Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

VVPRbis en de liquidatiereserve in Belgische kmo-vennootschappen: een juridisch-fiscale analyse van winstuitkeringen onder invloed van recente wetswijzigingen

Hogeschool UCLL
2026
Mohammed
Al-Takriti
Deze bachelorproef onderzoekt hoe Belgische kmo-vennootschappen hun winst fiscaal voordelig kunnen uitkeren via VVPRbis en de liquidatiereserve. Op basis van wetgeving, fiscale vakliteratuur en administratieve bronnen vergelijkt de studie de voorwaarden, belastingdruk, wachttermijnen en praktische gevolgen van beide systemen. Daarbij wordt bijzondere aandacht besteed aan de fiscale hervormingen van 2025 en 2026.
De centrale conclusie is dat geen van beide systemen voor elke onderneming de beste keuze is. Naast de belastingtarieven spelen ook de beschikbare middelen, investeringsplannen, persoonlijke geldbehoeften van aandeelhouders en een mogelijke overdracht van de onderneming een belangrijke rol. Een doordachte winstuitkering vraagt daarom om een beoordeling van de volledige financiële en strategische situatie van de vennootschap.
Meer lezen

Van der edelre hertoginne vrouwe johanne: De bestuursbijdrage van Johanna van Brabant in het hertogdom Brabant van 1376 tot 1380.

KU Leuven
2026
janneke
de keersmaecker
Deze masterproef onderzoekt de bestuursbijdrage van Johanna van Brabant in het hertogdom Brabant tussen 1376 en 1380. De bestaande historiografie reduceerde Johanna lange tijd tot een passieve zwakke vorstin naast haar echtgenoot, Wenceslas van Bohemen. Een beeld dat grotendeels steunde op narratieve bronnen of nationalistische en teleologische lezingen ervan. Dit onderzoek stelt dat beeld bij door praktijkbronnen te betrekken in het debat en de dagdagelijkse bestuurspraktijk zichtbaar te maken. Het gaat na hoe Johanna haar macht uitoefende, welke middelen zij daartoe inzette en hoe haar bestuursbijdrage zich verhield tot die van haar echtgenoot. De analyse is opgebouwd rond drie grote thema’s. Het eerste hoofdstuk behandelt de financiële basis van haar bestuur op een kleine schaal, via haar weduwegoeden na de dood van haar eerste echtgenoot, Willem IV van Henegouwen, Holland en Zeeland. Hoewel deze inkomsten beperkt waren en niet altijd vlot doorvloeiden, toont deze scriptie dat Johanna ze actief aanwendde voor lokaal bestuur. Het tweede hoofdstuk verlegt de focus naar haar diplomatieke rol en haar plaats op het internationale toneel. Johanna’s bemiddeling was geen uitzonderlijk optreden binnen grote politieke taferelen, maar een alledaagse bestuurspraktijk. Haar reizen, bodenverkeer, geschenkuitwisseling en het entertainment aan het hof bevestigen een duidelijke taakverdeling binnen het koppel. Waar Wenceslas zich richtte op het grote Europese en keizerlijke toneel, lag Johanna’s focus op de stabiliteit van Brabant en haar buurregio’s. Vervolgens komt een analyse aan bod van Johanna’s religieuze en literaire patronage. Ze zette religieuze schenkingen bewust in als politiek instrument en cultiveerde haar vroomheid als onderdeel van haar publieke rol. Het vermeende verval van de hofcultuur na Wenceslas’ dood was niet het gevolg van haar desinteresse, maar van de financiële uitputting na de reeks oorlogen die Brabant trof in deze periode. Het centrale argument doorheen deze scriptie is een van complementariteit. Johanna en Wenceslas opereerden als een gezamenlijk bestuur waarin zij vanuit een gedeeld Brabants perspectief verschillende, maar complementaire taken op zich namen. Johanna was geen bijfiguur, maar een zelfstandig medebestuurder wier handelingsruimte aandacht verdient ongeacht de afloop of het succes van haar beleid.
Meer lezen

Phrygia in Graeco-Roman History: An Overview of the Region and Its People

KU Leuven
2026
Oggi
Peeters
Deze thesis levert een historisch overzicht van de antieke regio Phrygië in hedendaags Turkije. Het focust op zowel grootschalige politieke ontwikkelingen als lokale maatschappelijke veranderingen. Daarvoor doet het beroep op de geschiedwerken van Grieken en Romeinen, verschillende opschriften en recente ontwikkelingen binnen de archeologie en taalkunde.
Meer lezen

De zorgvolmachtclausule in de huwelijkovereenkomst: een juridisch en praktijkgericht onderzoek naar de bescherming van echtgenoten bij wilsonbekwaamheid

Universiteit Hasselt
2026
Lisa
Winthaegen
Deze masterscriptie onderzoekt of de opname van een zorgvolmachtclausule in een huwelijksovereenkomst een meerwaarde kan bieden voor de bescherming van echtgenoten in geval van wilsonbekwaamheid, in het licht van artikel 12 van het Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Handicap (IVRPH). Het uitgangspunt van het onderzoek is de vaststelling dat het Belgische recht geen automatische vertegenwoordigingsbevoegdheid toekent aan echtgenoten wanneer één van hen wilsonbekwaam wordt. Hoewel het huwelijk rechten en plichten met zich meebrengt, biedt het huidige recht geen sluitende regeling voor situaties waarin één van de partners zijn of haar belangen niet langer zelfstandig kan behartigen. Het onderzoek heeft een interdisciplinair karakter en combineert een rechtsdogmatische analyse met een empirisch onderzoek. In het juridisch luik worden de begrippen wilsonbekwaamheid, handelingsonbekwaamheid, bewindvoering en huwelijksovereenkomst verduidelijkt. Daarnaast wordt het normatieve kader van artikel 12 IVRPH onderzocht, waarin autonomie, zelfbeschikking en gelijkheid voor de wet centraal staan. Vervolgens worden de bestaande beschermingsmechanismen binnen het Belgische recht geanalyseerd. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen buitengerechtelijke bescherming via de zorgvolmacht en gerechtelijke bescherming via bewindvoering. Ook verschillende huwelijksvermogensrechtelijke instrumenten, zoals de rechterlijke machtiging en de overdracht van bestuursbevoegdheden, worden besproken.
Uit deze analyse blijkt dat geen van de bestaande instrumenten een alomvattende oplossing biedt voor situaties van wilsonbekwaamheid binnen het huwelijk. Bewindvoering is een ingrijpende en formele maatregel, terwijl de zorgvolmacht afhankelijk blijft van een voorafgaand initiatief van de betrokken persoon. De huwelijksvermogensrechtelijke instrumenten zijn bovendien beperkt in hun toepassingsgebied en vereisen doorgaans rechterlijke tussenkomst. Tegen deze achtergrond wordt in deze masterscriptie voorgesteld om een regeling van zorgvolmacht te integreren in de huwelijksovereenkomst. Daarbij gaat het niet noodzakelijk om één afzonderlijke clausule, maar eerder om een geheel van samenhangende bepalingen die echtgenoten vooraf toelaten elkaar aan te duiden als vertegenwoordiger in geval van toekomstige wilsonbekwaamheid.
De voorgestelde regeling wordt vervolgens getoetst aan artikel 12 IVRPH. Uit deze toetsing blijkt dat een dergelijke regeling in belangrijke mate aansluit bij de beginselen van autonomie en ondersteunende besluitvorming die in het verdrag centraal staan. De zorgvolmacht vertrekt immers van een voorafgaande wilsuiting van de betrokkene en laat toe dat deze zelf bepaalt wie hem of haar zal vertegenwoordigen en onder welke voorwaarden. Tegelijkertijd wordt benadrukt dat voldoende waarborgen noodzakelijk zijn om misbruik te voorkomen en om het evenwicht tussen bescherming en zelfbeschikking te bewaren.
Het empirisch onderzoek bestaat uit tien diepte-interviews met notarissen uit de provincie Limburg. De interviews tonen aan dat de zorgvolmacht in de praktijk steeds belangrijker wordt als instrument van toekomstige bescherming. De notarissen erkennen de voordelen van een geïntegreerde regeling binnen de huwelijksovereenkomst, onder meer op het vlak van rechtszekerheid, efficiëntie en autonomie. Tegelijk wijzen zij op het belang van maatwerk, duidelijke formuleringen en aandacht voor veranderende familiale omstandigheden.
De masterscriptie besluit dat de integratie van een zorgvolmachtclausule in de huwelijksovereenkomst een waardevolle aanvulling kan vormen binnen het Belgische recht. Zij kan bijdragen tot een meer autonomiegerichte en efficiënte bescherming van echtgenoten bij wilsonbekwaamheid en sluit aan bij de doelstellingen van artikel 12 IVRPH. Deze meerwaarde is echter niet absoluut en vereist een zorgvuldige juridische uitwerking met voldoende waarborgen tegen misbruik.
Meer lezen

Noot bij Cass. (1e k.) AR C.23.0112.N, 19 oktober 2023 (J.D.S. / K.S.): bestaan van een oorzaak - oorzaak van een beschikking bij testament - tijdstip van beoordeling

Universiteit Gent
2025
Benoît
Van Cauwenberghe
Het verval van een testament of legaat wegens het verdwijnen of wegvallen van de oorzaak, met bijzondere aandacht voor de rechtspraak van de hoven van beroep en het Hof van Cassatie. Daarnaast bevat de scriptie een rechtsvergelijkend luik met Frankrijk, het Groothertogdom Luxemburg en Nederland, met oog voor overeenkomsten, verschillen en mogelijke hervormingsinspiratie
Meer lezen

DE GELIJKE BEGUNSTIGING VAN KINDEREN EN PLUSKINDEREN: EEN ANALYSE

Universiteit Gent
2025
Anouk
Sys

Nieuw samengestelde gezinnen vormen vandaag een steeds groter deel van onze samenleving. Dit heeft niet alleen emotionele en praktische gevolgen, maar roept ook juridische vragen op, vooral op het gebied van familiale vermogensplanning. Een belangrijk vraagstuk binnen deze context is de gelijke begunstiging tussen de eigen kinderen en de pluskinderen. Hoewel biologische en adoptieve kinderen een wettelijk beschermde positie innemen in het erfrecht, geldt dit niet automatisch voor pluskinderen. De plusouder zal actief moeten optreden om het pluskind te begunstigen. Dit kan leiden tot spanningen bij de verdeling van nalatenschappen, waarbij de intenties van de plusouders niet altijd juridisch afdwingbaar zijn.
In het eerste deel van scriptie werd onderzocht in hoeverre de Belgische wetgeving tegemoetkomt aan de wensen van de plusouders. Er werd gekeken welke juridische oplossingen er bestaan om een gelijkwaardige behandeling van kinderen en pluskinderen te waarborgen. In het tweede deel werd onderzocht welke aanpassingen er kunnen worden gedaan om de hedendaagse regelgeving te verbeteren. Hier werd voornamelijk stilgestaan bij het stiefkindbeding, zoals dat bestaat in Nederland.
Meer lezen

Familiale vermogensplanning via een maatschap

Hogeschool West-Vlaanderen
2025
Jari
Diet
Deze bachelorproef onderzoekt de maatschap als instrument binnen familiale vermogensplanning. De centrale vraag luidt hoe deze rechtsvorm optimaal kan worden ingezet om vermogen fiscaal voordelig en juridisch sluitend over te dragen naar de volgende generatie, zonder dat de ouders hun controle volledig verliezen.

Het theoretische luik schetst eerst het juridische kader: de oprichting, werking en beëindiging van een maatschap, met bijzondere aandacht voor de contractuele vrijheid, stemrechten, de rol van de zaakvoerder en de vereisten rond boekhouding en administratieve verplichtingen. Vervolgens worden de fiscale aspecten geanalyseerd, waaronder de erfbelasting, de toepassing van de antimisbruikbepaling en de spanningslijn tussen controle en overdracht. Ook alternatieve technieken, zoals de beheersvolmacht, worden besproken.

In het praktijkgedeelte wordt een casus uitgewerkt waarbij een gezin zijn effectenportefeuille overdraagt via een maatschap. De financiële vergelijking toont dat een zorgvuldig uitgewerkte maatschap een aanzienlijke besparing in erfbelasting oplevert, oplopend tot bijna €188.000, ondanks de oprichtings- en begeleidingskosten.

De thesis besluit dat de maatschap een krachtig en flexibel instrument blijft binnen familiale vermogensplanning. Wel is maatwerk onmisbaar: overmatige controle door de ouders kan leiden tot fiscale herkwalificatie en nadelige gevolgen. Met de juiste balans tussen controle en afstand biedt de maatschap families een duurzame en fiscaal voordelige manier om hun vermogen over te dragen.
Meer lezen

RECENTE ONTWIKKELINGEN IN DE RECHTSPRAAK BETREFFENDE DE OVERDRACHT VAN FAMILIEBEDRIJVEN

Universiteit Gent
2024
Phebe
De Meurichy
De recente ontwikkelingen in de rechtspraak betreffende de overdracht van familiebedrijven.
Meer lezen

Van de laatste kasteelvrouwe van Gaasbeek naar de Belgische Staat

KU Leuven
2024
Emma
Wouters
Dit onderzoek gaat na hoe het schenkingsproces van het Kasteel van Gaasbeek door markiezin Arconati Visconti aan de Belgische Staat verliep aan het begin van de twintigste eeuw. De schenking hield naast het kasteel ook het park, de gronden, de collecties en een bijkomende som van 200 000 frank in. In dit onderzoek wordt bestudeerd welke motieven ze had om het landgoed aan verschillende mogelijke ontvangstpartijen aan te bieden.

Het karakter van de markiezin werd getekend door haar antiklerikale, patriottische en republikeinse waarden. Een groot deel van haar tijd spendeerde ze aan corresponderen, salons organiseren en het bevorderen van wetenschappen en kunsten, met bijzondere aandacht voor historische wetenschappen. Ze stond bekend als gulle weldoenster door haar uitgebreide verzamel- en schenkingspolitiek. Dit was mogelijk door de aanzienlijke erfenis, waaronder het Kasteel van Gaasbeek, die ze in bezit had gekregen na de dood van haar echtgenoot markies Giammartino Arconati Visconti in februari 1876. Vooral vanaf de jaren 1890 hield ze zich hier frequent mee bezig. Tijdens het Brusselse burgemeesterschap van Émile De Mot (1899-1909), kreeg de markiezin voor het eerst het idee om haar geliefde Kasteel van Gaasbeek weg te schenken. Het schenkingsproces stuitte echter op enkele obstakels. Pas na drie mislukte schenkingspogingen aan respectievelijk de stad Brussel onder De Mot, de Belgische Staat en koning Albert I, kon de werkelijke schenking kon plaatsvinden. Toen de markiezin de Belgische Staat voor een tweede keer benaderde om het kasteel aan te bieden, had ze namelijk meer succes. Uiteindelijk kon de schenkingsakte op 30 augustus 1921 ondertekend worden.

De schenking en haar motieven daartoe passen binnen de bredere schenkingspolitiek van de markiezin. Ten eerste waren haar kinderloze status als weduwe, haar fysieke verzwakking en haar confrontatie met vergankelijkheid door de dood van enkelen van haar dierbaren, drijfveren om bij haar schenkingspolitiek een versnelling hoger te schakelen. Daardoor paste haar schenking eveneens binnen de algemene schenkingspolitiek uit die tijdsgeest. Meer specifiek voor de schenking van het Kasteel van Gaasbeek was een eerste motief haar bewondering voor België door de dappere bescherming van Frankrijk tijdens de Eerste Wereldoorlog die ze daaraan toeschreef. Door bij te dragen aan de opbouw van het Belgisch nationaal patrimonium wilde ze haar sympathie uiten, hoewel ze België bleef bekijken met haar Franse blik. Ten tweede wilde ze het behoud van het kasteel op lange termijn verzekeren. Verder wilde ze bijdragen aan de bevordering van kunsten en wetenschappen. Daarnaast wilde ze de herinnering aan overleden geliefden eren, en hoopte ze ook dat het museum voor haarzelf attent bleef. Omwille van dit alles wenste ze dat de schenking zou leiden tot de creatie van een publiek museum, waar alle objecten van de collectie tentoongesteld zouden blijven.

De schenking leverde de markiezin veel dankbaarheid op. Tot op de dag van vandaag wordt ze herinnerd omwille van haar vrijgevigheid. Na de afronding van het proces doken er toch nog enkele problemen op. Zo maakten er nog enkele nazaten van de Arconati Visconti’s aanspraak op een deel van de schenking. De uitkomst daarvan is echter onduidelijk. Daarenboven vormde de benoeming van de eerste conservator ook voor discussies binnen de Ministerraad. Vooral een machtsstrijd tussen twee betrokken ministers lagen aan de basis van die spanningen. Ondanks die discussies was het uiteindelijk Georges Lockem die de eerste conservator werd en die functie dan ook bekleedde bij de opening van het kasteel-museum voor het publiek op 11 februari 2024.
Meer lezen

De evolutie van de erfenissprong

Hogeschool UCLL
2023
Britney
Janssen
De rechtsfiguur "de erfenissprong" kende de laatste jaren heel wat veranderingen. Deze scriptie beschrijft de voor- en nadelen van deze veranderingen in het kader van de hoge erfbelastingen en de toenemende vergrijzing.
Meer lezen

Belasting van de gezinswoning in het schenkings- en successierecht in de drie gewesten

Universiteit Gent
2023
Lore
Tans
Belasting van de gezinswoning in het schenkings- en successierecht in de drie gewesten. Overdracht van de gezinswoning: planningstechnieken en hun fiscale gevolgen.
Meer lezen

Inbreng en waardering van schenkingen: impact wet 31 juli 2017

Hogeschool UCLL
2022
Fien
Geuten
  • Fien
    Geuten
Wie een schenking wil doen, kan best rekening houden met de hervorming van de erfwet van 31 juli 2017, indien er reeds eerdere rechtsfeiten hebben plaatsgevonden vóór de inwerkingtreding. Bij mijn stageplaats kreeg ik te maken met een situatie waarbij de doorwerking in tijd van de regelgeving omtrent de inbreng van zeer groot belang was. De situatie had betrekking op de vereffening van een huwgemeenschap, alsook de vereffening van een opengevallen nalatenschap van vóór de inwerkingtreding in 2018 en één van na de inwerkingtreding. De echtgenoten hadden bij leven samen schenkingen gedaan aan de kinderen, waardoor zowel het oude als het nieuwe erfrecht van toepassing is.

De voormelde situatie komt vaker voor en met mijn bachelorproef poog ik een oplossing aan te reiken voor notarissen die met dergelijke situaties geconfronteerd worden. Het onderscheid tussen de oude en nieuwe inbrengregeling is namelijk in de eerste plaats voor hen van groot belang.

Ik leg een bijzondere focus op de knelpunten die ontstaan door de oude en nieuwe regelgeving wat betreft de regels omtrent inbreng. Vervolgens ga ik over tot het bespreken waarom de wet van 31 juli 2017 is doorgevoerd en wat de wetswijziging nu precies inhoudt.

Ik haal aan wat de meest belangrijke wijzigingen zijn geweest met betrekking tot de inbreng en waardering van schenkingen. Dan ga ik over tot de inbreng in het algemeen. Hierin vermeld ik wat de inbreng is, wie tot de inbreng gehouden is en wie de inbreng kan vorderen alsook de uitzonderingen hierop. Bovendien bespreek ik de waardering van in te brengen schenkingen. Hier zal ik een onderscheid tussen de oude regelgeving en de nieuwe regelgeving maken. Dit laatste punt vormt de kern van mijn bachelorproef en hier zal ik dus uitgebreid op in gaan. Ten slotte ga ik nog wat dieper in op de informatie -en adviesplicht van de notaris bij een vereffening-verdeling.

Om mijn paper te ondersteunen, heb ik de visie van een aantal notarissen en medewerkers gevraagd. Ik heb hun mening gevraagd omtrent de indexering die geldt onder de nieuwe waarderingsregeling en of dit de waardeschommelingen wel voldoende compenseert. Bovendien heb ik de vraag gesteld hoe ver hun informatieplicht gaat ten opzichte van de cliënt.
Meer lezen

Het meeroudergezin binnen het huidig recht: sturingsmogelijkheden inzake het ouderlijk gezag en het erfrecht en de giften

Vrije Universiteit Brussel
2021
Anna
Wilmot
Het meeroudergezin, waarbij meer dan twee personen actief instaan voor de opvoeding van het kind, staat in deze masterproef centraal. Daarbij werd onderzocht wat de sturingsmogelijkheden zijn die meeroudergezinnen toelaten enige juridische verankering en bescherming te bekomen, rekening houdende met de afwezigheid van een algemeen wettelijk kader.
Meer lezen

Familiale bedrijfsopvolging in het Vlaams Gewest

KU Leuven
2018
Matthias
De Coninck
Deze scriptie omschrijft de Vlaamse gunstmaatregel voor de overdracht van familiale bedrijven. Daarnaast bevat de thesis ook een korte vergelijking van verschillende technieken voor het behoud van controle van de onderneming na de overdracht.
Meer lezen

Bisschop tussen Kerkhervorming en onafhankelijkheidsstrijd: de positie en rol van Lambert van Zonnebeke, een vroeg twaalfde-eeuwse bisschop van Noyon-Doornik

KU Leuven
2018
Niels
Missiaen
De rol van een vroeg twaalfde-eeuwse bisschop uit Noyon-Doornik bij twee kerkelijke fenomenen: het onafhankelijkheidsstreven van het bisdom Doornik en de implementatie van de elfde-eeuwse Kerkhervormingsidealen.
Meer lezen

Japanese Humanitarian Aid For Belgium During the First World War: Charity as a Tool for International Acknowledgement

KU Leuven
2018
Hanne
Deleu
Tijdens de Eerst Wereldoorlog werden verschillende financiële schenkingen en donaties voor België verzameld in Japan. Het land had verschillende motivaties om België te steunen, waaronder economische, diplomatieke maar ook emotionele drijfveren. Het was de Japanse massa media die oorspronkelijk de verspreiding van het nieuws over België in Japan mogelijk maakte.
Meer lezen

De Erfenissprong

Universiteit Gent
2017
Lien
Van Goethem
De vrijwillige erfenissprong is een relatief recente vorm van successieplanning, waarbij de kleinkinderen rechtstreeks tot de nalatenschap van hun grootouders komen. Het gaat om een vorm van successieplanning in extremis, die mits de nodige aanpassingen kan uitgroeien tot een overdonderend succes.
Meer lezen

Vermogensrechtelijke bescherming in nieuw samengestelde gezinnen: een rechtsvergelijkende studie

Universiteit Gent
2017
Eveline
François
Hoe kunnen we stiefkinderen in de verdeling van de nalatenschap betrekken in België en in Nederland? Hoe kunnen we de langstlevende echtgenoot of partner beschermen?
Meer lezen

Vermogensrechtelijke bescherming in nieuw samengestelde gezinnen: een rechtsvergelijkende studie

Universiteit Gent
2017
Eveline
François
Een uiteenzetting over de vererving en bescherming van het stiefkind, de eigen kinderen en/of de langstlevende partner of echtgenoot in België en in Nederland.
Meer lezen

Artikel 918 B.W.: Mogelijkheden en gevaren

Universiteit Gent
2016
Els
Matthys
  • Natacha
    Chenot
Wanneer een ouder bij leven één van zijn kinderen wenst te bevoordelen biedt artikel 918 B.W. hiertoe een mogelijkheid. Echter zijn hier verschillende gevaren aan verbonden gezien deze bevoordeling op het moment van overlijden terug onder de loep kan genomen worden waardoor deze anders kan uitdraaien dan gehoopt.
Meer lezen

IN WELKE MATE IS VERMOGENSPLANNING VOOR KINDERLOZE ECHTGENOTEN NOG MOGELIJK? EEN STAND VAN ZAKEN NA DE INVOERING VAN DE VCF EN NA 4 JAAR ANTIMISBRUIKBEPALING

KU Leuven
2016
Gerlinde
Vanbeckevoort
In welke mate is vermogensplanning voor kinderloze echtgenoten anno 2016 nog mogelijk? Civielrechtelijke en fiscale toetsing van verschillende planningstechnieken en rechtsvergelijkend onderzoek met Nederland.
Pleidooi voor een drastische verlaging van de tarieven van de erfbelasting in zijlijn en gelijkschakeling met de tarieven van de schenkbelasting.
Meer lezen

De schenking over verschillende generaties heen: het Napoleontisch wantrouwen voorbijgestreefd?

KU Leuven
2016
Michelle
Aerts
Sinds 1804 leven we in België met een regel die 'erfstellingen over de hand' verbiedt (d.i. het schenken van een goed onder de verplichting om het goed te bewaren en om het bij overlijden door te geven aan een andere persoon). Meer dan twee eeuwen later stelt zich de vraag of dit verbod nog wel actueel is. Deze scriptie onderzoekt daarom de bestaansredenen van het verbod op 'erfstellingen over de hand' en vergelijkt daarbij grondig met het Franse en Zuid-Afrikaanse recht. Als conclusie stelt de scriptie dat een verbod op 'erfstellingen over de hand' vandaag niet meer pertinent is in het licht van het toenemend belang van vermogensplanning.
Meer lezen

Is de nieuwe Vlaamse wet een verbetering of een hinderpaal tegenover de vorige wet op vlak van vermogensplanning van onroerende goederen?

AP Hogeschool Antwerpen
2016
Tanisha
Dillis
Sinds 1 januari 2015 zijn de Vlaamse Successierechten opgenomen in de Vlaamse Codex Fiscaliteit. Dit brengt ingrijpende wijzigingen met zich mee. De bachelorproef geeft een overzicht van deze wijzigingen alsook de verschillen met de oude wet.
Meer lezen

De gesplitste aankoop van een onroerend goed in vruchtgebruik en blote eigendom tussen natuurlijke personen in Vlaanderen.

HOGENT
2015
Marieke
Tavernier
Zeven parameters en één druk op de knop!Belastingen besparen. Is dit niet iets wat we voortdurend nastreven? Binnen de wereld van het vastgoed worden we geconfronteerd met het betalen van onder andere de volgende belastingen: registratierechten[1], schenkbelasting[2], erfbelasting[3]… Door ons vermogen optimaal te plannen kunnen we deze belastingen tot een minimum herleiden.
Meer lezen

Empirische studie van de rechten van de langstlevende echtgeno(o)t(e) in de overgangstijd van het Ancien Régime naar de Belgische onafhankelijkheid

Universiteit Gent
2015
Els
Vyncke
Koppels in het Gentse lieten zich niet ‘doen’ door NapoleonDoor 266 huwelijkscontracten uit de periode 1778-1830 uit te pluizen, werd nagegaan welke contractuele rechten in het Gentse aan weduwes en weduwnaars gegeven werden. Er werd ook onderzocht hoe de wet de langstlevende echtgeno(o)t(e) tijdens die periode beschermde. Op die manier kon uitgemaakt worden welke ontwikkelingen zich voordeden en of deze ontwikkelingen elkaar beïnvloed kunnen hebben.Aanstaande echtgenoten denken ongetwijfeld na over hun toekomst samen.
Meer lezen

Het modaliseren van schenkingen door middel van voorwaarden

KU Leuven
2014
Thomas
Delameillieure
Naar Belgisch recht bestaan veel onduidelijkheden over de schenkingen onder (gemengd) potestatieve voorwaarde. De verschillen tussen de louter en gewoon potestatieve voorwaarde enerzijds en de discussies over de geldigheid van de gemengde voorwaarde anderzijds, hebben problematische gevolgen voor de rechtszekerheid in het kader van familiale vermogensplanning.Aan beide problemen kan eenvoudig een einde gesteld worden door gebruik te maken van het Franse criterium van de willekeur.
Meer lezen

De nieuwe antimisbruikbepaling inzake successierechten.

HOGENT
2013
Maaike
Van Overmeire
De nieuwe antimisbruikbepaling in de successiewetgeving: een papieren tijger?Op 6 april 2012 publiceerde de wetgever de nieuwe antimisbruikbepaling in het Belgisch Staatsblad. Alle oorzaken van de inefficiënte werking van de oude bepaling werden hierbij gepareerd. Zoals te verwachten was, duiken er echter nieuwe problemen op die de goede werking van de nieuwe bepaling zullen verhinderen. Ook wanneer de gevolgen van de nieuwe antimisbruikbepaling op de bestaande planningstechnieken worden onderzocht, blijkt dat de meerderheid nog steeds zonder problemen kan worden toegepast.
Meer lezen

Onroerende vermogensplanning via een vastgoedbevak - Ontmijner van de patrimoniumvennootschap als tikkende tijdbom

Universiteit Gent
2013
Kaat
Coppens
 Onroerende vermogensplanning via een vastgoedbevakOntmijner van de patrimoniumvennootschap als tikkende tijdbomOpgang van de patrimoniumvennootschapToen in de jaren ’80 en ’90 advocaten en fiscalisten vermogende particulieren aanspoorden tot het opzetten van een vennootschap om hun onroerend vermogen onder te brengen, voorzag niemand de problemen die deze patrimoniumvennootschap nu teweeg brengt.De motieven voor dergelijke oprichting waren duidelijk en voornamelijk fiscaal van aard, onder meer:-       Zowel schenkings- als successierechten worden vermeden, o.a.
Meer lezen

Van clubhuis naar gironummer? Een kwantitatief onderzoek naar nieuwe vormen van maatschappelijke betrokkenheid in Vlaanderen.

KU Leuven
2009
Dries
Van den Bosch
 
Liever lui dan betrokken?
Meer lezen