Salduz Plus: een min voor politieverhoorders? Impact en draagvlak in Vlaanderen.

Felix Verlet
Een jaar na de invoering van Salduz Plus wordt de impact en het draagvlak voor de politiediensten ervan bevraagd. Enkele elementen die zorgen voor een hogere werkdruk werden geïdentificeerd. Een verhoging van de rechten voor de verhoorden blijft echter ter discussie staan.

Salduz Plus: een min voor politieverhoorders?

Yusuf Salduz, een jongeman uit Izmir, Turkije, werd op 29/05/2001 gearresteerd voor deelname aan een onwettige demonstratie in steun van de PKK en voor het ophangen van een illegale banner. Aanvankelijk legde de 17-jarige een bekentenis af, maar hij trok deze verklaring terug in voor de rechter. Hij meende slecht behandeld te zijn door de politie waardoor hij zijn verklaring onder druk aflegde. Er was immers geen advocaat aanwezig bij dit eerste verhoor. Dit was de start van een periode waarin de rechten van verhoorden op de voorgrond kwamen en de stress bij de verhoorders begon te groeien…

Ingrijpende veranderingen

De zaak ‘Salduz’ kwam uiteindelijk voor het Europees Hof voor de Rechten van de Mens die oordeelde dat een grondrecht hierbij geschonden werd, namelijk het recht op een eerlijk proces. In diverse Europese landen werd door deze uitspraak de wetgeving dan ook veranderd om verhoorde personen meer rechten te geven. In België ontstond zo de Salduz-wetgeving (B.S. 13/08/2011) en later de ruimere wet Salduz Plus (B.S. 24/11/2016).

Door Salduz Plus krijgt iedere verhoorde, slachtoffer, getuige of verdachte, toegang tot een advocaat. Dit heeft uiteraard zijn impact op de organisatie van een verhoor en dus op de politieverhoorders. Er is een hogere administratieve last, uitnodigingen met vermelding van rechten dienen dagen op voorhand opgestuurd worden, er ontstaan lange wachttijden tot een advocaat arriveert, enz. De volledige verhoorprocedures worden drastisch gewijzigd en de werklast voor de politiediensten verhoogt. Hoe gaan de politieverhoorders hiermee om? Een bevraging binnen de grootste politiezones van Vlaanderen werd volledig ingevuld door 366 verhoorders en wierp een blik op hun ervaring.

Help, ik moet verhoren!

De resultaten van de survey waren toch soms onrustwekkend. Zo gaf 62,6% van de respondenten aan dat verhoren een complexe zaak geworden is. Door de invoering van de Salduz-wetgeving ziet 38,5% er zelfs tegenop om een verhoor te organiseren. Het uitvoeren van een verhoor is nochtans een basistaak van quasi iedere politieagent. Wat zorgt er dan in de Salduz-wetgeving voor deze dalende motivering? De grootste wijzigingen zoals de invoering van het vertrouwelijk overleg, de bijstand zelf en het aangepaste zwijgrecht werden afzonderlijk bevraagd en besproken. Een terugkerende factor is het tijdverlies. Zo is bijvoorbeeld de maximale verplichte wachttermijn tot het ter plaatse komen van een advocaat 2 uur. 79,8% geeft aan dat een langere wachttijd dan 2 uur reeds voor gekomen is, bij 7,1% is dit zelfs heel vaak het geval.

Niet alleen tijdverlies is een vaak gerapporteerd probleem. In het onderzoek werden nog andere gevolgen van de gewijzigde wetgeving geïdentificeerd. Zo werd er opgemerkt dat de verklaring van een verhoorde zelf inhoudelijk kan veranderen door de invloed van Salduz Plus. De advocaten kunnen tijdens het voorafgaand vertrouwelijk overleg enkele zaken influisteren of elementen aanhalen die hun cliënten dan best wel of niet zeggen tijdens het verhoor. Er wordt ook meer beroep gedaan op het zwijgrecht, ook vaak onder invloed van een advocaat. De advocaat heeft ook zijn invloed op de politieverhoorder en de verhooromgeving. 38,3% van de respondenten gaf aan dat ze een verhoging van stress ervaren door de aanwezigheid van een advocaat. Deze verhoging was vooral merkbaar bij de jongere verhoorders onder de 35 jaar (48,7%).

Nood aan opleiding

De verhoorders moeten dus leren omgaan met de aanwezigheid van een advocaat en met de organisatorische uitdagingen. Training rond deze onderwerpen kan hier helpen. Het kan ook een middel zijn om de wetgeving meer begrijpbaar en toegankelijker te maken. De respondenten vragen dan ook om bijkomende training. Enerzijds geven ze aan dat er een nood is aan training rond het omgaan met advocaten (56,3%), rond verhoor en verhoortechnieken (64,5%) en specifiek rond Salduz & Salduz Plus (55,4%). Naast het geven van bijkomende trainingen en opleidingen is het ook een aanbeveling om na te denken over enkele kleine structurele wijzigingen die het verhoorproces kunnen bevorderen. De audiovisuele registratie van een verhoor kan eventueel ook als alternatief voor de fysieke bijstand van een advocaat dienen.

You have the right to remain silent…of beter toch niet?

Salduz Plus heeft dus zijn impact op de politieverhoorders. 85,3% geeft aan dat deze wetgeving een grote impact heeft op de werkdruk. Of de rechten van de verhoorde nu meer gevrijwaard zijn staat nog ter discussie. Ruim de helft (52,7%) van de respondenten vindt in ieder geval van niet. In tegendeel, het kan zelfs een averechts effect hebben. Het beroep doen op het zwijgrecht kan aanzien worden als een soort schuldbekentenis. 53,5% vindt dan ook dat onschuldige verdachten geen beroep doen op het zwijgrecht. De perceptie bij de politie over de schuldvraag kan dus veranderen door het zwijgrecht, ingevoerd door de Salduz-wetgeving.

Salduz Plus betekent op sommige vlakken een min voor politieverhoorders maar mits enkele initiatieven kan er zeker een aanvaardbaar evenwicht gevonden worden tussen het vrijwaren van de rechten van verhoorden en de bijkomende werklast voor de verhoorders. De jonge Yusuf Salduz heeft in ieder geval al gezorgd voor heel wat zweet op de voorhoofden van veel politieverhoorders.

Bibliografie

Ainsworth, J. E. (1993). In a different register: The pragmatics of powerlessness in police interrogation. The Yale Law Journal, 103(2), 259-322.

Algra, E. et. al. (2012). De betrokkenheid van de raadsman tijdens het politieverhoor Europese best practices.

Bentham, J., & Dumont, E. (1825). A treatise on judicial evidence: JW Paget.

Bergenhenegouwen, G., Ten Horn, H., & Mooijman, E. (1997). Competence development-a challenge for human resource professionals: core competences of organizations as guidelines for the development of employees. Industrial and commercial training, 29(2), 55-62.

Blackstock, J., Cape, E., Hodgson, J., Ogorodova, A., & Spronken, T. (2013). Inside police custody: An empirical account of suspects' rights in four jurisdictions (Vol. 113): Intersentia.

Bryman, A. (2015). Social research methods: Oxford university press.

Cape, E., & Hodgson, J. (2014). The Right to Access to a Lawyer at Police Stations: Making the European Union Directive Work in Practice. New Journal of European Criminal Law, 5(4), 450-479.

Davies, M. B., & Hughes, N. (2014). Doing a successful research project: Using qualitative or quantitative methods: Palgrave Macmillan.

Fruytier, B., Dikkers, J., Keesen, M., Janssen, J., van den Berg, I., Valeton, N., & Schouteten, R. (2013). Werkdruk bewezen. Eindrapport werkdrukonderzoek rechterlijke macht.

Giannoulopoulos, D. (2013). Custodial legal assistance and notification of the right to silence in France: legal cosmopolitanism and local resistance. Paper presented at the Criminal Law Forum.

Hezel, J. (2015). Inbreng van de geïntegreerde politie voor de omzetting van de richtlijn 2013/48/EU. Salduz Plus.: Aandachtspunten bij de implementatie van de EU-richtlijn 2013/48, 11, 133.

Hoekstra, H. A., & van Sluijs, E. (2003). Managing competencies: Implementing human resource management: GITP.

Horowitz, M. W. (1956). The psychology of confession. The Journal of Criminal Law, Criminology, and Police Science, 47(2), 197-204.

Ma, Y. (2007). A comparative view of the law of interrogation. International Criminal Justice Review, 17(1), 5-26.

Manheim, J. B., Rich, R. C., Willnat, L., Brians, C. L., & Babb, J. (2012). Empirical political analysis: Pearson Higher Ed.

McClelland, D. (1993). The concept of competence. Spencer, LM/Spencer, S.(1993): Competence at work: Models for Superior Performance, New York, 3-8.

Mirfield, P. (1997). Silence, Confessions and Improperly Obtained Evidence. Oxford: Clarendon Press.

Moston, S., & Fisher, M. (2007). Perceptions of coercion in the questioning of criminal suspects. Journal of Investigative Psychology and Offender Profiling, 4(2), 85-95.

Penne, H., Raes, A., Deveux, E., Deladriere, A., De Keulenaer, S., Franssens, M., & Decramer, K. (2013). Evaluatie Salduz wet. Eindrapport. In (pp. 86): Brussel: Dienst voor het Strafrechtelijk beleid.

Smets, L. (2012). Opleiding verhoortechnieken in het post-Salduz tijdperk: naar een universele nationale training? Reeks Veiligheidsstudies(1), 209.

Verhoeven, W.-J. (2013). Rechtsbijstand bij het politieverhoor in Nederland. Cahiers Politiestudies, 4(28), 197.

Weis, K. (2010). Ecba Autumn Conference 2009–The Future of Citizen's Rights in Criminal Proceedings in the European Union: Stockholm, Sweden–2 & 3 October 2009. New

Universiteit of Hogeschool
Master of science in de criminologische wetenschappen
Publicatiejaar
2018
Promotor(en)
Prof. Dr. Antoinette Verhage
Kernwoorden
Share this on: