Psychopathie binnen de strafrechtspleging: de eeuwige vraag naar (on)toerekeningsvatbaarheid. Pijnpunten binnen de forensische psychiatrie en een blik op de Belgische wetgeving.

Femke Franco Farah Focquaert
Het doel van mijn thesisonderzoek bestond erin het stigma uit de wereld te helpen dat psychopaten zware criminelen zijn zonder enig spijt- of genadegevoel. Aan de hand van metajuridisch onderzoek heb ik geprobeerd om aan te tonen dat psychopathie een geestesziekte is. Het gevolg hiervan is dat er toch enkele argumenten zijn die kunnen pleiten voor de ontoerekeningsvatbaarheid van deze personen hoewel dit maatschappelijk nog steeds als een taboe beschouwd wordt.

Zijn psychopaten bad or mad? Een eeuwige tweestrijd.

Meer dan ooit leven we in tijden van crisis. In de ruime zin van het woord, want naast de economische crisis worden de items in het nieuws dagelijks gevuld met aanslagen en ander leed. Leed dat vaak dichter bij huis wordt aangedaan dan we zouden willen. Als we de recente geschiedenis van België bekijken, dan duiken namen op zoals Dutroux, De Gelder, Janssen. Individuen die niet alleen gezorgd hebben voor de vertrouwenscrisis binnen het gerecht, maar ook binnen de samenleving de mensen met een verslagen blik doen kijken naar de maatschappij waarin we leven. Beesten en berouwloze criminelen van het grootste kaliber lijken nog een eufemisme om hen te benoemen. Niemand staat stil bij het feit dat mensen vaak gedetermineerd zijn door wat in hun hoofd omgaat. Als het nu zo is dat psychopaten geestesgestoord zijn, kunnen we hen dan de daden die ze plegen wel kwalijk nemen. Juridischer verwoord: kunnen we ze dan wel toerekeningsvatbaar verklaren? Het is namelijk zo dat in de DSM-V, de wereldwijde bijbel der erkende geestesstoornissen en-ziekten, psychopathie opgenomen heeft als een geestesstoornis. Kunnen we dan niet stellen dat psychopathie gelijkgesteld moeten worden met andere vormen van geestesstoornissen en dat zij bijgevolg ontoerekeningsvatbaar moeten worden verklaard?

Het antwoord op bovenstaande vraag is echter niet zo evident. Om dit schijnbaar juridische vraagstuk te kunnen beantwoorden, is het zo dat we ons niet louter in de wetboeken of rechtswetenschappelijke werken mogen verdiepen. Een psychopaat die voor de rechter verschijnt, wordt eerst geanalyseerd en gediagnosticeerd door een forensisch psychiater. Zij hebben de sleutel in handen om iemand al dan niet het label 'psychopaat' en '(on)toerekeningsvatbaar' te beschouwen. De rechter gaat dan met dit oordeel aan de slag en neemt dit in acht bij zijn soevereine oordeel. 

In België zien we dat binnen deze forensische psychiatrie een en ander schort. Er is nood aan meer uniformiteit en een betere leidraad om de forensische psychiatrie binnen ons land naar een hoger niveau te tillen. Het is de facto de gerechtspsychiater die de aanzet geeft tot toerekeningsvatbaarheid of ontoerekeningsvatbaarheid. De vraag naar ontoerekeningsvatbaarheid is op vandaag eigenlijk geen juridische vraag, maar eerder een forensisch-psychiatrische kwestie. Voor de beklaagde in kwestie betekent dit deskundigenoordeel ofwel een opsluiting in de gevangenis ofwel een internering in een gespecialiseerde instelling.

In mijn thesis heb ik getracht om zowel argumenten pro als contra te verzamelen in de hoop een eenduidig antwoord te vinden op de vraag naar on- of toerekeningsvatbaarheid. Het resultaat werd een metajuridisch onderzoek dat mij heeft doen stuiten op verschillende pijnpunten binnen recht en forensische psychiatrie.

We kunnen vandaag niet meer ontkennen dat psychopathie een geestesstoornis is, maar een problematische factor is dat er nog geen doeltreffende en uniforme behandeling bestaat voor psychopaten. Toch zou dit gebrek aan behandeling hen het recht op internering niet mogen ontnemen. Helaas zien we dat psychopaten desondanks vaak in de gevangenis belanden. Deze oplossing mist ook enig effect. 

Psychopaten in de gevangenis stoppen, heeft geen nut aangezien hun daden ingegeven worden door een geestesstoornis. De internering van psychopaten lijkt de juiste oplossing, maar zolang er geen universele behandeling is, lijkt het onbepaalde tijdskarakter van de internering voor een psychopaat omgezet te worden in een eindeloze internering. Daarvoor heeft de Belgische overheid noch het geld, noch de middelen voor.

Toch mogen we niet achteloos omgaan met psychopathie. De individualisering in onze maatschappij en de afname van sociale controle zorgen ervoor dat in dit ‘sociale’ mediatijdperk, we vaak asocialer worden dan ooit. De psychopathisering van de maatschappij is een groeiend fenomeen waar we op dit moment juridisch nog niet tegen gewapend zijn. Het feit dat het merendeel van de psychopaten op vandaag in de gevangenis belandt, is moreel incorrect en onrechtvaardig omdat ze geestesziek zijn en een gebrekkig moreel inzicht hebben, maar eigenlijk is het de meest praktische oplossing waarover we vandaag beschikken om de maatschappij te beschermen en de psychopaat tegen zichzelf. 

 

Femke Franco

 

 

Bibliografie

Bibliografie

Wetgeving

België

  • -  Wet van 18 juni 1850 betreffende de collocatie en de sekwestratie, B.S. 21 juni 1850.

  • -  Wet van 9 april 1930 tot bescherming van de maatschappij tegen de abnormalen en gewoontemisdadigers, B.S. 1 januari 1931.

  • -  Wet van 1 juli 1964 tot bescherming van de maatschappij tegen abnormalen en de gewoontemisdadigers, B.S. 17 juli 1964.

  • -  Wet van 21 april 2007 betreffende de internering van personen met een geestesstoornis, B.S. 13 juli 2007.

  • -  Wet van 5 mei 2014 betreffende de internering van personen, B.S. 9 juli 2014.

  • -  Wet van 5 februari 2016 tot wijziging van het strafrecht en de strafvordering en

    houdende diverse bepalingen inzake justitie, B.S. 19 februari 2016.

  • -  KB nr. 78 betreffende de uitoefening van gezondheidszorgberoepen, B.S. 14

    november 1967.

  • -  KB van 22 januari 1998 houdende instelling van een Commissie Internering, B.S. 30 januari 1998.

  • -  MB van 28 oktober 2015 tot vaststelling van de bijzondere criteria voor de erkenning van geneesheren-specialisten houders van de bijzondere beroepstitel in de forensische psychiatrie, alsmede van stagemeesters en stagediensten, B.S. 10 november 2015.

    Verenigde Staten van Amerika

  • -  Model Penal Code, 1962

  • -  Titel 18, U.S. Code

    Parlementaire stukken

  • -  Doc. Parl. Chambre, 1922-1923, 966

  • -  Wetsontwerp betreffende de internering van delinquenten met een geestesstoornis, Parl.St. Kamer 2002-03, nr. 2452.

  • -  Wetsontwerp betreffende de internering van personen die lijden aan een geestesstoornis, Parl.St. Kamer 2006-07, nr. 2841.

Image removed.Image removed.

109

  • -  Wetsvoorstel betreffende de internering van personen, Parl.St. Senaat 2012-13, nr. 5-2001/1.

  • -  Wetsontwerp betreffende de internering van personen en wetsvoorstel tot wijziging van de wet van 21 april 2007 wat de internering van personen met een geestesstoornis betreft. Verslag namens de commissie voor de Justitie uitgebracht door Fouad LAHSSAINI, Parl.St. Kamer 2012-13, nr. 3527/002, 3-5.

  • -  Wetvoorstel tot wijziging van de wet van 21 april 2007 wat de internering van personen met een geestesstoornis betreft, Parl.St. Kamer 2012-13, nr. 2746/001.

  • -  Integraal Verslag van de Commissie voor de Justitie, doc. CRIV 54 COM 090 Justitie van 11 februari 2015.

    Rechtspraak

  • -  EHRM 30 juli 1998, Aerts/Belgium.

  • -  GwH 6 november 2011, nr. 154/2008.

  • -  Cass. 25 maart 1946, Pas. 1946, I, 116. Boeken en verzamelwerken

  • -  AMERICAN PSYCHIATRIC ASSOCIATION, Quick reference to the diagnostic criteria from DSM-IV, Washington DC, 1994, zie vert.: Beknopte handleiding bij de diagnostische criteria van de DSM-IV, Lisse, Swets & Zeitlinger, 1995, 427 p.

  • -  ARRIGO B.A., Punishing the mentally ill. A critical analysis of law and psychiatry, Albany (NY), State University of New York Press, 2002, 265 p.

  • -  BIRKET-SMITH M., MILLON T. en SIMONSEN E., “Historical Conceptions of Psychopathy in the United States and Europe” in MILLON T., SIMONSEN E., BIRKET- SMITH M. en DAVIS R.D. (eds.), Psychopathy: Antisocial, criminal and violent behaviour, New York, The Guilford Press, 1998, 3-31.

  • -  CALE E.M. en LILIENFELD S. O., “What every forensic psychologist should know about psychopathic personality”, in O’DONOHUE W. en LEVENSKY E. (eds.), Handbook of forensic psychology, San Diego, Elsevier Inc., 2004, 394-428.

  • -  CASSELMAN J., “Internering: huidige situatie” in CASSELMAN J., COSYNS P. , GOETHALS J., VANDENBROUCKE M., DE DONCKER D. en DILLEN C., Internering, Antwerpen/Apeldoorn, Garant, 1997, 39-62.

  • -  CASSELMAN J., “Recente ontwikkelingen in verband met de opvang van geïnterneerden in Vlaanderen” in VAN DAELE D. en VAN WELZENIS I. (red.), Actuele thema’s uit het strafrecht en de criminologie, Universitaire Pers Leuven, 2004, 77-88.

Image removed.Image removed.

110

  • -  CASSELMAN J., “Geïnterneerden in overbevolkte gevangenissen” in VERBRUGGEN F., VERSTRAETEN R., VAN DAELE D. en SPRIET B.(red.), Strafrecht als roeping. Liber Amicorum Lieven Dupont, Universitaire Pers Leuven, 2005, 313-328.

  • -  CASSELMAN J., “Recht en geestelijke gezondheidszorg”, in BRUGGEMAN W., DE WREE E., GOETHALS J., PONSAERS P., VAN CALSTER P., VANDER BEKEN T. en VERMEULEN G. (eds.), Van pionier naar onmisbaar: over 30 jaar Panopticon, Antwerpen, Maklu, 2009, 334-391.

  • -  CASSELMAN J., “Hoofdstuk 1. De interneringswetgeving in historisch perspectief. Komt er nooit een einde aan de sisyfusarbeid?”, in CASSELMAN J., DE RYCKE R. en HEIMANS H. et al., Internering. Nieuwe interneringswet en organisatie van de zorg, Brugge, Die Keure/La Charte, 2015, 5-26.

  • -  CLECKLEY H. M., The Mask of Sanity. An attempt to clarify some issues about the so- called psychopathic personality, Emily S. Cleckley, Augusta (Georgia), vijfde editie, 1988, 452 p.

  • -  COSYNS P. en CASSELMAN J., Gerechtelijke psychiatrie, Leuven/Apeldoorn, Garant, 1995, 133 p.

  • -  DE NAUW A., Inleiding tot het algemeen strafrecht, Brugge, Die Keure, 2008, 221 p.

  • -  DE RUYVER B., De strafrechtelijke politiek gevoerd onder de socialistische Ministers van Justitie E. Vandervelde, P. Vermeylen en A. Vranckx, Antwerpen, Kluwer, 1988, 346 p.

  • -  EAGAN M.A., “The effect of the Guilty but Mentally Ill verdict on the outcome of a jury trial”, Texas State University, 8.

  • -  ELLIOTT C., The Rules of Insanity. Moral responsability and the mentally ill offender, Albany (NY), State University of New York Press, 1996, 143 p.

  • -  FOCQUAERT F., GLENN A.F. en RAINE A., “Psychopathy and free will from a philosophical and cognitive neuroscience perspective” in GLANNON W. (ed.), Free will and the brain: neuroscientific, philosophical and legal perspectives, Cambridge University Press, 2015, 103-120.

  • -  GOETHALS J., Abnormaal en delinkwent. De geschiedenis en het actueel functioneren van de wet tot bescherming van de maatschappij, Antwerpen, Kluwer Rechtswetenschappen, 1991, 332 p.

  • -  GOETHALS J., “De wet tot bescherming van de maatschappij in een historisch perspectief”, in CASSELMAN J., COSYNS P., GOETHALS J. et al., Internering, Antwerpen-Apeldoorn, Garant, 1997, 11-38.

  • -  HALLEVY G., The Matrix of Insanity in Modern Criminal Law, Springer International Publishing Switzerland, 2015, 204 p.

  • -  HANOULLE K., “Te gek om los te lopen of net niet? De vergeten groep van de verminderd toerekeningsvatbare daders in het Belgische strafrecht” in BRUGGEMAN W., DE WREE E., GOETHALS J., PONSAERS P., VAN CALSTER P., VANDER

111

BEKEN T. en VERMEULEN G.(eds.), Van pionier naar onmisbaar. 30 jaar Panopticon, Antwerpen/Apeldoorn, Maklu, 2009, 370-384.

  • -  HANOULLE K. en VERBRUGGEN K., “Ivorentorenmentaliteit in de kerkers? Het problematische begrip toerekeningsvatbaarheid” in DERUYCK F. en ROZIE M. (red.), Liber Amicorum Alain De Nauw: het strafrecht bedreven, Brugge, Die Keure, 2011, 319-335.

  • -  HARE, R.D. (1991). Manual for the Revised Psychopathy Checklist. Toronto, Ontario: Multi-Health Systems Inc.

  • -  HARE R. D. en HART S. D., “Psychopathy, mental disorder and crime”, in HODGIN S.(ed.), Mental disorder and crime, Californië, Sage Publications Inc., 1993, 104-115.

  • -  HARE R. D. en NEUMANN C. S., “The PCL-R Assessment of Psychopathy”, in PATRICK C.J. , Handbook of Psychopathy, New York, Guilford, 2006, 58-88.

  • -  HEIMANS H. en VANDER BEKEN T., “Hoofdstuk 3. De nieuwe interneringswet van 5 mei 2014”, in CASSELMAN J., DE RYCKE R. en HEIMANS H.(eds.), Internering. Nieuwe interneringswet en organisatie van de zorg, Die Keure, Brugge, 2015, 49-110.

  • -  HERMANN D.H.J., The Insanity Defense. Philosophical, Historical and Legal Perspectives, Illinois, Charles C Thomas, 1983, 188 p.

  • -  HILDEBRAND M., Psychopathy in the treatment of forensic psychiatric patients : assessment, prevalence, predictive validity and clinical implications, Amsterdam, Dutch University Press, 2004, 246 p.

  • -  LITTON P., “Criminal Responsibility and Psychopathy: Do Psychopaths Have a Right to Excuse?” in KIEHL K.A. en SINNOTT-ARMSTRONG W.P. (eds.), Handbook on Psychopathy and Law, New York, Oxford University Press, 2013, 275-296.

  • -  KOCH J. L., Die psychopathischen Minderwertigkeiten, Ravensburg, Maier, 1891, 468 p.

  • -  MAUDSLEY H., Responsibility in mental disease, London, Kind, 1874, 351 p.

  • -  MCCORD J., “Psychosocial contributions to psychopathy and violence” in RAINE A. en SANMARTIN J. (eds.), Violence and Psychopathy, New York, Kluwer Academic/Plenum Publishers, 2001, 141-169.

  • -  MELOY J.R., The Psychopathic Mind: Origins, Dynamics, and Treatment, New York, Jason Aronson Inc., 1998, 474 p.

  • -  MONBALLYU J., Zes eeuwen strafrecht: de geschiedenis van het Belgische strafrecht (1400-2000), Leuven, Acco, 2006, 384 p.

  • -  PALERMO G. B., Severe Personality-Disordered Defendants and The Insanity Plea in the United States. A proposal for change., Den Haag, Boom Juridische Uitgevers, 2010, 219p.

  • -  PINEL P., Treatise on Insanity, (vertaling D. D. Davis, 1962), Londen, W. Todd for Cadell and Davies, 1806, 361 p.

  • -  PRINS H., Offenders, deviants or patients?, Londen, Routledge,1995, 304 p. 112

  • -  REZNEK L., Evil or Ill? Justifying the insanity defense, Londen, Routledge, 1997, 329 p.

    -

  • -  ROZIE J., “De strafrechtelijke verantwoordelijkheid van de geestesgestoorde

    delinquent”, in ADAMS M., BARBAIX R., BRAECKMANS H. et al. (red.), Verantwoordelijkheid en recht, Mechelen, Kluwer, 2008, 217-238.

  • -  RUSH B., Medical inquiries and observations upon the diseases of mind, Philadelphia, Kimber & Richardson, 1812, 384 p.

  • -  SAB H., Psychopathie-Sociopathie-Dissozialität: Zur Differentialtypologie der Persönlichkeitsstörungen, Berlin Heidelberg, Springer-Verlag, 1987, 147 p.

  • -  TOCH H., “Psychopathy or Antisocial Personality Disorder in forensic settings”, in MILLON T., SIMONSEN E. , BIRKET-SMITH M. en DAVIS R.D. (eds.), Psychopathy: Antisocial, criminal and violent behaviour, New York, The Guilford Press, 1998, 144- 158.

  • -  TULARD J., La France de la Revolution et de l’Empire, Parijs, PUF, 1995, 224 p.

  • -  VAN AELST G., Psychopathologie. Een wegwijzer in de geestelijke gezondheidszorg,

    Antwerpen-Apeldoorn, Garant, 2003, 593 p.

  • -  VAN DEN WYNGAERT C., Strafrecht, strafprocesrecht en internationaal strafrecht in

    hoofdlijnen, Antwerpen-Apeldoorn, Maklu, 2006, 1314 p.

  • -  VERBRUGGEN F. en GOETHALS J., “Van kommercommissie naar kwelrechtbank? De vernieuwing van de internering (en de TBS)” in BEVERNAGE C., BOES M., BONNE S. et al. (eds.),Recht in Beweging, Antwerpen, Maklu, 2008, 359-378.

  • -  VERPLAETSE J., Het morele instinct: over de natuurlijke oorsprong van onze moraal, Amsterdam, Uitgeverij Nieuwezijds, 2011, 331 p.

  • -  WITTOUCK C., AUDENAERT K. en VANDER LAENEN F., Handboek Forensische Gedragswetenschappen, Antwerpen-Apeldoorn, Maklu, 2015, 438 p.

    Juridische en andere wetenschappelijke tijdschriften

  • -  AHARONI E., SINNOTT-ARMSTRONG W. en KIEHL K.A., “Can Psychopathic Offenders Discern Moral Wrongs? A New Look at the Moral/Conventional Distinction”, Journal of Abnormal Psychology 2012, 121(2), 484-497.

  • -  ARNOU L., “Psychopaten horen niet thuis in gevangenis”, De Juristenkrant 2002, afl. 46, 5.

  • -  BATE C., BODUSZEK D., DHINGRA K. en BALE C., “Psychopathy, intelligence and emotional responding in a non-forensic sample: an experimental investigation”, The Journal of Forensic Psychiatry & Psychology 2014, 25(2), 600-612.

  • -  BEGGS S. en GRACE R.C., “Psychopathy, intelligence, and recidivism in child molesters. Evidence of an Interaction Effect.”, Criminal Justice and Behaviour 2008, 35(6), 683-695.

Image removed.

113

  • -  BLACK D.W., “The natural history of antisocial personality disorder”, The Canadian Journal of Psychiatry 2015, 60(7), 309-314.

  • -  BLACKBURN R., “On moral judgements and personality disorders. The myth of psychopathic personality revised.”, BJP 1988, 153, 505-512.

  • -  BLAIR R.J.R., SELLARS C., STRICKLAND I. et al., “Emotion attributions in the psychopath”, Personality and Individual Differences 1995, 19(4), 431-437.

  • -  BLAIR R.J.R., “Psychopathy: cognitive and neural dysfunction”, Dialogues in clinical neuroscience 2013, 15(2), 181-190.

  • -  BOGAERT T. en JANSSENS P., “Internering doorgelicht, gevolgtrekking verplicht.”, Fatik 2000, 18(86), 13-15.

  • -  COOKE D.J. en MICHIE C., “Refining the construct of psychopathy: Towards a hierarchical model.”, Psychological Assessment 2001, 13(2), 171-188.

  • -  COOKE D. J., MICHIE C., HART S.D. et al.., “Reconstructing psychopathy: clarifying the significance of antisocial and socially behaviour in the diagnosis of psychopathic personality disorder”, Journal of Personality Disorders,2004, 18, 337-357.

  • -  COSYNS P., KOECK S. en VERELLEN R., “De justitiabele met een psychische stoornis in Vlaanderen”, Tijdschrift voor Psychiatrie 2008, Jubileumnummer 1959- 2008, 50(13), 63-68.

  • -  CRAFT M., “The Causation of Psychopathic Disorder” in CRAFT M. (ed.), Psychopathic Disorders and Their Assessment, Londen, Pergamom Press, 1966, 56-81.

  • -  DE CLERCQ M. en VANDER LAENEN F., “Gebruik van testinstrumenten in psychiatrische deskundigenverslagen bij internering; een exploratief dossieronderzoek in het gerechtelijk arrondissement Gent”, Tijdschrift voor Psychiatrie 2013, 55(5), 337- 347.

  • -  DECLERCQ F., “Psychopathy and its Implications for Mental Health and Criminal Justice”, Tijdschrift Klinische Psychologie 2006, 204-209.

  • -  DELISI M., VAUGHN M.G., BEAVER K.M. en WRIGHT J.P., “The Hannibal Lecter myth: Psychopathy and Verbal Intelligence in the MacArthur Violence Risk Assessment Study”, Journal of Psychopathology and Behavioural Assessment 2010, 32(2), 169- 177.

  • -  DE RUYVER B., “De minnelijke schikking en bemiddeling in strafzaken”, R.W. 2000- 2001, 445-463.

  • -  DESHONG H. L., HELLE A. C. en MULLINS-SWEATT S. N., “Unmasking Cleckley’s Psychopath: assessing historical case studies”, Personality and mental health, John Wiley & Sons, Ltd., 2016, 1,0(2) 142-151.

  • -  DIAMOND B.L., “From M’Naghten to Currens, and Beyond”, California Law Review 1962, 50(2), 189-205.

  • -  DILLEN C., “Requiem voor een kalf”, Orde van de dag 2005-06, afl. 34, 7-12.

114

  • -  ESBEC E. en ECHEBURUA E., “New criteria for personality disorders in DSM-V”, Actas Esp. Psiquiatr. 2011, 39(1); 1-11.

  • -  EVANS L. en TULLY R.J., “The Triarchic Psychopathy Measure (TriPM): Alternative to the PCL-R?”, Aggression and Violent Behavior 2016, 27, 79-86.

  • -  FALKENBACH D.M., BARESE T.H. , BALASH J. et al., “The exploration of subclinical psychopathic subtypes and their relationship with types of aggression in female college students”, Personality and Individual Differences 2015, 85, 117-122.

  • -  FELTHOUS A.R., “Psychopathic disorders and criminal responsibility in the United States”, European Archives of Psychiatry and Clinical Neuroscience 2010, 260(2), 137- 141.

  • -  FINE C. en KENNETT J., “Mental impairment, moral understanding and criminal responsibility: Psychopathy and the purpose of punishment”, International Journal of Law and Psychiatry 2004, 27(5), 425-443.

  • -  FIX R.L. en FIX S.T., “Trait psychopathy, emotional intelligence, and criminal thinking: Predicting illegal behaviour among college students”, International Journal of Law and Psychiatry 2015, 42-43, 183-188.

  • -  FORTH A.E., BROWN S.L., HART S.D. en HARE R.D., “The assessment of psychopathy in male and female noncriminals: Reliability and validity”, Personality and Individual Differences 1996, 20(5), 531-543.

  • -  GALANG A.J.R. et al., “Investigating the prosocial psychopath model of the creative personality: Evidence from traits and psychophysiology”, Personality and Individual Differences 2016, in druk.

  • -  GAZZANIGA M. S., “The Law and Neuroscience”, Neuron 2008, 60(3), 412-415.

  • -  GLENN A.L., RAINE A. en LAUFER W.S., “Is It Wrong to Criminalize and Punish

    Psychopaths?”, Emotion Review 2011, 3, 302-304.

  • -  GOOSSENS E., “Psychopaten zijn toerekeningsvatbaar. Een strafrechtelijk dogma

    onder de loep.”, Jura Falconis 2010-11, 47(1), 3-59.

  • -  HARE R.D. et al., “The Revised Psychopathy Checklist: Reliability and Factor Structure”, Psychological Assessment: A Journal of Consulting and Clinical Psychology 1990, 2(3), 338-341.

  • -  HARE R.D., CLARK D., GRANN M. en THORNTON D., “Psychopathy and the Predicitive Validity of the PCL-R: An International Perspective”, Behavioural Sciences and the Law 2000, 18, 623-645.

  • -  HARE R.D. en NEUMANN C.S., “Psychopathy as a clinical and empirical construct.”, Annual Review of Clinical Psychology 2008, 4, 217-246.

  • -  HEIMANS H., VANDER BEKEN T. en SCHIPAANBOORD A.E., “Eindelijk een echte nieuwe en goede wet op de internering? Deel 1: De gerechtelijke fase”, RW 2014-15, nr. 27, 1043-1064.

  • -  HEINZEN H. et al., “Psychopathy, intelligence and conviction history”, International Journal of Law and Psychiatry 2011, 34, 336-340.

115

  • -  JOHANSSON P. en KERR M., “Psychopathy and intelligence: A second look”, Journal of Personality Disorders, 19(4), 357-369.

  • -  KARPMAN B., “Conscience in the psychopath: Another version.”, American Journal of Orthopsychiatry 1948, 18, 455–491.

  • -  KIEHL K.A., “A cognitive neuroscience perspective on psychopathy: Evidence for paralimbic system dysfunction”, Psychiatry Research 2006, 142(2-3), 107-128.

  • -  KIEHL K.A. en HOFFMAN M.B., “The criminal psychopath: history, neuroscience, treatment, and economics”, Jurimetrics 2011, 51, 355-397.

  • -  KIEHL K. A. en BUCKHOLTZ J. W., “Inside the mind of a psychopath”, Scientific American Mind, september-oktober, 2010, 22-29.

  • -  KOERSELMAN, G.F. en SCHADE, A., “De diagnose ‘psychopathie’; ten onrechte in onbruik?”, Tijdschrift voor Psychiatrie 1994, 36(4), 265-277.

  • -  LEESTMANS D., “Over de Babylonische spraakverwarring tussen Justitie en gerechtspsychiatrie”, De Juristenkrant 2010, afl. 218, 8-9.

  • -  LEESTMANS D., “Men geeft ons meer expertise dan we hebben”, De Juristenkrant 2013, afl. 270, 8-9.

  • -  LITTON P., “Responsibility Status of the Psychopath: On Moral Reasoning and Rational Self-Governance”, Rutgers Law Journal 2008, 39, 349-392.

  • -  MAIBOM H.L., “The Mad, the Bad, and the Psychopath”, Neuroethics 2008, 1(3), 167- 184.

  • -  MEYNEN G., “Moeten psychiaters zich uitspreken over toerekeningsvatbaarheid?”, Tijdschrift voor Psychiatrie 2013, 55, 729-731.

  • -  MEYNEN G., “Een juridische standaard voor ontoerekeningsvatbaarheid?”, NJB 2013, 21, 1384-1390.

  • -  MORSE S.J.,”Psychopathy and criminal responsability”, Neuroethics 2008, 1(3), 205- 212.

  • -  MORSE S.J. en HOFFMAN M.B., “The Uneasy Entente between Legal Insanity and Mens Rea: Beyond Clark v. Arizona”, Journal of Criminal Law and Criminology 2007, 97/4, 1071-1150.

  • -  MOSSMAN D., NOFFSINGER S.G., ASH P. et al., “AAPL Practice guideline for the forensic psychiatric evaluation of competence to stand trail”, Journal of the American Academy of Psychiatry and the Law 2007, 35(4), S3-S72.

  • -  NEWMAN J.P., MACCOON D.G., VAUGHN L.J. en SADEH N., “Validating a Distinction Between Primary and Secondary Psychopathy With Measures of Gray’s BIS and BAS Constructs”, Journal of Abnormal Psychology 2005, 114(2), 319-323.

  • -  ODEN E., “Psychopaten zijn ook gewoon mensen”, Psychologie Magazine, september 2014, 90-92.

116

  • -  OGLOFF J. R., “Psychopathy/antisocial personality disorder conundrum”, Australian and New Zealand Journal of Psychiatry 2006, 40(6-7), 519-528.

  • -  RAES B. C. M., “De diagnostiek van psychopathie, geen probleem?”, Tijdschrift voor Psychiatrie 2005, 47(5), 275-277.

  • -  REDDING R., “The Brain-Disordered Defendant: Neuroscience and Legal Insanity in the Twenty-First Century”, American University Law Review 2006, 56, 51-127.

  • -  SALEKIN R.T., NEUMANN C.S., LEISTICO A-M.R. en ZALOT A.A., “Psychopathy in Youth and Intelligence: An Investigation of Cleckley’s Hypothesis”, Journal of Clinical Child & Adolescent Psychology 2004, 33(4), 731-742.

  • -  SAPOLSKY R.M., “Neuroscience and the legal system. The frontal cortex and the criminal justice system”, Philosophical Transaction of the Royal Society of Londen, 2004, 359, 1787-1796.

  • -  SKEEM J.L., JOHANSSON P., ANDERSHED H. et al., “Two Subtypes of Psychopathic Violent Offenders That Parallel Primary and Secondary Variants”, Journal of Abnormal Psychology 2007, 116(2), 395-409.

  • -  SKEEM J.L., POYTHRESS N. , EDENS J.F. et al., “Psychopathic personality or personalities? Exploring potential variants of psychopathy and their implications for risk assessment.”, Aggression and Violent Behaviour 2003, 8, 513-546.

  • -  SLOBOGIN C., “The Integrationist Alternative to the Insanity Defense: Reflections on the Exculpatory Scope of Mental Ilness in the Wake of the Andrea Yates Trial,” American Journal of Criminal Law 2003, 30(3), 315-342.

  • -  SLOVENKO R., “Commentary: Personality Disorders and Criminal Law”, Journal of the American Academy of Psychiatry and the Law 2009, 37(2), 182-185.

  • -  SMETS H., VERELST R. en VANDENBERGH J., “Geestesziek en gevaarlijk: gedwongen opname of internering? Het Belgische wettelijke kader”, Tijdschrift voor Psychiatrie 2009, 51(4), 217-225.

  • -  STERN C.A., “The Heart of Mens Rea and the Insanity of Psychopaths”, Capital University Law Review 2014, 619-662.

  • -  TUBEX H., “Internering: vooruitgang aan het tempo van de processie van Echternach”, Ad Rem 2004, 40-49.

  • -  VAN DEN BROECK M., “Een wettelijke geregelde vergeetput blijft een vergeetput”, De Juristenkrant, afl. 145, 4.

  • -  VANDEVELDE S., SOYEZ V., VANDER BEKEN T. et al., “Mentally ill offenders in prison: The Belgian Case”, International Journal of Law and Psychiatry 2011, 34(1), 71-78.

  • -  VAN MARLE H.J.C., “Over psychopathie gesproken”, Tijdschrift voor Psychiatrie 2010, 52(6), 363-365.

  • -  VERPLAETSE J., “Welke recht krijgen we als de vrije wil niet bestaat?”, De Juristenkrant 2010, afl. 206, 13.

117

  • -  VERPOORTEN P., “De wet van 5 mei 2014 betreffende de internering van personen”, T. Strafr. 2015, afl. 6, 283-329.

  • -  VITACCO M.J., NEUMANN C.S. en JACKSON R.L., “Testing a Four-Factor Model of Psychopathy and Its Association With Ethnicity, Gender, Intelligence, and Violence”, Journal of Consulting and Clinical Psychology 2005, 73(3), 466-476.

  • -  VITACCO M.J., ERICKSON S.K.en LISHNER D.A., “Comment: Holding Psychopaths Morally and Criminally Culpable”, Emotion Review 2013, 5(4), 423-425.

  • -  WATTS A.L., CLARK A., LILIENFELD S.O. et al., “Psychopathy: Relations With Three Conceptions of Intelligence.” Personality Disorders: Theory, Research, and Treatment. Advance online publication.

    Online bronnen

Universiteit of Hogeschool
Master of Laws in de rechten
Publicatiejaar
2016
Promotor(en)
prof. dr. Jan Verplaetse
Share this on: