Wat je niet kunt zien, maar wel kunt voelen

Yasmin
Gheisari

Masterstudente Beeldende Kunsten Fotografie Yasmin Gheisari onderzoekt hoe baraka, een spirituele kracht, voelbaar kan worden via beeldende kunst.

 

Er is de fysieke wereld. De wereld die je kunt zien en aanraken.

Maar er is ook een andere wereld. Een spirituele wereld. Onzichtbaar, maar aanwezig. En die twee werelden leven niet los van elkaar. Ze bestaan door elkaar heen.

In die gelaagde werkelijkheid leeft ook baraka: een spirituele kracht van goddelijke oorsprong die voorspoed, welzijn en bescherming brengt. Het woord wordt vaak vertaald als 'zegen', maar die vertaling dekt de lading niet. Baraka is geen vast begrip, maar een kracht die beweegt, die zich hecht aan mensen, materialen, handelingen en plekken. Iets wat je niet ziet, maar wel voelt.

 

Een verhaal dat thuis begint

Yasmins moeder heet Mhijiba, wat 'bescherming' betekent: ze kreeg die naam omdat ze in haar vruchtzak ter wereld kwam. Die betekenis draagt haar mama sindsdien met zich mee: beschermd sinds haar geboorte, legt ze haar vertrouwen in Allah.

Als kind begreep Yasmin dat niet. Voor alles wat ze niet kon verklaren, verloor ze elke dag een beetje vertrouwen.

Maar nu, naarmate ze ouder wordt, voelt Yasmin iets kantelen. Ze beseft dat haar mama, zonder dat vertrouwen, niet de vrouw zou zijn die ze nu is. Ze ziet de spirituele wereld om haar heen als een fluistering, een aanraking. Wat ze vroeger wegduwde, brengt haar nu dichter bij zichzelf. In haar moeder herkent ze de oorsprong van iets wat ze nog niet kan benoemen, maar wel voelt. Iets wat ze via haar werk probeert te vangen.

Die gedachte vormt de kern van haar masterproef en de bijhorende installatie: De zoete afstand.

 

Een kamer vol materiaal

In Yasmins atelier liggen doeken geplooid, glinsteren oude muntjes en liggen dadelpitten in een schaaltje. Opgedroogde henna ligt als fijn zand tot in de hoeken van de kamer. Materialen zijn nooit neutraal en kunnen geladen raken.

Kunstenaar Sopheap Pich zegt het zo: “I work with materials that carry life within them. They already have a history. My role is to listen and respond.”

Het eerste materiaal is henna, een heilige plant die sterk verbonden is met vrouwelijkheid en ritueel. Dit gebruikt ze om haar textiel op natuurlijke wijze te verven, met technieken die al generaties meegaan. Het resultaat is nooit helemaal te sturen: elke stof reageert anders.

Naast de henna ligt de melhfa: een lang, rechthoekig doek dat vrouwen in de Sahara dragen, een symbool van vrouwelijke identiteit en van de Sahrawi in hun antikoloniale strijd. Door het contact met het lichaam raakt de stof geladen door wie haar draagt. Sommige melhfa's zijn indigoblauw, een kleur die in de Maghreb met bescherming wordt geassocieerd.

Tussen de doeken glinsteren oude munten uit Marokko, Spanje, Frankrijk, België en Nederland: het verhaal van Yasmins familiegeschiedenis, en van een koloniaal verleden dat nog altijd voelbaar is.

En dan zijn er de dadelpitten, verzameld door haar mama, familie en vriendinnen. Yasmin verwerkt ze als kralen in haar textiele doeken. In haar cultuur is het aanbieden van dadels een teken van gastvrijheid, en zo nodigt ze bezoekers uit om haar installatie te betreden.

 

Handelingen als ritueel

Vlechten, knopen, verven: handelingen die Yasmin keer op keer herhaalt, tot er een ritmisch, bijna meditatief proces ontstaat.

Vlechten staat voor haar vooral voor vrouwelijkheid en verbondenheid: haar overgrootmoeder vlocht het haar van haar mama, haar mama dat van haar. Die handeling verwerkt ze nu in haar textiele werken, en geeft zo zorg een fysieke vorm.

Knopen werkt net andersom: ze verwijzen naar innerlijke knopen, naar wat vastzit en weer kan worden losgemaakt. Een knoop losmaken is ook jezelf bevrijden. Ook in de Marokkaanse traditie spelen knopen een rol in rituelen.

Het gaat Yasmin niet om het afbeelden van baraka, maar om het creëren van omstandigheden waarin die aanwezigheid voelbaar wordt.

 

De installatie

Al die materialen en handelingen komen samen in De zoete afstand: een ijzeren structuur van twee halve cirkels die één cirkel vormen. De buitenkant is bekleed met indigo melhfa's waaraan munten zijn vastgeknoopt: hun zilveren glans weerkaatst het boze oog, en samen vormen ze een schild, fysiek en spiritueel. De binnenkant bestaat uit lichtere hennadoeken. Wanneer je binnenstapt, word je omhuld. Zo vormen de melhfa's een beschermende ruimte. Een plek waarin we elkaar opnieuw kunnen ontmoeten.

Centraal hangen foto's van Yasmin en haar mama, afgedrukt via cyanotype en meerdere keren geverfd met henna. Ze blijven verborgen achter lagen henna en textiele slierten, want binnen haar cultuur kan een foto het boze oog aantrekken. Zo zijn de beelden aanwezig, maar ook beschermd. 

In de foto kijkt Yasmin naar haar biddende mama. Zij bevindt zich in de ene helft van de cirkel, haar mama in de andere: tussen hen bestaat afstand, maar samen vormen ze een geheel.

Die spanning tussen afstand en verbondenheid keert terug in de titel. De zoete afstand is geïnspireerd op het gedicht van Mohamed Choukri, maar ook op een islamitische uitspraak over de afstand tussen mens en God. Choukri schrijft over een afstand die je juist dichter bij iemand brengt.

Dat is ook haar verhaal: de afstand die ze zo lang als leegte voelde, van haar mama, van Allah, van haar roots, van zichzelf, was misschien geen verwijdering, maar een beweging ernaartoe. Soms begint het met een gevoel, nog voor je het begrijpt. Iets schuurt, en pas later ontdek je waar het vandaan komt. En dat gevoel staat nooit los van je achtergrond. Je voelt je achtergrond en je draagt het met je mee.

Yasmin spreekt geen Marokkaans en geen Perzisch. Dat droeg ze lang met zich mee als een gemis, als bewijs dat ze er niet volledig bij hoorde: niet volledig Marokkaans, niet volledig Iraans, niet Nederlands, wonend in België. Twee halve gezichten, zoals Mustafa Stitou schrijft in zijn gedicht. Een gevoel van nergens volledig thuishoren dat haar lang heeft achtervolgd.

Maar kunst gaat verder dan taal. Via materialen en handelingen verbindt ze zich met wat taal niet kan vatten. Niet met woorden, maar met emotie en gevoel, dat sterker voelt dan woorden ooit kunnen doen.

Dit onderzoek was een manier om daar opnieuw naartoe te bewegen.

De zoete afstand. Een persoonlijke zoektocht. Pijnlijk en mooi tegelijk.

 

De zoete afstand, tentoongesteld in Z33, Hasselt, in het kader van de Wanatoeprijs. Foto: Yasmin Gheisari.

 

De zoete afstand, tentoongesteld in Z33, Hasselt, in het kader van de Wanatoeprijs. Foto: Yasmin Gheisari.

 

De zoete afstand, tentoongesteld in Z33, Hasselt, in het kader van de Wanatoeprijs. Foto: Yasmin Gheisari.

 

Binnenzicht van De zoete afstand, met melhfa's geverfd met henna en de cyanotypefoto van Yasmins biddende mama. Foto: Yasmin Gheisari.

 

Detail van De zoete afstand: melhfa's geverfd met henna, met dadelpitten. Foto: Yasmin Gheisari.

 

Buitenzicht van De zoete afstand, met de indigo melhfa's. Foto: Yasmin Gheisari.

 

Detail van de indigo melhfa's met de oude munten. Foto: Yasmin Gheisari.

Bibliografie

Bakker, J. (1993). The lasting virtue of traditional healing: An ethnography of healing and

prestige in the Middle Atlas of Morocco. VU University Press.

 

Becker, C. J. (2006). Amazigh arts in Morocco: Women shaping Berber identity.

University of Texas Press.

 

Hart, D. M. (1987). Magic, witchcraft and sorcery in Morocco: The sociology of Evans-

Pritchard and the ethnography of Mustapha Akhmisse. Bulletin (British Society for

Middle Eastern Studies), 14(2), 183–193. https://www.jstor.org/stable/194384

 

Korolnik-Andersch, A., & Korolnik, M. (2002). The colour of henna: Painted textiles from

southern Morocco. Arnoldsche Art Publishers.

 

Nègre, H., & Mitatre, C.-C. (2014). El melhfa: Traditional women's clothing of the

Saharan Morocco. Malika Editions.

 

Westermarck, E. (1926). The Belief in Spirits in Morocco. London: Macmillan.

 

Westermarck, E. (1926). Ritual and Belief in Morocco (Vol. 1–2). London: Macmillan.

Download scriptie (1.66 MB)
Universiteit of Hogeschool
LUCA School of Arts
Thesis jaar
2026
Promotor(en) en begeleiders
Kristof Vrancken, Anton Kusters, Pieter Jan Valgaeren