Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

MORE DRAMA, MORE HAPPINESS? EEN KWALITATIEF ONDERZOEK NAAR HET VERBAND TUSSEN DRAMALESSEN EN HET MENTAAL WELBEVINDEN VAN 2E-GRAADS DOORSTROOM-STUDENTEN

Universiteit Gent
2025
Matthew
Wright
Deze studie werd uitgevoerd om te bepalen hoe 2e-graads doorstroomstudenten het verband tussen dramalessen en hun mentaal welbevinden ervaren. Het zes dimensionaal mentaal welbevinden model, ontwikkeld door Ryff (1989), toont deels overlap met de in de literatuur gevonden effecten van drama en werd daarom als theoretische basis gebruikt in dit onderzoek. De onderzoeksgroep bestaat uit 6 jongeren die een 2e-graads doorstroomrichting volgen en die gedurende 40 weken 24 keer één uur per week dramales kregen als keuzevak. De studie werd uitgevoerd aan de hand van semigestructureerde diepte-interviews die aan het einde van het schooljaar bij de leerlingen werden afgenomen. Om de gegevens te verwerken en analyseren werd een thematische analyse volgens Braun & Clarke (2006) toegepast. Als resultaat van het onderzoek werd er een duidelijke, positieve invloed vastgesteld op de persoonlijke groei, positieve relaties met anderen en zelfacceptatie dimensies. De invloed op de autonomie is matig en op de omgevingsbeheersing is de invloed gering. Er ontbreken gegevens om een besluit te maken over de doelgerichtheid dimensie, maar de verwachting is dat deze laag is. Het algemeen mentaal welbevinden van de participanten lijkt te zijn toegenomen na het volgen van dramalessen. Uit het onderzoek blijkt dat de invloed groter is bij jongeren wiens mentaal welbevinden laag is dan bij jongeren met een matig tot hoog mentaal welbevinden, al dient verder onderzoek dit verder te staven. De belangrijkste, niet eerder gevonden resultaten zijn dat participanten aangeven zich minder aan te trekken van de mening van anderen, makkelijker hun mening te kunnen uiten, meer te durven, meer open te staan voor nieuwe ervaringen en meer onbekenden durven aan te spreken. Vele andere resultaten bevestigen wat eerdere literatuur al bewees. Het onderzoek sluit af met een pleidooi om educatief drama een standaardonderdeel te maken van het curriculum van de middelbare school of het ten miste als potentieel keuzevak aan te bieden.
Meer lezen

DE ADOLESCENTE MOSLIM ALS IDENTITEITSZOEKER: EEN KWALITATIEVE STUDIE BIJ HULPVERLENERS NAAR RADICALISERING ALS EEN PROCES IN RELATIE TOT DE ADOLESCENTIE ALS LEVENSFASE

Universiteit Gent
2025
Rania
Ikoubaân
Deze masterproef onderzoekt hoe hulpverleners radicalisering bij adolescenten binnen een islamitische context begrijpen, met bijzondere aandacht voor de rol van identiteitsontwikkeling en de uitdagingen van de adolescentiefase. Sinds de aanslagen van 9/11 en de opkomst van homegrown terrorism is radicalisering een centraal thema geworden in zowel het publieke als wetenschappelijke discours. Desondanks ontbreekt een eenduidige definitie en worden radicalisering, extremisme en terrorisme vaak ten onrechte met elkaar en met de islam geassocieerd. Eerder onderzoek richtte zich vooral op justitiële dossiers of op de ervaringen van geradicaliseerde individuen, waardoor het perspectief van hulpverleners onderbelicht bleef. In dit kwalitatieve onderzoek werden twaalf bestaande, semi-gestructureerde interviews met Belgische hulpverleners geanalyseerd volgens een thematische analyse. De analyse toont dat hulpverleners radicalisering niet zien als een geïsoleerd ideologisch fenomeen, maar als een betekenisvolle oplossingspoging voor onderliggende psychische en sociale kwetsuren, vaak gerelateerd aan migratiepijn, structurele uitsluiting, intergenerationele conflicten en identiteitsproblemen. De adolescentiefase wordt door hulpverleners beschouwd als een periode van verhoogde kwetsbaarheid, waarin radicalisering kan fungeren als een poging om met gevoelens van onzekerheid, vervreemding en identiteitsvragen om te gaan. Deze bevindingen onderstrepen de noodzaak van een genuanceerde benadering van radicalisering, die oog heeft voor de individuele beleving en de bredere maatschappelijke context, en bieden waardevolle aanknopingspunten voor beleid en klinische praktijk.
Meer lezen

Van stereotiep naar meer gelijkwaardig? De evolutie van genderrepresentatie in talige voorbeeldzinnen uit Nederlandstalige schoolboeken tussen 1985-1999 en 2000-2015

KU Leuven
2025
Gitte
Leysen
De meeste jongeren in Vlaanderen brengen gemiddeld 32 tot 36 uur per week binnen de schoolmuren door. Hoewel digitale leermiddelen daarin alsmaar meer hun intrede maken, blijven schoolboeken een cruciaal, al dan niet nog steeds belangrijkste, medium voor scholen voor het overbrengen van kennis. Schoolboeken bevatten naast die feitelijke kennis echter ook onderliggende normen en waarden, die genderspecifieke stereotypen kunnen overbrengen. Daarbij worden bepaalde persoonlijkheidskenmerken, activiteiten en rollen toegeschreven aan personages op basis van hun
gender. Een evenwichtige en niet-stereotiepe representatie van mannen en vrouwen verkiest echter de voorkeur aangezien dergelijke genderstereotypen een negatieve invloed kunnen hebben op het welzijn en aspiraties van adolescenten.
Talrijke studies die de representatie van gender in media, zoals radio, televisie en reclame, analyseerden, stelden patronen van ongelijke representatie en traditionele rolverdelingen tussen vrouwen en mannen vast. Hoewel genderrepresentatie in schoolboeken steeds vaker wordt onderzocht, richten die onderzoeken zich nauwelijks op de evolutie van genderrepresentatie en op middelbare schoolboeken en nog minder op Nederlandstalige schoolboeken. Dit onderzoek richtte zich daarom op de
evolutie van genderrepresentatie in Nederlandstalige schoolboeken bestemd voor de middelbare school.
Deze studie voerde een kwantitatieve inhoudsanalyse uit op een corpus van 615 talige
voorbeeldzinnen uit elf verschillende schoolboeken die bestemd waren voor het vierde, vijfde en zesde middelbaar uit twee afzonderlijke periodes, namelijk 1985-1999 en 2000-2015. Deze masterproef analyseerde diverse aspecten van genderrepresentatie. Er werd gekeken naar de beroepen, rollen, activiteiten en contexten waarin mannen en vrouwen voorkwamen en naar hun relatie tot passiviteit, fysiek uiterlijk, emoties en alcohol-, tabak- en drugsgebruik. De resultaten van dit onderzoek toonden aan dat traditionele representaties aanwezig bleven in de geanalyseerde zinnen. In beide tijdsperiodes werden in dit corpus vrouwen vaker geassocieerd met passiviteit, fysiek uiterlijk en huishoudelijke en sociale contexten. Mannen daarentegen waren
oververtegenwoordigd in beroepsmatige en autoritaire contexten en werden vaker geassocieerd met alcohol-, tabak- en drugsgebruik. Een opvallende en zorgwekkende bevinding was dat de aanwezigheid van vrouwen in leidinggevende functies zelfs afnam, terwijl die van mannen toenam. Op dat vlak stagneerde de representatie in schoolboeken niet alleen, maar deed die zelfs een stap terug, wat ingaat tegen de maatschappelijke verwachting.
De bevindingen van dit onderzoek laten zien dat de dominant heersende stereotiepe
genderrepresentaties grotendeels behouden bleven doordat de traditionele representaties in 2000-2015 aanwezig bleven bij het merendeel van de variabelen. Deze masterproef toont aan dat, ondanks de vergrootte maatschappelijke aandacht voor gendergelijkheid, genderstereotypen in schoolboeken ook anno 2000-2015 hardnekkig waren. Daarmee benadrukt dit onderzoek de blijvende noodzaak voor uitgevers, auteurs en leerkrachten om kritisch en bewust om te gaan met de representatie van gender in lesmateriaal.
Meer lezen

STILL COMING-OF-AGE: THE STORIES WE NEED(ED): A COHORT-BASED STUDY OF QUEER VIEWERSHIP AND ENGAGEMENT WITH COMING-OF-AGE SERIES

Universiteit Gent
2025
Yari
Landuyt
Deze studie onderzoekt hoe queer coming-of-age (QCOA) series worden geconsumeerd
en geïnterpreteerd door queer mannelijke kijkers uit drie cohorten in Vlaanderen. Hoewel
QCOA verhalen vaak als relevant voor jongeren worden beschouwd, toont dit onderzoek
aan dat ze emotioneel betekenisvol zijn voor verschillende leeftijden. Vanuit een
theoretisch kader gebaseerd op queer theory, televisiestudies en life course onderzoek,
werden veertien diepte-interviews afgenomen met queer mannen tussen 18 en 67 jaar. De
deelnemers werden ingedeeld in drie cohorten: de Pre-Mainstream Cohort (PMC), de Early
Queer Normalization Cohort (EQNC) en de Queer Media Explosion Cohort (QMEC). Ze
reflecteerden op hun ervaringen met een selectie van QCOA series, waaronder
Heartstopper, wtFOCK, SKAM, Young Royals en Love, Victor. Aan de hand van
constructivistische grounded theory werd geanalyseerd hoe zij zich verhouden tot deze
series, met bijzondere aandacht voor seksuele identiteitsontwikkeling, het onderscheid
tussen herkenning en identificatie, en het gebruik van QCOA series als een emotionele
proxy. De bevindingen tonen aan dat hoewel sommige deelnemers toegang hadden tot
meer toegankelijke queer media, deze zichtbaarheid niet altijd leidde tot emotionele
resonantie. Anderen gebruikten QCOA series eerder retrospectief, om hun adolescentie te
herdenken of te verwerken. Over de cohorten heen absorbeerden deelnemers
representatie niet passief, maar gaven er actief betekenis aan, waarbij ze eigen
herinneringen, verlangens of onverwerkte gevoelens projecteerden. QCOA series
functioneren zo niet als universele spiegels, maar als emotioneel flexibele culturele teksten
die queer kijkers in staat stellen hun identiteit te verkennen, op het verleden te reflecteren
en alternatieve trajecten te verbeelden.
Meer lezen

Psychosegevoeligheid

Thomas More Hogeschool
2025
Nele
Willems
  • Nina
    Ernst
  • Alix
    Van Linden
  • Shelly
    Colonne
  • Selma
    Taous
  • Berivan
    Kepenekli
In deze bachelorproef onderzoeken studenten Toegepaste psychologie hoe zij jongeren en niet- professionals kunnen ondersteunen, die zelf geen psychose ervaren, maar wel in contact staan met leeftijdsgenoten/ jongeren die dit wel doormaken. Het onderzoek richt zich op hoe deze jongeren beter kunnen worden geholpen in het herkennen van signalen van een psychose en in het omgaan met dergelijke situaties. Daarnaast wordt er ook gekeken naar hoe de medewerkers van vzw Erat hierin ondersteund kunnen worden.
Meer lezen

MORE DRAMA, MORE HAPPINESS? EEN KWALITATIEF ONDERZOEK NAAR HET VERBAND TUSSEN DRAMALESSEN EN HET MENTAAL WELBEVINDEN VAN 2E-GRAADS DOORSTROOM-STUDENTEN

Universiteit Gent
2024
Matthew
Wright
Deze studie werd uitgevoerd om te bepalen hoe 2e-graads doorstroomstudenten het verband tussen dramalessen en hun mentaal welbevinden ervaren. Het zes dimensionaal mentaal welbevinden model, ontwikkeld door Ryff (1989), toont deels overlap met de in de literatuur gevonden effecten van drama en werd daarom als theoretische basis gebruikt in dit onderzoek. De onderzoeksgroep bestaat uit 6 jongeren die een 2e-graads doorstroomrichting volgen en die gedurende 40 weken 24 keer één uur per week dramales kregen als keuzevak. De studie werd uitgevoerd aan de hand van semigestructureerde diepte-interviews die aan het einde van het schooljaar bij de leerlingen werden afgenomen. Om de gegevens te verwerken en analyseren werd een thematische analyse volgens Braun & Clarke (2006) toegepast. Als resultaat van het onderzoek werd er een duidelijke, positieve invloed vastgesteld op de persoonlijke groei, positieve relaties met anderen en zelfacceptatie dimensies. De invloed op de autonomie is matig en op de omgevingsbeheersing is de invloed gering. Er ontbreken gegevens om een besluit te maken over de doelgerichtheid dimensie, maar de verwachting is dat deze laag is. Het algemeen mentaal welbevinden van de participanten lijkt te zijn toegenomen na het volgen van dramalessen. Uit het onderzoek blijkt dat de invloed groter is bij jongeren wiens mentaal welbevinden laag is dan bij jongeren met een matig tot hoog mentaal welbevinden, al dient verder onderzoek dit verder te staven. De belangrijkste, niet eerder gevonden resultaten zijn dat participanten aangeven zich minder aan te trekken van de mening van anderen, makkelijker hun mening te kunnen uiten, meer te durven, meer open te staan voor nieuwe ervaringen en meer onbekenden durven aan te spreken. Vele andere resultaten bevestigen wat eerdere literatuur al bewees. Het onderzoek sluit af met een pleidooi om educatief drama een standaardonderdeel te maken van het curriculum van de middelbare school of het ten miste als potentieel keuzevak aan te bieden.
Meer lezen

Tiener en Moeder

Arteveldehogeschool Gent
2024
Jennifer
Van Den Broecke
Het doel van deze bachelorproef is om aan de hand van een literatuurstudie te onderzoeken met welke specifieke negatieve fysieke, psychologische en sociale impacten tienermoeders mogelijks vaker te maken krijgen ten opzichte van oudere moeders. Vervolgens wordt er bekeken welke zaken het verlenen van optimale zorg voor deze doelgroep bemoeilijkt en hoe vroedvrouwen hun zorgverlening kunnen optimaliseren.
Meer lezen

Bruggen bouwen: inclusie bevorderen en diversiteit omarmen in de klas

Hogeschool UCLL
2024
Liesse
De Boel
In deze scriptie wordt de invloed van groepsdruk op de seksuele oriëntatie van jongeren binnen de tweede graad secundair onderwijs toegelicht. Hoe kunnen we leerkrachten tools aanreiken om hierover in gesprek te gaan en diversiteit binnen de school te omarmen?
Meer lezen

Een boekentas vol veerkracht

Universiteit Gent
2024
Margot
Fermyn
Het thema van mijn scriptie ligt mij nauw aan het hart. Om deze reden bracht ik dit thema ook zelf aan aan de universiteit. Ik was dan ook erg blij toen deze werd goedgekeurd en ik hierin de eerste stappen mocht zetten in dit onderzoeksdomein. Mijn scriptie onderzoekt de mate waarin leraren reeds preventief inzetten op veerkracht en wat hen kan helpen om deze implementatie mogelijk te maken. We willen weg van het curatief behandelen, en het wachten tot er reeds problemen optreden. Hierdoor willen we de preventieve insteek includeren. Veerkracht is hierbij een transdiagnostisch begrip waardoor het over verschillende stoornissen heen een beschermend effect heeft. Bovendien scoren veerkrachtige kinderen ook beter op school, wat toch voor de overheid en primair doel blijft. Verschillend met vorige onderzoeken, focust dit onderzoek ook op de draagkracht van de leraar. Het onderzoekt wat leraren nodig hebben om veerkrachtbevorderend te kunnen werken in de lagere school, zonder hier zelf volledig uitgeput door te raken. Leraren hebben meer tijd en middelen nodig om veerkrachtgericht te kunnen werken met hun leerlingen. Verder onderzoek zou deze piste verder kunnen uitdiepen en zoeken waar hierin de mogelijkheden liggen.
Meer lezen

Een snijdende vraag om hulp

Thomas More Hogeschool
2024
Kaat
Martien
Deze bachelorproef richt zich op het verkennen van de multidimensionale
aspecten van zelf verwondend gedrag bij adolescenten, met speciale
aandacht voor de rol van de omgeving en verpleegkundige in het bieden van
effectieve ondersteuning en preventie. Door een dieper inzicht te krijgen in dit
complexe fenomeen, kunnen er stappen gezet worden naar een meer
inclusieve en holistische benadering van de geestelijke gezondheidszorg voor
adolescenten. En wordt er hopelijk iets meer taboe doorbroken.
Meer lezen

TikTok food Influencers voor voedselgeletterdheid promotie?

Universiteit Antwerpen
2023
Julie
Volckaerts
Jongvolwassenen (18-25) consumeren veel berichten over eten en voeding op sociale media, met name op TikTok. Dit onderzoek richt zich op bron- en boodschapkenmerken van de effectiviteit van een food influencer in het bevorderen van voedselgeletterdheid bij jongvolwassenen. Meer specifiek ligt de focus op brondeskundigheid als bronkenmerk en instructies in receptvideo's als boodschapkenmerk. Een between-subjects experiment met een 2 (expert food influencer vs non-expert food influencer ) x 2 (TikTok receptvideo met instructies vs zonder instructies) design werd uitgevoerd. In totaal namen 242 Vlaamse jongvolwassenen deel aan het experimentele onderzoek. De resultaten tonen aan dat hoewel deskundige food influencers niet direct effectief waren in het bevorderen van voedselgeletterdheid en post engagement, ze wel als geloofwaardiger werden ervaren dan de niet-deskundige food influencer. Deze geloofwaardigheid van de bron bleef leiden tot een hogere intentie om gezond voedsel te kiezen en om de receptvideo leuk te vinden, te delen, te taggen, op te slaan en de influencer te volgen. Bovendien bleken instructies in receptvideo's op TikTok effectief te zijn in het bevorderen van voedselgeletterdheid en postbetrokkenheid. Deze bevindingen kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van effectieve communicatiestrategieën gericht op het bevorderen van voedingsvaardigheden onder 18- tot 25-jarigen.
Meer lezen

De zitepidemie

Universiteit Gent
2023
Amber
Ollivier
Uit de literatuur is af te leiden dat in het hoger onderwijs weinig tot geen fysieke activiteit aan bod komt, dit ondanks de vele voordelen. In dit onderzoek wordt in kaart gebracht wat de totale fysieke activiteit van studenten beïnvloedt en wat het effect is van fysieke activiteit op een leerprestatie, rekening houdend met de motivatie en het engagement. Dit werd door cross sectioneel onderzoek nagegaan, waarbij een instructieactiviteit vooraf wordt gegaan door fysieke activiteit.

In dit onderzoek werd het effect van individuele factoren, sociale netwerken, fysieke omgeving, de macro omgeving, academische druk, studentenleven, examens, lessen en de schoolomgeving op de totale wekelijkse fysieke activiteit geanalyseerd. Het engagement van studenten is gebaseerd op verscheidene motorische theorieën over kennisconstructie, namelijk het constructivisme van Bruner (1966), de embodied cognition theory (Brouillet et al., 2010) en de theory of event coding (Hommel, 2015). Uit deze theorieën is af te leiden dat fysieke activiteit een motivator kan zijn voor kennisconstructie en meer engagement. De motivatie is binnen dit onderzoek de bevrediging van de basisbehoeften autonomie, verbondenheid en competentie (Ryan en Deci, 2017).

De individuele factoren en de sociale netwerken zorgen voor meer fysieke activiteit. Daarentegen zorgt het studentenleven voor minder fysieke activiteit. Fysieke activiteit zorgt ook voor hogere leerprestaties, rekening houdend met het engagement van studenten. Er is geen significant effect op de motivatie. De voordelen van fysieke activiteit, vastgesteld bij lagere en secundaire leerlingen, zijn zo ook aanwezig bij studenten van het hoger onderwijs. Meer fysieke activiteit kan bovendien een eerste stap zijn om de zitepidemie te doorbreken en de algemene volksgezondheid verder te stimuleren.
Meer lezen

Bachelorproject GOESting

Arteveldehogeschool Gent
2023
Bettie
Lernout
  • Bente
    Gevaert
  • Floor
    Laureyns
  • Lieze
    Knezevic
  • Marieke
    Van Hove
  • Nina
    van Henis
  • Bettie
    Lernout
Hoe kunnen we tot een haalbare samenwerking komen tussen een secundaire school en een ervaringsdeskundige geestelijke gezondheidszorg?
Meer lezen

GOESting

Arteveldehogeschool Gent
2023
Marieke
Van Hove
  • Floor
    Laureyns
  • Nina
    Van Henis
  • Bettie
    Lernhout
  • Lieze
    Knezevic
  • Bente
    Gevaert
Kunnen wij tot een haalbare samenwerking komen tussen ervaringsdeskundigen binnen de geestelijke gezondheid en een secundaire school?
Meer lezen

TIKTOK-GEBRUIK EN BODY IMAGE: REFLECTIE IN DE VIRTUELE SPIEGEL: EEN MIXED-METHODS ONDERZOEK NAAR HET VERBAND TUSSEN TIKTOK-GEBRUIK EN LICHAAMSONTEVREDENHEID BIJ ADOLESCENTEN, GECONTROLEERD VOOR SOCIALE VERGELIJKING EN TYPE TIKTOK-GEBRUIK

Universiteit Gent
2023
Yana
Van Wymeersch
Dit onderzoek richt zich op het verband tussen het gebruik van TikTok en lichaamsontevredenheid bij adolescenten. TikTok is een socialemediaplatform dat de laatste jaren enorm aan populariteit heeft gewonnen. De opkomst van dit platform heeft geleid tot een toename van blootstelling aan geïdealiseerde beelden en schoonheidsnormen, wat een potentiële invloed heeft op de perceptie van het eigen lichaam bij adolescenten. Het fenomeen sociale vergelijking wordt in dit onderzoek bekeken als een mogelijke mediatiefactor, aangezien dit een rol speelt in het ontstaan van een negatief lichaamsbeeld. Ook wordt onderzocht of het type TikTok-gebruik (actief versus passief) een invloed heeft op het verband tussen TikTok-gebruik en lichaamsontevredenheid. De studie maakt gebruik van een mixed- methods approach, bestaande uit zowel kwantitatieve vragenlijsten als kwalitatieve diepte- interviews. De bevindingen tonen aan dat er een verband bestaat tussen de tijd gespendeerd op TikTok en lichaamsontevredenheid. De resultaten kunnen waardevol zijn voor zowel academici als professionals op het gebied van geestelijke gezondheid, en kunnen leiden tot interventies en preventiemaatregelen om de negatieve effecten van TikTok op het lichaamsbeeld te verminderen.
Meer lezen

Masker van de schone schijn

Odisee Hogeschool
2022
Kelly
Van Heymbeeck
Genomineerde longlist Klasseprijs
Doordat pijn iets heel subjectief is, is het niet altijd gemakkelijk om begrepen te worden door anderen. Zonder woorden bestaat de pijn alleen voor diegene die pijn
lijdt. Door ze onder woorden te brengen wordt de pijn een werkelijkheid voor anderen.
Dit onderzoek trachtte daarom vertelkaarten te creëren om adolescenten te ondersteunen bij het open en diepgaand praten en reflecteren over de eigen pijnbeleving. Zo krijgen jongeren eens de kans om hun masker af te zetten voor de buitenwereld...
Meer lezen

Instagram food influencers: threat or opportunity? Determining the impact of social media influencers’ food related content on Flemish 12-18 year old adolescents’ eating outcomes: An intervention

KU Leuven
2021
Katoo
Derks
  • Yara
    Qutteina
Een experimenteel (4x4, between subjects) onderzoek naar de impact van voedselgerelateerde inhouden van sociale media influencers op de eetgewoonten van Vlaamse 12-18-jarige adolescenten.
Meer lezen

Impact van psychosociale determinanten op de mondhygiënegewoonten bij adolescenten. Een literatuurstudie.

Arteveldehogeschool Gent
2021
Saskia
Sertyn
In deze literatuurstudie wordt onderzocht wat de invloed is van omgevingsfactoren op mondhygiënegewoonten bij adolescenten. Deze kennis kan gebruikt worden bij het ontwikkelen van preventieprogramma’s ter bevordering van de mondgezondheid bij deze doelgroep.
Meer lezen

De modererende rol van executief functioneren op de relatie tussen emotieregulatie en psychopathologie bij jonge adolescenten

Universiteit Gent
2020
Ine
Verbiest
De adolescentie is een kwetsbare periode voor de ontwikkeling van psychopathologie. Daarnaast zijn psychische problemen tijdens deze periode sterk nadelig voor de jongere in kwestie, zowel op korte als lange termijn. Deze masterproef onderzoekt de modererende rol van executief functioneren op de relatie tussen emotieregulatie en psychopathologie bij jonge adolescenten.
Meer lezen

De rol van de secure base en safe haven functies van hechting in de identiteitsontwikkeling van jongeren: de mediërende rol van coping

Universiteit Gent
2020
Elise
Van Laere
Onderzoek naar de rol van de secure base en safe haven functies van hechting in de identiteitsontwikkeling van adolescenten. Daarbij wordt de rol van coping als mediërende variabele onderzocht. Dit onderzoek heeft interessante implicaties voor de klinische praktijk.
Meer lezen

Belonging als universeel ontwerp: het fundament voor de diverse school

Arteveldehogeschool Gent
2019
Sofie
Smets
Belonging als universeel ontwerp: het fundament voor een diverse school
Meer lezen

Tijdsattitudes van hedendaagse jongeren - Het verband met hechtingsrelaties van jongeren en hun ouders

Universiteit Gent
2019
Liesbeth
Daenen
Ouders met een veilige hechting aan hun ouders zullen een veilige hechting met hun kinderen opbouwen. De veilige hechtingsrelatie van de jongere zal ervoor zorgen dat deze een positievere kijk heeft op het verleden, heden en de toekomst waardoor deze meer kans heeft op een gezonde psychologische ontwikkeling.
Meer lezen

Wandelen tussen Wolkenkrabbers: Sociaal geheugen en identiteit in de context van Black History Month

KU Leuven
2019
Jef
Cauwenberghs
In welke context wordt voor jonge Afro-Vlamingen een 'zwarte identiteit' geboren en hoe wordt deze door middel van sociaal geheugen in stand gehouden?
Meer lezen

The prevalence and potential risk factors of suicidal ideation in 8-year-olds in the JOnG! study

Vrije Universiteit Brussel
2019
Lisa
Van Hove
Deze masterproef houdt één van de eerste studies in die een doodswens specifiek bij jonge kinderen onderzocht. Dit werd nagegaan door de belangrijkste zorgfiguren uit het 6-jarig cohort van de JOnG!-studie bij het tweede meetmoment te vragen of hun 8-jarig kind ooit gezegd had dat hij/zij liever dood wil zijn. Uit het onderzoek bleek dat 12.1% van de zorgfiguren aangeeft dat zijn/haar kind er ooit een doodswens op nahield en dat dit in verband gebracht kan worden met een aantal specifieke factoren.
Meer lezen

Gutenberg of Zuckerberg in museum Plantin-Moretus?

LUCA School of Arts
2018
Kathelijne
Put
'Plantin achterna' is het resultaat van een onderzoek naar analoge & digitale interacties in een eeuwenoud museum over druk - museum Plantin Moretus.
Meer lezen

De rol van extreme opvattingen als indicator voor radicalisering bij schoolgaande jongeren - Een latente profielanalyse van moslimjongeren in Antwerpen en Brussel

Vrije Universiteit Brussel
2017
Ilhem
Bouchema
Dit onderzoek heeft aan de hand van een vragenlijst bepaalde opvallende antwoordpatronen en denkprocessen als start van psychologische vatbaarheid voor radicalisering willen achterhalen bij schoolgaande jongeren in Brussel en Antwerpen.
Meer lezen

Jongvolwassenen binnen de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg: een vergeten groep?!

AP Hogeschool Antwerpen
2017
Lise
Mous
De jongvolwassenheid is een kwetsbare en onzekere periode waarbij jongeren tegen verschillende veranderingen, drempels in de hulpverlening en obstakels oplopen. Tevens is het een periode met een verhoogd risico op het gebruik van middelen, het stellen van risicovolgedrag, psychische problemen en sociale uitsluiting. Langs de andere kant is het een periode van kansen waarbij jongeren, met de nodige ondersteuning, een geheel nieuwe wending aan hun leven kunnen geven. Het is kortom een groep die zeker aandacht verdient, maar op dit moment nog niet de aandacht krijgt waar ze recht op heeft.
Meer lezen

Sociale netwerken aanwenden in het ontwikkelingsproces naar competent ouderschap: Functionaliteit bij KOPP-kinderen

Odisee Hogeschool
2017
Anja
Csincsak
Vanuit drie invalshoeken, de sociologische, de pedagogische en de psychologische, wordt onderzocht of men competent ouderschap aanhoudend kan cultiveren bij ouders met psychiatrische en/of verslavingsproblemen door sociale netwerken in te zetten. Aan de hand van een casusbespreking en diepte-interviews koppelt men de theorie aan de praktijk. Verder worden verschillende veranderingsmogelijkheden voorgesteld, waaronder een zelf ontwikkeld kinderboekje.
Meer lezen

"Ik ben..." De Magic Flute en muziektherapie bij adolescenten met een neuromusculaire aandoening.

Arteveldehogeschool Gent
2017
Geert
Wasteels
Het gebruik van de Magic Flute (een elektronisch blaasinstrument) binnen de muziektherapie met als doel bij te dragen aan de identiteitsvorming bij adolescenten met een neuromusculaire aandoening.
Meer lezen

Peer pressure in het secundair onderwijs: een kwalitatieve studie aan de hand van focusgroepen

Universiteit Gent
2017
Amy
De Blende
Kwalitatieve studie aan de hand van focusgroepen naar de rol van peer pressure bij prestatieverschillen tussen jongens en meisjes in het secundair onderwijs.
Meer lezen