Nobele familiebanden. Ouder-kindrelaties binnen de adellijke familie de Looz-Corswarem (1732-1792)

Tom Eerkens
Historisch onderzoek naar de relatie tussen ouders en kinderen binnen de adelstand van de achttiende eeuw. Focus ligt op de Oostenrijkse Nederlanden en het prinsbisdom Luik, met de hertogelijke familie de Looz-Corswarem als gevalstudie.

Kinderen van de hertog. Gezinsperikelen van de vergeten familie de Looz-Corswarem.

Downton Abbey, het Britse kostuumdrama over een adellijke familie in historische context, kende een ongeëvenaard succes bij het brede publiek. De soapserie die draaide rond de fictieve familie Crawley was uiteraard een verzinsel, losjes gebaseerd op enkele historische feiten. Deze scriptie daarentegen kan beschouwd worden als ‘een Downton Abbey in het echt’, gebaseerd op historisch onderzoek en bronnenmateriaal uit eigen land. De hoogadellijke familie de Looz-Corswarem doet tegenwoordig echter bij de meeste mensen geen belletje rinkelen, maar tijdens haar hoogtijdagen in de achttiende eeuw behoorde zij tot de hoogste echelons van de samenleving. De familie kwam toen publiekelijk naar buiten als een eensgezind front, maar binnen de private kasteelmuren konden de emoties tussen de individuele familieleden soms hoog oplopen. Vooral ouders en kinderen konden op gespannen voet met elkaar staan, zeker naarmate de kroost de volwassen leeftijd bereikte.

 

De enorme bunker in het hart van Brussel, beter bekend als het Algemeen Rijksarchief, bewaart zorgvuldig het ‘nationale geheugen’. Ook het archief van de adellijke familie de Looz-Corswarem vond er haar onderkomen. Ondanks haar plaatsje in het nationale geheugen vertelt de geschiedschrijving maar bitter weinig over deze hertogelijke familie. Wie waren dan wel de Looz-Corswarems? Bij het begin van de achttiende eeuw traden de leden van de familie de Looz-Corswarem naar voren als de vermeende afstammelingen van de middeleeuwse graven van Loon. ‘Looz’ is immers de Franse benaming voor het graafschap Loon, een gebied dat ongeveer overeenkomt met de Belgische provincie Limburg. Niet alleen aasde de familie doorheen de hele achttiende eeuw op dit gebied, maar trachtte ook via het leger, het hof en de uitbouw van het familiebezit steeds verder op de adellijke en sociale ladder te stijgen. Veelvuldig vertoefden deze adellijke lieden op hun verschillende kastelen en stadsresidenties in de Oostenrijkse Nederlanden en het prinsbisdom Luik, totdat de Franse revolutionairen hen het land uitdreven. In het familiearchief bevindt zich een grote collectie brieven uit deze verwachtingsvolle periode die de tand des tijds uitstekend heeft doorstaan. Op vergeeld briefpapier, met restanten van de opengescheurde zegellak nog klevend op de ommezijde, zetten de directe gezinsleden van de hertog de Looz-Corswarem er hun dagdagelijkse bezigheden en gevoelens uiteen.

 

Guillaume-Joseph de Looz-Corswarem en zijn vrouw Marie-Emmanuelle d’Aix kregen doorheen de tweede helft van de achttiende eeuw zeven kinderen die de vroegste levensstadia overleefden. De Verlichte geesten van die tijd, met Jean-Jacques Rousseau op kop, wilden een revolutie teweegbrengen binnen de gangbare opvoedingspraktijken. Daarbij moest de onschuldigheid en natuurlijke vrijheid van het kind centraal staan. Daarnaast bepaalden sociale conventies dat ouder en kind elk een vaste positie binnen het gezin bekleedden, met bepaalde rechten en plichten ten aanzien van elkaar. Zo verleenden ouders verzorging, opvoeding en instructie aan hun kinderen waarvoor ze in ruil gehoorzaamheid, respect en discipline van hun kroost verkregen. Bovendien hadden de ouders elk een specifiek takenpakket, met de vader als raadgever en familiehoofd en de moeder als vrouw des huizes en verzorgster. Dit was de theorie, maar in praktijk konden de individuele gezinsleden deze sociale conventies en theoretische bevindingen contesteren. Kort samengevat valt de ouder-kindrelatie binnen de adelstand terug te brengen tot een spanningsveld tussen de belangen van de familie en de belangen van het individu. 

 

Langs de ene kant zochten de kinderen van de hertog tijdens hun adolescentie en vroege volwassenheid naar een weg om aan de controle van hun ouders te ontsnappen. Zo konden zij ofwel radicaal ingaan tegen de wil van hun ouders, ofwel pakten zij hun situatie tactisch en gewiekst aan door in te spelen op gevoelens. Emotionele chantage, of het inzetten van ‘de kracht van tranen’, was daarbij niet ongebruikelijk. Volledige isolatie van de rest van de familie was echter uit den boze want zonder enige familiale ondersteuning was de kans groot dat zoon of dochter in de financiële en sociale marginaliteit belandde. Guillaume-Joseph moet dan ook vaak met de handen in zijn grijzende haar achter zijn schrijftafel hebben gezeten, zich afvragend hoe hij zijn zeven kinderen moest beteugelen. Bovendien bepaalde het individuele karakter van elk kind de aard van de relatie met de ouder. Zo was oudste dochter Clémentine, die braaf en doorgaans zonder tegenspraak luisterde, vaders favoriet en trouwste bondgenoot. Oudste zoon Charles-Louis daarentegen was te rebels naar de zin van zijn vader wat uiteindelijk leidde tot een totale breuk tussen de hertog en zijn erfopvolger. 

 

Langs de andere kant hechtten vader en moeder de Looz-Corswarem veel waarde aan de familiale belangen waarbij ze individuele bekommernissen vaak naar de tweede plaats verdrongen. De volgende schakels van de bloedlijn moesten immers het prestige en aanzien van het adellijk geslacht voortzetten en versterken. Het was daarbij niet ongewoon om kinderen in te zetten als politieke en diplomatieke actoren om de belangen van de familie te behartigen, desnoods tegen hun zin of zonder hun toestemming. De familiale huwelijkspolitiek was dan ook een heikel punt dat een familie in rep en roer kon. Het veroorzaakte partijvorming binnen de familie en had diepe breuken tot gevolg die zich soms over meerdere generaties heen konden manifesteren.

 

Tot slot laat ik Guillaume-Joseph de Looz-Corswarem zelf aan het woord. Niet zozeer om een historische evocatie bij de lezer teweeg te brengen, maar wel om de hardnekkige mythe te doorbreken dat de adel in het verleden haar kinderen slechts beschouwde als ‘bloedschakels’. De natuurlijke en emotionele band tussen ouders en kinderen valt immers niet te onderschatten. Dat ondervond ook de hertog, die na een aantal zenuwslopende weken maar al te blij was het bericht van zijn vrouw te horen dat zijn zoon Charles-Louis het levensbedreigende pokkenvirus had overleefd: “De dagen die ik herhaaldelijk heb doorgebracht na de veldslagen, waarin ik mij gedurende tien militaire campagnes heb bevonden, waarin het leven dat ik riskeerde mij telkens werd teruggegeven door de behoudendheid van de Almachtige, zijn voor mij niet zo mooi geweest als deze wanneer u mij hebt verteld dat onze zoon buiten levensgevaar was.

Bibliografie

Bronnen

 

BRUSSEL, Algemeen Rijksarchief (ARA), Archief van de familie de Looz-Corswarem.

Deze studie maakte gebruik van de volgende inventarisnummers uit het familiearchief de Looz-Corswarem: 25, 26, 34, 63, 64, 66, 90, 93, 94, 170, 186, 189, 192, 194, 195, 200, 205, 841, 842, 843, 845, 846, 847, 948, 955, 971, 1000 en 1023.

Deze studie maakte gebruik van de volgende inventaris van het familiearchief de Looz-Corswarem: D’HOORE, B., Inventaris van het archief van de Familie de Looz-Corswarem, Brussel, 2011.

 

 

Werken

 

ARIES, P. Centuries of Childhood, Londen, 1962.

ARIES, P., De ontdekking van het kind. Sociale geschiedenis van school en gezin, Amsterdam, 1987.

ARIES, P., L’enfant et la vie familiale sous l’Ancien Régime, Parijs, 1960.

ASCH, R., ‘Einführung: Adel in der Neuzeit’, Geschichte und Gesellschaft, 33 (2007), 317-329.

BADINTER, E., L’amour en plus. Histoire de l’amour maternel (XVIIIe – XIXe siècle), Parijs, 1980.

BAGGERMAN, A. en DEKKER, R., ‘Adel en autobiografisch schrijven in Nederland, 1500-1814’, Virtus. Jaarboek voor adelsgeschiedenis, 21 (2014), 173-183.

BAGGERMAN, A. en DEKKER, R., Kind van de toekomst. De wondere wereld van Otto van Eck (1780-1798), Amsterdam, 2005.

BENZAQUÉN, A., ‘Childhood, Identity and Human Science in the Enlightenment’, History Workshop Journal, 57 (2004), 35-57.

BLOCH, J., Rousseauism and education in eighteenth-century France, Oxford, 1995.

BLOM, J. en LAMBERTS, E. red., Geschiedenis van de Nederlanden, Amersfoort, 2013,

BOES, E., Het leven van de Brusselse adel in de 18de eeuw, onuitgegeven licentiaatsverhandeling, Leuven, 2001.

 CALUWAERTS, G., Hasselt intra muros. Hasselt binnen de oude wallen. Historiek van straten, pleinen, gebouwen en huizen zoals opgetekend door Jan Juliaan Melchior (1848-1920), Hasselt, 1989.

COSTER, W., Family and Kinship in England 1450-1800, Londen, 2001.

CREMERS, J., Het intieme leven van het adellijke gezin Merode en Hadamar. De persoonlijke briefwisseling van Jean-Philippe-Eugène de Merode en Charlotte Nassau-Hadamar, Leuven, 2004.

CUNNINGHAM, H., Children and Childhood in Western Society since 1500, Londen, 1995.

DAVIS, N., ‘The reasons of misrule: youth groups and charivararis in sixteenth-century France’, Society and Culture in Early Modern France. Eight Essays by Natalie Zemon Davis, Standford, 1975, 97-124.

DE BORMAN, C., ‘Chartes apocryphes publiées par Foppens’, Bulletin de la Commission royale d’histoire, 82 (1913), 183-208.

DE HEMPTINNE, T. en DUMOLYN, J., ‘Historisch adelsonderzoek over de late middeleeuwen en de vroeg-moderne periode in België en Nederland: een momentopname’, Bijdragen en mededelingen betreffende de geschiedenis der Nederlanden, 123 (2008), 481-489.

DEHON, G., L' Université de Douai dans la tourmente (1635-1765): Heurs et malheurs de la Faculté des Arts, Villeneuve-d'Ascq, 1998.

DEKKER, R., ‘Children on their Own. Changing Relations in the Family: the Experience of Dutch Autobiographers, Seventeenth to Nineteenth Centuries’, A. SCHUURMAN en P. SPIERENBURG red., Private Domain, Public Inquiry. Families and Life-styles in the Netherlands and Europe, 1550 to the Present, Hilversum, 1996, 61-71.

DEKKER, R., Uit de schaduw in ’t grote licht. Kinderen in egodocumenten van de Gouden Eeuw tot de Romantiek, Amsterdam, 1995.

DE MAUSSE, L., The History of Childhood, New York, 1975.

DEMOULIN, B. en KUPPER, J., Histoire de la principauté de Liège. De l’an mille à la Révolution, Toulouse, 2002.

DENIS, L., ‘Le dernier seigneur de Wavre en Brabant wallon. Guillaume-Joseph-Alexandre, 4e duc de Looz-Corswarem et de Corswarem-Looz (1732-1803)’, Wavriensia. Bulletin du Cercle Historique et Archéologique de Wavre et de la Région, 28 (1979), 125-147.

DE REN, L., DUERLOO, L. en J. ROEGIERS, De gouverneurs-generaal van de Oostenrijkse Nederlanden, Tielt, 1987.

DE VLIEGER - DE WILDE, K., Adellijke levensstijl. Dienstpersoneel, consumptie en materiële leefwereld van Jan van Brouchoven en Maria Livina de Beer, graaf en gravin van Bergeyck (ca 1685-1740), Brussel, 2005.

DE VOS, C., ‘Limal, ses seigneurs et seigneuries. Les marquis de la Puente (1732-1807)’, Wavriensia. Bulletin du Cercle Historique et Archéologique de Wavre et de la Région, 15 (1966), 69-112.

DEWALD, J., The European Nobility, 1400-1800, Cambridge, 1996.

DONNAY, G., Het koninklijk museum van Mariemont, Brussel, 1987.

DOUXCHAMPS, J., Chanoinesses et chanoines nobles dans les Pays-Bas et la principauté de Liège, Wépion, 1996.

DOUXCHAMPS, H., Les émigrés belges de 1794, Wépion, 1993.

DOUXCHAMPS, H., ‘Les quarante familles belges les plus anciennes subsistantes. Corswarem’, Le Parchemin, 63 (1998), 419-446.

DUERLOO, L. en JANSSENS, P., ‘Looz-Corswarem (de)’, Wapenboek van de Belgische Adel, van de 15de tot de 20ste eeuw, II, Brussel, 1992, 623-625.

D’URSEL, B., ‘Princes en Belgique. Looz-Corswarem et Corswarem-Looz 1734’, Le Parchemin, 78 (2013), 2-29.

DROIXHE, D., ‘Noblesse éclairée, bourgeoisie tendre dans la principauté de Liège au XVIIIe siècle’, R. MORTIER en H. HASQUIN red., La noblesse belge au XVIIIe siècle, (Études sur le XVIIIe siècle, 9), 1982.

FAUVE-CHAMOUX, A., ‘Marriage, Widowhood, and Divorce’, D. KERTZER en M. BARBAGLI red., The History of the European Family. Volume One: Family Life in Early Modern Times, 1500-1789, New Haven en Londen, 2001, 221-256.

FREMONT-BARNES, G., The French Revolutionary Wars, Chicago en Londen, 2001.

FRIJDA, N. en MESQUITA, B., ‘Emoties: natuur of cultuur?’, Nederlands Tijdschrift voor de Psychologie, 47 (1992), 3-14.

GALICIA, L. en POTARGENT, P., Bijdragen tot de geschiedenis van de familie de Corswarem, s.l., s.d.

GAUNT, D., ‘Kinship: Thin Red Lines or Thick Bleu Blood’, D. KERTZER en M. BARBAGLI red., The History of the European Family. Volume One: Family Life in Early Modern Times, 1500-1789, New Haven en Londen, 2001, 257-287.

GHESQUIERE, R., Literaire verbeelding 2. Een geschiedenis van de Europese literatuur en cultuur vanaf 1750, Leuven, 2006.

GILLIS, J., Youth and History. Tradition and Change in European Age Relations, 1770 to the Present, Londen, 1981.

GORDON, S., ‘Institutional and Compulsive Orientations in Selectively Appropriating Emotions to Self’, D. FRANS en E. McCARTHY red., Sociology of Emotions: Original Essays and Research Papers, Greenwich, 1989.

HEIRWEGH, J. en MAT-HASQUIN, M., ‘Itinéraire intellectuel et gestion économique d’un noble hennuyer: Sebastien Charles de la Barre (1753-1838)’, R. MORTIER en H. HASQUIN, La noblesse belge au XVIIIe siècle, (Études sur le XVIIIe siècle, 9), 1982, 94-207.

HÉLIN, E., ‘Het prinsbisdom Luik op het politieke schaakbord’, P. JANSSENS red., België in de 17de eeuw. De Spaanse Nederlanden en het prinsbisdom Luik, Gent, 2006, 259-286. 

HERTEL, S., Maria Elisabeth, Österreichische Erzherzogin und Statthalterin in Brüssel (1725-1741), Wenen, Keulen en Weimar, 2014.

HEYMANS, V., Het Coudenburgpaleis te Brussel. Van middeleeuws tot archeologische site, Gent, 2014.

HEYWOOD, C., A History of Childhood. Children and Childhood in the West from Medieval to Modern Times, Cambridge, 2001.

HOPKINS, D., The Greatest Killer: Smallpox in History, Chicago, 2002.

HUDEMANN-SIMON, C., La noblesse luxembourgeoise au XVIIIe siècle, Luxemburg, 1985.

HUNT, D., Parents and Children in History. The Psychology of Family Life in Early Modern France, New York en Londen, 1972.

JANSSENS, P., De evolutie van de Belgische adel sinds de late middeleeuwen, Brussel, 1998.

JANSSENS, P., ‘Vivre noblement hier et aujourd’hui’, Belgisch Tijdschrift voor Filologie en Geschiedenis, 88 (2010), 339-348.

KERTZER, D. en BARBAGLI, M. (red.), The History of the European Family. Volume One: Family Life in Early Modern Times, 1500-1789, New Haven en Londen, 2001.

KOOIJMANS, L., ‘Vriendschap, een 18e-eeuwse familiegeschiedenis’, Tijdschrift voor Sociale Geschiedenis, 28 (1992), 48-65.

KOOIJMANS, L., Vriendschap en de kunst van het overleven in de zeventiende en achttiende eeuw, Amsterdam, 1997.

KRAUSMAN BEN-AMOS, I., Adolescence and Youth in Early Modern England, New Haven en Londen, 1994.

KUIPER, Y., ‘Eer, patronage en statusconsumptie. Over adelsonderzoek naar de vroegmoderne tijd’, Virtus. Jaarboek voor adelsgeschiedenis, 12 (2005), 164-176.

LESEMANN, S., ‘Liebe und Strategie. Adlige Ehen im 18. Jahrhundert’, Historische Anthropologie: Kultur, Gesellschaft, Alltag, 8 (2000), 189-190.

MACFARLANE, A., The Family Life of Ralph Josselin. A seventeenth-century clergyman. An essay in historical anthropology, Cambridge, 1970.

MAYER, A., The Persistence of the Old Regime: Europe to the Great War, New York, 1981.

MENGAL, P., ‘Un grand seigneur de la fin du XVIIIe siècle. Guillaume-Joseph, 4e duc de Looz-Corswarem (1732-1803), L’Intermédiaire des Généalogistes, 172 (1974), 262-267.

MUCHEMBLED, R., De uitvinding van de moderne mens. Collectief gedrag, zeden, gewoonten en gevoelswereld van de middeleeuwen tot de Franse Revolutie, Amsterdam, 1991, 252-272.

NIJSSEN, R., Van grote en kleine komaf. Onderzoeksgids voor de geschiedenis van de kasteelbewoners in haspengouw: Gingelom, Leuven, 2013.

NOORDMAN, J. en VAN SETTEN, H., ‘De ontwikkeling van de ouder/kind-verhouding in het gezin’, H. PEETERS et al. red., Vijf eeuwen gezinsleven. Liefde, huwelijk en opvoeding in Nederland, Nijmegen, 1988, 140-162.

O’DAY, R., The Family and Family Relationships, 1500-1900. England, France and the United States of America, Londen, 1994.

OZMENT, S., Ancestors: the Loving Family in Old Europe, Cambridge (Mass.), 2001.

OZMENT, S., The Bürgermeister’s Daughter. Scandal in a Sixteenth-Century German Town, New York, 1996.

OZMENT, S., Three Behaim Boys. Growing up in Early Modern Germany, New Haven en Londen, 1990.

PEDERSEN, M., ‘Gevormd tot het juiste karakter. Adellijke mentaliteit en de hertogen van Augustenborg aan het einde van de achttiende eeuw’, Virtus. Jaarboek voor adelsgeschiedenis, 15 (2008), 121-141.

PEETERS, H. et al. red., Vijf eeuwen gezinsleven. Liefde, huwelijk en opvoeding in Nederland, Nijmegen, 1988.

POLLOCK, L., Forgotten children. Parent-child relations from 1500 to 1900, Cambridge, 1983.

POLLOCK, L., ‘Parent-Child Relations’, D. KERTZER en M. BARBAGLI (red.), The History of the European Family. Volume One: Family Life in Early Modern Times, 1500-1789, New Haven en Londen, 2001, 191-220.

RENARD, L., Corswarem au bon vieux temps, Waremme, 1968.

RENARD, L., Histoire de Corswarem. Tome I: Les seigneurs de Corswarem (1138-1803), Waremme, s.d.

RIBEIRO, A., Dress in eighteenth-century Europa, 1715-1789, Londen, 1984.

ROBERTS, B., ‘Fatherhood in eighteenth-century Holland: the Van der Muelen brothers’, Journal of family history, 21 (1996), 218-228.

ROBERTS, B., Through the keyhole. Dutch child-rearing practices in the 17th and 18th century. Three urban elite families, Hilversum, 1998.

ROEGIERS, J., ‘De universiteiten in de Zuidelijke Nederlanden’, De zeventiende eeuw. Cultuur in de Nederlanden in interdisciplinair perspectief, 13 (1997), 223-234.

RUBERG, W., Conventionele correspondentie. Briefcultuur van de Nederlandse elite, 1770-1850, Nijmegen, 2005.

SABEAN, D. en TEUSCHER, S., ‘Kinship in Europe. A New Approach to Long Term Development’, D. SABEAN, S. TEUSCHER en J. MATHIEU red., Kinship in Europe. Approaches to Long-term Development (1300-1900), New York en Oxford, 2010, 1-32.

SCOTT, H. en STORRS, C., ‘Introduction: The Consolidation of Noble Power in Europe, c.1600-1800’, H. SCOTT (red.), The European Nobilities in the Seventeenth and Eighteenth Centuries, I, Londen, 1995, 1-52.

SHORTER, E., The Making of the Modern Family, Londen, 1976.

STEARNS, P. en STEARNS, C., ‘Emotionology: clarifying the history of emotions and emotional standards’, The American Historical Review, 90 (1985), 813-836.

STONE, L., Family, Sex and Mariage in England, 1500-1800, Londen, 1977.

STURKENBOOM, D., Spectators van hartstocht. Sekse en emotionele cultuur in de achttiende eeuw, Hilversum, 1998.

STURKENBOOM, D., ‘ “…want ware zielesmart is niet woordenrijk” Veranderende gevoelscodes voor nabestaanden 1750-1988’, A. VAN DER ZEIJDEN, Cultuurgeschiedenis van de dood, Amsterdam, 1990, 84-113.

TILLYARD, S., Aristocrats. Caroline, Emily, Louise and Sarah Lennox 1740 – 1832, Londen, 1994.

TILLYARD, S., In naam van de liefde: het leven van Caroline, Emily, Louisa en Sarah Lennox 1740-1832, Amsterdam, 1995.

TOVROV, J., The Russian Noble Family. Structure and Change, New York en Londen, 1987.

TRENARD, L., De Douai à Lille … : une université et son histoire, Rijsel, 1978. 

TREPP, A., ‘The Emotional Side of Men in Late Eighteenth-Century Germany (Theory and Example)’, Central European History, 27 (1994), 127-152.

TRUMBACH, R., The Rise of the Egalitarian Family. Aristocratic Kinship and Domestic Relations in Eighteenth-Century England, New York, 1978.

UBACHS, P. en EVERS, I., Historische Encyclopedie Maastricht, Zutphen, 2005.

UBACHS, P., Handboek voor de geschiedenis van Limburg, Hilversum, 2000.

‘Van Bylandt’, Jaarboek van den Nederlandschen Adel, 4 (1891), 58-141.

‘Van Bylandt’, Nederland’s Adelsboek, 80 (1989), 599-632.

VAN DEN BERG, J., Metabletica of leer der veranderingen. Beginselen van een historische psychologie, Nijkerk, 1956.

VAN DEN BERG, M., ‘De adel in de achttiende eeuw: een “leisure class”?’, J. VERBESSELT e.a. red., De adel in het hertogdom Brabant, Brussel, 1985, 143-183.

VAN HOUDT, T., Mietjes, monsters en barbaren. Hoe we de klassieke oudheid gebruiken om onszelf te begrijpen, Antwerpen, 2015.

VAN NIEROP, H., Van ridders tot regenten : de Hollandse adel in de zestiende en de eerste helft van de zeventiende eeuw, Dieren, 1984.

VEBLEN, T., The Theory of the Leisure Class, an Economic Study of Institutions, Londen, 1949.

VERBERCKMOES, J., ‘Noble Women Managing Family Lives. The Private Letters of the Goubau Sisters in 18th Century Antwerp’, Belgisch Tijdschrift voor Filologie en Geschiedenis, 88 (2010), 435-454.

VERBESSELT, J. e.a., De adel in het hertogdom Brabant, Brussel, 1985.

De Verlichting in de Oostenrijkse Nederlanden en het prinsbisdom Luik, Brussel, 1983.

VICKERY, A., The Gentleman’s Daughter. Women’s Lives in Georgian England, New Haven en Londen, 1998.

VIERHAUS, R. (red.), Der Adel vor der Revolution, Göttingen, 1971.

 

 

Multimedia

 

CAFFREY, D., Aristocrats, dvd, BBC, 2009.

 

 

Digitale informatie

 

KUDRNA, L., Biographical Dictionary of all Austrian Generals during the French Revolutionary and Napoleonic Wars, 1792-1815, 2008 (http://www.napoleon-series.org/research/biographies/Austria/AustrianGen…). Geraadpleegd op 9 augustus 2016.

Universiteit of Hogeschool
Master of Arts in de Geschiedenis
Publicatiejaar
2016
Promotor(en)
Prof. dr. Johan Verberckmoes
Kernwoorden
Share this on: