Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Medisch beroepsgeheim onder druk: tussen willen spreken en mogen spreken in verband met vaststellingen/ vermoedens van kindermishandeling

Hogeschool UCLL
2025
Caithlyn
Reyns
Wat een arts niet mag doen in verband met zijn beroepsgeheim is duidelijk bepaald in de Strafwet. Het is echter een andere situatie wanneer het gaat om de gevallen waarbij een arts zijn beroepsgeheim kan doorbreken en welke voorwaarden dienen vervuld te zijn vooraleer dit kan gebeuren. Zo kan het beroepsgeheim, buiten de gevallen bij wet bepaald, doorbroken worden wanneer de arts hiervoor de toestemming van de patiënt heeft, of wanneer hij zich beroept op het principe van de noodtoestand, vermits voldaan is aan de voorwaarden.

De situatie is echter veel complexer wanneer het over een minderjarige patiënt gaat. In dat geval is de persoon in kwestie handelingsonbekwaam en kan deze onmogelijk zijn patiëntenrechten zelf uitoefenen. Bijgevolg kan de arts ook geen geldige toestemming van een handelingsonbekwame, minderjarige patiënt verkrijgen en moet hij de wettelijke vertegenwoordiger hiervoor aanspreken. Bij deze concrete casussen moet er een bijzondere aandacht gevestigd worden op het ontbreken van een wettelijke grondslag die voorziet in een procedure betreffende de melding van vermoedens van kindermishandeling. Hetgeen wel bij wet bepaald is, zorgt ervoor dat een arts de misdrijven waarvan hij kennis heeft genomen, kan meedelen aan de Procureur des Konings en dit dus geen wettelijke verplichting inhoudt. Later zal blijken dat dit slechts gebeurt bij de meest ernstige situaties. De ziekenhuizen trachten eerst de interne procedure te volgen die minder verregaande plichten oplegt.

Wat sterk benadrukt wordt in deze procedures is de samenwerking zowel intern als extern in verschillende fases en situaties van de vermoedens en vaststellingen van kindermishandeling. Aan de hand van een stappenplan, gebaseerd op begeleidende vragen, zal de geheimhouder een begeleidde beslissing kunnen maken in verband met het al dan niet raadplegen van hulp.

Wanneer een geheimhouder zijn beroepsgeheim schendt, zonder dat de voorwaarden van artikel 458 Sw. en 458bis Sw. vervuld zijn, kan hij op enkele verschillende manieren aansprakelijk gesteld worden. De eerste vorm van aansprakelijkheid betreft de strafrechtelijke aansprakelijkheid, vermits de schending van het beroepsgeheim een misdrijf uitmaakt. Dit misdrijf kan bestraft worden met een gevangenisstraf van een jaar tot drie jaar en een geldboete van honderd euro tot duizend euro of met een van die straffen alleen. Daarnaast is er ook de burgerrechtelijke aansprakelijkheid, die opgedeeld wordt in buitencontractuele en contractuele aansprakelijkheid. De contractuele aansprakelijkheid primeert steeds op de buitencontractuele aansprakelijkheid, tenzij de fout een misdrijf uitmaakt, of geen onderdeel is van een contract. Wanneer het gaat om een medische fout, is er sprake van buitencontractuele aansprakelijkheid. Een interne vorm van aansprakelijkheid is de tuchtrechtelijke aansprakelijkheid, waarbij de dader tuchtrechtelijk aangesproken kan worden voor het schenden van de interne plichtenleer van zijn bepaalde groep waarbinnen de belangen van die groep verdedigd worden.

Aan de hand van dit onderzoek is duidelijk geworden dat er veel onzekerheden zijn bij hulpverleners in het kader van het medisch beroepsgeheim en de grenzen die ze hierin moeten trekken en/of verleggen. De nood aan een duidelijk wettelijk kader is bijgevolg groot.
Meer lezen

Hinkende homohuwelijken binnen het IPR: een analyse van het Poolse IPR in het licht van het EU-recht en mensenrechten

Universiteit Gent
2023
Bartosz
Kryczka
Poolse administratieve autoriteiten weigeren buitenlandse huwelijken van Poolse LGBT-koppels te erkennen. Deze scriptie staat grondig stil bij de vraag of deze praktijk verzoenbaar is met het Europees recht en mensenrechten.
Meer lezen

Het recht op persoonlijk contact van het kind. Een analyse van het wetgevend kader vanuit mensenrechtelijk en rechtsvergelijkend perspectief. Is het Burgerlijk Wetboek aan een update toe?

Universiteit Hasselt
2023
Amber
Jans
Het recht op persoonlijk contact is het recht om op regelmatige wijze contact te hebben met een minderjarig kind. Omwille van de mondige positie van het kind lijkt het vanzelfsprekend dat het kind contacten mag houden met wie en wanneer hij of zij dat wil. Toch is dat vandaag niet het geval. Het IVRK plaatst het kind in de hoofdrol door het als rechtssubject te beschouwen. Dat wil zeggen dat het kind zelf in de mogelijkheid moet zijn om zijn rechten te kunnen invullen, uitoefenen en afdwingen. Tot op heden is het oud BW echter ingebed in het idee dat enkel volwassenen dat kunnen, ook wanneer het om het recht op persoonlijk contact gaat. Deze masterscriptie gaat na op welke manier dit recht op persoonlijk contact van het kind wordt ingevuld in de mensenrechtelijke, Belgische, Nederlandse en Duitse regelgeving. Hierbij wordt een antwoord geformuleerd op de centrale onderzoeksvraag hoe de Belgische regelgeving betreffende het recht op persoonlijk contact van het kind in overeenstemming gebracht kan worden met de mensenrechtelijke verplichtingen uit artikel 9.3 IVRK en artikel 8.1 EVRM.
Meer lezen

Het hoorrecht van minderjarigen in procedures voor de Belgische Familie- rechtbank in het licht van de mensen- en kinderrechten

Vrije Universiteit Brussel
2022
Ward
Van Dorpe
Het hoorrecht van minderjarigen voor de familierechtbank in België onder de loep. Een diepgaand onderzoek naar de balans tussen praktijk en wet.
Meer lezen

Het meeroudergezin binnen het huidig recht: sturingsmogelijkheden inzake het ouderlijk gezag en het erfrecht en de giften

Vrije Universiteit Brussel
2021
Anna
Wilmot
Het meeroudergezin, waarbij meer dan twee personen actief instaan voor de opvoeding van het kind, staat in deze masterproef centraal. Daarbij werd onderzocht wat de sturingsmogelijkheden zijn die meeroudergezinnen toelaten enige juridische verankering en bescherming te bekomen, rekening houdende met de afwezigheid van een algemeen wettelijk kader.
Meer lezen

Erkenning (in België) van verstotingen in islamitische landen: een hedendaagse evaluatie

Vrije Universiteit Brussel
2020
Tom
Lenaerts
Gendergelijkheid en non-discriminatie. Aan beide begrippen wordt steeds meer belang gehecht. Zelfs het hagelnieuw Belgische regeerakkoord heeft er de mond van vol.

Ook wanneer twee getrouwde partners uit elkaar willen gaan, wordt verwacht dat zij elk evenveel recht hebben om hun relatie te beëindigen. Wat indien dit in andere landen niet het geval is, en de macht om het huwelijk te beëindigen enkel aan de man toekomt? Hoe moet België met dergelijke situaties omgaan wanneer een buitenlands koppel besluit om naar België te komen?
Meer lezen

Suggesties voor de invoering van een eenvormig Belgisch relatievermogensrecht

Universiteit Gent
2017
Maxime
Dupan
Suggesties voor de ontwikkeling van een eenvormig relatievermogensrecht in de vorm van een minimale vermogensrechtelijke bescherming voor ongehuwd samenwonende partners.
Meer lezen

De erkenning in België van buitenlandse akten/vonnissen in verband met de zorg aan kinderen door middel van de kafala

Universiteit Gent
2016
Yasmine
Haelemeersch
Deze masterproef handelt over de erkenning en de kwalificatie van een Maghrebijnse kafala-akte in de Belgische rechtsorde en de (on)mogelijkheid tot omzetting ervan in een Belgische adoptie.
Meer lezen

Naar de invoering van de anonieme of discrete bevalling in België?

Universiteit Gent
2015
Hanne
De Clerck
Van vondelingenluik tot wettelijke regeling? Geen anonieme bevalling, wel discrete.In februari was er baby Jules in het vondelingenluik, in augustus baby Marie in een berm. Ook dit jaar zijn er in de media reeds verschillende verhalen verschenen over pasgeboren kinderen die ergens worden achtergelaten. Waarom zijn er vrouwen die ervoor kiezen om ergens in het geheim te bevallen en hun kind te dumpen in plaats van naar het ziekenhuis te trekken? Het antwoord is simpel: wie in België van een kind bevalt, wordt door het Burgerlijk Wetboek automatisch als juridische moeder aanzien.
Meer lezen

Suggesties voor een wettelijke regeling van draagmoederschap in België aan de hand van de statelijke regelingen in de VSA

Universiteit Gent
2014
Tom
Wijnant
‘Baby D.’ en het juridische vacuüm rond draagmoederschap:de Verenigde Staten als leerschool voor het Belgische parlement?Het Belgische recht kent tot op de dag van vandaag geen specifieke wettelijke regeling voor draagmoederschap. Bij gebrek aan juridische omkadering dienen wensouders en draagmoeders zich onder meer te beroepen op het bestaande afstammings-, adoptie-, verbintenissen- en strafrecht. Het ontbreken van specifieke regels kan echter dramatische gevolgen hebben, zoals reeds gebleken is uit Belgische ervaringen.
Meer lezen

Wat als het huwelijk geen zekerheid meer biedt?

Hogeschool VIVES
2012
Els
Vandenbulcke
 Wanneer het huwelijk geen zekerheid meer biedt en er ernstige echtelijke moeilijkheden zijn is het aangewezen voor beide echtgenoten en evenzeer voor de kinderen, dat beide partijen blijven openstaan voor een open gesprek.Als elke poging tot verzoening faalt, staan er wettelijk voor de echtgenoten een aantal mogelijkheden open.
Meer lezen

Vrouwenarbeid in Marokko: ontwikkeling door maar ook voor vrouwen?

Universiteit Gent
2004
Petra
Heyse
Vrouwenarbeid in Marokko: ontwikkeling ‘door’ maar ook ‘voor’ vrouwen?
door Petra Heyse
 
Wereldwijd dienen steeds meer vrouwen zich een plaats te verwerven op de arbeidsmarkt. Dit komt mede door de mondialisering en de ermee gepaard gaande stijging van de levensstandaard. De neoliberale marktideologie schuwt elke vorm van afhankelijkheid en wenst vrouwen op een volwaardige manier te integreren in het economische actieve leven. In vele landen komen de traditionele vrouwenrollen hierdoor op losse schroeven te staan.
Meer lezen