Wat doet een kortverhaal in de les biologie?

Rosa
Cleiren
  • Rosa
    Cleiren

Het Vlaamse onderwijs kampt met twee parallelle problemen: leerlingen lezen steeds minder goed en literatuur krijgt steeds minder ruimte in de klas. Op het Xaveriuscollege in Borgerhout probeert een opvallend project beide uitdagingen tegelijk aan te pakken. Daar kunnen leerlingen sinds 2024 niet alleen in de les Nederlands, maar ook in wetenschappen of godsdienst kortverhalen op de banken krijgen. 

Het concept is simpel: door lesinhouden via literatuur aan te brengen, oefenen leerlingen literair lezen en leren ze lesonderwerpen vanuit een breder perspectief bekijken. Binnen het project worden kortverhalen daarom gekoppeld aan concrete lesonderwerpen, ook buiten de taalvakken. De initiatiefnemer van het project, de leerkracht Nederlands en filosofie Dennis Melsen, probeert zo literatuur te bevrijden uit haar traditionele grenzen. Die ambitie sluit aan bij een bredere maatschappelijke uitdaging. Terwijl nationale en internationale onderzoeken een daling van zowel leesvaardigheid als leesplezier bij Vlaamse leerlingen signaleren, verdwijnen langere en complexere literaire teksten steeds vaker uit de klas. “Literatuur op School” vertrekt vanuit de hypothese dat beide ontwikkelingen niet los van elkaar staan, en dat meer literatuur in de les kan zorgen voor een sterkere leescultuur. Mijn masterproef onderzocht hoe dit initiatief praktisch en pedagogisch wordt vormgegeven en hoe leerkrachten en leerlingen het ervaren. Als onderzoeksstrategie combineerde ik interviews met vier leerkrachten, focusgesprekken met leerlingen en observaties van drie lessen. 

Hoe literatuur inzetten?

Het opvallendste aan Literatuur op School is dat literatuur niet langer uitsluitend wordt ingezet in de taalvakken. Binnen het project functioneren kortverhalen als een veelzijdig didactisch instrument, dat leerlingen helpt om vakinhouden vanuit een andere invalshoek te benaderen. Zo gebruikte een leerkracht biologie het kortverhaal Ammetis de Slaper van Rachida Lamrabet als het vertrekpunt voor zijn lessenreeks over ecologische interacties. In het verhaal vertelt een foetus over de wereld waarin hij terecht zal komen. Het verhaal sluit inhoudelijk aan bij het lesonderwerp, en nodigt leerlingen ook uit om na te denken over de maatschappelijke en ethische dimensies ervan. Die combinatie blijkt waardevol: verhalen zorgen ervoor dat abstracte leerstof wordt ingebed in menselijke ervaringen en perspectieven, waardoor leerlingen meer vragen stellen, verbanden leggen en eigen interpretaties ontwikkelen.

De lessen verlopen volgens een vast stappenplan dat gebaseerd is op dialogisch lezen. Daarbij wordt een tekst eerst klassikaal (voor)gelezen, en krijgen leerlingen de opdracht om de vragen die het verhaal bij hen oproept te noteren. In kleine groepjes proberen ze vervolgens antwoorden op elkaars vragen te formuleren, waarna een klasgesprek volgt. Het vertrekpunt van de les zijn de vragen van de leerlingen, wat grote gevolgen heeft voor de klasdynamiek. In plaats van antwoorden te vinden op vragen van de leerkracht, worden leerlingen actief betrokken bij de interpretatie van de tekst. Tijdens de gesprekken worden verschillende lezingen van hetzelfde verhaal met elkaar geconfronteerd, waardoor leerlingen hun ideeën moeten onderbouwen en verfijnen. De methode nodigt hen uit om in twee dialogen tegelijk te stappen: een interne dialoog met de tekst en een externe dialoog met hun klasgenoten. 

De leerstof in een nieuw licht

Uit de interviews en focusgesprekken blijkt dat zowel leerkrachten als leerlingen de lessen als verfrissend ervaren. Verschillende leerkrachten benadrukken dat verhalen gesprekken mogelijk maken die binnen een klassieke les minder snel ontstaan. In het geval van Ammetis de Slaper ging het gesprek volgens de begeleidende leerkracht al snel meer over ethiek dan over biologie. Dat beschouwde hij als een verrijking voor de les: ‘we zijn constant bezig met wetenschappen, [maar] wetenschappen en ethiek [liggen] soms dicht bij elkaar’. Ook leerlingen zien die meerwaarde. Een leerling vertelde dat de verhalen ervoor zorgen dat je ‘met een andere bril’ naar een vak kijkt. Een andere leerling vond het aangenaam dat de les niet uitsluitend draaide rond theorie, maar ruimte bood voor discussie en interpretatie. Leerlingen merken ook op dat ze bij deze methode meer betrokken zijn bij het leerproces omdat ze zelf betekenis moeten geven aan de tekst. Een leerling verwoordde het als volgt: ‘[doordat] je juist zo'n tekst krijgt [ga] je het onderwerp [beter] snappen, omdat je zo zelf echt meer moeite moet doen om het te begrijpen’. De observaties bevestigen dat beeld, want tijdens de lessen namen leerlingen een actieve rol op. Ze formuleerden hypotheses, reageerden op elkaar en bouwden gezamenlijk interpretaties op. 

Uitdagingen 

Toch blijkt uit het onderzoek ook dat het project voor enkele uitdagingen staat, waaronder de nood aan tijd. Dialogisch lezen werkt het best wanneer er voldoende ruimte is voor zowel de lectuur als het gesprek. Vooral in vakken met weinig lesmomenten per week is dat niet altijd evident. Daarnaast speelt ook de klasgrootte een belangrijke rol. Open gesprekken verlopen gemakkelijker in kleinere groepen dan in klassen van meer dan twintig leerlingen. Ook een veilig klasklimaat blijkt essentieel. Leerlingen geven zelf aan dat ze zich voldoende vertrouwd moeten voelen om hun ideeën hardop te durven delen. Verder is extra ondersteuning voor zowel leerlingen als leerkrachten nodig. Leerlingen hebben soms begeleiding nodig bij het formuleren van vragen, terwijl niet alle leerkrachten even vertrouwd zijn met het begeleiden van open klassengesprekken of literair lezen. Ten slotte blijft ook de structurele verankering van het project een aandachtspunt. Vandaag hangt de verspreiding van de methode nog sterk af van individuele leerkrachten, die hun lestijden willen gebruiken om te participeren in het project. Als het project op lange termijn een duurzame impact wil hebben, zal het breder ingebed moeten worden in de schoolwerking.

Toekomst

Literatuur op School komt op een innovatieve manier tegemoet aan de uitdagingen van het Vlaamse onderwijs. De methode vraagt echter wel tijd, ondersteuning en een doordachte verankering binnen de verschillende vakken. Wanneer kortverhalen in onverwachte contexten worden ingezet, ontstaan er gesprekken die verder reiken dan de leerstof alleen. Leerlingen oefenen niet alleen hun leesvaardigheid, maar leren ook omgaan met meerduidigheid, verschillende perspectieven en complexe maatschappelijke vragen. Hoewel het project nog voor enkele praktische en structurele uitdagingen staat, wijst deze studie erop dat Literatuur op School een veelbelovend model vormt voor een geïntegreerd literatuurbeleid waarin lezen niet beperkt blijft tot één vak, maar deel wordt van een bredere schoolcultuur.

 

 

 

 

 

 

 

Bibliografie

Applebee, Arthur, Robert Burroughs en Anita Stevens. “Creating Continuity and Coherence in High

School Literature Curricula.” Research in the Teaching of English, vol. 34, nr. 3, 2000, p. 426.

JSTOR, http://www.jstor.org.kuleuven.e-bronnen.be/stable/40171500. 

Applebee, Arthur, Judith Langer, Martin Nystrand en Adam Gamoran. “Discussion-Based Approaches

to Developing Understanding: Classroom Instruction and Student Performance in Middle and

High School English.” American Educational Research Journal, vol. 40, nr. 3, 2003, pp. 685–

700, https://doi.org/10.3102/00028312040003685.

Bakhtin, M. M. The Dialogic Imagination: Four Essays. Bewerkt door Michael Holquist, vertaald door

Carl Emerson en Michael Holquist, University of Texas Press, 1981, pp. 262–279.

Bloome, David, et al. Dialogic Literary Argumentation in High School Language Arts Classrooms: A

Social Perspective for Teaching, Learning, and Reading Literature. Routledge, 2019, p. i.

Bobkina, Jelena, en Elena Domínguez. “The Use of Literature and Literary Texts in the EFL

Classroom; Between Consensus and Controversy.” International Journal of Applied Linguistics

and English Literature, vol. 3, nr. 2, 2014, p. 248,

https://doi.org/10.7575/AIAC.IJALEL.V.3N.2P.248.

Byram, Michael, en Manuela Wagner. “Making a Difference: Language Teaching for Intercultural and

International Dialogue.” Foreign Language Annals, vol. 51, 2018, pp. 140–149,

doi:10.1111/flan.12319.

Carter, Ronald, en Michael N. Long. Teaching Literature. Longman Publishing Group, 1991, pp. 2–4. 

Catteeuw, Jane. Interview. Uitgevoerd door Rosa Cleiren, 2026.

Clark, Tom, et al. Bryman’s Social Research Methods. 6th ed., Oxford University Press, 2021, pp. 501–

502.

Coenen, Lily. “Literaire Competentie: Werkbaar Kader Voor Het Literatuuronderwijs of Nieuw

Containerbegrip?” Spiegel. Jaargang 10, 1992, pp. 64-75.

www.dbnl.org/tekst/_spi013199201_01/_spi013199201_01_0023.php.

Cui, Ruiguo, en Peter Teo. “Dialogic Education for Classroom Teaching: A Critical Review.” Language

and Education, vol. 35, nr. 3, 2020, pp. 188–196. 

https://doiorg.kuleuven.ebronnen.be/10.1080/09500782.2020.1837859.

De Andrade, Antônio Diogo, et al. “Paulo Freire E A Educação Dialógica: Relevância e

https://doi.org/10.56238/arev6n2-112.

De Hert, Joppe. “Regenboogvlag Zorgt Voor Opschudding in Xaveriuscollege in Borgerhout | VRT

voor-internationale-dag-tegen-homofobie-en-transfo.

Delanoy, Werner. “Literature Teaching and Learning: Theory and Practice”. Learning with Literature

in the EFL Classroom. Berlin, Germany: Peter Lang Verlag, 2015, pp. 7–31.

De Meyer, Inge, et al. Leesvaardigheid van Vlaamse 15‑jarigen. Vlaams Rapport PISA 2018. Gent:

Vakgroep Onderwijskunde UGent, 2018, pp. 65–81.

De Wachter, Lieve, en Jordi Heeren. “Taal: noodzakelijke, maar niet enige voorwaarde tot

studiesucces. Correlatie tussen resultaten van een taalvaardigheidstoets en slaagcijfers bij

eerstejaarsstudenten aan de KU Leuven.” Levende Talen Tijdschrift, vol. 14, nr. 4, 2013, p.

35.

D’hoker, Elke. Leerlingen en literatuur: hoe vaardige lezers vormen. 2de dr., Lannoo Campus, 2023,

pp. 18–174.

D’hoker, Elke. “Teaching Language, Literature, and History Through Irish Short Stories: An Integrated

and Dialogic EFL Approach.” Teaching Language, Literature, and History Through Irish Short

Stories: An Integrated and Dialogic EFL Approach, Peter Lang, Berlin, 2024, pp. 245–249.

NWS Nieuws.” VRTNWS, 18 Mei 2022, www.vrt.be/vrtnws/nl/2022/05/18/regenboogvlag

Aplicações No Século Xxi”. Aracê, vol. 6, nr. 2, okt. 2024, p. 2358,

Freire, Paulo. “The Banking Model of Education.” Critical Issues in Education: An Anthology of

Readings, edited by Eugene F. Provenzo, SAGE Publications, 2006, pp. 105–17.

Freire, Paulo, en Donaldo Macedo. “A Dialogue: Culture, Language, and Race.” Harvard Educational

Review, vol. 65, nr. 3, 1995, p. 379. https://doi.org/10.17763/haer.65.3.12g1923330p1xhj8.

Gooris, Hans. Interview. Uitgevoerd door Rosa Cleiren, 2026.

Herelixka, Charlotte, en Sylvia Verhulst. Rapport Nederlands in het hoger onderwijs: Een verkennende

literatuurstudie naar taalvaardigheid en taalbeleid. Nederlandse Taalunie, 2014, pp. 8–16.

Horowitz‑Kraus, T., en J. S. Hutton. “Brain Connectivity in Children Is Increased by the Time They

Spend Reading Books and Decreased by the Length of Exposure to Screen‑Based Media.”

Acta Paediatrica, vol. 107, 2018, p. 691. https://doi.org/10.1111/apa.14176.

Janssen, Tanja. “Instruction in Self‑Questioning as a Literary Reading Strategy: An Exploration of

Empirical Research.” L1‑Educational Studies in Language and Literature, vol. 2, 2002, pp. 96–

109.

Janssen, Tanja. Literatuur leren lezen in dialoog. Amsterdam University Press, 2009, pp. 8–42.

Kane, Ruth G., en Neil Maw. “Making Sense of Learning at Secondary School: Involving Students to

Improve Teaching Practice.” Cambridge Journal of Education, vol. 35, nr. 3, 2005, p. 314.

https://doi.org/10.1080/03057640500319024.

Kidd, David Comer, en Emanuele Castano. “Reading Literary Fiction Improves Theory of Mind.”

Science, vol. 342, nr. 6156, 2013, p. 377. https://doi.org/10.1126/science.1239918

Koek, Martijn. Think Twice: Literature Lessons That Matter. Universiteit van Amsterdam,

2022, p. 195.

Lane, Holly B., en Tyran L. Wright. “Maximizing the Effectiveness of Reading Aloud.” The Reading

Teacher, vol. 60, nr. 7, 2007, p. 670. JSTOR,

http://www.jstor.org.kuleuven.ebronnen.be/stable/20204520.

Lazonder, Ard W., en Ruth Harmsen. “Meta‑Analysis of Inquiry‑Based Learning: Effects of Guidance.”

Review of Educational Research, vol. 86, nr. 3, 2016, p. 689,708. JSTOR,

http://www.jstor.org/stable/24752879.

Melsen, Dennis. Interview. Uitgevoerd door Rosa Cleiren, 2026.

Melsen, Dennis. Perspectivisch lezen. Een nieuwe literatuuronderwijsmethode voor nieuwe

eindtermen literatuur. KU Leuven, Faculteit Letteren, 2021, pp. 1–26.

Melsen, Dennis. “Startdocument Literatuur op School.” 2024.

Nelson, Emmanuel S. Contemporary Gay American Novelists: A Bio-Bibliographical Critical

Sourcebook. Greenwood, pp. 52-53, 1993.

OECD. 21st-Century Readers: Developing Literacy Skills in a Digital World. Paris: OECD Publishing,

2021, pp. 14-127. https://doi.org/10.1787/a83d84cb-en.

Pica, Teresa. “Classroom Learning, Teaching, and Research: A Task‑Based Perspective.” The Modern

Language Journal, vol. 89, nr. 3, 2005, p. 339. JSTOR

http://www.jstor.org/stable/3588662. 

Schrijvers, Marloes, et al. “Transformative Dialogic Literature Teaching Fosters Adolescents’ Insight

into Human Nature and Motivation.” Learning and Instruction, vol. 63, 2019, p. 4.

https://doi.org/10.1016/j.learninstruc.2019.101216.

Sparrow, Betsy, et al. “Google Effects on Memory: Cognitive Consequences of Having Information at

Our Fingertips.” Science, vol. 333, nr. 6043, 2011, p. 776.

doi:10.1126/science.1207745.

Stiles, Stefanie. “From ‘Representative’ to Relatable: Constructing Pedagogical Canons Based on

Student Ethical Engagement.” Pedagogy, vol. 13, nr. 3, 2013, pp. 494–501. Duke University

Press, https://doi.org/10.1215/15314200-2266459.

Sullivan, A., en M. Brown. “Reading for Pleasure and Progress in Vocabulary and Mathematics.”

British Educational Research Journal, vol. 41, nr. 6, 2015, pp. 986–987.

http://dx.doi.org/10.1002/berj.3180.

Teo, Peter. “Teaching for the 21st Century: A Case for Dialogic Pedagogy.” Learning Culture and

Social Interaction, vol. 21, 2019, p. 172. https://doi.org/10.1016/j.lcsi.2019.03.009.

Troost, Sandra. Interview. Uitgevoerd door Rosa Cleiren, 2026.

Van der Westen, W., en D. Wijsbroek. “Slecht in taal, slecht in studie? Resultaten van een onderzoek

naar de relatie tussen taalvaardigheid en studiesucces.” In S. Vanhooren en A. Mottart, reds.,

Vijfentwintigste Conferentie Het Schoolvak Nederlands, Academia Press, 2011, p. 123.

Vandebosch, Dagmar, et al. La Microfiction En Classe de Langue Étrangère: Pour Une Approche

Dialogique. 2022, pp. 1-2.

Vygotsky, L. S. Mind in Society: The Development of Higher Psychological Processes. Bewerkt door 

Michael Cole, Vera John-Steiner, Sylvia Scribner, en Ellen Souberman, Harvard University

Press, 1978. p. 46.

Wegerif, Rupert, Neil Mercer, en Louis Major, red. “Introduction.” The Routledge International

Handbook of Research on Dialogic Education, Routledge, 2020, p. 1.

Witte, T. C. H., en E. P. W. A. Jansen. “Students' Voice on Literature Teacher Excellence: Towards a

Teacher‑Organized Model of Continuing Professional Development.” Teaching and Teacher

Education, vol. 56, 2016, p. 165. Elsevier, https://doi.org/10.1016/j.tate.2016.02.010. 

Wolf, Maryanne. Reader, Come Home: The Reading Brain in a Digital World. Harper Paperbacks,

         2019, pp. 8–71.

“Xaveriuscollege: Derde Graad.” Xaveriuscollege, 2026, xaco.be/secundair/samen

leren/studieaanbod/derde-graad.

 

 

 

 

 

 

Download scriptie (1.11 MB)
Universiteit of Hogeschool
KU Leuven
Thesis jaar
2026
Promotor(en) en begeleiders
Elke D'hoker