Het transport van loodzware legervoertuigen over de weg gebeurt vandaag op basis van sterk verouderde en onbewezen aannames. Uit nieuw onderzoek van Robbie Vandeputte (Hogeschool PXL) blijkt dat de feitelijke grip tussen gevechtsvoertuigen en transporttrailers tot wel zes keer hoger ligt dan waar Defensie momenteel mee rekent. Deze ontdekking maakt het mogelijk om voertuigen sneller, lichter en milieuvriendelijker te verankeren, wat de veiligheid van militairen in conflictgebieden drastisch verhoogt.

Testopstelling met Protected Recovery Vehicle en Griffon
Wie weleens een militaire colonne op de snelweg heeft gezien, weet dat pantserwagens en legertrucks met massieve kettingen en sjorbanden aan diepladers zijn verankerd. Die rigide veiligheidsmaatregelen zijn er niet zomaar: losschietende voertuigen van tientallen tonnen vormen een levensgevaarlijk risico. Om dit risico te beheersen, hanteert Defensie laadplannen die uitgaan van een 'wrijvingscoëfficiënt' (de mate van grip tussen de banden en de vloer) van slechts 10% in het slechtste geval en 30% in ideale omstandigheden.
Tot voor kort waren deze percentages echter nooit in de praktijk getest op militair materieel. Robbie Vandeputte, beroepsmilitair en student aan Hogeschool PXL, besloot de proef op de som te nemen volgens de officiële Europese transportnorm NBN EN 12195-1. Met behulp van militaire takelwagens en geavanceerde meetapparatuur trok hij verschillende gevechtsvoertuigen horizontaal over diverse trailerdekken om de werkelijke grip nauwkeurig te registreren.
De resultaten uit de praktijktests overtreffen de theoretische veiligheidsmarges van Defensie ruimschoots. Op trailers met een speciale, opgeruwde metalen vloer bleek de werkelijke grip tussen de 70% en 77% te liggen. Bij opleggers die voorzien zijn van een combinatie van hout en traanplaat schoot de gemeten waarde zelfs omhoog naar bijna 99%.
Opmerkelijk is dat zelfs extreme weersomstandigheden de stabiliteit niet in gevaar brengen. Waar men zou verwachten dat een kletsnat trailerdek voor glijpartijen zorgt, zorgde het water door een soort zuignapeffect juist voor een lichte toename van de grip. Pas toen de voertuigen doelbewust door de diepe modder werden gestuurd om een worst-case scenario na te bootsen, zakte de grip naar 58%. Maar zelfs die 'slechte' score is nog altijd bijna zes keer zo hoog als de 10% waar Defensie in haar noodscenario’s momenteel mee rekent.
Trektest in terrein met Unimog
De wetenschappelijke bewijzen tonen aan dat de huidige richtlijnen overdreven voorzichtig zijn. Dat lijkt onschuldig, maar té zware verankering brengt grote nadelen met zich mee. Door de laadplannen te optimaliseren op basis van de nieuwe data, kunnen deze vaak complexe configuraties aanzienlijk worden vereenvoudigd. Zo kan er bijvoorbeeld vaker gekozen worden voor het gebruik van wielkeggen in combinatie met minder en/of lichtere spanbanden in plaats van zware kettingen.
Dit levert direct operationele winst op, te beginnen met een lager laadgewicht en lagere fysieke belasting voor de bemanning vanwege de lichtere kettingen. Daarnaast zorgt het sneller vast- en losmaken van de voertuigen voor een levensreddende tijdswinst. In een gevarenzone telt immers elke seconde: hoe sneller militairen hun werk buiten de trailer afronden en terugkeren naar de bescherming van hun gepantserde cabine, hoe kleiner de kans dat ze geraakt worden door externe dreigingen.
Tegelijkertijd zorgt het slankere laadplan voor een aanzienlijke duurzaamheids- en kostenbesparing. Minder gewicht op de trailer leidt namelijk tot een lager brandstofverbruik en minder CO2-uitstoot van de transportvrachtwagens, terwijl het gebruik van minder sjorbanden ook nog eens de verspreiding van microplastics in de natuur tegengaat.
Dankzij dit praktijkgerichte onderzoek beschikt Defensie nu over een solide wetenschappelijk fundament om haar logistieke keten niet alleen efficiënter en goedkoper, maar paradoxaal genoeg ook een stuk veiliger te maken. Om deze redenen bevestigde de stagepromotor bij Defensie dan ook dat toekomstige laadplannen worden opgesteld op basis van een realistischere wrijvingscoëfficiënt.
[1]
University of Florida, “Friction coefficients between different wheel/tire materials and concrete,” University of Florida, [Online]. Available: https://web.mae.ufl.edu.
[2]
Science Direct, “Coefficient of friction,” [Online]. Available: https://www.sciencedirect.com.
[3]
BYB, “Tactical combat vehicles,” BYB, [Online]. Available: https://byb-intl.com.
[4]
ASTM, “Standard Test Method for Determining the Static Coefficient of Friction,” ASTM, [Online]. Available: https://www..astm.org.
[5]
P. P. Masoud Olia, “Experimental Method to Measure the Coefficient of Static Friction,” YouTube, [Online]. Available: https://www.youtube.com/.
[6]
United Nations, “SDG,” [Online]. Available: https://sdgs.un.org/.
[7]
“Stick slip phenomenon,” Tribonet, [Online]. Available: https://www.tribonet.org.
[8]
V. C. M. D. Y. Hichri, “Main principles of wet adhesion,” Researchgate, [Online]. Available: https://www.researchgate.net/.