Memoria et Caritas. Jaargetijden als armenzorg in de Onze-Lieve-Vrouweparochie te Gent in de late middeleeuwen

Hannelore Franck
 De dood in de middeleeuwenDe dood verbindt alle mensen, zowel over de landsgrenzen als over de grenzen van de tijd heen. In elke samenleving zoeken de nabestaanden manieren om te gaan met het verlies van hun dierbaren. Tegelijk probeert ieder van ons zich te verzoenen met de eindigheid van ons bestaan. De dood is dus van alle tijden. Maar van alle tijden is de dood nog het meest van de middeleeuwen. Jacques Chiffoleau, een bekend mediëvist, spreekt van een ware obsessie met de dood in de middeleeuwen.

Memoria et Caritas. Jaargetijden als armenzorg in de Onze-Lieve-Vrouweparochie te Gent in de late middeleeuwen

 De dood in de middeleeuwen

De dood verbindt alle mensen, zowel over de landsgrenzen als over de grenzen van de tijd heen. In elke samenleving zoeken de nabestaanden manieren om te gaan met het verlies van hun dierbaren. Tegelijk probeert ieder van ons zich te verzoenen met de eindigheid van ons bestaan. De dood is dus van alle tijden. Maar van alle tijden is de dood nog het meest van de middeleeuwen. Jacques Chiffoleau, een bekend mediëvist, spreekt van een ware obsessie met de dood in de middeleeuwen. In dit eindwerk ben ik op zoek gegaan naar de omgang met de dood in het laatmiddeleeuwse Gent.

Gent was in de 15de eeuw één van de grootste steden van West-Europa en vormt dus het ideale onderzoekstermijn. Binnen de stad ben ik op zoek gegaan naar een parochie waarvoor voldoende bronnenmateriaal aanwezig was. Dit vond ik bij de Onze-Lieve-Vrouweparochie, één van de meer landelijke parochies van de stad. De parochie was gelegen rond de Sint-Pietersabdij, die toen aan de rand van de stad gelegen was. Het was geen rijke parochie, maar ook niet één van de armste.

De omgang met de dood is een zeer groot en divers onderzoeksgebied, vandaar dat ik mij heb toegespitst op één specifieke uiting hiervan, namelijk de jaargetijden. Een jaargetijde was een jaarlijkse herdenkingsmis die opgedragen werd aan een overleden persoon. Deze vieringen hadden tot doel om de tijd van de overledenen in het vagevuur drastisch te verkorten. Voor ons lijken al deze dingen ietwat vreemd en ongeloofwaardig maar in de middeleeuwen was men druk bezig met het zogenaamde zielenheil. De mensen vreesde wat er na de dood met hun ziel ging gebeuren. Om te boeten voor al je aardse zonden, moest je eerst verscheidene jaren doorbrengen in het vagevuur voor je de hemel kon binnengeraken. Deze periode van boete kon je echter verkorten door verschillende maatregelen te treffen voor het zover was. Je moest dus tijdens je leven zorgen voor het heil van je ziel na je overlijden. Eén van de populairste methoden hiervoor in de late middeleeuwen was dus een jaargetijde.

In de late middeleeuwen kent deze vorm van herdenken een ware boom onder de gewone bevolking. De adel liet al reeds van in de vroege middeleeuwen missen opdragen in kloosters en andere religieuze instellingen. Denk maar aan het beroemde klooster van Cluny, dat rond het jaar 1000 een enorme rijkdom wist te vergaren dankzij het opzeggen van herdenkingsmissen. Maar in de late middeleeuwen ging ook de gemiddelde stadsburger zorg dragen voor zijn tijd na het aardse bestaan en ze gingen jaargetijden stichten.

Dit luik van omgang met de dood wordt in de thesis verbonden met een ander groot probleem van het menselijke bestaan: armoede en armenzorg. Ook dit blijkt iets van alle tijden te zijn en was dus ook in de late middeleeuwen een prangend probleem. De verbinding met de zielenzorg was voor de middeleeuwer iets heel vanzelfsprekend. Armenzorg was immers ook een manier, naast het stichten van misviering, om de tijd in het vagevuur te verkorten. Deze twee met elkaar verbinden, zorgde dus voor een dubbel effect. De armenzorg in de middeleeuwen was zeer versnipperd, kloosters deelden voedsel uit, ook de stad deed enkele uitdelingen maar de armenzorg moest het vooral hebben van burgerinitiatieven. Vooral de H.-Geesttafels waren heel populair. Dit waren instellingen die voedselbedelingen aan de armen voorzagen binnen het gebied van één parochie.

De thesis onderzoekt hoe deze twee luiken net aan elkaar verbonden werden. Dit kon op twee manieren: door je jaargetijde te stichten bij een liefdadigheidsinstelling of door, tijdens de viering, geld aan armen te schenken. Tot nu toe werden deze beide luiken in het onderzoek naar armenzorg zwaar onderschat. Met de opbrengsten van jaargetijden werd nooit rekening gehouden omdat de onderzoekers ervan uitgingen dat de kosten zwaarder doorwogen dan de opbrengsten. De jaargetijden zouden dus aan de instelling meer kosten dan ze zouden opbrengen. Dit wordt echter tegengesproken in dit onderzoek waaruit blijkt dat de jaargetijden wel degelijk geld opbrachten. Ook de geldgiften aan de armen in de marge van een jaargetijde werden steeds verwaarloosd in het onderzoek naar armenzorg. Het gaat inderdaad vaak om kleine giften, maar door de grote frequentie van de jaargetijden, tot 40 vieringen per jaar bij één instelling, worden ook deze uitdelingen een factor om in rekening te houden bij het globale beeld van armenzorg.

De gewone man in de late middeleeuwen was dus duidelijk bezig met het leven na de dood. Om de tijd in het vagevuur te verkorten, waren er verschillende methoden. In de late middeleeuwen werd er vaak geopteerd voor een jaargetijde. Door de verbinding met armenzorg, zorgde je voor een dubbel effect. Vandaar dat armeninstellingen, vooral de Heilige-Geesttafels enorm populair waren om een jaargetijde bij te stichten. Vaak werd er na afloop van de viering ook geld gegeven aan de armen. Mensen in de late middeleeuwen probeerden via deze stichtingen om te gaan met het idee van hun eigen sterfelijkheid, net zoals wij dat vandaag doen, elk op onze eigen manier.

 

Bibliografie

1. Bronnen

1.1 Onuitgegeven bronnen

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 552, rekening H.-Geesttafel ontvanger Lievin van Reybrouc en Seghere de Matselleere, 1462-1466.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 553, rekening H.-Geesttafel ontvanger Willem Raes, 1466-1476.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 554, rekening H.-Geesttafel ontvanger Willem Raes, Jan vanden Denne en Lievin van Reybroec en Jan van Helene, 1477-1485.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent¸ nr. 555, rekening H.-Geesttafel ontvanger Willem de Wijt, 1486-1499.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 556, rekening H.-Geesttafel ontvanger Willem de Wijt, 1499-1509.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 687, stichtingsakte Lijsbette Soetamijs, 6 juli 1340.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 688, stichtingsakte Kateline van den Broucke en Jan van den Broucke, 6 oktober 1349.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 689, stichtingsakte Jacob van der Pale, 7 september 1354.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent,nr. 695, schuldbekentenis Jan van Eeken, 4 juli 1417.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent,nr. 696, stichtingsakte Jan van Munte en echtgenote, 26 september 1422.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 698, stichtingsakte Wulfaert van Steelant, 16 oktober 1425.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 699, stichtingsakte Margriete van Moeregem, 15 februari 1429.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 701, stichtingsakte Jan van Roeselare en Marie van Lamersvelde, 7 juli 1436.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 702, stichtingsakte Pieter Ghevaert, 3 december 1436.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 708, stichtingsakte Wouter van Loo, 24 oktober 1452.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 713, stichtingsakte Jacob Bentin, 17 september 1468.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 720, stichtingsakte Matijs Reyns, 27 september 1489.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 725, stichtingsakte Lieven Coole en echtgenote, 5 april 1495.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr .726, stichtingsakte Luc Meere en echtgenote, eind 15de – begin 16de eeuw.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 697, stichtingsakte Lauwerijs van der Leyen en Symoene Platteels, 1 juli 1423.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 691, stichtingsakte Mergriete Stichtgeleerde, 10 november 1373.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 692, stichtingsakte Gheeraert Soetamijs, 5 februari 1401.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 707, stichtingsakte Lijsbette van der Loene, 17 december 1449.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 718, stichtingsakte Joeris Scelliinc, 1 juni 1489.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 721, stichtingsakte Margriete Sweerds, 24 oktober 1489.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 840, beschrijvingen van stichtingen, 14de eeuw.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 841, renterol met renten voor jaargetijden, 15de eeuw.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 842, kalender der stichtingen, 15de eeuw.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 843, overzicht stichtingen en schenkingen, 1711.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 844, kalender van stichtingen voor kerk en dis, 1740.

GENT, Rijksarchief, Kerk OLV-Sint-Pieters Gent, nr. 845, overzicht van stichtingen voor kerk en dus, 17de – 18de eeuw.

1.2 Uitgegeven bronnen

FRIS, V. ed., Dagboek van Gent van 1447 tot 1470 met een vervolg van 1477 tot 1515 (Maatschappij der Vlaamsche bibliophielen, reeks 4. 12), Gent. 1901-1904.

FRIS, V. ed., La Restriction de Gand (13 juillet 1468), in Bulletijn der maatschappij van geschied- en oudheidkunde te Gent, 31 (1923), 57-142.

SCHOLLIERS, E. ed., Lonen te Gent (XVe-XIXe eeuw), in C. VERLINDEN red., Dokumenten voor de geschiedenis van prijzen en lonen in Vlaanderen en Brabant (XIVe-XIXe eeuw) (RUG. Werken uitgegeven door de Faculteit van de letteren en wijsbegeerte. 125), II, Brugge, 1965, 354-461.

VAN LOKEREN, A. ed., Chartes et documents de l'abbaye de Saint Pierre au Mont Blandin à Gand depuis sa fondation jusqu'à sa suppression, 2 dln., Gent, 1868-1869.

2. Literatuur

AERTS, E., ‘De inhoud der rekeningen van de Brabantse algemeen-ontvangerij (1430-1440). Moeilijkheden en mogelijkheden voor het historisch onderzoek’, I, Bijdragen tot de Geschiedenis, 59 (1976), 165-195.

ALLOSSERY, P., ‘De oudste giften en fondatiën ten bate der arme gevangenen te Brugge (ca. 1300-1475)’, Annales de la Société d’Emulation te Brugge, 79 (1936), 67-130 - 80 (1937), 155-171.

ARIES, P., L’homme devant la mort (Points. Histoire. 82-83), 2 dln., Parijs, 1985.

AVRIL, J., ‘La paroisse médiévale et la prière pour les morts’, J.-L. LEMAITRE red., L’église et la mémoire des morts dans la France médiévale : communications présentés à la table ronde du C.N.R.S., le 14 juin 1982, Parijs, 1986, 53-68.

BIJSTERVELD, A.-J., Do ut des. Gift Giving, Memoria, and Conflict Management in the Medieval Low Countries (Middeleeuwse Studies en Bronnen. 104), Hilversum 2007.

BISCHOFF, B., Latin Palaeography: Antiquity and the Middle Ages, Cambridge, 1990.

BLOCKMANS, W.P. en PREVENIER, W., ‘Armoede in de Nederlanden van de 14e tot het midden van de 16e eeuw: bronnen en problemen’, Tijdschrift voor Geschiedenis, 88 (1975), 501-561. 

BLOCKMANS, W.P. en VAN UYTVEN, R., ‘De noodzaak van een geïntegreerde sociale geschiedenis: het voorbeeld van de Zuid-Nederlandse steden in de late middeleeuwen’, Tijdschrift voor Geschiedenis, 84 (1971), 276-290. 

BLOCKMANS, W.P., ‘Armenzorg en levensstandaard te Mechelen voor de hervorming van de openbare onderstand (1545)’, Studia Mechliniensia. Bijdragen aangeboden aan Dr. Hendry Joosen ter gelegenheid van zijn vijfenzestigste verjaardag (Handelingen van de Koninklijke kring voor oudheidkunde, letteren en kunst van Mechelen. 79), Mechelen, 1976, 141-173.

BLOCKMANS, W.P., ‘Vermogensstructuur St.-Jacobsparochie Gent 1492-1494’, W.P. BLOCKMANS, I. DE MEYER en J. MERTENS, Studiën betreffende de sociale strukturen te Brugge, Kortrijk en Gent in de 14e en 15e eeuw (Studia historica gandensia. 139), deel III, Gent, 1971, 139-198.

BOONE, M. en DE HEMPTINNE, Th., ‘Le clergé seculier gantois en 1498-1499’, Handelingen van de Koninklijke Commissie voor Geschiedenis, 149 (1983), 377-430.

BOONE, M. en HOWELL, M., ‘Becoming Early Modern in the Late Medieval Low Countries. Ghent and Douai from the Fourteenth to the Sixteenth Century’ Urban History, 23 (1996), 300-324.

BOONE, M. en PREVENIER, W., ‘De stadsstaat-droom’, J. DECAVELE red., Gent: apologie van een rebelse stad: geschiedenis, kunst, cultuur, Antwerpen, 1989, 81-105.

BOONE, M., ‘De Gentse verplichte lening van 1492-1493’, Handelingen van de Koninklijke Commissie voor Geschiedenis, 147 (1981), 247-305.

BOONE, M., DUMON, M. en REUSENS, B., Immobiliënmarkt, fiscaliteit en sociale ongelijkheid te Gent 1483-1503 (Standen en Landen. 78), Kortrijk, 1981.

BOONE, M., Geld & Macht. De Gentse staatsfinanciën en de Bourgondische Staatsvorming (1384-1453) (Maatschappij voor geschiedenis en oudheidkunde te Gent. 15), Gent, 1990. 

BOONE, M., Gent en de Bourgondische hertogen ca. 1384 - ca. 1453 : een sociaal-politieke studie van een staatsvormingsproces (Verhandelingen van de Koninklijke academie voor wetenschappen, letteren en schone kunsten van België. Klasse der letteren. 133), Brussel, 1990.

BRINKHOFF, L. en HOLLAERDT, A. red., Liturgisch woordenboek, 2dln., Roermond, 1965-1968.

BROWN, A., Civic Ceremony and Religion in Medieval Bruges ca 1300 – 1520, Cambridge, 2011.

BURGESS, C., ‘A service for the Dead: the Form and Function of the Anniversary in Late Medieval Bristol’, Transactions of the Bristol and Gloucestershire Archaeological Society, 105 (1986), 183-211.

BUSSUYT, S., Vroegstedelijke devotiebeleving in middeleeuws Vlaanderen (1000-1350): een vergelijkend onderzoek van enkele bedehuizen in Brugge, Rijsel en Sint-Omaars, Onuitgegeven doctoraatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, 2007.

CHARDONNENS, L.S., ‘Cijferen met middeleeuwse kopiisten en moderne filologogen’, Madoc, 21 (2007), 10-18.

CHIFFOLEAU, J., La comptabilité de l'au-delà : les hommes, la mort et la religion dans la région d'Avignon à la fin du Moyen Age (vers 1320 - vers 1480) (Collection de l’Ecole française de Rome. 47), Rome, 1980.

COENE, A. en DE RAEDT, M., Kaarten van Gent, Plannen voor Gent 1534-2011, Gent, 2011.

DAMBRUYNE, J., Corporatieve middengroepen: aspiraties, relaties en transformaties in de 16de-eeuwse Gentse ambachtswereld, Gent, 2002.

DAMBRUYNE, J., Mensen en centen: het 16de-eeuwse Gent in demografisch en economisch perspectief (Verhandelingen der Maatschappij voor geschiedenis en oudheidkunde te Gent. 26), Gent, 2001.

DANNEEL, M., Weduwen en wezen in het laatmiddeleeuwse Gent (Studies in Urban Social, Economic and Political History of the Medieval and Modern Low Countries. 3), Leuven, 1995.

DE CLERCQ, G., ‘De kerkelijke instellingen te Gent in verband met de oudste stedelijke geschiedenis’, Nederlandsche Historiebladen, 2 (1939), 117-135.

DE MECHELEER, L. red., De armoede in onze gewesten van de middeleeuwen tot nu (Algemeen Rijksarchief en Rijksarchief in de Provinciën. Educatieve dienst. Catalogus. 107), Brussel, 1991.

DE MESSEMAEKER-DE WILDE, G., ‘De parochiale armenzorg te Gent in de late Middeleeuwen’, Annalen van de Belgische vereniging voor hospitaalgeschiedenis, 18 (1980), 47-58. 

DE SMET, M., ‘Ter lavenessen mynre zielen’. Middeleeuwse jaargetijdenstichtingen in de Sint-Niklaaskerk te Gent, Onuitgegeven licentiaatverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, 2000.

DE VOCHT, A.M., ‘Het Gentse antwoord op de armoede’, Annalen van de Belgische vereniging voor hospitaalgeschiedenis, 19 (1981), Gent, 5-32. 

DE WILDE, G., De parochiale armenzorg te Gent van de XIVe tot het begin van de XVIe eeuw, Onuitgegeven licentiaatverhandeling, Rijksuniversiteit Gent, 1976.

DECAVELE, J., en VAN PETEGHEM, P., ‘Gent ‘absoluut’ getemd’, J. DECAVELE red., Gent: apologie van een rebelse stad: geschiedenis, kunst, cultuur, Antwerpen, 1989, 107-135.

DUMOLYN, J., ‘La paroisse urbaine à la fin du moyen âge. Le cas de quatre villes de l’ancien diocèse de Tournai : Bruges, Gand, Lille et Tournai’, Y. COUTIEZ en D. VAN OVERSTRAETEN red., La paroisse en questions, Ath, 1997.

DUMOLYN, J. en MOERMANS, K., ‘Distinctie en memorie. Symbolische investeringen in de eeuwigheid door laatmiddeleeuwse hoge ambtenaren in het graafschap Vlaanderen. Een algemeen antropologisch vraagstuk’, Tijdschrift voor Geschiedenis, 116 (2003), 332-49.

ENGELBERT, B. en KLEIN, J.-W., 50 eeuwen schrift : een inleiding tot de geschiedenis van het schrift, Amsterdam, 1988.

FRANSEN, A., ‘L’Obituaire de St.-Victor de Xanten A propos de nécrologes’, Revue d’histoire ecclésiastique, 5 (1961), 36-41.

FREIBERG, M., ‘Going Gregorian 1582-1752: A Summary View’, The Catholic Historical Review, 86 (2000), 1-19.

GALVIN, M., ‘Credit and Parochial Charity in fifteenth-century Bruges’, Journal of Medieval History, 28 (2012), 131-154.

GENICOT, L., Une source mal connue de revenus paroissiaux : les rentes obituaires : l'exemple de Frizet (Recueil de travaux d'histoire et de philologie. 6e série. 23), Louvain-la-Neuve, 1980.

GRELL, P. en WERY, A., ‘Le concept de la pauvreté : les diverses facettes institutionnelles de la pauvreté ou les différentes naturalisations de ce concept’, Courrier hebdomadaire du CRISP, 771 (1977), 2-25. 

HAEMERS, J. en RYCKBOSCH, W., ‘A targeted public: public services in fifteenth-century Ghent and Bruges’, Urban History, 37 (2010), 203-225. 

HENISCH, B.A., Fast and Feast : Food in Medieval Society, Philadelphia, 1976.

HERMANS, J.M.M. en HUISMAN, G.C., De descriptione codicum : handschriftenbeschrijving, tevens syllabus bij de colleges "Inleiding in de Westerse handschriftenkunde / codicologie", Groningen, 1978.

Histoire Urbaine, 27 (2010).

HOLLAARDT, A., ‘Lezingen in het officie’, Liturgisch Woordenboek, II, 1968, Roermond, 1513-1519.

HOLLADAY, J.A., ‘Tombs and Memory: Some Recent Books’, Speculum, 78 (2003), 440-450.

HUYGHEBAERT, N.-N., Les documents nécrologiques (Typologie des sources du moyen âge occidental. 4), Turnhout, 1972.

JACQUES, F., Le diocèse de Tournai et ses divisions archidiaconales et décanales de 1331 à 1798. Cartes de géographie historique (Koninklijke Commissie voor Geschiedenis. Werkinstrumenten), Brussel, 1973.

KUYS, J., Kerkelijke organisatie in het middeleeuwse bisdom Utrecht, Nijmegen, 2004.

LALEMAN, M.C., De Sint-Pietersabdij te Gent, Gent 1992.

LAMBRECHTS, D. , De parochiale synode in het oude bisdom Doornik gesitueerd in de Europese ontwikkeling, 11de eeuw-1559 (verhandelingen van de Koninklijke Academie voor wetenschappen, letteren en schone kunsten van België. 113), Brussel, 1984.

LAUWERS, M., La mémoire des ancêtres, le souci des morts. Morts, rites et société au moyen âge (diocèse de Liège, VIe-XIIIe siècle) (Théologie historique. 103), Parijs, 1997.

LE GOFF, J., La naissance du purgatoire (Bibliothèque des histoires), Parijs, 1981.

LEMAÎTRE, J.-L., Mise à jour du fascicule : N. Hughebaert, Les documents nécrologiques (Typologie des sources du moyen âge occidental. 4), Turnhout, 1985.

LENTZE, A., ‘Begräbnis und Jahrtag im mittelalterlichen Wien’, Zeitschrift der Savigny-Stiftung für Rechtsgeschichte. Kanonistische Abteilung, 36 (1950), 328-64.

LESAGE, R. red., Dictionnaire pratique de liturgie romaine, Parijs, 1952.

LEYSEN, L., Het devotieleven in de Turnhoutse Sint-Pieterskerk (1397-1580): een studie van kerkrekeningen en jaargetijden, onuitgegeven licentiaatverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, 1999.

MAARSCHALKERWEERD-DESCHAMP, S. en MAARSCHALKERWEERD, Ph., ‘Het obituarium van Monster; analyse van een bron’, E.S.C. EKELENS-BUTTINGER red., De kerk en de Nederlanden. Archieven, instellingen, samenleving, Hilversum, 1997, 189-201.

MARECHAL, G., ‘Armenzorg en ziekenzorg in de Zuidelijke Nederlanden’, D.P. BLOK red., Algemene Geschiedenis der Nederlanden, II (Middeleeuwen), Haarlem, 1982, 268-280. 

MARECHAL, G., De sociale en politieke gebondenheid van het Brugse hospitaalwezen in de middeleeuwen (Standen en Landen. 73), Kortrijk, 1978.

MEERSSEMAN, S., ‘Het ‘Sente Jacopshuus up Nieuwland’ te Gent. Godshuis of politieke instelling? (ca. 1257-1540)’, Handelingen der Maatschappij voor Geschiedenis en oudheidkunde te Gent, 45 (1991), 5-33. 

MOL, J.A., Zorgen voor zekerheid. Studies over Friese testamenten in de vijftiende en zestiende eeuw, Leeuwarden, 1994.

NICHOLAS, D., The metamorphosis of a medieval City: Ghent in the age of the Arteveldes: 1302-1390, Leiden, 1987.

NOLET, W. en BOEREN, P.C., Kerkelijke instellingen in de middeleeuwen, Amsterdam, 1951.

OEXLE, O.G., ‘Memoria und Memoriabild’, K. SCHMID en J. WOLLASCH red., Memoria. Der geschichtliche Zeugniswert der liturgischen Gedenkens im Mittelalter, München, 1984, 384-440.

OEXLE, O.G., ‘Memoria und Memorialüberlieferung im früheren Mittelalter’, Frühmittelalterliche Studien, 10 (1976), 70-95.

P.C.I., ‘Vigilie’, L. BRINKHOFF en A. HOLLAERDT red., Liturgisch woordenboek, deel II, Roermond, 1965-1968, 2815-2823.

REUSENS, E.-H.-J., Eléments de paléographie, Brussel, 1963.

REYNTENS, L., ‘De Sint-Pietersabdij en de Gentse parochiekerken. Ontstaan en wederzijdse strijd om hun rechten’, Collationes Gandavenses, reeks II, 1 (1951), 197-205.

RICHARD, O., ‘Fondations pieuses et religion civique dans l'empire à la fin du Moyen Age’, Histoire Urbaine, 27 (2010), 5-8.

ROGGHE, P., ‘Het Alinshospitaal te Gent’, Appeltjes van het Meetjesland, 16 (1965), 132-145.

ROUX, D.M., “Miserere”, Dictionnaire pratique de liturgie romaine, Parijs, 1952, 686-687.

RUYFFELAERE, P., Onze-Lieve-Vrouwekerk van Sint-Pieters te Gent : inventaris van het archief van het oud regiem (13de-18de eeuw) (Rijksarchief te Gent. Toegangen in beperkte oplage. 60), Brussel, 1989.

RYCKBOSCH, W., Tussen Gavere en Cadzand. De Gentse stadsfinanciën op het einde van de Middeleeuwen (1460-1495) (verhandelingen der Maatschappij voor geschiedenis en oudheidkunde te Gent, 31), Gent, 2007.

SCHMITT, J.C., Les revenants: Les vivants et les morts dans la société médiévale (Bibliothèque des histoires), Parijs, 1994.

SCHOLLIERS, E. en VERLINDEN, C., Dokumenten voor de geschiedenis van prijzen en lonen in Vlaanderen en Brabant, 4 dln., Brugge, 1959-1972.

SCHOLLIERS, E., ‘De materiële verschijningsvorm van de armoede voor de industriële revolutie. Omvang, evolutie en oorzaken’, Tijdschrift voor Geschiedenis, 88 (1975), 451-467. 

SMITH, J., Through the Eye of the Needle: Charity and Charitable Institutions in Medieval Ghent, 1150-1400, Philadelphia, 1976. 

SPIERTZ, M. G., Van Aartsbisschop tot Zonnelied. Sleutels tot het katholieke erfgoed (Van A tot Z), Nijmegen, 1998.

SPUFFORD, P., Monetary problems and policies in the Burgundian Netherlands 1433-1496, Leiden, 1970.

STIENNON, J., Paléographie du moyen âge (Collection U. Histoire médiévale), 2de uitg., Parijs, 1991.

STRUBBE, E.I. en VOET, L., De chronologie van de middeleeuwen en de moderne tijden in de Nederlanden, Antwerpen, 1960.

TITS-DIEUAIDE, M.-J., ‘Les tables des pauvres dans les anciennes principautés belges au Moyen Age’, Tijdschrift voor Geschiedenis, 88 (1975), 562-583. 

TITS-DIEUAIDE, M.-J., La formation des prix céréaliers en Brabant et en Flandre au XVe siècle (ULB. Centre d’histoire économique et sociale), Brussel, 1975.

TRIO, P. en VAN BELLE , R. red., Pieter Lansaem : bijdrage tot de studie van de jaargetijdestichtingen te Ieper in de late middeleeuwen (Bijdrage tot de studie van de geschiedenis van de liefdadigheidsinstellingen te Ieper. 12), Ieper, 1993.

TRIO, P., ‘De Gentse abdijen van Sint-Pieter en Sint-Baafs tijdens de late middeleeuwen. Een historisch overzicht (13de-15de eeuw)’, G. DECLERQ red., Ganda en Blandinium : de Gentse abdijen van Sint-Pieters en Sint-Baafs, Gent, 1997, 41-72.

TRIO, P., ‘De instelling van jaargetijden (anniversaria) in de Lage Landen tijdens de Middeleeuwen: een eerste balans’, Signum, 13 (2001), 31-37.

TRIO, P., ‘De stichting Lansaem in het O.L.V.-gasthuis te Ieper. Bijdrage tot de studie van de jaargetijdenstichtingen in de middeleeuwen’, P. TRIO en R. VAN BELLE red., Pieter Lansaem : bijdrage tot de studie van de jaargetijdestichtingen te Ieper in de late middeleeuwen (Bijdrage tot de studie van de geschiedenis van de liefdadigheidsinstellingen te Ieper. 12), Ieper, 1993, 11-117.

TRIO, P., ‘Moordende concurrentie op de memoriemarkt. Een eerste verkenning van het fenomeen jaargetijde in de Lage Landen in de late middeleeuwen (ca 1250 tot 1550)’, J. DEPLOIGE, B. MEIJNS en R. NIP red., Herinnering in geschrift en praktijk in religieuze gemeenschappen uit de Lage landen, 1000-1500, Brussel, 2009, 141-155.

TRIO, P., De Gentse broederschappen (1182-1580): ontstaan, naamgeving, materiële uitrusting, structuur, opheffing en bronnen (Verhandelingen der Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde te Gent. 16), Gent, 1990.

TRIO, P., 'De zorg voor lichaam en ziel in het licht van de eeuwigheid (late middeleeuwen)’, S. BALACE en A. DE POORTER red., Tussen hemel en hel. Sterven in de middeleeuwen, Brussel, 2010, 237-243.

TRIO, P., Volksreligie als spiegel van een stedelijke samenleving : de broederschappen te Gent in de late middeleeuwen (Symbolae Facultatis litterarum et philosophiae Lovaniensis. Series B. 1), Leuven, 1993.

TRIO, P., Volksreligie als spiegel van een stedelijke samenleving : de broederschappen te Gent in de late middeleeuwen (12de-16de eeuw), onuitgegeven doctoraatsverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, departement Geschiedenis, 1989.

VAN BRUAENE, A.-L. en BAUWENS, M., ‘De Sint-Jacobskerk te Gent: Een onderzoek naar de betekenis van de stedelijke parochiekerk in de zestiende-eeuwse Nederlanden’, Handelingen der Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde te Gent, 65 (2011), 103-125.

VAN BUEREN, T. red., Care for the Here and the Hereafter: Memoria, Art and Ritual in the Middle Ages (Museums at the crossroads. 13), Turnhout, 2005.

VAN BUEREN, T., Leven na de dood. Gedenken in de late Middeleeuwen, Turnhout, 1999.

VAN DER WEE, H., Conjunctuur en economische groei in de Zuidelijke Nederlanden tijdens de 14de, 15de, en 16de eeuw (Mededelingen van de Koninklijke academie voor wetenschappen, letteren en schone kunsten van België. Klasse der letteren. 27. 8), Brussel, 1965.

VAN HERWAARDEN, J., ‘De kerkelijke organisatie van de Nederlanden: bisdommen, kapittels, parochies’, Algemene geschiedenis der Nederlanden, IV (middeleeuwen), 1980, Amsterdam, 392-395.

VAN SCHAIK, R., ‘Prijs- en levensmiddelen politiek in de Noordelijke Nederlanden van de 14e tot de 17e eeuw: bronnen en problemen’, Tijdschrift voor Geschiedenis, 91 (1978), 214-255.

VAN WERVEKE, A., Gent. Schets van een sociale geschiedenis, Gent, 1947. 

VAN WERVEKE, H., ‘Het bevolkingscijfer van de stad Gent in de 14de eeuw. Een laatste woord?’, Album aangeboden aan Charles Verlinden ter gelegenheid van zijn dertig jaar professoraat, Gent, 1975, 449-465.

Van ZEIR, P., ‘De inrichting van de Armendissen van de oude Brugse stadsparochies voor 1526’, Annales de la Société d’Emulation te Brugge, 97 (1960), 104–153.

VAN ZEIR, P., De armendissen der oude Brugse stadsparochies voor 1526, Onuitgegeven licentiaatverhandeling, Katholieke Universiteit Leuven, 1957.

VANCOPPENOLLE, A., Het Gentse parochiewezen vanaf 1200 tot op heden, Onuitgegeven licentiaatverhandeling, Rijksuniversiteit Gent, 1962.

VANDECANDELAERE, D., De tijdrekening : de kalender : Juliaans, Gregoriaans, Republikeins, Roeselare, 1989.

VEZIN, J., ‘La réalisation matérielle des manuscrits latins pendant le haut Moyen Âge’, GRUYS, A. en GUMBERT, J.P., Codicologica : Towards a science of handwritten books (Litterae Textualis. 2), Leiden, 1978, 15-51.

VON DEN BRICKEN, A.-D., Historische Chronologie des Abendlandes: Kalenderreformen und Jahrausendrechnungen, Stuttgart, 2000.

WÜSTEFELD, W.C.M., ‘Het memorieboek van het Katrijnenklooster in Haarlem, een codicologische studie’, Ons geestelijk erf, 54 (1980), 293-333.

Universiteit of Hogeschool
Master of Arts in de Geschiedenis
Publicatiejaar
2013
Kernwoorden
Share this on: