Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Toward standardization of Gram-positive bacterial extracellular vesicles: optimizing purification from Lacticaseibacillus rhamnosus GG across growth phases

Universiteit Gent
2026
Shauni
Van Rijckeghem
Confidentieel -> thesis doorgestuurd via e-mail
Meer lezen

De wilde bij als sleutel tot duurzaamheidseducatie

Odisee Hogeschool
2026
Soeze
Windey
  • Ilinka
    Devillé
Biodiversiteit vormt de basis van goed functionerende ecosystemen en is onmisbaar voor het leven op aarde. Toch staat deze biodiversiteit wereldwijd onder druk. In Vlaanderen nemen steeds meer planten- en diersoorten af of verdwijnen ze volledig. Een van de groepen die bijzonder kwetsbaar is, zijn de wilde bijen. Hoewel ze vaak minder bekend zijn dan honingbijen, spelen wilde bijen een cruciale rol in de bestuiving van planten en gewassen. Hierdoor dragen ze niet alleen bij aan het behoud van
biodiversiteit, maar ook aan onze voedselproductie en de kwaliteit van onze leefomgeving.
De achteruitgang van wilde bijen wordt veroorzaakt door verschillende factoren, waaronder het verlies van geschikte leefgebieden, een afname van bloemenrijke omgevingen, het gebruik van bestrijdingsmiddelen en de gevolgen van klimaatverandering. Ondanks het grote belang van deze bestuivers merken we dat hun rol en betekenis binnen het onderwijs vaak beperkt aan bod komen.
Nochtans biedt dit thema tal van kansen om leerlingen bewust te maken van de samenhang tussen mens, natuur en milieu.
Vanuit deze vaststelling groeide onze interesse voor dit onderwerp. Natuur, biodiversiteit en duurzaamheid zijn thema’s die ons persoonlijk sterk aanspreken. Daarnaast geloven wij dat het onderwijs een belangrijke rol speelt in het ontwikkelen van kennis, vaardigheden en attitudes die bijdragen aan een duurzame samenleving. Door leerlingen inzicht te geven in het belang van wilde bijen en biodiversiteit, kunnen zij bewustere keuzes maken en een groter verantwoordelijkheidsgevoel ontwikkelen ten aanzien van hun omgeving. Binnen deze bachelorproef staat daarom de volgende onderzoeksvraag centraal: "Op welke manier kan duurzaamheidseducatie rond de wilde bij worden geïntegreerd in een betekenisvol en onderzoekend lessenpakket voor de derde graad van het lager onderwijs?"
Om deze onderzoeksvraag te beantwoorden, werd eerst een theoretisch kader uitgewerkt rond duurzaamheidseducatie, biodiversiteit, bestuiving, bestuivers en de wilde bij. Daarnaast werd onderzocht welke kenmerken van betekenisvol en onderzoekend leren aansluiten bij leerlingen uit de derde graad van het lager onderwijs. Op basis van deze inzichten werd een lessenpakket ontwikkeld dat bestaat uit zes lessen van telkens 100 minuten. Aan de hand van onderzoekende activiteiten,
observaties, samenwerking, reflectie en praktijkgerichte opdrachten ontdekken leerlingen stap voor stap het belang van wilde bijen binnen ecosystemen en biodiversiteit. Tegelijk worden zij gestimuleerd om kritisch na te denken over de impact van menselijk handelen op de natuur en over hun eigen rol binnen een duurzame samenleving.
Met deze bachelorproef willen we niet alleen een bruikbaar en onderbouwd lessenpakket aanbieden voor leerkrachten, maar ook bijdragen aan de ontwikkeling van ecologische bewustwording en handelingsbekwaamheid bij leerlingen. We willen hen laten ervaren dat zij, ondanks hun jonge leeftijd, een verschil kunnen maken voor biodiversiteit en bestuivers in hun eigen omgeving. Op die manier hopen we een bijdrage te leveren aan duurzaamheidseducatie en aan de vorming van betrokken burgers die zorg dragen voor natuur, milieu en toekomstige generaties.
Meer lezen

Hoe kan je kleuters op een zelfsturende manier aan de nieuwe minimumdoelen van wiskunde laten werken?

Karel de Grote Hogeschool
2026
Noor
Van Hoeydonck
Vanuit de praktijk heb ik in mijn bachelorproef onderzoek gevoerd naar een manier hoe kleuters zelfsturend aan de slag kunnen gaan met de nieuwe wiskundige minimumdoelen. Bij de uitwerking van mijn activiteiten ligt de nadruk ook op het ontwikkelen van de executieve functies naast het behalen van de nieuwe wiskundige minimumdoelen via open, speelse en betekenisvolle activiteiten in een wiskundige kieskast. Uit observaties en screening heb ik enkele besluiten getrokken voor een verdere uitwerking van de kieskast daar dit wel een middel is tot het behalen van de wiskundige minimumdoelen en het ontwikkelen van executieve functies op een zelfsturende manier.
Meer lezen

Werk-Woorden-Ruimte

LUCA School of Arts
2026
Nick
Proot
Voor mijn educatieve masterscriptie onderzocht ik hoe studenten in het deeltijds kunstonderwijs zelf richting kunnen geven aan hun artistieke proces wanneer ze vastlopen. Daarvoor ontwikkelde ik Werk-Woorden-Ruimte: een doos met werkwoordkaarten, focuskaarten, een lexicon en een handleiding. Studenten combineren woorden, interpreteren ze vanuit hun eigen onderzoek en formuleren instructies voor zichzelf.

Gedurende vijf weken volgde ik het gebruik in twee groepen van het Projectatelier, bij volwassenen in de vierde graad Beeld. Via hun procesboeken onderzocht ik hoe de kaarten het experimenteren, reflecteren en benoemen van keuzes ondersteunden. Verschillende studenten vonden na een blokkade zelf een nieuwe werkrichting. Het onderzoek verkent zo hoe een open structuur houvast kan bieden en tegelijk ruimte laat voor autonomie en een eigen artistieke stem.
Meer lezen

artificiële intelligentie in de oncologische diëtetiek: digitale tool en promptgids voor diëtisten

Odisee Hogeschool
2026
Jonathan
Hoes
  • Emma
    Vico
Deze bachelorproef onderzoekt de mogelijkheden van artificiële intelligentie (AI) binnen de oncologische diëtetiek om de werkdruk van oncologische diëtisten te verlagen. Probleemstelling: De aanleiding voor dit onderzoek is de toenemende zorgvraag binnen de oncologie, gecombineerd met een hoge administratieve belasting en beperkte tijd voor individuele begeleiding. Hoewel AI theoretisch veel mogelijkheden biedt binnen de gezondheidszorg, blijkt de implementatie in de praktijk momenteel nog beperkt.
Methode: In deze bachelorproef werd onderzocht hoe Large Language Models via gestructureerde prompt engineering op een betrouwbare manier kunnen worden ingezet binnen de oncologische voedingszorg. Hiervoor werd eerst een bevraging afgenomen bij oncologische diëtisten om huidige noden, werkdruk, AI-gebruik en bezorgdheden rond AI in kaart te brengen. Daarnaast werd een literatuuronderzoek uitgevoerd naar recente prompttechnieken zoals role prompting, few-shot prompting, Chain-of-Thought prompting en Retrieval Augmented Generation. Vervolgens werden verschillende prompts en AI-modellen met elkaar vergeleken op basis van zowel kwantitatieve als kwalitatieve evaluatiecriteria. Met al deze bekomen informatie werd een praktische promptgids ontwikkeld en een prototype gebouwd waarmee gepersonaliseerde voedingsschema’s gegenereerd kunnen worden op basis van patiëntengegevens en nutritionele richtlijnen.
Resultaten: Uit de resultaten bleek dat oncologische diëtisten een hoge werkdruk ervaren en momenteel slechts beperkt gebruikmaken van AI, voornamelijk door bezorgdheden rond betrouwbaarheid, privacy en transparantie. De vergelijking tussen verschillende prompttechnieken toonde aan dat gestructureerde prompts die gebruik maken van gerichte prompttechnieken duidelijk betere resultaten opleverden dan eenvoudige prompts. De aangepaste prompts genereerden accuratere en consistenter voedingsschema’s die beter aansloten bij de ESPEN-richtlijnen en de klinische context van de patiënt. Daarnaast werden verschillen vastgesteld tussen de onderzochte AI-modellen. Sommige modellen slaagden er beter in om richtlijnen, symptomen en voedingsvereisten correct te integreren, terwijl andere modellen meer inconsistenties en afwijkingen vertoonden.
Besluit: Deze bachelorproef toont aan dat artificiële intelligentie een waardevolle ondersteunende rol kan spelen binnen de oncologische diëtetiek. Gestructureerde prompt engineering kan bijdragen aan meer consistente en klinisch relevante output.

Meer lezen

RekenTaalRijk in de kleuterklas

Karel de Grote Hogeschool
2026
Nel
Braspenning
Mijn scriptie gaat over het verwerven van rekentaalbegrippen bij kleuters.
Meer lezen

Van spanning naar zelfvertrouwen: Faalangst verminderen in lichamelijke opvoeding

Hogeschool West-Vlaanderen
2026
Femke
Verplanken
Deze bachelorproef onderzoekt hoe leerkrachten lichamelijke opvoeding faalangst bij leerlingen in de eerste graad van het secundair onderwijs kunnen herkennen en verminderen. Tijdens de LO-les zijn prestaties zichtbaar voor klasgenoten. Sociale vergelijking, evaluaties en de angst om fouten te maken kunnen daardoor leiden tot onzekerheid en vermijdingsgedrag.

Via een literatuurstudie, enquêtes, gesprekken en lesobservaties werden de ervaringen van leerlingen, leerkrachten en leerlingenbegeleiders onderzocht. De bevindingen wijzen op het belang van een veilig klasklimaat, duidelijke instructies, oefeningen op verschillende niveaus en positieve feedback die inzet en vooruitgang benadrukt.

Deze inzichten werden vertaald naar de praktische gids Expeditie LO – Van faalangst naar zelfvertrouwen. Daarin begeleidt mascotte Cliff de Alpi-paca leerkrachten en leerlingen tijdens een symbolische bergtocht. De bijbehorende Hoogtemeter-methodiek biedt concrete hulpmiddelen om leerlingen stap voor stap te ondersteunen. Zo wil de gids bijdragen aan een leeromgeving waarin leerlingen durven proberen, fouten mogen maken en vertrouwen opbouwen in hun eigen mogelijkheden.

Meer lezen

Pictogrammen als ondersteunend hulpmiddel bij medicatiemanagement voor mensen met een taalbarrière in de eerstelijnszorg

Universiteit Antwerpen
2026
Hanne
Jacobs
De toenemende diversiteit in de maatschappij brengt uitdagingen in de gezondheidszorg met zich mee. Patiëntgerichte zorg en veiligheid worden bedreigd door taalbarrières, wat kan leiden tot medicatiefouten en frustraties. Eerstelijnszorginstellingen gebruiken tolkdiensten en vertaalapplicaties om deze barrières te overbruggen. Bovendien tonen studies aan dat hulpmiddelen, zoals pictogrammen met medicatie-instructies, de kennis en therapietrouw kunnen verbeteren. Culturele afstemming van pictogrammen is echter cruciaal voor
effectieve begrijpelijkheid. Deze studie onderzoekt de begrijpelijkheid en moeilijkheidsgraad van USP-pictogrammen voor geneesmiddeleninstructies bij mensen met een taalbarrière in de eerstelijnszorg. Ook relaties met en de invloed van sociodemografische factoren worden geanalyseerd.
Er werd een kwantitatieve cross-sectionele studie uitgevoerd. Twee huisartsenpraktijken, wijkgezondheidscentra en het opvangcentrum Fedasil in Arendonk namen deel. De datacollectie werd uitgevoerd met behulp een digitale, meertalig vertaalde vragenlijst. Begrijpelijkheid van USP-pictogrammen werd beoordeeld volgens de ISO-normen.
Meer lezen

Aangepaste Mindfulness-Based Cognitive Therapy voor ouderen met levensmoeheid in een woonzorgcentrum

Hogeschool West-Vlaanderen
2026
Yoran
Vansteelandt
Probleemstelling met onderzoeksvraag: Levensmoeheid en een verminderd psychisch welbevinden komen regelmatig voor bij ouderen in woonzorgcentra. Mindfulness wordt steeds vaker ingezet om mensen te helpen beter om te gaan met moeilijke gedachten, gevoelens en stress. In deze bachelorproef werd een bestaand Mindfulness-Based Cognitive Therapy (MBCT)-programma aangepast aan de noden van ouderen met levensmoeheid in WZC Ter Linden. Het onderzoek ging na in welke mate deelname aan dit achtweekse programma een invloed had op het ervaren welbevinden en de kwaliteit van leven van de deelnemers.
Meer lezen

Perinatale zorg door de ogen van Afrikaanse vrouwen en zorgverleners

Hogeschool VIVES
2026
Soha
Agredousse
Deze bachelorproef onderzoekt hoe vrouwen met een Afrikaanse migratieachtergrond de perinatale zorg in België ervaren en welke barrières zij ondervinden bij de communicatie met zorgverleners. De bestaande literatuur werd in kaart gebracht door middel van een literatuurstudie. Daarnaast werd een praktijkonderzoek uitgevoerd aan de hand van de podcast "Luisteren naar zorg", waarin vier vrouwen met verschillende Afrikaanse migratieachtergronden en vier zorgverleners uit verschillende disciplines hun ervaringen en perspectieven deelden.

Uit de literatuur en het praktijkonderzoek kwamen terugkerende barrières naar voren. Deze situeren zich op individueel, interactie- en maatschappelijk niveau. De resultaten van dit onderzoek tonen aan dat deze factoren elkaar kunnen versterken en de toegankelijkheid en kwaliteit van de perinatale zorg kunnen beïnvloeden. Tegelijkertijd verschillen de ervaringen sterk van vrouw tot vrouw. De bachelorproef benadrukt daarom het belang van cultuursensitieve, toegankelijke en persoonsgerichte zorg, waarbij zowel aandacht is voor de bredere context van deze vrouwen als voor effectieve communicatie.
Meer lezen

Presenilin 1 in hereditary Alzheimer's disease: The development of a capture protocol for presenilin 1 long read DNA sequencing

AP Hogeschool Antwerpen
2026
Lauren
Donche
Deze bachelorproef gaat over de ontwikkeling en optimalisatie van een specifiek protocol om mutaties in het PSEN1 gen kostenefficiënter te identificeren bij patiënten met erfelijke Alzheimer. Een betrouwbare identificatie van deze genetische varianten is cruciaal voor een tijdige diagnose, maar huidige screeningsmethoden zijn vaak erg duur en moeilijk toegankelijk.
Om een goedkoper alternatief te bieden, is in dit onderzoek een nieuwe methode ontworpen en getest. Hierbij wordt het specifieke PSEN1 gen eerst doelgericht gefilterd, waarna een techniek die lange stukken DNA in één keer afleest (long-read sequencing) wordt ingezet.
De eerste resultaten tonen aan dat deze gerichte aanpak potentie biedt om de diagnostische kosten te verlagen en het opsporen van genetische foutjes toegankelijker te maken. Wel bleek uit dit onderzoek dat er nog verdere optimalisatie van het protocol nodig is om de betrouwbaarheid en efficiëntie volledig te waarborgen.
Hiermee legt deze bachelorproef een belangrijke basis voor het vervolgonderzoek naar een betaalbare en geoptimaliseerde klinische diagnostische test voor deze zwaar getroffen patiëntengroep.
Meer lezen

Integratie van AI in het softwareontwikkelproces

Hogeschool VIVES
2026
Simon
Stijnen
AI-gestuurde ontwikkeltools zoals Large Language Models (LLM's), prompt engineering en het Model Context Protocol (MCP) veranderen de softwareontwikkeling snel, maar roepen vragen op over codekwaliteit, afhankelijkheid en de rol van de ontwikkelaar. Deze bachelorproef onderzoekt hoe AI-ondersteuning het ontwikkelproces van een cloudgebaseerde applicatie kan versnellen en verbeteren, en welke risico's daarbij horen. De casestudie is Lexis, een applicatie van CERM die e-mails van drukkerijklanten met een LLM analyseert en de gegevens doorstuurt naar het ERP systeem.

Na een theoretisch overzicht van prompt engineering, MCP, skills en agents werden drie implementaties opgeleverd: een authenticatie-oplossing voor meerdere klanten, een interne tool voor testdatabeheer en een gemoderniseerde API-testinfrastructuur. AI versnelde de oplevering aanzienlijk, maar zonder gerichte sturing bleef de code niet steeds productieklaar. AI werkt het best als verlengstuk van de ontwikkelaar, niet als vervanger, binnen duidelijke processen met heldere instructies.
Meer lezen

Taal op maat - Frans na OKAN - Jade Deseigne en Emma Kooreman

Hogeschool VIVES
2026
Emma
Kooreman
  • Jade
    Deseigne
In onze bachelorproef ontwikkelen we lesmateriaal op maat van ex-OKAN-leerlingen die instromen in de tweede graad van het reguliere Vlaamse onderwijs en voor het eerst Frans leren. Om tegemoet te komen aan de noden van zowel leerlingen als leerkrachten, ontwikkelden we digitale leerpaden, een theoriebundel en een lerarenbundel. Het materiaal is gericht op zelfstandig leren, stapsgewijze taalverwerving en functionele communicatie.
Meer lezen

Het gebruik van lentivirale partikels in CAR-T-Celtherapie.

Erasmushogeschool Brussel
2026
Tiebe
Kestelyn
Deze bachelorproef onderzoekt het gebruik van lentivirale partikels voor de productie van CD70-gerichte CAR-T-cellen. CAR-T-celtherapie is een innovatieve vorm van immuuntherapie waarbij T-cellen van een patiënt genetisch worden aangepast om kankercellen gericht te herkennen en te vernietigen. Lentivirale partikels worden hierbij gebruikt als vector voor de overdracht van het CAR-gen naar de T-cellen.

In deze studie werd een productieproces voor lentivirale partikels opgezet in HEK293SF-3F6-cellen door transfectie met vier plasmiden (CAR, Gag/Pol, VSV-G en REV). De fysieke titer van de geproduceerde lentivirale partikels werd bepaald met behulp van een HIV-1 p24-ELISA. Daarnaast werd onderzocht welke omstandigheden voor de benzonasebehandeling het meest geschikt zijn om vrij DNA af te breken, en wat het effect hiervan is op de steriele filtratie van de virusoogst.

De geproduceerde lentivirale partikels behaalden fysieke titers tussen 1,47 × 10⁹ en 2,62 × 10⁹ partikels. De benzonasebehandeling bleek onder alle geteste omstandigheden effectief voor de afbraak van residueel DNA. Bij de steriele filtratie gaf de PES-filter de hoogste opbrengst, terwijl celluloseacetaatfilters nauwelijks lentivirale partikels doorlieten. Opvallend was dat de benzonasebehandeling leidde tot een lagere opbrengst na filtratie, wat afwijkt van bevindingen uit de literatuur. De resultaten dragen bij aan de verdere optimalisatie van productieprocessen voor lentivirale vectoren binnen CAR-T-celtherapie.
Meer lezen

Kunstgeïntegreerde actie- en rustmomenten ontworpen voor leerlingen met ADHD en ASS: Painted Pause

Odisee Hogeschool
2026
Emma
Ghysels
  • Jolien
    Gits
Leerlingen met ADHD en ASS ervaren in de lagere school aanzienlijke moeilijkheden op het vlak van aandacht, prikkelverwerking, flexibiliteit en zelfregulatie. Zoals in het document staat: “Leerlingen met ontwikkelingsstoornissen zoals ADHD en ASS ondervinden dagelijks moeilijkheden die hun leerproces en het klasgebeuren beïnvloeden.” Deze uitdagingen worden vooral zichtbaar tijdens lange instructies, drukke situaties en overgangsmomenten, waar concentratieverlies, impulsiviteit en overprikkeling vaker optreden. Zowel literatuur als praktijk tonen dat bestaande ondersteuning vaak reactief blijft en niet altijd afgestemd is op de specifieke noden van deze leerlingen (Horeweg, 2024).

Daarom bestaat het onderzoeksdoel van deze bachelorproef uit het ondersteunen van leerlingen met ADHD en/of ASS door bewegingsmomenten via kunst te integreren, met als doel hun concentratievermogen en algemeen welzijn te versterken. De centrale onderzoeksvraag luidde: Wat is het effect van structureel aangeboden bewegingsmomenten die via kunst worden geïntegreerd op de aandacht en het algemeen welzijn van lagereschoolkinderen met ADHD en/of ASS?

Om deze onderzoeksvraag te beantwoorden, werd gebruikgemaakt van observaties en semi gestructureerde bevragingen bij leerkrachten, zorgleerkrachten en externe ondersteuners. Hieruit bleek dat scholen reeds hulpmiddelen inzetten zoals koptelefoons, visuele planningen en friemelmateriaal, maar dat de nood aan een proactieve, haalbare en doelgerichte aanpak groot blijft. Leerkrachten zoeken vooral korte interventies die rust of beweging bieden zonder extra werkdruk. Tegelijk wijst onderzoek erop dat kunstzinnige activiteiten bijdragen aan zelfsturing, metacognitieve vaardigheden en sociaal emotioneel functioneren. Mieras (2024) benadrukt dat kunst “leerlingengroepen daadwerkelijk helpt om kansen in het leven te grijpen”.

Vanuit deze bevindingen werd de educatieve tool Painted Pause ontwikkeld. Deze tool combineert kunstbeleving met korte actie en rustmomenten en biedt leerlingen de keuze tussen een actief of rustgevend tussendoortje. Via een digitale schilderijengalerij bekijken leerlingen kunstwerken, beantwoorden ze korte kijkvragen en voeren ze aansluitend een bewegingstussendoortje uit. De activiteiten richten zich op concentratie, samenwerking, emotieregulatie en zelfsturing. De vaste structuur en visuele ondersteuning sluiten aan bij de uiteenlopende noden van leerlingen met ADHD en ASS (Horeweg, 2025).

Tijdens twee testperiodes in verschillende leerjaren werd Painted Pause positief onthaald. Leerlingen met ADHD begonnen na een tussendoortje rustiger en meer gefocust aan het volgende werkmoment; leerlingen met ASS profiteerden vooral van de voorspelbaarheid en prikkelreductie. Ook leerlingen zonder ontwikkelingsstoornis ervaarden de tool als motiverend en prettig. De combinatie van kunstbeleving aan de hand van kijkvragen en een doelgericht bewegingstussendoortje zorgde voor een betere sfeer, verhoogde betrokkenheid en een meer gereguleerde klasgroep. De resultaten tonen dat structureel aangeboden, kunstgebaseerde bewegingsmomenten een waardevolle aanvulling vormen binnen de brede basiszorg. Ze ondersteunen leerlingen met specifieke noden zonder hen te stigmatiseren en versterken tegelijk het algemeen welzijn van de volledige klas. Hoewel verdere verfijning en langdurige evaluatie wenselijk zijn, biedt Painted Pause een veelbelovende, preventieve en inclusieve manier om aandacht en zelfregulatie te bevorderen.
Meer lezen

Noodsituaties bij endocriene en niet-endocriene aandoeningen

Universiteit Antwerpen
2026
Rhode
Mendonck
Deze scriptie biedt een korte samenvatting
van het geleverde onderzoek en toont de weg naar een
nieuw product dat gebruikt wordt voor patiënten met
bijnierschorsinsufficiëntie in levensbedreigende situaties.
Bijnierschorsinsufficiëntie is een endocriene ofwel
hormonale aandoening, die niet te genezen is.
Momenteel ondervindt elke patiënt met de aandoening
bijnierschorsinsufficiëntie angst en stress door de extra
complicaties, zoals een crisis, die komen kijken bij deze
ziekte. De hulpmiddelen die nu bestaan zijn te moeilijk
te hanteren en zorgen voor wantrouwen bij de patiënt.
Een verbetering van deze hulpmiddelen helpt niet alleen
fysiek maar vermindert ook de mentale klachten die hier
het gevolg van zijn.

Het doel is om de herkenbaarheid bij omstaanders te
vergroten en de angst bij alle betrokkenen te beperken.
Meer lezen

Anticoagulantia bij coronarografie en PCI

Hogeschool UCLL
2026
Charlotte
Pauwels
Mijn bachelorproef is ontstaan vanuit een probleem dat ik regelmatig tegenkwam tijdens mijn stages en in het werkveld. Er bestonden veel vragen en onduidelijkheden over het al dan niet onderbreken van anticoagulantia bij een coronarografie of PCI. Ook voor mij was het niet altijd duidelijk welke anticoagulantia moesten worden verdergezet en welke tijdelijk moesten worden onderbroken. Die praktijkgerichte uitdaging motiveerde mij om dit onderwerp grondig te onderzoeken.

Met deze bachelorproef wilde ik niet alleen mijn eigen kennis verdiepen, maar ook een wetenschappelijk onderbouwd antwoord bieden op een vraag waarmee veel zorgverleners binnen verschillende disciplines geconfronteerd worden. Mijn doel was om de bestaande onduidelijkheden te verduidelijken en een praktisch bruikbaar overzicht te creëren dat hulpverleners ondersteunt bij het nemen van onderbouwde beslissingen.

Ik ben ervan overtuigd dat deze bachelorproef een meerwaarde kan bieden binnen verschillende disciplines. Door de wetenschappelijke onderbouwing en de praktijkgerichte insteek kan ze bijdragen aan een veiliger en consistenter medicatiebeleid en zo uiteindelijk de kwaliteit van de patiëntenzorg verbeteren.

Deze wedstrijd leek mij dan ook de ideale kans om mijn onderzoek met een breder publiek te delen. Ik hoop dan ook dat dit onderzoek buiten mijn eigen opleiding en werkplek een bijdrage kan leveren in de praktijk. Dit leek mij de ideale kans om de kwaliteit van zorg te verbeteren.

De primaire doelgroep zijn verpleegkundigen en andere zorgverleners die betrokken zijn bij de voorbereiding en begeleiding van patiënten die een coronarografie of PCI ondergaan. Maar eveneens de patiënten zijn de doelgroep.
Het belangrijkste doel is om in kaart te brengen welke anticoagulantia volgens actuele richtlijnen vóór een coronarografie of PCI moeten worden onderbroken en welke kunnen worden verdergezet. Daarbij wordt gezocht naar een goede balans tussen het risico op bloedingen en het risico op trombose.
Mijn bachelorproef bracht meer duidelijkheid en een evidence-based overzicht van het perioperatieve beleid rond anticoagulantia. Daarnaast werden aanbevelingen voor het verpleegkundig werkveld opgesteld en betere patiënteneducatie.

Het project draagt bij aan persoonsgericht werken doordat er meer aandacht komt voor de individuele situatie en risico’s van elke patiënt. Het beleid rond anticoagulantia is namelijk niet voor iedere patiënt hetzelfde. De uiteindelijke beslissing moet worden afgestemd op onder andere het type anticoagulans en het individuele risico op een bloeding of trombose.
Door verpleegkundigen duidelijke en actuele informatie te geven, kunnen zij patiënten beter en gerichter voorbereiden op hun coronarografie of PCI. Dit vermindert onzekerheid en voorkomt dat medicatie onnodig wordt gestopt of juist niet wordt gestopt. In het project wordt beschreven dat dergelijke fouten kunnen leiden tot uitgestelde ingrepen, extra administratie, kosten en mogelijke complicaties.
Het maakt dus vooral een verschil voor de patiënt, omdat die een veiligere en meer afgestemde zorg krijgt. Daarnaast maakt het een verschil voor verpleegkundigen, omdat zij dankzij een duidelijk overzicht sneller en met meer zekerheid kunnen handelen. Ook voor het zorgproces is er een voordeel: minder fouten en minder onnodig uitgestelde ingrepen kunnen bijdragen aan efficiëntere zorg. Geannuleerde ingrepen brengen een grote kost met zich mee. Denk maar aan artsen en verpleegkundigen die klaar staan voor de ingreep, lege zalen, materiaal dat misschien al geopend is en nu niet gebruikt kunnen worden. Dit project maakt het verschil voor vele doelgroepen.

Dit project kan in de toekomst verder naar andere afdelingen en ziekenhuizen worden uitgebereid. Het is namelijk niet alleen belangijk binnen coronarografiën en PCI, maar eveneens ook belangrijk voor andere ingrepen en afdelingen. Een bredere kennis voor zowel patiënten als voor zorgverleners is belangrijk om de continuïteit van de zorg en de veiligheid van de patiënten te waarborgen.
Meer lezen

Real-Time Remote AI Segmentation over 4G/5G Networks for Assistive Navigation on Custom Trails for Visually Impaired Persons (VIPS)

Vrije Universiteit Brussel
2026
Maarten
Dequanter
De scriptie onderzoekt of artificiële intelligentie en publieke 4G/5G-netwerken kunnen worden ingezet om blinde en slechtziende personen in real time te ondersteunen bij het volgen van wandelpaden. Een camera maakt beelden van de omgeving, waarna een AI-model het begaanbare pad herkent en omzet in eenvoudige richtingsinformatie, zoals links, rechts of rechtdoor. Daarbij wordt onderzocht of die beeldanalyse best lokaal op een klein toestel gebeurt of op een krachtige computer op afstand.

Uit de experimenten blijkt dat een energiezuinig toestel zoals een Raspberry Pi 5 onvoldoende snel is voor lokale real-time beeldsegmentatie, terwijl verwerking op een externe GPU via een publiek 5G-netwerk wel voldoende snel kan reageren. Tijdens veldmetingen werd een gemiddelde 5G-latency van ongeveer 24 ms gemeten en bleef de totale reactietijd bij geschikte instellingen onder ongeveer 200 ms, wat bruikbaar is voor begeleiding aan wandelsnelheid.

De scriptie ontwikkelt daarnaast een veilige en reproduceerbare testmethode met een digitaal park in Unreal Engine en vormde de technische basis voor de smartphone-app Stay On Trails en het vervolgproject BlindNavParks, dat steun kreeg van de Koning Boudewijnstichting.

Kort samengevat: de scriptie toont aan dat cloudondersteunde AI via bestaande 5G-netwerken technisch haalbaar is als basis voor betaalbare assistieve navigatie voor mensen met een visuele beperking.
Meer lezen

Effectieve verpleegkundige hulpmiddelen en communicatiestrategieën bij medicatie-educatie voor anderstalige patiënten

Hogeschool UCLL
2026
Sushma
Paudel
Deze bachelorproef onderzoekt welke verpleegkundige hulpmiddelen en communicatiestrategieën kunnen bijdragen aan veilige en begrijpelijke medicatie-educatie voor anderstalige patiënten. Taalbarrières kunnen leiden tot misverstanden, foutief medicatiegebruik en verminderde therapietrouw, waardoor ook de patiëntveiligheid in het gedrang kan komen.

Aan de hand van een systematische literatuurstudie werden zes recente wetenschappelijke artikelen geselecteerd en kritisch beoordeeld. De resultaten tonen aan dat een gecombineerde en patiëntgerichte aanpak het meest aangewezen is. Medicatie-informatie in de voorkeurstaal van de patiënt, vereenvoudigde instructies, pictogrammen en de teach-backmethode kunnen het begrip ondersteunen. Digitale vertaalhulpmiddelen kunnen een aanvullende rol spelen, maar zijn bij complexe medische informatie geen volwaardige vervanging voor professionele tolken of menselijke communicatie.

Op basis van de bevindingen werden praktische aanbevelingen en hulpmiddelen uitgewerkt voor de verpleegkundige praktijk, waaronder medicatiekaarten met pictogrammen, een beslisboom voor het omgaan met taalbarrières en een implementatieplan. Hiermee wil deze bachelorproef bijdragen aan toegankelijke, patiëntgerichte en veilige medicatiezorg voor anderstalige patiënten.
Meer lezen

Hoe kunnen evidence-informed didactische principes uit de twaalf wijze lessen toegankelijk gemaakt worden voor ervaren leerkrachten via een praktische toolkit?

Arteveldehogeschool Gent
2026
Amke
Deduytsche
Hoe kunnen wetenschappelijk onderbouwde inzichten over effectief lesgeven toegankelijk gemaakt worden voor ervaren leerkrachten? Vanuit die vraag onderzocht deze bachelorproef hoe de Twaalf Wijze Lessen van Tim Surma vertaald kunnen worden naar een praktisch hulpmiddel voor de klaspraktijk. Uit een literatuurstudie, een digitale bevraging en gesprekken met leerkrachten uit een West-Vlaamse basisschool bleek dat veel leerkrachten de didactische principes al onbewust toepassen, maar weinig vertrouwd zijn met het theoretische kader. Daarnaast gaven zij aan nood te hebben aan een overzichtelijk en onmiddellijk bruikbaar hulpmiddel.

Op basis van deze bevindingen werd een praktijkgerichte toolkit ontwikkeld rond zes geselecteerde Wijze Lessen. Per bouwsteen bevat de toolkit een beknopte theoretische toelichting, concrete klasvoorbeelden, mogelijke valkuilen, een mini-checklist en een QR-code naar extra verdieping. De toolkit slaat een brug tussen wetenschappelijk onderzoek en de dagelijkse klaspraktijk en ondersteunt leerkrachten om evidence-informed didactische keuzes bewust, efficiënt en zonder extra werkdruk toe te passen.
Meer lezen

ALTER.UP, Een digitaal upcyclingplatform als duurzaam alternatief voor trendgevoelige overconsumptie

Universiteit Antwerpen
2026
Marthe
Schouwenaars
Deze masterproef, uitgevoerd binnen de opleiding Productontwikkeling, onderzoekt hoe een digitaal product-dienstsysteem consumenten kan stimuleren om kleding te upcyclen als duurzaam alternatief voor trendgevoelige overconsumptie. Vanuit een uitgebreid onderzoeks- en ontwerpproces werden menskundige, technologische en economische inzichten vertaald naar een concreet concept, ALTER.UP, een digitaal upcyclingplatform. Het iteratieve ontwerpproces, met conceptontwikkeling, prototyping, gebruikersvalidaties en verfijningen, vormt de kern van deze thesis en toont hoe een doordachte productontwikkelingsmethodologie kan leiden tot een innovatieve, gebruiksvriendelijke en duurzame oplossing.

ALTER.UP begeleidt gebruikers gedurende het volledige upcyclingproces. Via een 3D-lichaamsscan wordt een persoonlijke avatar aangemaakt waarop bestaande kledingstukken digitaal kunnen worden gevisualiseerd. Gebruikers kunnen vervolgens verschillende upcyclingontwerpen uitproberen en aanpassen aan hun eigen stijl, waardoor ze vooraf een realistisch beeld krijgen van het eindresultaat. Na het kiezen van een ontwerp biedt het platform stapsgewijze instructies, materiaalsuggesties en ondersteuning van experten en de community om de uitvoering te vergemakkelijken. Door onzekerheid over het eindresultaat weg te nemen en inspiratie, begeleiding en vertrouwen te bieden, verlaagt ALTER.UP de drempel tot upcycling. Zo worden consumenten gestimuleerd om bestaande kleding langer te gebruiken, de emotionele en esthetische waarde ervan te verhogen en de levensduur van kleding te verlengen als alternatief voor de aankoop van nieuwe kleding.
Meer lezen

EmbedLLM from legacy documents to embedded XR instructions: automatic context aware content generation to support manual task execution

Universiteit Hasselt
2026
Bram
Verstappen
This thesis addresses the cognitive friction associated with executing manual tasks using flat 2D documentation in spatial computing environments, where users must constantly shift attention between instructions, physical tools, and machinery. To solve this, we present EmbedLLM, the first automated, context-aware content reformatting framework that adapts both content design and presentation to the user’s environment and specific goal. EmbedLLM converts unstructured step-based PDF manuals into 3D spatially embedded instructions in Virtual Reality (VR). The system operates via a pipeline that abstracts the environment into a semantic scene graph, leverages a multi-stage Large Language Model (LLM) reasoning chain to construct step-based instruction nodes and semantic edges, and instantiates these panels using a novel, semantically aware force-directed 3D label placement algorithm to achieve spatial equilibrium and prevent visual clutter.
We evaluated EmbedLLM through a preliminary preference survey (n = 20) across diverse environments and a within-subjects user study (n = 12) comparing the framework to a traditional floating PDF window during 3D printer maintenance tasks. The preference survey showed that EmbedLLM achieves significantly higher environmental alignment than traditional baseline documents, with participants strongly favoring spatial orchestration for complex, structurally demanding procedures. However, the task execution study revealed a clear trade-off: active task support with EmbedLLM resulted in significantly longer completion times (996.93 s vs. 580.46 s) and increased cognitive load (3.00 vs. 2.31 on the NASA-TLX scale). Qualitative feed-back suggests these performance costs stem from the rigid sequential pacing of the generated interface and novices struggling with hardware terminology.
This work contributes the technical pipeline of EmbedLLM, a semantically enhanced physics layout algorithm, and empirical insights on context-aware XR instruction delivery. Future research directions include real-time situated action updates, user skill level adaptation, and integration with agentic GUI automation and text-to-3D models.
Meer lezen

Multimodal Large Language Models and Computer Vision for Open Discovery in Educational Augmented Reality

Universiteit Gent
2025
Xander
Vanparys
Genomineerde longlist mtech+prijs
Genomineerde shortlist Eosprijs
Tijdens mijn masterproef ontwikkelde ik een slimme assistent die via de smartphonecamera meekijkt met de gebruiker en in 3D aanwijst wat er nodig is. De AI begrijpt zowel tekst als beeld en kan feedback geven wanneer een stap fout loopt. Na succesvolle tests met eenvoudige taken werd het systeem toegepast in twee realistische scenario’s: een medische oefening en het opzetten van een VR-installatie. De resultaten tonen dat zo’n digitale assistent gebruikers effectief kan begeleiden, een eerste stap richting handsfree opleiding via augmented reality.
Meer lezen

Knowledge clips assisted instructions during English lessons

Odisee Hogeschool
2025
Tine
Vercauteren
Genomineerde longlist Klasseprijs
Deze bachelorproef onderzoekt het gebruik van kennisclips als didactisch hulpmiddel in het tweede jaar Engels (eerste graad, A-stroom) ter ondersteuning van het leren van grammatica. De studie is gebaseerd op de theorie van multimedia learning, die het gecombineerde gebruik van gesproken uitleg en visuele elementen benadrukt om het leerproces te versterken. Het onderzoek gaat na of kennisclips kunnen bijdragen aan een beter begrip en een verbeterde retentie van complexe grammaticale onderwerpen bij leerlingen. Op basis van de ontwerprichtlijnen uit de theorie van multimedia learning werd een checklist ontwikkeld om het ontwerp en de integratie van kennisclips in het lesonderdeel te ondersteunen. De resultaten tonen aan dat kennisclips grammatica lessen efficiënt kunnen ondersteunen, als ze goed ontworpen zijn, de checklist volgen en worden geïntegreerd in lessen met Generative Activities onder begeleiding van de leerkracht. Hoewel het onderzoek een beperkte reikwijdte heeft, suggereren de bevindingen dat een kennisclip-ondersteunde instructie ook toepasbaar en waardevol kan zijn in andere leerjaren en vakken binnen het secundair onderwijs, en zo een hulpmiddel biedt waarmee leerkrachten hun lespraktijk kunnen versterken.
Meer lezen

Schoon schip maken naar een betere en efficiëntere onderwijsomgeving

Hogeschool VIVES
2025
Selina
Gosens
  • Roos
    Van Lommel
Aan de slag gaan met executieve functies binnen een school voor buitengewoon onderwijs.
Meer lezen

Het belang van verpleegkundige educatie rond Kangaroo Care bij neonaten en de invloed op hechting tussen ouder & kind

Hogeschool UCLL
2025
Gitte
Van Eyken
Kangaroo Care (KC) is een essentiële en effectieve methode binnen de neonatale zorg die zowel de fysieke
gezondheid van het kind als de hechting tussen ouder en kind bevordert. Ondanks de bewezen voordelen
wordt deze vorm van huid-op-huidcontact nog onvoldoende toegepast in de praktijk. Dit wordt vaak
toegeschreven aan misvattingen bij ouders over KC, wat deels het gevolg is van inconsistente
verpleegkundige educatie (La Rosa et al., 2024; Cai et al., 2022).
Deze bachelorproef onderzoekt hoe gestandaardiseerde verpleegkundige educatie over KC kan bijdragen aan
een verhoogde frequentie van KC-uitvoering door ouders en welke impact dit heeft op de hechting tussen
ouder en kind. De beoogde uitkomst is de bredere implementatie van KC te bevorderen en de
hechtingservaring in de eerste kritieke levensfase van een neonaat te optimaliseren.
Door middel van een systhematische literatuurstudie werden wetenschappelijke studies geanalyseerd die
inzicht bieden in de effectiviteit van educatiestrategieën voor KC, de rol van verpleegkundigen in de educatie
van ouders, barrières voor ouders om KC toe te passen en de impact van KC op ouder-kind hechting. De
literatuur toont aan dat gestandaardiseerde educatie ouders beter informeert en meer betrokken maakt bij
de toepassing van KC. Door het gebruik van uniforme educatiematerialen worden ouders beter voorbereid,
wat bijdraagt aan een hogere kwaliteit van zorg in de neonatale setting. Dit leidt tot een hogere frequentie
van KC, wat op zijn beurt de hechting tussen ouder en kind versterkt (Karimi et al., 2023; Mehrpisheh et al.,
2022; Zubaidah & Safitri, 2024). Ouders voelen zich meer zelfverzekerd in hun ouderlijke rol en bij het
toepassen van KC. Moeders lopen bovendien minder risico om een postpartum depressie te ontwikkelen
(Mehrpisheh et al., 2022).
Op basis van de bevindingen werd een informatieve flyer ontwikkeld, bedoeld voor gebruik tijdens de
educatie van ouders over KC. Deze flyer is ontworpen met het oog op laagdrempelig gebruik, meertalige
toepasbaarheid en zelfstandige raadpleging. Daarnaast werden verpleegkundige aanbevelingen
geformuleerd om de kwaliteit en uniformiteit van oudereducatie in de neonatale setting te verbeteren.
Het onderzoek wees echter ook op enkele beperkingen, zoals de beperkte beschikbaarheid van Europese
studies en het ontbreken van onderzoek specifiek naar de impact van verpleegkundige educatie op hechting.
Dit beperkt de generaliseerbaarheid van de resultaten naar verschillende culturele en zorgcontexten.
Concluderend kan worden gesteld dat gestandaardiseerde verpleegkundige educatie een cruciale rol speelt
in de succesvolle toepassing van KC en in het versterken van de hechting tussen ouder en kind (Cai et al.,
2022; Karimi et al., 2023; Maniago et al., 2019; Mehrpisheh et al., 2022; Ragab et al., 2022; Zubaidah et al.,
2024). Toekomstig onderzoek zou zich moeten richten op het ontwikkelen van gestandaardiseerde
educatieprogramma’s, met bijzondere aandacht voor diverse culturele contexten en internationale
zorgsystemen.
Meer lezen

Investor protection in ESG ratings: A law and economics approach

KU Leuven
2025
Aline
Soenen
Duurzaamheid speelt vandaag de dag een sleutelrol in de financiële wereld, en roept tegelijk veel vragen op. ESG-ratings worden steeds vaker gebruikt door investeerders, terwijl de betrouwbaarheid en de transparantie ervan niet altijd gegarandeerd zijn. Deze masterthesis analyseert de agency kosten in verband met ESG-ratings. Daarnaast wordt de recente Europese regulering onder de loep genomen om te evalueren of deze adequaat is voor het aanpakken van de huidige uitdagingen, met nadruk op beleggersbescherming. Tot slot worden aanbevelingen gedaan voor verbeteringen in het proces.
Meer lezen

Op weg naar zelfstandigheid!

Hogeschool PXL
2025
Jana
Kerfs
Winnaar Klasseprijs
In het tweede leerjaar van Vrije Basisschool De Puzzel bleek dat de leerlingen vaak onmiddellijk de hulp van de leerkracht inriepen bij het maken van een oefening. Hoewel de kinderen gemotiveerd waren, waren ze onzeker om een taak zelfstandig aan te pakken. Vanuit dit praktijkprobleem ontwikkelde ik een toolbox met acht praktische tools en een handleiding voor de leerkracht, gericht op het versterken van zelfsturing bij jonge kinderen.

De toolbox focust op vier executieve functies: taakinitiatie, organisatie, volgehouden aandacht en reactie-inhibitie. Op basis van observaties in een methodeschool, interviews met experten, deelname aan een workshop en een grondige literatuurstudie werden ontwerpcriteria opgesteld. Hierbij zijn belangrijke pijlers: het formuleren van haalbare weekdoelen in leerlingentaal, het beoordelen van zichzelf en het voorzien van aanpasbare ondersteuning (scaffolding) door de leerkracht. Daarnaast zijn de tools inzetbaar in alle leergebieden.

De tools werden getest in de klas en bijgestuurd waar nodig. De leerlingen en de leerkracht reageerden erg positief. Zo groeide de Wachtwijzer, een hulpmiddel om eerst na te denken alvorens te starten, uit tot een vast onderdeel bij dictees. Daarnaast werden ouders betrokken bij de zelfsturing van hun kind via de Zwem Bingo, een visuele checklist om te controleren of de zwemzak compleet is.

Met deze bachelorproef toon ik aan dat kleinschalige, doelgerichte ingrepen een positief effect kunnen hebben in de klaspraktijk. De toolbox is ontworpen voor de eerste graad van het basisonderwijs, maar kan mits aanpassingen ook in hogere leerjaren worden ingezet.
Meer lezen

Improving RNA interference-based pest control using cationic polymethacrylate polymers: a case study in Spodoptera frugiperda and Leptinotarsa decemlineata

Universiteit Gent
2025
Simon
Vermeulen
Biotische factoren, zoals landbouwplagen, dragen wereldwijd aanzienlijk bij aan oogst- en voedselverliezen. Momenteel worden synthetische pesticiden nog vaak ingezet om deze organismen te bestrijden. Vanwege problemen met persistente residuvorming, risico’s voor de volksgezondheid en het ontstaan van resistentie, gecombineerd met een toenemende stimulans voor geïntegreerde plaagbeheersing, is een geleidelijke vervanging door nieuwe, veilige bestrijdingsstrategieën, zoals RNAi, noodzakelijk. Om complicaties met genetische modificatie te vermijden, kan een sproei-gebaseerde aanpak worden toegepast. Echter, hierbij blijft er onwetendheid bestaan. Deze scriptie onderzocht de potentie van de polymeren PAEMA en PGUMA, in verschillende configuraties, om deze uitdagingen te helpen overwinnen aan de hand van vier functionele parameters: de stabiliteit van dsRNA in larvale darmextracten via ex vivo degradatie-assays, niet-doelwit toxiciteit via in vitro assays, en cellulaire opname alsook polyplexvrijgave middels confocale microscopie.
Meer lezen

Dansklaar! Dans muzisch met je klas dankzij onze handige kaartentool

Arteveldehogeschool Gent
2025
Nele
Van Looveren
  • Natalia
    Kaya
Dans wordt in de meeste kleuterklassen slechts sporadisch ingezet, vaak beperkt tot gestructureerde klasdansjes of feestelijke gelegenheden. Nochtans genieten kleuters zichtbaar van bewegingsactiviteiten en is muzische dans een krachtig middel voor expressie, fantasie en verbondenheid. Tijdens een overleg met de stageschool kwam de nood aan een haalbare en inspirerende aanpak voor dans naar voren. Dit leidde tot het praktijkgericht onderzoek met de ontwerpvraag: “Hoe kunnen we een praktische tool ontwikkelen die kleuterleerkrachten ondersteunt om muzische dans op een haalbare, speelse en expressieve manier te integreren in hun klaspraktijk?”

Op basis van interviews, literatuurstudie en gesprekken met het kleuterteam werden de noden en struikelblokken in kaart gebracht. Deze inzichten vormden het vertrekpunt voor de ontwikkeling van Dansklaar!, een dansbox met gebruiksklare werkvormkaarten, QR-codes met muziek, concrete instructies en extra informatiekaarten. De box is opgesplitst in twee versies (voor jongste en oudste kleuters), met werkvormen die dans benaderen als muzische expressie en niet als nadoen van pasjes.

De tool werd getest in de praktijk en geëvalueerd via een try-out, vragenlijsten en een focusgroep. Leerkrachten reageerden positief: de kaarten zijn duidelijk, motiverend en bruikbaar binnen het klasgebeuren. Vooral het speelse karakter en de laagdrempeligheid vielen in de smaak. Door de korte testfase zijn uitspraken over structurele impact voorlopig beperkt, maar het onderzoek toont aan dat deze tool een waardevol startpunt vormt om muzische dans structureler te verankeren in het kleuteronderwijs.
Meer lezen