Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

The Role of Coffee Cooperatives in the Socio-Economic Transition of Rebel Returnees in Sulu, Southern Philippines

Universiteit Gent
2025
Moh. Shanizee
Sarabi
Reintegrating former rebels into civilian life remains a major challenge in post-conflict societies, where sustainable livelihoods and social cohesion are essential for long-term peace. The Philippines is one of the most conflict-affected countries in the world, sharing the 29th spot with Afghanistan and ranks second in ASEAN after Myanmar. The Bangsamoro Autonomous Region in Muslim Mindanao (BARMM) in the southern Philippines has been particularly affected by decades of armed conflict and
institutional weaknesses, notably in provinces such as Sulu. In response, the Philippine government is promoting the integration of returnees into coffee cooperatives as part of its peace and reintegration strategy. Despite persistent volatility, the BARMM, particularly Sulu province, has emerged as one of the country’s leading coffee-producing regions contributing over a quarter of national production and providing a strategic pathway to economic recovery. It is therefore crucial to understand how these cooperatives contribute to both livelihoods and social reintegration. This study examines how membership in a coffee cooperative is associated to the socio-economic transition of rebel returnees in Sulu. Based on the Disarmament, Demobilization, and Reintegration (DDR) framework and social capital theory, a comparative cross-sectional design with survey data from 101 returnees was used. Through regression analysis and structural equation modelling, we show that membership in a cooperative is associated with higher productivity, financial stability, and stronger social capital, even if infrastructural challenges, conflict vulnerabilities, governance, and market difficulties persist. The study demonstrates how locally rooted cooperatives can transform conflict legacies into peace dividends that foster economic gains, social cohesion, and inclusive development. These findings highlight the potential of cooperatives as a pathway for durable socio-economic transitions in fragile contexts. Moreover, the study underscores the importance of targeted support, capacity building, and improved market access to enable returnee cooperatives to fully realize their role in promoting sustainable livelihoods, facilitating social reintegration, and contributing to lasting peace.
Meer lezen

BURN-OUT BIJ VROEDVROUWEN IN HET ZIEKENHUIS Impact op de kwaliteit van de zorg, preventie en re-integratie

Arteveldehogeschool Gent
2025
Camille
Hendrickx
Burn-out onder vroedvrouwen in ziekenhuizen vormt een groeiend probleem dat niet alleen het welzijn van de zorgverleners bedreigt, maar ook de kwaliteit van de verstrekte zorg significant vermindert. Deze bachelorproef onderzoekt de impact van burn-out op vroedvrouwen en de directe en indirecte gevolgen voor de patiëntenzorg. Centraal staat de vraag: Welke maatregelen kunnen de impact van burn-out bij vroedvrouwen op de kwaliteit van de zorg verkleinen? Door een uitgebreide literatuurstudie en analyse van bestaande preventie- en re-integratiestrategieën wordt een overzicht geboden van effectieve interventies op micro-, meso- en macroniveau. Daarnaast wordt een preventiebrochure ontwikkeld, gericht op vroedvrouwen en hun leidinggevenden, met praktische tips voor vroegtijdige herkenning en zelfzorg. Uit de bevindingen blijkt dat factoren zoals werkdruk, emotionele belasting en persoonlijke kenmerken bijdragen aan de ontwikkeling van burn-out. Daarnaast worden de negatieve gevolgen voor de zorgkwaliteit benadrukt, waaronder verminderde empathie, toename in fouten en een hogere intentie om het beroep te verlaten. Het belang van preventieve maatregelen en ondersteuning is evident om de veerkracht van vroedvrouwen te versterken en de zorgstandaard te waarborgen. Concluderend onderstrepen de resultaten dat een holistische aanpak, gericht op zowel preventie als re-integratie, essentieel is om burn-out te voorkomen en de continuïteit en kwaliteit van de verloskundige zorg te garanderen.
Meer lezen

De rol van schuldinzicht, berouw en spijtbetuigingen in het kader van de verslaggeving van de psychosociale dienst van de gevangenis

Universiteit Antwerpen
2025
Claudie
Van Opstal
In deze meesterproef zal aan de hand van een combinatie van klassiek juridisch en empirisch onderzoek onderzocht worden welke rol schuldinzicht, berouw en spijtbetuigingen in de verslaggeving van de psychosociale dienst (PSD) van de gevangenis spelen.

Beslissingnemers inzake de straftenuitvoerlegging zoals de strafuitvoeringsrechter (SUR), de strafuitvoeringsrechtbank (SURB) en de (vertegenwoordiger van de) minister van Justitie, in het bijzonder de centrale gevangenisadministratie sectie externe rechtspositie van de Directie Detentiebeheer (DDB) hebben grote vrijheid bij het nemen van beslissingen over de toekenning van strafuitvoeringsmodaliteiten.

Aan de veroordeelde kunnen verschillende strafuitvoeringsmodaliteiten worden toegekend voor zover er in hoofde van deze veroordeelde geen tegenaanwijzingen bestaan waaraan niet tegemoet kan worden gekomen door het opleggen van bijzondere voorwaarden. Deze tegenaanwijzingen hebben onder andere betrekking op het gevaar dat de veroordeelde het slachtoffer zou lastigvallen, een manifest risico voor de fysieke integriteit van derden, het risico op het plegen van nieuwe ernstige strafbare feiten, de houding van de veroordeelde ten aanzien van de slachtoffers, enzovoort.

Bij de inschatting van deze tegenindicaties kan de ingesteldheid van de veroordeelde tegenover de feiten en het slachtoffer en meer specifiek de aan- of afwezigheid van schuldinzicht, berouw en spijtbetuigingen in hoofde van de veroordeelde een relevante factor zijn.

Om te kunnen beoordelen of deze tegenaanwijzingen al dan niet aanwezig zijn, dienen de beslissingnemers aldus een goed beeld te hebben over de persoon van de veroordeelde. Daarom voorziet de Wet externe rechtspositie (WER) een verplicht advies van de gevangenisdirecteur met betrekking tot de toekenning van de strafuitvoeringsmodaliteit. Voor de opmaak van zijn advies zal de gevangenisdirecteur zich laten inspireren door het verslag van de PSD, een orgaan dat deel uitmaakt van het Directoraat-generaal Penitentiaire Inrichtingen (DGEPI) en een lokale vestiging heeft in iedere strafinrichting.

De kerntaak van de PSD bestaat er immers in advies te verlenen over de toekenning van een bepaalde strafuitvoeringsmodaliteit in het kader van de uitvoering van een vrijheidsberovende straf. In het PSD-verslag wordt daarom aan de hand van de criminogene domeinen of een formele risicotaxatie een inschatting van de mogelijke risico’s gemaakt. Deze inschatting dient om vervolgens de tegenindicaties te kunnen beoordelen en een advies over de toekenning van de gevorderde modaliteit te kunnen opstellen.

De verslagen van de PSD blijken in de praktijk een belangrijke rol te hebben bij de besluitvorming over de toekenning van een strafuitvoeringsmodaliteit. Ondanks het grote belang van de PSD-verslagen is er nauwelijks informatie over het PSD-verslag beschikbaar. Het is immers onduidelijk of de PSD met schuldinzicht, berouw en spijtbetuigingen rekening houdt, hoe zij deze begrippen invult, hoe zij de aanwezigheid en oprechtheid ervan beoordeelt, waar deze begrippen in het PSD-verslag aan bod kunnen komen alsook welke impact schuldinzicht, berouw en spijtbetuigingen op het uiteindelijke advies hebben. Het doel van het onderzoek is dan ook om hierover meer inzicht te vergaren.
Meer lezen

ERVARINGEN VAN VERPLEEGKUNDIGEN BIJ HUN RE-INTEGRATIE NA AFWEZIGHEID WEGENS STRESSEN/OF VERMOEIDHEIDSKLACHTEN: EEN KWALITATIEVE STUDIE

Universiteit Gent
2025
Ophélie
van Tulden
ACHTERGROND: Burn-out onder verpleegkundigen is een wereldwijd probleem. De
Wereldgezondheidsorganisatie voorspelt een wereldwijd verwacht tekort van elf miljoen zorgverleners tegen 2030. De oorzaak hiervan is een disbalans tussen de taakeisen, zoals een verhoogde werkdruk en beschikbare hulpbronnen, zoals steun. In dit onderzoek wordt het Job Demands-Resources model als theoretisch raamwerk
gehanteerd om de wisselwerking tussen organisatorische en persoonlijke factoren beter te begrijpen. Onderzoek richt zich vooral op interventies en werkomstandigheden, maar inzicht in de ervaringen van verpleegkundigen bij hun terugkeer door afwezigheid van stress- en/of vermoeidheidsklachten blijft beperkt.
DOELSTELLING: Dit onderzoek tracht inzichten te verkrijgen in de ervaringen en
mogelijke professionele veranderingen van verpleegkundigen tijdens het reintegratieproces.
METHODOLOGIE: Een kwalitatief onderzoek, gebaseerd op principes van de
fenomenologische benadering, werd uitgevoerd aan de hand van individuele,
semigestructureerde interviews. In totaal werden tien interviews afgenomen en
geanalyseerd met behulp van NVivo.
RESULTATEN: De resultaten tonen aan dat sommige verpleegkundigen gevoelens van
angst, spanning en nervositeit ervoeren bij de werkhervatting. Ondersteunende factoren zoals progressieve werkopbouw, psychologische begeleiding en collegiale steun werden als waardevol ervaren. Daarentegen bleken maandelijkse gesprekken en
administratieve taken belemmerend en stressverhogend. Desondanks ontwikkelden alle
verpleegkundigen nieuwe strategieën om met werkgerelateerde stressoren om te gaan,
waaronder het stellen van grenzen, het bewust inplannen van ontspanning en het
aanpassen van hun werkmethoden.
CONCLUSIE: Het re-integratietraject is een complex en individueel gegeven, waar zowel
persoonlijke als organisatorische factoren een rol spelen.
PRAKTISCHE IMPLICATIES: Een return-to-work coördinator kan het reintegratieproces optimaliseren en individualiseren en preventie versterken
Meer lezen

De Rol van Vrouwen in Vredesprocessen

KU Leuven
2025
Ruben
Vanbrabant
Mijn scriptie onderzoekt welke barrières de participatie van vrouwen in vredesprocessen belemmeren en hoe hun betrokkenheid bijdraagt aan duurzame vrede in post-conflictgebieden. Aan de hand van drie casestudies (Liberia, Colombia en Bosnië en Herzegovina) analyseert het onderzoek zowel formele als informele vormen van participatie. De resultaten tonen aan dat vrouwen cruciale bijdragen leveren aan verzoening en rechtvaardigheid, maar vaak structureel worden uitgesloten van formele onderhandelingen.
Meer lezen

Herstel boven straf: de Leuvense drugsopvolgingskamer en de nood aan uniforme wettelijke verankering

Hogeschool UCLL
2025
Sofie
Serré
Deze scriptie onderzoekt de juridische basis en structurele werking van de drugsopvolgingskamer (DOK) te Leuven, een relatief recent initiatief binnen het Belgische strafrechtsysteem dat herstelgerichte rechtspraak wil realiseren voor meerderjarige beklaagden met een ernstige verslavingsproblematiek. De DOK biedt een alternatief voor de klassieke strafvervolging waarbij gedragsverandering, maatschappelijke re-integratie en multidisciplinaire begeleiding centraal staan. De centrale onderzoeksvraag luidt: in welke mate is de huidige juridische basis van de DOK te Leuven voldoende, en is een expliciete wettelijke verankering wenselijk om de werking op een uniforme en transparante manier te garanderen?

De aanleiding voor dit onderzoek ligt in de vaststelling dat druggerelateerde criminaliteit vaak samenhangt met onderliggende problematieken zoals verslaving, sociale uitsluiting en psychische kwetsbaarheid. Klassieke bestraffingsmechanismen blijken in deze context vaak ontoereikend om recidive te voorkomen. De DOK tracht deze lacune te vullen door beklaagden de kans te bieden om, onder gerechtelijke opvolging en in samenwerking met justitieassistenten en zorgverleners, te werken aan hun herstel alvorens een definitieve veroordeling volgt.

Om de onderzoeksvraag te beantwoorden werd een kwalitatieve, multidisciplinaire methode toegepast. Het onderzoek combineert een diepgaande juridische analyse van relevante wetgeving en beleidsdocumenten met field research. Dat field research bestond uit observaties van zittingen van de Leuvense DOK en semigestructureerde interviews met rechters en parketmagistraten die betrokken zijn bij de werking van de DOK. Daarnaast werd een vergelijkende analyse gemaakt met de Gentse drugsbehandelingskamer, die al sinds 2008 operationeel is.

De onderzoeksresultaten tonen aan dat de DOK te Leuven momenteel opereert binnen een hybride juridisch kader. De wettelijke basis ligt hoofdzakelijk in artikel 190sexies van het Wetboek van Strafvordering, dat hersteltrajecten mogelijk maakt binnen het strafprocesrecht. Deze bepaling wordt in Leuven aangevuld met lokale samenwerkingsprotocollen tussen het parket, de rechtbank en hulpverleningsinstanties. Hierdoor blijft de concrete invulling grotendeels afhankelijk van lokale actoren, met als gevolg een aanzienlijke variabiliteit in aanpak, doelgroepselectie en opvolgingsstructuur tussen verschillende gerechtelijke arrondissementen.

Deze situatie creëert juridische knelpunten op het vlak van rechtszekerheid, transparantie en gelijke behandeling. De afwezigheid van een uniforme wettelijke regeling maakt de toepassing van de DOK afhankelijk van toevallige geografische factoren en de betrokkenheid van individuele actoren. De vergelijking met het model in Gent toont aan dat structurele elementen zoals vaste actoren, regelmatige zittingen en een geïntegreerde multidisciplinaire samenwerking essentieel zijn voor een effectieve werking. In Leuven belemmert het ontbreken van deze elementen de impact van het model.

Op basis van deze analyse concludeert de scriptie dat een expliciete wettelijke verankering van de DOK noodzakelijk is. Deze verankering zou moeten voorzien in duidelijke minimumnormen inzake organisatie, rechten en plichten van beklaagden, rolverdeling tussen actoren en samenwerking met de zorgsector.Tegelijkertijd moet er voldoende ruimte blijven voor lokale autonomie en contextspecifieke toepassing. Een hybride wettelijk model, ingebed in het Wetboek van Strafvordering, biedt hiervoor de meeste garanties. Enkel binnen een dergelijk rechtsstatelijk en transparant kader kan de DOK uitgroeien tot een duurzaam en gelijkwaardig alternatief binnen het Belgische strafrecht.
Meer lezen

The role of architecture in more humane detention: Exploring available materials to compare mother-child detention practices in Europe

KU Leuven
2024
Ine
Werckx
Als antwoord op de onmenselijke leefomstandigheden in Belgische gevangenissen veroorzaakt door structurele overbevolking, personeelstekorten, frequente stakingen en verouderde infrastructuur, pleit VZW De Huizen voor de implementatie van kleinschalige, gedifferentieerde en sociaal verankerde ’detentiehuizen’. Hoewel het politiek en maatschappelijk draagvlak hiervoor groeit, is er nog maar weinig onderzoek gedaan naar hoe hun architectuur kan bijdragen aan humane detentie. Gezien steeds meer onderzoek wijst in de richting dat de gebouwde omgeving ons welzijn en gedrag beïnvloedt, heeft deze thesis als doel de kennis over de rol van architectuur in het creëren van meer humane detentieomgevingen te verruimen. Aangezien dataverzameling in gevangenissen vaak een hele uitdaging is, is een bijkomend doel van deze thesis het testen van secundaire analyse als methode voor kwalitatief onderzoek binnen detentie-omgevingen.

In tegenstelling tot België zijn er een aantal andere Europese landen met een lange traditie van kleinschalige detentie. Op basis van maatschappelijke relevantie en data-beschikbaarheid werden een aantal kleinschalige gevangenissen voor moeders met jonge kinderen geselecteerd, en onderling vergeleken. Deze projecten waren afkomstig uit drie Europese landen: Duitsland, Italië en Spanje. Om context te scheppen werden ook de detentiepraktijken rond moeders met jonge kinderen in gewone gevangenissen in België onderzocht. De bevindingen suggereren dat ruimtelijk ontwerp weldegelijk kan bijdragen aan het meer humaan maken van detentieomgevingen. Terugkerende ruimtelijke aspecten die mogelijks bijdragen, zijn het gebruik van ’zachte’ veiligheidsmaatregelen, alledaagse of speelse gevels, kleurrijke interieurs, ruime privécellen met gewoon meubilair, huiselijke gemeenschappelijke ruimtes en (buiten)speelplekken voor kinderen.

Over het algemeen steunde het ontwerp van de bestudeerde projecten vaak op gelijkaardige concepten als die van De Huizen. Over het algemeen deelden ze ook dezelfde doelstelling, namelijk het minimaliseren van detentieschade, vooral voor de kinderen. De Belgische Basiswet van 2005 schrijft een soortgelijk schadebeperkingsbeginsel voor, wat de relevantie van het onderzoek voor de Belgische context verder ondersteunt. Hoewel de analyse van bestaand materiaal nuttig was om data in kaart te brengen en enkele ogenschijnlijk relevante inzichten opleverde, is verder
primair onderzoek nodig om inzicht te krijgen in de ervaringen van gedetineerden.
Meer lezen

Gevangen in de tijd: een systematische review over de repercussies van langdurig gevangenschap op de gedetineerde

Universiteit Gent
2024
Laura
Vandevelde
De thesis gaat over de methoden die gedetineerden in langdurig gevangenschap hanteren om met hun tijd binnen detentie om te gaan of nog om hiermee te 'copen'. Zowel mannelijke als vrouwelijke gedetineerden komen in deze scriptie aan bod. Op deze manier worden verschillen tussen beide partijen blootgelegd en kan hulpverlening een rehabilitatiesysteem op maat aanbieden.
Meer lezen

Ruimte voor re-integratie. De rol van architectuur in ervaringen met transitiehuizen

KU Leuven
2023
Jasmien
Kinnaer
Deze architecturale, participatieve studie onderzoekt de evolutie van gevangenissen van puur strafinstituut naar rehabilitatiecentra, met specifieke aandacht voor Belgische transitiehuizen. Het Transitiehuis in Mechelen dient als case study, waarbij de ervaringen van gedetineerden en personeel worden onderzocht via tekeningen en interviews. De concepten van normalisatie, differentiatie, kleinschaligheid en inbedding in de buurt, die de basis vormen voor alternatieve detentievormen, worden onder de loep genomen.
Meer lezen

BACK TO WORK, A WORK IN PROGRESS De missie van de bedrijfsverpleegkundige bij re-integratie van langdurig zieke werknemers

Thomas More Hogeschool
2023
Raf
D'Heer
Deze scriptie wil aantonen wat de taken zijn van bedrijfsverpleegkundigen in het nieuwe re-integratie traject 2.0 dat door het koninklijk besluit van oktober 2022 van start is gegaan;
Meer lezen

Kunnen de inzichten (vanuit het project sociale herverbinding) van Housing First gedeeld worden met de ruimere daklozenopvang

Hogeschool VIVES
2023
Wendy
Hauquier
In deze scriptie wordt onderzocht of de nieuwe inzichten in sociale herverbinding van Housing First kunnen worden gedeeld met de bredere daklozenopvangsector. Door een combinatie van kwantitatieve enquêtes, kwalitatieve interviews en literatuurstudie wordt de effectiviteit van sociale herverbinding bij daklozen met complexe zorgbehoeften onderzocht. De bevindingen wijzen op het cruciale belang van sociale verbinding voor succesvolle re-integratie en bieden waardevolle inzichten voor professionals in de sector om geformaliseerde methodologieën en routines te ontwikkelen.
Meer lezen

Patiënten empoweren in hun zorgtraject tijdens een ziekenhuisopname

Arteveldehogeschool Gent
2023
Haïke
Grimmelprez
  • Jody
    Heyse
  • Yoni
    Ketels
Naar aanleiding van enkele gerealiseerde projecten omtrent beweging tijdens een hospitalisatie, werd de opdracht vanuit het AZ Sint Jan te Brugge gegeven om een 'beweegziekenhuisproject' op te starten.
Meer lezen

Gevaarlijke kinderen of kinderen in gevaar: het repatriëringsdilemma van Belgische kinderen van het kalifaat

Universiteit Gent
2022
Delphine
Libbrecht
Welke verplichtingen heeft de Belgische Staat ten aanzien van de Belgische kinderen die vastzitten in het (gevallen) kalifaat? Is een repatriëring de beste oplossing op lange termijn? Het zogenaamde repatriëringsdilemma rond deze ‘Belgische kinderen van het kalifaat’ leidt tot een maatschappelijk, juridisch en politiek gevoelige discussie. Door dieper in te gaan op deze gevoelige doch urgente mensenrechtenkwestie, tracht dit onderzoek een bijdrage te leveren in het formuleren van een antwoord op deze vragen.
Meer lezen

Betekenisvolle groenactiviteiten in de penitentiaire inrichting van Hasselt als opstap naar het normaal en het sociaal economisch circuit vanuit een ergotherapeutisch perspectief

Hogeschool PXL
2022
Eline
Jorissen
  • Jenthe
    Vincken
Deze scriptie bekijkt op welke manier betekenisvolle groenactiviteiten een meerwaarde kunnen bieden voor de re-integratie naar het normaal en het sociaal economisch circuit, in de penitentiaire inrichting van Hasselt.
Meer lezen

Werkhervatting na kanker bij zelfstandigen

Vrije Universiteit Brussel
2022
Veronique
Vandeloo
Deze masterproef onderzoekt de impact van kanker op zelfstandigen en de daaruitvoortkomende noden bij werkhervatting.
Meer lezen

Locked Up, Logged Off: A closer look at protection and provision of Internet access for prisoners within the ECHR framework

Universiteit Gent
2021
Felix
Blommaert
Deze masterproef analyseert en bekritiseert de rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens inzake internettoegang voor gevangenen op een grondige wijze. Daarenboven trekt het werk een link tussen deze bevindingen en een gelijkaardige zaak hangende voor Belgische rechtbanken.
Meer lezen

REBORN - Cocooning in karton

Thomas More Hogeschool
2021
Katrien
De Keyser
Genomineerde longlist Bachelorprijs
In deze bachelorproe is een tijdelijke noodwoning ontworpen voor slachtoffers van mensenhandel. De bewoner zelf heeft dankzij het ontwerp helemaal niet het gevoel in een noodwoning te wonen en verblijft in een ruimte die welbevinden, zelfredzaamheid en verbinding stimuleert. Het ontwerp nodigt uit tot cocooning zonder volledig afgescheiden te zijn van de wereld. Het geeft mensen maximale kans op een nieuwe toekomst.
Meer lezen

Hoe (wij) gevangenissen 'deradicaliseren'

KU Leuven
2021
Hanne
Kelchtermans
Op 29 mei 2018 schoot een geradicaliseerde gevangene op penitentiair verlof twee politieagenten en een burger dood in Luik. De Islamitische Staat (IS) eiste de aanslag op. Hoe voorkomen we dit? Hoe volgen we gedetineerden met radicaal gedachtegoed op? Een beleidsevaluatie van Plan R in de Vlaamse gevangenissen.
Meer lezen

De ondersteunende rol van de school bij de specifieke onderwijsbehoeften van kinderen met kanker: een systematische literatuurstudie

Universiteit Gent
2021
Pauline
Verhelst
Genomineerde shortlist Klasseprijs
De terugkeer naar school tijdens of na de behandeling van kanker is zowel voor het kind, zijn/haar gezin en de school een mijlpaal. Ondanks de verschillende uitdagingen waar kinderen met kanker bij hun terugkeer naar school mee geconfronteerd kunnen worden, blijkt ongeveer de helft van deze kinderen onvoldoende onderwijsondersteuning te krijgen. Het doel van deze masterproef was daarom (1) om via een systematische literatuurstudie de specifieke onderwijsnoden van kinderen met kanker in kaart te brengen en (2) om concrete handvaten voor de onderwijspraktijk uit te schrijven.
Meer lezen

België en zijn interneringsbeleid: evolueren we eindelijk naar hoop voor de geesteszieken?

Karel de Grote Hogeschool
2021
Kristel Mary
Shannon
Dit werk handelt over de internering van geesteszieken die een strafbaar feit hebben gepleegd. Er wordt ingegaan op de ontwikkeling van de wetgeving, de problemen in gevangenissen, psychiatrische expertises en beslissingen tot opname. Tenslotte wordt in een hoofdstuk ingegaan op de recente FPC's, centra die voor dit doel zijn ontworpen.
Meer lezen

Arbeidsmarktre-integratie na burn-out: Mixed-method onderzoek naar determinanten van kwalitatieve re-integratie na burn-out

Universiteit Gent
2020
Annelies
Van Royen
Vragenlijstonderzoek en interviewstudie bij ex-burn-out patiënten die opnieuw aan het werk zijn naar factoren die kwalitatieve arbeidsre-integratie bevorderen en belemmeren
Meer lezen

STRAFDOELEN IN DE UITVOERING VAN DE GEVANGENISSTRAF: een kwalitatief onderzoek bij penitentiair personeel en externe diensten

KU Leuven
2020
Amber
Zahr
In de literatuur bestaat er heel wat kritiek over de effectiviteit van de gevangenisstraf. Er wordt zelfs gesteld dat de straf zinloos zou zijn. Deze masterproef stelde de proef op de som. Meer specifiek poogde dit onderzoek na te gaan in hoeverre er aan de vooropgestelde strafdoelen wordt voldaan tijdens de uitvoering van de gevangenisstraf. Bovendien werd ook het aanbod van diensten om deze strafdoelen te ondersteunen onderzocht. Om dit te onderzoeken werden er interviews afgenomen bij het penitentiair personeel en externe diensten van Brussel en Leuven.
Meer lezen

Internet in de gevangenis: risico of opportuniteit?

KU Leuven
2020
Anouchka
Cool
Deze masterproef onderzoekt of een toelating van internet in de Vlaamse gevangenissen een risico of opportuniteit betreft. Hiervoor werden 29 interviews afgenomen met gedetineerden en personeelsleden. Daarnaast werden ook nog gekeken welke beperkingen mogelijk waren, zoals tijdsbeperkingen, afstemming per gedetineerde.
Meer lezen

Het Pilootproject Transitiehuizen in de praktijk: Een kwalitatief onderzoek naar de samenwerking tussen gevangenis en transitiehuis in Mechelen

KU Leuven
2020
Anton
Hunink
Het onderzoek betrof een verkennende studie naar de samenwerking tussen het transitiehuis van Mechelen en de gevangenis van Mechelen. Het doel van dit onderzoek was om deze samenwerking op een diepgaande manier te beschrijven en na te gaan hoe het juridisch kader zich vertaalt in de praktijk.
Meer lezen

Welke rol kunnen agrarische (maatwerk)bedrijven in België bekleden rond de re-integratie en revalidatie van burn-out in vergelijking met de Alnarptuin in Zweden?

Hogeschool UCLL
2020
Ilona
Ruelens
Deze kwalitatieve bachelorproef is opgesteld om te onderzoeken of het succesvolle internationale project van de Alnarptuin te Zweden kan overgeheveld worden naar bestaande agrarische (maatwerk)bedrijven in België. Er wordt hierbij getoetst op realistische haalbaarheid en effectieve begeleiding van burn-out binnen de groene zorg. Dit gebeurt door middel van een vergelijkende casestudie met het maatwerkbedrijf De Wroeter te Sint-Lambrechts-Herk (België). Daarnaast verschaft deze scriptie informatie over de invloed die tuintherapie heeft op personen met een beperking.

We maakten gebruik van de gestandaardiseerde 'Garden Evaluation Toolkit', die opgesteld werd door Naomi Sachs, professor in de plantwetenschappen en landschapsarchitectuur. Op die manier konden we de omgevingselementen vergelijken, en onder brengen in een kolomdiagram. Er participeerden 23 geïnterviewden aan deze scriptie waaronder experts, tuintherapeuten, ervaringsdeskundigen, …

In de resultaten vind je een stappenplan of handleiding terug voor (maatwerk)bedrijven in België, zodat ze het project uit Zweden kunnen nabootsen. Als belangrijkste bevinding kunnen we stellen dat er een link is met onze levenswijze (politiek, economisch, enz.), het voortbestaan van de natuur en mensheid, en hedendaagse gezondheidscrisissen. Op die manier is er ook een verband tussen Covid-19 en het ontstaan van burn-out, namelijk een gemeenschappelijke oorzaak, die we omvatten als onze globale levenswijze. Dit is dus niet enkel een eindscriptie met een onderzoekend doel, maar bevat ook een waarschuwing. Namelijk de onaangename gevolgen die de mensheid te wachten staan, wanneer we in de toekomst niet ingrijpen.
Meer lezen

Sport als aandachtspunt in de nazorg voor (ex-)gedetineerden

Universiteit Gent
2020
Marie-Lou
Libbrecht
Sport is een eenvoudig hulpmiddel voor gevangenen om zich na hun vrijlating in de samenleving terug te integreren. Meer aandacht voor sport na een gevangenschap is dan ook aangewezen. Dit onderzoek gaat na of er voor (ex-)gevangenen wel enige nazorg voor sport is uitgewerkt of hoe deze gerealiseerd kan worden.
Meer lezen

Chief Happiness Officer: een hype of een blijvende troef voor bedrijven?

Hogeschool PXL
2020
Kyana
Smets
Genomineerde longlist Bachelorprijs
Het belang voor geluk en welzijn op de werkvloer groeit. En daar speelt de Chief Happiness Officer een belangrijke rol. Maar hoe zit het met de CHO’s in Vlaanderen? Wat is hun profiel en wat kunnen ze betekenen voor bedrijven? Dat wordt duidelijk met een onderzoek naar de Chief Happiness Officer in Vlaanderen.
Meer lezen

Bevorderen van sportparticipatie bij mensen met een drugsverslaving

Hogeschool West-Vlaanderen
2019
Laura
Verstraete
Vrijetijdsbesteding is een belangrijke factor die herval bij een drugsverslaving voorkomt. Cliënten in behandeling gaan, in functie van gedragsverandering, hun verslaving afbouwen. Voor het voorkomen van herval en het vereenvoudigen van de re-integratie in de maatschappij is het van belang iets terug op te bouwen. Dit gebeurt op verschillende levensdomeinen waaronder werk, vrije tijd en sport.
In dit onderzoek staat het bevorderen van sportparticipatie centraal. Aan de hand van semigestructureerde interviews werd er nagegaan welke drempels cliënten ervaren en hoe men hierop kan inspelen.
Meer lezen

Het penitentiair verlof: theorie vs. praktijk

Hogeschool UCLL
2019
Eilan
Bergs
Deze scriptie heeft tot doel om een vergelijking te maken tussen hoe de procedure tot toekenning van het
penitentiair verlof is en hoe deze in praktijk effectief verloopt. Er wordt bijgevolg een globaal beeld van de procedure geschetst, vanuit de standpunten van de verschillende actoren opdat het voor de lezer duidelijk zou worden hoe deze functioneert, wie betrokken is en welke afwegingen en beslissingen deze betrokken actoren dienen te maken.
Meer lezen

Aan het werk met een psychische kwetsbaarheid. Wat werkt?

AP Hogeschool Antwerpen
2019
Anke
Boone
Het Individuele Plaatsing & Steun (IPS) Model is een wetenschappelijk onderbouwde methodiek om mensen met een psychische kwetsbaarheid te ondersteunen in hun zoektocht naar werk. Dit onderzoek gaat dieper in op twee IPS-basisprincipes: (1) De inbedding van de IPS-coach in de zorgsector (2) Het place-then-train principe. Dit betekent meteen een job zoeken op de reguliere arbeidsmarkt, zonder langdurige training vooraf. Uit voorgaand onderzoek is gebleken dat deze twee principes cruciaal zijn voor een succesvolle IPS-implementatie, maar dat beiden beperkt toegepast worden in Vlaanderen. De bedoeling van dit onderzoek is om een eerste verkennende studie uit te voeren naar de percepties van de zorgsector (psychologen, psychiaters, sociaal werkers, …) en ervaringsdeskundigen (mensen met een psychische kwetsbaarheid) omtrent deze twee IPS-principes.
Meer lezen