Fun with brands: een experimenteel onderzoek naar het effect van enjoyment en cognitieve overload van advergames

Tine Vyvey
De advergame, een effectief reclamemiddel?Sinds jaar en dag worden we overspoeld door reclame in diverse media. Je bent waarschijnlijk al de motiliumkikker met een opgeblazen gevoel op televisie tegengekomen of hoorde op de radio wel al eens dat u het maakt met Gamma. Recent dook het stressmannetje van de Lijn zelfs op in een online spelletje. Maar zijn we wel in staat om al deze reclameclutter te verwerken?

Fun with brands: een experimenteel onderzoek naar het effect van enjoyment en cognitieve overload van advergames

De advergame, een effectief reclamemiddel?

Sinds jaar en dag worden we overspoeld door reclame in diverse media. Je bent waarschijnlijk al de motiliumkikker met een opgeblazen gevoel op televisie tegengekomen of hoorde op de radio wel al eens dat u het maakt met Gamma. Recent dook het stressmannetje van de Lijn zelfs op in een online spelletje. Maar zijn we wel in staat om al deze reclameclutter te verwerken? Of hebben we de dag van vandaag onszelf multitasking skills aangeleerd om hiermee om te gaan?

De limieten van ons breinJe kent het wel, we komen soms 4000 reclameboodschappen op een dag tegen. Onze zoekresultaten en sociale media worden ondergedompeld in gepersonaliseerde reclame … Of kennen we het net niet? Beseffen we nog wanneer we reclame waarnemen? Zijn we zodanig gefocust op het volbrengen van onze taken waardoor we de advertenties niet meer opmerken? Het limited capacity model of motivated mediated message processing stelt namelijk dat mensen een gelimiteerde capaciteit hebben om informatie, en dus reclame, te verwerken. In mijn scriptie ging ik na of dit toepasbaar is op een nieuw speeltje die adverteerders gebruiken om consumenten aan zich te binden: advergames.

AdvergamesAdvergames zijn games die speciaal ontwikkeld zijn om een merk of product te promoten. Het is een nieuw marketinginstrument dat productgerelateerde berichten verpakt in een videogame en er een mooie strik van plezier rond windt. Adverteerders zijn gedreven door een queeste: de zoektocht naar een effectieve manier om consumenten te bereiken. Hierdoor proberen ze onder andere het plezierig element van games te koppelen aan hun product. Plezier is namelijk een van de belangrijkste motivaties om een game te spelen. Dit kan gekoppeld worden aan de flowtheorie van Mihaly Csikszentmihalyi. Csikszentmihalyi gaat ervan uit dat iemand plezier beleeft wanneer men zich in een flow state bevindt. Tijdens een flow ervaart de speler een optimale mentale ervaring waarbij hij of zij in the zone terecht komt. Deze vorm van immersie maximaliseert prestatie en plezier. Vaak gebeurt het dan ook dat de speler alles om zich heen vergeet en helemaal opgaat in de game. Aangezien online spelletjes an sich leuk zijn, denken adverteerders dat dit zich ook vertaalt in winstcijfers. Maar is dit ook zo?

Let the game begin!Deze vragen probeer ik in mijn scriptie te beantwoorden. Met mijn thesis heb ik geprobeerd in het theoretisch en empirisch discussiebad te duiken om via een experiment de effectiviteit van advergames na te gaan. Hiervoor heb ik mij gefocust op of het hebben van plezier of het ervaren van een cognitieve overbelasting bij het spelen van een advergame een invloed hebben op hoe we reclame verwerken. Vele onderzoeken naar advergames onderscheidden echter het cognitieve en het affectieve aspect van een game niet van elkaar. Dit kan een verklaring zijn waarom ik op veel inconsistente resultaten in de literatuur omtrent reclame in games stuitte. Daarom manipuleerde ik het hebben van plezier en cognitieve overbelasting afzonderlijk.

Aan mijn experimenteel onderzoek heb ik een creatieve twist gegeven door de advergames zelf te ontwikkelen. Op deze manier probeerde ik de afzonderlijke variabelen zo goed mogelijk te manipuleren. In totaal werden er vier advergames ontwikkeld, waarbij 458 respondenten willekeurig aan één conditie werden toegewezen.

Ten eerste ging ik in mijn onderzoek na of het hebben van plezier een effect heeft op het verwerken van advergames door de advergames te laten vergezellen of te laten ontnemen van een fun-factor. Dit manipuleerde ik aan de hand van beloningen en straffen (zoals punten, stimulerende visuele en auditieve indicaties). Ik ging ook na of het verwerken van te veel stimuli, of het ervaren van een cognitieve overload, in een advergame de effectiviteit van advergames beïnvloed. Hiervoor maakte ik sommige advergames meer of minder uitdagend door extra geluiden of bewegende objecten toe te voegen of weg te nemen.

In het kader van mijn opleiding Nieuwe Media en Maatschappij, heb ik getracht mijn scriptie via een niet-traditionele manier te onderzoeken. De vragenlijsten en de advergames werden namelijk verspreid via e-mails en sociale media zoals Facebook en Twitter. De spelers mochten na het spelen van de advergame het spel delen op hun persoonlijke pagina. Dit zorgde ervoor dat het experiment zo dicht mogelijk bij de realiteit aansloot van marketingacties zoals virale marketing.

“Welk merk?”De resultaten van mijn experimenteel onderzoek waren opmerkelijk. Tegen alle verwachtingen in konden de spelers die veel plezier hadden bij het spelen van een advergame, zich het merk in het spel nauwelijks herinneren. Dit betekent dat voorgaand onderzoek over de flowtheorie deze theorie niet op de juiste manier toepasten op advergames. Wanneer we een leuke advergame spelen, worden we helemaal geabsorbeerd in de flow van het spel. Dit zorgt echter niet voor een betere merkherinnering. In tegendeel. In een flow focussen we ons optimaal op het spelen van het spel waardoor we andere omgevingsstimuli, zoals reclameboodschappen, negeren.

Als de advergames voor de spelers té cognitief belastend zijn, kunnen spelers zich het merk niet herinneren en hebben ze zelfs een negatievere attitude ten opzichte van de advergame. Uit het experiment is gebleken dat slechts 29% van de respondenten er zich van bewust waren dat ze blootgesteld waren geweest aan een merk. De spelers van advergames kunnen weinig aandacht schenken aan de reclamestimuli waardoor ze zich het merk niet goed kunnen herinneren. Dit betekent dat het limited capacity model of motivated mediated message processing kan toegepast worden op verder onderzoek naar het verwerken van advergames.

What’s in a game?Uit mijn onderzoek kan ik concluderen dat we, ondanks het groeiend aantal conglomeraten die ons onderdompelen met reclame, nu eenmaal niet kunnen multitasken. Adverteerders moeten hier rekening mee houden indien ze advergames willen ontwerpen om hun merk memorabel te maken. Het is voor zowel gameontwikkelaars als voor adverteerders van groot belang om weet te hebben van hoe ver de limieten van deze menselijke cognitieve bronnen reiken. Mijn studie biedt daarom vruchtbare inzichten voor adverteerders om hun reclamestrategieën te verbeteren door rekening te houden met de affectieve- en cognitieve waarde van de advertentie. So thank you advertisers, but our princess is in another castle!

Bibliografie

Adis, A. A., & Jun, K. H. (2013). Antecedents of brand recall and brand attitude towards purchase intention in advergames. European Journal of Business and Management, 5(18), 58-68.

Ariely, D. (2000). Controlling the information flow: effects on consumers’ decision making and preferences. Journal of Consumer Research, 27(2), 233-248. doi:10.1086/314322.

Berlyne, B. E. (1966). Curiosity and exploration. Science, 153(3731), 25-33. doi: 10.1126/science.153.3731.25

Bertrim, B. (2005). It's how you play the game. Marketing, 110(16), 18-19.

Biel, A. (1990). Love the ad. Buy the product. Admap, 26(9), 21-25.

Billiet, J., & Waege, H. (2003). Een samenleving onderzocht: methoden van sociaal-wetenschappelijk onderzoek. Antwerpen: De Boeck. 

Bogost, I. (2007). Persuasive Games. Cambridge, MA: The MIT Press.

Brown, S. P., & Stayman, D. M. (1992). Antecedents and consequences of attitude toward the ad: a meta-analysis. Journal of consumer research, 19(1), 34-51. doi:10.1086/209284

Cauberghe, V., & De Pelsmacker, P. (2010). Advergames. Journal of Advertising, 39(1), 5-18. doi:10.2753/JOA0091-3367390101

Chaney, I. M., Lin, K. H., & Chaney, J. (2004). The effect of billboards within the gaming environment. Journal of Interactive Advertising 5(1), 54-59.

Chen, J. (2007). Flow in games (and everything else). Communications of the ACM, 50(4), 31-34. doi:10.1145/1232743.1232769

Click Labs (2013). Branded games. Verkregen via http://click-labs.com/mobile-gaming/branded-games/

Cornwell, T. B., & Schneider, L. P. (2005). Cashing in on crashes via brand placement in computer gamers. The effects of experience of flow on memory. International Journal of Advertising, 24(3), 321-343.

Csikszentmihalyi, M. (1975). Beyond boredom and anxiety: experiencing flow in work and play. San Francisco: Jossey-Bass.

Csikszentmihalyi, M. (1990). Flow. New York: Harper.

D’Andrade, N. (2007). The effects of varying levels of object change on explicit and implicit memory for brand messages within advergames (Ongepubliceerde thesis). University of Missouri-Columbia, Missouri.

D’Astous, A., & Chartier, F. (2000). A study of factors affecting consumer evaluations and memory of product placements in movies. Journal of Current Issues and Research in Advertising, 22(2), 31-40. doi: 10.1080/10641734.2000.10505106

Damen, D. (2011). Het is wat het niet lijkt: nasynchronisatie in reclames. Experimenteel onderzoek naar het effect van nasynchronisatie op de authenticiteit van de reclame en woordvoerster, reclame- en merkattitude, en koopintentie (Ongepubliceerde thesis). Universiteit van Tilburg, Tilburg.

Davidson, R. J. (2002). Seven sins in the study of emotion: correctives from affective neuroscience. Brain and Cognition, 52(1), 129–132. doi:10.1016/S0278-2626(03)

De Pelsmacker, P., & Van Kenhove, P. (2006). Marktonderzoek: methoden en toepassingen (2de ed.). Amsterdam: Pearson Education Benelux.

De Pelsmacker, P., Geuens, M., & Van den Bergh, J. (2008). Marketingcommunicatie: derde editie. Amsterdam: Pearson Education Benelux.

De Smet, K. (2010). Het advergame (Ongepubliceerde thesis). Universiteit Gent, Gent.

Deal, D. (2005, mei). The ability of branded online games to build brand equity: an exploratory study. Paper gepresenteerd op DiGRA 2005 conference: hanging views – Worlds in play, Vancouver. Abstract verkregen via http://summit.sfu.ca/item/194

deCharms, R. (1968). Personal causation. New York: Academic Press.

Deci, E. L. (1975). Intrinsic motivation. New York: Plenum.

Deckmyn, D. (2014, 29 april). Hoe maak je een succesvol game voor de smartphone? De Standaard.

Deloitte (2014). Digital Democracy Survey. Verkregen via http://www.deloitte.com/view/en_US/us/Industries/media-entertainment/di…

Desmet, P. M. A., & Hekkert, P. (2002). The basis of product emotions. In W. Green & P. Jordan (Eds.), Pleasure with products: beyond usability (pp. 60-68). London: Taylor & Francis.

Dominick, J. (1984). Videogames, television violence, and aggression in teenagers. Journal of Communication, 34(2), 136-147. doi 10.1111/j.1460-2466.1984.tb02165.x

Eppink, R. (2011). Het meten van effectiviteit: in-game reclame versus out-game reclame (Ongepubliceerde thesis). Universiteit Twente, Enschede.

Evans, N. J. (2013). Activating parents’ persuasion knowledge in children’s advergames: testing the effects of advertising disclosures and cognitive load (Ongepubliceerde thesis). Universiteit van Tenessee, Tenessee.

Faber, R. J., Lee, M., & Nan, X. (2004). Advertising and the consumer information environment online. The American Behavioral Scientist, 48(4), 447-466. doi:10.1177/0002764204270281

Fattah, H., & Paul, P. (2002). Gaming gets serious. American Demographics, 24(5), 38-44.                         

Ferguson, C. J., Cruz, A. M., & Rueda, S. M. (2007). Gender, video game playing habits and visual memory tasks. Springer Science Sex Roles, 58(3-4), 279-286. doi:10.1007/s11199-007-9332-z

Field, A. P. (2009). Discovering statistics using SPSS: and sex and drugs and rock 'n' roll (3nd ed). London: Sage publications. 

Field, A., & Hole, G. (2003). How to design and report experiments. London: Sage. 

Gangadharbatla, H. (2008). Gender, arousal and presence as predictors of recall of brands placed in videogames. In S. Rodgers (Ed.), Proceedings of 2008 Conference of the American Academy of Advertising (pp. 72-82). Missouri, Columbia: AAA.

Gilmore, J. H. & Pine, B. J. II. (1998). Welcome to the experience economy. Harvard Business Review, 76(4), 97-105.

Glass, Z. (2010). The effectiveness of product placement in videogames. Journal of Interactive Advertising, 8(1), 23-32.

Google (2014, november). The importance of being seen. View ability insights for digital marketers and publishers. Verkregen via http://think.storage.googleapis.com/docs/the-importance-of-being-seen_s…

Grabe, M., & Westley, B. H. (2003). The controlled experiment. In G. H. Stempel, D. H. Weaver & G. C. Wilhoit (Eds.), Mass communication research and theory (pp. 267-298). Boston: Allyn and Bacon.

Grigorovici, D. M., & Constantin, C. D. (2010). Experiencing interactive advertising beyond rich media: impacts of ad type and presence on brand effectiveness in 3D gaming immersive virtual environments. Journal of Interactive Advertising Effective, 5(1), 22-36.

Gross, M. L. (2010). Advergames and the effects of game-product congruity. Computers in Human Behavior, 26(6), 1259-1265. doi:10.1080/10641734.2000.10505107

Grossman, S. (2005). Grand theft oreo: the constitutionality of advergame regulation. The Yale Law Journal, 115(1), 227-236.

Gunawardena, T., & Waiguny, M. K. J. (2014). So many things to do! How multitasking affects memory and attitude for product and brand placements. Australasian Marketing Journal, 22(4), 69-98. doi:10.1016/j.ausmj.2014.09.001

Hart, S. G., & Staveland, L. E. (1988). Development of NASA-TLX (Task Load Index): results of empirical and theoretical research. Advances in Psychology, 52, 139-183. doi: 10.1016/S0166-4115(08)62386-9

Harter, S. (1978). Effectance motivation reconsidered towards a developmental model. Human Development, 21(1), 34-64. doi:10.1159/000271574

Herman, D. (2004). Brand placement makes an appearance in video games. Verkregen via http://www.brandchannel.com

Hernandez, M., Suh, J., Minor, S. M., Chapa, S., & Salas, J. (2005). Brand recall in the advergaming environment: a cross-country comparison. In M. R. Stafford & R. J. Faber (Eds.), Advertising, Promotion and the New Media (pp. 298-319). Armonk, NY: M.E. Sharpe.

Hufen, B. (2010). Laat met je merk spelen: games als marketingmiddel. Deventer: Kluwer.

Huizinga, J. (1955). Homo Ludens: a study of the play element in culture. Boston, MA: Beacon Press.

Hunt, J. M. V. (1965). Intrinsic motivation and its role in psychological development. In D. Levine (Ed.), Nebraska symposium on motivation (pp. 189–282). Lincoln, NE: University of Nebraska Press.

IAB Europe (2014, 20 mei). IAB   Europe  Adex      Benchmark         2013. AdEx Benchmark 2012.

Iminds (2012). Digimeter 2012 augustus-september: media-technologie-& ICT-gebruik in Vlaanderen. Verkregen via http://www.digimeter.be/files/digimeter_

Iminds (2014). iMinds Digimeter 2014 augustus-september. Verkregen via http://www.iminds.be/nl/inzicht-in-digitale-technologie/digimeter

Jung, J. M., Min, K. S., & Kellaris, J. J. (2011). The games people play: how the entertainment value of online ads helps or harms persuasion. Psychology & Marketing, 28(7), 661-681. doi: 10.1002/mar

Kaplan, R. M., Saccuzzo, D. P. (2001). Psychological testing: principles, applications and issues (5th ed.). Belmont, CA: Wadsworth /Thomson Learning.

Keijzer, M. (2009). Game portal banner ads: is anybody watching them? Examining the effectiveness of banner ads at game portals and exploring the role of attention on the memory of these banner ads (Ongepubliceerde thesis). Universiteit van Twente, Enschede.

Kents, C. (2012, mei). Can advergaming save your business? Verkregen via http://ezinearticles.com/?Can-Advergaming-Save-Your-Business?&id=7079378

Kinard, B. R., & Hartman, K. B. (2013). Are you entertained? The impact of brand integration and brand experience in television-related advergames. Journal of Advertising, 42(2-3), 196-203. doi: 10.1080/00913367.2013.775794

Klasen, M., Weber, R., Kircher, T. T. J., Mathiak, K. A., & Mathiak, K. (2012). Neural contributions to flow experience during video game playing. Social Cognitive and Affective Neuroscience7(4), 485-495. doi:10.1093/scan/nsr021

Krantz, J. H., & Reeshad, D. (2000). Validity of web-based psychological research. In M. H. Birnbaum (Ed.), Psychology Experiments on the Internet (pp. 55-87). San Diego: Academic Press. doi:10.1016/B978-012099980-4/50004-6

Kretchmer, S. B. (2004). Advertainment: the evolution of product placement as a mass media marketing strategy. Journal of Promotion Management, 10(1-2), 37-54.

Kretchmer, S. B. (2005, juni). Changing views of commercialization in digital games: in-game advertising and advergames as worlds in play. Paper gepresenteerd op de DIGTAR conference, Vancouver.

Kuittinen, J., Kultima, A., Niemela, J., & Paavilainen, J. (2007, november). Casual games discussion. Paper gepresenteerd op de FuturePlay 2007, Toronto.

Laczniak, R. N., & Muehling, D. D. (1993). The relationship between experimental manipulations and tests of theory in an advertising message involvement context. Journal of Advertising, 22(3), 59-74.

Lang, A. (2000). The limited capacity model of motivated mediated message processing. International communication association, 50(1), 46-70. doi: 10.1093/joc/50.1.46

Lang, A. (2006a). Motivated cognition (LC4MP): the influence of appetitive and aversive activation on the processing of video games. In P. Messaris & L. Humphries (Eds.), Digital media: transformation in human communication (pp. 237–256). New York: Peter Lang Publishers.

Lang, A. (2006b). Using the limited capacity model of motivated mediated message processing to design effective cancer communication messages. Journal of Communication, 56(1), 557-580. doi: 10.1111/j.1460-2466.2006.00283.x

Leary, M. R. (2011). Introduction to behavioral research methods (6th ed.). Boston, MA: Allyn and Bacon.

Lee, J., Park, H., & Wise, K. (2013). Brand interactivity and its effects on the outcomes of advergame play. New Media & Society 0(0), 1-19. doi:10.1177/1461444813504267

Lee, M., & Faber, R. J. (2007). Effects of product placement in online games on brand memory: a perspective of the limited-capacity model of attention. Journal of Advertising, 36(4), 75-90. doi:10.2753/JOA0091-3367360406

Lowrey, T. M., Shrum, L. J., & McCarty, J. A. (2005). The future of television advertising. In A. J. Kimmel (Ed.), Marketing communication: emerging trends and developments (pp. 113-132). New York: Oxford University Press.

Malone, T. W., & Lepper, M. R. (1987). Intrinsic motivation and instructional effectiveness in computer-based education. In R. E. Snow & M. J. Farr (Eds.), Cognitive and affective process analyse (pp. 255-286). Hillsdale NJ: Erlbaum.

Mau, G., Silberer, G., & Constien, C. (2008). Communicating brands playfully: effects of in-game advertising for familiar and unfamiliar brands. International Journal of Advertising, 27(5), 827-851. doi:10.2501/ S0265048708080293

Mayers, A. (2013). Introduction to statistics and SPSS in psychology. Harlow: Pearson Education.

Meeus, R. (2001, 24 september). Na de banner, het advergame. De Morgen. Verkregen via http://www.demorgen.be/plus/na-de-banner-het-advergame-a-1412197175839/

Mitchell, A. A., & Olson, J. C. (1981). Are product attribute beliefs the only mediator of advertising effects on brand attitude? Journal of marketing research, 18(3), 318-332. doi:10.2307/3150973

Nakatsu, R., Rauterberg, M., & Vorderer, P. (2005). A new framework for entertainment computing: from passive to active experience. In F. Kishino, Y. Kitamura, H. Kato & N. Nagata (Eds.), Entertainment computing-ICEC 2005, lecture notes in computer science (pp. 1-12). Berlin: Springer. doi: 10.1007/11558651_1

Nelson, M. R. (2002). Recall of brand placements in computer/videogames. Journal of advertising research, 42(2), 80-92.

Nelson, M. R. (2005). Exploring consumer response to “advergaming”. In C. P. Haugtvedt, K. A. Machleit & R. F. Yalch (Eds.), Online consumer psychology: understanding and influencing consumer behaviour in the virtual world (pp. 167-194). Mahwah, N.J.: Lawrence Erlbaum Associates.

Nelson, M. R., & Waiguny, M. K. J. (2012). Psychological processing of in-game advertising and advergaming: branded entertainment or entertaining persuasion. In L. J. Shrum (Ed.), Psychology of entertainment media: blurring the lines between entertainment and persuasion (pp. 93-144). New York: Taylor and Francis Group.

Nicovich, S. G. (2010). The effect of involvement on ad judgment in a video game environment. Journal of Interactive Advertising, 6(1), 29-39.

Ohman, A. (1997). As fast as the blink of an eye: evolutionary preparedness for preattentive processing of threat. In P. J. Lang, R. F. Simons & M. Balaban (Eds.), Attention and orienting: sensory and motivational processes (pp. 165-184). Hillsdale, NJ: Erlbaum.

Peters, S. (2008). Get in the game: the effects of game-product congruity and product placement proximity on game players’ processing of brands embedded in advergames (Ongepubliceerde thesis). Universiteit van Missouri, Missouri.

Postman, N. (1986). Amusing ourselves to death: public discourse in the age of show business. New York: Penguin.

Prensky, M. (2001). Fun, play and games: what makes games engaging. New York: McGrawHill.

Raney, A. A., Arpan, L. M., Pashupati, K., & Brill, D. A. (2003). At the movies, on the web: an investigation of the effects of entertaining and interactive web content on site and brand evaluations. Journal of Interactive Marketing, 17(4), 38-53.

Redondo, I. (2009, mei). Measuring the influence of advergames on adolescents: the role of placement conspicuousness and play time on brand. Paper gepresenteerd op EMAC 2009, Nantes.

Ringout, C. (2005). Tell a friend. Literatuurstudie en exploratief onderzoek naar de motivaties en attitude van VUB-studenten ten aanzien van virale marketing (Ongepubliceerde thesis). Vrije Universiteit Brussel, Brussel.

Ross, T. L. (2013, 4 april). 7 Essential resources for understanding motivation in games. Verkregen via http://www.motivateplay.com/2013/04/647

Ryan, R. M. (1982). Control and information in the intrapersonal sphere: an extension of cognitive evaluation theory. Journal of Personality and Social Psychology, 43(3), 450-461. doi:10.1037/0022-3514.43.3.450

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2000). Intrinsic and extrinsic motivations: classic definitions and new directions. Contemporary Educational Psychology25(1), 54-67. doi:10.1006/ceps.1999.1020

Ryan, R. M., Rigby, C. S., & Przybylski, A. (2006). The motivational pull of video-games: a self determination theory approach. Motivation and Emotion, 30(4), 347-363. doi: 10.1007/s11031-006-9051-8

Schneider, W., Dumais, S. T., & Shiffrin, R. M. (1984). Automatic and control processing and attention. In R. Parasuraman & D. R. Davies (Eds.), Varieties of attention (pp. 1-25). Orlando, FL: Academic Press.

Shamdasani, P. N., Stanaland, A. J., & Tan, J. (2001). Location, location, location: insights for advertising placement on the web. Journal of advertising research, 41(4), 7-21.

Shapiro, S., & Krishnan, H. S. (2001). Memory-based measures for assessing advertising effects: a comparison of explicit and implicit memory effects. Journal of Advertising, 30(3), 1-13.

Sherry, J. L. (2004). Flow and media enjoyment. Communication Theory, 14(4), 328-347. doi:10.1093/ct/14.4.328

Sicilia, M., Ruiz, S., & Munuera, J. L. (2005). Effects of interactivity in a website. Journal of Advertising, 34(3), 31-45.

Steortz, E. M. (1987). The cost efficiency and communication effects associated with brand name exposure within motion pictures (Ongepubliceerde thesis). West Virginia University, West Virginia.

Tamborini, R., Bowman, N. D., Eden, A., Grizzard, M., & Organ, A. (2010). Defining media enjoyment as the satisfaction of intrinsic needs. Journal of Communication, 60(4), 758–777. doi:10.1111/j.1460-2466.2010.01513.x

Vaidya, C. J., Keane, M. M., Gutierrez-Rivas, H., Gabrieli, J. D. E., Monti, L. A., & Zarella, M. M. (1997). Evidence for multiple mechanisms of conceptual priming on implicit memory tests. Journal of Experimental Psychology: Learning, Memory, and Cognition, 23(6), 1324-1343.

Van Der Sloot, B. (2011). Het plaatsen van cookies ten behoeve van behavioural targeting vanuit privacyperspectief. Privacy & Informatie, 14(2), 62-70.

Vorderer, P., Klimmt, C., & Ritterfeld, U. (2004). Enjoyment: at the heart of media. Communication Theory, 14(4), 388-408.

Waiguny, M. K. J., Nelson, M. R., & Terlutter, R. (2012). Entertainment matters! The relationship between challenge and persuasiveness of an advergame for children. Journal of Marketing Communications, 18(1), 69-89. doi:10.1080/13527266.2011.620766

Weir, W. (2006, 13 juni). And now for a game from our sponsor. Verkregen via http://articles.courant.com/2006-06-13/features/0606130022_1_video-game…

White, R. W. (1959). Motivation reconsidered: the concept of competence. Psychological Review, 66(5), 297-333. doi:10.1037/h0040934

Winkler, T., & Buckner, K. (2006). Receptiveness of gamers to embedded brand messages in advergames: attitudes towards product placement. Journal of Interactive Advertising, 7(1), 37-46.

Wise, K., Bolls, P., Kim, H., Venkataraman, A., & Meyer, R. (2008). Enjoyment of advergames and brand attitudes: the impact of thematic relevance. Journal of Interactive Advertising, 9(1), 27-36.

Yoon, S., Choi, Y. K., & Song, S. (2011). When intrusive can be likeable: product placement effects on multitasking consumers. Journal of Advertising, 40(2), 63-75. doi:10.2753/JOA0091-3367400205

Youn, S., & Lee, M. (2005). Advergame playing motivations and effectiveness: a “uses and gratifications” perspective. In M. Stafford & R. Faber (Eds.), Advertising, promotion, and new media (pp. 320-348). Armonk, NY: ME Sharpe.

Universiteit of Hogeschool
Communicatiewetenschappen, afstudeerrichting Nieuwe Media en Maatschappij
Publicatiejaar
2015
Kernwoorden
https://twitter.com/tinevyvey
Share this on: