Isotopic study of the early Eocene paleoecology and paleoenvironment in Aktulagay; The Aktulagay Section, Kazakhstan

Steven Tesseur
Foraminiferen vertellen hun verhaal over het verleden, 50 miljoen jaar geledenMet de opwarming van de aarde volop in de media zouden we wel eens durven vergeten dat het aardse klimaat momenteel nog steeds behoort tot een van de koudere periodes uit de aardgeschiedenis. Het is dan ook interessant de warmere periodes van onze aardgeschiedenis te bestuderen met als einddoel beter te begrijpen wat de consequenties zijn van de stijgende globale temperatuur.

Isotopic study of the early Eocene paleoecology and paleoenvironment in Aktulagay; The Aktulagay Section, Kazakhstan

Foraminiferen vertellen hun verhaal over het verleden, 50 miljoen jaar geledenMet de opwarming van de aarde volop in de media zouden we wel eens durven vergeten dat het aardse klimaat momenteel nog steeds behoort tot een van de koudere periodes uit de aardgeschiedenis. Het is dan ook interessant de warmere periodes van onze aardgeschiedenis te bestuderen met als einddoel beter te begrijpen wat de consequenties zijn van de stijgende globale temperatuur. Maar hoe slagen aardwetenschappers erin het klimaat en de omgeving op een gegeven locatie uit het geologische verleden gedetailleerd te bestuderen? Een uitstekende methode is het  chemische onderzoek op kalkschalige foraminiferen (microfossielen). In deze studie werden kalkschalige foraminiferen bestudeerd uit Aktulagay (Kazachstan), afkomstig uit 50 miljoen jaar oude kleiige sedimenten.

Foraminiferen zijn kleine diertjes die zelden groter worden dan een halve millimeter. Ze leven reeds 500 miljoen jaar in de zeëen en oceanen van onze planeet. Er zijn duizenden soorten foraminiferen met variabele levenswijzes. Het belangrijkste onderscheid wordt gemaakt tussen foraminiferen met een planktische levenswijze en foraminiferen met een benthische levenswijze. De planktische foraminiferen zweven op variabele diepte (soortafhankelijk) in de waterkolom terwijl de benthische foraminiferen leven op of in de zeebodem. Tijdens hun leven maken foraminiferen een kalkschaal aan. Wanneer ze  sterven worden ze in de juiste omstandigheden begraven in het sediment en resulteren ze in de microfossielen die geologen vandaag terug kunnen vinden in verscheidene sedimentaire gesteenten.

Waarom foraminiferen bestuderen?Hoewel de vorm en de soort foraminifeer wat kan vertellen over het verleden, gaat onze interesse hoofdzakelijk naar de chemische samenstelling van de foraminiferen. Metingen van de chemische samenstelling van hun kalkschaal, meer specifiek de isotopische samenstelling, is waardevol omdat deze in de eerste plaats de temperatuur en het zoutgehalte van het water waarin de foraminiferen leefden weergeven. Daarnaast vertelt de isotopische samenstelling van hun schaal ook iets over hun levenswijze.

Wat zijn isotopen?Isotopen zijn atomen van eenzelfde chemisch element, bijvoorbeeld koolstof. Ze hebben dus eenzelfde aantal protonen (positief geladen deeltjes). Echter isotopen verschillen van elkaar in hun massa doordat ze verschillen in hun aantal neutronen (neutraal geladen deeltjes). Door het kleine massaverschil tussen de verschillende isotopen, zullen ze anders reageren in bepaalde processen. Een belangrijk voorbeeld is de verdamping van water (H2O), waarbij de lichtere isotoop van zuurstof (O) makkelijker in waterdamp overgaat dan de zwaardere isotoop. Voor deze studie werden de isotopen van zuurstof en koolstof gemeten.

Kazachstan, 50 miljoen jaar geleden50 miljoen jaar geleden, ruwweg zo’n 15 miljoen jaar na het uitsterven van de dinosauriërs, bevonden we ons in het vroege Eoceen. Het vroege Eoceen was een geologische tijdperk dat werd gekenmerkt door een bijzonder warm klimaat. Er kwamen destijds geen ijskappen voor op de Noord- en Zuidpool. Vanzelfsprekend was de zeespiegel in deze periode significant hoger en het grootste deel van het toenmalige België lag onder water. De isotopisch bestudeerde foraminiferen in deze studie zijn afkomstig uit het heuvelland van Aktulagay, een gebied in West Kazachstan. Ze zijn afkomstig van een 24 meter dik sedimentair interval dat een tijdsinterval vertegenwoordigt van ongeveer 4 miljoen jaar (54 tot 50 miljoen jaar geleden). Daardoor konden we de evolutie in het klimaat en de omgeving gedurende deze periode bestuderen. Deze sedimenten werden tijdens het vroege Eoceen afgezet op circa 125 tot 200 m waterdiepte in het noordoosten van een grote binnenzee, de Peri-Tethys, die uitstrekte van Italië tot Kazachstan.

De levenswijzeDankzij de isotopische analyse van de kalkschaal van deze foraminiferen kon in eerste plaats informatie worden vergaard over de uitgestorven diertjes zelf. Zo kon voor 34 benthische soorten worden bepaald of ze op of in het sediment leefden. Daarnaast kon voor verschillende soorten bepaald worden of ze al dan niet gevoelig waren voor lage zuurstof-concentraties op de zeebodem. Tot slot konden enkele soorten worden geïdentificeerd met consequent afwijkende isotopenen. Er werd gesteld dat deze afwijkingen vermoedelijk een gevolg zijn van bijzonder hoge groeisnelheden onder deze soorten. Dit laatste resultaat was belangrijk om andere wetenschappers te waarschuwen dat deze soorten niet kunnen worden gebruikt voor temperatuur-reconstructies.

Het klimaat en de omgeving in AktulagayNaast deze biologische informatie over de diertjes werd ook waardevolle informatie afgeleid omtrent het klimaat. Zo werd berekend dat de gemiddelde zeebodem temperatuur in Aktulagay tijdens deze 4 miljoen jaar heeft gevarieerd tussen  19 °C en 24 °C (Met een onzekerheid van ±1.9 °C, welke eventueel nog kan worden verkleind met additioneel onderzoek). Deze berekende temperaturen zijn bijzonder hoog, zelf indien we zouden veronderstellen dat de waterdiepte overschat is en onze schattingen van het zoutgehalte verkeerd zijn. De positie van Aktulagay op ±48 graden noorderbreedte laat vandaag in geen geval zo een hoge tropische temperaturen toe en daardoor steunen onze metingen de stelling dat het vroege Eoceen wordt gekenmerkt door een extreem warm klimaat. Daarnaast laten onze metingen toe de temperatuursverdeling op aarde uit deze periode verder in kaart te brengen, een waardevolle aanwinst gezien de foraminifeer isotopendata uit deze periode in het noordelijk halfrond zeer schaars is. Tot slot werden sterke aanwijzingen gevonden voor sterke variatie in het zoutgehalte van het oppervlakte water, waarschijnlijk ten gevolge van periodes met de instroom van rivierwater. Daardoor werden temperatuursvoorspellingen van het oppervlaktewater sterk bemoeilijkt, hoewel additioneel onderzoek op onze stalen deze onzekerheden nog sterk zouden kunnen verkleinen.

Om de Eocene wereld beter te begrijpen is informatie vereist van locaties verspreid over de hele wereld. Door informatie te vergaren uit Kazachstan leverde deze studie zijn bijdrage tot het vormen van een globaal beeld.

Bibliografie

Basak, C., Rathburn, A.E., Pérez, M.E., Martin, J.B., Kluesner, J.W., Levin, L.A., De Deckker, P., Gieskes,J.M.  and Abriani, M. (2009). Carbon and oxygen isotope geochemistry of live (stained) benthicforaminifera from the Aleutian Margin and the Southern Australian Margin .  MarineMicropaleontolology 70, p. 89-101.Bemis, B.E., Spero, H.J., Bijma, J. and Lea, D.W. (1998). Reevaluation of the oxygen isotopic compositionof planktonic foraminifera: Experimental results and revised paleotemperature equations.Paleoceanography 13, p. 150-160.Bemis, B.E., Spero, H.J., Lea, D.W.  and Bijma, J. (2000). Temperature influence on the carbon isotopiccomposition of Globigerina bulloides and Orbulina universa (planktonic foraminifera). MarineMicropaleontology 38, p. 213-228.Bijl, P.K., Schouten, S., Sluijs, A., Reichart, G.-J.,  Zachos, J.C.  and Brinkhuis, H. (2009). EarlyPalaeogene temperature evolution of the southwest Pacific Ocean. Nature 461, p. 776-779.Bowen, G.J.  and Wilkinson, B. (2002). Spatial distribution of δ18O in meteoric precipitation. Geology  30,p. 315-318.Buzas, M.A., Culver, S.J., and Jorissen, F.J. (1993). A statistical evaluation of the microhabitats of living(stained) infaunal benthic foraminifera. Mar. Micropaleontol. 20, p. 311–320.Carney, R.S. (1989). Examining Relationships Between Organic Carbon Flux and Deep-Sea DepositFeeding.  In  Ecology of Marine Deposit Feeders, G. Lopez, G. Taghon, and J. Levinton  (eds.),Springer New York, p. 24-58.Cooke, S.  and Rohling, E.J. (2001). Stable Isotopes in Foraminiferal Carbonate. SouthamptonOceanography Centre Internal Document 72, 55 p.Corliss, B.H.  and Emerson, S. (1990). Distribution of rose bengal stained deep-sea benthic foraminiferafrom the Nova  Scotian continental margin and Gulf of Maine. Deep Sea Res. Part Ocean. Res.Pap. 37, p. 381-400.Cramer, B.S., Aubry, M.-P., Miller, K.G., Olsson, R.K., Wright, J.D.  and Kent, D.V. (1999). An exceptionalchronologic, isotopic, and clay mineralogic record of the latest Paleocene thermal maximum, BassRiver, NJ, ODP 174AX. Bull. Soc. Geol. Fr. 170, p. 883-897.Cramer, B.S., Wright, J.D., Kent, D.V. and Aubry, M.-P. (2003). Orbital climate forcing of δ13C excursionsin the late Paleocene–early Eocene (chrons C24n–C25n). Paleoceanography 18(4), 25 p.Cramer, B.S., Toggweiler,  J.R., Wright, J.D., Katz, M.E.  and Miller, K.G. (2009). Ocean overturning sincethe Late Cretaceous: Inferences from a new benthic foraminiferal isotope compilation.Paleoceanography 24(4), 14 p.Creech, J.B., Baker, J.A., Hollis, C.J., Morgans, H.E.G.  and Smith, E.G.C. (2010). Eocene seatemperatures for the mid-latitude southwest Pacific from Mg/Ca ratios in planktonic and benthicforaminifera. Earth and Planetary Science Letters 299, p. 483-495.150D’Hondt, S. and Arthur, M.A. (1996). Late Cretaceous Oceans and the Cool Tropic Paradox. Science  271,p. 1838-1841.D’Hondt, S., Zachos, J.C.  and Schultz, G. (1994). Stable isotope signals and photosymbiosis in latePaleocene planktic foraminifera. Paleobiology 20, p. 391-406.Deprez, A. (2012). Micropaleontologische karakterisering van paleomilieuontwikkelingen in Aktulagay,Kazachstan, tijdens de Vroeg-Eocene broeikasaarde. Promotor: Speijer, R. P. KULeuven. 145 p.Deprez,  A.,  Stassen,  P.,  D'haenens, S.,  Steurbaut, E.,  King,  C.  and  Speijer,  R.P.  (submitted).  EarlyEocene changes in trophic and redox conditions in the northern Peri-Tethys  (Aktulagay,Kazakhstan) based on benthic foraminifera. Marine Micropaleontology, 34 p.Dercourt, J., Gaetani, M., Vrielynck, B., Barrier, E., Biju-Duval, B., Brunet, M.F., Cadet, J.P., Crasquin, S.and  Sandulescu, M. (2000). Atlas peri-Tethys palaeogeographical maps,  Commission for theGeological Map of the World, 268 p.Edgar, K.M., Bohaty, S.M., Gibbs, S.J., Sexton, P.F., Norris, R.D.  and Wilson, P.A. (2012). Symbiont“bleaching” in planktic foraminifera during the Middle Eocene Climatic Optimum. Geology  41,  p.15-18.Emrich, K., Ehhalt, D.H.  and Vogel, J.C. (1970). Carbon isotope fractionation during the precipitation ofcalcium carbonate. Earth and Planetary Science Letters 8, p. 363-371.Erez, J.  and Luz, B. (1983). Experimental paleotemperature equation for planktonic foraminifera.Geochim. Cosmochim. Acta 47, p. 1025-1031.Fontanier, C., Mackensen, A., Jorissen,  F.J., Anschutz, P., Licari, L.  and Griveaud, C. (2006). Stableoxygen and carbon isotopes of live benthic foraminifera from the Bay of Biscay: Microhabitatimpact and seasonal variability. Mar. Micropaleontol. 58, p. 159-183.Franco-Fraguas, P., Costa, K.B.  and Toledo, F.A.D.L. (2011). Stable isotope/test size relationship inCibicidoides wuellerstorfi. Braz. J. Ocean. 59(3), p. 287-291.Friedrich, O., Schmiedl, G.  and Erlenkeuser, H. (2006). Stable isotope composition of Late Cretaceousbenthic foraminifera from the southern South Atlantic: Biological and environmental effects.Marine Micropaleontology 58, p. 135-157.Geological map of Kazakhstan, original authors unknown. consulted in 2013.http://img-fotki.yandex.ru/get/3415/invngn.10/0_37e75_ee7b6068_origGaetani, M., Dercourt, J.  and Vrielynck, B. (2003). The Peri-Tethys programme : achievements andresults. Episodes 26(2), p. 79-93.Galeotti, S., Krishnan, S., Pagani, M., Lanci, L., Gaudio, A., Zachos,   J.C., Monechi, S., Morelli, G.  andLourens, L. (2010). Orbital chronology of Early Eocene hyperthermals from the Contessa Roadsection, central Italy. Earth and Planetary Science Letters 290, p. 192-200.Gradstein, F.M., Ogg, J.G.  and Schmitz, M.D. (2012). The geologic time scale 2012, Amsterdam; Boston:Elsevier.151Grossman, E.L.  (2012).  Applying Oxygen Isotope Paleothermometry in Deep Time.  In  Ivany, L.C.  andHuber, B.T.  (eds.),  Reconstructing  Earth’s Deep-Time Climate-The State of the Art in 2012.  ThePaleontological Society Papers 18, p. 67.Head, J.J., Bloch, J.I., Hastings, A.K., Bourque, J.R., Cadena, E.A., Herrera, F.A., Polly,  P.D.  andJaramillo, C.A. (2009). Giant boid snake from the Palaeocene neotropics reveals hotter pastequatorial temperatures. Nature 457, p. 715-717.Hollis, C.J., Handley, L., Crouch, E.M., Morgans, H.E.G., Baker, J.A., Creech, J., Collins, K.S., Gibbs,S.J., Huber, M., Schouten, S.,  Zachos, J.C. and Pancost R.D.  (2009). Tropical sea temperaturesin the high-latitude South Pacific during the Eocene. Geology 37, p. 99-102.Hou, Z., Sket, B., Fišer, C.  and Li, S. (2011). Eocene habitat shift from saline to freshwater promotedTethyan amphipod diversification. Proceedings of the National Academy of Sciences of the Unitedstates of America 108(35), p. 14533-14538.Huber, M.  and Caballero, R. (2011). The early Eocene equable climate problem revisited. Clim ate of thePast 7, p. 603–633.International Atomic Energy Agency (IAEA) and World Meteorological Organization (WMO) (1998). GlobalNetwork for Isotopes in Precipitation (GNIP) database, 3rd release.http://www-naweb.iaea.org/napc/ih/index.html.Jorissen, F.J. (1999).  Benthic foraminiferal microhabitats below the sediment-water interface.  In  SenGupta, B. K. Modern Foraminifera, Dordrecht: Kluwer Academic Publishers, p. 161-179.Jorissen, F., Fontanier, C.  and Thomas, E. (2007). Paleoceanographical proxies based on deep-seabenthic foraminiferal assemblage characteristics.  In  Hillaire-Marcel C. and de Vernal, A.,  ProxiesLate Cenozoic Paleoceanogr. Pt. 2: Biological tracers and biomarkers, p. 263-326.Katz, M.E., Katz, D.R., Wright, J.D., Miller, K.G., Pak, D.K., Shackleton, N.J. and Thomas, E. (2003). EarlyCenozoic benthic foraminiferal isotopes: Species reliability and interspecies correction factors.Paleoceanography 18(2), 12 p.Katz, M.E., Cramer, B.S., Franzese, A., Hönisch, B.,  Miller, K.G., Rosenthal, Y.  and Wright, J.D. (2010).Traditional and Emerging Geochemical  Proxies in Foraminifera. Journal of  ForaminiferalResearch 40(2), p. 165-192.Keating-Bitonti, C.R., Ivany, L.C., Affek, H.P., Douglas, P. and Samson, S.D. (2011). Warm, not super-hot,temperatures in the early Eocene subtropics. Geology 39(8), p. 771-774.Kennett, J.P. and Stott, L.D. (1990). Proteus and Proto-oceanus: ancestral Paleogene oceans as revealedfrom Antarctic stable isotopic results: ODP Leg 113.  In  Barjer, P. F., Kennet, J. P.,  et al.,  Proc.Ocean Drill. Program 113, p. 685-880.King, C., Iakovleva, A. I., Steurbaut, E., Heilmann-Clausen, C. and Ward, D. J. (submitted). The Aktulagaysection, west Kazakhstan: a key site for Early Eocene northern mid-latitudestratigraphy.Stratigraphy, p. 96.152Lourens, L.J., Sluijs, A., Kroon, D., Zachos, J.C.,  Thomas, E., Röhl, U., Bowles, J.  and Raffi, I. (2005).Astronomical pacing of late Palaeocene to early Eocene global warming events. Nature  435,  p.1083-1087.Luterbacher, H.P., Ali, J.R., Brinkhuis, H., Gradstein, F.M., Hooker, J.J., Monechi, S., Ogg, J.G., Powell,J., Röhl, U., Sanfilippo, A. and Schmitz B. (2005). The Paleogene Period. In Gradstein, F., Ogg, J.and Smith, A. (eds.), A Geologic Time Scale 2004, Cambridge University Press, p. 384-408.Mackensen, A., Schumacher, S., Radke, J.  and Schmidt, D.N. (2000). Microhabitat preferences andstable carbon isotopes of endobenthic foraminifera: clue to quantitative reconstruction of oceanicnew production? Mar. Micropaleontol. 40, p. 233-258.McConnaughey, T. (1989). 13C and 18O isotopic disequilibrium in  biological carbonates: I. Patterns.Geochim. Cosmochim. Acta 53, p. 151-162.McCorkle, D.C., Emerson, S.R.  and Quay, P.D. (1985). Stable carbon isotopes in marine porewaters.Earth and Planetary Science Letters 74, p. 13-26.McCorkle, D.C., Keigwin, L.D.,  Corliss, B.H.  and Emerson, S.R. (1990). The influence of microhabitats onthe carbon isotopic composition of deep-sea benthic foraminifera. Paleoceanography  5,  p.  161-185.McCorkle, D.C., Corliss, B.H.  and Farnham, C.A. (1997). Vertical distributions and  stable isotopiccompositions of live (stained) benthic foraminifera from the North Carolina and Californiacontinental margins. Deep Sea Res. Part Ocean. Res. Pap. 44, p. 983-1024.Microsoft Corporation  and NAVTEQ (2013). World Map, Online Maps, Satellite  Maps  -  NationalGeographic. From http://maps.nationalgeographic.com/map-machineMoodley, L., van der Zwaan, G.., Rutten, G.M.., Boom, R.C.., and Kempers, A.. (1998). Subsurfaceactivity of benthic foraminifera in relation to porewater oxygen content: laboratory experiments.Mar. Micropaleontol. 34, p. 91-106.Mulholland, J.W.  (1998). The parasequence. The Leading Edge of Geophysics Exploration, Society ofExploration Geophysicists, p. 1374-1376.Muttoni, G., Gaetani, M., Kent, D.V., Sciunnach, D., Angiolini, L., Berra, F., Garzanti, E., Mattei, M., andZanchi, A.M. (2009). Opening of the Neo-Tethys Ocean and the Pangea B to Pangea Atransformation during the Permian. Geoarabia 14, p. 17-48.Nørgaard, J.V., Kipphardt, H., Valkiers, S. and Taylor P.D.P. (1999):  IMEP-8: Carbon and oxygen isotoperatios in CO2, Institute for Reference Materials and Measurements, 46 p.Oberhänsli, H. and Benjamovski, V. (2000). Dysoxic bottom water events in the peri-Tethys during the lateYpresian: A result of changes in the evaporation/precipitation balance in adjacent continentalregions. GFF 122:1, p. 121-123.Pak, D.K. and Miller, K.G.  (1995).  Isotopic and faunal record of  Paleogene deep-water transition  in  theNorth Pacific: Proceedings of  the Ocean Drilling Program, Scientific Results 145, p. 265-281.153Papadimitriou, S., Kennedy, H.  and Thomas, D.N. (2004). Rates of organic carbon oxidation in deep seasediments in the eastern North Atlantic from pore water profiles of O2 and the δ13C of dissolvedinorganic carbon. Mar. Geol. 212, p. 97-111.Pearson, P.N., Ditchfield, P.W., Singano, J., Harcourt-Brown, K.G., Nicholas, C.J.,  Olsson, R.K.,Shackleton, N.J.  and Hall, M.A. (2001). Warm tropical sea surface temperatures in the LateCretaceous and Eocene epochs. Nature 413, p. 481-487.Pearson, P.N., Van Dongen, B.E., Nicholas, C.J., Pancost, R.D., Schouten, S., Singano, J.M.  and Wade,B.S. (2007). Stable warm tropical climate through the Eocene Epoch. Geology 35, p. 211-214.Rathburn, A.E., Corliss, B.H., Tappa, K.D.  and Lohmann, K.C. (1996). Comparisons of the ecology andstable isotopic compositions of living (stained) benthic foraminifera from the Sulu and South ChinaSeas. Deep Sea Research I 43(10), p. 1617-1646.Risgaard-Petersen, N., Langezaal, A.M., Ingvardsen, S., Schmid, M.C., Jetten, M.S.M., Op den Camp,H.J.M., Derksen, J.W.M., Piña-Ochoa, E., Eriksson, S.P., Nielsen,  P.L.,  Revsbech, N.P.,Cedhagen, T. and Van der Zwaan G.J.  (2006). Evidence for complete denitrification in a benthicforaminifer. Nature 443, p. 93-96.Roberts, C.D., LeGrande, A.N. and Tripati, A.K. (2011). Sensitivity of seawater oxygen isotopes to climaticand tectonic boundary conditions in an early Paleogene simulation with GISS ModelE-R.Paleoceanography 26, 16 p.Rosoff, D.B., and Corliss, B.H. (1992).  An analysis of recent deep-sea benthic foraminiferal morphotypesfrom the Norwegian and Greenland seas. Palaeogeogr. Palaeoclim. Palaeoecol.  91, p. 13-20.Schmiedl, G.,  Pfeilsticker, M., Hemleben, C.  and Mackensen, A. (2004). Environmental and biologicaleffects on the stable isotope composition of recent deep-sea benthic foraminifera from thewestern Mediterranean Sea. Mar. Micropaleontol. 51, p. 129-152.Schumacher, S., Jorissen, F.J., Mackensen, A., Gooday, A.J. and Pays, O. (2010). Ontogenetic effects onstable carbon and oxygen isotopes in tests of live (Rose Bengal stained) benthic foraminifera fromthe Pakistan continental margin. Mar. Micropaleontol.  76, p. 92-103.Scotese, C. R. (2001). Atlas of Earth History, PALEOMAP Project, Paleogeography 1, 52 p.Sexton, P.F.  and Wilson, P.A. (2009). Preservation of benthic foraminifera and reliability of deep-seatemperature records: Importance of sedimentation rates, lithology, and the need to examine testwall structure. Paleoceanography 24, 14 p.Sexton, P.F., Wilson, P.A.  and Pearson, P.N. (2006). Microstructural and geochemical perspectives onplanktic foraminiferal preservation: “Glassy” versus “Frosty.”Geochemistry  GeophysicsGeosystems 7(12), 29 p.Sluijs,  A., Schouten, S., Pagani, M., Woltering, M., Brinkhuis, H., Damsté, J.S.S., Dickens, G.R., Huber,M., Reichart, G.-J., Stein, R., Matthiessen J., Lourens L.J., Pendentchouk N., Backman J., Moran,K., Clemens S., Cronin T., Eynaud F., Gattacceca J., Jakobsson M., Jordan R., Kaminski M., KingJ., Koc N.,  Martinez N. C., McInroy D., Moore T.C., , O'Regan M., Onodera J., Pälike H., Rea B.,Rio D., Sakamoto T., Smith D.C., St John K. E. K., Suto I., Suzuki N., Takahashi K., Watanabe M.154and Yamamoto M.  (2006). Subtropical Arctic Ocean temperatures during the  Palaeocene/Eocenethermal maximum. Nature 441, p. 610-613.Smith, R.Y., Basinger, J.F.  and Greenwood, D.R. (2009). Depositional setting, fossil flora, andpaleoenvironment of the Early Eocene Falkland site, Okanagan Highlands, British Columbia.Canadian Journal of Earth Sciences 46, p. 811-822.Spero, H.J.  and Lea, D.W. (1996). Experimental determination of stable isotope variability in Globigerinabulloides: implications for paleoceanographic reconstructions. Mar. Micropaleontol.  28,  p.  231-246.Spero, H.J., Bijma, J., Lea, D.W. and Bemis, B.E. (1997). Effect of seawater carbonate concentration onforaminiferal carbon and oxygen isotopes. Nature 390, p. 497-500.Stassen, P., Thomas, E.  and Speijer, R. (2012). The progression of environmental changes during  theonset of the Paleocene-Eocene thermal maximum (New Jersey Coastal Plain). Austrian Journal ofEarth Sciences 105, p. 169-178.Steurbaut, E. (2011). New calcareous nannofossil taxa from the Ypresian (Early Eocene) of the North SeaBasin and the Turan Platform in West Kazakhstan.Bulletin de l'Institut royal des Sciencesnaturelles de Belgique, Sciences de la Terre 81, p. 247-277.Tindall, J., Flecker, R., Valdes,  P., Schmidt, D.N., Markwick, P.  and Harris, J. (2010). Modelling theoxygen isotope distribution of ancient seawater using a coupled ocean –atmosphere GCM:Implications for reconstructing early Eocene climate.  Earth and Planetary  Science Letters  292,  p.265-273.Ulmishek, Gregory F. (2003). Petroleum Geology and Resources of the West Siberian Basin, Russia, U.S.Geological Survey Bulletin, 49 p.Vandenberghe, N., Hilgen, F.J., Speijer, R.P., Ogg, J.G., Gradstein,  F.M., Hammer, O., Hollis, C.J.  andHooker, J.J. (2012). Chapter 28  -  The Paleogene Period.  In  The Geologic Time Scale, Boston:Elsevier, p. 855-921.Wendler, I., Huber, B.T., MacLeod, K.G.  and Wendler, J.E. (2013). Stable oxygen and carbon isotopesystematics of exquisitely preserved Turonian foraminifera from Tanzania  -  Understandingisotopic signatures in fossils. Marine Micropaleontology 102, p. 1-33.Wise, S.W., Jr., Breza, J.R., Harwood, D.M. and Wei, W.  (1991). Paleogene glacial history of Antarctica.In  Müller, D.W., McKenzie, J.A., and Weissert, H. (eds.),  Controversies in Modern Geology:Evolution of Geological Theories in Sedimentology, Earth History and Tectonics:  Cambridge,Cambridge University Press, p. 133-171.Zachos, J., Pagani, M., Sloan, L., Thomas, E. and Billups, K. (2001). Trends, Rhythms, and Aberrations inGlobal Climate 65 Ma to Present. Science 292, p. 686-693.Zachos, J.C., Stott, L.D.  and Lohmann, K.C. (1994). Evolution of Early Cenozoic marine temperatures.Paleoceanography 9, p. 353-387.155Zachos, J.C., Schouten, S., Bohaty, S., Quattlebaum, T., Sluijs, A., Brinkhuis, H., Gibbs, S.J., andBralower, T.J. (2006). Extreme warming of mid-latitude coastal ocean during the Paleocene -Eocene Thermal Maximum: Inferences from TEX86 and isotope data. Geology 34, p. 737-740.Zachos, J.C., Dickens, G.R.  and Zeebe, R.E. (2008). An early Cenozoic perspective on greenhousewarming and carbon-cycle dynamics. Nature 451, p. 279-283.

Universiteit of Hogeschool
Master of Science in de geologie
Publicatiejaar
2013
Kernwoorden
Share this on: