Taalgebruik in Vlaamse films Een diachroon onderzoek naar tussentaalkenmerken in een selectie Vlaamse films

Evelyne Claerhout
De afgelopen decennia zorgde het fenomeen tussentaal voor heel wat commotie bij Vlaamse taalkundigen. In wetenschappelijke artikels hebben voor- en tegenstanders hun mening geuit over de taalvariëteit die noch dialect noch standaardtaal is. Hoewel de meningen al snel gevormd waren, was grondig onderzoek naar de recente ontwikkelingen op het gebied van taalvariëteiten in Vlaanderen van recentere datum. Ook deze masterscriptie wil bijdragen tot nieuwe inzichten in het taalgebruik van de Vlamingen. Het medium dat in deze scriptie centraal zal staan, is de Vlaamse films.

Taalgebruik in Vlaamse films Een diachroon onderzoek naar tussentaalkenmerken in een selectie Vlaamse films

De afgelopen decennia zorgde het fenomeen tussentaal voor heel wat commotie bij Vlaamse taalkundigen. In wetenschappelijke artikels hebben voor- en tegenstanders hun mening geuit over de taalvariëteit die noch dialect noch standaardtaal is. Hoewel de meningen al snel gevormd waren, was grondig onderzoek naar de recente ontwikkelingen op het gebied van taalvariëteiten in Vlaanderen van recentere datum. Ook deze masterscriptie wil bijdragen tot nieuwe inzichten in het taalgebruik van de Vlamingen. Het medium dat in deze scriptie centraal zal staan, is de Vlaamse films. Concreet wordt het taalgebruik van de acteurs in Springen (1985), De leeuw van Vlaanderen (1985), Zaman (1983) en Wildschut (1985) vergeleken met het taalgebruik van de acteurs in Loft (2008), Windkracht 10 (2006) en Man zkt vrouw (2007). Met dit onderzoek willen we te weten komen hoe recent het gebruik van  tussentaal in Vlaamse films is.

De resultaten van de analyses tonen aan dat tussentaal in de films van 2007-2009 zeer goed vertegenwoordigd is. In oudere films was er ook al tussentaal te horen, maar de hoofdvariëteit die in deze films gehanteerd wordt, is standaardtaal. Uit interviews blijkt dat de huidige Vlaamse acteurs vooral voor tussentaal kiezen, omdat hun personages dan geloofwaardiger overkomen bij het publiek. In oudere films spelen nog andere facetten een rol bij de keuze voor een bepaalde taalvariëteit. In de jaren tachtig wou men de Vlamingen duidelijk maken dat Nederland en Vlaanderen één taalgebied was. Allerlei instanties werkten mee om de Vlamingen standaardtaal aan te leren. Eén van de methodes die hiervoor gebruikt konden worden, was om de acteurs in films en TV-programma’s standaardtaal te laten spreken. Door films in de standaardtaal te maken hadden de regisseurs ook een groot doelpubliek (Vlaanderen én Nederland). Dat het gebruik van standaardtaal zowat in alle filmgenres kon, bewijzen de komedie Springen, de actiefilm Wildschut en de historische film De leeuw van Vlaanderen. In de recente Vlaamse films is standaardtaal niet langer de hoofdvariëteit. Zo spreken de acteurs in de films Loft en Windkracht 10 voortdurend tussentaal. De regisseurs hadden bij het maken van deze films dus een Vlaams doelpubliek voor ogen. Dit betekent niet perse een inkomstenverlies in vergelijking met de oudere films in standaardtaal. De opbrengsten van de recente Vlaamse films liggen immers zeer hoog. De film Loft telde bijvoorbeeld in 2008 bijna twee miljoen bezoekers. Dankzij het enorme succes van deze film werd er besloten om ook een Nederlandse en Amerikaanse versie te maken. Dat de Vlaamse films zo succesvol zijn, is onder andere te wijten aan de acteurs die dezelfde taal spreken als de Vlaamse bioscoopbezoeker in informele situaties. Hierdoor zijn de films herkenbaarder en geloofwaardiger geworden. 

In de scriptie werden ook alle tussentaalkenmerken verzameld die voorkomen in het filmcorpus. De kenmerken werden gerangschikt van meest naar minst frequent. Het viel hierbij op dat vooral de fonologische elementen zeer vaak voorkomen. De H-procope, de apocope en syncope bij functie- en inhoudswoorden en de auslaut –t die –d wordt voor vocalen bekleden de top drie van de meest voorkomende kenmerken van tussentaal. Daarnaast staan de transcripties ook vol met tussentalige woordenschat.

Ten slotte werd ook nog het schuifknoppenmodel gebruikt om te onderzoeken of de verschuiving van een bepaald kenmerk in de richting van de omgangstaal, andere kenmerken kan beïnvloeden en laten opschuiven in de richting van de omgangstaal. Er werd vastgesteld dat enkel H-procopes en T-deletie correleren. Bij de vergelijking van de percentages van de H-procopes en T-deleties, liggen deze percentages bijna altijd heel dicht bij elkaar. Waarschijnlijk stimuleert het gebruik van H-procopes de T-deleties en omgekeerd. Hier valt tevens op te merken dat H-procopes en T-deleties ook voorkomen in informele standaardtaal.

Uit dit onderzoek is gebleken dat tussentaal de laatste jaren nog meer is doorgedrongen in de filmwereld. Acteurs en actrices vinden het belangrijk om geloofwaardig over te komen bij het grote publiek, daarom kiezen ze ervoor om de taal te spreken die we nu in Vlaanderen in het alledaagse leven het meest horen: de tussentaal.  De keuze voor tussentaal strookt dus perfect met de hedendaagse Vlaamse taalrealiteit: tussentaal is momenteel dé taalvariëteit voor informele communicatie in Vlaanderen.

Bibliografie

BIBLIOGRAFIE

 

Auman, S. (2009). En op de zevende dag was er tussentaal. Een onderzoek naar het gebruik van de Nederlandse standaardtaal, Vlaamse tussentaal en codewisseling in De zevende dag. masterscriptie. Universiteit Gent.

 

Auwera, F. (1983). Uit het raam springen moet als nutteloos worden beschouwd. 1e druk. Antwerpen: Manteau.

 

Cajot, J. (2000). De omgangstaal van Vlaanderen. In: Over Taal, 39 (1), 3-6.

 

Claerhout, E. (2011). De kloof tussen het taalbeleid en de praktijk in een basis-en middelbare school in Zuid-West-Vlaanderen. bachelorscriptie. Universiteit Gent.

 

Debrabandere, F. (2005). Het echec van de ABN-actie in Vlaanderen. Nederlands van nu 53, 27-31.

 

De Caluwe, J. (2000). Belgisch Nederlands versus Nederlands Nederlands. In: J. De Caluwe, M. Devos & J. Taeldeman (red.), Het taallandschap in Vlaanderen. Gent: Academia Press, 49-58.

 

De Caluwe, J. (2002). Tien stellingen over functie en status van tussentaal in Vlaanderen. In: De Caluwe, J. et al. (reds):Taalvariatie en taalbeleid: bijdragen aan het taalbeleid in Nederland en Vlaanderen. Antwerpen / Apeldoorn: Garant, 57-67.

 

De Caluwe, J. (2006a). Pleidooi voor een herijking van het taalbeleid in Vlaanderen. In: Neerlandistiek in contrast. Handelingen Zestiende Colloquium Neerlandicum: 519-529.

 

De Caluwe, J. (2006b). Tussentaal als natuurlijke omgangstaal in Vlaanderen. In: J. De Caluwe & M. Devos (red.), Sructuren in talige variatie in Vlaanderen. Themanummer van Studia Germanica Gandensia, Gent: Academia Press, 19-34.

 

De Caluwe, J. (2009). Tussentaal wordt omgangstaal in Vlaanderen. Nederlandse taalkunde 14: 8-25.

 

Degryse, I. (2009). Stop met klagen, het gaat prima met onze taal. In: De Standaard 23/05/2009.

 

De Laere, T. (2006). Tussentaal THUIS gesproken: een sociolinguïstische studie van de trajecten en performances van Vlaamse soapacteurs. masterscriptie. Universiteit Gent.

 

De Ridder, F. (2007). Vlaamse tussentaal op televisie: een analyse van het fictieve reportageprogramma In De Gloria. masterscriptie. Universiteit Gent.

 

Devos, M. (2000). Taalsituatie en taalontwikkeling in Vlaanderen. In: De Caluwe, J./ Devos M. / Taeldeman, J. (red): Het taallandschap in Vlaanderen. Gent: Academia Press, 1-12.

 

Devos, M. & R. Vandekerckhove (2005). Taal in stad en land: West Vlaams. 1e druk. Tielt: Lannoo.

 

De Weert, T. (2008). De collega’s maken de brug van toen naar nu. In: De Morgen 12/04/2008.

 

 

Geeraerts, D. (2001). Een zondagspak? Het Nederlands in Vlaanderen: gedrag, beleid, attitudes. Ons erfdeel 44 (3), 337-344.

 

Goossens, J. (2000). De toekomst van het Nederlands in Vlaanderen. Ons Erfdeel 43 (1), 2-13.

 

Janssens, G & A. Marynissen (2008). Het Nederlands vroeger en nu. 3e herwerkte uitgave. Leuven: Acco.

 

Jaspers, J. (2001). Het Vlaamse stigma. Over tussentaal en normativiteit. Taal en Tongval 53, 129-153.

 

Kintaert, T. (2010). Tussentaal in tekenfilms: Een onderzoek naar tussentaalkenmerken, codewisseling en sociolinguïstische parameters. masterscriptie. Universiteit Gent.

 

Plevoets, K. (2008). Tussen spreek- en standaardtaal. Een corpusgebaseerd onderzoek naar de situationele, regionale en sociale verspreiding van enkele morfo-syntactische verschijnselen uit het gesproken Belgisch-Nederlands. K.U. Leuven, proefschrift.

 

Reynebeau, M. (1995). Het klauwen van de leeuw. De Vlaamse identiteit van de 12de tot de 21ste eeuw. 1e druk. Leuven: Van Halewyck.

 

Rys, K. & J. TAELDEMAN (2007). Fonologische ingrediënten van Vlaamse tussentaal. Sandra, D./ R. Rymenans/ P. Cuvelier/ P. Van Petegem (red.): Tussen taal, spelling en onderwijs. Essays bij het emeritaat van Frans Daems. Gent: Academia Press, 1-9.

 

Saey, C. (2009). Taalgebruik op de radio: tussentaal en code-switching bij presentatoren. masterscriptie. Universiteit Gent.

 

Taeldeman, J. (2008). Zich stabiliserende grammaticale kenmerken in Vlaamse tussentaal. Taal en Tongval 60 (1), 26-50.

 

Van Hoof, S. (2012). Taalvariatie op de Vlaamse Openbare omroep. Substandaardisering in fictieprogramma’s vroeger en nu. In: de Handelingen van de Koninklijke Zuid-Nederlandse Maatschappij voor Taal- en Letterkunde en Geschiedenis, 2010, vol. 64, 167- 185.

 

Van Gijsel, S., D. Speelman & D. Geeraerts (2008). Style shifting in commercials. Journal of Pragmatics 40, 205-226.

 

Van Istendael, G. (1993). Het Belgisch labyrint. Geheel herziene uitgave’ [eerste druk: 1989]. Amsterdam: De Arbeiderspers.

 

Vets, T. (2009). Acteurs zijn geen nieuwslezers. In: De Gazet Van Antwerpen, 10/09/2009.

 

 

 

 

Internetbronnen

 

De elektronische ANS (Algemeen Nederlandse Spraakkunst) (2007). <http://www.let.ru.nl/ans/e-ans/index.html> (21/02/2012).

 

Prisma online handwoordenboek Nederlands (2009).

<        via webmail Kevin         > (november 2011- april 2012)

 

Vlaams audiovisueel fonds (2011). Reglement.

<http://www.vaf.be/uploads/media/Regleme t_VAF_Filmfonds_met_wijzigingen_-_vanaf_16.05.2011.pdf> (15 oktober 2011).

 

The internet movie database (1990).

Hans Herbots <http://www.imdb.com/name/nm0378681/> (06/01/2012).

Miel Van Hoogenbempt <http://www.imdb.com/name/nm0393554/> (06/01/2012).

Eric Van Looy http://www.imdb.com/name/nm0887452/ (06/01/2012).

Bobby Eerhart <http://www.imdb.com/name/nm0250532/> (06/01/2012).

Jean-Pierre De Decker <http://www.imdb.com/name/nm0495811/> (06/01/2012).

Patrick Lebon <http://www.imdb.com/name/nm0495811/> (06/01/2012).

Hugo Claus http://www.imdb.com/name/nm0165282/ (06/01/2012).

 

 

Hendrickx, R. (17/07/1998) het taalcharter van de VRT.

<http://www.vrt.be/taal/taalcharter > (25/12/ 2011).

 

Pas, M. (09/09/2009). Interview met Michael Pas in Peeters en Pichal. <http://www.radio1.be/programmas/peeters-pichal/taalgebruik-van-vlaamse-…; (06/01/2012).

 

Van De Moortel, K. (09/04/2007). Taalfouten die me irriteren. <http://www.astrovdm.com/taalfouten.htm> (5 februari 2012).

 

Vandenbroucke, F. (2007). taalbeleidsnota. <http://www.klascement.net/talen/artikels/10034/?previous> (29 december2011).

 

Van Wichelen, M. (2003). De Zaak Alzheimer. Van A(lzheimer) tot Z(aman). <http://www.moviegids.be/index.cfm?id=91931)> (15 oktober 2011).

 

 

cd-rom

 

VAN DALE Groot woordenboek van de Nederlandse taal. 14e editie augustus 2005. hoofdredactie drs Ton den Boon en prof. Dr. Dirk Geeraerts

 

dvds

 

CLAUS, H. DERUDDERE, D. & CONINX, S. (reg). De leeuw van Vlaanderen, Film, Belgie 1985.

 

VAN LOOY, E. (reg) Loft. Film, Belgie, 2008.

 

VAN HOOGENBEMT, M. (reg) Man zkt vrouw. Film, Belgie, 2007.

 

DE DEKKER, J. (reg) Springen. Film, Belgie, 1986.

 

EERHART, B. (reg) Wildschut. Film, Belgie-Nederland, 1985.

 

HERBOTS, H. (reg) Windkracht 10. Film, Belgie, 2006.

 

LEBON, P. (reg) Zaman. Film, Belgie, 1983.

Universiteit of Hogeschool
Taal en letterkunde: Nederlands
Publicatiejaar
2012
Share this on: