Compartmentalisation and the principle of full compensation: Can’t see the wood for the trees in the 21st century

Pieter Gillaerts
Wie foutief iemand anders schade berokkent, moet deze in België volledig vergoeden. Er zijn evenwel talloze uitzonderingen op deze regel, waardoor je het bos door de bomen niet meer ziet. Deze scriptie brengt de belangrijkste uitzonderingen in kaart en stelt een meer omvattende uitzondering voor op de regel van de volledige vergoeding, zodat de rechter in een concreet geval steeds in staat zou zijn om de schadevergoeding te matigen als die duidelijk onredelijk zou zijn.

Van ‘alles of niets’ naar ‘less is more’

De allerkleinste stommiteiten kunnen zeer zware gevolgen hebben. Herinner je je het meisje dat via Facebook per ongeluk iedereen uitnodigde op haar verjaardagsfeest? De hele buurt werd overspoeld door relschoppers die 250.000 euro schade veroorzaakten. Er vielen die dag ook verschillende gewonden. Of denk bijvoorbeeld aan de voor velen dagelijkse ellende van een urenlange file door een ongeval, veroorzaakt door één onvoorzichtige bestuurder. Iedereen zorgt weleens voor schade, maar de schadevergoeding kan soms torenhoog oplopen. Benieuwd of het recht dan nog wel rechtvaardig is? Zijn Belgen beter af dan Nederlanders? Je leest het hier.

Potje breken, potje betalen

Juristen en advocaten mogen dan wel met moeilijke termen zoals ‘integrale schadeloosstelling’ schermen, de kern van de zaak zit vervat in het aloude gezegde: potje breken, potje betalen. Of nog beter: potje breken, volledig potje betalen. Wie in België foutief schade berokkent aan een ander, moet die schade volledig vergoeden. Logisch, toch? Maar dat gebroken potje kan in sommige gevallen behoorlijk duur uitvallen…

Wie er oog voor heeft, vindt dagelijks wel een voorbeeld in de krant. Mijn oog viel op dat van een ongelukkige vrachtwagenbestuurder. Op de snelweg twijfelde hij een tel te lang over het nemen van een afrit. Daardoor botste hij frontaal met de pijlers van een brug over de snelweg. De vrachtwagenbestuurder hield zich aan de snelheidsbeperking, maar de brugpijlers waren toch enorm beschadigd door het gewicht van de volgeladen vrachtwagen. De lokale autoriteiten besloten de brug te stutten en de snelweg tijdelijk af te sluiten. Hoewel de bestuurder hoogstens onvoorzichtig was geweest, was de schade niet te overzien. De brug moest hersteld worden of mogelijks zelfs volledig vervangen, maar bovendien hadden talloze werkgevers en werknemers schade geleden door het urenlange fileleed. Zo zie je maar dat een kleine fout onoverzienbare gevolgen kan hebben. Daarbij is de regel in België onverbiddelijk: je moet de schade volledig vergoeden zonder rekening te houden met andere elementen. Zo maakt het dus geen verschil of de bestuurder dronken was of slechts even verstrooid. Er wordt geen rekening gehouden met een eventuele verzekering van de bestuurder, noch met een mogelijk faillissement van zijn bedrijf in geval van een zeer grote schadevergoeding. Het is dus alles of niets. In Nederland liggen de zaken anders. Daar kan de rechter het bedrag van de vergoeding verlagen om duidelijk onredelijke situaties te vermijden. Dat opmerkelijke verschil heeft geleid tot deze scriptie over de Belgische regel die een volledige vergoeding voorschrijft.

Volledige vergoeding of uitzonderlijke beperking

In de eerste plaats roept de regel de praktische vraag op hoe je bijvoorbeeld doorstane angsten of aangedaan verdriet ‘volledig’ kan vergoeden. Voorts kan je je afvragen of er altijd een volledige vergoeding moet zijn. Het voorbeeld van de vrachtwagenbestuurder illustreert dat de regel soms meer onrecht teweegbrengt dan ze aanpakt. Bovendien zijn er heel wat situaties waarin iemand aansprakelijk wordt gesteld voor de fout van iemand anders. Denk maar aan de werkgever die moet instaan voor zijn werknemers. Het zal niet altijd even raadzaam zijn de aansprakelijkgestelde persoon voor de volledige schade te doen opdraaien. Mijn zoektocht wees bovendien uit dat het recht al heel wat uitzonderingen kent waar de regel van de volledige vergoeding niet meer speelt. Die uitzonderingen zijn momenteel onoverzichtelijk en ondoorzichtig. Zie je het bos door de bomen niet meer? Geen nood, want deze scriptie probeert voor jou het overzicht te bewaren en de orde te herstellen. Ze brengt namelijk de belangrijkste uitzonderingen in kaart om tot een meer omvattend kader te komen.

De wetgever heeft inderdaad en gelukkig ingezien dat aandringen op een volledige vergoeding niet altijd resulteert in een rechtvaardiger rechtssysteem. Daarom zijn er verscheidene regels die in specifieke gevallen ervoor zorgen dat de vergoeding redelijk en rechtvaardig blijft. De uitoefening van sommige beroepen zou bijvoorbeeld niet mogelijk zijn zonder een beperking van de mogelijke schadevergoeding. Denk maar aan de notaris, die dagelijks bezig is met grote bedragen. Kan die zich dan niet verzekeren? Natuurlijk zal er vaak een verzekering afgesloten zijn. Geen enkele verzekeraar zal echter iemand willen verzekeren voor een ongelimiteerde schadevergoeding. Een verzekering en een beperking van de potentiële schadevergoeding gaan hand in hand. Denk bijvoorbeeld aan de schadevergoedingen bij arbeidsongevallen. De werkgever is verplicht zich te verzekeren voor arbeidsongevallen, maar in ruil daarvoor zijn de vergoedingen slechts forfaitair.

Toch is dat ingrijpen van de wetgever niet genoeg. Er blijven nog veel situaties over waarin de rechter geen mogelijkheid heeft om een onredelijk hoge vergoeding te matigen. Rechters proberen creatieve oplossingen te bedenken. Dit maakt het recht echter onvoorspelbaarder en kan tot willekeur leiden. En als iedereen geacht wordt de wet te kennen, dan kan je toch verlangen dat het wettelijk systeem minstens overzichtelijk en enigszins voorspelbaar is.

Eén principe, één uitzondering

Het voorstel van deze scriptie blinkt uit in eenvoud: één principe, één uitzondering. De regel blijft dat wie iemand anders schade berokkent, die volledig moet vergoeden wanneer hij daarvoor aansprakelijk wordt gesteld. Maar daarop zou één vanzelfsprekende uitzondering moeten gelden: de rechter moet in een concrete zaak de vergoeding kunnen beperken wanneer het volstrekt onredelijk zou zijn om op een volledige vergoeding aan te dringen. De beperkingen die nu reeds in verschillende wetten zijn opgenomen, vormen daar allemaal een concrete toepassing van. Op die manier vermijden we onrechtvaardige situaties.

Recht op mensenmaat is recht met mate en dat geldt volgens deze scriptie ook voor schadevergoedingen. Waar het voor zich spreekt dat wie zijn billen brandt, ook op de blaren moet zitten, is een ongeluk snel gebeurd. De gevolgen zijn soms verre van in verhouding met de onvoorzichtigheid waarmee het allemaal begon. We kunnen dan ook leren van onze Noorderburen dat ‘alles of niets’ beter vervangen wordt door ‘less is more’.

Bibliografie

Belgium

Case law

·         Cass. 12 juli 1917, Pas. 1918, I, 65;

·         Cass. 17 januari 1929, Pas. 1929, I, 63;

·         Cass. 15 mei 1941, Pas. 1941, I, 192;

·         Cass. 10 oktober 1949, RW 1949-50, 745;

·         Cass. 5 juni 1953, Arr.Cass. 674 and RGAR 1954, 5.293;

·         Cass. 16 februari 1956, Pas. 1956, I, 622;

·         Cass. 16 november 1961, Pas. 1962, 332 and RW 1962-63, 1157;

·         Cass. 6 maart 1967, Arr.Cass. 1967, 840;

·         Cass. 10 september 1971, Arr.Cass. 1972, 31, concl. PG Ganshof van der Meersch, Pas. 1972, I, 28, note W.G., JT 1972, 118, RCJB 1976, 300, note P. Van Ommeslaghe, RGAR 1972, no. 8791, RW 1971-72, 321 and T.Aann. 1972, 245;

·         Cass. 3 november 1982, Arr.Cass. 1982-83, 320;

·         Cass. 8 februari 1983, Arr.Cass. 1982-83, 746, RW 1984-85, 1841 and Pas. 1983, I, 656;

·         Cass. 18 maart 1987, Arr.Cass. 1986-87, 944;

·         Cass. 19 november 1987, Arr.Cass. 1987-88, 354, Pas. 1988, I, 332, note, and RW 1987-88;

·         Cass. 18 februari 1988, Arr.Cass. 1987-88, 790, Pas. 1988, 728, RW 1988-89, 1226 and TBH 1988, 696, note E. Dirix;

·         Cass. 23 oktober 1991, Arr.Cass. 1991-92, 180;

·         Cass. 30 januari 1992, Pas. 1992, I, 475, JLMB 1992, 650, RCJB 1994, 185, note P.-A. Foriers, RW 1993-94, 1023 and RRD 1992, 256;

·         Cass. 21 februari 1992, RW 1992-93, 568, T.Not. 1993, 379, note M.E. Storme and JLMB 1992, 1458, note M.E. Storme;

·         Cass. 23 december 1992, Arr.Cass. 1992, 1466 en Pas. 1992, I, 1406;

·         Cass. 30 maart 1994, Arr.Cass. 1994, 340;

·         Cass. 13 april 1995, Arr.Cass. 1995, I, 423;

·         Cass. 1 februari 1996, Arr.Cass. 1996, 139, Bull. 1997, 158 and Pas. 1996, I, 158;

·         Cass. (1e k.) 14 november 1997, AR C.96.0375.F, Arr.Cass. 1997, 1138, Bull. 1997, 1191, JLMB 1998, 1423, Pas. 1997, I, 1191, RJI 1997, 229 and Rev.not.b. 1998, 126;

·         Cass. 22 september 2000, Arr.Cass. 2000, 489, RW 2000-01, 1418, note F. Swennen, AJT 2000-01, 643 and RGAR 2002, 13.469;

·         Cass. 15 maart 2002, RW 2003-04, 1261 and JT 2002, 814;

·         Cass. 17 mei 2002, Arr.Cass. 2002, 1306, Pas. 2002, 1169, Rev.not.b. 2003, 86 and JT 2002, 694;

·         Cass. 30 januari 2003, RW 2005-06, 1219, Pas. 2003, 227, TBBR 2004, 405 and JLMB 2004, 672;

·         Cass. 11 september 2003, Arr.Cass. 2003, issue 9, 1643, Pas. 2003, issue 9-10, 1386 and RW 2005-06, issue 37, 1463, note E. De Caluwe;

·         Cass. 19 november 2003, Arr.Cass. 2003, no. 578;

·         Cass. 10 juni 2004, A.R. C.02.00.39.N, Arr.Cass. 2004, issue 6-8, 1031, concl. D. Thijs, Pas. 2004, issue 5-6, 996 and TGR-TWVR 2005, issue 2, 114;

·         Cass. 6 januari 2006, Arr.Cass. 2006, issue 1, 71, JT 2007, issue 6254, 91, note P. Lecocq, JLMB 2006, issue 13, 570, note P.-P. Renson and Pas. 2006, issue 1, 71;

·         Cass. 20 februari 2006, no. C.04.0366.N;

·         Cass. 12 september 2006, no. P.06.0718.N;

·         Cass. 3 maart 2008, Pas. 2008, 597;

·         Cass. 17 oktober 2008, AR C.07.0214.N, JT 2013, issue 6510, 138, note M. Marchandise, M., Pas. 2008, issue 10, 2278 and TBBR 2011, issue 3, 139;

·         Cass. 9 maart 2009, Arr.Cass. 2009, 762, Pas. 2009, 689, concl. J.-M. Genicot, TBBR 2010, 130, note J.-F. Germain and JT 2009, 392;

·         Cass. 22 april 2009, no. P.08.0717.F;

·         Cass. 11 september 2009, NJW 2010, issue 214, 25, note G. Jocqué and T.Verz. 2010, 85;

·         Cass. 30 september 2009, no. P.08.1102.F;

·         Cass. 15 september 2010, no. P.10.0476.F;

·         Cass. 1 oktober 2010, Pas. 2010, issue 10, 2470, RW 2011-12, issue 2, 142, note S. Jansen and S. Stijns, TBBR 2012, issue 8, 387, note P. Bazier and TBH 2011, issue 1, 77 (summary by O. Vanden Berghe);

·         Cass. 6 januari 2011, concl. A. Henkes, Pas. 2011, issue 1, 44, concl. A. Henkes, TBBR 2012, issue 8, 388, note P. Bazier and TBO 2011, issue 3, 109, concl. A. Henkes;

·         Cass. 18 april 2011, no. C.10.0548.F;

·         Cass. 5 mei 2011, Arr.Cass. 2011, 1272, concl. Henkens en RGAR 2012, no. 14.846, note N. Estienne;

·         Cass. 18 november 2011, no. C.09.0521.F;

·         Cass. 17 februari 2012, no. C.11.0451, concl. T. Werquin, JLMB 2012, 683, note T. Papart and RGAR 2013, no. 14.938, note D. De Callataÿ;

·         Cass. 21 maart 2013, Pas. 2013, issue 3, 766, RW 2014-15, issue 16, 618, TBBR 2015, issue 5, 247 and TBO 2015, issue 2, 79 note K. Swinnen;

·         Cass. 15 januari 2014, no. P.13.1110.F;

·         Antwerpen 19 december 1978, RW 1978-79, 1795;

·         Antwerpen 20 december 1989, De Verz. 1990, 763;

·         Antwerpen 16 februari 1998, AJT 1998-99, 134 and TBBR 2000, 466;

·         Bergen 20 december 1977, RGAR 1978, 9.929;

·         Bergen 21 maart 1990, TBH 1991, 234;

·         Bergen 10 januari 1995, RGAR 1997, 12.8301verso;

·         Brussel 28 oktober 1959, RGAR 1962, 6.851 and Pas. 1961, II, 68;

·         Brussel 2 december 1985, Verkeersrecht 1987, 15;

·         Brussel 8 juni 1988, JLMB 1988, 1558, note D.-M. Philippe;

·         Brussel 24 november 1997, RGAR 1999, 13.122;

·         Brussel 3 april 2003, RGAR 2004, no. 13.909;

·         Gent 27 januari 1854, Pas. 1854, II, 233

·         Gent 21 april 1989, RW 1989-90, 886, note M. Dambre;

·         Luik 24 november 1971, RGAR 1972, 8.752;

·         Luik 5 februari 1975, RGAR 1975, 9.474;

·         Luik 29 april 1988, RGDC 1988, 263;

·         Luik 24 maart 1995, De Verz. 1995, 423;

·         Luik 7 november 2005, TBBR 2006, 620, note E. Montero;

·         Luik 26 mei 2008, Forum de l’assurance 2008, issue 88, 172, note T. Delahaye;

·         Corr. Gent 8 februari 1994, TGR 1994, 108;

·         Corr. Hoei (7de k.) 17 februari 2013, RGAR 2013, issue 10, 15.028;

·         Corr. Nijvel 29 november 1985, RGAR 1987, 11.274;

·         Rb. Antwerpen 3 oktober 1986, Pas. 1987, III, 6 and RW 1986-87, 2162;

·         Rb. Antwerpen 17 februari 2014, T.Verz. 2015, issue 1, 96;

·         Rb. Brugge, 30 oktober 2000, RW 2001-02, 1182;

·         Rb. Brugge 27 januari 2005, RW 2006-07, 611;

·         Rb. Dendermonde 21 november 2003, TBBR 2005, 225;

·         Rb. Hasselt 7 april 1986, RW 1986-87, 1757, note T. Vansweevelt;

·         Rb. Hasselt 6 december 1990, RGDC 1991, 86;

·         Rb. Kortrijk 5 mei 1939, RW 1939-40, 269 and RGAR 1940, 3.328;

·         Rb. Namen 18 januari 1990, RGAR 1992, 11.975 and JT 1990, 197;

·         Rb. Nijvel 7 maart 1997, TBBR 1997, 221;

·         Rb. Tongeren 15 mei 1995, RW 1996-97, 362;

·         Rb. Verviers 18 november 1998, T.Vred. 1999, 118;

·         Pol. Brugge 13 januari 2000, RW 2000-01, 1140;

·         Vred. Antwerpen 11 februari 1987, Pas. 1987, III, 61;

·         Vred. Brasschaat 23 april 1986, RGAR 1987, no. 11.238, note T. Vansweevelt;

·         Vred. Eeklo 12 januari 1995, TGR 1995, 171;

·         Vred. Gent 2 mei 1997 and 5 september 1997, AJT 1999-2000, 461

·         Vred. Kontich 4 mei 1993, RW 1994-95, 1132;

·         Vred. Menen 29 januari 1986, T.Vred. 1989, 17;

Doctrine

·         André, R., Les responsabilités, Brussel, Bureau d'etudes R. André, 1981, 1233 p.;

·         André, R., “De evolutie van het recht van de burgerlijke aansprakelijkheid”, RW 1981-82, 2639-2642;

·         Baeck, J., “Gevolgen tussen partijen (met inbegrip van de aanvullende en de beperkende werking van de goede trouw)” in Comm.Bijz.Ov. Verbintenissenrecht 2006, 111 p.;

·         Barendrecht, M., Giesen, I., and Kamminga, P., Standardisation of Personal Injury Claims: Some preliminary remarks (Discussion Paper No. 2001-01 for meeting at Tilburg University), 2001, 43 p., www.ivogiesen.com/media/1044/standardisation_of_personal_injury_claims1…;

·         Belleflamme, F., and Sohier, J., “Incidence de la réforme du Conseil d’État sur la responsabilité des pouvoirs publics” in F. Tulkens en J. Sautois (eds.), Actualités en droit public et administratif, Brussel, Bruylant, 2014, 39-91;

·         Biquet-Mathieu, C., and Delforge, C., “Le régime juridique des intérêts – Essai de synthèse” in P. Lecocq and C. Engels (eds.), Chronique de droit à l’usage des juges de paix et de police 2008/ Rechtskroniek voor de vrede- en politierechters 2008, Brussel, la Charte, 2008, 239-309;

·         Bocken, H., “Van fout naar risico”, TPR 1984, 329-415;

·         Bocken, H., “Van fout naar risico. Een overzicht van de objectieve aansprakelijkheidsregelingen naar Belgisch recht” in M. Storme and H. Bocken (eds.), Verbintenissenrecht, Gent, Storme, 1984, 329-415;

·         Bocken, H., “Wat wij zelf doen, doen wij beter?”, TPR 1991, 277-284;

·         Bocken, H., “Les indemnisations sans égard à la responsabilité: rapport de synthèse” in J.-L. Fagnart (ed.), Les indemnisations sans égard à la responsabilité civile, Brussel, Kluwer, 2001, 89-107;

·         Bocken, H. “Buitencontractuele aansprakelijkheid voor gebrekkige producten” in X, Bijzondere overeenkomsten. XXXIVste Postuniversitaire Cyclus Willy Delva 2007-2008, Mechelen, Kluwer, 2008, 335-380;

·         Bocken, H., “De kers op de taart? De herziening van artikel 144 van de Grondwet en de Raad van State”, TPR 2012, issue 1, 7-25;

·         Bocken, H., “Voor het gerecht. Beter een vogel in de hand dan tien in de lucht? De wijziging van art. 144 Grondwet en de bevoegdheid van de Raad van State om schadevergoeding toe te kennen”, TOO 2013, issue 4, 428-438;

·         Bocken, H., and Boone, I., with the cooperation of M. Kruithof, Inleiding tot het schadevergoedingsrecht. Buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht en andere schadevergoedingsstelsels, Brugge, die Keure, 2014, xiii+270 p.;

·         Bogaert, J., Praktijkboek schadebegroting. De Indicatieve Tabel 2008-2009, Brugge, Vanden Broele, 2008, iv+94 p.;

·         Boone, I., “De verschillende belangen van slachtoffers en regresnemers: uitgangspunt voor een verschillend aansprakelijkheidsrecht?”, TPR 2003, 929-1004;

·         Boone, I., Verhaal van derde-betalers op de aansprakelijke, Antwerpen, Intersentia, 2009, xxviii+722 p.;

·         Boullart, S., “Het bekomen van schadevergoeding bij de Raad van State”, RABG 2014, issue 7, 482-483;

·         Bourgoignie, T., Propositions pour une loi générale sur la protection des consommateurs : rapport de la commission d'étude pour la réforme du droit de la consommation (Ministère des affaires économiques. Administration de la politique commerciale), Brussel, Administration de l'information économique, 1995, 489 p.;

·         Boyen, A., “Forfaitaire vergoedingen en de (privé) indicatieve lijst”, De Verz. 2002, issue 338, 55-77;

·         Boyen, A., “Indicatieve tabellen van de magistraten”, Con.M. 2003-05, 57-65;

·         Brewaeys, E., “Raad van State. Procesrechtelijke vernieuwingen – deel 2”, NJW 2014, issue 304, 482-496;

·         Brewaeys, L., and Van Wilderode, M., “Indicatieve tabel 2012: geschikt of ongeschikt bevonden?” in W. Peeters and M. Van Wilderode (eds.), Evaluatie van de indicatieve tabel 2012 / évaluation du tableau indicatif 2012, Brugge, die Keure, 2014, 1-43;

·         Brondel, P., “Concrete schadevergoeding in gemeen recht” in F. Moeykens (ed.), De Praktijkjurist VIII, Gent, Academia, 2004, 1-59;

·         Casman, H., “De beroepsaansprakelijkheid van de notaris. Enkele recente ontwikkelingen” in H. Vandenberghe (ed.), De professionele aansprakelijkheid, Brugge, die Keure, 2004, 185-226;

·         Cauffman, C., “Naar een punitief Europees verbintenissenrecht? Een rechtsvergelijkende studie naar de draagwijdte, de grondwettigheid en de wenselijkheid van het bestraffend karakter van het verbintenissenrecht”, TPR 2007, 799-873;

·         Claeys, I., “Schadevergoeding wegens een onwettige bestuurshandeling voor de hoven en rechtsbanken of voor de Raad van State: een moeilijke keuze?” in M. Van Damme (ed.), De hervorming van de Raad van State, Brugge, die Keure, 2014, 185-226;

·         Claeys-Leboucq, E., “Overzicht van rechtspraak. Arbeidsongevallenrecht (1966-1970), TPR 1971, 267-328;

·         Cornelis, L., “Aansprakelijkheid voor gevaarlijke stoffen”, RW 1987-88, 1137-1159;

·         Cornelis, L., Beginselen van het Belgische aansprakelijkheidsrecht. Deel I, Antwerpen, Maklu, 1989, xii+744 p.;

·         Cornelis, L., Principes du droit belge de la responsabilité extra-contractuelle, Brussel, Bruylant, 1991, xii+779 p.;

·         Cornelis, L., “Actuele tendensen bij de vergoeding van morele schade” in J.-L. Fagnart and A. Pire (eds.), Problèmes actuels de la réparation du dommage corporel, Brussel, Bruylant, 1993, 109-175;

·         Cornelis, L., “Werkelijkheids- en zekerheidsgehalte van schade en schadeherstel” in M. Van den Bossche (ed.), De indicatieve tabel. Een praktisch werkinstrument voor de evaluatie van menselijke schade, Gent, Larcier, 2001, 21-47;

·         Cornelis, L., “Verkeerd verbonden” in F. Moeykens (ed.), De Praktijkjurist XVI, Gent, Story Publishers, 2010, 165-248;

·         Cornelis, L., and Vuillard, Y., “Le dommage” in Responsabilités. Traité théorique et pratique, Titre I, Dossier 10, Brussel, Kluwer, 2000, 23 p.;

·         Cousy, H., “Commentaar - Commentaire” in X, Le droit de la consommation en mouvement : examen critique des propositions de la Commission d'étude pour la réforme du droit de la consommation / Consumentenrecht in beweging : critische analyse van de voorstellen van de Studiecommissie tot hervorming van het consumentenrecht, Louvain-la-Neuve, UCL. Centre de droit de la consommation, 1998, 173-190;

·         Cousy, H., “Een 'indicatieve tabel' voor de evaluatie van menselijke schade”, Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade 2002, 156;

·         Cousy, H., “Het ‘noblesse oblige’ van het vrij beroep: van aansprakelijkheid naar verzekering”, TPR 2004, 89-105;

·         Cousy, H., and Droshout, D., “Liability for Damage Caused by Others under Belgian Law” in J. Spier, Unification of Tort Law: Liability for Damage Caused by Others, The Hague, Kluwer Law International, 2003, 37-54;

·         Dalcq, R.O., Traité de la responsabilité civile, II, Le dommage et sa réparation, in Les Novelles, Droit civil, t. V, Vol. II, Brussel, Larcier, 1962, 821 p.;

·         Dalcq, R.O., Traité de la responsabilité civile, I, Les causes de responsabilité, Brussel, Larcier, 1967, 740 p.;

·         Dalcq, R.O., “Sources et finalité du droit de la responsabilité civile ou de la responsabilité pour faute à la responsabilité objective” in X., Responsabilité professionnelle et assurance des risques professionnels, Brussel, Larcier, 1975, 19-38;

·         Dalcq, R.O., “Responsabilités professionnelles : évolution générale” in H. Cousy and H. Claassens (eds.), Professionele aansprakelijkheid en verzekering, Antwerpen, Maklu, 1991, 13-25;

·         Debecker, B., “Morele schadevergoeding voor verenigingen mag meer bedragen dan 1 euro”, Juristenkrant 2016, issue 323, 1-2;

·         De Bersaques, A., “L’abus de droit” (note to Gent 20 november 1950), RCJB 1953, 272-287;

·         De Boeck, A., “Rechtsmisbruik” in Comm.Bijz.Ov. Verbintenissenrecht 2011, issue 85, 22 p.;

·         De Boeck, A., and Vermander, F., “Rechtsmisbruik in het contractenrecht: de rechtsuitoefening aan banden gelegd” in J. Rozie, S. Rutten and A. Van Oevelen (eds.), Rechtsmisbruik, Antwerpen, Intersentia, 2015, 29-70;

·         De Bondt, W., “Redelijkheid en billijkheid in het contractenrecht”, TPR 1984, 95-125;

·         De Callataÿ, D., “L'évaluation judiciaire des indemnités: tableau indicatif” in J.-L. Fagnart (ed.) Responsabilités: traité théorique et pratique, Dossier 54, Diegem, Kluwer, 2002, 6-31;

·         De Callataÿ, D., and Estienne, N., La responsabilité civile. Chronique de jurisprudence 1996-2007, Vol.2, Le dommage, Brussel, Larcier, 2009, 605 p.;

·         De Callataÿ, D., “La vie après le tableau indicatif” in B. Dubuisson (ed.), Le dommage et sa réparation, Brussel, Larcier, 2013, 129-177 ;

·         Decleyre, B., “La responsabilité civile des déments et anormaux : analyse critique de l’article 1386bis du Code civil”, Ann.dr.Louvain 2005, issue 65, 355-417;

·         Dekkers, R., “L’évolution du droit civil belge depuis le Code Napoléon”, Revue Juridique du Congo (Numéro Spécial), 1965, 7-24;

·         Dekkers, R., Verbeke, a., Carette, N., en Vanhove, K., Handboek Burgerlijk Recht, III, Verbintenissen-Bewijsleer-Gebruikelijke contracten, Antwerpen, Intersentia, 2007, xvi+820 p.;

·         Delahaye, T., note to Luik 26 mei 2008, Forum de l’assurance 2008, issue 88, 173-175;

·         De Mol, J., Le dommage psychique, Brussel, Larcier, 2012, 310 p.;

·         Demuynck, I., “De bescherming van de consument tegen gevaarlijke, gebrekkige en niet-conforme producten” in De Vlaamse conferentie der balie van Gent (ed.), De consument in het recht: verwend, verwaand of miskend?, Antwerpen, Maklu, 2003, 7-102;

·         De Page, H., Traité élémentaire de droit civil belge, II, Les incapables. Les obligations, Brussel, Bruylant, 1964, 1196 p.;

·         Derine, R., “Hinder uit nabuurschap en rechtsmisbruik”, TPR 1983, 261-291;

·         De Somer, L., “Begroting van de schade” in X, Handboek Letselschade Gemeen Recht, 2013, A.IV-1/1 - A.IV-3/27;

·         De Temmerman, B., “Interest bij schadevergoeding uit wanprestatie en onrechtmatige daad. Een stand van zaken, tevens aanleiding tot een kritische beschouwing over de grondslagen van het Belgische schadevergoedingsrecht”, TPR 1999, issue 3, 1277-1441;

·         De Temmerman, B., “Interest bij schadevergoeding uit wanprestatie en onrechtmatige daad: kan de Hollandse nuchterheid bijdragen tot het vinden van een uitweg uit het Belgische labyrint?” in J. Smits and S. Stijns (eds.), Remedies in het Belgisch en Nederlands contractenrecht, Antwerpen, Intersentia, 2000, 327-354;

·         De Temmerman, B., and De Kezel, E., “Normering in België: de indicatieve tabel”, Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade 2002, 103-114;

·         Devroe, W., Rechtsvergelijking in een context van europeanisering en globalisering, Leuven, Acco, 2012, 298 p.;

·         Dirix, E., Het begrip schade, Antwerpen, Maklu, 1984, 150 p.;

·         Dirix, E., “Abstracte en concrete schade”, RW 2000-2001, issue 36, 1329-1335;

·         Dubuisson, B., “Les immunités civiles ou le déclin de la responsabilité individuelle: coupables mais pas responsables” in B. Dubuisson and P. Henry (eds.), Droit de la responsabilité. Morceaux choisis, Brussel, Larcier, 2004, 69-128;

·         Dubuisson, B., “De la légèreté de la faute au poids du hasard”, RGAR 2005, 140091-10;

·         Dubuisson, B., Estienne, N., and de Callataÿ, D., “Droit belge” in F. Leduc and P. Pierre (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 171-217;

·         Duerinckx, K., Aansprakelijkheidsrecht: een overzicht, Antwerpen, Maklu, 2016, 11 p.;

·         Fagnart, J.-L., Examen de la jurisprudence concernant la responsabilité civile 1968-1975, Brussel, Larcier, 1976, 140 p.;

·         Fagnart, J.-L., “La directive du 25 juillet 1985 sur la responsabilité du fait des produits”, CDE 1987, 3-68;

·         Fagnart, J.-L., “Rapports de synthèse” in J.-L. Fagnart en A. Pire (eds.), Problèmes actuels de la réparation du dommage corporel, Brussel, Bruylant, 1993, 259-267;

·         Fagnart, J.-L., La responsabilité civile: chronique de jurisprudence 1985-1995, Brussel, Larcier, 1997, 145 p.;

·         Fagnart, J.-L., “La réparation des dommages dans le projet de Code de la consommation” in X, Le droit de la consommation en mouvement : examen critique des propositions de la Commission d'étude pour la réforme du droit de la consommation / Consumentenrecht in beweging : critische analyse van de voorstellen van de Studiecommissie tot hervorming van het consumentenrecht, Louvain-la-Neuve, UCL. Centre de droit de la consommation, 1998, 137-172;

·         Fagnart, J.-L., “Rapport introductif” in J.-L. Fagnart (ed.), Les indemnisations sans égard à la responsabilité civile, Brussel, Kluwer, 2001, 1-22;

·         Fagnart, J.-L., “Définition des préjudices non économiques” in Jeune Barreau de Liège (ed.), Luik, 2004, 25-57;

·         Fagnart, J.-L., “Droit belge” in F. Leduc and P. Pierre (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 195-217;

·         Fagnart, J.-L., “La compensation du dommage. Entre le droit de nuire et la réparation de l’irréparable” in R. Capart en J. Bockourt (eds.), ´Évaluation du dommage, Responsabilité civile et Assurances. Liber amicorum Noël Simar, Limal, Anthemis, 2013, 225-249;

·         Fagnart, J.-L., and Deneve, M., “Chronique de jurisprudence – La responsabilité civile (1976-1984)”, JT 1988, 741-758;

·         Fagnart, J.-L., with the cooperation of Wilmet, S., “Le régime juridique de la créance de réparation” in Responsabilités. Traité théorique et pratique, Titre VI, Livre 60, Brussel, Kluwer, 2000, 60 p.;

·         Fallon, M., “La loi du février 1991 relative à la responsabilité du fait des produits défectueux”, JT 1991, 465-473;

·         Faure, M., “Productaansprakelijkheid in België en Europa: Quo vadis?” in E. Dirix (ed.), Liber amicorum Jacques Herbots, Deurne, Kluwer, 2002, 111-130;

·         Faure, M., and Vanbuggenhout, W., “Produktenaansprakelijkheid. De Europese richtlijn: harmonisatie en consumentenbescherming?”, RW 1987-88, 1-14 and 33-49;

·         Faure, M., and Van den Bergh, R., Objectieve Aansprakelijkheid, Verplichte Verzekering en Veiligheidsregulering, Antwerpen, Maklu, 1989, 386 p.;

·         Fenet, P.A., Recueil complet des travaux préparatoires du Code civil, XIII, Paris, Imprimerie de Marchand du Breuil, 1827, 832 p.;

·         Ganshof van der Meersch, W., concl. bij Cass. 10 september 1971, Pas. 1972, 31-43;

·         Geens, K., “De evolutie van de aansprakelijkheid van de persoon en de structuur als waarborg” in X, Verslagboek Notarieel Congres 2009. Zekerheid voor de toekomst, Gent, Larcier, 2009, 325-331;

·         Geldhof, W., “Een geesteszieke huurder en aansprakelijkheid voor brand”, Juristenkrant 2001, issue 26, 4;

·         Glansdorff, F., “Les conditions de la responsabilité extracontractuelle” in E. Van den Haute (ed.), Le droit des obligations dans les jurisprudences française et belge, Brussel, Bruylant, 2013, 103-122;

·         Glansdorff, F., “L’indemnité réparatrice : une nouvelle compétence du Conseil d’État vue par un civiliste”, JT 2014, issue 6569, 474-479;

·         Goldman, S., and Lagasse, S., “Comment appréhender le déséquilibre contractuel en droit commun ?” in R. Jafferali (ed.), Le droit commun des contrats. Questions choisies, Brussel, Bruylant, 2016, 71-127;

·         Goossens, J., “De vervaagde grens tussen burgerlijke en administratieve rechter”, TBP 2014, issue 4-5, 275-294;

·         Goossens, J., and Mollin, J., “Vlinderakkoord kondigt hertekening gerechtelijk landschap aan via artikel 144 Grondwet”, CDPK 2012, 76-105;

·         Gorlé, F., Bourgeois, G., Bocken, H., Reyntjens, F., De Bondt, W., and Lemmens, K., Rechtsvergelijking, Mechelen, Kluwer, 2007, xvii+359 p.;

·         Hartlief, T., “De meerwaarde van het aansprakelijkheidsrecht” in T. Hartlief and S. Klosse (eds.), Einde van het aansprakelijkheidsrecht?, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2003, 1-76;

·         Hartlief, T., “Heeft het aansprakelijkheidsrecht (de) toekomst?”, TPR 2007, 1651-1732;

·         Henry, P., and Debry, J.-T., “La responsabilité du fait des produits défectueux : derniers développements” in B. Dubuisson and P. Henry (eds.), Droit de la responsabilité. Morceaux choisis, Brussel, Larcier, 2004, 129-196;

·         Herbots, J., “De nieuwe wet op de schadebedingen: het zogenaamde strafbeding” in S. Stijns and H. Vandenberghe (eds.), Verbintenissenrecht in Themis, Brugge, die Keure, 2000-2001, 39-53;

·         Herbots, J.H., Pauwels, C., and Degroote, E., “Overzicht van rechtspraak. Bijzondere overeenkomsten (1988-1994)”, TPR 1997, 647-1322;

·         Hofmans, F., “De Indicatieve Tabel 2012” in K. De Wispelaere (ed.), Verkeersrecht (Reeks Vlaamse Conferentie der Balie Gent), Gent, Larcier, 2014, 209-231;

·         Jocqué, G., “De nieuwe indicatieve tabel kritisch bekeken”, RW 2008-09, issue 27, 1114-1122;

·         Jocqué, G., “Hof van Cassatie baseert zich op de Indicatieve Tabel” (note to Cass. 11 september 2009), NJW 2010, issue 214, 26;

·         Jocqué, G., “Kanttekening. Enkele bedenkingen bij de nieuwe indicatieve tabel”, RW 2012-13, issue 38, 1519-1520;

·         Kempe, K., and Van Schel, M., “Hervorming van de Raad van State: naar een sneller en efficiënter procesverloop?”, Vastgoed info 2014, issue 4, 1-4;

·         Kruithof, R., “De buitencontractuele aansprakelijkheid van en voor geesteszieken”, RGAR 1980, 10.179 and 10.190;

·         Kruithof, R., “De vergoeding van extra-patrimoniale schade bij inbreuk op andermans lichamelijke integriteit”, De Verz. 1985, 349-387;

·         Kruithof, R., Bocken, H., De Ly, F., and De Temmerman, B., “Overzicht van rechtspraak (1981-1992): Verbintenissenrecht”, TPR 1994, 171-750;

·         Locré, Législation civile, commerciale et criminelle, VI, Code civil. Livre troisième, Brussel, Librairie de jurisprudence de H. Tarlier, 1836, 474 p.;

·         Lust, S., “Volle rechtsmacht, substitutie, injunctie en herstel” in S. Lust, P. Schollen and S. Verbist (eds.), Actualia rechtsbescherming tegen de overheid, Antwerpen, Intersentia, 2014, 1-46;

·         Marchand, K., and Vereecken, S., “Capita selecta interest” in P. Lecocq and C. Engels (eds.), Chronique de droit à l’usage des juges de paix et de police 2008/ Rechtskroniek voor de vrede- en politierechters 2008, Brussel, la Charte, 2008, 311-342;

·         Marchandise, M., “L’article 1386bis du code civil : à victim assure, assureur victim?” (note to Vred. Luik 29 oktober 2004), JLMB 2005, issue 28, 1251-1256;

·         Mast, A., Dujardin, J., Van Damme, M., and Vande Lanotte, J., Overzicht van het Belgische Administratief Recht, Mechelen, Kluwer, 2014, XXXVIII+1459 p.;

·         Mathieu, C., “De nieuwe bevoegdheid van de Raad van State: de schadevergoeding tot herstel. Vraag naar de implementeringswijze, doeltreffendheid en noodzaak”, Jura Falc. 2013-14, issue 1, 77-111;

·         Mathieu, C., “Raad van State geeft schadevergoedingsbevoegdheid vorm”, Juristenkrant 2016, issue 322, 8;

·         Meurkens, L., and Nordin, E. (eds.), The power of Punitive Damages. Is Europe Missing Out?, Antwerpen, Intersentia, 2012, xxvi+553 p.;

·         Montero, E., “Les produits défectueux dans un écheveau de responsabilités” (note to Luik 7 november 2005), TBBR 2006, 624-628;

·         Montero, E., and Triaille, J.-P., “La responsabilité du fait des produits en Belgique après l’adoption de la loi du 25 février 1991”, DCCR 1990-91, 678-715;

·         Nelissen, B., “Na sluiting Fortisgate (eindelijk) opening voor separate opinions?”, RW 2011-12, issue 29, 1278-1288;

·         Nicaise, P., “De evolutie van de aansprakelijkheid van de persoon en de structuur als waarborg” in X, Verslagboek Notarieel Congres 2009. Zekerheid voor de toekomst, Gent, Larcier, 2009, 333-342;

·         Nihoul, M., “Il est temps de réformer le contentieux administratif”, CDPK 2007, issue 4, 721-725;

·         Nordin, E., De schadevergoeding in het aansprakelijkheidsrecht: tussen compensatie en handhaving (proefschrift), Antwerpen, Universiteit Antwerpen, Faculteit Rechten, 2014, 398 p.;

·         Papart, T., “La responsabilité du fait d’autrui” in C. Doyen, A.-L. Durviaux and B. Dubuisson (eds.), Droit de la responsabilité, Luik, ULg. Formation permanente CUP, 1996, 169-199;

·         Papart, T., “Le bareme indicatif des magistrats”, Con.M. 2003-05, 67-81;

·         Papart, T., “Responsabilité du fait d'autrui… Vers une responsabilité objective ?” in B. Kohl (ed.), Droit de la responsabilité, Luik, Anthemis, 2009, 53-95;

·         Papart, T., “Droit belge” in F. Leduc and P. Pierre (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 218-224;

·         Papart, T., and Marot, J.-F., “Travelling sur l’indemnisation du préjudice corporel” in R. Capart and J. Bockourt, Évaluation du dommage, Responsabilité civile et Assurances. Liber amicorum Noël Simar, Limal, Anthemis, 2013, 57-95;

·         Peeters, W., “De ‘Indicatieve tabel’ als antwoord op de noden van de praktijk” in M. Van den Bossche (ed.), De indicatieve tabel. Een praktisch werkinstrument voor de evaluatie van menselijke schade, Gent, Larcier, 2001, 1-10;

·         Peeters, W., “De Indicatieve Tabel anno 2012” in J.-L. Desmecht, T. Papart and W. Peeters (eds.), Indicatieve tabel 2012 / Tableau indicatif 2012, Brugge, Die Keure, 2012, 1-35;

·         Peeters, W., “De Indicatieve Tabel anno 2012” in A. De Boeck, I. Samoy, S. Stijns en R. Van Ransbeeck (eds.), Knelpunten in het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht, Brugge, die Keure, 2013, 55-91;

·         Peeters, W., and Desmecht, J.-L., “Indicatieve Tabel”, T.Vred. 2005, issue 10, 556-573;

·         Peeters, W., and Van den Bossche, M. (eds.), De behandeling van lichamelijke schadedossiers en tien jaar Indicatieve Tabel – Le traitement de sinistres avec dommage corporel et dix ans de Tableau indicatif, Brussel, De Boeck & Larcier, 2004, 337-359;

·         Persyn, C., “Problemen bij de samenloop van vergoedingsregelingen: het gemene recht, arbeidsongevallen en ziekteverzekering”, RW 1990-91, 273-290;

·         Petitat, J.-B., Kanttekeningen bij de indicatieve tabel, Gent, Story publishers, 2013, 172 p.;

·         Philippe, D.-M., “La théorie de la relativité aquilienne” in X. (ed.), Mélanges Roger O. Dalcq. Responsabilités et assurances, Brussel, Larcier, 1994, 467-486;

·         Potvin, G., La responsabilité civile des déments et des anormaux, Brussel, Bruylant, 1937, 56 p.;

·         Redactieraad, “Herziening van het Belgisch Burgerlijk Wetboek”, TPR 1966, 517-546;

·         Reniers, A., De burgerlijke notariële aansprakelijkheid herbekeken, Brugge, die Keure, 2010, 230 p.;

·         Reniers, A., “Groot nieuws: de aansprakelijkheid van notarissen kan eindelijk worden beperkt!”, Notariaat 2014, issue 16, 1-4;

·         Rixhon, E., and Simar, N., “Introduction : analyse critique du système d’évaluation et d’indemnisation en vigueur – enjeux de la réflexion” in Jeune Barreau de Liège, Luik, 2004, 5-24;

·         Ronse, J., Aanspraak op schadeloosstelling uit onrechtmatige daad, Brussel, Larcier, 1954, 499 p.;

·         Ronse, J., Schade en schadeloosstelling (onrechtmatige daad), Brussel, Larcier, 1957, 813 p.;

·         Ronse, J., De wilde, L., Claeys, A., and Mallems, I., Schade en schadeloosstelling. Deel I, in APR, Gent, E. Story-Scientia, 1984, xxv+411 p.;

·         Ronsijn, K., and Samoy, I., “De nieuwe wettelijke regeling voor de burgerlijke professionele aansprakelijkheid van de notaris”, Not.Fisc.M. 2014, issue 10, 242-249;

·         Sagaert, V., and Samoy, I., “De wet van 2 augustus 2002 betreffende de bestrijding van de betalingsachterstand bij handelstransacties. Een verwittigd wanbetaler is er twee waard…”, RW 2002-03, issue 9, 321-334;

·         Samoy, I., “De geoorloofdheid van schadebedingen na de wet van 23 november 1998: de figurantenrol van de werkelijk gelden schade en van de nietigheidssanctie”, R.Cass. 2002, 342-354;

·         Samoy, I., “Notaris kan aansprakelijkheid beperken via vennootschap”, Juristenkrant 2014, issue 291, 1;

·         Samoy, I., “De mogelijkheden tot beperking van professionele aansprakelijkheid” in T. Vansweevelt and B. Weyts (eds.), Actuele ontwikkelingen in het aansprakelijkheidsrecht en verzekeringsrecht. ICAV I, Antwerpen, Intersentia, 2015, 123-138;

·         Samoy, I., and Aguirre, M., “De raakvlakken tussen de contractuele en de buitencontractuele aansprakelijkheid. Schadeherstel, schadevergoeding en interesten” in S. Stijns and P. Wéry (eds.), De raakvlakken tussen de contractuele en de buitencontractuele aansprakelijkheid, Brugge, die Keure, 2010, 97-135;

·         Samoy, I., and Ronsijn, K., “De professionele aansprakelijkheid van de notaris en de notarisvennootschap” in Jura Falconis and I. Samoy (eds.), Professionele aansprakelijkheid, Antwerpen, Intersentia, 2015, 47-94;

·         Schamps, G., “La réparation des dommages causés par les déments”, JT 2004, 306-309;

·         Schmidt R., and Van Ransbeek, R., “Woord vooraf” in J.-L. Desmecht, T. Papart and W. Peeters (eds.), Indicatieve tabel 2012 / Tableau indicatif 2012, Brugge, Die Keure, 2012, v;

·         Schryvers, J., “Evaluation et réparation des prejudices extrapatrimoniaux”, RGAR 1993, no. 12.168;

·         Schryvers, J., “Nieuw indicatief tarief letselschade: semper altius”, TAVW 2001, 15-17;

·         Schryvers, J., and Ulrichts, H., Schaderegeling in België in Recht en Praktijk, issue 36, Mechelen, Kluwer, 2004, 132-155;

·         Schryvers, J., Ulrichts, H., and De Winter, F., Schaderegeling in België (vierde editie), Gent, Mys & Breesch, 2001, 69-84;

·         Schuermans, L., “Perspectieven in het verzekeringsrecht”, RW 1977-78, 2249-2268;

·         Schuermans, L., Schryvers, J., Simoens, D., Van Oevelen, A., and Debonnaire, M., “Overzicht van rechtspraak. Onrechtmatige daad. Schade en schadeloosstelling (1969-1976)”, TPR 1977, 433-604;

·         Schuermans, L., Schryvers, J., Simoens, D., Van Oevelen, A., en Schamps, H., “Overzicht van rechtspraak. Onrechtmatige daad. Schade en schadeloosstelling (1977-1982)”, TPR 1984, 511-878;

·         Schuermans, L., Van Oevelen, A., Persyn, C., Ernst, P., en Schuermans, J.-L., “Overzicht van rechtspraak. Onrechtmatige daad. Schade en schadeloosstelling (1983-1992)”, TPR 1994, 851-1430;

·         Simar, N., “L’évaluation judiciaire des indemnités” in Responsabilités. Traité théorique et pratique, Titre V, Dossier 51, Diegem, Kluwer, 1999, 23 p.;

·         Simar, N., and De Zutter, L., “Le régime légal de l’évaluation du dommage” in Responsabilités. Traité théorique et pratique, Titre V, Livre 50, Diegem, Kluwer, 1999, 1-65;

·         Simar, N., and Tinant, J., “Les accidents du travail” in J.-L. Fagnart (ed.), Les indemnisations sans égard à la responsabilité, Brussel, Kluwer, 2001, 57-75;

·         Simoens, D., “Ongevallenrecht: grensgebieden van aansprakelijkheid, verzekering en sociale verzekering” in M. Storme and H. Bocken (eds.), Verbintenissenrecht, Gent, Storme, 1984, 417-460;

·         Simoens, D., “Hoofdlijnen in de evolutie van het aansprakelijkheidsrecht”, RW 1980-81, 1961-1990 (deel 1) en 2025-2036 (deel 2);

·         Simoens, D., Buitencontractuele aansprakelijkheid, II, Schade en schadeloosstelling in Beginselen van Belgisch Privaatrecht, Vol. XI, Antwerpen, Kluwer, 1999, x+433 p.;

·         Simoens, D., “Beschouwingen over de schadeloosstelling voor welzijnsverlies, tevens aanleiding tot de vraagstelling: integrale, genormeerde of forfaitaire schadeloosstelling?” in M. Van den Bossche (ed.), De indicatieve tabel. Een praktisch werkinstrument voor de evaluatie van menselijke schade, Gent, Larcier, 2001, 79-117;

·         Simoens, D., “Recente ontwikkelingen inzake schade en schadeloosstelling” in B. Tilleman en I. Claeys (eds.), Buitencontractuele aansprakelijkheid, Brugge, die Keure, 2004, 277-325;

·         Simoens, D., “De indicatieve tabel: de belangrijkste innovatie in het Belgische buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht sinds 1804?” in J.-L. Desmecht, T. Papart and W. Peeters (eds.), Indicatieve tabel 2012 / Tableau indicatif 2012, Brugge, Die Keure, 2012, 71-106;

·         Simoens, D., and Huys, J., Arbeidsongevallen, Hasselt, Postuniversitair centrum Limburg, 1980, 106 p.;

·         Sohier, J., “L'action en responsabilité contre des pouvoirs publics : à porter devant les juridictions judiciaires ou, depuis 2014, devant le Conseil d’État?”, RGAR 2015, issue 1, no. 15.138;

·         Somers, S., “Discretionaire bevoegdheid Raad van State om omvang schadevergoeding te bepalen”, NJW 2015, issue 328, 618-625;

·         Spilman, R., Sens et Portée de l’Évolution de la Responsabilité civile depuis 1804, Brussel, Palais des Académies, 1955, 131 p.;

·         Staes, E., Rechtsmisbruik in contractuele en in buitencontractuele aangelegenheden, onuitg. Masterscriptie Rechten K.U.Leuven, 2014-15, v+105 p., available on: http://p1801-aleph08.libis.kuleuven.be.kuleuven.ezproxy.kuleuven.be/vie…;

·         Steennot, R., “Overzicht van rechtspraak. Consumentenbescherming 2003-2007”, TPR 2009, issue 1, 229-556;

·         Stijns, S., “Abus, mais de quell(s) droit(s) ? Réflexions sur l’exécution de bonne foi des contrats et l’abus de droit contractuels”, JT 1990, issue 5533, 33-44;

·         Stijns, S., “Contractualisering van sancties in het privaatrecht, in het bijzonder bij wanprestatie”, RW 2001-02, 1258-1286;

·         Stijns, S., “De matigingsbevoegdheid van de rechter bij misbruik van contractuele rechten in de Belgische rechtspraak van het Hof van Cassatie” in S. Stijns and J. Smits (eds.), Inhoud en werking van de overeenkomst naar Belgisch en Nederlands recht, Antwerpen, Intersentia, 2005, 79-100;

·         Stijns, S., Leerboek Verbintenissenrecht, Boek 1, Brugge, die Keure, 2005, 268 p.;

·         Stijns, S., Leerboek Verbintenissenrecht, Boek 1bis, Brugge, die Keure, 2013, 323 p.;

·         Stijns, S., “Het verbod op misbruik van contractuele rechten” in S. Stijns and P. Wéry (eds.), Le juge et le contrat – De rol van de rechter in het contract, Brugge, die Keure, 2014, 75-141;

·         Stijns, S., and Jansen, S., “Actuele ontwikkelingen inzake de basisbeginselen van het contractenrecht” in S. Stijns, V. Sagaert, I. Samoy and A. De Boeck (eds.), Verbintenissenrecht in Themis, Brugge, die Keure, 2012, 1-50;

·         Stijns, S., and Samoy, I., “La confiance légitime en droit des obligations” in S. Stijns and P. Wéry (eds.), De bronnen van niet-contractuele verbintenissen, Brugge, die Keure, 2007, 47-98;

·         Stijns, S., Van Gerven, D., and Wéry, P., “Chronique de jurisprudence. Les obligations : les sources (1985-1995)”, JT 1996, issue 5817, 689-752;

·         Stijns, S., and Vuye, H., “Tendances et réflexions en matière d’abus de droit en droit des biens” in H. Vuye, P. Wéry, J. Kokelenberg and F. Van Neste (eds.), Eigendom-Propriété, Brugge, die Keure, 1996, 97-159;

·         Storm, P., “Een gebrekkig product”, TVVS 1985, 241–246;

·         Swennen, F., “De logische seconde. Over het toepassingsgebied van artikel 1386bis van het Burgerlijk Wetboek, met bijzondere aandacht voor het begrip ‘partijen’”, TBBR 2000, issue 7, 386-404;

·         Swennen, F., “Aansprakelijkheid van en voor geestesgestoorden” in Comm.Bijz.Ov. Verbintenissenrecht 2003, issue 56, 75 p.;

·         Tunc, A., “Logique et politique dans l’élaboration du droit, spécialement en matière de responsabilité civile” in X. (ed.), Mélanges en l’honneur de Jean Dabin, Brussel, Bruylant, 1963, I, 317-340;

·         Tunc, A., “Responsabilité civile et assurance” in X, Hommage à René Dekkers, Brussel, Bruylant, 1982, 343-357;

·         Ulrichts, H., “Waarom blijft wetgever aan de kant?”, Juristenkrant 2002, issue 41, 12;

·         Ulrichts, H., Schaderegeling in België, Mechelen, Kluwer, 2010, xvi+354 p.;

·         Ulrichts, H., “Indicatieve tabel 2012 onder de loep”, Juristenkrant 2013, issue 266, 6;

·         Ulrichts, H., Schaderegeling in België, Mechelen, Kluwer, 2013, xx+558 p.;

·         Ulrichts, H., “Antwoord op het artikel ‘De Indicatieve Tabel 2012: van (te) normerend naar betwist?’”, RW 2014-15, issue 15, 597;

·         Ulrichts, H., “Schadevergoeding wegens morele schade na overlijden in het gemeen recht en automatische vergoedingsplicht (art. 29bis WAM): hoe een billijke schadeloosstelling bepalen voor onherstelbaar verlies?”, T.Verz. 2015, issue 1, 107-118;

·         Uyttenhove, A., “Verkeersongevallen en socialezekerheidsprestaties - de sociaalrechtelijke positie van verkeersslachtoffers”, TAVW 1999, 239-264;

·         Van de Gehuchte, D., Productaansprakelijkheid in België, Gent, Mys & Breesch, 2000, viii+145 p.;

·         Vandenberghe, H., “Recente ontwikkelingen bij de foutaansprakelijkheid”, Themis 2007, issue 48, 45-85;

·         Vandenberghe, H., Baudoncq, F., Guffens, V., and Viaene, T., “Recente ontwikkelingen bij de foutaansprakelijkheid”, Themis 2004, issue 30, 47-81;

·         Vandenberghe, H., Van Quickenborne, M., and Hamelink, P., “Overzicht van rechtspraak. Aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad (1964-1978)”, TPR 1980, 1139-1475;

·         Vandenberghe, H., Van Quickenborne, M., Wynant, L., and Debaene, M., “Aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Overzicht van rechtspraak 1994-1999”, TPR 2000, issue 4, 1551-1955;

·         Van den Bossche (ed.), M., De nieuwe ‘Indicatieve tabel’: een praktisch werkinstrument voor de evaluatie van menselijke schade, Brussel, De Boek & Larcier, 2001, 153-175;

·         Van De Sype, N., “Morele schade en de begroting ervan” (note to Antwerpen 14 mei 2014), NJW 2015, issue 314, 22-23;

·         van Eeckhoutte, W., Handboek Belgisch Socialezekerheidsrecht. Editie 2009, Mechelen, Kluwer, 2009, xxxviii+461 p.;

·         van Gerven, W., “De invloed van verzekering op het verbintenissenrecht”, RW 1962, issue 14, 777-792;

·         van Gerven, W., “Algemeen overzicht van en actuele tendensen in het aansprakelijkheidsrecht gezien in verband met de medische sector”, Actua Hospitalia, Vol. XII, issue 3, 1972, 267-303;

·         van Gerven, W., with the cooperation of Van Oevelen, A., Verbintenissenrecht, Leuven, Acco, 2015, 728 p.;

·         Vanhalewyn, C., and Michielsens, A., “De burgerlijke aansprakelijkheid en de notariële praktijk”, Notarius 1981, extra issue 2, 1-30;

·         Vanlatum, P., and Vander Eecken, S., “Notariaat en verzekeringen. De verzekering van het notariaat. Een ‘zachte” noodlanding” in Vereniging nederlandstalige licentiaten en masters in het notariaat (ed.), Notariële figuranten: Verslagboek VLN-Congres 4 december 2010, Mechelen, Kluwer, 2010, 71-101;

·         Van Loock, S., “De hervorming van het Franse verbintenissenrecht: Le jour de gloire, est-il arrivé?”, RW 2014-15, issue 40, 1562-1572;

·         Van Neste, F., “Misbruik van recht”, TPR 1967, 339-382;

·         Van Oevelen, A., “Algemene beginselen in het verbintenissen- en contractenrecht” in M. Van Hoecke (ed.), Algemene rechtsbeginselen, Antwerpen, Kluwer Rechtswetenschappen, 1991, 95-157;

·         Van Oevelen, A., “Existe-t-il un principe général de responsabilité extra-contractuelle du fait des personnes dont on doit répondre?”, ERPL 1993, 229-239;

·         Van Oevelen, A., “Actuele jurisprudentiële en legislatieve ontwikkelingen inzake de sancties bij niet-nakoming van contractuele verbintenissen”, RW 1994-95, issue 24, 793-808 and 833-842;

·         Van Oevelen, A., “La modération de la réparation du dommage dans le droit belge et la responsabilité civile extra-contractuelle” in J. Spier (ed.), The limits of liability. Keeping the Floodgates Shut, Den Haag, Kluwer Law International, 1996, 65-74;

·         Van Oevelen, A., “Enkele recente ontwikkelingen inzake schade en schadebegroting in het buitencontractuele aansprakelijkheidsrecht” in X. (ed.), Aansprakelijkheid, aansprakelijkheidsverzekering en andere vergoedingssystemen, Mechelen, Kluwer, 2007, 327-369;

·         Van Oevelen, A., “Enkele actuele knelpunten in het verbintenissenrecht”, RW 2011-12, issue 1, 55-61;

·         Van Oevelen, A., “Woord vooraf” in J. Rozie, S. Rutten and A. Van Oevelen (eds.), Rechtsmisbruik, Antwerpen, Intersentia, 2015, v-vi;

·         Van Oevelen, A., Jocqué, G., Persyn, C., en De Temmerman, B., “Overzicht van rechtspraak. Onrechtmatige daad – Schade en schadeloosstelling (1973-2006)”, TPR 2007, issue 2, 933-1529;

·         Van Ommeslaghe, P., “Abus de droit, fraude aux droits des tiers et fraude à la loi” (note to Cass. 10 september 1971), RCJB 1976, 303-350;

·         Van Ommeslaghe, P., “La réforme de la loi de défense sociale et l’article 1386bis du Code civil”, RDPC 1999, 467-483;

·         Van Ommeslaghe, P., “Le Code civil en Belgique aujourd’hui: le droit des obligations” in D. Heirbaut and G. Martyn (eds.), Napoleons nalatenschap/Un héritage Napoléonien, Mechelen, Kluwer, 2005, 195-219;

·         Van Ommeslaghe, P., Droit des obligations, I, Introduction – Sources des obligations, Brussel, Bruylant, 2010, 935 p.;

·         Van Ommeslaghe, P., Traité de droit civil belge, II, Droit des obligations, II, Sources des obligations (deuxième partie), Brussel, Bruylant, 2013, 953-1768;

·         Van Schoubroeck, C., Verhoeven, F., Wastiau, M., and Laes, E., “Proeve van ontwerp Belgische aanpassingswet aan de EEG-richtlijn inzake Productaansprakelijkheid” in H. Cousy and H. Claassens (eds.), Produktaansprakelijkheid. Veiligheid en verzekering, Antwerpen, Maklu, 1987, 25-116;

·         Van Steenberge, J., “Kritische bedenkingen bij de Indicatieve tabel” in M. Van den Bossche (ed.), De indicatieve tabel. Een praktisch werkinstrument voor de evaluatie van menselijke schade, Gent, Larcier, 2001, 11-20;

·         Vansweevelt, T., “De Wet van 25 februari 1991 inzake produktenaansprakelijkheid”, TBBR 1992, issue 2, 96-122 and 184-216;

·         Vansweevelt, T., “Commentaar bij art. 11 Wet 25 februari 1991” in Comm.Bijz.Ov. 2002, 7 p.;

·         Vansweevelt, T., Buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht en (aansprakelijkheids)verzekeringrecht, Antwerpen, Maklu, 2013, 544 p.;

·         Vansweevelt, T., and Weyts, B., “Het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht: situering, doelstellingen, krachtlijnen, kritiek en vooruitzichten” in UALS (ed.), Verantwoordelijkheid en recht, Mechelen, Kluwer, 2008, 108-131;

·         Vansweevelt, T., and Weyts, B., Handboek buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht, Antwerpen, Intersentia, 2009, 935 p.;

·         Vansweevelt, T., and Weyts, B., “De Indicatieve Tabel 2012: van (te) normerend naar betwist?”, RW 2014-15, issue 7, 243-253;

·         Vansweevelt, T., and Weyts, B., “Wederantwoord van de auteurs op de reactie van H. Ulrichts”, RW 2014-15, issue 15, 598;

·         Van Trimpont, D., and Denoyelle, C., “Indicatieve tabel 2008”, NJW 2008, issue 189, 710-721 and T.Pol. 2008, 146-169;

·         Van Trimpont, D., and Denoyelle, C., “Indicatieve tabel. Versie 2008”, VAV 2008, 381-392;

·         Van Trimpont, D., and Denoyelle, C., “Tableau indicatif – version 2008” in W. Peeters (ed.), De indicatieve tabel herzien, Brugge, die Keure, 2008, 1-34;

·         Van Wilderode, M., “De indicatieve tabel 2012: indicatief, directief of een gemiste kans …?”, VAV 2013, issue 1, 3-18;

·         Velaers, J., “Rechtsmisbruik: begrip, grondslag en legitimiteit” in J. Rozie, S. Rutten and A. Van Oevelen (eds.), Rechtsmisbruik, Antwerpen, Intersentia, 2015, 1-28;

·         Verlinden, J., “Twintig jaar productaansprakelijkheid. Een stand van zaken” in M. Debaene and P. Soens (eds.), Aansprakelijkheidsrecht: actuele tendensen, Brussel, Larcier, 2005, 29-65;

·         Verstraelen, S., “De burgerrechtelijke gevolgen van de uitspraken van administratieve rechtscolleges: wanneer het doel niet alle middelen heiligt” in J. Velaers, J. Vanpraet, W. Vandenbruwaene, Y. Peeters (eds.), De zesde staatshervorming: instellingen, bevoegdheden en middelen, Antwerpen, Intersentia, 2014, 215-240;

·         Vervliet, V., Buitencontractuele aansprakelijkheid bij professionele risico’s, Antwerpen, Intersentia, 2007, xx+679 p.;

·         Viaene, J., Evaluatie van de gezondheidsschade, in J. Viaene, J. Van Steenberge en D. Lahaye (eds.), Schade aan de mens, III, Berchem, Kluwer, 1976, 709 p.;

·         Vrancken, I., “Punitive damages in het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht”, TBBR 2014, issue 9, 426-448;

·         Wéry, P., “La loi du 2 août 2002 concernant la lutte contre le retard de paiement dans les transactions commerciales et ses incidences sur le régime des clauses pénales”, JT 2003, issue 6119, 869-882;

·         Wéry, P., Droit des obligations, Vol. 1, Théorie générale du contrat, Brussel, Larcier, 2011, 1044 p.;

·         Weyts, B., Fout van het slachtoffer in het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht, Antwerpen, Intersentia, 2003, xxiii+564 p;

·         Weyts, B., “Objectieve aansprakelijkheid” in X, Aansprakelijkheid, aansprakelijkheidsverzekering en andere schadevergoedingssystemen. XXXIIIe Postuniversitaire Cyclus Willy Delva 2006-2007, Mechelen, Kluwer, 2007, 371-415;

·         Weyts, B., “Schade veroorzaakt door geestesgestoorde minderjarigen: aansprakelijkheids- en verzekeringsvraagstukken” in Centrum voor Beroepsvervolmaking in de Rechten (ed.), Jongeren, psychiatrie en recht, Antwerpen, Intersentia, 2007, 109-130;

·         Weyts, B., “Actuele ontwikkelingen in het buitencontractueel aansprakelijkheidsrecht” in T. Vansweevelt and B. Weyts (eds.), Actuele ontwikkelingen in het aansprakelijkheidsrecht en verzekeringsrecht. ICAV I, Antwerpen, Intersentia, 2015, 1-24;

·         Weyts, L., Algemeen deel: De Notariswet in Reeks Notarieel Recht, Mechelen, Kluwer, 2015, xiii+389 p.;

·         Wintgens, L.J., “Legisprudence as a New Theory of Legislation”, Ratio Juris, 2006, 1-25;

·         Wintgens, L.J., Legisprudence: practical reason in legislation, Farnham, Ashgate, 2012, 341 p.;

·         Wyckaert, M., “De uitoefening van een cijferberoep in het kader van een rechtspersoon: de gevolgen vor de rechtspersoon, zijn vennoten, zijn bestuurders en zijn vertegenwoordigers” in IBR, IAB and BIBF (eds.), De nieuwe aansprakelijkheidsregeling voor economische beroepen: “rechtspersonen en natuurlijke personen, Antwerpen, Intersentia, 2013, 7-30;

·         Wylleman, A., “Wie zonder “fout” is, werpe de eerste steen…”, TPR 2002, 1619-1623;

·         X, “Indicatieve tabel van de gebruiksderving van voertuigen (op 01.01.1992)”, T.Vred. 1991, 341;

·         X., “Verkeersongevallen: indicatieve lijst der gebruiksdervingen en andere forfaitaire schadevergoedingen (met ingang op 1 januari 1996)”, T.Vred. 1995, 342-346;

·         X, “Indicatieve tabel (2001)”, Verkeersrecht 2001, 290-302, T.Vred. 2001, 210-225, RGAR 2001, 13.455 and TAVW 2001, 166-180;

·         X, “De indicatieve tabel (1 mei 2004)”, NJW 2004, 2-12 and VAV 2004, 163-187;

France

Case law

·         Cass. fr. 3 augustus 1915, D. 1917, 79;

·         Cass. Civ. 2ième 28 octobre 1954, JCP-G 1955, II, 8765, note J. Mazars;

·         Cass. Civ. 2ième 11 juillet 1963, Bull. civ. 1963, II, n° 388;

·         Cass. Civ. 2ième 11 mars 1965, D. 1965, 575, note P. Esmein and RTD civ. 1965, 811, note R. Rodière;

·         Cass. Civ. 2ième 15 décembre 1965, D. 1966, 397, note R. Rodière;

·         Cass. Civ. 2ième 4 mai 1977, Bull. civ. 1977, II, n° 113, D. 1978, 393, note R. Legeais and RTD civ. 1977, 772, note G. Durry;

·         Cass. Civ. 2ième 9 juillet 1981, Bull. civ. 1981, II, n° 156;

·         Cass. Civ. 2ième 24 juin 1987, Bull. civ., II, n° 137, Gaz. Pal. 1988, issue 1, 41 (somm.), note F. Chabas;

·         Cass. Civ. 1re 3 mai 2006, RCA 2006, comm. n° 303;

·         Cass. Civ. 2ième 11 septembre 2008, JurisData n° 2008-044 975, JCP 2008, I, 123, note Ph. Stoffel-Munck;

·         Cass. Civ. 3ième 10 mars 2016, n° 15-10.897, 15-16.679, JurisData, n° 2016-004124;

·         Cass. Civ. 2ième 4 février 2016, n° 10-23.378, 171, JurisData, n° 2016-001630;

·         Cass. Crim. 24 février 2009, n° 08-86.956, RCA 2009, n° 129;

·         Cass. Crim. 22 septembre 2009, n° 08-88.181, D. 2009, 2551;

·         Colmar 2 mei 1855, D. 1865, 9;

Doctrine

·         Ancel, P., “L’abus de droit en droit français et en droit belge” in E. Van den Haute (ed.), Le droit des obligations dans les jurisprudences française et belge, Brussel, Bruylant, 2013, 75-101;

·         Bacache, M., “La nomenclature : une norme ?”, Gaz.Pal. 2014, issue 361, 7-11;

·         Bacache-Gibeili, M., Traité de droit civil, V, Les obligations – La responsabilité civile extracontractuelle, Paris, Economica, 2016, 1097 p.;

·         Barbiéri, J.-F., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386, J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, J.-Cl. Notarial Répertoire, v° Responsabilité civile, Fasc. 203, 2015;

·         Bénabent, A., Droit des obligations, Paris, LGDJ, 2014, ix+730 p.;

·         Berg, O., La protection des intérêts incorporels en droit de la reparation des dommages. Essai d’une théorie en droit français et allemand, Brussel, Bruylant, 2006, xxi+379 p.;

·         Berg, O., “Le dommage objectif” in J.-S. Borghetti, O. Deshayes and C. Pérès (Comité d’organisation), Études offertes à Geneviève Viney. Liber amicorum, Paris, LGDJ, 2008, 63-73;

·         Bernard, A., “Estimer l’inestimable”, RTD Civ. 1995, 271-305;

·         Bessières-Roques, I., Fournier, C., Hugues, H., and Riche, F., Précis d’évaluation du dommage corporel, Paris, L’Argus, 1997,368 p.;

·         Bloch, C., Giudicelli, A., Guettier, C., Julien, J., Krajeski, D., le Tourneau, P., and Poumarede, M., Droit de la responsabilité et des contrats. Régimes d’indemnisation, Paris, Dalloz, 2014, xl+2264 p.;

·         Borghetti, J.-S., “La sanction de la violation par le médecin de son devoir d'information, ou les limites de la réparation intégrale et systématique”, Revue des contrats 2010, issue 4, 1235-1246;

·         Bost-Lagier, V., “Réparation intégrale et solidarité nationale”, Petites Affiches 2005, issue 187, 16-22;

·         Bouilloux, A., “Histoire de la réparation des accidents du travail et des maladies professionnelles, le passage au forfait” in I. Sayn (ed.), Le droit mis en barèmes?, Paris, Dalloz, 2014, 149-164;

·         Brun, P., “Rapport introductif” in La responsabilité civile à l’aube du XXIe siècle : bilan prospectif, Responsabilité civile et assurances 2001, special issue 6bis, 4-9;

·         Brun, P., “Synthèse des travaux de la matinée”, Gaz.Pal. 2010, 1221-1224;

·         Brun, P., Responsabilité civile extracontractuelle, Paris, Litec, 2014, xiii+642 p.;

·         Buffelan-Lanore, Y., and Larribau-Terneyre, V., Droit civil. Les obligations, Paris, Sirey, 2014, xi+1077 p.;

·         Cabrillac, R., Droit des obligations, Paris, Dalloz, 2012, vii+419 p.;

·         Cadiet, L., and le Tourneau, P., Rép. civ. Dalloz 2008, v° Abus de droit;

·         Caillé, C., Rép. civ. Dalloz 2003, Responsabilité du fait des produits défectueux;

·         Calais-Auloy, J., “Existe-t-il en droit français plusieurs régimes de responsabilité du fait des produits ?” in J.-S. Borghetti, O. Deshayes and C. Pérès (Comité d’organisation), Études offertes à Geneviève Viney. Liber amicorum, Paris, LGDJ, 2008, 201-212;

·         Carbonnier, J., Droit civil, IV, Les Obligations, Paris, Presses Universitaires de France, 2000, 665 p.;

·         Cathelineau, A., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386, J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, J.-Cl. Notarial Répertoire, v° Responsabilité civile, Fasc. 150-1, 2013;

·         Chauchard, J.-P., Droit de la sécurité sociale, Paris, LGDJ, 2010, 694 p.;

·         Chabas, F., “Cent ans de responsabilité civile”, Gaz.Pal. 2000, 1399-1430;

·         Conte, P., Rép. civ. Dalloz 2002, Responsabilité du fait personnel;

·         Cour de Cassation, Ordre des avocats au Conseil d'État et à la Cour de cassation, Institut des hautes études pour la justice (IHEJ), École nationale supérieure de sécurité sociale (EN3S) and Centre des hautes études de l'assurance, Les limites de la réparation du préjudice, Paris, Dalloz, 2009, vi+453 p.;

·         Coutant-Lapalus, C., Le principe de réparation intégrale en droit privé, Aix-en-Provence, Presses universitaires d'Aix-Marseille, 2002, 591 p.;

·         Dejean de la Bâtie, N., Appréciation in abstracto et appréciation in concreto en droit civil français in Bibliothèque de droit privé, Vol. LVII, Paris, LGDJ, 1965, 316 p.;

·         Dejean de la Bâtie, N., Aubry & Rau: Droit civil français, VI-2, Responsabilité délictuelle, Paris, Librairies Techniques, 1989, 364 p.;

·         De Poulpiquet, J., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386 and J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, Fasc. 420-60, 2015;

·         De Poulpiquet, J., J.-Cl. Notarial Formulaire, v° Responsabilité notariale, Fasc. 1, 2015;

·         Descamps, O., Les origines de la responsabilité pour faute personnelle dans le code civil de 1804, Paris, LGDJ, 2005, xii+562 p.;

·         Dupeyroux, J.-J., Borgetto, M., and Lafore, R., Droit de la sécurité sociale, Paris, Dalloz, 2015, xiv+1297 p.;

·         Ewald, F., L’Etat providence, Paris, Grasset, 1986, 606 p.;

·         Fabre-Magnan, M., Les obligations, Paris, Presses Universitaires de France, 2004, xxxv+993 p.;

·         Fabre-Magnan, M., Droit des obligations, II, Responsabilité civile et quasi-contrats, Paris, Presses Universitaires de France, 2013, xii+523 p.;

·         Fages, B., Droit des obligations, Paris, LGDJ, 2011, 628 p.;

·         Flour, J., Aubert, J.-L., and Savaux, É., Droit civil. Les obligations, II, Le fait juridique, Paris, Dalloz, 2011, xii+533 p.;

·         Ghestin, J., “La directive communautaire du 25 juillet 1985 sur la responsabilité du fait des produits défectueux”, D. 1986, chron., 135-142;

·         Groutel, H., “Réparation intégrale et barémisation : l’éternelle dispute”, Responsabilité Civile et Assurance 2006, issue 11, 1;

·         Groutel, H., “Droit français” in P. Pierre and F. Leduc (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 107-125;

·         Grynbaum, L., Rép. civ. Dalloz 2004, Responsabilité du fait des choses inanimées;

·         Guédan-Lécuyer, A., “Vers un nouveau fait générateur de responsabilité civile : les activités dangereuses” in J.-S. Borghetti, O. Deshayes and C. Pérès (Comité d’organisation), Études offertes à Geneviève Viney. Liber amicorum, Paris, LGDJ, 2008, 499-509;

·         Ivainer, T., “Le pouvoir souverain du juge dans l’appréciation des indemnités réparatrices”, D. 1972, chron., 7-12;

·         Iweins, P.-A., “États généraux du dommage corporel. Réparation intégrale : mythe ou réalité ?”, Gaz.Pal. 2010, 1198;

·         Jourdain, P., “Du critère de la responsabilité civile” in J.-S. Borghetti, O. Deshayes and C. Pérès (Comité d’organisation), Études offertes à Geneviève Viney. Liber amicorum, Paris, LGDJ, 2008, 553-562;

·         Jourdain, P., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386, J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, J.-Cl. Notarial Répertoire, v° Responsabilité civile, Fasc. 120-10, 2011;

·         Jourdain, P., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386, J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, J.-Cl. Notarial Répertoire, v° Responsabilité civile, Fasc. 121-10, 2015;

·         Julien, J., Rép. civ. Dalloz 2005, Responsabilité du fait d’autrui;

·         Julien, J., Droit des obligations, Brussel, Larcier, 2012, 343 p.;

·         Karimi, A., Les clauses abusives et la théorie de l’abus de droit, Paris, LGDJ, 2001, 414 p.;

·         Keim-Bagot, M., De l'accident du travail à la maladie : la métamorphose du risque professionnel, Paris, Dalloz, 2015, xvi+598 p.;

·         Lalou, H., actualised by P. Azard, Traité pratique de la responsabilité civile, Paris, Dalloz, 1962, 1023 p.;

·         Lambert-Faivre, Y., “Dommage corporel. Mieux réparer l’irréparable (L’article 25 de la loi du 21 décembre 2006” in J.-S. Borghetti, O. Deshayes and C. Pérès (Comité d’organisation), Études offertes à Geneviève Viney. Liber amicorum, Paris, LGDJ, 2008, 567-577;

·         Lambert-Faivre, Y., and Porchy-Simon, S., Droit du dommage corporel. Systèmes d’indemnisation, Paris, Dalloz, 2011, xvi+944 p.;

·         Larroumet, C., and Bros, S., Traité de droit civil, III, Les obligations – Le contrat, Paris, Economica, 2014, 1091 p.;

·         Leduc, F., “L’œuvre du législateur moderne : vices et vertus des régimes spéciaux” in La responsabilité civile à l’aube du XXIe siècle : bilan prospectif, Responsabilité civile et assurances 2001, special issue 6bis, 50-57;

·         Leduc, F., “La conception générale de la réparation intégrale”, 2012, in F. Leduc and P. Pierre (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 31-45;

·         Leduc, F., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386, J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, J.-Cl. Notarial Répertoire, v° Responsabilité civile, Fasc. 201, 2014;

·         Le Roy, M., L’évaluation du préjudice corporel : expertises, principes, indemnités, Paris, Litec, 2007, xii+211 p.;

·         le Tourneau, P., “La responsabilité civile des personnes atteintes d’un trouble mental”, D. 1971, I, n° 2401;

·         le Tourneau, P., Rép. civ. Dalloz 2001, Responsabilité (en général);

·         le Tourneau, P., Responsabilité civile professionnelle, Paris, Dalloz, 2005, xi+166 p.;

·         le Tourneau, P., Dalloz action - Droit de la responsabilité et des contrats, 2014;

·         le Tourneau, P., and Julien, J., “La responsabilité extra-contractuelle du fait d’autrui dans l’avant-projet de réforme du Code civil” in J.-S. Borghetti, O. Deshayes and C. Pérès (Comité d’organisation), Études offertes à Geneviève Viney. Liber amicorum, Paris, LGDJ, 2008, 579-593;

·         Lienhard, C., “2nde partie: Le principe de réparation intégrale et ses conséquences en droit interne”, Gaz.Pal. 2010, 1213-1214;

·         Malaurie, P., Aynès, L., and Stoffel-Munck, P., Les obligations, Paris, Defrénois, 2007, xii+870 p.;

·         Malinvaud, P., Fenouillet, D., and Mekki, M., Droit des obligations, Paris, LexisNexis, 2014, ix+802 p.;

·         Markovits, Y., La Directive C.E.E. du 25 juillet 1985 sur la responsabilité du fait des produits défectueux in Bibliothèque de droit privé, CCXI, Paris, LGDJ, 1990, xii+415 p.;

·         Mazeaud, D., “a) Réforme du droit des contrats”, Revue des contrats 2010, issue 1, 23-29;

·         Mazeaud, D., “Les projets français de réforme du droit de la responsabilité civile”, Petites affiches 2014, n° 52, 8-15;

·         Mazeaud, H. & L., Mazeaud, J., and Chabas, F., Leçons de Droit civil, II, Vol. I, Obligations. Théorie générale, Paris, Montchrestien, 1991, 1355 p.;

·         Mazeaud, H. & L., and Tunc, A., Traité théorique et pratique de la responsabilité civile délictuelle et contractuelle, I, Paris, Éditions Montchrestien, 1965, xv+1080 p.;

·         Mekki, M., “Les fonctions de la responsabilité civile à l'épreuve des fonds d'indemnisation des dommages corporels”, Petites affiches 2005, issue 8, 3-18;

·         Meyer, F., “La problématique de la réparation intégrale”, Droit social 1990, 718-723;

·         Morvan, P., Droit de la protection sociale, Paris, LexisNexis, 2015, xi+1075 p.;

·         Pechinot, J., “Droit français” in P. Pierre and F. Leduc (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 126-134;

·         Périer, M., J.-Cl. Notarial Répertoire, v° Responsabilité civile, Fasc. 202-20, 2014;

·         Périer, M., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386 and J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, Fasc. 202-1-1, 2015;

·         Périer, M., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386 and J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, Fasc. 202-1-2, 2015,

·         Pierre, P., “La mise en œuvre de la réparation intégrale” in P. Pierre and F. Leduc (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 46-63;

·         Pignarre, G., “La responsabilité : débat autour d’une polysémie” in La responsabilité civile à l’aube du XXIe siècle : bilan prospectif, Responsabilité civile et assurances 2001, special issue 6bis, 10-16;

·         Pillebout, J.-F., J.-Cl. Notarial Formulaire, v° Notariat, Fasc. 10, 2015;

·         Porchy-Simon, S., “L’utilisation des barèmes en droit du dommage corporel au regards des principes fondamentaux du droit de la responsabilité civile” in I. Sayn (ed.), Le droit mis en barèmes?, Paris, Dalloz, 2014, 201-211;

·         Pothier, R.J., Traité des obligations, I, Paris, Letellier, 1805, xx+388 p.;

·         Robineau, M., “Le statut normatif de la nomenclature Dintilhac des préjudices”, JCP 2010, issue 22, 1147-1153;

·         Pradel, X., Le préjudice dans le droit civil de la responsabilité in Bibliothèque de droit privé, CDXV, Paris, LGDJ, 2004, ix+528 p.;

·         Prétot, X., Droit de la sécurité sociale, Paris, Dalloz, 2015, x+273 p.;

·         Prévost, J.-B., “Aspects philosophiques de la réparation intégrale”, Gaz.Pal. 2010, 1199-1203;

·         Radé, C., Droit du travail et responsabilité civile in Bibliothèque de droit privé, CCLXXXII, Paris, LGDJ, 1997, xvii+398 p.;

·         Radé, C., J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386, J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, J.-Cl. Notarial Répertoire, v° Responsabilité civile, Fasc. 140, 2011;

·         Revel, J., J.-Cl. Civil Code, Art. 1386-1 à 1386-18, Fasc. 20, 2015;

·         Sanséau, T., J.-Cl. Notarial Formulaire, v° Responsabilité notariale, Fasc. 8, 2014;

·         Savatier, R., Traité de la responsabilité civile en droit français, I, Paris, LGDJ, 1951, xvi+590 p.;

·         Savatier, R., “Le risque, pour l’homme, de perdre l’esprit et ses conséquences en droit civil”, D. 1968, chron., 109-116;

·         Savatier, R., Comment repenser la conception française actuelle de la responsabilité civile, Paris, Dalloz, 1975, 44 p.;

·         Savatier, R., La théorie des obligations en droit privé économique, Paris, Dalloz, 1979, 424 p.;

·         Schamps, G., La mise en danger: un concept fondateur d’un principe general de responsabilité. Analyse de droit compare, Brussel, Bruylant, 1998, xxvii+1140p.;

·         Sériaux, A. “L’avenir de la responsabilité civile. Quel(s) fondement(s) ?” in La responsabilité civile à l’aube du XXIe siècle : bilan prospectif, Responsabilité civile et assurances 2001, special issue 6bis, 58-62;

·         Sériaux, A., Manuel de droit des obligations, Paris, Presses Universitaires de France, 2014, 315 p.;

·         Serverin, E., “Le principe de réparation intégrale des préjudices corporels, au risque des nomenclatures et des barèmes” in I. Sayn (ed.), Le droit mis en barèmes?, Paris, Dalloz, 2014, 245-264;

·         Terré, F., Pour une réforme du droit de la responsabilité civile, Paris, Dalloz, 2011, xi+224 p.;

·         Terré, F., Simler, P., and Lequette, Y., Droit civil. Les obligations, Paris, Dalloz, 2009, x+1542 p.;

·         Traullé, J., L’éviction de l’article 1382 du Code Civil en matière extracontractuelle in Bibliothèque de droit privé, CDLXXVII, Paris, LGDJ, 2007, x+460 p.;

·         Tunc, M.A., “Rapport de synthèse” in A. Dessertine (ed.), L'évaluation du préjudice corporel dans les pays de la C.E.E., Paris, Litec, 1990, 333-346;

·         Urvoas, J.-J., “Ouverture de la consultation sur la réforme du droit de la responsabilité civile”, speech at the start of the public consultation on the preliminary sketch concerning the reform of civil liability law on the 29th of April 2016, available at http://www.justice.gouv.fr/le-garde-des-sceaux-10016/consultation-publi…;

·         Viney, G., Le déclin de la responsabilité individuelle in Bibliothèque de droit privé, Vol. LIII, Paris, LGDJ, 1965, v+416 p.;

·         Viney, G., “Réflexions sur l’article 489-2 du Code civil”, RTD civ. 1970, 251-267;

·         Viney, G. and B. Markesinis, La réparation du dommage corporel. Essai de comparaison des droits anglais et français, Paris, Economica, 1985, xii+179 p.;

·         Viney, G., Traité de droit civil. Introduction à la responsabilité, Paris, LGDJ, 2008, viii+693 p.;

·         Viney, G., and Jourdain, P., Traité de droit civil. Les effets de la responsabilité, Paris, LGDJ, 2011, 963 p.;

·         Viney, G., Jourdain, P., and Carval, S., Traité de droit civil. Les conditions de la responsabilité, Paris, LGDJ, 2013, 1361 p.;

·         X, J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386 and J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, Fasc. 202-40, 2011;

·         X, J.-Cl. Civil Code, Art. 1382 à 1386 and J.-Cl. Responsabilité civile et Assurances, Fasc. 202-50, 2011;

The Netherlands

Case law

·         HR 20 februari 1936, NJ 1936, 420, note E.M.M.;

·         HR 2 april 1937, NJ 1937, 639;

·         HR 18 december 1963, NJ 1964, 100, note N.J.P.;

·         HR 17 januari 1964, NJ 1964, 322, note L.J. Hijmans van den Bergh and S&S 1964, 15;

·         HR 23 januari 1998, nr. 16475, ECLI:NL:HR:1998:ZC2551, NJ 1998, 366;

·         HR 28 mei 1999, no. 16853, no. C97/332HR, NJ 1999, 510, concl. AG Hartkamp;

·         HR 17 november 2000, NJ 2001, 215, note A.R. Bloembergen;

·         HR 2 maart 2001, NJ 2001, 584;

·         HR 27 april 2001, NJ 2002, 91, note C.J.H. Brunner;

·         HR 18 januari 2002, NJ 2002, 158;

·         HR 1 februari 2002, NJ 2002, 122;

·         HR 25 oktober 2002, NJ 2003, 171;

·         HR 13 juli 2007, NJ 2007, 407;

·         HR 5 december 2008, NJ 2009, 387;

·         HR 12 juni 2015, no. 14/02087, ECLI:NL:HR:2015:1600, NJB 2015, issue 25, 1668;

·         Rechtbank Haarlem (Kantonrechter) 19 mei 2010, no. 453029 CV EXPL 10-1199, Prg. 2010, 156, note P. Abas;

·         Rechtbank Zwolle 18 maart 1998, no. 70241, Prg. 1998, 4991, note P. Abas;

Doctrine

·         Abas, P., Rechterlijke matiging van schulden in Monografieën BW, A16, Deventer, Kluwer, 2014, xii+115 p.;

·         Akkermans, A.J., “Normering van schadevergoeding: een inleidend commentaar”, Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade 2002, issue 4, 101-102;

·         Barendrecht, J.M., Kars, E.J., and Morée, E.J., “Schade en schadeberekening in het algemeen” in J.M. Barendrecht, H.M. Storm and D.D. Breukers (eds.), Berekening van schadevergoeding, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1995, 1-63;

·         Bauw, E., Onrechtmatige daad: aansprakelijkheid voor zaken in Monografieën BW, B47, Deventer, Kluwer, 2015, xiii+128 p.;

·         Bloembergen, A.R., Schadevergoeding bij onrechtmatige daad, Deventer, Utrecht, 1965, xvi+459 p.;

·         Bloembergen, A.R., and Lindenbergh, S.D., Schadevergoeding: algemeen, deel 1 in Monografieën nieuw BW, B34, Deventer, Kluwer, 2001, xii+78 p.;

·         Bloembergen, A.R., and van Wersch, P.J.M., Verkeersslachtoffers en hun schade, Deventer, Kluwer, 1973, xiv+241 p.;

·         Boks, D.T., Notariële aansprakelijkheid. Enkele aspecten van de civielrechtelijke aansprakelijkheid van de notaris, Deventer, Kluwer, 2002, xxvi+246 p.;

·         Bolt, A.T., Voordeelstoerekening bij de begroting van de schadevergoeding in geval van onrechtmatige daad en wanprestatie, Deventer, Kluwer, 1989, xiii+287 p;

·         Bolt, A.T., and Spier, J., with the cooperation of Haazen, O.A., De uitdijende reikwijdte van de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad. Preadvies, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1996, xiv+405 p.;

·         Bouman, H.A., and baron van Wassenaer van Catwijck, A.J.O., Schadevergoeding: personenschade in Monografieën Nieuw BW, B37, Deventer, Kluwer, 1991, x+122 p.;

·         Bouman, H.A., and Tilanus-van Wassenaer, G.M., Schadevergoeding: personenschade in Monografieën nieuw BW, B37, Deventer, Kluwer, 1998, xiii+110 p.;

·         Brunner, C.J.H., Aansprakelijkheid naar draagkracht, Deventer, Kluwer, 1973, 20 p.;

·         Brunner, C.H.J., and Pauwels, J., Preadviezen. De invloed van geestelijke gestoordheid op privaatrechtelijke gebondenheid en aansprakelijkheid, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1974, 92 p.;

·         Cahen, J.L.P., Pitlo: Het Nederlands burgerlijk recht, Deel 4, Algemeen deel van het verbintenissenrecht, Deventer, Kluwer, 2002, 384 p.;

·         Damen, L.J.A., “Moet pech weg? Alle pech voor risico van de overheid?” in C.P.M. Cleiren, R.M.G.E. Foqué, J.L.M. Gribnau, R.M. van Male and P.A.M. Mevis (eds.), Voor risico van de overheid? in SI-EUR, part 13, Arnhem, Gouda Quint, 1996, 17-42;

·         de Geest, G., “Schuldloze aansprakelijkheid” in N.F. van Manen and R.H. Stutterheim (eds.), Honderd jaar billijkheid, Nijmegen, Ars Aequi Libri, 1999, 79-90;

·         De groot, G.J., “Wettelijke verplichtingen tot schadevergoeding” in X., Capita Nieuw Burgerlijk Wetboek, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1982, 325-359;

·         de Jong, G.T., Krans, H.B., and Wissink, M.H., Verbintenissenrecht algemeen, Deventer, Kluwer, 2014, xxvii+337 p.;

·         De Tavernier, P., “Droit néerlandais” in P. Pierre and F. Leduc (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 329-344;

·         Deurvorst, T.E., “Burgerlijk Wetboek Boek 6, Artikel 109” in Groene Serie Schadevergoeding, Deventer, Kluwer, losbl., 2011;

·         Deurvorst, T.E., “Burgerlijk Wetboek Boek 6, Artikel 110” in Groene Serie Schadevergoeding, Deventer, Kluwer, losbl., 2011,

·         de Vries, F., Wettelijke limitering van aansprakelijkheid, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1990, xii+268 p.;

·         de Vries, F.J., “Vrijtekening van beroepsaansprakelijkheid”, Ars aequi 1995, issue 3, 186-192;

·         Elzas, R.Ph., Vergoeding van Personenschade in Nederland in A.J.T. – Memo’s, Gent, Mys & Breesch, 1999, x+72 p.;

·         Engelhard, E.F.D., Regres, Deventer, Kluwer, 2003, xviii+441 p.;

·         Engelhard, E.F.D., and van Maanen, G.E., Aansprakelijkheid voor schade: contractueel en buitencontractueel in Monografieën BW, A15, Deventer, Kluwer, 2008, xv+99 p.;

·         Faure, M., “Vergoeding van persoonlijk leed: een rechtseconomische benadering” in G. van Maanen (ed.), De rol van het aansprakelijkheidsrecht bij de verwerking van persoonlijk leed, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2003, 85-102;

·         Faure, M., and Hartlief, T., Nieuwe risico’s en vragen van aansprakelijkheid en verzekering, Deventer, Kluwer, 2002, xvii+338 p.;

·         Fesevur, J.E., “Aansprakelijkheid wegens onrechtmatige daad vanuit een Spinozistische optiek” in J.M. van Buren-Dee, F.W. Grosheide, P.A. Kotenhagen-Edzes and M.J. Kroeze (eds.), Tussen de polen van bescherming en vrijheid. Aspecten van aansprakelijkheid, Antwerpen, Intersentia, 1998, 1-23;

·         Frenk, N., “Utopische wetgeving en verzekerbaarheid”, Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade 2016, 108-117;

·         Giesen, I., “De ‘bindendheid’ van normen bij normering van schadevergoeding”, Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade 2002, issue 4, 127-129;

·         Haentjens, M., and du Perron, E., “Liability for Damage Caused by Others under Dutch Law” in J. Spier, Unification of Tort Law: Liability for Damage Caused by Others, The Hague, Kluwer Law International, 2003, 171-183;

·         Hartkamp, A.S., Mr. C. Asser’s Handleiding tot de beoefening van het Nederlands burgerlijk recht, 6, Verbintenissenrecht, Deel 1, De verbintenis in het algemeen, Deventer, W.E.J. Tjeenk Willink, 2000, xxii+685 p.;

·         Hartkamp, A.S., and Sieburgh, C.H., Mr. C. Asser’s Handleiding tot de beoefening van het Nederlands burgerlijk recht, 6, Verbintenissenrecht, Deel 2, De verbintenis in het algemeen, Deventer, Kluwer, 2013, available via Kluwer-Navigator;

·         Hartlief, T., Ieder draagt zijn eigen schade, Deventer, Kluwer, 1997, 76 p.;

·         Hartlief, T., “Het verzekeringsargument in het aansprakelijkheids- en schadevergoedingsrecht” in T. Hartlief and M.M. Mendel (eds.), Verzekering en maatschappij, Deventer, Kluwer, 2000, 373-395;

·         Hartlief, T., “De notariële beroepsaansprakelijkheid en haar verzekering. Spannende tijden voor het notariaat?”, Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie 2004, issue 6586, 575-586;

·         Hendrikse, M.L., Weekblad voor Privaatrecht, Notariaat en Registratie 2000, 460-463;

·         Huijgen, W.G., and Pleysier, A.J.H., De wetgeving op het notarisambt, Deventer, Kluwer, 2001, xvii+293 p.;

·         Jansen, C.H.M., Onrechtmatige daad: algemene bepalingen in Monografieën Nieuwe BW, B45, Deventer, Kluwer, 2009, xiv+101 p.;

·         Keirse, A.L.M., “Richtlijn 1985/374/EG inzake de aansprakelijkheid voor producten met gebreken” in A.S. Hartkamp, C.H. Sieburgh, L.A.D. Keus, J.S. Kortmann and M.H. Wissink (eds.), De invloed van het Europese recht op het Nederlandse privaatrecht, Deventer, Kluwer, 2014, 33-65;

·         Keirse, A.L.M., and Jongeneel, R.H.C., Eigen schuld en mede-aansprakelijkheid in Monografieën Privaatrecht, Deventer, Kluwer, 2013, xviii+176 p.;

·         Klaassen, C.J.M., Risico-aansprakelijkheid, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1991, xii+376 p.;

·         Klaassen, C.J.M., Schadevergoeding: algemeen in Monografieën nieuw BW, B35, Deventer, Kluwer, 2007, xvii+103 p.;

·         Klosse, S., “Meerwaarde van alternatieve (vergoedings)systemen” in T. Hartlief and S. Klosse (eds.), Einde van het aansprakelijkheidsrecht?, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2003, 77-148;

·         Knol, P.C., Vergoeding van letselschade volgens huidig en komend recht, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1986, x+135 p.;

·         Krispijn, A.E., and Oskam, P., “Werkgeversaansprakelijkheid: Brengt de recente rechtspraak ons een stap verder?”, Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade 2008, issue 3, 83-96;

·         Lindenbergh, S.D., Smartengeld, Deventer, Kluwer, 1998, xv+391 p.;

·         Lindenbergh, S.D., “Verzekerbaarheid van smartengeld” in T. Hartlief and M.M. Mendel (eds.), Verzekering en maatschappij, Deventer, Kluwer, 2000, 397-405;

·         Lindenbergh, S.D., Arbeidsongevallen en beroepsziekten in Monografieën Privaatrecht, Deventer, Kluwer, 2009,

·         Lindenbergh, S.D., Schadevergoeding: algemeen, deel 1 in Monografieën BW, B34, Deventer, Kluwer, 2014, xiv+93 p.;

·         Lindenbergh, S.D., “afdeling 6:10 BW” in Groene Serie Schadevergoeding, Deventer, Kluwer, losbl., 2015;

·         Lindenbergh, S.D., “art. 6:95 BW” in Groene Serie Schadevergoeding, Deventer, Kluwer, losbl., 2015;

·         Lindenbergh, S.D., “art. 6:106 BW” in Groene Serie Schadevergoeding, Deventer, Kluwer, losbl., 2015;

·         Lindenbergh, S.D., Oosterveen, W.J.G., and Frenk, N., “commentaar op art. 6:97 BW” in Tekst & Commentaar Burgerlijk Wetboek, Deventer, Kluwer, losbl., 2015;

·         Lindenbergh, S.D., Oosterveen, W.J.G., and Frenk, N., “commentaar op art. 6:100 BW” in Tekst & Commentaar Burgerlijk Wetboek, Deventer, Kluwer, losbl., 2015;

·         Lindenbergh, S.D., Oosterveen, W.J.G., and Frenk, N., “commentaar op art. 6:101 BW” in Tekst & Commentaar Burgerlijk Wetboek, Deventer, Kluwer, losbl., 2015;

·         Lindenbergh, S.D., and van der Zalm, I., Schadevergoeding: personenschade in Monografieën Nieuw BW, B37, Deventer, Kluwer, 2015, xvi+152 p.;

·         Lindenbergh, S.D., and Wallinga, T., “Compensation of Non-Pecuniary Loss in The Netherlands: Past, Present, Predictions”, The Chinese Journal of Comparative Law 2015, 308-326;

·         Maeijer, J.M.M., Matiging van schadevergoeding, Utrecht, Dekker en Van de Vegt, 1962, 241 p.;

·         Melis, J.C.H., revised by Waaijer, B.C.M., De Notariswet, Deventer, Kluwer, 2012, xxvii+527 p.;

·         Nieuwenhuis, J.H., “Redactionele kanttekeningen: Assurance oblige”, RM Themis 1978, issue 5, 209-211;

·         Nieuwenhuis, J.H., “Ambitieus aansprakelijkheidsrecht” in Stichting Grotius Academie (ed.), Aansprakelijkheid: gronden en grenzen in Kluwer Rechtswetenschappelijke Publicaties, Deventer, Kluwer, 2001, 41-52;

·         Oldenhuis, F.T., Onrechtmatige daad: aansprakelijkheid voor personen in Monografieën BW, B34, Deventer, Kluwer, 2014, xix+139 p.;

·         Overeem, R., Samrtegeld, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1979, xiv+234 p.;

·         Pals, L.H., Onrechtmatige doodslag. Van beperkte naar volledige schadevergoeding, Deventer, Kluwer, 1983, x+277 p.;

·         Rijnhout, R., and Steurrijs, N., “Kroniek Schadevergoedingsrecht 2012-2015”, Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade 2015, issue 4, 126-140;

·         Salomons, R.A., Schadevergoeding: zaakschade in Monografieën Nieuw BW, B38, Deventer, Kluwer, 1993, xii+82;

·         Scholten, P. Schadevergoeding buiten overeenkomst en onrechtmatige daad, Amsterdam, Scheltema & Holkema, 1899, 153 p.;

·         Schoordijk, H.C.F., Het algemeen gedeelte van het verbintenissenrecht naar het Nieuw Burgerlijk Wetboek, Deventer, Kluwer, 1979, xxii+601 p.;

·         Schut, G.H.A., “De aard van de aansprakelijkheid en van de schade”, RM Themis 1978, 380-403;

·         Schut, G.H.A., Onrechtmatige daad, Zwolle, W.E.J. Tjeenk Willink, 1997, vii+194 p.;

·         Slagter, W.J., “Verandering van rechtsvorm of exoneratieclausule?”, Maandblad voor Ondernemingsrecht en rechtspersonen (TVVS) 1995, 93;

·         Snijders, G.M.F., “Productenaansprakelijkheid, twintig jaren later” in P.F.A. Bierbooms, H. Pasman and G.M.F. Snijders (eds.), Aspecten van aansprakelijkheid, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2005, 249-264;

·         Spier, J., Schadevergoeding: algemeen, deel 3 in Monografieën Nieuw BW, B36, Deventer, Kluwer, 1992, xii+113 p.;

·         Spier, J., Hartlief, T., Keirse, A.L.M., Lindenbergh, S.D., and Vriesendorp, R.D., Verbintenissenrecht uit de wet en Schadevergoeding, Deventer, Kluwer, 2015, xxxiii+465 p.;

·         Spier, J., Hartlief, T., van Maanen, G.E., and Vriesendorp, R.D., Verbintenissen uit de wet en Schadevergoeding, Deventer, Kluwer, 2009, xxxiii+431 p.;

·         Stevens, F., “Schadebegroting in het transportrecht: concreet, abstract of eigen recept?”, Tijdschrift Vervoer & Recht 2015, issue 2, 50-57;

·         Stolker, C.J.J.M., “Burgerlijk Wetboek Boek 6, Artikel 190” in Groene Serie Onrechtmatige daad, Deventer, Kluwer, losbl., 2011;

·         Valk, W.L., “commentaar op artikel 2 Boek 6 BW” in Tekst & Commentaar Burgerlijk Wetboek, Deventer, Kluwer, losbl., 2015;

·         van, A., “Recente ontwikkelingen op het gebied van de vergoeding van immateriële schade in de praktijk”, Antwerpen, Intersentia, 2000, 19-35;

·         van Boom, W.H., and van Doorn, C.J.M., “Productaansprakelijkheid en productveiligheid” in E.H. Hondius and G.J. Rijken (eds.), Handboek Consumentenrecht, Zutphen, Uitgeverij Paris, 2006, 261-280;

·         van Dam, C.C., “Smartegeld in Europees perspectief: het verdriet van Europa”, TvC 1991, issue 2, 92-107;

·         van de Bunt, J., “Erkenning door fondsen voor immateriële schade” in G. van Maanen (ed.), De rol van het aansprakelijkheidsrecht bij de verwerking van persoonlijk leed, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2003, 249-265;

·         van den Brink, V., “Redelijkheid en billijkheid en hun overlap met verwante wettelijke bepalingen”, Maandblad voor Vermogensrecht 2012, 23-27;

·         van der Bergh, R.J., “Rechtseconomische kanttekeningen” in Stichting Grotius Academie (ed.), Aansprakelijkheid: gronden en grenzen in Kluwer Rechtswetenschappelijke Publicaties, Deventer, Kluwer, 2001, 111-142;

·         van der Werff, R.C., Verbintenissenrecht in kernzaken burgerlijk recht, Deventer, Kluwer, 2008, xii+164 p.;

·         van Dijk, T.J.J., and van der Helm, J.J., “Een inventarisatie van de in de Nederlandse schaderegeling gehanteerde normen”, Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade 2002, issue 4, 115-117;

·         van Dunné, J.M., Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad – Overige verbintenissen, Deventer, Kluwer, 2004, xxvi+1001 p.;

·         van Maanen, G.E., Onrechtmatige daad. Aspekten van de ontwikkeling en struktuur van een omstreden leerstuk, Deventer, Kluwer, 1986, x+245 p.;

·         van Maanen, G., “De rol van het (aansprakelijkheids)recht bij de verwerking van persoonlijk leed. Enkele gedachten naar aanleiding van het experiment in het Veterans Affairs Medical Centre in Lexington USA” in G. van Maanen (ed.), De rol van het aansprakelijkheidsrecht bij de verwerking van persoonlijk leed, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2003, 1-24;

·         van Maanen, G.E., “Enkele algemene thema’s” in J. Spier, T. Hartlief, A.L.M. Keirse, G.E. van Maanen and R.D. Vriesendorp (eds.), Verbintenissen uit de wet en schadevergoeding, Deventer, Kluwer, 2012, 1-19;

·         van Schilfgaarde, P., “Afgeleide aansprakelijkheid” in Stichting Grotius Academie (ed.), Aansprakelijkheid: gronden en grenzen in Kluwer Rechtswetenschappelijke Publicaties, Deventer, Kluwer, 2001, 25-39;

·         van Zeben, C.J., and du Pon, J.W., with the cooperation of Olthof, M.M., Parlementaire geschiedenis van het nieuwe Burgerlijk Wetboek, Boek 6: Algemeen gedeelte van het verbintenissenrecht, Deventer, Kluwer, 1981, xi+1108 p.;

·         Verheij, A.J., Vergoeding van immateriële schade wegens aantasting in de persoon, Nijmegen, Ars aequi libri, 2002, xxviii+629 p.;

·         Verheij, A.J., Onrechtmatige daad in Monografieën Privaatrecht, 4, Deventer, Kluwer, 2005, xxii+231 p.;

·         Visscher, L.T., “QALY-tijd in de vaststelling van smartengeld bij letsel?”, Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade 2013, 93-101;

·         Wansink, J.H., “Onverzekerbare aansprakelijkheid: (verplichte) directe verzekeringen een aanvaardbaar alternatief?” in T. Hartlief and M.M. Mendel (eds.), Verzekering en maatschappij, Deventer, Kluwer, 2000, 407-421;

·         Wansink, J.H., “Assurance oblige: de maatschappelijk verantwoord handelende verzekeraar in de 21e eeuw”, Aansprakelijkheid, Verzekering & Schade 2003, issue 2, 45-52;

·         Waterman, Y.R.K., De aansprakelijkheid van de werkgever voor arbeidsongevallen en beroepsziekten, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2009, 515 p.;

·         Wissink, M.H., and van Boom, W.H., “The Netherlands. Damages under Dutch Law” in U. Magnus (ed.), Unification of tort law: damages, The Hague, Kluwer Law International, 2001, 143-158;

·         X, Verslag van de op 14 juni 1996 te Amsterdam gehouden algemene vergadering over: De uitdijende reikwijdte van de aansprakelijkheid uit onrechtmatige daad, Deventer, Tjeenk Willink, 1996, 100 p.;

Others

Case law

·         HvJ C-183/00, María Victoria González Sánchez t. Medicina Asturiana SA, Jur. 2002, I, 3901;

·         HvJ C-154/00, Commissie t. Griekenland, Jur. 2002, I, 3879;

·         HvJ C-52/00, Commissie t. Frankrijk, Jur. 2002, I, 3827;

Doctrine

·         Atiyah, P.S., The damages lottery, Oxford, Hart Publishing, 1997, viii+208 p.

·         Burkett, M., “Loss and Damage”, Climate Law 2014, issue 4, 119-130;

·         Calabresi, G., “Some thoughts on risk distribution and the law of torts”, The Yale Law Journal, 1961, 499-553;

·         Ebert, I., “Tort law and insurance” in M. Bussani and A.J. Sebok (eds.), Comparative Tort Law. Global Perspectives, Cheltenham, Edward Elgar Publishing, 2015, 144-150;

·         Ehrenzweig, A.A., “Assurance oblige – A comparative study”, Law.Cont.Probl. 1950, 445-455;

·         Englard, I., The philosophy of tort law, Aldershot, Dartmouth, 1993, 254 p.;

·         Fleerackers, F., Het Recht van de Filosoof, Gent, Larcier, 2009, 297 p.;

·         Fletcher, G.P., “Fairness and utility in tort theory”, Harvard Law Review 1972, 537-573;

·         Fletcher, G.P., “The search for synthesis in tort theory”, Law and Philosophy 1983, 63-88;

·         Hartlief, T., “Op weg naar een Europees aansprakelijkheidsrecht?”, TPR 2002, issue 2, 945-953;

·         Hirschl, R., “The Question of Case Selection in Comparative Constitutional Law”, American Journal Of Comparative Law 2005, Vol. 53(1), 125-155;

·         Hyland, R., “Comparative Law” in D. Patterson (ed.) A Companion to Philosophy of Law and Legal Theory, Cambridge, Blackwell, 1996, 184-199;

·         Jansen, N., “Comparative Law and Comparative Knowledge” in M. Reimann and R. Zimmerman, The Oxford Handbook of Comparative Law, Oxford, Oxford University Press, 2006, 305-338;

·         Karapanou, V., Towards a Better Assessment of Pain and Suffering Damages for Personal Injuries, Antwerpen, Intersentia, 2014, xvii+243 p.;

·         Keren-Paz, T., Torts, Egalitarianism and Distributive Justice, Hampshire, Ashgate, 2007, x+213 p.;

·         Leduc, F., and Pierre, P., “Introduction” in F. Leduc and P. Pierre (eds.), La réparation intégrale en Europe: études comparatives des droit nationaux, Brussel, Larcier, 2012, 19-20;

·         Lemmens, K., “Comparative law as an act of modesty: a pragmatic and realistic approach to comparative legal scholarship” in M. Adams and J. Bomhoff (eds.), Practice and Theory in Comparative Law, Cambridge, Cambridge University Press, 2012, 302-325;

·         Magnus, U., “Comparative Report on the Law of Damages” in U. Magnus (ed.), Unification of tort law: damages, The Hague, Kluwer Law International, 2001, 185-217;

·         Michaels, R., “Functional Method” in M. Reimann and R. Zimmerman, The Oxford Handbook of Comparative Law, Oxford, Oxford University Press, 2006, 339-382;

·         Nieuwenhuis, J.H., “Eurocausaliteit. Agenda voor het Europese debat over toerekening van schade”, TPR 2002, issue 4, 1695-1732;

·         Palmer, V.V., “From Lerotholi to Lando: Some Examples of Comparative Law Methodology”, American Journal of Comparative Law 2005, Vol. 53(1), 261-290;

·         Philippa, M., Debrabandere, F., Quak, A., Schoonheim, T., and van der Sijs, N., Etymologisch woordenboek van het Nederlands, Amsterdam, Amsterdam University Press, 2007, 969 p.;

·         Pound, R., “Law in Books and Law in Action”, American Law Review, 1910, Vol. 44(1), 12-36;

·         Rawls, J., “Justice as fairness”, The Philosophical Review 1958, 164-194;

·         Rawls, J., A theory of justice (revised edition), Oxford, Oxford University Press, 1999, 538 p.;

·         Reitz, J.C., “How to Do Comparative Law”, American Journal of Comparative Law 1998, Vol. 46(4), 617-636;

·         Rogers, W.V.H., Spier, J., en Viney, G., “Preliminary observations” in J. Spier (ed.), The limits of liability. Keeping the Floodgates Shut, Den Haag, Kluwer Law International, 1996, 1-15;

·         Schwitters, R., “Aansprekend aansprakelijkheidsrecht”, NJB 2012, issue 19, 1390-1396;

·         Siems, M., Comparative Law, Cambridge, Cambridge University Press, 2014, xx+416 p.;

·         Smits, J.M., “Rethinking methods in European private law” in M. Adams and J. Bomhoff (eds.), Practice and Theory in Comparative Law, Cambridge, Cambridge University Press, 2012, 170-185;

·         Sterk, C.H.W.M., Verhoogd gevaar in het aansprakelijkheidsrecht, Deventer, Kluwer, 1994, xxii+335 p.;

·         Stoll, H., “Chapter 8. Consequences of liability: remedies” in A. Tunc (ed.), International Encyclopedia of Comparative Law, XI, Torts, Part 2, Tübingen, J.C.B. Mohr (Paul Siebeck), 1986, 1-172;

·         Sugarman, S.D., “Tort damages for non-economic losses: Personal injury” in M. Bussani and A.J. Sebok (eds.), Comparative Tort Law. Global Perspectives, Cheltenham, Edward Elgar Publishing, 2015, 323-356;

·         Unger, J., Handeln auf eigene Gefahr, Jena, Gustav Fischer Verlag, 1904, 150 p.;

·         van Dam, C.C., Aansprakelijkheidsrecht. Een grensoverschrijdend handboek, Den Haag, Boom Juridische uitgevers, 2000, xxvii+510 p.;

·         van Gerven, W., Lever, J., and Larouche, P., Cases, Materials and Text on National, Supranational and International Tort Law, Oxford, Hart Publishing, 2000, xcix+969 p.;

·         Van Hoecke, M., Epistemology and Methodology of Comparative Law, Oxford, Hart, 2004, x+398;

·         van Roermund, B., Legal Thought and Philosophy. What Legal Scholarship is About, Cheltenham, Edward Elgar, 2013, x+304 p.;

·         Werro, F., and Büyüksagis, E., “The bounds between negligence and strict liability” in M. Bussani and A.J. Sebok (eds.), Comparative Tort Law. Global Perspectives, Cheltenham, Edward Elgar Publishing, 2015, 201-225;

·         Zweigert, K., and Kötz, H., Introduction to comparative law, Oxford, Clarendon Press, 1998, xxvi+714 p.

Universiteit of Hogeschool
Master in de Rechten (afstudeerrichting Onderzoeksmaster)
Publicatiejaar
2016
Promotor(en)
Prof.Dr. Ilse Samoy
Kernwoorden
Deel deze scriptie