De publieke omroep in het digitale tijdperk: stoorzender of katalysator? Een nieuwsframe-analyse van Vlaamse kranten

Caroline Bijnens
Samenleving heeft de publieke omroep nodigDOOR CAROLINE BIJNENS - Het Vlaamse regeerakkoord heeft de discussie over de rol van de openbare omroep opnieuw aangewakkerd. De nieuwe Vlaamse regering heeft aangekondigd stevig de snoeischaar in de VRT te zetten, waardoor ze onvermijdelijk zal moeten inkrimpen.

De publieke omroep in het digitale tijdperk: stoorzender of katalysator? Een nieuwsframe-analyse van Vlaamse kranten

Samenleving heeft de publieke omroep nodig

DOOR CAROLINE BIJNENS - Het Vlaamse regeerakkoord heeft de discussie over de rol van de openbare omroep opnieuw aangewakkerd. De nieuwe Vlaamse regering heeft aangekondigd stevig de snoeischaar in de VRT te zetten, waardoor ze onvermijdelijk zal moeten inkrimpen. Uit onderzoek is echter gebleken dat Vlaamse opinieleiders pleiten voor het behoud van de publieke omroep in zijn huidige vorm of zijn activiteiten zelfs graag wil uitbreiden.

Concurrentie in het digitale tijdperk U doet het vast wel meermaals per dag: online speuren naar het laatste breaking nieuws of leuke faits divers. Hierbij heeft u doorgaans de keuze tussen deredactie.be - de gratis nieuwswebsite van de VRT - of de al dan niet betalende online versie van de papieren krant. Daar knelt nu net het schoentje. Waar de openbare omroep in de jaren tachtig en negentig nog voornamelijk concurreerde met de commerciële omroepen is hij eind jaren negentig door het internet echter ook in het vaarwater van de geschreven pers terecht gekomen. Deze ingrijpende veranderingen in het medialandschap hebben ervoor gezorgd dat alle mediaspelers verplicht zijn om anders om te gaan met hun publiek en steeds meer in te zetten op innovatie. De vraag die daarom op dit moment in verschillende Europese landen wordt gesteld is: welke rol is er nog weggelegd voor de publieke omroep in het digitale tijdperk?

Antwoorden op deze vraag zijn doorgaans uiteenlopend. Voorstanders stellen dat de VRT een belangrijke maatschappelijke en democratische waarde vervult, onafhankelijk van winstbejag. Tegenstanders hanteren eerder een economisch perspectief: de openbare omroep moet enkel tegemoet komen aan die dingen die de commerciële media niet doen. Omdat de consument in het overaanbod geen aandacht zal besteden aan de hoogstaande content van de VRT, zal haar takenpakket in het digitale tijdperk quasi nihil zijn. Er blijft dan een sterk afgeslankte VRT over die slechts fungeert als nicheomroep.

Berichtgeving over de openbare omroep onderzochtDe media zijn in dit vraagstuk een platform waarop discussie mogelijk is, maar tegelijkertijd hebben ook zij belang in de online aanwezigheid van de VRT. Ik heb onderzocht hoe Vlaamse politici, uitgevers, journalisten, commerciële omroepen en uiteraard de VRT zelf over de rol van de publieke omroep in het digitale tijdperk dachten. Dit gebeurde aan de hand van een inhoudsanalyse van krantenartikelen verschenen tussen 2008 - 2013 en door diepte-interviews met experts uit de Vlaamse mediawereld.

Vooreerst bleek uit de inhoudelijke analyse van krantenberichten dat er vaker positief dan negatief over de openbare omroep werd bericht. De VRT werd het meest omschreven als noodzakelijk voor de samenleving, als partner van commerciële media in de strijd tegen de globale mediaspelers en als het centrum van een interactief, voor iedereen toegankelijk, digitaal netwerk. Daarnaast spraken sommige actoren in de krant positiever over de VRT dan anderen. De publieke omroep, vorig Vlaams minister van Media Ingrid Lieten, linkse politici en educatieve instellingen bleken de grootste VRT supporters, terwijl rechtse en centrumpolitici terughoudender waren. Ook de commerciële omroepen en de printmedia waren begrijpelijk sceptischer: hoewel zij het bestaan van de VRT niet ontkenden, hebben ze het nog steeds moeilijk om een nieuw winstgevend business model te creëren en willen ze niet dat de publieke omroep hen online te sterk beconcurreert met publieke middelen. De kleine Vlaamse media- en taalmarkt, en de dreiging van de telecomsector en globale reuzen als Facebook en Google, zorgden er echter voor dat private en publieke mediaspelers elkaar als bondgenoten - concullega’s - in plaats van als vijanden zijn gaan beschouwen. 

De diepte-interviews met belanghebbenden bevestigden grotendeels bovenstaande resultaten. De Vlaamse printmedia erkenden dat een kwaliteitsvolle publieke omroep de journalistieke standaard en het pluralisme in het Vlaamse medialandschap ten goede komt, maar ze vulden de online opdracht van de VRT beperkter in. De VRT mag zeker niet té sterk worden en zo de digitale activiteiten van de kranten zwaar bemoeilijken of de markt verstoren met publieke middelen. Ook moet de VRT op vlak van innovatie niet fungeren als dominante voortrekker, maar als stimulans en begeleider op de weg naar vernieuwing. Hierbij is het aan de Vlaamse overheid om een gunstig ondernemersklimaat voor de mediasector te scheppen.

Men kan dus besluiten dat de VRT een breed draagvlak kent en geliefd is in Vlaanderen: er pleitte namelijk zo goed als niemand voor een afschaffing of een sterke terugschroeving van de rol die de publieke omroep de laatste jaren op zich neemt.

Conclusie: naar een Vlaams media partnerschap?

Sommigen argumenteren dat digitalisering de publieke omroep overbodig heeft gemaakt, anderen stellen dan weer dat ze nu meer dan ooit broodnodig is. De VRT kent in Vlaanderen een brede steun en ook haar belangrijke rol in de samenleving valt niet te ontkennen noch te kwantificeren. De VRT kan niet anders dan een public service medium zijn. Dit om zowel relevant te blijven in de hedendaagse mediacontext als om kwaliteit, diversiteit, universaliteit en pluralisme te blijven garanderen. Ook moet ze groot genoeg zijn om de markt te kunnen beïnvloeden, optreden als kwaliteitsbewaarder, als huis van vertrouwen en een tegenwicht bieden aan de concentratie van eigendom in de media-industrie. Net daarom is het belangrijk dat de publieke omroep voldoende financiering ontvangt, flexibel genoeg is om in te spelen op snelle veranderingen en een klimaat aanneemt waarin experimenteren wordt aangemoedigd.

In plaats van de VRT kleiner te maken, is het dus beter om de totale Vlaamse mediasector te laten groeien door de VRT als partner te beschouwen. De Vlaamse mediaspelers pleiten voor onderlinge samenwerking en gezamenlijke innovatie om de eigenheid in de kleine taalmarkt te bewaren: Amerikaanse grootmachten als Google en Facebook zijn namelijk alomtegenwoordig en de hete adem van streamingdienst Netflix is voelbaar. Het Vlaamse media partnerschap kan bijvoorbeeld groeien door innovatie te blijven stimuleren via iMinds (Media Innovatie Centrum).

De toekomst?Het vorige mediabeleid legde de nadruk op de waarde van de VRT in de samenleving terwijl het nieuwe rechts-liberale beleid een tegengestelde koers lijkt te varen. De kersvers minister van Media Sven Gatz zal ongetwijfeld zijn eigen stempel op het Vlaams mediabeleid drukken en nieuwe technologische ontwikkelingen zullen op hun beurt het mediagebruik verder veranderen. Hoe het medialandschap in Vlaanderen er omstreeks volgend jaar deze tijd zal uitzien valt dus onmogelijk te voorspellen. 

Bibliografie

Armstrong, M. & Weeds, H. (27.07.2005). Public service broadcasting in the digital world. [02.04.2014, UCL: http://www.econ.ucl.ac.uk/downloads/armstrong/PSB_Armstrong_Weeds.pdf].

Bardoel, J. L. H. & d'Haenens, L. S. J. (2008). Reinventing public service broadcasting in Europe: prospects, promises and problems. Media, Culture & Society, 30(3), pp. 337 – 356.

Barnett, S. (2004). Which end of the telescope? From market failure to cultural value. In Tambini, D. & Cowling, J. (Reds.), From public service broadcasting to public service communications (pp. 34-45). London: IPPR.

Barwise, P. & Picard, R. G. (02.2014). What if there were no BBC television? The net impact on UK viewers. [08.05.2014, Oxford University: https://reutersinstitute.politics.ox.ac.uk/fileadmin/documents/Publicat…].

Bateson, G. (1972). Steps to an Ecology of Mind: A Revolutionary Approach to Man’s Understanding of Himself. New York: Ballantine Books.

BBC (2014). This is the BBC. [02.05.2014, BBC: http://www.bbc.co.uk/historyofthebbc/resources/in-depth/reith_5.shtml].

Belga (31.04.2014). Vlaamse krantenmarkt verliest lichtjes terrein. De Standaard, online gepubliceerd.

Berg, B. L. (2007). Qualitative research methods for the social sciences. Boston: Allyn and Bacon.

Bosman, J. & d'Haenens, L. (2008). Reporting on Pim Fortuyn: framing in two Dutch newspapers. Media Culture & Society, 30(5), pp. 735-748.

Cappella, J. N. & Jamieson, K. H. (1997). Spiral of cynicism. The press and the public good. New York: Oxford University Press.

Caron, B. (Brussel, 02.04.2014). De publieke omroep in het digitale tijdperk [Interview met B. Caron].

Centrum voor Informatie over de Media (CIM) (2013). Pers – Openbare Resultaten - Cijfers van trimester 1/2013-4/2013 [03.04.2014, CIM: http://cim.be/media/pers/de-echtverklaring/resultaten/openbare-resultat…].

Cola, M. & Prario, B. (2012). New ways of consumption: the audiences of public service media in Italy and Switzerland. Media Culture & Society, 34(2), pp.181-194.

Coppens, T. (2005). Opdracht volbracht? Een studie naar de taken van de VRT in opdracht van de Vlaamse Mediaraad. [19.11.2013, Universiteit Gent: http://www.cjsm.vlaanderen.be/media/downloads/vrt_studie.pdf].

Corbin, J. & Strauss, A. (2008). Basics of qualitative research: techniques and procedures for developing grounded theory. Thousand Oaks: Sage.

D’Hoest, A., Van den Bulck, H., Vandebosch, H. & Dierckx, M. (05.2010). De publieke omroepopdracht gewikt en gewogen. Publieksbevraging over de toekomstige taak van de VRT. [19.11.2013, Universiteit Antwerpen: http://www.cjsm.vlaanderen.be/media/downloads/studie_publieke_omroepopd…].

D'Angelo, P. (2002). News framing as a multiparadigmatic research program: a response to Entman. Journal of Communication, 52(4), pp.870-888.

de Moragas Spà, M. & Garitaonandía, C. (1995). Decentralization in the global era: television in the regions, nationalities and small countries of the European Union. London: Libbey.

Deckmyn, D. (26.02.2013). De factuur van Stievie en Yelo TV. De Standaard, p. 4.

Deckmyn, D. (30.11.2013). Eén voor allen, allen tegen Bhaalu? De Standaard, p. 20.

Decoster, A., Goos, M., Van Cayseele, P., Verboven, F., Watteyne, A., Berlage, L., De Grauwe, P., Eyckmans, J. & Schokkaert, E. (2010). Economie Een Inleiding – editie 2010. Leuven university Press: Leuven.

Donders & Pauwels (2010). The ex ante test of public broadcasters' new media services: Europe wants it or public broadcasters need it? [30.03.2014, RIPE: http://ripeat.org/wp-content/uploads/tdomf/1323/Donders%20&%20Pauwels.p…].

Donders, K. & Raats, T. (2012). Analysing national practices after European state aid control: are multi-stakeholder negotiations beneficial for public service broadcasting? Media Culture & Society, 34(2), pp.162-180.

Donders, K. & Van den Bulck, H. (2012). De VRT in de 21ste eeuw: overbodige luxe of maatschappelijke meerwaarde? Antwerpen: UPA.

Donders, K. (2010). The benefits of introducing European competition principles into national public broadcasting policy. The journal of policy, regulation and strategy for telecommunications, information and media, 12(6), pp.56-69.

Donders, K., Raats, T., Moons, A. & Walravens, N. (2010). De toekomstige plaats en rol van de openbare omroep in Vlaanderen: Stakeholderbevraging. Brussel: SMIT & Sectorraad Media.

Enli, G.S. (2008). Redefining Public Service Broadcasting: Multi-Platform Participation. Convergence : the journal of research into new media technologies, 14(1), pp. 105-120.

Entman, R. M. (1989). How the media affect what people think: an information processing approach. The Journal of Politics, 51(2), pp. 347-370.

Entman, R. M. (1993). Toward clarification of a fractured paradigm. Journal of Communication, 43(4), pp. 51-58.

Entman, R. M. (2007). Framing bias: Media in the distribution of power. Journal of Communication, 57(1), pp. 163-173.

European Broadcasting Union (EBU) (2003). Media with a purpose: public service broadcasting in the digital era. European Broadcasting Union: Grand-Saconnex.

Europees Parlement (25.11.2010). Resolutie van het Europees Parlement van 25 november 2010 over de publieke omroep in het digitale tijdperk: de toekomst van het duale systeem. (2010/2028(INI)). Europees Parlement: Brussel.

Europese Commissie (04.12.2012). Regulatory framework – public service broadcasting. [27.04.2014, European Commission: http://ec.europa.eu/avpolicy/reg/psb/index_en.htm].

Europese Commissie (27.10.2009). Mededeling van de Commissie betreffende de toepassing van de regels inzake staatssteun op de publieke omroep. [2009]C 257/1. Europese Commissie: Brussel.

Eurostat (2012). Living in the EU. [27.04.2014, Eurostat: http://europa.eu/about-eu/facts-figures/living/index_en.htm].

Federale overheid (2014). Statistieken van bevolking. [02.04.2014,

Federale overheid: http://www.verkiezingen.fgov.be/fileadmin/user_upload/Registre/fr/stati…].

Gamson, W. A. & Modigliani, A. (1989). Media discourse and public opinion on nuclear power – a constructionist approach. American Journal of Sociology, 95(1), pp. 1-37.

Gamson, W. A. (1989). News as framing – Comments on Graber. American Behavioral Scientist, 33(2), pp. 157-161.

Goffman, E. (1974). Frame analysis: an essay on the organization of experience. Cambridge, MA: Harvard university.

Goldstein, K. (2002). Getting in the door: Sampling and completing elite interviews. Political Science & Politics, 35(4), pp. 669-672.

Graham, A. & Davies, G. (1997). Broadcasting, society and policy in the multimedia age. Luton: University of Luton: John Libbey Media.

Heider, F. (1959). The psychology of interpersonal relations. New York: Wiley.

http://www.verkiezingen.fgov.be/index.php?id=2982&L=1].

iMinds (2014). Media ID. [03.04.2014, iMinds: http://www.iminds.be/nl/onderzoek/overzicht-projecten/p/detail/media-id…].

Iyengar, S. (1996). Framing responsibility for political issues. Annals Of The American Academy Of Political And Social Science, 546(1), pp.59-70.

Jakubowicz, K. (2003). Bringing Public Service Broadcasting to Account. In: Hujanen, T. & Ferrell Lowe, G. (Reds.), Broadcasting & Convergence: New Articulations of the Public Service Remit (pp. 147-165). Göteborg: Nordicom.

Jakubowicz, K. (2007). Public Service Broadcasting: a New Beginning, or the Beginning of the End. [27.03.2014, Knowledge Poltitics: http://www.coe.int/t/dghl/standardsetting/media/doc/PSB_Anewbeginning_K…].

Jakubowicz, K. (2008). Participation and partnership: a copernican revolution to re-engineer public service media for the 21st century. [08.05.2014: http://ripeat.org/wp-content/uploads/2010/03/Jakubowicz.pdf].

Joris, W., d'Haenens, L., Van Gorp, B. & Vercruysse, T. (2013). De eurocrisis in het nieuws. Een framinganalyse van de verslaggeving in Vlaamse kranten. Tijdschrift voor Communicatiewetenschap, 41(2), pp. 162-183.

Kahneman, D. (2003). Maps of Bounded Rationality: Psychology for Behavioral Economics. The American Economic Review, 93(5), pp. 1449-1475.

Kevin, D., Pellicanò, F. & Schneeberger, A. (10.2013). Television news channels in Europe - Based on a report prepared by the European Audiovisual observatory for the European Commission – DG COMM [Rapport].

Lewis, D. (20.01.2012). The situation of public broadcasting in Europe. Speech op The future LRT today: public broadcasting in the changing society conferentie van 20.01.2012 in Vilnius, Lithouwen.

Lieten, I. (06.05.2011). Inleidende speech. Speech gegeven op tweede Staten-Generaal van de media van 06.05.2011 in Brussel, België.

Lieten, I. (11.2009). Beleidsnota 2009-2014 media. Brussel: Vlaamse Regering.

Lieten, I. (17.02.2014). Inleidende speech – Rewind and fastforward. Speech gegeven op derde Staten-Generaal van de media van 17.02.2014 in Brussel, België.

Lieten, I. (24.12.2010). Visienota: de VRT als uitdager en partner in het Vlaamse medialandschap. Brussel: Vlaamse Regering.

Lippmann, W. (1922). Public Opinion. New York: Harcourt, Brace and Co.

McQuail, D. (2010). McQuail's mass communication theory. London: Sage.

Moe, H. (2008). Public Service Media Online? Regulating Public Broadcasters' Internet Services - A Comparative Analysis. Television & New Media, 9(3), pp. 220-238.

Moe, H. (2011). Defining public service beyond broadcasting: the legitimacy of different approaches. International Journal Of Cultural Policy, 17(1), pp. 52-68.

Murdock, G. (2005). Building the Digital Commons. In: G.F. Lowe & P. Jauert, (Reds.), Cultural dilemmas in public service broadcasting – RIPE@2005 (pp. 213-231). Göteborg: Nordicom.

Musschoot, I. & Lombaerts, B. (2012). Media in beweging: handboek voor de professional. Leuven: LannooCampus.

Neuendorf, K. A. (2002). The content analysis guidebook. Thousand Oaks: Sage.

     Otten, R. (2011). Achter televisie. Antwerpen: Garant.

Owen, B. M. (1999). The Internet challenge to television. Broadcasting, society and policy in the multimedia age. Cambridge, MA: Harvard University Press.

Peacock, Sir A. (2000). Editorial: Market failure and government failure in broadcasting. Economic Affairs, 20(4), pp.2-6.

Raad van Europa (02.07.1991). Protocol on the system of public broadcasting in the member states. Addendum of the treaty of Amsterdam.

Raad van Europa (04.11.1950). Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden.

Raad van Europa (25.01.1999). Resolutie van de Raad en de vertegenwoordigers van de regeringen van de lidstaten, in het kader van de Raad bijeen. [1999]C 30/01. Raad van Europa: Brussel.

Raad voor Cultuur (27.03.2014). De tijd staat open - Advies voor een toekomstbestendige publieke omroep. [31.03.2014, Rijksoverheid: http://www.rijksoverheid.nl/bestanden/documenten-en-publicaties/rapport…].

Ranaivoson, H., Donders, K. & Ballon, P. (2011). Innovation in small regions’ media sectors: how to promote what? Paper gepresenteerd op de DRUID-conferentie van 15-17.06.2011 in Copenhagen, Denemarken.

     Rasmussen, T., 2007. Kampen om Internett. Oslo: Pax.

Saeys, F. & Antoine, F. (2007). Belgium. In: d’Haenens, L. & F. Saeys (Reds.), Western Broadcasting models: structure, conduct and performance (pp. 105-144). New York: Mouton de Gruyter.

Scheufele, D. A. (1999). Framing as a theory of media effects. Journal Of Communication, 49(1), pp. 103-122.

Schweizer, C. (04.07.2013). Market distortion or we versus Google. How newspapers in four countries discuss the role of public service broadcasting in the digital age. Paper gepresenteerd op University of Zürich van 04.07.2013 in Zürich.

Semetko, H. A. & Valkenburg, P. M. (2000). Framing European politics: A content analysis of press and television news. Journal Of Communication, 50(2), pp. 93-109.

Smeets, J. (Asse, 01.04.2014). De publieke omroep in het digitale tijdperk [Interview met J. Smeets].

Studiedienst van de Vlaamse regering (2012). Evolutie van de nieuwsgaring. [02.04.2014, Studiedienst van de Vlaamse regering: www4.vlaanderen.be/sites/svr/Cijfers/Pages/Excel.aspx].

Tewksbury, D. & Scheufele, D. A. (2009). News framing theory and research. In: J. Bryant & M. B. Oliver (Reds.), Media effects: advances in theory and research (pp. 17-33). New York: Routledge.

Thompson, M. (29.06.2004). Building public value. Speech given as the BBC unveiled its vision of the future and manifesto for action van 29.06.2004 in Londen, Verenigd Koninkrijk.

Trappel, J., Meier, W. A., d'Haenens, L., Steemers, J. & Thomass, B. (2011). Media in Europe today. Bristol: Intellect.

Van den Bulck, H. & Donders, K. (2014). Of discourses, stakeholders and advocacy coalitions in media policy: Tracing negotiations towards the new management contract of Flemish public broadcaster VRT. European Journal Of Communication, 29(1), pp. 83-99.

Van den Bulck, H. (2008). Can PSB Stake its Claim in a Media World of Digital Convergence? The Case of the Flemish PSB Management Contract Renewal from an International Perspective. Convergence: the journal of research into new media technologies, 14(3), pp. 335-350.

Van Gorp, B. (2004). Framing en het interpreteren van nieuws: een experimenteel onderzoek naar de effecten van frames Antwerpen: Universiteit Antwerpen.

Van Gorp, B. (2005). Where is the frame? Victims and intruders in the Belgian press coverage of the asylum issue. European Journal Of Communication, 20(4), pp. 484-507.

Van Gorp, B. (2007). The constructionist approach to framing: Bringing culture back. Journal Of Communication, 57(1), pp. 60-78.

Van Gorp, B. (2010). Strategies to take subjectivity out of framing analysis. In: D'Angelo, P. & Kuypers, J. A. (Reds.), Doing news framing analysis: empirical and theoretical perspectives (pp. 84–109). New York: Routledge.

Vlaamse Regering & VRT (1997). Beheersovereenkomst 1997-2001. Brussel: Vlaamse Regering.

Vlaamse Regering & VRT (2001). Beheersovereenkomst 2002-2006. Brussel: Vlaamse Regering.

Vlaamse Regering & VRT (2006). Beheersovereenkomst 2007–2011. Brussel: Vlaamse Regering.

Vlaamse Regering & VRT (2011). Beheersovereenkomst 2012–2016. Brussel: Vlaamse Regering.

Vlaamse Regulator voor de Media (VRM) (17.08.2012). Officieuze geconsolideerde tekst van het Mediadecreet van 27 maart 2009. [27.04.2014: http://www.vlaamseregulatormedia.be/media/19422/mediadecreet_27augustus…].

Vlaamse Regulator voor de Media (VRM) (2013). Mediaconcentratie in Vlaanderen – Rapport 2013. [02.04.2014, VRM: http://www.vrmrapporten.be/sites/default/files/pdfversions/mediaconcent…].

VRT (04.04.2014). Vlaams parlementslid of Vlaamse zanger: de analyse. [07.05.2014: http://beta.sambal.be/updates/vlaams-parlementslid-of-vlaamse-zanger-de…].

VRT (2005). Visienota: over de evolutie van de VRT naar een digitale openbare omroep. Brussel: VRT.

VRT (2013). Geschiedenis van de openbare omroep. [04.04.2014, VRT: www.vrt.be/geschiedenis-van-de-openbare-omroep].

VRT (2014). Missie en waarden. [04.04.2014, VRT: http://www.vrt.be/wie-zijn-we/missie-en-waarden].

Universiteit of Hogeschool
Communicatiewetenschappen
Publicatiejaar
2014
Kernwoorden
Share this on: