Een exploratief onderzoek naar de filantropische activiteiten van Belgische topsporters

Laurent Van Brussel
Oliestaat als nieuw sportparadijs?Qatar lijkt het nieuwe sportwalhalla te worden. Naast het WK voetbal 2022 vindt nu ook het WK wielrennen op de weg 2016 plaats in de steenrijke oliestaat. Deze mondiale gebeurtenis wordt het eerste grote sportevenement dat in het Midden-Oosten zal doorgaan. “Geld en prestige, daar draait het hier om”, weet sporteconoom Trudo Dejonghe. Met Qatar slaat de Internationale Wielerunie (UCI) een volledig nieuwe weg in.

Een exploratief onderzoek naar de filantropische activiteiten van Belgische topsporters

Oliestaat als nieuw sportparadijs?

Qatar lijkt het nieuwe sportwalhalla te worden. Naast het WK voetbal 2022 vindt nu ook het WK wielrennen op de weg 2016 plaats in de steenrijke oliestaat. Deze mondiale gebeurtenis wordt het eerste grote sportevenement dat in het Midden-Oosten zal doorgaan. “Geld en prestige, daar draait het hier om”, weet sporteconoom Trudo Dejonghe. Met Qatar slaat de Internationale Wielerunie (UCI) een volledig nieuwe weg in. Opmerkelijk, aangezien het Midden-Oosten geen rijke geschiedenis aan wielerkampioenen noch wielerklassiekers heeft. “Ik heb nog nooit een Qatarees op de erelijst van eender welk respectabel wielerevenement in de wereld zien staan” zegt Michel Wuyts, sinds jaar en dag wielercommentator voor de VRT. “Bovendien deed er nog nooit een Arabier mee aan het WK wielrennen, tenzij ik me ergens vergist heb en hem niet heb opgemerkt.”  

Prestige, omkoping, geld

Sporteconoom Trudo Dejonghe verduidelijkt waarom het Midden-Oosten zich probeert te profileren als het nieuwe sportparadijs bij uitstek. “De landen in het Midden-Oosten zijn de nieuwe economische machten en Qatar is het rijkste land ter wereld, rekening houdend met het aantal inwoners (1,6 miljoen). Het Arabisch emiraat is een zuivere zandstaat waar een rijke olievoorraad in de grond zit. De sjeiks in dit land doelen louter op prestige. Ze halen alles binnen wat ze kunnen binnen halen. Voor de organisatoren is dat zeer interessant, want ze moeten hier ook geen belastingen betalen. Ze kunnen er doen wat ze willen”, aldus Dejonghe.

De professor sporteconomie neemt gerust het woord omkoping in de mond: “Het is puur neoliberalisme”, gaat hij verder. “De wereldkampioenschappen gaan naar Qatar, een land met geen wetgevingen waar alles mag. Ze hebben er geld te veel en ze proberen zo prestige te kopen. De sportwereld hapt toe omdat ze in dergelijke landen maximaal geld kunnen innen en niets moeten afstaan.”

Eddy Merckx

“Als er op enige wijze dan ook een wielercultuur is ontstaan daar, werd die geïmplementeerd door niemand minder dan eddy merckx”, vervolgt Wuyts. “Merckx heeft een goede band met de emir van Qatar, Hamad Bin Khalifa Al Thani, die blijkbaar gek is op voetbal en wielrennen. De emir is erop gebrand zich te profileren naast een grote figuur in de wielersport zoals eddy merckx. Vandaar dat de ronde van qatar ook ontstaan is. Om daarom ook te zeggen dat qatar een wielerland lijkt te worden, is het antwoord neen.”

Belgisch wielerbondscoach Carlo Bomans spaart de kritiek ook niet: “In tegenstelling tot voetballers moet wij alles zelf bekostigen. Voetballers betalen hun reizen met de winstpremies die ze rijkelijk opstrijken. Wij betalen alles uit onze eigen zak”, klaagt Bomans.

Sportparadijs?

Alles wijst erop dat Qatar zich wil profileren als het nieuwe sportparadijs bij uitstek. “Het lijkt van wel, vindt ook Michel Wuyts. “Ze hebben in ieder geval de poen om naast de organisatie te verzorgen ook alle nodige accomodatie neer te poten. Wellicht allemaal van een hoger gehalte dan hetgene dat er ooit gebouwd werd in alle sportevents daarvoor.” Dejonghe deelt zijn mening: “Qatar heeft meer dan een economische basis om dergelijke evenementen naar zich toe te trekken. Vorig jaar organiseerden ze de Asian Games en er vonden al meerdere golftornooien met internationale uitstraling plaats.”

Als nagenoeg rijkste land in de wereld hebben ze dus zeker de financiële stootkracht om een goede structuur neer te zetten. De vraag is maar of de plaatselijke bevolking aandacht zal hebben voor deze sportgebeurtenissen. “Qua bevolking woont er bijna niemand”, stelt Dejonghe. “Zelfs bij de Ronde van Qatar was er met moeite volk en pers aanwezig. Naar buurland Bahrein, bekend van hun F1-circuit, komt ook niemand. Hieruit blijkt weer dat het louter draait om prestige, een ware geldslag tussen de sjeiks om te zeggen wie welke sport naar het Midden-Oosten heeft gehaald.”

Bloed, zweet en tranen

Naast de infrastructuur vormt ook het warme klimaat een heuse topic voor gezonheidsgoeroes en critici. Het kwik kan in de maand augustus, de periode dat de wedstrijden worden gehouden, tot veertig graden celsius klimmen. Wuyts oordeelt dat de organisatie zich zal moeten aanpassen. “Er zijn al ideeën geopperd om het startuur aan te passen. De vraag is alleen hoe je in een koers van 260 kilometer de extreme middaguren gaat ontwijken. Dat lijkt mij onmogelijk. De temperatuur zal hoe dan ook slachtoffers maken”, aldus Wuyts.

Volgens Dejonghe trekt noch de UCI, noch de organisatie zich iets aan van het welzijn van de renners. Alles draait om het geld. Vermits Qatar uit de bus is gekomen, kiest de UCI voor een volkomen vlak woestijnparcours. Maar als de UCI heuvels wil, Dan krijgen ze toch gewoon heuvels? De Qatarese organisatie zorgt er dan gewoon voor dat er kunstmatige plateau’s  komen. Het lijkt zo extreem dat wanneer de UCI vraagt om een waterval, er tegen 2016 een waterval zal staan.

Bomans reageert laconiek: “Wie weet bouwen ze wel een berg?”, zegt hij. “Hoe dan ook zal er veel wind aanwezig zijn, wat kan leiden tot waaiervorming. Indien er geen kunstmatige heuvels komen, zal het een zuiver parcours worden voor sprinters. Het probleem is dat Tom Boonen er in 2022 niet meer bij zal zijn en er niemand echt aanspraak maakt op dit moment om in zijn voetsporen te treden. Kris Boeckmans (Vacansoleil) is dit seizoen de enige sprinter die iets heeft betekend. Maar 2022 is nog lang”, besluit Bomans.

Ook bij het WK voetbal steken er problemen de kop op. Net zoals bij het wielrennen houden de extreme temperaturen in juni de gemoederen bezig. Qatar is momenteel bezig met een oplossing te zoeken voor dit prangende probleem. Het is de bedoeling dat koelinstallaties in de stadions, trainingsaccommodaties en fanzones voor de benodigde koeling zorgen. “Niet erg ecologisch”, zegt Dejonghe. “Maar ook daar trekken ze zich niets van aan. Kijk naar de Grote Prijs Formule 1 van Singapore. Die werd ook ’s nachts gereden zodat mensen in Europa het op tv konden volgen. Heel dat ruime gebied is doorspekt van het neoliberalisme.”

Er zal geen enkele maatregel genomen worden om de gezondheid van de renners te waarborgen. Dat is bijzaak. De UCI en FIFA verdienen geld, Qatar is tevreden en de renners en spelers moeten plooien. Dat lijkt de conclusie. Bovendien gaat het aantal gegadigden, het aantal deelnemende renners, veel beperkter zijn. Dit wordt een sprinters-WK”, aldus Wuyts.

Het FIFA wereldkampioenschap voetbal is een vierjaarlijks toernooi waar de mondiale voetbalgrootheden elkaar bekampen. Het idee om het eerste officiële wereldtoernooi voor internationale profvoetballers te organiseren kwam er in de tweede helft van de jaren twintig. In dat jaar werd geopperd om het voetbal niet op te nemen in het programma van de olympische zomerspelen van Los Angeles vanwege de lage populariteit van voetbal in de Verenigde Staten. Vanaf dan ging de bal snel aan het rollen. Jules Rimet, de toenmalige FIFA-voorzitter, stelde in 1928 voor om een ‘eigen internationaal toernooi’ te organiseren waar de sterkste nationale teams elkaar bekampen om de titel van wereldkampioen. Twee jaar later mocht gastland Uruguay als eerste de ‘Coupe Jules Rimet’ in de lucht steken.

Het WK wielrennen op de weg kent een rijke geschiedenis aan startplaatsen sinds het in 1921 het levenslicht zag. Pas vanaf 1927 kreeg het WK wielrennen een professionele status. De Nürnburgring in Duitsland werd de eerste officiële startplaats van een WK voor beroepsrenners. Tot op heden bleef dit prestigieuze wielerevenement grotendeels binnen het Europese grondgebied met uitzondering van een tiental landen. Volgend jaar organiseert de UCI het WK in Firenze. In 2014 is het spaanse Ponferrada de gaststad en in 2015 is Richmond in de verenigde staten aan de beurt. Met drievoudige winnaars als Eddy Merckx en Rik Van Steenbergen, leverde België in totaal al 26 wereldkampioenen.

 

 

Bibliografie

Aerts, A. & Peeters, D. (2012). Journalism studies in beeld. Inventarisatie van een jonge discipline,

2000-2011. Masterscriptie Meertalige Professionele Communicatie. Universiteit Antwerpen. pp.

27

Agar, M. (1999). How to ask for a study in Qualitatisch. Qualitative Health Research, 9(5), 684-

697.

Agyemang, K. (2011). Understanding Black Male Athlete Social Responsibility (BMASR): A

case study of an NBA franchise. Office of Graduate Studies of Texas A&M University. p. 45-48

Agyemang, K. (2011). Understanding Black Male Athlete Social Responsibility (BMASR): A

case study of an NBA franchise. Office of Graduate Studies of Texas A&M University. p. 32-48

Altinay, L. & Wang, C.L. (2009). Facilitating and maintaining research access into ethnic

minority firms. Qualitative Market Research: An International Journal, 12 (4), 367-390.

Antonini Philippe, R., Sagar, S. S., Huguet, S., Paquet, Y., & Jowett, S. (2011). From teacher to

friend: The evolving nature of the coach-athlete relationship. International Journal of Sport

Psychology, 42(1), 1-23.

Applications of Social Research Methods to Questions in Information and Library Science, pp.

232-241. Westport, CT: Libraries Unlimited.

Arai, A. (2010). Branding individual athletes: Developing a conceptual model of athlete brand

image (Master thesis). University of Florida, FL.

Athanasopoulou, P., Douvis, J. & Kyriakis, V. (2011). Corporate social responsibility (MVO) in

sports: antecedents and consequences. University of Nicosia, Cyprus. African Journal of

Hospitality, Tourism and Leisure Vol. 1 (4) - (2011).

Atkin, D., Jeffres, L., Lee, J-W. & Neuendorf, K. (2008). Sports in the Media: Perceptions of

Athletic Activities and Their Influence on Leisure. International Journal of Sport Communication,

2008, 1, 320-336. 2008 Human Kinetics, Inc.

Atkinson, R. & Flint, J. (2001). Accessing Hidden and Hard-to-Reach Populations: Snowball

Research Strategies. Social Research Update: Issue 33. Department of Sociology, University of

Surrey, United Kingdom.

Babiak, K. & Wolfe, R. (2006). More than just a game? Corporate social responsibility and super

bowl XL. Sport Marketing Quarterly. 15, 214-222.

Babiak, K., Mills, B., Tainsky, S. & Juravich, M. (2012). An investigation into professional

athlete philantropy: Why charity is part of the game. European Sport Management Quarterly, 26

(2), 159-176.

Barkley, C., & Joyner-Kersee, J. (2007, 12). Should celebrity Athletes/Entertainers be role

models? Ebony, 63, 164-165,20. Geraadpleegd op donderdag 2 april 2015 via

http://search.proquest.com/docview/232567417?accountid=17215

59

Baston, C.D. (1998). Altruism and prosocial behavior. In D.T. Gilbert, S.K. Fiske, & G. Lindzey

(Eds.), The Handbook of Social Psychology (Vol. 2, pp. 282–316). Boston: The McGraw-Hill

Companies, Inc.

Belgisch Staatsblad (2012). Decreet betreffende de preventie en bestrijding van doping in de sport.

Vlaamse Gemeenschap. Geraadpleegd op maandag 30 maart 2015 via http://www.val.be/UserFiles/File/Paula/adams%20nov%202012/Decreet%20bet…

Berry, J.M. (2002). Validity and Reliability Issues in Elite Interviewing. PS: Political Science and Politics, 35: 679-82.

Bilsker, D. (1992). An existentialist account of identity formation. Journal of Adolescence. 15(2), 177-192.

Bimmel, P., Canton, J., Fasoglio, D., Rijlaarsdam, G. (2008). Handboek Ontwerpen Talen. Amsterdam University Press. Amsterdam. pp 34-35

Boeije, H.R. (2005). Analyseren in kwalitatief onderzoek: denken en doen. Amsterdam: Boom. pp. 85

Boorstin, D. J. (1961). The image: A guide to pseudo-events in America. New York: Vintage Books.

Bush, A. J., Martin, C. A., & Bush, V. D. (2004). Sports celebrity influence on the behavioral intentions of Generation Y. Journal of Advertising Research, 44, 108–118

Cameron, E., Peel, A. & Begovic, M. (2014). Developing the Citizen Athlete. Sport Science 7 (2014). pg 35-46.

Cardenas, A. (2012). Kicking for Change - Footballers and their Role in Promoting Social Transformation. The Bulletin of the International Council of Sport Science and Physical Education (ICSSPE). No.63 - May 2012.

Carroll, A. (1979). A three dimensional conceptual model of corporate social performance. Academy of Management Review, 4(4), 497-505.

Carter, E. (2009). Athlete social responsibility (ASR): A grounded theory inquiry into the social consciousness of elite athletes. ProQuest Dissertations & Theses. pp. 11-39

Child, J. (2000). Theorizing about organizations cross-nationally. In Cheng, J. L. C. & Peterson, R.

B. (Eds.), Advances in international comparative management. Vol. 13 (pp.27–75). Stamford, CN: JAI Press.

Coe, S. (2012). Sebastian Coe on Laureus. Geraadpleegd op donderdag 23 april 2015, via https://www.youtube.com/watch?v=I8jFQFrSVrA

Cole, Bill (2014). The Mental Game Of Motor Sports. The Art Of The Cocoon, And Fine-Tuned Performance. Sports Psychology Coaching Articles. Geraadpleegd op maandag 27 april 2015, via http://www.sportspsychologycoaching.com/articles/TheMentalGameOfMotorSp…

David, P., Kline, S. & Dai, Y. (2005). Corporate social responsibility practices, corporate identity, and purchase intention: A dual process model. Journal of Public Relations Research, 17 (2005), pp. 291–313

De Bleeckere: "Volledig afkeuren en gepast bestraffen". (2015). Geraadpleegd op maandag 13 april 2015, via http://sporza.be/cm/sporza/voetbal/Jupiler_Pro_League/1.2303594

De Bosscher, V., & De Croock, S. (2012). Trends in het Vlaams topsportklimaat. Evaluatie volgens topsporters, trainers en topsportcoördinatoren: 2-meting (2003-2007-2011).

De Knop, P. & Piéron, M. (2000). Samenleving en Sport. Beheer en organisatie van de sport in België. p. 11 – 13. Koning Boudewijnstichting

Dennis, B.S., Buchholtz, A.K., & Butts, M.M. (2009). The nature of giving: A theory of planned behavior examination of corporate philanthropy. Business & Society, 48(3), 360–384.

Dejonghe, T. (2014). Sport in de wereld. Academia Press, 227p. pp 33-34

Denzin, N.K., & Lincoln, Y.S. (2005). Introduction: The discipline and practice of qualitative research. In Denzin, N.K., & Lincoln, Y.S. (Eds.) The Sage handbook of qualitative research (3rd ed.), pp. 1-32. Thousand Oaks, CA: Sage.

Duda, J. L. & Balaguer, I. (2008). The interplay between motivation, well-being and character development in sport: Implications for responsible citizenship. Sport and Education. Coimbra, Portugal: Coimbra University Press.

Erdogan, B.Z., Baker, M.J., & Tagg, S. (2001). Selecting celebrity endorsers: The practitioner’s perspective. Journal of Advertising Research, May / June, 39-48.

Fontana, A., & Frey, J.H. (2005). The interview from natural science to political involvement. In Denzin, N.K., & Lincoln, Y.S. (Eds.) The Sage handbook of qualitative research, pp. 695-727. Thousand Oaks, CA: Sage.

Freeman, J. (2011). Utilizing Sports Figures as Product Endorsers. pp 15 – 16.

Giuliano, T.A., Turner, K.L., Lundquist, J.C., & Knight, J.L. (2007). Gender and the selection of public athletic role models. Journal of Sport Behavior, 2, 161-199.

Giulianotti, R. (2005). Sport: A critical sociology. Cambridge, UK: Polity Press.

Glaser, B. G., & Strauss, A. L. (1967).Discovery of grounded theory: Strategies for qualitative research. Chicago: Aldine.

Godfrey, P. (2009). Corporate Social Responsibility in Sport: An Overview and Key issues. Journal of Sport Management, 2009, 23, 698-716 © 2009 Human Kinetics, Inc.

Gordon, E. (2014). Sports Paradox: America's Regulated Economy vs. Europe's Free Market. http://www.theatlantic.com/entertainment/archive/2014/07/lebron-james-s…

Griffin, G. (2005). Are athletes good role models? (At Issue series.) Greenhaven. 96p.

Hammond, C. (z.d.). Athletes & Their Responsibility to the Community. p. 5 – 7.

Hanson, K. & Savage, M. (2012). Ethics in Professional Sports. Santa Clara University. Geraadpleegd op maandag 30 maart, 2015 via http://www.scu.edu/ethics/publications/submitted/pro-sports-ethics.html.

Heuves, W. (2006). Pubers. Uitgerverij Van Gorcum. pp 32 

Howell, D. (z.d.). Selfish Athlete Syndrome. Geraadpleegd op donderdag 2 april 2015 via http://www.damienhowellpt.com/pdf/selfish%20athlete.pdf

Boonen: "Cocaïne zit overal, echt overal". (2009). Geraadpleegd op 20 maart 2015, via http://sporza.be/cm/sporza/wielrennen/1.525840

Dronken Jonathan Legear rijdt in op tankstation. (2012). Geraadpleegd op 20 maart 2015, via http://www.nieuwsblad.be/sportwereld/cnt/dmf20121007_00325208

De Bock en De Pauw zetten schouders onder mooi initiatief. (2015). Geraadpleegd op 25 maart 2015, via http://www.voetbalnieuws.be/news/174681/De_Bock_en_De_Pauw_zetten_schou…

Hughson, J. (2009). On sporting heroes. Sport in Society. 12 (1), 85-101

Infrabel boos na Roubaix: "In 2014 vielen er 11 doden aan een overweg". (2015). Geraadpleegd op 13 april 2015, via http://sporza.be/cm/sporza/wielrennen/1.2303149

Introduction to Laureus. Geraadpleegd op donderdag 23 april, via http://laureus.com/content/introduction-laureus

Jarvie, G. (2007). Sport, social change and the public intellectual. International Review for the Sociology of Sport. 42 (4), 411-424.

Kaptein, M. & Wempe, J. (2002). The Balanced Company. A Theory of Corporate Integrity. Oxford: Oxford University Press.

Kott, A. (2005). The philanthropic power of sport. Foundation News & Commentary, (Jan./ Feb.), 20–25.

Kuypers, J.A., & Cooper, S. D. (2005). A comparative framing analysis of embedded and behindthe-lines reporting on the 2003 Iraq War. Qualitative Research Reports in Communication, 6, 1-10.

Land, B. (2010). Professional Athletes as Role Models: Is It Their Job? Bleacher Report. Geraadpleegd op donderdag 2 april 2015 via http://bleacherreport.com/articles/376089- professional-athletes-as-role-models-is-it-their-job

Lehman, J & Phelps, S. (2005). West's encyclopedia of American law. Volume 10. Thomson/Gale.

Lincoln, Y.S., & Guba, E.G. (1985). Naturalistic inquiry. New York: Sage.

Lindholm, J. (2010). The Problem With Salary Caps Under European Union Law: The Case Against Financial Fair Play. P. 190 – 191.

Lockett, A., Moon, J. & Visser, W. (2006). Corporate social responsibility in management research: Focus, nature, salience and sources of influence. Journal of Management Studies, 43 (2006), pp. 115–136

Luo, L., & Wildemuth, B. (2009). Semi-structured interview. In B. Wildemuth ed.

Maclagan, P. (2008). Organizations and responsibility: A critical overview. Systems Research and Behavioral Science. 25, 371-381.

Maguire, J. (2009). The social construction and impact of champions. Sport in Society, 12(9), 1250-1264. Management Decision, 41 (2003), pp. 822–831

Mandela, N. (2000). Inaugural Ceremony Laureus Lifetime Achievement Award. Sporting Club Monte Carlo Monaco.

Marcellus, L. (2005), The Grounded Theory Method and Maternal-Infant Research and Practice. Journal of Obstetric, Gynecologic, & Neonatal Nursing, 34: 349–357. doi: 10.1177/0884217505276053

Marks, H. & Wester, F. (2011). Etnografie. In F. de Boer & A. Smaling (red.), Benaderingen in kwalitatief onderzoek (pp. 121-128). Den Haag: Boom Lemma uitgevers.

McAdams, D. (2001). The person: An integrated introduction to personality psychology. Orlando, FL: Harcourt College Publishers.

McCracken, G. (1989). Who is the celebrity endorser? Cultural foundations of the endorsement process. Journal of Consumer Research, 16, 310-321

McCullough, K. (2012). Are you selfish enough? LPH newspaper. United States. Geraadpleegd op zaterdag 25 april 2015, via http://www.letsplayhockey.com/online edition/mccullough/620-areyou-selfish-enough.html

McGuire, W. J. (1968). The nature of attitudes and attitude change. In G. Lindzey & A. Aronson (eds.),Handbook of Social Psychology.

Meier, G. (2013). Coe tells Laureus audience of the power of sport. Sports Journalist Association. Verenigd Koninkrijk. Geraadpleegd op donderdag 23 april 2015, via http://www.sportsjournalists.co.uk/other-bodies/laureus/coe-tells-laure…

Miles, M., & Huberman, M. (1994). Qualitative data analysis: A sourcebook of new methods (2nd ed.). Newbury Park, CA: Sage

Minhong, K., & Walker, M. (2013). The influence of professional athlete philanthropy on donation intentions. European Sport Management Quarterly, 13:5, 579-601.

Mohr, L.A., Webb, D.J. & Harris, K.E. (2001). Do consumers expect companies to be socially responsible? The impact of corporate social responsibility on buying behavior. Journal of Consumer Affairs, 35 (2001), pp. 45–72

Mortelmans, D. (2007). Handboek kwalitatieve onderzoeksmethoden. Leuven: ACCO.

Okumus, F., Altinay, L., & Roper, A. (2007). Gaining access for research. Annals of Tourism Research, 34 (1), 7-26.

Our view: Athletes should be expected to be good sports, not always good role models. (2015, Feb03). University Wire. Geraadpleegd op donderdag 2 april 2015 via http://search.proquest.com/docview/1650543055?accountid=17215

Paramio J., Babiak, K., Walters, G. (2013). Routledge Handbook of Sport and Corporate Social Responsibility. Abingdon, Oxon: Routledge.

Pattyn, B., De Block, A., Tolleneer, J., Vanreusel, B., Van Crombrugge, H., Lagae, W. & vn Doorslaer, L. (2009). Debat: Ethiek in de sport. Topsport is oorlog? Ethische perspectieven 20. (2010)2, p. 130.

Peary, D., Sheehy, H., Torre, J. (2012). Raising a Team Player: Teaching Kids Lasting Values on the Field, on the Court, and on the Bench. Storey Publishing. 176p. pp 46-47.

Pedersen, P. M. (2013). Routledge handbook of sport communication. New York: Routledge. pp 60-62.

Peloza, J., & Hassay, D.N. (2006). Intra-organizational volunteerism: Good soldiers, good deeds and good politics. Journal of Business Ethics, 64, 357–379.

Phillips, R. (2003). Stakeholder Theory and Organization Ethics. San Francisco: Berrett-Koehler. pp 15-17

Porter, M. & Kramer, M. (2002). The competitive advantage of corporate philanthropy. Harvard Business Review, 80 (2002), pp. 56–68

Quazi, A.M. (2003). Identifying the determinants of corporate managers’ perceived social obligations

Reulink, N., & Lindeman, L. (2005). Dictaat kwalitatief onderzoek. Geraadpleegd op 20 april 2015, via http://www.cs.ru.nl/~tomh/onderwijs/om2%20%282005%29/om2_files/syllabus…

Robinson, R. (2005). Sports philanthropy: An analysis of the charitable foundations of major league teams. Unpublished master’s thesis, University of San Francisco, San Francisco, CA.

Sanderson, J. (2008). The blog is serving its purpose: Self-presentation strategies on 38pitches.com. Journal of Computer-Mediated Communication, 13, 912-36.

Selznick, P. (1957). Leadership in administration. New York: Harper and Row.

Selznick, P. (1996). Institutionalism “old” and “new”. Administrative Science Quarterly, 41, 270– 277

Simmers, C., Damron-Martinez, D. & Haytko, D. (2009). Examining the Effectiveness Athlete Celebrity Endorser Characteristics and Product Brand Type: The Endorser Sexpertise Continuum. Journal of Sport Administration & Supervision • Vol. 1, No. 1, April 2009

Smith, A. & Westerbeek, H. (2007). Sport as a vehicle for deploying corporate social responsibility. Journal of Corporate Citizenship (25), 43-54.

Steinbergh, L. (2013). Why Do We Make Athletes Role Models? Geraadpleegd op donderdag 2 april 2015 via http://www.forbes.com/sites/leighsteinberg/2013/01/20/why-do-we-make-at…

Strauss, A., & Corbin, J. (1990). Basics of qualitative research: Grounded theory procedures and techniques. Newbury Park, CA: Sage

Sullivan, J. & Hodge, K. (1991). A Survey of Coaches and Athletes About Sport Psychology in New Zealand. The Sport Psychologist, 1991, 5, 140-1

Swann, C., Moran, A., Piggott, D., Defining elite athletes: Issues in the study of expert performance in sport psychology, Psychology of Sport & Exercise (2014), doi: 10.1016/j.psychsport.2014.07.004.

Tainsky, S., & Babiak, K. (2011). Professional athletes and charitable foundations: An exploratory investigation. International Journal of Sport Management and Marketing, 9(3/4), 133-153.

Tannenwald, D. (2013). The power to change the world? the role of sport in development.

Kennedy School Review, 13, 68-72. Geraadpleegd op vrijdag 3 april 2015 via http://search.proquest.com/docview/1444141453?accountid=17215

Thomson, M. (2006). Human brands: Investigating antecedents to consumers’ strong attachments to celebrities. Journal of Marketing, 70(3), 104–119.

Torre, P.S. (March 23, 2009). How (and why) athletes go broke. Sports Illustrated. Geraadpleegd op woensdag 29 april 2015, via: http://sportsillustrated.cnn.com/vault/article/magazine/MAG1153364/inde…

Tsiotsou, R. (2004). The role of involvement and income in predicting small and large donations to college athletics. International Journal of Sports Marketing & Sponsorship, 6, 117-123. Geraadpleegd op maandag 11 mei 2015, via http://journals.humankinetics.com/jsm-backissues/JSMVolume12Issue2April….

van Bottenburg, M, Elling, E, Hover, P, Brinkhof, S & Romijn, D. (2011).‘De Maatschappelijke

Betekenis van Topsport’ [‘The social meaning of elite sport’], Mulier Instituut & Universiteit Utrecht, Utrecht. pp 12-13.

Van Meter, K. (1990) Methodological and Design Issues: Techniques for Assessing the Representatives of Snowball Samples, NIDA Research Monograph, 31-43.

Vaughn, R. (2008). The encultration of professional athletes in European countries: Results obtained from sporting agency. University of Arkansas.

Vogt, W. P. (1999) Dictionary of Statistics and Methodology: A Nontechnical Guide for the Social Sciences, London: Sage.

Waddock, S. (2004). Parallel universes: Companies, academics, and the progress of corporate citizenship. Business and Society Review, 109 (2004), pp. 5–42

Walker, M. & Parent, M. (2010). Toward an integrated framework of corporate social responsibility, responsiveness, and citizenship in sport. Sport Management Review. Volume 13, Issue 3, August 2010, Pages 198–213

Washington, R. & Karen, D. (2001). Sports and society. Annual Review of Sociology, Vol. 27 (2001), pp. 187-212

Wolff, E. & Kaufman, P. (2009). Playing and protesting: making a case for sport as a vehicle for social change. Geraadpleegd op 5 april 2015, via http://www.allacademic.com

Wylleman, P. & Reints, A. (2010). A lifespan perspective on the career development of talented and elite athletes: Perspectives on high-intensity sports. Scandinavian Journal of Medicine & Science in Sports, 20 (2), 101–107.

Wymer, W. W. (1997). Segmenting volunteers using values, self-esteem, empathy, and facilitation as determinant variables. Journal of Nonprofit & Public Sector Marketing, 5, 3–28.

Zaichkowsky, J. L. (1985). Measuring the involvement construct. Journal of Consumer Research, 12, 341–352.

Zirin, D. (2005). What’s my name, fool? Chicago, IL: Haymarket Books.

Universiteit of Hogeschool
Master in de bedrijfscommunicatie
Publicatiejaar
2015
Share this on: