"Vrijheid of Dood!" De herinnering aan de Geuzen in negentiende-eeuws België

Jolien Dekoninck
“Vrijheid of Dood!” De herinnering aan de Geuzen in negentiende-eeuws BelgiëNa de onafhankelijkheid van 1830 voelde de nieuwe natiestaat België de nood zichzelf ten opzichte van zowel inwoners als buitenwereld te legitimeren. Toneel vormde het ideale medium, terwijl de toegeëigende vaderlandse geschiedenis de stof leverde.In de ogen van Vlaamse letterkundigen was België een samenvoeging van twee taalkundige en culturele sferen. Door het Vlaamse element extra in de verf te zetten, onderscheidde het Belgenland zich van het “Hollandse” Nederland en Franse invloed.

"Vrijheid of Dood!" De herinnering aan de Geuzen in negentiende-eeuws België

Vrijheid of Dood!” De herinnering aan de Geuzen in negentiende-eeuws België

Na de onafhankelijkheid van 1830 voelde de nieuwe natiestaat België de nood zichzelf ten opzichte van zowel inwoners als buitenwereld te legitimeren. Toneel vormde het ideale medium, terwijl de toegeëigende vaderlandse geschiedenis de stof leverde.In de ogen van Vlaamse letterkundigen was België een samenvoeging van twee taalkundige en culturele sferen. Door het Vlaamse element extra in de verf te zetten, onderscheidde het Belgenland zich van het “Hollandse” Nederland en Franse invloed. Beide buurlanden werden gevreesd om hun expansionisme. Als remedie tegen deze externe dreiging trachtte men de interne cohesie tussen Vlamingen en Walen, Liberalen en Katholieken te smeden. Het openbare leven in België evolueerde echter in eentalig Franse richting. Al snel gingen Vlaamse letterkundigen hun taalverwantschap en het gedeelde verleden met Nederland aanhalen als buffer tegen de verfranste hogere burgerij en clerus. De lagere clerus stond dichter bij het “gewone volk” en haar dialecten. Vele auteurs waren dan ook praktiserend katholiek, maar onderschreven de scheiding tussen Kerk en Staat. Het ultramontaanse verzet tegen de uitbouw van een Belgische toneelwereld, stuitte hen tegen de borst.

“L’union fait la force”Auteurs die in reactie op de verfransing van het openbare leven stamverwantschap met Nederland aanhaalden, zochten verhaal in de Nederlandse Opstand (1568-1589). Hoofdrolspelers waren hierin steevast de geuzen. Het begrip “geuzen” ontstond in 1566, toen een eedverbond van Nederlandse edelen een eisenbundel met betrekking tot het Spaanse bewind aanbood aan Margaretha van Parma, de vertegenwoordigster van landsheer Filips II op Nederlands grondgebied. Haar Franse raadgever Berlaymont deed het Smeekschrift der Edelen van de hand met: “Ils ne sont que des gueux” (vert.: “Het zijn slechts bedelaars”). Onder leiding van Willem van Oranje vormden de geuzen een vloot en landelijke verzetsgroepen, die zich keerden tegen katholieke hooggeplaatsten en Spanjaarden. Over de sociaaleconomische en confessionele identiteit van de geuzen heerste tijdens de negentiende eeuw echter onduidelijkheid, wat aanleiding gaf tot verschillende identificaties en toe-eigening.

Tijdens het unionisme (1840-1860) werd het verzet van de geuzen tegen Filips II in een continuüm geplaatst. De hele vaderlandse geschiedenis was een opeenvolging van opstandigheid tegen “vreemde overheersers” en voorspoed onder “weldadige vorsten”. De climax lag in het heden, met staatkundige onafhankelijkheid. Geuzenleiders Egmont, Montigny en Oranje werden geportretteerd als voorlopers van Leopold I, terwijl Filips II en Berlaymont het verfranste bestuur voorafgingen. De geuzen als collectief vertegenwoordigden de natie: katholiek en vrijzinnig vonden elkaar in patriottisme en vrijheidszin. Deze unionistische gedachte sloot zowel aan bij de opvattingen van doctrinair-liberalen en liberaal-katholieken, als de verzoeningsgezinde geest van de toenmalige Vlaamse Beweging. Zij profileerde zich aanvankelijk als ideologisch neutrale, “derde” partij die streefde naar de officiële erkenning van beide landstalen en cultuursferen.

Ook tijdens de jaren 1860 primeerde het nationalistische verhaal van de vrijheidslievende geuzen als voorouders van de contemporaine Belgen. De setting waarin historische toneelstukken over de Nederlandse Opstand zich voltrokken, was “Vlaanderen”, “De Nederlanden” of één van de grotere steden (Antwerpen, Gent, Brussel). Met deze plaatsaanduidingen doelde men zowel op het historische grondgebied als op de actuele natiestaat. Op die manier werd continuïteit gecreëerd tussen heden en verleden en werden de lokale identiteiten van acteurs en toeschouwers verbonden in een groter geheel: men begon elkaar te (h)erkennen als landgenoot. Er slopen echter ook politieke boodschappen in de toneelstukken, die de eendracht deden wankelen. 

Een gedeeld verleden, een verdeeld hedenSteeds vaker werd de Nederlandse Opstand, parallel met de partijvorming en eerste breuklijnen, als godsdienstig eerder dan nationalistisch conflict geïnterpreteerd. De Liberale Partij was reeds in 1849 opgericht en begon intern verdeeld te geraken tussen progressieven en doctrinairen, terwijl de Katholieke Partij in 1869 zijn definitieve vorm kreeg.

Tot 1870 bleef dit politieke steekspel verweven in de mythe van de vreemde overheersing: in liberale toneelstukken werden clerici als landverraders geportretteerd. De geuzen daarentegen waren vredelievende patriotten, die slechts aan het Beeldenstormen sloegen onder de absolutistische druk van paus en vorst. Dit was een verhulde oproep tot verzet tegen een katholiek beleid.De toe-eigening van het geuzenverleden door de liberale strekkingen en de afkeer van de ultramontanen voor Opstand-herdenkingen leidde ertoe dat de titel “geus” vanaf 1870 synoniem werd voor “liberaal”. De historische waarde van de geuzen ging verloren; toneel en herdenkingen werden politieke machtsmanifestaties en oppositiewapens. Hoe positiever de liberalen “hun” geuzenerfenis voorstelden, hoe negatiever dit in katholieke werken het geval was. Hoewel vrijzinnig en antiklerikaal, werden de geuzen echter zelden antigodsdienstig op de planken gevoerd. Deels werd hiermee de sluier van het nationaal compromis opgehouden, maar bovenal wou de Liberale Partij zich via deze weg vrijpleiten van a-patriottisme en politieke spelletjes.

Geschiedenis en IdentiteitDe evolutie die de zestiende-eeuwse geuzen op het Vlaamse toneel meemaakten, weerspiegelde niet alleen het (negentiende-eeuwse beeld op het) verleden, maar evengoed de contemporaine maatschappij en haar politieke situatie. De onduidelijkheid over de precieze identiteit van de geuzen maakte hen tot kneedbare én herkenbare personages voor de onderdanen van de nieuwe natiestaat. Het nationalistische en ideologische verhaal dat het jonge België beheerste, bepaalde de vaderlandse geschiedenis. De gelaagde identiteit van de Belgen werd niet alleen gecreëerd door persoonlijke achtergronden, maar evenzeer door het geconstrueerde verleden van het geheel dat allen verbond. Het is goed om weten dat we nog altijd kinderen zijn van dezelfde geschiedenis.

Bibliografie

Bibliografie

Bronnen

Genootschappen, Taalminnaars en Wedstrijdverslagen

CONSCIENCE, (H.). Bespreking van "Spaansche furie. Historisch drama in 5 bedrijven" door Edward Van Bergen. Onderdeel van het Archief van Hendrik Conscience, Letterenhuis, Antwerpen, C 34 / H (75).

GERRITS, (L.). Aen het Vlaemsche Volk. Op last der rederykkamer De Olyftak. Drukkerij van P.E. Janssens, Antwerpen, 1850, 21p.

Brief van de rederykkamer de olyftak, aen de heeren burgemeesters, schepenen en gemeenteraden der provincie Antwerpen, 12 oktober 1850. Onderdeel van het Archief van Fé Derickx, Letterenhuis, Antwerpen, O 245 / B.

Brief van de St Ignatius afdeling van Eigen Taal Eigen Zeden aan het voorlopig Bestuur van De Dageraad en Antwoordbrief van De Dageraad. Onderdeel van het Archief van De Dageraed, Letterenhuis, Antwerpen, D 11955.

Brief van Emmanuel Van Driessche aan Max Rooses. Elsene, 19 maart 1872. Onderdeel van het Archief van Max Rooses, Letterenhuis Antwerpen, D 795/B.

Brief van Karel Versnaeyen aan Frans de Cort. Gent, 10 november 1856. Onderdeel van het Archief van Karel Versnaeyen, Letterenhuis, Antwerpen, V 513 / B.

‘Les Prix quinquennaux et triennaux en Belgique. Rapports officiels, 1851-1870’, in: Annuaire de l'Académie royale de Belgique. Koninklijke Academie voor Taal- en Letterkunde, Brussel, 1870, p. 149.

‘Verslag over den Tooneelkundigen Wedstryd, geopend te Gent, in 1841’, in: TER BRUGGEN, (E.). Herinnering aen den Gentschen Pryskamp. Rysheuvels, Antwerpen, 1842, pp. 193-225.

Herdenkingsfeesten, Pamfletten, Toneelteksten, Voordrachten en Zangstukken

CAMPERS, (E.). Meetingist en Geus. Hoste, Gent, 1886, 36p.

CUPERUS, (J.N.). Gedenkboek der luisterrijke feesten binnen Antwerpen gevierd in den Jare MDCCLXXV bevattende de beschrijving en de afbeelding van den historischen optocht ingericht door de rederijkkamer de olijftak met de ondersteuning der stadsregering. Buschmann, Antwerpen, 1875, 20p.

DE MEYER-ROELANDTS, (V.). De Geuzendans, drama in drie bedrijven. Marchand en Legros, Antwerpen, 1870, 45p.

DE VIGNE, (J.O.). De deelneming der katholieken aan de pacificatie van Gent. Hoste, Gent, 1876, 19p.

DICKENS, (C.). ed. Egmont, Trauerspiel in funf Aufzügen von Joh. Wolfg. von Goethe. Voigt & Gunther, Leipzig, 1865, 176p.

DOMUS, (J.). De ketter historisch drama in tien tafereelen. Boek- en Steendrukkerij H. Ernest, Antwerpen, 1875, 80p.

FREDERICQ, (P.). Officieel programma van den Historischen Stoet der Pacificatie van Gent. Annoot-Braeckman, Gent, 1876, 24p.

HIEL, (E.)., VAN DUYSE, (P.). en WAELPUT, (H.). De pacificatie van Gent : historische kantate voor koorzang en orkest. De Vriese, Gent, 1876, 15p.

JANSSENS, (J.H.). Histoire des Pays-Bas depuis les Tems Ancien jusqu’à la création du Royaume des Pays-Bas en 1815, volume I. Riga, Imprimeur Libraire, Brussel, 1840, 502p.

KLIJN, (H.H.). Montigni, treurspel. Johannes Van Der Hey, Amsterdam, 1822, 132p.

ROMAND, (H.). Le bourgeois de Gand ou Le secrétaire du Duc d’Albe. J-N. Barba, Libraire au Palais-Royal, Parijs, 1838, 140p.

TER BRUGGEN, (E.). Alva’s geheimschrijver of de burger van Gent. Rysheuvels, Antwerpen, 1842, 132p.

VAN BERGEN, (E.). ‘De Vlaamse Beweging, voordracht gehouden op zondag 29 december 1872’, in: Uitgave van Willemsfonds-Antwerpen Volksvoordrachten van 1872-1873. Drukkerij Mees, Antwerpen, s.d., pp. 69-89 en herneming pp. 100-104.

VAN BERGEN, (E.). De Spaansche Furie, of Antwerpen in 1576. Drukkerij Mees en co. Antwerpen, 1876, 76p.

VAN BERGEN, (E.). Filips van Marnix van Sint Aldegonde. Schoolboekenhandel van A-N. Lebègue en co., Brussel, 1880, 135p.

VAN DEN BRANDEN, (F.J.). De Val van Antwerpen, geschiedkundig drama in zeven tafereelen. Snelpersdrukkerij Eug. Vanderhaeghen, Uitgegeven door de Maatschappij van Nederlandsche Letterkunde en Geschiedenis De Tael is gansch het Volk, Gent, 1873, 144p.

VAN DRIESSCHE, (E.). ‘De Fransche en de Nederlandsche Beschaving, voordracht gehouden op 23 februari 1873’, in: Uitgave van Willemsfonds-Antwerpen Volksvoordrachten van 1872-1873. Drukkerij Mees, Antwerpen, s.d., pp. 237-255.

VAN DRIESSCHE, (E.). Willem van Oranje, Antwerpen in 1585. Boekdrukkerij ED. Donné, Antwerpen, 1867, 96p.

VAN GEERT, (F.). De boschgeuzen of de familie Van Cuyck te Maria-Hoorebeke, drama in drie bedryven en vier tafereelen. Drukkerij van C. Vyt, Gent, 1861, 147p.

VAN GEERT, (F.). De Dood van Egmont, vaderlandsch drama in drie bedryven en vier tafereelen. Drukkerij van I.S. Van Doosselaere, Gent, 1853, 78p.

VAN GEERT, (F.). Montigny : tooneelspel in drie bedryven. Verbruggen, Brussel, 1855, 58p.

VAN GOETHEM, (E.). De Pacificatie van Gent, historisch drama in vijf bedrijven en acht tafereelen. Drukkerij C. Annoot-Braeckman, Uitgegeven door het Willemsfonds, Gent, 1876, 102p.

VAN PEENE, (H.). Mathias de Beeldstormer. Drukkerij van I.S. Van Doosselaere, Gent, 1858, 110p.

VERSNAEYEN, (K.). Gijsbrecht Barlo, drama in vier bedrijven. Annoot-Braeckman, Gent, 1863, 96p.

300e verjaring der Pacificatie van Gent. Zes Geuzenliederen gezongen in den historischen stoet. Uitgegeven ten voordele van het Willemsfonds, de kring der Zonder naam, en l’Avenir. Drukkerij I.S. Van Doosselaere, Gent, 1876, 15p.

Daar zitten geuzen aan de kas! Zeggen de clericalen. Dieltjens, Antwerpen, 1887, 1p.

Historische beschrijving van den stoet. Door “een anonieme katholiek”, Gent, 1876. Onderdeel van Verzamelband Pacificatie van Gent 1576-1876, Universiteitsbibliotheek Gent, BIB.G.018981/-199.

Liberalen, geuzen en tandentrekkers. Roeselare, 1884, 48p.

Over de Geuzen : Inneming van Den Briel (1 april 1572), Driehonderdste Verjaring. Voordrachten gegeven door de Antwerpsche vrijheidsvrienden op 1 april 1872. Drukkerij Mees, Antwerpen, s.d., 22p.

Tijdschriften en Periodieken

BUSCHMANN, (J.E.). ‘Ons tooneel te Antwerpen 1840 tot 1853’, in: BUSCHMANN, (J.E.). ed. Dietsche Warande en Belfort. Antwerpen, 1913, pp. 249-263.

Bydragen der Gazette van Gend, 13 november 1858.

De Eendragt, veertiendaegsch tydschrift voor letteren, kunsten en wetenschappen, 6e jaargang, nr. 13, 16 November 1851. Drukkerij der gebroeders Michiels, Gent.

De Eendragt, veertiendaegsch tydschrift voor letteren, kunsten en wetenschappen, 7e jaargang, nr. 11, 31 oktober 1852. Drukkerij der gebroeders Michiels, Gent.

De Eendragt, veertiendaegsch tydschrift voor letteren, kunsten en wetenschappen, 19e jaargang, nr. 26, 25 juni 1865. Drukkerij der gebroeders Michiels, Gent.

De Eendragt, veertiendaegsch tydschrift voor letteren, kunsten en wetenschappen, 26e jaargang, 1871-1872.

De Geus, 1e jaargang, nr. 1, februari 1946.

De godsdienstige week van vlaanderen, 9e jaargang, nr. 20, 15 september 1876.

De Standaerd van Vlaenderen, 12 februari 1867.

De Vlaamsche Kunstbode. Maandelijksch Tijdschrift voor Kunsten, Letteren en Wetenschappen, 2e jaargang. Antwerpen, 1872.

De Vlaamsche Kunstbode. Maandelijksch Tijdschrift voor Kunsten, Letteren en Wetenschappen, 3e jaargang, 1873.

De Vlaamsche Kunstbode. Maandelijksch Tijdschrift voor Kunsten, Letteren en Wetenschappen, 6e jaargang. Uitgegeven in Gent, Antwerpen en Amsterdam, 1876.

De Vlaamsche School, Tijdschrift voor kunsten, letteren, wetenschappen, oudheidkunde en kunstnijverheid, 1876.

De Vlaamsche School, Tijdschrift voor kunsten, letteren, wetenschappen, oudheidkunde en kunstnijverheid, 1880.

Het Fondsenblad, 5e jaargang, nr. 185, zondag 9 augustus 1874.

Het Fondsenblad, 5e jaargang, nr. 186, 10 en 11 augustus 1874.

Het Fondsenblad, 7e jaargang, nr. 207, 6 september 1876.

Kunst- en Letterblad, 4e jaargang 1843, nr. 1.

Le Bien Public, 4 april 1876.

Le Bien Public, 5 september 1876.

Le Flandre Libérale, 4 september 1876.

Le Flandre Libérale, 5 september 1876.

Tooneelnieuwsblad De Morgendstar. Brussel, 4 mei 1862.

Vlaemsche Leeuw, 12e jaargang, nr. 39, 23 september 1876.

Lesnotities

BORGHART, (P.). ‘1914-1922: Groote Oorlog, Grote Catastrofe en Moeizame heropbouw in de Griekse geschiedenis en literatuur van de 20e eeuw’, in: In Helleense Velden. Lezing gegeven aan de Universiteit van Gent op 29 april 2015. Griekenlandcentrum, Gent, Academiejaar 2014-2015.

DE BOEL, (G.). ‘Grote Ideeën, Groote Oorlog, Grote Catastrofe’, in: In Helleense Velden. Lezing gegeven aan de Universiteit van Gent op 29 april 2015. Griekenlandcentrum, Gent, Academiejaar 2014-2015.

Literatuur

Artikels

BRUCH, (H.). ‘Hoe kwamen de geuzen aan hun naam?’, in: Spiegel Historiael, volume 12. s.l., december 1976, pp. 655-660.

CALSIUS, (M.). ‘Over Brusselse archieven en archiefdiensten in Brussel’, in: Bibliotheek- en archiefgids, volume 85, nr. 1. AMVB, Brussel, 2009, pp. 23-29.

DE KEYSER, (P.). ‘Van Parnassusberg tot Minardschouwburg : enige bladzijden uit de heldentijd van de herleving van het Vlaams toneel te Gent (1820-1850)’, in: Jaarboek van de Koninklijke soevereine hoofdkamer van rhetorica De fonteine te Gent, 2e reeks, nr. 3. Gent, 1961, 17p.

DE MEIJ, (J.C.A.). ‘De Watergeuzen. Gangmakers van de Opstand’, in: Spiegel Historiael, volume 29. s.l., november/december 1994, pp. 482-487.

DE WEVER, (B.). ‘Groot-Nederland als utopie en mythe’, in: Bijdragen tot de eigentijdse geschiedenis, nr. 3. s.l., 1997, pp. 163-180.

DUKE, (A.). ‘The Elusive Netherlands. The question of national identity in the Early Modern Low Countries on the Eve of the Revolt’, in: Bijdragen en Mededelingen betreffende de Geschiedenis der Nederlanden, volume 119, nr. 1. s.l., 2004, pp. 10-38.

EISENSTEIN, (E.L.). ‘Clio and Chronos. An essay on the making and breaking of history book time’, in: History and Theory, volume 6. s.l., 1966, pp. 36-64.

HALBERTSMA, (M.). ‘De Brielsche Feesten van 1872. Grooter Feest Is er Nooit Geweest’, in: De Negentiende Eeuw. Documentatieblad Werkgroep 19e eeuw, 26e jaargang. Den Haag, 2002, pp. 61-80.

HROCH, (M.). ‘National minority movements and their aims’, in: HROCH, (M.). Comparative studies in modern European history : nation, nationalism, social change. Ashgate Variorum, Aldershot, 2007, pp. 189-207.

RÜSEN, (J.). ‘How to overcome ethnocentrism: Approaches to a culture of recognition, by history in the twenty-first century’, in: History and Theory, volume 43. s.l., december 2004, pp. 118-129.

VAN GINDERACHTER, (M.). ‘Het vaderland vanuit kikkerperspectief. Recent Belgisch en Nederlands onderzoek naar natievorming in de lange negentiende eeuw’, in: Tijdschrift voor Geschiedenis, volume 122, nr. 4. Amsterdam University Press, Amsterdam, november 2009, pp. 522-537.

VAN SAS, (N.). ‘From Waterloo Field to Bruges-La-Morte. Historical Imagination in the Nineteenth-Century’, in: DUNTHORNE, (H.). en WINTLE, (M.J.). eds. The historical imagination in nineteenth-century Britain and the Low Countries. Brill, Leiden, 2013, pp. 19-44.

VAN SAS, (N.). ‘Het politieke bestel onder koning Willem I’, in: VAN SAS, (N.). De metamorfose van Nederland. Van oude orde naar moderniteit, 1750-1900. Amsterdam University Press, Amsterdam 2004, pp. 413-435.

VAN SCHOOR, (J.). ‘Een theaterbonbon voor “le tout Gand”. De duizend gezichten van de Minardschouwburg’, in: DAANE, (M.). ed. Het oog in ’t zeil. Gent de dubbelzinnige. Uitgeverij Bas Lubberhuizen, s.l., 2000, pp. 35-51.

VERMEULEN, (U.). ‘Katholieken en Liberalen tegenover de Gentse Pacificatiefeesten (1876)’, in: Handelingen der Maatschappij voor Geschiedenis en Oudheidkunde te Gent, Nieuwe reeks, Deel XX. Gent, 1966, pp. 167-185.

VERSCHAFFEL, (H.). ‘Marnix van Sint-Aldegonde. Een symbool in de clerico-liberale twist (1830-1885)’, in: Spiegel Historiael, volume 20. s.l., 1985, pp. 190-195.

VERSCHAFFEL, (T.). ‘Leren sterven voor het vaderland’, in: Low Countries Historical Review, volume 113. s.l., 1998, pp. 145-176.

WILSON, (C.). ‘Den Briel 1572’, in: Spiegel Historiael, 7e jaargang, nr. 4. s.l., april 1972, pp. 204-211.

WITTE, (E.). ‘Het debuut van het liberale flamingantisme in de hoofdstad (1869-1870)’, in: Handelingen der Koninklijke Zuidnederlandse Maatschappij voor Taal- en Letterkunde en Geschiedenis, volume 27. s.l., 1973, pp. 311-353.

Monografieën

ANDERSON, (B.). Imagined communities : reflections on the origin and spread of nationalism. Verso, Londen, 2006, XV + 240p.

ANKERSMIT, (F.)., TOLLEBEEK, (J.). en KRUL (W.). eds. Romantiek en Historische cultuur. Historische uitgeverij, Groningen, 1996, 358p.

BARON, (F.). Jacob van Artevelde door de ogen van Frans Van Geert : Een analyse van een 19de-eeuws toneelstuk. Onuitgegeven masterproef, Universiteit Gent, 2014, IV + 89p.

BEMONG, (N.)., KEMPERINK, (M.)., MATHIJSEN, (M.)., e.a. eds. Naties in een spanningsveld : tegenstrijdige bewegingen in de identiteitsvorming in negentiende-eeuws Vlaanderen en Nederland. Verloren, Hilversum, 2010, 223p.

CARLIER, (M.)., TROCH, (L.). en VANACKER, (H.). Bibliografie van de Vlaamse Tijdschriften in de Negentiende Eeuw. De Eendragt, Deel I Inleiding en jaargangen I(1846-1847)-XXI(1867-1868). Cultureel Documentatiecentrum ‘T Pand, Rijksuniversiteit Gent, 1988, s.p.

CLAESSENS, (H.). Leven en liefdes van Leopold I. Lannoo, Tielt, 2002, 433p.

COLTON, (J.)., KRAMER, (L.). en PALMER, (R.R.). A History of the Modern World since 1815. McGraw-Hill International Edition, New York, 2007, xxiv + 779p.

COUTTENIER, (P.). en VAN DEN BERG, (W.). Alles is taal geworden. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1800-1900. Bert Bakker, Amsterdam, 2009, 833p.

DEKKER, (J.C.). Sporen en spiegels. Beschouwingen over geschiedenis en identiteit. Tilburg University Press, Tilburg, 1995, 139p.

DELUE, (J.). Encyclopedie van de Vlaamse Beweging, 2 delen. Lannoo, Tielt, 1973, 2117p.

DENECKERE, (G.)., DE PAEPE, (T.). en DE WEVER, (B.). Een geschiedenis van België. Academia Press, Gent, 2012, 240p.

DEPREZ, (A.). en DEPOORTERE, (W.). Bibliografie van de Vlaamse Tijdschriften in de Negentiende Eeuw. De Vlaamsche School 1855-1901. Eerste deel: Inleiding en Oude reeks I (1855) – XXXIII (1887). Cultureel Documentatiecentrum ‘T Pand, Rijksuniversiteit Gent, 1987, s.p.

DEPREZ, (A.). en VANACKER, (H.). Bibliografie van de Vlaamse Tijdschriften in de negentiende eeuw. De Roskam 1847-1848, De Schrobber 1847-1848 en Het Vaderland 1848. Cultureel Documentatiecentrum ’T Pand, Rijksuniversiteit Gent, 1986, 192p.

DE VRIEZE, (Y.). Toneel te Gent (1830-1870) : het historisch drama: het verleden een spiegel van het heden? Onuitgegeven masterproef, Universiteit Gent, 1998, VIII + 92p.

DRAYE, (G.). Laboratoria van de natie: Literaire genootschappen in Vlaanderen 1830-1914. Vantilt, Nijmegen, 2009, 458p.

EECKMAN, (J.). Aspecten van het volkstoneel in de Gentse Minardschouwburg. Onuitgegeven masterproef, Universiteit Gent, 1979, 159p.

ERENSTEIN, (R.L.). ed. Een theatergeschiedenis der Nederlanden. Tien eeuwen drama en theater in Nederland en Vlaanderen. Amsterdam University Press, Amsterdam, 1996, xxiv + 915p.

FREDERIKS, (J.G.). en VAN DEN BRANDEN, (F.J.). Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. L.J. Veen, Amsterdam 1888, V + 918p.

GEURS, (L.). Biechtbox of liberaal lab? Schoolarchitectuur en ideologie: 130 jaar schoolstrijd in Vlaanderen 1878-2008. Onuitgegeven masterproef, Universiteit Gent, 2009, 94p.

GOOSSENS, (E.). Het toneelleven te Gent (1830-1871) : de relatie tussen de politieke en de toneelkundige ontwikkeling. Onuitgegeven masterproef, Universiteit Gent, 1984, 196p.

HAITSMA MULIER, (E.). en JANSSEN, (A.). Willem van Oranje in de historie, 1584-1984. Vier eeuwen beeldvorming en geschiedschrijving. HES, Utrecht, 1984, 233p.

HASQUIN, (H.). en VERHULST, (A.). eds. Het liberalisme in België. Tweehonderd jaar geschiedenis. Brussel, 1989, 425p.

HOBSBAWM, (E.). en RANGER, (T.). The invention of tradition. Cambridge University Press, Cambridge, 1983, VI + 322p.

HOOZEE, (R.). ed. Mise-en-scène : Keizer Karel en de verbeelding van de negentiende eeuw. Mercatorfonds, Antwerpen, 1999, 319p.

HROCH, (M.). In the national interest : demands and goals of European national movements of the nineteenth century: a comparative perspective. Charles University, Praag, 2000, 217p.

JANSSENS, (J.). De Belgische natie viert: De Belgische nationale feesten 1830-1914. Universitaire pers, Leuven, 2001, XII + 269p.

JENSEN, (L.). De verheerlijking van het verleden : helden, literatuur en natievorming in de negentiende eeuw. Vantilt, Nijmegen, 2008, 270p.

KLOEK, (E.). ed. Verzameld verleden: Veertig gedenkwaardige momenten en figuren uit de vaderlandse geschiedenis. Uitgeverij Verloren, Hilversum, 2004, 176p.

LAMBERTS, (E.). Kerk en liberalisme in het bisdom Gent (1821-1857) : bijdrage tot de studie van het liberaal-katholicisme en het ultramontanisme. Universitaire pers, Leuven, 1972, 508p.

LEERSSEN, (J.). De bronnen van het vaderland. Taal, literatuur en de afbakening van Nederland 1806-1890. Vantilt, Nijmegen, 2006, 222p.

LEERSSEN, (J.). National thought in Europe : a cultural history. Amsterdam University Press, Amsterdam, 2006, 312p.

MATHIJSEN, (M.). Historiezucht : de obsessie met het verleden in de negentiende eeuw. Vantilt, Nijmegen, 2013, 511p.

MONTEYNE, (L.). De Koninklijke Nederlandsche schouwburg van Antwerpen. Dienst voor propaganda en toerisme, Antwerpen, 1941, 63p.

MORELLI, (A.). De grote mythes uit de geschiedenis van België, Vlaanderen en Wallonië. EPO vzw, Berchem, 1996, 328p.

PRIMS, (F.). De wording van het nationaal bewustzijn in onze gewesten. Antwerpen, 1939, 231p.

REYNEBEAU, (M.). Een geschiedenis van België. Lannoo, Tielt, 2003, 448p.

SINGER, (P.). Hegel. Oxford University Press, Oxford, 1983, 136p.

SOEN, (V.). Vredehandel: Adellijke en Habsburgse verzoeningspogingen tijdens de Nederlandse Opstand (1564-1581). Amsterdam University Press, Amsterdam, 2012, 345p.

STYNEN, (A.). Een geheugen in fragmenten : heilige plaatsen van de Vlaamse beweging. Lannoo, Tielt, 2005, 424p.

TE VELDE (H.). en TOLLEBEEK, (J.). eds. Het geheugen van de lage landen. Ons erfdeel, Rekkem, 2009, 271p.

TILMANS, (K.)., VAN VREE, (F.). en WINTER, (J.). Performing the Past: Memory, History, and Identity in Modern Europe. Amsterdam University Press, Amsterdam, 2010, 368p.

TOLLEBEEK, (J.). De ijkmeesters : opstellen over de geschiedschrijving in Nederland en België. Uitgeverij Prometheus, Amsterdam, 1994, 249p.

TRIBE, (K.). ed. Futures Past. On the semantics of historical time. Columbia University Press, New York, 2004, 344p.

VAN DEN BERGH, (H.). Teksten voor toeschouwers. Inleiding in de dramatheorie. Coutinho, Muiderberg, 1979, 173p.

VAN GURP, (G.). Reformatie in Brabant: Protestanten en katholieken in de Meierij van ’s-Hertogenbosch, 1523-1634. Uitgeverij Verloren, Hilversum, 2013, 288p.

VANHOUTRYVE, (A.). Van “Comedie” tot “Koninklijke Stadsschouwburg”. Brugse politiek en toneelcultuur tussen 1750 en 1994. Historische analyse en retrospectieve. Brunet, Brugge, 1995, 737p.

VAN SAS, (N.). ed. Vaderland. Een geschiedenis van de vijftiende eeuw tot 1940. Amsterdam University Press, Amsterdam, 1999, XVII +  477 p.

VAN SCHOOR, (J.). Een huis voor Vlaanderen. Honderd jaar Nederlands beroepstoneel te Gent. N.V. Drukkerij Erasmus, Gent, 1972, 311p.

WILS, (L.). De ontwikkeling van de gedachteninhoud der Vlaamse Beweging tot 1914. Standaard-Boekhandel, Antwerpen, 1955, 124p.

WILS, (L.). De politieke oriëntering van de Vlaamse Beweging. Standaard-Boekhandel, Antwerpen, 1959, 93p.

WILS, (L.). Vlaanderen, België, Groot-Nederland: mythe en geschiedenis. Davidsfonds, Leuven, 1994, 507p.

WINTHAGEN, (H.H.M.). Wie is gewelddadig: God, religie of de mens? s.l., 2011, 378p.

Jan Utenhove. Een eersteling van de Vlaamse Reformatie. Waaraan toegevoegd enkele Vlaamse martelaren. Stichting De Gihonbron, Middelburg, 2005, 38p.

Toneel en theaterleven te Brussel na 1830. AMVB, Brussel, 1993, 255p.

Websites

FREDERIKS, (J.G.). en VAN DEN BRANDEN, (F.J.). Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. L.J. Veen, Amsterdam 1888. Online geraadpleegd via <www.dbnl.org> op 15/02/2015.

GARRIC, (A.). ‘Eugène Verhaegen’, in: Essai de Généalogie. Online geraadpleegd via <http://gw.geneanet.org/garric?lang=fr&p=eugene&n=verhaegen> op 27/04/2015.

LEVIS, (E.). ‘Van Geert, Frans’, in: Auteurslexicon, Literair Gent. Online geraadpleegd via <http://literairgent.be/lexicon/auteurs/van-geert-frans/&gt; op 17/04/2015.

Antoon van Lalaing, 1530-1568. Graaf van Hoogstraten blijft de Opstand trouw tot het einde. Online geraadpleegd via <http://members.home.nl/tetrode/Hoogstraten/Lalaing.htm> op 24/04/2015.

‘Hendrik Herman Klijn’, in: Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren. Online geraadpleegd via <http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=klij002> op 18/04/2015.

‘Karel Versnaeyen’, in: Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren. Online geraadpleegd via <http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=vers023> op 13/02/2015.

‘Oudenaarde /Audenarde’, in: De Tachtigjarige Oorlog. Geografie. Universiteit van Leiden, Leiden. Online geraadpleegd via <http://www.dutchrevolt.leiden.edu/dutch/geografie/o/Pages/oudenaarde.aspx> op 02/11/2014.

Databanken en Catalogi

http://anet.ua.ac.be

http://data.bnf.fr

http://lib.ugent.be

http://limo.libis.be

http://ulb.summon.serialssolutions.com

http://www.unicat.be

 

Universiteit of Hogeschool
Geschiedenis
Publicatiejaar
2015
Kernwoorden
https://twitter.com/JolienDekoninck
Share this on: