Een Japanse blik op het potentieel van restruimte
Ciel Dockx, KU Leuven, burgerlijk ingenieur-architect
Een brede berm, een vergeten hoekperceel of een strook tussen twee gebouwen. We lopen er meestal aan voorbij. Toch kunnen net die restruimtes een rol spelen in de toekomst van onze dorpen. In de masterproef “Accidental? Village Urbanism” werd onderzocht hoe zulke plekken kunnen bijdragen aan een toegankelijker, ecologisch rijker en sociaal sterker dorp.

Verwevenheid van bebouwing (blauw), natuur (rood) en landbouwgrond (geel) in het Vlaamse landschap.
Wie door Vlaanderen rijdt, merkt nauwelijks waar het ene dorp eindigt en het volgende begint. Woningen, bedrijven en verkavelingen strekken zich uit langs wegen, verweven met landbouwgrond, natuur en open ruimte. Dit landschap werd nooit als één geheel ontworpen, maar groeide door talloze afzonderlijke beslissingen uit tot wat in het onderzoek de “Accidental City” wordt genoemd.
Vandaag botst die manier van groeien op haar grenzen. Er is ruimte nodig voor woningen en voorzieningen, maar ook voor water, natuur, landbouw en recreatie. De vraag is daarom niet alleen waar we nog kunnen bouwen, maar vooral hoe het bestaande weefsel kan transformeren zonder opnieuw open ruimte in te nemen.
Aan de slag met de ruimte tussenin
Restruimte. Dat is niet hetzelfde als resterende ruimte. Een landbouwgrond of natuurgebied is geen lege ruimte die wacht op ontwikkeling. Het zijn plekken waar natuur, water en biodiversiteit de vrijheid krijgen om te bestaan en te groeien. Restruimtes daarentegen zijn juist ontstaan door wat we wél al gebouwd hebben: een brede berm als gevolg van een nieuwe weg, een vreemd hoekperceel of een smalle strook tussen twee woningen.
Net dat onbedoelde karakter maakt ze interessant. Wat op een plan betekenisloos lijkt, kan in het dagelijkse leven al verschillende rollen opnemen. De berm kan water opvangen, het braakliggend perceel fungeert misschien als informele doorsteek en het stukje gras als een plek waar buren elkaar ontmoeten.
In plaats van deze plekken als lege ruimte te beschouwen, vertrekt het onderzoek daarom vanuit de kwaliteiten en relaties die al aanwezig zijn. De ontwerpopgave verschuift van “Wat kunnen we hier bouwen?” naar “Wat is hier al aanwezig en wat kan worden versterkt?”.

Overzicht van restruimtes in het dorp Berlaar.
Een Japanse spiegel voor Vlaanderen
Om die manier van kijken verder te onderzoeken, werd gedurende een maand onderzoek gevoerd in Japan. Niet omdat Japan een model vormt voor Vlaanderen, maar omdat het toont wat er gebeurt wanneer ruimte intensiever wordt gebruikt.
In het dichtbebouwde weefsel krijgen kleine tussenruimtes er vaak een grotere betekenis. Een doorgang tussen twee gebouwen kan bijvoorbeeld tegelijk route, marktplaats en uitbreiding van een aangrenzend café zijn.
De waarde van Japan lag daarom niet in het letterlijk overnemen van oplossingen, maar in het ontwikkelen van een andere blik op de Vlaamse context. Japanse ruimtelijke concepten werden onderzocht op de relaties die ze mogelijk maken, bijvoorbeeld tussen bewegen en verblijven, publiek en privaat of bebouwing en landschap. Die principes werden vervolgens vertaald naar ontwerpambities die binnen het Vlaamse dorp opnieuw konden worden getest.
Zo verschoof de aandacht van wat aan een restruimte kan worden toegevoegd naar wat een plek kan verbinden of versterken. Ruimtelijke kwaliteit hoeft niet noodzakelijk meer ruimte te vragen, maar kan ook ontstaan door bestaande ruimte anders te lezen, gebruiken en verbinden. Tegelijk toont Japan een belangrijke keerzijde: wanneer elke vierkante meter moet renderen, dreigt ook de waarde van het onbestemde te verdwijnen. Niet iedere beschikbare ruimte hoeft dus benut te worden.
Van theorie naar ontwerp
Die inzichten werden vertaald naar een concreet ontwerpkader waarmee restruimtes kunnen worden gelezen en getest. Daarbij wordt voortdurend geschakeld tussen landschap, dorp en plek. Diezelfde berm die eerder als aangehaald werd, kan bijvoorbeeld lokaal een verblijfsplek zijn, maar tegelijk water opvangen, een groenstructuur versterken of deel worden van een netwerk voor trage mobiliteit voor heel het dorp.
Vanuit die wisselwerking werd een toolbox ontwikkeld rond vier strategieën: kwalitatief verdichten, verbindingen versterken, landschap versterken en ontmoeting stimuleren. Acht ontwerpambities en bijbehorende tools helpen vervolgens bepalen welke kwaliteiten aanwezig zijn, welke versterkt kunnen worden en welke ingreep daarvoor passend is.
De toolbox schrijft dus niet voor wat er op een plek moet komen. Ze biedt een manier om een plek kritisch te lezen en mogelijkheden tegenover elkaar af te wegen. Kwalitatieve verdichting hoeft daarbij niet noodzakelijk meer bebouwing te betekenen, maar kan ook ontstaan door bestaand ruimtegebruik te intensiveren of verschillende functies en systemen met elkaar te verbinden.

Manifest. Illustratie van het opzoeken, analyseren, activeren en verbinden van restruimtes in Berlaar.
Van restruimte naar dorpsruimte
Berlaar werd het testterrein voor die benadering. Daarbij leidde dezelfde manier van kijken telkens tot een ander antwoord. Zo werd een weinig gebruikte groenstrook langs een woonstraat herwerkt tot een collectieve plek met een gedeelde tuin en voorzieningen, gecombineerd met gerichte ontharding. Wat voordien vooral ruimte bood aan geparkeerde auto’s, krijgt zo ook een ecologische en sociale betekenis en maakt van de straat meer dan alleen verkeersruimte (ontwerp 1).
Op een andere plek vormden twee kleine restpercelen aan weerszijden van een druk kruispunt het vertrekpunt. Door ze niet afzonderlijk, maar als één ruimtelijke opgave te bekijken, ontstaat een kleine publieke schakel met een nieuwe oversteek, ruimte om te wachten en te verblijven en voorzieningen voor fietsers. De ingreep verbindt zo niet alleen twee stukken grond, maar organiseert ook de verschillende bewegingen die er samenkomen (ontwerp 2).
De ontwerpen zijn geen eindbeelden die elders kunnen worden gekopieerd, maar tests van een manier van werken. Ze tonen hoe uiteenlopende restruimtes, afhankelijk van hun positie binnen het dorp, een andere rol kunnen opnemen. Door daarbij tussen verschillende schalen te schakelen, kan een kleine ingreep op één plek tegelijk bijdragen aan grotere structuren.

Ontwerp 1. Collectieve herwerking van een onderbenutte groenstrook.

Ontwerp 2. Restpercelen als publieke schakel aan een kruispunt.
Ruimte laten voor het ongeplande
Toch schuilt in deze aanpak ook een belangrijke valkuil. Zodra elke restruimte als ontwikkelingskans wordt gezien, dreigt dezelfde logica opnieuw open ruimte onder druk te zetten. Niet iedere plek vraagt om bebouwing en niet iedere plek vraagt zelfs om een ontwerp. Soms volstaat een bankje of een kleine ontharding. Elders ligt de kwaliteit juist in het open en onbestemd blijven.
De toekomst van het Vlaamse dorp hoeft daarom niet uitsluitend gezocht te worden in allesomvattende masterplannen. Ook ogenschijnlijk onbelangrijke ruimtes kunnen deel worden van die transformatie. Niet door ze allemaal in te vullen, maar door kritisch af te wegen waar een ingreep wenselijk is en waar juist ruimte moet blijven voor wat nog niet vastligt.
Daar ligt uiteindelijk de bijdrage van het onderzoek: niet in één oplossing voor het Vlaamse dorp, maar in een manier van kijken en ontwerpen die vertrekt vanuit wat er al is. Restruimte wordt daarbij geen nieuwe voorraad bouwgrond, maar een aanleiding om het bestaande dorp anders te lezen. Door gericht in te grijpen en waar nodig bewust ruimte te laten, kan het dorp van binnenuit worden versterkt. Groeien hoeft zo niet noodzakelijk groter worden te betekenen.


Vier lagen van het dorp: bestaande structuren, restruimtes, nieuwe toevoegingen en ruimte voor spontaan gebruik.
BOOK 1:
Almazan, J., Studiolab, & McReynolds, J. (2022). Emergent Tokyo: Designing the Spontaneous City. Oro Editions.
Bedevaart in de Kempen. (n.d.). Vlaamse Kunstcollectie. https://vlaamsekunstcollectie.be/collectie/1295
Bekaert, G., De Boeck, L., & Xaveer de Geyter Architecten. (2002). After-Sprawl: Onderzoek naar de hedendaagse stad. NAi Uitgevers / De Singel.
Boie, G. & A+ Architecture in Belgium. (2026). STREETS AS SOFT SPA+CES. A+318, 53 (2026) N.3.
Bunschoten, R., Binet, H., Hoshino, T., & Chora. (2001). Urban Flotsam: Stirring the City. 010 Publishers.
Canon van Vlaanderen. (n.d.). Ribbon Development - Canon van Vlaanderen. Canon Van Vlaanderen. https://www.canonvanvlaanderen.be/en/events/ribbon-development/
De Keersmaeker, L., Roggemans, P., Ghysels, T., Poelmans, L., Buskens, I., Petermans, T., Tallir, S., & Van Valckenborgh, J. (2024). Digitalisatie van historisch landgebruik en analyse van landgebruiksveranderingen in Vlaanderen (1778-2022): Resultaten van deep learning (AI) beeldclassificatie toegepast op drie historische kaarten. Vlaamse Overheid. https://www.vlaanderen.be/publicaties/digitalisatie-van-historisch-land…
Dogma. (2022). Living and Working. MIT Press.
dot architects. (2023). dot architects: politics of living. Toto.
Duiveman, A. (2024). De Kempen drogen uit door nieuw klimaat en oude kloosters. Faculteit Letteren. https://www.arts.kuleuven.be/scicomm/verhalen/interviews/kempen_drogen_…
EOC Geoservice. (n.d.). https://geoservice.dlr.de/web/
Gardner, E. (2015). Tokyo Totem: A Guide to Tokyo. Monnik.
Gehl, J. (2011). Life between buildings: Using Public Space. Island Press.
Google Earth. (2026). https://earth.google.com/web/
Hens, T., De Ridder, R., Van Broeck, L., Kast, J., & RE-ST architecten. (2020). Zwerfruimte / Wanderspace. Nai010 Publishers.
Inui, K. (2014). Little Spaces. Toto.
Ishigami, J. (2019). Another Scale of Architecture. LIXIL.
JunkSpace. (n.d.). OMA. https://www.oma.com/publications/junkspace
Kaijima, M., Kuroda, J., & Tsukamoto, Y. (2001). Made in Tokyo. Kajima Institute.
Landscape Architecture Platform, Landezine. (n.d.). Third landscape (Clément) – Landscape Architecture Platform | Landezine. https://landezine.com/topics/concepts-theories/third-landscape-referenc…
Lang, P., & Menking, W. (2003). Superstudio: Life Without Objects. Skira - Berenice.
Mostafavi, M., & Ota, K. (2023). Sharing Tokyo: Artifice and the Social World. Actar.
Nijs, J. (2020). Japan: Nation Building Nature. nai010.
Nousaku, F., & Tsuneyama, M. (2024). Urban Wild Ecology. Toto.
Open A. (2024). PARKnize: The transformation of cities into parks.
Perihele. (2014). Mapping Japanese City Spaces: Osaka. Perihele. https://perihele.wordpress.com/2014/04/20/mapping-japanese-city-spaces-…
PIE Editors. (2020). Designing Public Spaces, Creating a Community. PIE International.
PIE Editors. (2025). Spaces and Designs that Create Local Communities. PIE International.
RE-ST architecten. (2017). vlugschrift zwerfruimte. https://www.re-st.be/nl/onderzoek/zwerfruimte-over-on-der-benutting-van…
Shelton, B. (2012). Learning from the Japanese City: Looking East in Urban Design. Routledge.
Shinohara, Y., Architekturmuseum, S. a. S., & Ruby, A. (2022). Make Do with Now: New Directions in Japanese Architecture.
Sim, D. (2019). Soft city: Building Density for Everyday Life. Island Press.
Stad Hasselt. (n.d.). Kansenkavels. https://www.hasselt.be/nl/kansenkavels
Studio Miessen. (n.d.). Spaces of Uncertainty. https://studiomiessen.com/projects/spaces-of-uncertainty-3/
Van Acker, M., Wouters, E., & Van Der Veken, B. (2017). Kempenatlas: van terra incognita tot hotspot. de Kempen in kaart gebracht.
Van Gerrewey, C. (2013). Vlaanderen als stedelijke nevelvlek. Rekto:Verso. https://rektoverso.be/lezen/artikels/vlaanderen-als-stedelijke-nevelvlek
Vekemans, T., & Minten, D. (2018). Zwerfruimte - over on(der)benutting van ruimte. https://www.re-st.be/nl/onderzoek/zwerfruimte-over-on-der-benutting-van…
Verbakel, W., Wouters, E., Pieters, E., Biermans, B., De Bruyn, J., & Ar-tur. (2021). Toolbox dorpse architectuur. Public Space.
Vermeiren, K., Crols, T., Uljee, I., De Nocker, L., Beckx, C., Pisman, A., Broekx, S., & Poelmans, L. (2021). Modelling urban sprawl and assessing its costs in the planning process: A case study in Flanders, Belgium. ScienceDirect. https://www.sciencedirect.com/science/article/pii/S0264837721006256
Vermeiren, K., Poelmans, L., Engelen, G., Loris, I., & Pisman, A. (2018). What is Urban Sprawl in Flanders? ResearchGate. https://www.researchgate.net/publication/398375249_What_is_Urban_Sprawl…
Vilain, J. (2025). Van bloempot tot landschap: Ruimte maken voor natuurlijk groen in onze woonomgevingen. Public Space.
Whyte, W. H. (1980). The Social Life of Small Urban Spaces.
BOOK 3:
AlleCijfers.be. (2026, 16 January). Statistieken Gemeente Berlaar. https://allecijfers.be/gemeente/berlaar/
Bon Air – L’Atelier DEV. (n.d.). https://latelierdev.eu/bon-air/
Bouw Nieuw Administratief Centrum Berlaar officieel van start | Berlaar. (n.d.). https://www.berlaar.be/nieuws/bouw-nieuw-administratief-centrum-berlaar…
Cavalieri, C., & Viganò, P. (2019). HM the Horizontal Metropolis: A Radical Project. Park Publishing (WI).
DC Belgium. (n.d.). Kloosterpark - een groene thuis in het hart van Berlaar | DC Belgium. Kloosterpark. https://www.kloosterpark.be/
Dienst Duurzaam Milieu- en Natuurbeleid, & Van de Noort, S. (2023). Groenvisie “Aan de slag!” Berlaar (Door Provincie Antwerpen).
dot architects. (2020). Cut Trees on the Mountain, Make a Boat, Float It on the Sea: Contemporary Architect’s Concept Series.
Furuya, A. (2024). The Tokyo toilet: The Tokyo Toilet Book.
Gemeente Berlaar, & Coop-DH, D. E. & I. S. (2017). [Opdracht COOP-DH detailhandelsbeleid voor een levendige winkelkern]. In Opdracht COOP-DH Detailhandelsbeleid Voor een Levendige Winkelkern.
Gemeentelijke basisschool. (n.d.). VAi. https://www.vai.be/gebouwen/onderwijsinfrastructuur/gemeentelijke-basis…
Geschiedenis | Berlaar. (n.d.). https://www.berlaar.be/geschiedenis
Google Earth. (2026). https://earth.google.com/web/
Griffiths, A. (2018, 3 June). Suppose Design Office creates 21st-century take on traditional Japanese doma. Dezeen. https://www.dezeen.com/2018/06/03/house-in-takaya-doma-suppose-design-o…
Inventaris Onroerend Erfgoed. (2026). Berlaar. https://inventaris.onroerenderfgoed.be/themas/13741?
Kawasaki, M. (2025). PRACTICING COMMUNITY: fieldnotes from a living village (Vol. 1).
Onishimaki+Hyakudayuki / o+h. (2024). Architecture, A Place to Be Loved. Toto.
Pollock, N. (2015). Jutaku: Japanese Houses. Phaidon Press.
Ruimtelijk Structuurplan Berlaar. (2009, september). https://www.berlaar.be/ruimtelijk-structuurplan
Ryue Nishizawa. (2015). Studies by the Office of Ryue Nishizawa: Contemporary Architect’s Concept Series.
Sint Pieterskerk | Fosfari. (n.d.). Fosfari. https://www.fosfari.be/nl/referentie/sint-pieterskerk
Station Berlaar. (n.d.). Inventaris Onroerend Erfgoed. https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/10005
Team Vlaams Bouwmeester & BUUR. (2018). BWMSTR SCAN: BERLAAR EINDRAPPORT [Report]. https://www.vlaamsbouwmeester.be/sites/default/files/2024-09/BMScan_Ber…
Walker, S. (2017). The Japanese Garden. Phaidon Press Limited.
Zomer van Balder 2025 | Berlaar. (n.d.). https://www.berlaar.be/fotoalbum/zomer-van-balder-2025