Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Turning points in parenting children with traits of autism spectrum disorder and pathological demand avoidance

Julie Segers
Onderzoek omtrent keerpunten in de opvoeding van een kind met gedragsproblemen.

"Momenteel ben ik het niet waard om vader te zijn" - een kwalitatief onderzoek naar de perspectieven over opvoeding en vaderschap van vluchtelingenvaders in open asielcentra

Leni Linthout
Migratie en opvoeding zijn onlosmakelijk verbonden. In onderzoek en in vormgeving van
praktijk en asiel- en gezinsbeleid zien we echter dat stemmen van vaders op de vlucht, in
verhouding met die van moeders, onderbelicht blijven. Deze scriptie tracht hier verandering in
te brengen door een stem te geven aan vluchtelingenvaders in asielcentra, een complexe
context gekenmerkt door onzekerheid, tijdelijkheid en collectiviteit.

Biomeiler-project

Dries Verberckmoes
Het project omvat het ontwerp van een biomeiler als alternatieve manier om water te verwarmen. Het ontwerp is een installatie op maat van kinderen waar ingespeeld wordt op hun
fantasie, zelfontwikkeling en het versterken van hun connecties met de natuur. In het project wordt steeds een directe link gewaarborgd met de identiteit van de plek en zijn historische waarde. Dit is terug te vinden in de gebruikte materialen en zowel de ruimtelijke als zintuigelijke ervaring van de installatie.

Een kwalitatief onderzoek naar de ervaring en betekenisgeving van koppels die een kind kregen via pre-implantatie genetische diagnostiek (PGD)

Charlotte Boven
In deze masterproef wordt de ervaring en betekenisgeving van koppels bestudeerd die een succesvolle IVF-PGD procedure afgerond hebben. De centrale onderzoeksvraag vormt: “Hoe kijken koppels of individuele partners terug op hun PGD behandeltraject naar aanleiding van een mutatie in het BRCA1/2 gen na de geboorte van hun kind?”. Bovendien ligt er een focus op de volgende deelonderwerpen: het voorafgaande besluitvormingsproces, het initiële verwachtingspatroon, de zwangerschapsbeleving en het peripartum en de opvoedings- en ouderschapsvisie. Het doel van deze masterproef bestaat dus uit het vervolledigen van de kennishiaat omtrent de psychologische impact van een IVF-PGD procedure. Het huidig onderzoek tracht zowel voorzichtige meta-reflecties te formuleren als een zekere uniciteit te bewaren om zo de ervaring en betekenisgeving omtrent een PGD traject te kunnen begrijpen.

Het eerste deel betreft een literatuurstudie waarbij de huidige bevindingen over PGD en IVF besproken wordt. De conclusie luidt dat er sprake is van zowel een verhoogd maar ook omvangrijker gebruik van PGD, waardoor een kennistoename erg zinvol kan zijn bij het vormgeven van de klinische praktijk. Momenteel focust de literatuur zich voornamelijk op de aanvaardbaarheid, ethische bedenkingen en het complexe besluitvormingsproces, terwijl de emotionele dimensie onderbelicht blijft.

In het tweede deel wordt het onderzoeksdesign, met inbegrip van de methodologische en ethische verantwoording en de onderzoeksprocedure, besproken. Er wordt gekozen voor een narratieve onderzoeksbenadering waarbij de data via semigestructureerde interviews, bij koppels of individuele partners, verzameld wordt. Vervolgens wordt de audio- en visuele data verwerkt a.h.v. thematische analyse. Tot slot wordt het onderzoek getoetst op de interne en externe validiteit en betrouwbaarheid.

Het derde deel bevat een beschrijving van de belangrijkste resultaten geïllustreerd met behulp van citaten. Dit hoofdstuk is opgebouwd a.h.v. drie thema’s: ‘de impact en betekenis van het dragerschap van een BRCA1/2 mutatie’, ‘de impact van de geboorte op de kleuring van het PGD verhaal’ en ‘het PGD traject als een bron van onzekerheid en gradueel verlies van controle’. Tot slot volgen er nog aanvullende (non-verbale) observaties van de interviews.

In het vierde deel volgt de discussie waarbij eerst de resultaten gekoppeld worden aan reeds bestaande literatuur. Hierna wordt zowel de waarde als kritiek ten aanzien van het huidig onderzoek geformuleerd. Ten slotte volgen nog enkele aanbevelingen voor toekomstig onderzoek en het huidig beleid.

De conclusie luidt dat de koppels tijdens hun traject diverse mijlpalen bereikten, waarbij ze hun verwachtingen dienden bij te stellen. Echter slaagden ze erin het traject succes te voltooien dankzij hun veerkrachtige persoonlijkheid, een flexibel gebruik van individuele en dyadische coping strategieën en ondersteuning vanuit de naaste omgeving, die gradueel en selectief ingelicht werd. De geboorte van hun kind vormde de ultieme succeservaring en meteen ook de afronding van hun IVF-PGD traject. Dit keerpunt leidde, mogelijks door cognitieve dissonantie, tot een algemeen positieve terugblik op het doorlopen traject waarbij er een overgang plaatsvond naar een geprefereerd verhaal. Hoewel PGD door beide koppels als een afgesloten hoofdstuk beschouwd wordt, blijft het toch enigszins een invloed uitoefenen op hun dagelijkse leven en gezin, zoals opvoedings- en ouderschapsvisie.

Wolk in mijn hoofd. Gezinsondersteunend werken bij postpartum depressie

Friedl Teirlinck
Voor 10 tot 20% van de kersverse moeders en hun partners wordt de periode na de bevalling overschaduwd door een postpartum depressie. Hoe kunnen de partners van deze mama's die vaak aangeven zich machteloos te voelen, beter geïnformeerd en ondersteund worden? En hoe kan het taboe rond dit thema doorbroken worden zodat moeders met een hulpvraag (sneller) de weg vinden naar de juiste hulpverlening?

LONG-TERM AUDITORY EFFECTS IN PATIENTS TREATED FOR BRAIN TUMORS DURING CHILDHOOD

Laura Bollé Astrid Rycx
Overlevenden van hersentumoren tijdens de kindertijd lopen het risico om late termijn effecten, zoals gehoorverlies te ontwikkelen. Het doel van deze studie is het bepalen van late termijn auditieve effecten bij volwassenen die tijdens de kindertijd voor een hersentumor werden behandeld.

Oral health and oral health care promotion in Nepalese schoolchildren (Kerung, Nepal)

Astrid Capoen Deborah Depestel
Een prospectief onderzoek naar mondgezondheid bij Nepalese kinderen en de ontwikkeling van een educatief programma (6 maanden follow-up).

Tijdsattitudes van hedendaagse jongeren - Het verband met hechtingsrelaties van jongeren en hun ouders

Liesbeth Daenen
Ouders met een veilige hechting aan hun ouders zullen een veilige hechting met hun kinderen opbouwen. De veilige hechtingsrelatie van de jongere zal ervoor zorgen dat deze een positievere kijk heeft op het verleden, heden en de toekomst waardoor deze meer kans heeft op een gezonde psychologische ontwikkeling.

Kinderarbeid in het kader van influencer marketing: product placement of illegaliteit?

Lauren Daniels
Tegenwoordig worden kinderen steeds vaker ingeschakeld voor influencer marketing op Instagram. Deze trend doet zorgen baren in het licht van het verbod op kinderarbeid. Deze scriptie gaat na in welke mate influencer marketing met kinderen een vorm van verboden kinderarbeid uitmaakt, of de Belgische wetgeving in dat geval voldoende aangepast is aan deze moderne vorm van kinderarbeid en of welbepaalde voorstellen tot modernisering wenselijk zijn.

Sustainability of Information Systems in Developing Countries

Aurélie Vercaempt Siemen Dhooghe
This research assesses the most occurring problems and challenges as well as environmental influences on an information system’s success in developing areas. It produces and applies a model based on the theories of IS Success by DeLone & McLean, the Technology Acceptance Model (TAM), the Unified Theory of Acceptance and Use of Technology (UTAUT) and the Integrated Model of Business Value (IGB). This model gives an answer to the need of more research in the domain of sustainability through multi-case research in developing contexts. It generates new insight on the literature, confirms and questions some existing statements and proposes new hypotheses for future research. A checklist for future IS designers or researchers was added to incorporate the most important elements found in this research. The paper concludes on the importance of the IS’ perceived usefulness, the social influences and the IS’ locality, as well as daring to think outside the box so to work with the available resources and to foster creativity.

Klitten in mijn identiteit

Rachel Hansoul
Een beschrijving van de belichaming van een identiteit. De belichaming in de vorm van haardracht met daarbij de invloed van genetica en omgeving.

Relationele en seksuele voorlichting bij anderstalige nieuwkomers

Samy Meziani Anne-Lien De Ridder
In deze scriptie kan je lezen hoe je relationele en seksuele voorlichting kan geven aan anderstalige nieuwkomers. Deze scriptie bevat ook het materiaal om deze lessen te geven.

Hoe kunnen de online-informatievaardigheden bij de derde graad van het lager onderwijs bevorderd worden door computationeel denken?

Matthijs Goris
In het schooljaar 2019-2020 doet computationeel denken zijn intrede in de Vlaamse eindtermen van het secundair onderwijs. Ook in het lager onderwijs wordt er gestimuleerd om dit in het onderwijs in te bedden. In het kader van zijn bachelorproef ontwierp Matthijs Goris een op maat gemaakt schema dat de leerlingen uit het vijfde en zesde leerjaar moet ondersteunen in het opzoeken van online-informatie vanuit het perspectief van computationeel denken.

Vrijwilligerstoerisme in de zorg: De wederzijdse perceptie van de lokale gezondheidsmedewerkers en de westerse gezondheidsmedewerkers

Oyinlola Taiwo
Vrijwilligerstoerisme is een fenomeen dat al jaren bestaat en twee kanten heeft: het heeft veel positieve input maar soms ook een negatieve outcome. Veel vrijwilligers gaan naar lage-inkomenslanden met de bedoeling iets goeds te doen en een verschil te maken, maar zijn zich doorgaans niet bewust van de mogelijke negatieve gevolgen. Als verpleegkundige is het belangrijk om over deze mogelijke negatieve gevolgen na te denken en ze trachten te voorkomen. Als onderzoeksvraag werd er gekozen om de wederzijdse percepties van de lokale- en de westerse gezondheidsmedewerkers te onderzoeken. De percepties die worden aangehaald zijn o.a. dat de westerse vrijwilligers hun manier werken van niet of moeilijk kunnen aanpassen aan de manier van werken ter plaatse. Veel westerse vrijwilligers lijken te lijden aan het witte redderscomplex, een term die verwijst naar de culturele praktijk van westerse mensen die naar vreemde gebieden reizen met het idee dat ze complete gemeenschappen van alle problemen redden, zelfs problemen die onbekend zijn voor de westerlingen zelf. De gastlanden zien het bezoek van de westerse vrijwilligers als een poging om hun visie op gezondheid(szorg) op te dringen aan de lokale omgeving, wat wegens beperkte middelen niet altijd realiseerbaar is. Het is daarom niet alleen belangrijk om de ‘wittereddersjas’ aan te trekken, maar ook rekening te houden met de noden van de mensen ter plaatse.
Onderzoek wijst uit dat het belangrijk is om vrijwilligers/stagiaires, alvorens ze naar het gastland vertrekken, bewust te maken van de percepties die de gastlanden hebben en van de redenen hiervoor, alsook van het feit dat de locals een andere kijk hebben op wat de westerse vrijwilligers in het gastland komen doen. Daarom werkten we in het praktijkgedeelte een educatief spel uit waarin kandidaat-vrijwilligers aan de hand van vragen (algemene kennis over vrijwilligerstoerisme en vragen die specifiek ingaan op de taal en cultuur en op verpleegkunde) en ethische stellingen, meer bewustzijn wordt bijgebracht. Het educatief spel zet in op een aantal sleutelcompetenties van de verpleegkundige, zoals rekening houden met de behoeften, gevoelens en de eigenheid van de zorgvrager en zijn culturele diversiteit, het stellen van prioritaire en haalbare doelen en zich kunnen aanpassen aan nieuwe en wisselende omstandigheden.

De borderline persoonlijkheidsstoornis in de perinatale periode. Botst de vroedvrouw op een ongekende grens?

Suzanne Meyers
De borderline persoonlijkheidsstoornis in de perinatale periode

Wat maakt een stad kindvriendelijk? Op verkenning met kinderen

Céline Ramioul
In deze masterproef wordt onderzoek gedaan naar een kindvriendelijke stad. Wat maakt nu net een stad kindvriendelijk? Daar blijkt nog geen helder antwoord op te bestaan en dikwijls wordt deze term ingevuld door volwassenen, in plaats van samen met kinderen zelf. Centraal in deze masterproef stond het onderzoek naar het perspectief van kinderen op kindvriendelijke steden. Aanvullend werden andere perspectieven onderzocht, zoals het perspectief van het Child Friendly Cities Initiative (1996) van UNICEF en de Vlaamse versie hiervan: Kindvriendelijke Steden en Gemeenten. Daarnaast werd het perspectief van de stad Leuven onderzocht, alsook dat van twee ouders. Ten slotte werden al deze perspectieven in verband gebracht met het perspectief van kinderen.

De leaky pipeline: een blijvend fenomeen in de academische wereld. Een onderzoek naar de ondervertegenwoordiging van vrouwen in hogere posities in de Faculteit Bio-ingenieurswetenschappen van UGent.

Ine Van Balen
Een onderzoek naar de ondervertegenwoordiging van vrouwen in de hogere posities in de faculteit Bio-ingenieurswetenschappen UGent. Er werd een kwalitatieve studie uitgevoerd met semigestructureerde vragen bij postdoctorale onderzoekers en professor. De resultaten tonen dat barrières voorkomen op verschillende niveaus in de faculteit.

De invloed van mijnbouw op metaalconcentraties in aquatische ecosystemen in Bolivia.

Karolien Van den Nouweland
Mijnbouw in het centrum van de stad Oruro in Bolivia brengt de gezondheid en het inkomen van inwoners in gevaar. Boeren zien hun oogst dalen, hun vee sterven, hun waterputten uitdrogen en worden zelf ziek. Deze metaalverontreiniging werd in kaart gebracht voor de NGO CEPA adhv water- en bodemstalen zodat zij deze gegevens kunnen gebruiken in hun strijd ter bescherming van de inheemse bevolking en het milieu.

De rol van ruimte in hoe kinderen een tandartsbezoek beleven - Een methodologische en inhoudelijke verkenning in een ziekenhuis en een privépraktijk

Elfride Heylen
De thesis behandelt de ruimtelijke beleving van kinderen tussen 10 en 16 jaar oud in een tandheelkundige omgeving. Bijkomend worden de gebruikte onderzoeksmethoden geanalyseerd.

STATISTIEK ALS GLAZEN BOL: Wat is de kans op een miskraam?

Helene Vermeulen
Gebruik van 'joint latent class' models voor het voorspellen van een miskraam tijdens het eerste trimester van de zwangerschap.

k zie dus ik drink? Een kwantitatieve studie naar het verband tussen alcoholreferenties in verschillende media en de alcoholconsumptie van emerging adults.

Annelien Verschaeren
In dit onderzoek werd de associatie tussen mediagebruik en de alcoholconsumptie bij 18- tot 25-jarigen onderzocht. Meer specifiek werd er gekeken naar twee types media: Instagram en traditionele media (series en films). Eerst werd er nagegaan of er een positief verband was tussen (a) Instagramgebruik en de alcoholconsumptie en (b) traditionele mediagebruik en de alcoholconsumptie. Vervolgens werd er gekeken naar sociale normen en attitudes over alcohol aangezien zij een mogelijke verklaringen kunnen bieden voor het verband tussen mediagebruik en alcoholgebruik.

Zit er een wiskundig kritische geest in de boekentas van de toekomstige leerkracht kleuteronderwijs?

Wim Mees
Enerzijds proberen we inzicht te verkrijgen in de kritische en creatieve bagage van tweedejaarsstudenten kleuteronderwijs tegenover vier wiskundige activiteiten. Anderzijds onderzoeken we met een online enquête hoe leerkrachten kleuteronderwijs hun kleuters laten kennismaken met wiskunde en wat zij als makkelijk en moeilijk ervaren.

At the intersection of culture and forced family separation. An explorative study of lived experiences and dealing with transnational family separation after forced migration.

Nore Jans
Een verkennende studie naar beleefde ervaringen en omgaan met transnationale familieseparatie na gedwongen migratie. In het bijzonder ligt de klemtoon op het snijpunt van cultuur en gedwongen familieseparatie.

Achieving cohesion through connectors: Connector usage in argumentative essays written by Flemish EFL undergraduate students

Denver De Cleer
Dit corpusonderzoek kijkt naar het gebruik van connectoren in Engelstalige essays van Vlaamse leerlingen en hoe zij cohesie of samenhang creëren. De essays worden vergeleken met gelijkaardige teksten geschreven door English natives. Uit de scriptie blijkt dat er ruimte is voor verbetering. Het onderzoek stelt een paar structurele aanpakken voor.

Wandelen tussen Wolkenkrabbers: Sociaal geheugen en identiteit in de context van Black History Month

Jef Cauwenberghs
In welke context wordt voor jonge Afro-Vlamingen een 'zwarte identiteit' geboren en hoe wordt deze door middel van sociaal geheugen in stand gehouden?