De galerij der wielerkampioenen. 7e Deel), Gent, 1947.

-          VAN DEN BERGH, J., Te midden der kampioenen, Baarn, 1981, 47.

-          VAN DEN BROECK, A., Jef Scherens, de Caruso uit de sprinterswereld, Antwerpen, 1948.

-          VAN WIJNENDAELE, K., Het rijke Vlaamsche wielerleven, II, Gent, 1942.

1.2.2 Kranten en tijdschriften

 

* Overzicht gebruikte kranten

 

-          Gazet van Antwerpen

-          Het Laatste Nieuws

-          Het Nieuwsblad

-          Het Volk

-          Journal des petites affiches

-          Le Miroir des Sports

-          Les Sports

-          Miroir Sprint

-          Ons Sportblad

-          Sport 80

-          Sportrevue

-          Sportwereld en het Algemeen Nieuws

 

* Artikelen

 

-          ‘30e Grote Prijs Jef Scherens’, Het Laatste Nieuws, bijzondere uitgave, augustus 1996.

-          ‘Bewondering voor de Vlaamsche spierkracht’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (24 augustus 1934), 1.

-          COLLIGNON, A., ‘Un jury éclectique décernera le “Trophée du mérite sportif”’, Les Sports (10 november 1933), 1. 

-          CORNAND, J., ‘Wanneer Jef Scherens aan ’t vertellen gaat’, Het Volk (5 juni 1957).

-          DAMAN, F., ‘Vaarwel Poeske’, Sport 80, 33 (1986), 61.

-          ‘De Belg Jef Scherens favori voor het Wereldkampioenschap snelheid beroepsrijders’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (10 augustus 1935), 1.

-          ‘De drie Belgen geplaatst’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (12 augustus 1934), 1.

-          ‘De huldiging van Scherens te Leuven’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (6 september 1936), 1.

-          ‘De onklopbare’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (10 augustus 1935), 1.

-          ‘De wereldkampioenschappen 1935 nemen heden Zaterdag aanvang’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (10 augustus 1935), 1.

-          DE WETTER, A., ‘Joinard wil zelf naar Brussel komen’, Het Nieuwsblad (29 juli 1947), 5.

-          ‘’De zege van Scherens en Pola’, ‘Hoe Scherens bij de beroepsrijders en Pola bij de liefhebbers wereldkampioenen zijn geworden’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (13 augustus 1934), 1.

-          ‘Geruchten omtrent Jef Scherens fel opgeblazen’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (20 augustus 1938), 1.

-          ’Het hoekje van onze lezers: Het ontstaan van den bijnaam “Poes”’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (24 september 1936), 2.

-          HEUVINCK, L., ‘Vlaamsche spierkracht’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (3 augustus 1936), 1.

-          ‘Hoe de Belgen Scherens, Arlet en Collard zich voor de achtste finaal plaatsten’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws, (30 augustus 1936), 1.

-          ‘Huldiging Jef Scherens’, Het Laatste Nieuws (5 september 1933), 7.

-          HUTTIER, R., ‘Jef Scherens, jeune coureur de très grande classe, champion du monde de vitesse 1932’, Le Miroir des Sports, 671 (1932), 216-217. 

-          HUTTIER, R., ‘Médiocre figuration Française aux championnats du monde cyclistes de vitesse à Amsterdam, où les Hollandais se taillent la part du lion, et où le Belge Scherens, le sprinter invincible, est battu !’, Le Miroir des sports, 1026 (1938).

-          HUTTIER, R., ‘Pour la première fois depuis sept ans, aucun Français ne figure au finale du championnat du monde de vitesse’, Le Miroir des sports, 785 (1934), 232.

-          ‘Ik ben morgenavond wereldkampioen’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (28 augustus 1938), 1.

-          ‘Jef Scherens klopt tweemaal Gérardin’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws, (24 augustus 1936), 1.

-          ‘Jef Scherens wacht op den trein’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (4 september 1936), 1.

-          ‘Jef “Poeske” Scherens overleden’, Het Nieuwsblad (11 augustus 1986).

-          ‘Jef “Poeske” Scherens (1909-1986)’, Het Nieuwsblad (11 augustus 1986).

-          Journal des petites affiches (4 september 1932), 29.

-          Journal des petites affiches (11 september 1932), 31.

-          Journal des petites affiches (2 september 1934), 21.

-          Journal des petites affiches (9 september 1935), 1; 23.

-          ‘La remise du “Grand Prix Fernand Jacobs” au lauréat de 1930, Hyancinthe Roosen’, Les Sports (9 januari 1932), 1.

-          ‘Le Belge Scherens chez les professionels, le Hollandais Van Egmond chez les amateurs, sont champions du monde cyclistes de vitesse 1933’, Le Miroir des sports, 727 (1933), 133.

-          ‘Leuven heeft Scherens waardig gehuldigd’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (7 september 1937), 1.

-          ‘Ons land heeft maar één sprinter… doch het is de grootste!’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (14 augustus 1934), 1.

-          ‘Scherens de lucht in’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws, (24 augustus 1934), 1.

-          ‘Scherens en Kaers gehuldigd te Leuven’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (23 augustus 1934), 1.

-          ‘Scherens gevierd te Hofstade’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (27 augustus 1933), 5.

-          ‘‘Scherens’ jongste nederlaag tegen Van Vliet’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (17 augustus 1938), 1.

-          ‘Scherens liet zien hoe men verliezen moet’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (31 augustus 1938), 1.

-          ‘Sfeergesprek vooraf’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (13 augustus 1933), 2.

-          ‘Sprinters in zesdagenkoersen’, Gazet van Antwerpen (11 februari 1934).

-          ‘Staakt Jaak Arlet het rijden?’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws, 12 augustus 1935, 2.

-          TERBEEN, F., ‘A 38 ans, Jeff Scherens est devenu champion du monde de vitesse pour la 7e fois en triomphant de Gérardin dans une ambiance follement houleuse’, Miroir Sprint, 62 (1947), 8-10. 

-          VAN DEN BERGH, J., ‘Sprinten is meer dan ’n eindje hardrijden’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (13 augustus 1935), 1.

-          VAN DEN BROECK, A., ‘De grootsche poging van Jef Scherens…’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws, (30 augustus 1936), 1.

-          VAN DEN BROECK, A., ‘De schitterende loopbaan van L. Michard’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (1 september 1936), 2.

-          VAN DEN BROECK, A., ‘De vijfdubbele wereldkampioen Jozef Scherens’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (31 augustus 1936), 1; 3.

-          VAN DEN BROECK, A., ‘Drie wereldkampioenen’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (22 augustus 1934), 1.

-          VAN DEN BROECK, A., ‘Een sterke bezetting 0in de wereldkampioenschappen wielrijden’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (13 augustus 1936), 3.

-          VAN DEN BROECK, A., ‘Jef Scherens gaat niet alleen naar Amsterdam…’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (21 augustus 1938), 1.

-          VAN DEN BROECK, A., ‘Jef Scherens gevierd te Mechelen’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (24 augustus 1934), 1.

-          VAN DER STUYFT, A., ‘Sportpaleis-Antwerpen richt den “Bol d’Or” in op 31 december en 1 januari’, Sportrevue (23 december 1934), 14.

-          VAN HELMONT, J., ‘Het hoekje van onze lezers: Scherens van nu en de poes van 10 jaar vroeger’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (22 september 1936), 2.

-          VAN LANDEGHEM, J., ‘”Poeske” Scherens sprint zich in het peloton “der sterken”’, Gazet van Antwerpen (17 februari 1979).

-          VAN WYNENDAELE, G., ‘De Hollandse beroepsrenner Arie Van Vliet en de Hollandse liefhebber Jef V.d. Vyver zijn wereldkampioen 1938’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (29 augustus 1938).

-          VAN WYNENDAELE, G., ‘Eerste dag te Amsterdam stond in het teeken der regelmatigheid’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (28 augustus 1938), 1.

-          VAN WYNENDAELE, G., ‘”Ik heb nooit aan mijn zege getwijfeld”’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (29 augustus 1938), 1.

-          VAN WYNENDAELE, G., ‘”Ik was niet sterk en kon me niet tijdig verzetten”, zegt ons Jef Scherens’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (29 augustus 1938), 1.

-          VAN WYNENDAELE, G., ‘Jef Scherens maakte op den eersten dag der snelheid een zeer gunstigen indruk’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (28 augustus 1938), 3.

-          VAN WYNENDAELE, G., ‘Jef Scherens staat heden voor zijn Zwaarste wereldkampioenschap’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (27 augustus 1938), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘De val van een koningdom’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (30 augustus 1938), 1; 3.

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘De wereldkampioenschappen 1936 staan voor de deur’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (26 augustus 1936), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘Een praatje rond Jef Scherens’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (6 september 1936), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘Een wekelijksch wielerpraatje: De Fiskus gaf de velodroms de genadeslag’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (22 augustus 1937), 3-4.

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘Er moet een nieuwe wind gaan waaien door de Belgische wielersport’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (24 augustus 1934), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘Is Scherens misschien een grooter sprinter dan Ellegaard of Moeskops, dan Kramer of Friol?’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws, (29 augustus 1936), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘Kijkjes’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (12 augustus 1935), 1

-          VAN WIJNENDAELE, K., ‘Leve onze Wereldkampioen’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (15 augustus 1933), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ’38-jarige Scherens heeft een kans een 7e maal wereldkampioen te worden’, Het Nieuwsblad (27 juli 1947), 5.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘De 38-jarige Scherens voor de zevende maal wereldkampioen’, Het Nieuwsblad (30 juli 1947), 5.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘De snelste wielrenner op de wereld’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (12 augustus 1935).

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘De vijfdubbele wereldkampioen Jozef Scherens’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (31 augustus 1936), 3.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Franse furie in het Prinsenpark’, Het Nieuwsblad (28 juli 1947), 5-6.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Het meesterstuk van kunstenaar Scherens’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (31 augustus 1936), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Heysel, Babeltoren 1935 der wielerbeweging’, Sportwereld (11 augustus 1935), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Ik heb Jef niet opzettelijk gehinderd’, Het Nieuwsblad (28 juli 1947), 6.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Jef Scherens’, Sportwereld en het Algemeen Nieuw (21 augustus 1935), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Jef Scherens in het middelpunt der belangstelling’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (11 augustus 1935), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Ons klein landeke heeft een groot wereldkampioen: Scherens’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (14 augustus 1933), 1.

-          VAN WIJNENDAELE, W., ‘Voorbeschouwing op de finale van het snelheidskampioenschap’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (13 augustus 1933), 1.

-          VELTMAN, J., ‘De laatste strijd van een wereldkampioen’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws, (27 augustus 1937), 1.

-          VELTMAN, J., ‘De taal der snelheid’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (12 augustus 1935), 1.

-          VELTMAN, J., ‘Gérardin en de sprint’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (8 september 1937), 1.

-          VELTMAN, J., ‘Gérardin en Richter zeggen: “Weer Scherens!”’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (18 augustus 1936), 1.

-          VELTMAN, J., ‘Jef Scherens rijdt zich opnieuw in forme’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (17 augustus 1936), 1; 3.

-          VELTMAN, J., ‘Jef Scherens voor de zesde achtereenvolgende maal wereldkampioen’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (30 augustus 1937), 1-3.

-          VELTMAN, ‘Nog een bevoegde stem over Leipzig’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (24 augustus 1934), 1.

-          VERVOORT, P., ‘Leuven heeft gisteren Jef Scherens gehuldigd’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (5 september 1933), 2.

-          ‘Vijftig jaar geleden debuteerde Jef Scherens als pisterenner’, Ons Sportblad (30 oktober 1978).

-          ‘Wereldkampioen Scherens te midden der zijnen gehuldigd’, Sportwereld en het Algemeen Nieuws (8 september 1936), 2.

 

1.2.3 Data en statistieken

 

-          BEVING, P. en VAN LAETHEM, A., Le cyclisme, Brussel, 1935, 285.

-          LAFOSSE, B., Wielersportvaria 1946, Deerlijk, 1946.

-          Sportwereld’s Almanak voor het jaar 1936, Brussel, 1936.

-          Sportwereld’s Almanak voor het jaar 1937, Brussel, 1937.

-          VAN SCHOONDERWALT, F., Alles uit de kast: Van Armstrong tot Zoetemelk: Overzicht van profrenners en hun erelijsten, Baarn, 2006.

 

1.3 Orale bronnen

 

-          Interview met Paul Scherens, 29 november 2010.

 

1.4 Audiovisuele bronnen

 

-          DE SAEDELEER, R., STASSIJNS, M. en VANLOMBEEK, M., De Ronde van Vlaanderen, video, BRT, 1993.

-          Sporza Videozone, Retro, ‘9 augustus 1986: Jef "Poeske" Scherens is overleden’, s.d. (http://www.sporza.be/cm/sporza/videozone/MG_retro/2.6620/1.572265.)

-          WEBER, R. en SCHOLL, T., Auf der Suche nach Albert Richter – Radrennfahrer, TV-documentaire, ARD, 1990.

 

 

 

 

 

2. Literatuur

 

2.1 Monografieën

 

-          ARNAUD, P., ‘Sportifs de tous les pays…!’, Les origines du sport ouvrier en Europe, Parijs, 1994.

-          BACKELANDT, F., CORNILLIE, P. en VANWALLEGHEM, R., Karel [Koarle!] Van Wijnendaele: Vader van de Ronde van Vlaanderen, Tielt en Gent, 2006.

-          BAUDRILLARD, J., La société de la consommation : ses mythes, ses structures, Parijs, 1983.

-          BENSON, L., Images, heroes, and self-perceptions: the struggle for identity—from mask-wearing to authenticity, New Jersey, 1974.

-          BOESMAN, J., De vliegende neger & de kleine koningin: Major Taylor en het begin van de Tour de France, Amsterdam en Antwerpen, 2008.

-          BROHM, J.-M., Sociologie politique du sport (Corps et Culture, n° 5), Parijs, 1976.

-          BURKE, P., Volkscultuur in Europa: 1500-1800, Amsterdam, 1990.

-          CASTEELS, R. en VANDEGOOR, G., 1914 in de regio Haacht: kleine dorpen in de grote oorlog, Haacht, 1993.

-          CORNILLIE, P., GELDHOF, P. en VANYSACKER, D., Helden van het veld: het succesverhaal van de Belgische wereldkampioenen cyclocross (1966-2006), Roeselare, 2006.

-          CORNILLIE, P., Marcel Kint. De langst regerende wereldkampioen ooit, Kortrijk, 2011.

-          DE MAERTELAERE, R., 100 jaar zesdaagsen: de mannen van de nacht, Eeklo, 2000.

-          DE VUYST, W., Verslaggeving en wielrennen : een historische vergelijkende inhoudsanalyse, Ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, departement communicatiewetenschap, 2004.

-          DESAIR, D., 100 Jaar Jef ‘Poeske’ Scherens, Tentoonstellingsbrochure, Werchter, 2009.

-          DIVINE, A. e. a., America: Past and Present, Glenview en Londen, 1987.

-          DURET, P., Sociologie du sport (Que sais je ?), Parijs, 2008.

-          FINDLING, J. E. en PELLE, K. D., Encyclopedia of the modern olympic  movement, Londen, 2004.

-          FRANZ, R., Der vergessene Weltmeister: Das rätselhafte Schicksal des Radrennfahrers Albert Richter, Bielefeld, 2007.

-          FREIDEL, F., The presidents of the United States of America, Washington, 1978.

-          FUCHS, J. M. en SIMONS, W. J., Geschiedenis van de fiets, Alkmaar, 1967.

-          GARTON, S., Histories of Sexuality, New York, 2004.

-          GELDHOF, P. en VANYSACKER, D., En de broodrenner, hij fietste verder. Het wielrennen in België tijdens WO II, Leuven, 2005.

-          GODDEERIS, I. en HERMANS, R. red., Vlaamse migranten in Wallonië: 1850-2000, Leuven, 2011.

-          GUARNERI, C., America in the world: United States history in global context, Boston, 2007.

-          HAMELS, J., Wielerparels uit de regio Haacht, Herent, 2008.

-          HEEREN, M., Het creëren van een vedette : het fenomeen Pfaff, Ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, departement communicatiewetenschap, 1988.

-          HOUTHAEVE, R. en LECLUYSE, N., Van grote en kleine wielergoden. Moorslede: bakermat van de wielersport, Izegem, 1991.

-          JACOBS, J. en VAN DOORNE, B., De Vlaamse Wielerkoningen, Tielt, 1979.

-          JUDT, T., ‘America Has Gone Mad. Anti-Americanism in Historical Perspective’, Past Imperfect. French Intellectuals, 1944-1956, Berkeley, 1992.

-          JUDT, T., Na de oorlog: een geschiedenis van Europa sinds 1945, Amsterdam en Antwerpen, 2008.

-          JUDT, T., Un passé imparfait: Les intellectuels en France (Pour une histoire du Xxe siècle), Parijs, 1992.

-          KLAPP, O. E., Collective search for identity, New York, 1969.

-          LAMON, L. en VAN HAMME, M., Van Thys tot Nys: 100 jaar Belgisch Kampioenschap veldrijden, Antwerpen, 2010.

-          MAGNANE, G., Sociologie du sport : situation du loisir sportif dans la culture contemporaine (Collection Idées, n° 57), Parijs, 1964.

-          MASO, B., Het zweet der goden, Amsterdam, 1990.

-          MATHY, T., Les géants du cylisme belge : 75 ans de victoires ininterrompues, Brussel, 1974.

-          MISOTTEN, G. en DESMET, L., Vaartkom Weerspiegeld (Straathistories, Leuvense buurten in woord en beeld, n° 1), Leuven, 2008.

-          MOEYAERT, B., Van wielerbaan tot ... velo-droom: de geschiedenis van het baanwielrennen in België van 1890 tot 2003, Ongepubliceerde licentiaatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, departement geschiedenis, 2003.

-          OVERY, R. J., The Inter-War Crisis: 1919-1939 (Seminar Studies in History), Londen, 2007.

-          REYNEBEAU, M., Een geschiedenis van België, Tielt, 2005.

-          VAN REYBROUCK, D., Congo: Een geschiedenis, Amsterdam, 2010.

-          VANWALLEGHEM, R., De Ronde van Vlaanderen: De ziel, de helden, het epos, Tielt, 2003.

-          VANYSACKER, D., Koersend door een eeuw Italiaanse en Belgische geschiedenis: De Italo-Belgische connectie in en rond het wielerpeloton, Leuven en Den Haag, 2009.

-          VAN LANDEGHEM, J., Onsterfelijke wereldkampioenen wielrennen, Antwerpen, 2001.

-          VEBLEN, T., The Theory of the Leisure Class: An Economic Study of Institutions, New York, 1953.

-          VOIGT, C., De hardloper, Amsterdam, 2000.

 

2.2 Artikelen

 

-          BENALI, A., ‘Miguel (oftewel: de dood van een kommaneuker)’, De Muur: Wielertijdschrift voor Nederland en Vlaanderen, 25 (2009).

-          GROSJEAN, R., ‘En souvenir’, A. VAN DEN BROECK red., Tentoonstelling Trofeen Jef Scherens, Tentoonstellingsbrochure, Leuven, 1947.

-          HAMELS, J., ‘Renners uit onze regio: de kampioenen van België in de jeugdreeksen’, HOGT, 3 (2007).

-          HEYLEN, S., ‘Steden omringd door dorpen. De economische ontwikkeling’, R. VAN UYTVEN e.a. red., Geschiedenis van Brabant: van het hertogdom tot heden, Leuven, 2004.

-          KROES, R., ‘Anti-Americanism and Anti-Modernism in Europe : Old and Recent Versions’, A.  STEPHAN red., Americanization and anti-americanism: The German encounter with American culture after 1945, New York, 2006.

-          KROON, J., ‘Georges Speicher, 1933. Crise? Quel crise?’, De Muur: Wielertijdschrift voor Nederland en Vlaanderen, 25 (2009).

-          KRÜGER, A., ‘Germany: The Propaganda Machine’, A. KRÜGER en W. MURRAY red., The Nazi Olympics: Sport, Politics and Appeasement in the 1930s, Illinois, 2003.

-          LABRIE, A., ‘Het verlangen naar zuiverheid’, R. VAN DER LAARSE, A. LABRIE en W. MELCHING red., De hang naar zuiverheid. De cultuur van het moderne Europa, Amsterdam, 1998.

-          LAITEM, H., ‘Poeske, kat met zeven levens’, De Muur: Wielertijdschrift voor Nederland en Vlaanderen, 14 (2006).

-          LAMBERTS, E., ‘België sinds 1830’, J. C. H. BLOM en E. LAMBERTS red., Geschiedenis van de Nederlanden, Baarn, 2008.

-          RENSON, R. en VANLEEUWE, T., ‘Sport en de Vlaamse beweging aan de Leuvense universiteit (1835-1914)’, Onze Alma Mater, 37 (1983).

-          ROODENBURG, H., ‘Ideologie en volkscultuur: het internationale debat’, T. DEKKER, H. ROODENBURG en G. ROOIJAKKERS red., Volkscultuur: een inleiding in de Nederlandse etnologie, Nijmegen, 2000.

-          ’T HART, K., ‘De stem van Heinz Jakobi’, De Muur: Wielertijdschrift voor Nederland en Vlaanderen, 25 (2009).

-          VANYSACKER, D., ‘Jef Scherens’, Nationaal Biografisch Woordenboek, XVIII, Brussel, 2007.

-          VAN AERSCHOT, A., ‘De pioniers van de Haachtse wielersport’, HOGT, 03 (1988), 145.

-          VAN DE CASTEELE, E., ‘Activisme en repressie: De mislukte jacht op de flaminganten’, Knack (13 april 2011).

-          VAN DEN BROECK, A., ‘Jozef Scherens’, A. VAN DEN BROECK red., Tentoonstelling Trofeen Jef Scherens, Tentoonstellingsbrochure, 1947.

-          VAN DIJCK, M. en VAN MOLLE, L., ‘Arme en rijke boeren. Landbouw en platteland in een wijde cirkel rond de hoofdstad (1880-1950)’, J. DE MAEYER en P. HEYRMAN red., Geuren en kleuren: een sociale en economische geschiedenis van Vlaams-Brabant, 19de en 20ste eeuw, Leuven, 2001.

-          VAN ZUTPHEN, N., ‘Sociale geschiedenis van het fietsen te Leuven, 1880-1900’, L. VAN BUYEN red., Fiets en film rond 1900: moderne uitvindingen in de Leuvense samenleving (Arca Lovaniensis artes atque historiae reserans documenta. Jaarboek 8), Leuven, 1979.

-          VERHEGGHE, W., ‘Keizer en Kannibaal’, De Muur: Wielertijdschrift voor Nederland en Vlaanderen, 25 (2009).

 

3. Internetsites

 

-          http://www.mémoire-du-cyclisme.com

-          http://www.dewielersite.net

-          http://www.ethesis.net

-          http://kevindevries.blogs.dmci.hva.nl

-          http://vandersloten.be

-          http://www.rabc1882.be

-          http://vub.ac.be

-          http://ancien.oraniecycliste.net

-          http://www.hockey.be

-          http://knack.rnews.be

-          http://www.zesdaagsebrabant.nl

-          http://www.belgianaeroclub.be

 

 

 

4. Materiële bronnen

 

-          ‘Wielrennen’, infobord in Sportimonium Hofstade.

-          ‘Wielrennen’, opschrift in Sportimonium Hofstade.

 

5. Lijst gebruikte afkortingen

 

A.C.R.B.: Aero Club Royale de Belgique

B.W.B.: Belgische Wielrijdersbond

F.V.B.: Fédération Vélocipédique Belge

K.B.A.C.: Koninklijke Belgische Aero Club

K.B.W.B.: Koninklijke Belgische Wielrijdersbond

L.A.W.:  League of American Wheelmen

L.N.A.R.: Ligue Nationale Pour l’Amélioration des Routes

L.V.B.: Ligue Vélocipédique Belge

N.C.A.: National Cycling Association

R.L.V.B. : Royal Ligue Vélocipédique Belge

SAB: Stadsarchief Brussel

SAL: Stadsarchief Leuven

SH: Sportimonium Hofstade

U.C.I.: Union Cycliste International

U.V.F.: Union Vélocipédique Francais

VLA: Van Landeghemarchief

WMR: Wielermuseum Roeselare

 

 

 

 

 

 

 

Universiteit of Hogeschool
MA Geschiedenis
Publicatiejaar
2011
Share this on: