Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Gedragskarakteristieken van breekplaten bij laserablatie

KU Leuven
2016
Siebe
Van Thienen
Genomineerde longlist mtech+prijs
Verbeteren en verhogen van de efficiëntie bij de huidige breekplaat voor zoutwatertoepassingen. Uitgebreid met een statistisch model dat voorspellingen maakt op basis van data science.
Meer lezen

Het welbevinden van de jongste kleuters tijdens de middagpauze in het kleuteronderwijs

Universiteit Gent
2016
Imke
Kint
Genomineerde shortlist Klasseprijs
Hoewel de laatste jaren veel aandacht uitgaat naar de kwaliteit van voorzieningen voor jonge kinderen, is de middagpauze in het kleuteronderwijs een onderwerp dat vaak onderbelicht blijft. De scriptie ging na hoe het met de jongste kleuters (2,5 – 3 jaar) gaat tijdens de middagpauze. Niet voor elke kleuter verloopt de overgang om op school te blijven eten altijd even vlot.
Meer lezen

Artikel 60 binnen OCMW Aalst, een goedlopende trein of een bij te sleutelen parcours?!

Odisee Hogeschool
2016
Karolien
Devos
In dit onderzoek werd artikel 60 op mesoniveau, binnen het OCMW van Aalst, onderzocht. Dit met als doel een zo duidelijk mogelijk beeld te krijgen over hoe deze tewerkstelling loopt en waar er eventueel marge is voor verbetering.

Mijn onderzoeksopzet bestond enerzijds uit een interview met de beleidsmensen, met de ambtenaren die verantwoordelijk zijn voor deze sociale tewerkstelling. Anderzijds uit een focusgesprek met ervaringsdeskundigen, met mensen die of een sociale tewerkstelling positief hebben beëindigd of nog steeds aan het werk zijn als artikel 60.

Aan de hand van mijn ervaring en mijn onderzoeksopzet heb ik mijn veranderingsdoelen opgemaakt. Gezien de ervaringsdeskundigen artikel 60 als een positieve ervaring beschouwden denk ik dat men eerst en vooral moet proberen meer tewerkstelling plaatsen te creëren. Meer plaatsen geeft ook meer kansen dus meer kwetsbare mensen die men zo kan helpen naar werkervaring of zelfs naar een doorstroom naar de reguliere arbeidsmarkt. Hiervoor zal de begeleiding anders moeten worden aangepakt en zal ook de bijhorende subsidiëring moeten herbekeken worden. Zowel op mesoniveau binnen het OCMW te Aalst als op macroniveau en dus op Vlaams, gezien dit recent is overgeheveld van Federaal naar Vlaams.

Een tweede veranderingsdoel, wat ik zou willen gerealiseerd zien, is het verbeteren van de sfeer op de werkvloer ten opzichte van de mensen in artikel 60. Het welbevinden op het werk draagt volgens mij ook bij naar enerzijds je goed voelen in je vel maar anderzijds ook het goed presteren op het werk zelf. Voor mensen in sociale tewerkstelling denk ik dat de motivatie om op zoek te gaan naar een job na artikel 60 groter zal zijn als men een positieve ervaring heeft mogen ervaren.

Ook na begeleiding moet volgens mij beter. In het focusgesprek gaf elke deelnemer aan dat men in het spreekwoordelijke zwarte gat valt na artikel 60. Ook hier zouden we door in te zetten op betere, intensievere begeleiding, de doorstroom naar de reguliere markt kunnen bevorderen.

Ik ben dit eerst en vooral juridisch gaan bekijken, wetgeving versus toepassingen die men hanteert in het OCMW te Aalst. Daaruit bleek onder andere dat een flexibel werktraject, bijvoorbeeld deeltijds werken, wettelijk wel kan. Iets wat mogelijk zou moeten zijn voor iedereen in deze hectische maatschappij, zeker voor kwetsbare mensen die geen (groot) sociaal opvangnet hebben. Ook het loon voor de artikels 60 bepaalt men zelf als OCMW. Naar privé werkgevers toe factureert men 740 euro, openbare instanties die mensen tewerk stelt in artikel 60 betalen niets. Ook het feit dat men enkel leefloon gerechtigden in artikel 60 toelaat, is specifiek voor Aalst en zou dus ook anders kunnen. Er is dus een duidelijk verschil tussen wat er wetmatig mag en wat er in Aalst wordt toegepast. De reden hiervoor ligt meestal bij de subsidiëring die men hiervoor krijgt.

In een tweede invalshoek heb ik de psychosociale bril opgezet. Daar bleek, door de analyse van verschillende theorieën met betrekking tot het welbevinden en het hebben van een job, dat er wel effectief gevolgen kunnen zijn door het al dan niet hebben van een job. Zeker naar kwetsbare mensen toe moeten we hiermee rekening houden, zij hebben misschien bepaalde werkattitudes niet meegekregen van thuis. Doordat ze niet aan het werk zijn, worden ze uitgesloten uit de maatschappij. Men verliest zijn status en heeft niet het gevoel ergens bij te horen, ergens deel vanuit te maken. Aan het werk zijn zal hen dus empoweren, zal hun psychosociaal welzijn erop verbeteren.

Een laatste invalshoek is de hulpverlening. Doordat onze maatschappij volop in transitie is, dient de hulpverlening herbekeken te worden. Sleutelwoord bij hulpverlening is empoweren. Niet enkel doen wat wetmatig moet maar mensen helpen hun doelen te laten stellen en deze te verwezenlijken. De houding van de hulpverlener moet op voet van gelijkwaardigheid zijn en met een onvoorwaardelijke positieve houding ten opzichte van de cliënt met als doel zijn eigenwaarde te versterken.

Ik breng aan de hand van mijn onderzoeksopzet en theoretische staving vijf veranderingsstrategieën naar voor. Eerst en vooral moet artikel 60 voor iedereen kunnen en niet enkel voor mensen met een leefloon. Zo sluiten we mensen uit die ook zouden geholpen zijn door op deze manier aan het werk te kunnen. Ik denk bijvoorbeeld van een vrouw op leeftijd die van haar man is gescheiden en jaren voor de kinderen heeft gezorgd. Iemand van een iets oudere leeftijd, met een ‘black hole’ in haar CV van enkele jaren, zal niet makkelijk werk vinden.

Een tweede veranderingsstrategie is de mogelijkheid naar een flexibeler traject. Zeker nu we langer zullen moeten werken, is dit geen overbodige luxe. Zoals we ook in Finland zien, werkt zo’n systeem. Meer en meer mensen nemen ook hier ouderschapsverlof, tijdskrediet of loopbaanonderbreking om voor hun gezin of voor zichzelf te kunnen zorgen. Ook en zelfs vooral kwetsbare mensen die weinig of geen ervaring hebben en vaak niet beschikken over een sociaal opvangnet, zouden dit dus zeker moeten kunnen doen. Meer mensen zullen slagen in hun te presteren dagen in de opgegeven referteperiode en mensen gaan ook meer gemotiveerd zijn aan het werk te blijven in deze drukke geluksmaatschpapij.

Een derde strategie is de begeleiding van de mensen op de werkvloer die met mensen in artikel 60 moeten werken. Het stigmatiseren van deze groep tegen gaan door preventief de mensen op de werkvloer zelf grondig te informeren en hen te duiden wat de intentie is. Zo kunnen we taboes en vooroordelen wegwerken en eventuele pesterijen voorkomen. Een ‘workbuddy’, een gezinswetenschapper die niet alleen de mensen in sociale tewerkstelling maar ook de collega’s hierin begeleidt.

Een vierde strategie is het herbekijken van de kosten die men factureert aan privé firma’s. Zij krijgen een factuur van 740 euro per maand voor een werknemer, openbare instanties en vzw’s niet. Men hanteert dit omdat dit de kost is die het OCMW zelf zou moeten bijleggen, die men dus niet krijgt via subsidieringen. Op macroniveau zouden we dus moeten inzetten in het herbekijken van deze subsidieringen om deze gelijk te stellen. Maar ook OCMW Aalst zou zelf de beslissing kunnen nemen dit niet als grondvoorwaarde te hanteren. Zo creëren we meer tewerkstellingsplaatsen en vergroten we ook de doorstroom.

Een laatste voorstel naar verandering is de betere (na)begeleiding. Mensen in de laatste weken goed toeleiden naar het einde van hun tewerkstelling en al klaarstomen naar solliciteren op de reguliere arbeidsmarkt. Ook een betere samenwerking met onder andere VDAB is opportuun zijn. Ook hier is een rol weggelegd die perfect zou zijn voor een gezinswetenschapper.

Referentielijst:

Adriaens, C. L. (2013). Praktisch handboek voor OCMW-recht. 612 Loopbaan met zorg. (2015). Betekenis van werk. Betekenis van werk.

Tine Van Regenmortel, K. H. (2013. Het concept ‘empowerende academische werkplaats’. Een innovatieve vorm van samenwerken aan werkzame kennis. Tijdschrift voor Welzijnswerk, 36-48 Van Regenmortel, S. (2015, april). Sociaal werk moet anders in de nieuwe samenleving. Entry-media

Vlieger, S. D. (2008, Juni). Schuld en schaamte: een vergelijkende studie tussen werkenden en werklozen. Gent: Universiteit Gent.

Vries, S. D. (2010). Basismethodiek psychosociale hulpverlening. In S. D. Vries, Basismethodiek psychosociale hulpverlening (p. 425). Hoten, Nederland: Bohn Stafleu van Loghum.
Meer lezen

Het gebruik van honden in Animal-Assisted Interventions

Odisee Hogeschool
2016
Bauke
Verbruggen
Animal-Assisted Interventions (AAI) worden steeds meer toegepast in de gezondheidszorg en diverse andere settings, waarbij vooral gebruik gemaakt wordt van honden. Deze scriptie kijkt naar de effecten van AAI op het welzijn van de betrokken honden en hoe deze reageren op de nieuwe omgevingen waarin zij hierbij terecht komen. Een overzichtstabel geeft criteria weer waaraan AAI zou moeten voldoen opdat het ook aan het welzijn van de hond tegemoet zou komen.
Meer lezen

Cape Town F[r]ictions - Landscape as an ally of urban growth

KU Leuven
2016
Bruno
Stevens
  • Hannelore
    Fabri
  • Elena
    Gogiberidze
  • Joran
    Lombahe
  • Gertie
    van den Bosch
  • Laurens
    Vanden Eynde
  • Brecht
    Vermeylen
Het werk vormt een referentiedocument voor de stedelijke groei van Afrikaanse steden, meer specifiek in het geval van Kaapstad. Het onderzoekt en toont de rol van stedelijk ontwerp en architectuur in één van de snelst groeiende steden in zuidelijk Afrika.
Meer lezen

“Who Lives, Who Dies, Who Tells Your Story?” Reinventing a National Narrative and Its Political Meaning in ‘Hamilton: an American Musical’

Universiteit Gent
2016
Stéphanie
Verbrugghe
Het musicalfenomeen van 2016, 'Hamilton' biedt niet alleen geschiedkundig entertainment aan de vele bezoekers (waaronder president Obama), maar ook een verdoken politiek commentaar op de toekomst van Amerika.
Meer lezen

De zin en onzin van meerouderschap

KU Leuven
2016
Irgen
De Preter
Kinderen worden steeds vaker opgevoed in meeroudergezinnen: naast juridische ouders staan ook niet-juridische ouders in voor de opvoeding van het kind. Tussen deze niet-juridische ouders en kinderen ontstaan gezagsrelaties die niet wettelijk beschermd worden. Uit rechtsvergelijkend onderzoek bieden zich twee mogelijke manieren om deze gezagsrelaties te beschermen.
Meer lezen

Ervaringen van alleenstaande pleegouders in Vlaanderen: pleegzorg als uitdrukking van een electieve biografie

Universiteit Gent
2016
Emma
Degroote
In dit exploratief kwalitatief onderzoek worden alleenstaande pleegouders via diepte-interviews gevraagd naar hun ervaringen als alleenstaande pleegouder, naar de rol die ze binnen het pleeggezin opnemen en hoe ze omgaan met de uitdagingen die het alleenstaand pleegouderschap stelt.
Meer lezen

Geluk: Een explorerend onderzoek naar methodieken over geluk in de basisschool

Hogeschool VIVES
2016
Lisa
Pareyn
Meer en meer leerlingen uiten signalen dat ze ongelukkig zijn. Dit zette ons ertoe aan om methodieken over geluk te verzamelen. Eén onderzoeksvraag staat centraal: “Welke methodieken kunnen een goede basis vormen, voor het ontwikkelen van lessen rond geluk voor kleuters en lagere schoolkinderen?”. Ons finaal doel is het formuleren van adviezen met betrekking tot de implementatie van methodieken rond geluk.
Meer lezen

Ambassadeur Jean de Péricard in Brussel (1616-1621). Een studie van de Frans-Habsburgse betrekkingen ten tijde van de aartshertogen Albrecht en Isabella.

Universiteit Gent
2016
Kevin
Dekoster
In mijn scriptie bestudeerde ik de evolutie van de diplomatieke relaties tussen Frankrijk en het aartshertogelijke regime in de Zuidelijke Nederlanden in de periode 1616-1621. Mijn voornaamste informatiebron bestond uit de correspondentie van de in Brussel residerende Franse ambassadeur Jean de Péricard.
Meer lezen

Vergelijkende studie naar de actieve woordenschat van kinderen van kleuterjuffen en kinderen van niet-leerkrachten

Thomas More Hogeschool
2016
Gitte
Truijen
Tijdens hun opleiding worden kleuterjuffen klaargestoomd om de algemene ontwikkeling van kleuters te bevorderen. Om na te gaan of kleuterjuffen ook de taalontwikkeling van hun eigen kinderen bevorderen, werd een vergelijkende studie uitgevoerd naar de actieve woordenschat van kinderen van kleuterjuffen en de actieve woordenschat van kinderen van niet-leekrachten.
Meer lezen

Kapitaalvermindering in natura - onbekend is onbemind?

KU Leuven
2016
Thomas
Vandercruysse
Er zijn zowel fiscale als familiale redenen te bedenken om onroerend goed dat zich in het vermogen van een vennootschap bevindt aan dat vennootschapsvermogen te onttrekken. Ofwel kiest men voor de liquidatie van de vennootschap, ofwel kiest men voor een onttrekking tijdens het “leven” van de vennootschap. Dit kan op diverse mogelijkheden: verkoop, ruil, inbreng in een andere vennootschap, inbetalinggeving en als een kapitaalvermindering in natura. Het is deze laatste manier die in deze meesterproef onder de loep wordt genomen. Is deze vorm van uitbreng van onroerend goed terecht zo onbekend en schuilen hier interessante mogelijkheden voor de vennoten?
Meer lezen

Afstammingsrechtelijke gevolgen van de juridische geslachtsverandering in rechtsvergelijkend perspectief

Universiteit Gent
2016
Eline
Souffriau
Mijn masterproef behandelt de bestaande problematiek betreffende het Belgische afstammingsrecht voor transgenders (art. 62bis, § 8 BW) en probeert via rechtsvergelijkende analyse een oplossing te bieden voor de bestaande problemen.
Meer lezen

Teambuilding onder de loep

Hogeschool PXL
2016
Diana
De Koninck
  • Pauline De Sy
Kan een tool ontwikkeld worden waarbij de signalen van werknemers, die naar boven komen tijdens creatieve sessies omgezet worden naar een instrument ter preventie van burn-out?
Meer lezen

Klein en weerbarstig: waarom België, Luxemburg en Oostenrijk de automatische uitwisseling van informatie tussen belastingdiensten aanvankelijk weigerden

Universiteit Gent
2016
Bram
Vanhevel
België, Luxemburg en Oostenrijk hebben lange tijd geweigerd deel te nemen aan Europese initiatieven tot onderlinge uitwisseling van bankgegevens voor belastingdoeleinden. Bestaande theorie probeert dit te verklaren door te wijzen op het feit dat kleine landen geen baat hebben bij fiscale coöperatie. Deze scriptie probeert aan de hand van een Qualitative Comparative Analysis te verduidelijken waarom enkel deze kleine EU-lidstaten zich verzet hebben terwijl alle anderen wel hun fiat gaven.
Meer lezen

Het bijzondere dyslexiebeest. De theorie en praktijk van psycho-educatie aan lagere schoolkinderen met dyslexie

Thomas More Hogeschool
2016
Liesy
Nelissen
Deze scriptie belicht de verschillende doelen, werkvormen en methodes, betrokken partijen, bestanddelen en lacunes van psycho-educatie aan lagere schoolkinderen met dyslexie. Daarnaast gaat de scriptie in op de benodigde aspecten van een voorlichtingsfilm voor deze doelgroep
Meer lezen

Genderdiversiteit in het management en de waarde van cash

KU Leuven
2016
Tars
Witvrouwen
In deze scriptie werd nagegaan of het geslacht van de CEO en/of de verhouding mannen t.o.v. vrouwen in het management een impact heeft op de waarde van cash. De waarde van cash is de waarde die aandeelhouders hechten aan de aangehouden liquide middelen in de vorm van cash geld.
Meer lezen

De collectieve vordering: een nuttig instrument voor de slachtoffers van onrechtmatige bedingen?

Universiteit Gent
2016
Céline
van Aalst
De scriptie bespreekt de collectieve vordering (class action) die werd ingevoerd in het Wetboek Economisch Recht en dit specifiek in de context van de onrechtmatige bedingen in hetzelfde wetboek. Er worden concrete gevallen behandeld en ten slotte worden er criteria ontwikkeld aan de hand waarvan het nut van de collectieve vordering ten opzichte van de klassieke proceduremogelijkheden concreet per situatie kan worden geëvalueerd.
Meer lezen

De toepassing van de Martensclausule op Cyberoorlog

Universiteit Gent
2016
Joris
Depoorter
Kun je bepaalde vraagstukken, via het interpreteren van de bestaande regels rond oorlogsvoering en het algemeen internationaal recht, een nieuw fenomeen zoals cyberoorlog reguleren?
Meer lezen

De politieke verbondenheid en de verloningsstructuur van directors in de VS

KU Leuven
2016
Jeffrey
Brits
De verloning van directors is een complex gegeven dat afhangt van tal van factoren, waaronder de leeftijd van de director, de sector waarin het bedrijf actief is enzovoort. Eerder onderzoek gaat in op aspecten zoals het effect van geslacht, verschillende verloningsstructuren, het agency probleem en tal van andere onderwerpen. Mijn onderzoek, dat werd uitgevoerd op basis van de verloning en politieke voorkeur van Amerikaanse directors, wijst er echter op dat de politieke voorkeur ook een invloed heeft op de verloning van de directors in kwestie. Meer bepaald zijn er aanwijzingen dat directors met een uitsproken democratische voorkeur een meer risicovolle verloningsportefeuille aanhouden en bij gevolg ook een hoger potentieel inkomen hebben dan hun republikeinse tegenhangers.
Meer lezen

De (on)feilbare strafrechtspleging. Een rechtsvergelijkend onderzoek naar de controlemechanismen in België en Nederland ter preventie en aanpak van gerechtelijke dwalingen

KU Leuven
2016
Hendrik
Natens
Deze masterscriptie biedt een overzicht en vergelijking van de controlemechanismen ter preventie en aanpak van gerechtelijke dwalingen en België en Nederland
Meer lezen

"De gooi van India naar de status van grootmacht: een casestudie”

Universiteit Gent
2016
Jérémie
Degrave
Een actuele weergave van het potentieel van India om de status van grootmacht te behalen. Waar staan ze en waar moeten ze naartoe? Een casestudie met Brazilië en China.
Meer lezen

Klein en weerbarstig: waarom België, Luxemburg en Oostenrijk de automatische uitwisseling van informatie tussen belastingdiensten aanvankelijk weigerden

Universiteit Gent
2016
Bram
Vanhevel
Mijn scriptie verklaart waarom België, Luxemburg en Oostenrijk zich jarenlang verzet hebben tegen de uitwisseling van bankgegevens onder Europese lidstaten
Meer lezen

Gegevensverkeer in de Cloud: mogen mijn persoonsgegevens worden opgeslagen in landen buiten Europa?

HOGENT
2016
Femke
Vanden Buverie
Deze scriptie bespreekt cloudservices vanuit een juridisch standpunt. De focus ligt hierbij op de opslag en doorgifte van persoonsgegevens naar landen buiten Europa. Voornamelijk het privacy-aspect komt hierbij sterk naar de voorgrond.
Meer lezen

Towards the generation of a safe lentiviral vector based vaccine

Erasmushogeschool Brussel
2016
Thomas
Ertveldt
Deze scriptie vergelijkt de prestaties van drie verschillende types lentivirale vectoren. De prestaties die worden geëvalueerd zijn de productiviteit, infectie-efficiëntie en het uitlokken van een immuun respons.
Meer lezen

Kan de wetgever een fout maken op grond van art. 1382 BW en art. 1383 BW?

Universiteit Hasselt
2016
Elisa
Fiata
De kern van de scriptie betreft de rechtsvraag of de overheidsaansprakelijkheid voor fouten van de wetgever op dezelfde manier kan worden afgeleid uit de brug die gelegd werd voor de uitvoerende macht vanuit de artikelen 1382 BW en 1383 BW. Een belangrijke concretisering betreft de situatie waarbij de wetgever een wet uitvaardigt die in strijd is met de grondwet. De situatie waarbij de wetgever een wet uitvaardigt die in strijd is met een hogere rechtsnorm andere dan de grondwet werd duidelijk opgelost in de cassatierechtspraak.
Meer lezen

Spelend leren in Noorwegen, een vergelijkende studie naar de rol van de kleuterleraar in Noorwegen en Vlaanderen

Arteveldehogeschool Gent
2016
Margaux
Stoffels
  • Lauranse
    Robberecht
  • Julie
    Deman
Op welke manier verschilt de rol van een kleuterleraar bij spelend leren in Noorwegen van Vlaanderen? Begin 2016 kregen wij de kans om naar het prachtige Stavanger in Noorwegen op Erasmus te gaan, waar outdoor education een centrale rol speelt. Al snel merkten we daar grote verschillen met Vlaanderen. De rol van een kleuterleraar in Noorwegen heeft daar een andere invulling en dit wilden wij graag onderzoeken. Een begrip dat we vaak horen in Vlaanderen is “al spelend leren”, tijdens ons verblijf in Noorwegen kreeg dit begrip voor ons een heel andere betekenis. Het leek ons interessant om te onderzoeken waarom dit zo verschillend is in beide landen, omdat ze er allebei op hun eigen manier naar proberen te streven. Op welke manieren doet de kleuterleraar dit en welke impact heeft dit op het spelen en het leren van de kinderen zelf?

Meer lezen

Diagnostische biomerkers voor een ischemische beroerte: een meta-analyse

Universiteit Gent
2016
Thomas
Monbailliu
  • Joline
    Goossens
Onderzoek naar biomerkers om de diagnose van een ischemische beroerte te kunnen stellen.
Meer lezen

Het zilveren goud: WELBEVINDEN BIJ 45-PLUSSERS

Hogeschool UCLL
2016
Sharna
Rediers
EN ONDERZOEK BIJ ALURAL LUMMEN NV
NAAR DE KWALITEIT VAN DE ARBEID

Naar aanleiding van de vergrijzing van de Belgische bevolking en de gevolgen op de arbeidsorganisatie, is het in kaart brengen van de oudere werknemers meer en meer een must. Daarom wordt dit project rond welbevinden bij 45-plussers opgestart in samenwerking met Alural Lummen.
Meer ouderen tewerkstellen en de bestaande medewerkers langer aan het werk houden is een uitdaging voor iedere organisatie. Met de CAO 104 verplicht de wetgever de onderneming om een werkgelegenheidsplan voor oudere werknemers uit te werken. We brengen de arbeidstevredenheid en de kwaliteit van de arbeid in kaart met als doel het aantal 45-plussers in een bedrijf te behouden of te bevorderen.
We tonen de mogelijkheid om bij het ervaringsfonds een aanvraag in te dienen met maatregelen die betrekking hebben op het fysiek en mentaal draagbaar maken van het werk. Hierbij denken we aan het aanpassen van arbeidsmiddelen en arbeidsomstandigheden.



Kernwoorden: welbevinden, kwaliteit van de arbeid, regeerakkoord, leeftijdsbewust personeelsbeleid, cao 104, ervaringsfonds
Meer lezen

Peripheral glasses: Around-the-eyes display to enhance peripheral information transfer

Universiteit Hasselt
2016
Sven
Coppers
We gebruiken ons perifere gezichtsveld vaak (onbewust) in het dagelijkse leven, bijvoorbeeld als we auto rijden. In deze thesis wordt onderzocht hoe informatie weergeven moet worden
om herkend te worden met ons perifere zicht. Daarnaast wordt onderzocht in welke mate interactie mogelijk is, zonder dat we onze ogen focussen.
Meer lezen