Professionele hulp van een gezinswetenschapster aan een lesbisch koppel met relatiedruk bij gezinsuitbreiding en opvoeding van hun zoon.

Diane Borghmans
Als studente gezinswetenschappen heb ik geprobeerd om een antwoord te vinden op mijn veranderingsdoel.  Mijn veranderingsdoel luidde als volgt:Hoe kan ik als gezinswetenschapster het gezin helpen met wat het voor hen als koppel betekent om een tweede kind te hebben of niet.  Daarnaast oog hebben voor signalen van hun eerste zoon wanneer deze met vragen zit in verband met de gezinsvorm waarin hij opgroeit.  Hoe je als een volwassenen hier een antwoord op kan geven.Brengt het eenzijdige verlangen naar een tweede kind het verantwoord ouderschap van Liesbet en Marie niet in gevaar?Deze probleemste

Professionele hulp van een gezinswetenschapster aan een lesbisch koppel met relatiedruk bij gezinsuitbreiding en opvoeding van hun zoon.

Als studente gezinswetenschappen heb ik geprobeerd om een antwoord te vinden op mijn veranderingsdoel.  Mijn veranderingsdoel luidde als volgt:

Hoe kan ik als gezinswetenschapster het gezin helpen met wat het voor hen als koppel betekent om een tweede kind te hebben of niet.  Daarnaast oog hebben voor signalen van hun eerste zoon wanneer deze met vragen zit in verband met de gezinsvorm waarin hij opgroeit.  Hoe je als een volwassenen hier een antwoord op kan geven.

Brengt het eenzijdige verlangen naar een tweede kind het verantwoord ouderschap van Liesbet en Marie niet in gevaar?

Deze probleemstellingen werden vanuit drie invalshoeken beantwoord. 

Vanuit de ethische invalshoek, heb ik de nadruk gelegd op ‘verantwoord’ en ‘ouderschap’.  Hoe wordt ouderschap in de literatuur omschreven?  Zijn er verschillende vormen van ouderschap? 

Dit kan gaan van argumenten over ouderschap tot verschillende soorten van ouderschap waaronder ‘positief’ ouderschap en ‘goed’ ouderschap.  Tenslotte krijgen we ook nog ‘edelmoedig’ ouderschap.  Dit houdt in dat de ouders hun kinderwens laten doorgroeien naar de keuze voor een kind als een werkelijk andere persoon  met een eigen leven, persoonlijkheid en toekomst. 

Ook het begrip ‘verantwoord’ werd tot op het bot onderzocht 

Een kind mag er niet komen uit angst dat de relatie zou afspringen.  Partners moeten over het krijgen van kinderen communiceren met elkaar.  De relationele en familiale draagkracht blijft de belangrijkste factor voor ‘verantwoord’ ouderschap.  Om deze relationele draagkracht toe te lichten, maakte ik gebruik van de vier dimensies van de relationele ethiek en de balans van geven en nemen. 

Vanuit de pedagogische invalshoek, heb ik vooral de nadruk gelegd op het opvoedingsmodel van Belsky en het actief opvoeden in de praktijk.  Wat betekent dit nu juist?  Dit model geeft verschillende antwoorden betreffende het ouderlijke functioneren.  Hier kan je spreken over de opvoedingsgeschiedenis van de ouders, bronnen van stress en steun en tenslotte de kindkenmerken.  Hoe kan je ACTief opvoeden als ouder?  ACT staat voor acceptatie en commitment therapie.  Deze manier geeft ouders inzicht in zichzelf en maakt duidelijk wat ouders belangrijk vinden in hun leven.  ACTief opvoeden is bewust opvoeden met het idee wat jij je kind wil leren.  ACTief opvoeden kan je opdelen in vijf stappen :

je koers bepalen, het kiezen van je rol, ontdekken wat je in de weg zit als ouder, wat je wil stimuleren bij de ontwikkeling van je kind en tenslotte kijken welk doel en activiteiten bij jou passen. 

Wat kunnen de ouders doen wanneer je zoon/dochter ontdekt dat deze wordt opgevoed door personen van hetzelfde geslacht?  Wanneer je als ouder een kind wil opvoeden, moet je groeien in ouderschap. 

Het moet duidelijk zijn dat je kan aanvoelen wat de noden, verwachtingen en belangen zijn van je kinderen. 

Vanuit het gezinssociologisch perspectief, wilde ik vooral de evolutie van het gezin onderzoeken  Onze hedendaagse maatschappij heeft al veel veranderingen ondergaan.  Zijn we de dag van vandaag klaar om met verschillende gezinsvormen om te gaan?  Hoe is die evolutie er gekomen? 

Uit deze literatuur is gebleken dat het gezin geëvolueerd is in drie gezinstijdperken.  We spreken hier over het pre-industriële gezin, het moderne gezin en het postmoderne gezin.  Ik ben dieper ingegaan op het moderne gezin waarin we zien dat gezinnen meer overeenkomsten hebben dan verschillen.  Het gezin kan op drie niveau’s een verbinding aangaan.  Een praktische verbinding, een financiële/juridische verbinding en een emotionele verbinding.  Je hebt een goed functionerend gezind wanneer je op deze drie niveau’s een binding hebt met je partner.  Hier wordt er geen onderscheid gemaakt tussen de verschillende gezinsvormen.

Het gezin kan gezien worden als een emotionele bakermat.  Elk gezin heeft een schat aan mythen en verhalen. 

Elk gezin zal zaken doorgeven aan hun kinderen zonder dat er een tussenkomst is van buitenaf en dit in tegenstelling tot sociaal kapitaal dat tot stand komt in relatie met de buitenwereld.  Het doorgeven ervan gebeurt door opvoeden.  Het opvoeden wordt gezien als een proces van vallen en opstaan, keuzes maken zonder te weten of je de juiste hebt gemaakt en gebeurt vanuit onze eigen referentiekaders die we moeten durven loslaten en waarbij we ook moeten luisteren naar de andere. 

Al deze informatie heeft  mij duidelijk gemaakt dat het vaak niet uitmaakt in welke gezinsvorm je opgroeit.  Kinderen opvoeden moet kunnen gebeuren in elke gezinsvorm.  Het is belangrijk om te weten wat je zelf wil als ouder en wat jij je kind wil meegeven. 

De relationele draagkracht tussen de ouders is belangrijk om te kunnen terugvallen op elkaar bij moeilijkheden.  Wanneer de relatie tussen de ouders optimaal is, kan het kind rekenen op een evenwichtige opvoeding.

De maatschappij is misschien klaar voor veranderde gezinsvormen maar de vooroordelen van mensen kan je niet zo gemakkelijk wijzigen.

Hier is een taak weggelegd voor de gezinswetenschapster. Zij kan veranderingsgerichte strategieën voorstellen zoals de sociale kaart, belangrijk als hulp voor de ouders en voor het kind een nauwe samenwerking met de school.

Bibliografie

Bogaerts, S. (2007). Gezinnen uitgedaagd: thema’s uit de gezinssociologie. (p 31-45) Garant.

Cornu, I., (2013).  Seksuele ethiek in dynamisch en kwalitatief perspectief. (p 295-301)  Garant. 

Kauwenberghs, S., Baeten, K., & Meurs, P. (2013). Seksueel verlangen en knooppunten. Begeleiden van seksuele processen in de context van partnerrelatie (Cahiers Seksuele Psychologie & Seksuologie, nr. 6). Maklu.

Knaven, S. (2007). Welk gezin past bij jou?: Blauwdruk voor nieuwe gezinsvormen. (p 19-40) Haarlem: J.H.Gottmer.

Matheij, A. (2005).  Ken je kind: Hoe opvoeden weer leuk wordt. (p.21-23) Kosmos-Z&K Uitgevers B.V

Matthijssen, D. (2012).  Opvoedwijzer ACTief opvoeden: Doen wat werkt voor jou en je kind. (p 14-18) Hogrefe.

Muijsert-vanBlitterswijk, C. (2006).  Positief ouderschap: Voor kinderen van deze tijd.(p 212-227)  Ankh-Hermes bv- Deventer. 

Ramaekers, S., & Suissa, J. (2013).  Goed ouderschap.  Een andere kijk op opvoeden. (p63) Garant.

Van Crombrugge, H. (2006).  Denken over opvoeding: Inleiding in de pedagogiek. ( p 161-167) Garant

Van Crombrugge, H. (2009).  Ouders in soorten. (p 34-48) Maklu

Van Dale, J.H; (1976).  Groot woordenboek der Nederlandse taal.

Van De Velde, D. (2013). Op schouders van ouders. Het opvoedingsgebeuren tussen wens en realiteit. (p 45-56) Maklu.

 

Warmerdam, H., & Gort, A. (1998). Meer dan gewenst. Handboek voor lesbische en homoseksuele ouders [More than wished for. Handbook for lesbian and gay parents].(p 15-19) Amsterdam: Schorer Boeken

Universiteit of Hogeschool
Gezinswetenschappen
Publicatiejaar
2015
Kernwoorden
Share this on: