Op zoek naar je innerlijk kompas. Een onderzoek naar de relatie tussen ouderlijke autonomieondersteuning en identiteits- ontwikkeling.

Emilie Colon
Jongeren worden de dag van vandaag steeds meer overladen door allerlei keuzes. Hoe kunnen opvoedingsfiguren jongeren bijstaan in hun zoektocht naar wat ze echt belangrijk vinden?

De weg kwijt naar je identiteit - De rol van opvoedingsfiguren in jongeren hun zoektocht naar hun ware ik

Generatie keuzestress: Meer dan een op de drie jongeren zit slecht in zijn vel” (Clemens, 2016). Vandaag de dag worden jongeren steeds meer overladen door allerlei keuzeopties: studeren ze verder? Blijven ze nog even thuis wonen? Reizen ze eerst? Heel wat volwassenen zien deze vrijheid als een voorrecht want vroeger hadden zij deze mogelijkheden niet. Jongeren moeten dus al hun kansen grijpen en deze ten volle benutten. Keuzes maken is echter niet meer zo vanzelfsprekend als het lijkt. De angst om niet op een keuze terug te kunnen komen of ouders teleur te stellen zijn hier illustraties van.

 

 

1. Intern kompas

Bij het maken van dergelijke keuzes is het belangrijk over een stevig intern kompas te beschikken. Jongeren zijn zich er idealiter van bewust wat er aan de basis van hun keuzes ligt. Niet enkel het onderzoeken van de verschillende keuzeopties is van belang, maar eveneens dat de keuzes overeenstemmen met hun diepere voorkeuren en interesses. Een cruciale voorwaarde hierbij is dat jongeren autonoom hun keuzeopties kunnen bekijken. Dit is van essentieel belang aangezien de omgeving het maken van keuzes vaak onrechtstreeks beïnvloedt. Vele jongeren willen anderen plezieren of zijn bang om niet aan de verwachtingen te voldoen waardoor het maken van keuzes met twijfels en druk gepaard kan gaan (Vansteenkiste & Soenens, 2015).

 

Intern kompas.  Een gezonde identiteitsontwikkeling uit zich in de opbouw van een stevig intern kompas. De jongeren kunnen aangeven wat ze belangrijk vinden en waarvoor ze willen staan. Jongeren met een stevig intern kompas hebben bovendien het gevoel dat ze zichzelf kunnen zijn, ze hoeven met andere woorden geen toneel te spelen.

 

2. De rol van opvoedingsfiguren in de ontwikkeling van het intern kompas

De vraag is hoe de ontwikkeling van het intern kompas geactiveerd en gestimuleerd kan worden. Het antwoord ligt voor een groot deel bij de opvoedingsfiguren, meer bepaald in welke mate ze de autonomie van de kinderen ondersteunen.

 

Uit voorgaand onderzoek bleek reeds dat ouderlijke autonomie-ondersteuning positief gerelateerd is aan het welbevinden van jongeren (Soenens et al., 2007). Tot voor kort verstond men onder autonomie-ondersteuning het minimaliseren van controle, het empathisch zijn en het aanbieden van keuzeopties (= de klassieke elementen). Assor (2012) breidde het begrip autonomie-ondersteuning uit. Deze uitbreiding integreerden we in het onderzoek. We onderscheidden drie autonomie-ondersteunende elementen:

  • Klassieke autonomie-ondersteuning: minimaliseren van controle, empathisch zijn en aanbieden van keuzes;
  • Rolmodel: ouders stellen zelf het gewaardeerde gedrag om aan te tonen dat het effectief waardevol en aangenaam is. Jongeren voelen zich zo niet verplicht om het gedrag over te nemen en lijken dit zelfs graag te willen;
  • Actief coachen: ouders stimuleren de jongere om een actieve, open zoektocht te voeren naar wat hij/zij echt wil en waardeert. Daarnaast is het belangrijk om de jongere te ondersteunen bij het reflecteren over diens waarden.

 

3. Onderzoek

We onderzochten bovenstaande bevindingen bij jongeren verspreid over twee scholen. Op de eerste school werden leerlingen uit het vierde, vijfde en zesde middelbaar gerekruteerd (476 leerlingen, verder adolescenten genoemd). Op de tweede school namen eerste bachelor studenten deel (195 studenten, verder jongvolwassenen genoemd).

 

Wanneer we de resultaten bekijken, onderstreept onze eerste bevinding het belang van de modelfunctie van ouders. Bij beide groepen werd aangetoond dat het als ouder van essentieel belang is om het goede voorbeeld te geven. Het is met m.a.w. belangrijk om als ouder zelf het gewaardeerde gedrag te stellen en te tonen dat je doelen nastreeft die persoonlijk waardevol zijn en mogelijks zelfs aangenaam om na te streven. Zo ontdekken jongeren dat hun vooropgestelde doelen haalbaar zijn indien ze er inspanningen voor leveren.

 

Wat betreft de modelfunctie en de actieve coaching, observeren we verschillende paden. Bij adolescenten is voornamelijk de actieve coaching van belang, terwijl bij jongvolwassenen de klassieke autonomie-ondersteuning primeert.

 

Adolescenten blijken dus meer nood te hebben aan directe sturing en begeleiding bij het zoeken naar hun doelen, waarden en interesses (= actieve coaching). Hun identiteit is volop in ontwikkeling en ze staan voor heel wat belangrijke keuzes. Het maken van dergelijke keuzes is voor hen vaak nieuw en kan met heel wat twijfels en onzekerheden gepaard gaan. Indien ouders coachen en structuur bieden, is dit positief voor het welbevinden van de jongere. De jongere voelt zich meer zelfzeker, betrokken, tevreden, verwant met de ouder en wil graag met hen vaker over dergelijke zaken praten (Mauras, Grolnick & Friendly, 2012).

 

Jongvolwassenen staan daarentegen verder in hun identiteitsontwikkeling en kunnen daardoor op een meer zelfstandige basis keuzes maken. Hierdoor kan de actieve coaching van ouders als onnodig of zelfs als bemoeizuchtig ervaren worden. Bij jongvolwassenen blijken daarentegen de klassieke elementen van autonomie-ondersteuning wel van belang. Het minimaliseren van controle, het empathisch zijn en het bieden van keuzevrijheid zijn met andere woorden positief geassocieerd met de identiteitsontwikkeling.

Het is als ouder echter afwegen op welke leeftijd het kind voldoende vertrouwen heeft om zelfstandig keuzes te maken. De ouder kan dit doen door zijn kind te vragen om bepaalde zaken samen te bespreken en door te bevragen of het kind hulp kan gebruiken bij het maken van keuzes.

 

 

4. Take home message

Het is van groot belang om als ouder consistent te zijn in het communiceren van regels en verwachtingen door zelf het goede voorbeeld te geven en te tonen dat iets intrinsiek waardevol is (= rolmodel), ongeacht de leeftijd van de jongere.

 

Als ouder van een adolescent is het daarbovenop belangrijk om een coachende rol op te nemen. Jongeren komen vaak in aanraking met sociale media, peer pressure… wat het maken van keuzes kan bemoeilijken. Het is als ouder van belang om de jongere te ondersteunen in de zoektocht naar wat hij / zij echt belangrijk vindt (= waarden en normen) en verschillende keuzeopties te bieden.

 

Deze coachende rol blijkt bij jongvolwassenen van minder belang. Het minimaliseren van controle, empathisch zijn en bieden van keuzevrijheid is daarentegen wel bevorderlijk voor jongvolwassenen hun identiteitsontwikkeling en welbevinden.

Bibliografie

Adams, G. R. (1985). Family correlates of female adolescents’ ego-identity development. Journal of Adolescence, 8, 69–82. doi:10.1016/S0140-1971(85)80008-7

Adams, G. R. (1999). The objective measure of ego identity status: a manual on theory and test construction. Department of Family Relations and Applied Nutrition. University of Guelph, Guelph, Ontario, Canada.

Adams, G. R., & Jones, R. M. (1983). Female adolescents’ identity development: Age comparisons and perceived childrearing experiences. Developmental Psychology, 19, 249–256. doi: 10.1037/0012-1649.19.2.249

Arnett, J. J. (2000). Emerging adulthood: A theory of development from the late teens through the twenties. American Psychologist, 55, 469-480. doi: 10.1037/0003-066x.55.5.469

Assor, A. (2012). Allowing choice and nurturing an inner compass: Educational practices supporting students’ need for autonomy. In S. L. Christenson et al. (Eds), Handbook of research on student engagement (pp. 421-439). Springer. doi: 10.1007/978-1-4614-2018-7_20

Assor, A., Roth, G., & Deci, E. L. (2004). The emotional costs of parents’ conditional regard: A self-determination theory analysis. Journal of Personality, 72, 47-88. doi: 10.1111/j.0022-3506.2004.00256.x

Baron, R. M., & Kenny, D. A. (1986). The moderator–mediator variable distinction in social psychological research: Conceptual, strategic, and statistical considerations. Journal of Personality and Social Psychology, 51, 1173–1182. doi: 10.1037/0022-3514.51.6.1173

Berk, L. E. (2014). Development through the lifespan (custom edition). US: Pearson Education.

Berzonsky, M. D. (1988). Self-theorists, identity status, and social cognition. In D. K. Lap- sley & F. C. Power (Eds.), Self, ego, and identity: Integrative approaches (pp. 243–262). New York: Springer-Verlag. doi: 10.1007/978-1-4615-7834-5_12

Berzonsky, M. D. (1990). Self-construction over the life-span: A process perspective on identity formation. In G. J. Neimeyer & R. A. Neimeyer (Eds.), Advances in personal construct psychology (Vol. 1, pp. 155–186). Greenwich, CT: JAI Press.

Berzonsky, M. D. & Adams, G. R. (1999). Reevaluating the identity status paradigm: Still useful after 35 years. Developmental Review, 19, 557-590. doi: 10.1006/drev.1999.0495

Berzonsky, M. D. (1994a, July). A diffuse/avoidant identity processing style: Confused self or self-serving strategy? Paper presented at the Biennial Meetings of the International Society for the Study of Behavioral Development, Amsterdam, The Netherlands.

Berzonsky, M. D., Rice, K. G., & Neimeyer, G. J. (1990). Identity status and self-construct systems: Process 3 Structure interactions. Journal of Adolescence, 13, 251–263. doi: 10.1016/0140-1971(90)90017-2

Bosma, H. A. (1992). Identity in adolescence: Managing commitments. In G. R. Adams, T. P. Gullotta, & R. Montemayor (Eds.), Adolescent identity formation (pp. 91–121). Newbury Park, CA: Sage.

 

Bosma, H. A. (2004). Identiteitsontwikkeling. In J. de Wit, W. Slot, & M. van Aken (Eds.), Psychologie van de adolescentie: Basisboek (pp. 125-142). Baarn: HB.

Bosman, R. (1993). Opvoeden in je eentje: Een onderzoek naar de betekenis van het moedergezin voor de onderwijskansen van kinderen. Lisse, Swets en Zeitlinger. Ook verschenen als proefschrift Groningen.

Brittain, C.V. (1963). Adolescent choices and parent-peer cross-pressures. American Sociological Review, 28 (3), 385-391. doi: 10.2307/2090349

Crocetti, E., Klimstra, T., Keijsers, L., Hale, W. & Meeus, W. (2009). Anxiety trajectories and identity development in adolescence: A five-wave longitudinal study. Journal of Youth and Adolescence, 38, 839-849. doi: 10.1007/s10964-008-9302-y

Crocetti, E., Rubini, M., Luyckx, K. & Meeus, W. (2008). Identity formation in early and middle adolescents from various ethnic groups: From three dimensions to five statuses. Journal of Youth and Adolescence, 37, 983-996. doi:10.1007/s10964-007-9222-2

Crocetti, E., Rubini, M. & Meeus, W. (2008). Capturing the dynamics of identity formation in various ethnic groups: Development and validation of a three-dimensional model. Journal of Adolescence, 31, 207-222. doi: 10.1016/j.adolescence.2007.09.002

Deci, E. L., & Ryan, R. M. (1985). Intrinsic motivation and self-determination in human behavior. New York: Plenum. doi: 10.1007/978-1-4899-2271-7

Deci, E. L., & Ryan, R. M. (2000). The "what" and "why" of goal pursuits: Human needs and the self-determination of behavior. Psychological Inquiry, 11, 227-268. doi: 10.1207/s15327965pli1104_01

Diener, E., Emmons, R.A., Larsen, R.J. & Griffin, S. (1985). The Satisfaction with Life Scale. Journal of Personality Assessment, 49, 1, 71-75. doi: 10.1207/s15327752jpa4901_13

Erikson, E. (1964). Insight and responsibility. New York: Norton.

Erikson, E. (1968). Identity: Youth and crisis. New York: Norton.

Feldman, R.S. (2005). Ontwikkelingspsychologie (tweede druk). Amsterdam: Pearson Education Benelux.

Grolnick, W. S., Deci, E. L., & Ryan, R. M. (1997). Internalization within the family: The self-determination theory perspective. London: Wiley.

Grolnick, W. S., & Ryan, R. M. (1989). Parent styles associated with children's self-regulation and competence in school. Journal of Educational Psychology81, 143-154. doi: 10.1037//0022-0663.81.2.143

Grolnick, W. S., Ryan, R. M., & Deci, E. L. (1991). The inner resources for school performance: Motivational mediators of children's perceptions of their parents. Journal of Educational Psychology53, 508-517. doi: 10.1037//0022-0663.83.4.508

Grotevant, H. D. (1987). Toward a process model of identity formation. Journal of Adolescent Research, 2, 203–222.  doi: 10.1177/074355488723003

 

Grotevant, H. D., & Cooper, C. R. (1985). Patterns of interaction in family relationships and the development of identity exploration in adolescence. Child Development, 56, 415– 428. doi: 10.2307/1129730

Grotevant, H. D., Thorbecke, W., & Meyer, M. L. (1982). An extension of Marcia’s Identity Status Interview into the interpersonal domain. Journal of Youth and Adolescence, 11, 33–47. doi: 10.1007/bf01537815

Kasser, T. (2002). Sketches for a self-determination theory of values. In E. L. Deci & R. M. Ryan (Eds.), Handbook of self-determination research (pp. 123– 140). Rochester, NY: University of Rochester Press.

Kerpelman, J. L., Pittman, J. F., & Lamke, L. K. (1997). Toward a microprocess perspective on adolescent identity development: An identity control theory approach. Journal of Adolescent Research, 12, 325–346. doi: 10.1177/0743554897123002

Kroger, J. (1985). Separation–individuation and ego identity status in New Zealand university students. Journal of Youth and Adolescence, 14, 133–147. doi: 10.1007/bf02098653

Kroger, J. (2000). Ego identity status research in the new millennium. International Journal of Behavioral Development, 24 (2), 145-148. doi: 10.1080/016502500383250

Kroger, J., & Haslett, S. J. (1988). Separation–individuation and ego identity status in late adolescence: A two-year longitudinal study. Journal of Youth and Adolescence, 17, 59–79. doi: 10.1007/bf01537677

Losier, G. F., Perreault, S., Koestner, R., & Vallerand, R. J. (2001). Examining individual differences in the internalization of political values: Validation of the self-determination scale of political motivation. Journal of Research in Personality, 35, 41-61. doi: 10.1006/jrpe.2000.2300

Luyckx, K., Goossens, L., Soenens, B. (2006). A developmental contextual perspective on identity construction in emerging adulthood: Change dynamics in commitment formation and commitment evaluation. Developmental Psychology, 42, 366-380. doi: 10.1037/0012-1649.42.2.366

Luyckx, K., Goossens, L., Soenens, B., & Beyers, W. (2006). Unpacking commitment and exploration: Preliminary validation of an integrative model of adolescent identity formation. Journal of Adolescence, 29, 361-378. doi: 10.1016/j.adolescence.2005.03.008

Luyckx, K., Goossens, L., Soenens, B., Beyers, W., & Vansteenkiste, M. (2005). Identity statuses based upon four rather than two identity dimensions: Extending and refining Marcia’s paradigm. Journal of Youth and Adolescence, 34, 605-618. Doi: 10.1007/s10964-005-8949-x

Luyckx, K., Klimstra, T. A., Duriez, B., Van Petegem, S. & Beyers, W. (2013). Personal identity processes from adolescence through the late 20s: Age trends, functionality, and depressive symptoms. Social Development, 22, 701-721. doi: 10.1111/sode.12027

Luyckx, K., Soenens, B., Berzonsky, M.D., Smits, I., Goossens, L. & Vansteenkiste, M. (2007). Information-oriented identity processing, identity consolidation, and well-being: The moderating role of autonomy, self-reflection, and self-rumination. Personality and Individual Differences, 43, 1099-1111. doi: 10.1016/j.paid.2007.03.003

Luyckx, K., Soenens, B. & Goossens, L. (2006). The personality-identity interplay in emerging adult women: Convergent findings from complementary analyses. European Journal of Personality, 20, 195-215. doi: 10.1002/per.579

Luyckx, K., Soenens, B., Vansteenkiste, M., Goossens, L. & Berzonsky, M. (2007). Parental psychological control and dimensions of identity formation in emerging adulthood. Journal of Family Psychology, 21, 546-550. doi: 10.1037/0893-3200.21.3.546

Luyckx, K., Schwartz, S. J., Berzonsky, M. D., Soenens, B., Vansteenkiste, M., Smits, I., & Goossens, L. (2008). Capturing ruminative exploration: Extending the four-dimensional model of identity formation in late adolescence. Journal of Research in Personality, 42, 58-82. doi: 10.1016/j.jrp.2007.04.004

Luyckx, K., Vansteenkiste, M., Goossens, L., & Duriez, B. (2009). Basic need satisfaction and identity formation: Bridging self-determination theory and process-oriented identity research. Journal of Counseling Psychology, 56, 276-288. doi: 0.1037/a0015349

Marcia, J. E. (1980). The process of adolescence. In J. Adelson (Ed.), Handbook of adolescence (pp. 159–187). New York: Wiley.

Marcia, J. E. (1988). In D. K. Lapsley & F. C. Power (Eds.), Self, ego, and identity: Integrative approaches (pp. 243–262). New York: Springer-Verlag.

Marcia, J. E. (1993). The status of the statuses: Research review. In J. E. Marcia, A. S. Waterman, D. R. Matteson, S. L. Archer, & J. L. Orlofsky (Eds.), Ego identity: A handbook for psychosocical research (pp. 22–41). New York: Springer-Verlag.

Marcia, J. E. (1966). Development and validation of ego identity status. Journal of Personality and Social Psychology, 5, 551-558. doi: 10.1037/h0023281

Marcia, J. E., & Archer, S. L. (1993). Identity status in late adolescence: Scoring criteria. In J. E. Marcia, A. S. Waterman, D. R. Matteson, S. L. Archer, & J. L. Orlofsky (Eds.), Identity: A handbook for psychosocial research (pp. 205–240). New York: Springer.

Mauras C.P., Grolnick, W.S. & Friendly R.W. (2012). Time for “The Talk”… Now What? Autonomy Support and Structure in Mother-Daughter Conversations About Sex. Journal of Early Adolescence, 33(4), 458-481. doi: 10.1177/0272431612449385

Maxwell, S. E., & Cole, D. A. (2007). Bias in cross-sectional analyses of longitudinal mediation. Psychological methods, 12, 23-44. doi: 10.1037/1082-989x.12.1.23

Meeus, W. (2011). The Study of Adolescent Identity Formation 2000-2010: A Review of Longitudinal Research. Journal of Research on Adolescence, 21 (1), 75-94. doi: 10.1111/j.1532-7795.2010.00716.x

Meeus, W., Iedema, J., & Maassen, G. (2002). Commitment and exploration as mechanisms of identity formation. Psychological Reports, 90, 771-785. doi: 10.2466/pr0.2002.90.3.771

Meeus, W., Iedema, J., Maassen, G., Engels, R. (2002). Relaties met ouders en leeftijdgenoten en identiteitsontwikkeling in de adolescentie. Nederlands tijdschrift voor de psychologie, 57, 42-57.

 

Meeus, W., Iedema, J., Maassen, G. & Engels, R. (2005). Separation-individuation revisited: on the interplay of parent-adolescent relations, identity and emotional adjustment in adolescence. Journal of Adolescence, 28, 89-106. doi: 10.1016/j.adolescence.2004.07.003

Meeus, W., Oosterwegel, A. & Vollebergh, W. (2002). Parental and peer attachment and identity development in adolescence. Journal of Adolescence, 25, 93-106. doi: 10.1006/jado.2001.0451

Meeus, W., van der Schoot, R., Keijsers, L., Schwartz, S.J. & Branje, S. (2010). On the Progression and Stability of Adolescent Identity Formation: A Five-Wave Longitudinal Study in Early-to-Middle and Middle-to-Late Adolescence. Child Development, 81 (5), 1565-1581. doi: 10.1111/j.1467-8624.2010.01492.x

Noordelijk Centrum voor Gezondheidsvraagstukken, Rijksuniversiteit Groningen (1995). Het meten van symptomen van depressie met de CES-D - een handleiding.

Papini, D. R., Micka, J. C., & Barnett, J. K. (1989). Perceptions of intrapsychic and extrapsychic functioning as bases of adolescent ego identity statuses. Journal of Adolescent Research, 4, 462–482. doi: 10.1177/074355488944005

Pieters, C., Roelants, M., Van Leeuwen, K., Desoete, A. & Hoppenbrouwers, K (2014). Studie naar het welbevinden van kinderen en jongeren in Vlaanderen in relatie tot hun vaardigheden en schools functioneren. Rapport. Leuven: JOnG! Talent.

Reis, O. & Youniss, J. (2004). Patterns of identity change and development in relationships with mothers and friends. Journal of Adolescent Research, 19, 31-44. Doi: 10.1177/0743558403258115

Ryan, R. M., & Connell, J.P. (1989). Perceived locus of causality and internalization: Examining reasons for acting in two domains. Journal of Personality and Social Psychology, 57, 749-761. doi: 10.1037/0022-3514.57.5.749

Ryan, R. M., & Deci, E. L. (2000). Self-determination theory and the facilitation of intrinsic motivation, social development, and well-being. American Psychologist, 55, 68-78. doi: 10.1037/0003-066x.55.1.68

Ryan, R. M., & Frederick, C. M. (1997). On energy, personality and health: Subjective vitality as a dynamic reflection of well-being. Journal of Personality, 65, 529-565. doi: 10.1111/j.1467-6494.1997.tb00326.x

Ryan, R. M., Rigby, S., & King, K. (1993). Two types of religious internalization and their relations to religious orientation and mental health. Journal of Personality and Social Psychology, 65, 586-596. doi: 10.1037//0022-3514.65.3.586

Sheldon, K. M., & Kasser, T. (1995). Coherence and congruence: Two aspects of personality integration. Journal of Personality and Social Psychology, 68, 531-543. doi: 10.1037/0022-3514.68.3.531

Smits, I., Soenens, B., Vansteenkiste, M., Luyckx, K. & Goossens L. (2009). Why do Adolescents Gather Information or Stick to Parental Norms? Examining Autonomous and Controlled Motives Behind Adolescents’ Identity Style. Journal of Youth and Adolescence, 39, 1343-1356. doi: 10.1007/s10964-009-9469-x

Soenens, B., Berzonsky, M. D., Dunkel, C. S., Papini, D. R., & Vansteenkiste, M. (2011). Are all identity commitments created equally? The importance of motives for commitment for late adolescents’ personal adjustment. International Journal of Behavioral Development, 35, 358-369. doi: 10.1177/0165025411405954

Soenens, B., & Vansteenkiste, M. (2010). A theoretical upgrade of the concept of parental psychological control: Proposing new insights on the basis of self-determination theory. Developmental Review, 30, 74-99. doi: 10.1016/j.dr.2009.11.001

Soenens, B., & Vansteenkiste, M. (2011). When is identity congruent with the self? A self-determination theory perspective. In S. J. Schwartz, K. Luyckx, & V. L. Vignoles (Eds.), Handbook of identity theory and research (pp. 381-402). New York: Springer. doi: 10.1007/978-1-4419-7988-9_17

Soenens, B., Vansteenkiste, M., Lens, W., Luyckx, K., Beyers, W., Goossens, L., & Ryan, R. M. (2007). Conceptualizing parental autonomy support: Adolescent perceptions of promoting independence versus promoting volitional functioning. Developmental Psychology, 43, 633-646. doi: 10.1037/0012-1649.43.3.633

Sonnevelt, A. (2014). Keuzestress een steeds groter probleem onder jongeren. Geraadpleegd op 02-09-2015, van http://albertsonnevelt.nl/keuzestress-jongeren

Spector, P. E. (1994). Using self-report questionnaires in OB research: A comment on the use of a controversial method. Journal of Organizational Behavior, 15, 385-392. doi: 10.1002/job.4030150503

Substance Abuse. Journal of Youth and Adolescence, 29 (2), 163-182. doi: 10.2190/rlxr-8uxc-x7wn-dvlf

Thomaes, S., Bushman, B.J., De Castro, B.O. & Reijntes, A. (2011). Arousing “Gentle Passions” in Young Adolescents: Sustained Experimental Effects of Value Affirmations on Prosocial Feelings and Behaviors. Developmental Psychology, 48(1), 103-110. doi: 10.1037/a0025677

Van Hoof, A. (1999). The identity status field re-reviewed: An update of unresolved and neglected issues with a view on some alternative approaches. Journal of Developmental Review, 19, 497-556. doi: 10.1006/drev.1999.0484

Vansteenkiste, M., Niemiec, C. P., & Soenens, B. (2010). The five mini-theories of Self-Determination Theory: An historical overview, emerging trends, and future directions. In T. C. Urdan & S. A. Karabenick (Eds.), Advances in motivation and achievement: Vol. 16A, The decade ahead: Theoretical perspectives on motivation and achievement (1st ed., pp. 105-166). Bingley, UK: Emerald.

Vansteenkiste, M. & Soenens, B. (2015). Vitamines voor groei: Ontwikkeling voeden vanuit de Zelf-Determinatie Theorie. Leuven: Acco.

Vansteenkiste, M., Zhou, M., Lens, W., & Soenens, B. (2005). Experiences of autonomy and control among Chinese learners: Vitalizing or immobilizing? Journal of Educational Psychology, 97, 468-483. doi: 10.1037/0022-0663.97.3.468

Veerman, J.W., Straathof, M.A.E., Treffers, Ph.D.A., Bergh, B.R.H. van den & Brink, L.T. ten (2004). Competentiebelevingsschaal voor kinderen. Rapport. Amsterdam: Harcourt Test Publishers.

Waterman, A. S. (1990). Personal expressiveness: Philosophical and psychological foundations. Journal of Mind and Behavior, 11, 47–74.

Waterman, A. S. (1992). Identity as an aspect of optimal psychological functioning. In G. R. Adams, T. P. Gullotta, & R. Montemayor (Eds.), Adolescent identity formation (pp. 50–72). Newbury Park, CA: Sage.

Waterman, A. S. (1993). Two conceptions of happiness: Contrasts of personal expressiveness (eudaimonia) and hedonic enjoyment. Journal of Personality and Social Psychology, 64, 678–691. doi: 10.1037//0022-3514.64.4.678

Williams, G. C., & Deci, E. L. (1996). Internalization of biopsychosocial values by medical students: A test of self-determination theory. Journal of Personality and Social Psychology, 70, 767-779. doi: 10.1037/0022-3514.70.4.767

Yu, S., Assor, A. & Liu, X. (2015), Perception of parents as demonstrating the inherent merit of their values: Relations with self-congruence and subjective well-being. International Journal of Psych, 50, 70-74. doi: 10.1002/ijop.12074

Universiteit of Hogeschool
Master of Science in de Klinische Psychologie
Publicatiejaar
2016
Promotor(en)
Prof. dr. Bart Soenens
Kernwoorden
Share this on: