De bel gaat. Honderden stemmen, rennende kinderen, een voetbal die voorbijvliegt en regels die iedereen lijkt te begrijpen. Voor veel kinderen betekent de speelplaats ontspanning. Voor een leerling met autisme kan diezelfde plek net bijzonder veel vragen. Met mijn praktijkonderzoek ontwikkelde ik daarom een toolbox waarmee scholen hun speelplaats bewuster, inclusiever en autismevriendelijker kunnen maken.
Wanneer pauze geen pauze is
Op een speelplaats gebeurt ontzettend veel tegelijk. Kinderen moeten zelf kiezen wat ze gaan doen, aansluiting vinden bij anderen, sociale regels interpreteren, omgaan met lawaai en onverwachte gebeurtenissen én begrijpen wat wel en niet mag.
Net daar kunnen leerlingen met autismespectrumstoornis (ASS) op moeilijkheden botsen. Wat voor andere kinderen vanzelfsprekend lijkt, is dat niet noodzakelijk voor hen. Een afspraak die enkel mondeling werd gemaakt, een toezichthouder die een regel anders interpreteert of moeten aansluiten bij een spel kan voor onduidelijkheid zorgen.
Als leerondersteuner merkte ik dat speelplaatswerking regelmatig terugkomt wanneer leerlingen vastlopen. Tegelijk zag ik dat ondersteuning vaak pas wordt ingeschakeld wanneer er al problemen zijn: een leerling raakt overprikkeld, komt regelmatig in conflict of trekt zich terug.
Dat bracht mij bij een andere vraag: wat als we niet wachten tot het misloopt, maar de speelplaats van bij het begin begrijpelijker maken?
Niet het kind, maar ook de omgeving bekijken
Voor mijn praktijkonderzoek binnen de bachelor-na-bachelor Buitengewoon Onderwijs aan VIVES Kortrijk verdiepte ik mij in autisme, structuur en voorspelbaarheid, welbevinden, herstelgericht werken en inclusief onderwijs.
Een belangrijk uitgangspunt daarbij is dat we bij moeilijkheden niet uitsluitend naar het kind mogen kijken. Ook de omgeving kan drempels creëren.
Een leerling die tijdens iedere speeltijd in conflict komt, heeft bijvoorbeeld niet noodzakelijk nog méér regels nodig. Misschien zijn de bestaande regels niet duidelijk genoeg. Een kind dat telkens alleen staat, wil misschien wel spelen maar weet niet hoe het aansluiting kan vinden. En een leerling die voortdurend naar binnen wil, probeert misschien te ontsnappen aan een speelplaats waar nergens een rustige plek bestaat.
Die blik verandert de vraag van “Wat is er mis met deze leerling?” naar “Wat heeft deze leerling nodig en wat kunnen we in de omgeving veranderen?”
En opvallend: aanpassingen die voor leerlingen met autisme belangrijk zijn, kunnen ook andere kinderen helpen.
Van theorie naar een bruikbare toolbox
Ik bevroeg leerondersteuners over hun ervaringen en noden rond speelplaatswerking en combineerde deze praktijkinformatie met inzichten uit de literatuur. Daaruit groeide een toolbox voor autismevriendelijke speelplaatswerking. 
De toolbox begint bewust niet met een lijst kant-en-klare oplossingen, maar met een visiekader en een analyse van de bestaande speelplaats. Hoe duidelijk zijn de afspraken? Zijn er verschillende mogelijkheden om te spelen? Kunnen kinderen ergens tot rust komen? Wat gebeurt er bij conflicten? En welke rol nemen volwassenen op tijdens het toezicht?
Vervolgens biedt de toolbox praktische mogelijkheden. Scholen kunnen bijvoorbeeld afspraken visueel maken, overgangsmomenten duidelijker structureren, actieve en rustige speelzones creëren, een rustplek voorzien, spel ondersteunen of herstelgericht omgaan met conflicten.
De toolbox schrijft daarbij niet voor hoe de ideale autismevriendelijke speelplaats eruitziet. Elke school, speelplaats en leerlingengroep is anders. Het doel is net om schoolteams te ondersteunen om vanuit hun eigen context, noden en mogelijkheden tot een passende speelplaatswerking te komen. Daarbij is het belangrijk dat de gemaakte keuzes niet door één persoon worden opgelegd, maar gedragen worden door het volledige schoolteam. Alleen zo kunnen afspraken en aanpassingen ook duurzaam deel worden van de dagelijkse speelplaatswerking.
Ook de toezichthouder krijgt een andere plaats. Toezicht op de speelplaats hoeft niet alleen te betekenen dat een volwassene ingrijpt wanneer iets fout loopt. Een toezichthouder kan ook spel helpen opstarten, sociale interacties ondersteunen en problemen vroeg herkennen.
Geen speelplaats volgens een vast recept
Toch bevat mijn toolbox bewust geen blauwdruk voor de perfecte speelplaats.
Een kleine dorpsschool met een groene speelplaats heeft andere mogelijkheden dan een stedelijke school met honderden leerlingen op een beperkte oppervlakte. Ook leerlingengroepen, schoolvisies en beschikbare middelen verschillen.
Daarom geef ik verschillende mogelijkheden, maar niet voor iedere tool een kant-en-klaar document of uitgewerkt praktijkvoorbeeld. Dat is een bewuste keuze. Ik wil dat schoolteams samen nadenken: Wat zien wij op onze speelplaats? Waar lopen onze leerlingen tegenaan? En welke aanpassing past bij ónze school?
De toolbox moet het denkproces ondersteunen, niet vervangen.
Een eerste test, geen eindpunt
Collega-leerondersteuners testten en beoordeelden delen van de toolbox. Zij vonden het materiaal positief en handig in gebruik. Tegelijk kwam de vraag naar meer concrete praktijkvoorbeelden naar voren.
Die feedback is waardevol, maar bevestigde voor mij ook het spanningsveld binnen het ontwerp. Hoe concreter ik alles uitwerk, hoe groter het risico dat voorbeelden simpelweg worden overgenomen. Terwijl net het nadenken over de eigen context essentieel is.
Mijn onderzoek kende bovendien geen eenvoudig verloop. De oorspronkelijke onderzoeksopzet moest verschillende keren worden bijgestuurd en door de beschikbare tijd konden niet alle stappen even uitgebreid in scholen worden uitgevoerd. De toolbox is daarom geen bewezen wondermiddel. Ze is een onderbouwd praktijkproduct dat verder gebruikt, getest en verfijnd kan worden.
Hoewel de toolbox binnen dit praktijkonderzoek reeds beperkt werd uitgetest, biedt het praktijkproduct nog verschillende mogelijkheden tot verdere ontwikkeling en inzet binnen de onderwijspraktijk.
Op die manier kan de toolbox blijven evolueren als een flexibel en duurzaam ondersteuningsinstrument voor scholen en leerondersteuners die willen inzetten op een inclusieve en autismevriendelijke speelplaatswerking.
Een speelplaats waar meer kinderen kunnen spelen
Een autismevriendelijke speelplaats hoeft geen aparte speelplaats voor kinderen met autisme te zijn. Integendeel.
Een plek waar afspraken duidelijk zijn, kinderen weten wat ze kunnen doen, verschillende vormen van spel mogelijk zijn en ruimte bestaat om even tot rust te komen, kan voor veel leerlingen aangenamer zijn.
Misschien ligt daar wel de belangrijkste boodschap van mijn onderzoek: inclusie hoeft niet altijd te beginnen met grote of dure veranderingen. Soms begint ze bij anders kijken naar een plek waar kinderen iedere dag opnieuw samenkomen.
Want voor een kind dat tijdens de speeltijd voortdurend moet zoeken naar wat er van hem verwacht wordt, kan een beetje meer duidelijkheid het verschil maken tussen een halfuur overleven en een halfuur écht pauze hebben.
Zelf aan de slag? Ontdek de toolbox op de website https://laurethys.wixsite.com/autisme-vriendelijke
Autisme Centraal. (2026, 13 april). Home - Autisme centraal. https://www.autismecentraal.com/
CAST, Inc. (z.d.). The UDL guidelines. https://udlguidelines.cast.org/
De Caluwe, P., Meganck, H., Michiels, C., & Pauwels, H. (2012). ALiASS: algemene leidraad in autismespectrumstoornissen : een snelkoppeling naar een autismevriendelijke begeleiding.
Handelingsplanmatig werken. (z.d.). PRO. - Katholiekonderwijs.Vlaanderen. https://pro.katholiekonderwijs.vlaanderen/handelingsplanmatig-werken
Kennes, A. (2019). All-in: inclusief lesgeven met UDL.
Long, N. J., Wood, M. M., & Felser, F. A. (2022). Praten met kinderen en jongeren in crisissituaties: life space crisis intervention.
Michiels, D., Kuppens, S., & Grietens, H. W. E. (2010). Jij mag niet meedoen!: agressie tussen kinderen anders bekeken.
Michiels, M., & Deprez, S. (2023). Beter met conflicten: herstelgericht werken op school.
Pameijer, N., Denys, A., Timbremont, B., & Van de Veire, H. (2018). Handelingsgericht werken: samenwerken aan schoolsucces: Vlaamse editie: handreiking voor onderwijsprofessionals.
Van Laere, M. (2026, 17 maart). Na een conflict met een leerling: straffen of herstellen? Klasse. https://www.klasse.be/80661/conflict-straffen-of-herstellen-hergo/
Vanspranghe, E. (2019). (Samen)spelen: spel en spelen autismevriendelijk aanpassen volgens sociale niveaus.
Vermeulen, P., & Vanroy, K. (2023). Wat echt werkt bij kinderen met autisme.
Verschuren, P., & Doorewaard, H. (2020). Het ontwerpen van een onderzoek (6de editie). Boom.
Standpunten en visieteksten. (z.d.). https://pro.g-o.be/themas/clb/permanente-ondersteuningscel-voor-de-go-c…