Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Geweld in pornografie: Percepties en attitudes van heteroseksuele mannen

KU Leuven
2025
Sien
Voets
In deze masterproef worden de percepties en attitudes van heteroseksuele mannen ten
aanzien van geweld in pornografie, en specifiek in titels van pornografische video’s,
bestudeerd. Om die doelstelling te bereiken zijn volgende twee hoofdonderzoeksvragen
opgesteld: ‘In welke mate beïnvloedt geweld in titels van pornografische video’s het
keuzeproces van heteroseksuele mannen?’ en ‘Welke variabelen hangen samen met een
voorkeur voor gewelddadige pornografie?’.
Om een antwoord te kunnen bieden op de vooropgestelde onderzoeksvragen werd een
kwantitatief onderzoek uitgevoerd waarbij Nederlandstalige heteroseksuele mannen tussen 18 en 60 jaar een online vragenlijst invulden. De finale steekproef bestaat uit 430 respondenten. In de vragenlijst werden concrete titels van pornografische video’s met uiteenlopende gradaties van geweld gepresenteerd aan de participanten. Bij elke titel dienden de participanten drie stellingen te beantwoorden om de geneigdheid om op de video te klikken, het begrip van de inhoud van de video, en de attitudes ten aanzien van de titel te onderzoeken.
De resultaten van het onderzoek tonen aan dat heteroseksuele mannen gemiddeld een
voorkeur hebben voor pornografische titels die niet verwijzen naar geweld. Verder wijst het onderzoek uit dat de voorkeur van de participanten steeds uitgaat naar lichte vormen van geweld ten opzichte van zwaardere vormen. Daarnaast werden titels waarin een gebrek aan toestemming beschreven werd consistent negatiever beoordeeld dan titels die verwezen naar fysiek geweld. Ten slotte toont het onderzoek aan dat een voorkeur voor gewelddadige pornografie in verband gebracht kan worden met hostiliteit ten aanzien van vrouwen alsook met het ervaren van positieve effecten van eigen pornoconsumptie.
Meer lezen

Het prijsgeven van de identiteit van daders en slachtoffers van misdrijven door de journalist

Universiteit Antwerpen
2025
Nathalie
Voss
Het idee van mijn onderzoek is ontstaan door de recente ontwikkelingen in de samenleving. De burger is verontwaardigd wanneer de identiteit van verdachten en daders op een niet consistente wijze wordt vermeld in de media. Wegens onwetendheid en frustratie laat de samenleving zich dan ook horen, met alle gevolgen vandien. Hoewel ik zelf eerst onbegrip toonde voor de niet-standvastigheid van de media inzake het prijsgeven van de identiteit, heeft dit mij aan het denken gezet: zijn er dan geen regels waaraan journalisten zich moeten houden?
Wegens deze bedenking viel mijn oog op de Code van de Raad voor de Journalistiek. Deze Code geldt als leidraad voor journalisten en bevat verschillende onderwerpen die worden uitgewerkt in artikels en richtlijnen. De belangrijkste richtlijnen voor dit onderzoek zijn te vinden in artikel 23 van de Code en omvatten: identificatie in gerechtelijke context, identificatie van slachtoffers en respect voor het privéleven van publieke figuren. Omdat een onderzoek naar de volledige Code ons te ver zou leiden, heb ik gekozen om mijn onderzoek af te bakenen tot dit artikel 23 (mits bepaalde kanttekeningen). Hiernaast wordt het onderzoek gevoerd vanuit de situatie van dader en slachtoffer. De focus ligt dus niet op de verdachte.
Zo heb ik de Code op zichzelf onderzocht en ging ik na wat de grenzen zijn aan het prijsgeven van identiteit van daders en slachtoffers van misdrijven door de journalist. Hierdoor is de vraag ontstaan hoe buurlanden dit invullen. Vooraleer ik dus een oordeel vel over onze Code, acht ik het noodzakelijk om te kijken hoe Nederland hiermee omgaat. Ik heb dan ook gekozen om een vergelijking te maken tussen de code in Nederland, namelijk de Leidraad van de Raad voor de Journalistiek, en onze Code.
Uit deze vergelijking blijkt dat beide codes belang hechten aan een zorgvuldige afweging tussen het recht op privacy en het belang van het publiek om toegang te krijgen tot informatie. De Code is enorm gestructureerd met verwijzingen naar verschillende artikels en richtlijnen die per onderwerp uiteenzetten hoe de journalist moet handelen in een bepaalde situatie. Toch blijft de praktische toepassing afhankelijk van de journalist/redactie. Redacties beslissen binnen de marges van de Code zelf hoe zij identificeren, al geldt de Code wel als een minimumregel. De Raad treedt pas op wanneer een klacht wordt ingediend. Zij zal kijken of de Code effectief gevolgd werd of niet.
In België bestaat geen vaste praktijk zoals de Nederlandse initialenregel (voornaam, gevolgd door initiaal van de familienaam), hierdoor is er meer ruimte voor volledige identificatie, wat leidt tot inconsistentie. De Leidraad is op haar beurt minder gestructureerd en veel kleiner van omvang dan de Code. Ondanks dat de initialenregel niet bindend is, zorgt dit voor een brede toepassing in de praktijk door journalisten. Toch verwijst de Leidraad ook naar uitzonderingen waardoor er opnieuw ruimte is voor interpretatie. Dit leidt soms tot absurde situaties waarbij eerst de volledige naam wordt gegeven (bij een arrestatie) om nadien de initialenregel te gebruiken. Mijns inziens is het kwaad dan al geschied. Concluderend kan worden gesteld dat in Nederland de praktijk terughoudender is, terwijl België meer formele richtlijnen geeft maar minder terughoudend is in de uitvoering ervan.
Voor slachtoffers biedt de Code een expliciete richtlijn die de berichtgeving van hun identiteit streng reguleert. In de Leidraad staat dit ook, al wordt hier minder diep op ingegaan en is er geen aparte sectie voorzien. Hoewel de Leidraad minder structuur biedt, wordt impliciet een bredere invulling gegeven aan het begrip ‘identiteit’ door te verwijzen naar onder meer etniciteit of religie. Al leidt dit wel tot vragen over de volledigheid van de opsomming.
Nadat ik bovenstaande codes met elkaar heb vergeleken, dook een nieuwe vraag op: is onze Code van de Raad in overeenstemming met de grond- en mensenrechten van het EVRM, en hoe verhoudt de Code zich tot de rechtspraak van het EHRM? Om hier een antwoord op te kunnen bieden heb ik artikel 10 EVRM afgewogen tegen verschillende (grond)rechten, zoals recht op privacy, recht op afbeelding, recht op vergetelheid, recht op eer en goede naam, recht op antwoord en het vermoeden van onschuld als onderdeel van het recht op een eerlijk proces.
De hoofdonderzoeksvraag luidt dan ook als volgt: “In hoeverre is de deontologische code voor journalistiek met betrekking tot het prijsgeven van identiteit van daders en slachtoffers, in overeenstemming met de grondrechten en mensenrechten van het EHRM?”
De rechten en rechtspraak van het EHRM werden eerst apart besproken om vervolgens de Code hieraan te kunnen toetsen. Zo kon worden geconcludeerd dat de Code voor zowel het vrijgeven van de identiteit van daders als slachtoffers, in grote lijnen in overeenstemming is met de rechtspraak van het Hof. Er wordt nadruk gelegd op de afweging van het recht op privéleven en het recht op informatie. Hoewel de Code de mogelijkheid biedt tot beperkte of volledige identificatie, maakt het Hof dit onderscheid niet. Het Hof blijkt systematisch zijn eigen zes criteria af te toetsen voor de afweging tussen artikel 10 en 8 EVRM. Deze criteria worden niet expliciet opgesomd door de Code maar vallen hier impliciet grotendeels mee samen. Vooral wat betreft de richtlijn bij de identificatie van slachtoffers, sluit de Code nauw aan bij het Hof. Hier gelden strengere regels en minder bewegingsruimte voor de journalist. Het recht op afbeelding wordt, als onderdeel van artikel 8 EVRM, niet expliciet besproken in de Code. Wel wordt verwezen naar een hogere mate van voorzichtigheid bij het publiceren van herkenbaar beeldmateriaal. De terughoudendheid bij bekendmaking van beelden van slachtoffers wordt ook effectief bevolen door het Hof. Over het algemeen kan bij slachtoffers worden gesteld dat de Code de lijn volgt die wordt getrokken door het EHRM.
Vanuit het daderperspectief kon een bespreking van het recht op vergetelheid niet ontbreken. Artikel 23 verwijst naar de afweging van het belang van berichtgeving tegenover de reclassering en herintegratie van de veroordeelde. Toch mist de Code belangrijke aanvullingen die wel worden aangehaald in de criteria van het Hof: de verstreken tijd en toegankelijkheid van de publicatie. Ik ben dan ook van mening dat de Raad zou kunnen overwegen om deze factoren te benoemen in de Code. De toetsing aan het recht op eer en goede naam kon tevens niet ontbreken. Ook hier valt de Code te verzoenen met de rechtspraak van het Hof.
Wat betreft het recht van antwoord, in de zin van artikel 10 EVRM, voorziet de Code in een alternatieve bepaling inzake wederwoord. Opmerkelijk is dat het Hof ook verwijst naar deze mogelijkheid tot correctie als beslissend criterium. Zoals andere auteurs stel ik deze tendens tot inmenging in de redactionele vrijheid in vraag. Ook bij het vermoeden van onschuld wordt aan de alarmbel getrokken. De Code vereist een hoge mate van zorgvuldigheid en verantwoordelijkheid waardoor dit mogelijks de waakhondfunctie van de pers beperkt. Ik ben echter van mening dat voorzichtigheid mag worden verwacht van journalisten. Bij vrijheid hoort nu eenmaal verantwoordelijkheid.
Over het algemeen kan dus worden gesteld dat de Code in overeenstemming is met de besproken rechten en rechtspraak van het EHRM, mits gemaakte kanttekeningen en nuanceringen.
Omdat theorie niet alomvattend is, sloot ik mijn onderzoek af met een interview met een deskundige. Haar praktische kijk bracht nuance en bood een waardevolle reflectie op bepaalde delen van mijn onderzoek.
Meer lezen

De Roof-mythe zonder roof. De receptie van De roof van Persephone in Young Adult-literatuur

KU Leuven
2024
Lise
Lauwers
Deze scriptie kijkt naar twee hedendaagse hervertellingen in Young Adult literatuur van de eeuwenoude mythe van de verkrachting van Persephone, namelijk de Godin Test trilogie (2011-2013) van Aimée Carter en Girl, Goddess, Queen (2023) van Bea Fitzgerald. Deze scriptie wil licht werpen op de verschillende opties die er zijn om deze oude mythe te verwerken op een manier die het verhaal nieuwe perspectieven geeft en relevant is voor een Young Adult, hedendaags publiek. Daarbij is het niet de bedoeling om uitputtend te zijn, maar om iets toe te voegen aan het onderzoek naar hervertellingen van Griekse mythen. Om een achtergrond te bieden voor verdere discussie, volgt eerst een korte introductie van de mythe en discussies over de literaire categorie Young Adult. Vervolgens wordt gekeken hoe de auteurs omgaan met welke klassieke bronnen, hoe ze bekende mythologische figuren verwerken tot personages, en hoe hun verhaalwereld en plot van invloed zijn op deze herbewerking. Omdat de mythe verbonden is met het huwelijk als overgangsritueel voor meisjes, zal ook aandacht worden besteed aan het genderaspect in deze hervertellingen. De conclusie zal vervolgens de belangrijkste verschillen en overeenkomsten tussen de twee auteurs weergeven, die een verschillende aanpak hebben in hun verwerking van het bronmateriaal vanwege hun verschillen in setting en plot.
Meer lezen

PERSMISDRIJVEN VOOR DE JURY: GRONDWETTELIJKE WAARBORG OF GERECHTELIJK FOSSIEL?

Universiteit Gent
2024
Milan
Maertens
De Belgische grondwetgever heeft de persvrijheid in 1830-1831 vastgelegd met speciale waarborgen. Eén van deze grondwettelijke garanties is de bevoegdheid van het hof van assisen om te oordelen over zogenaamde 'persmisdrijven' (huidig artikel 150 Grondwet).
Hoewel het evident moet lijken dat er recente assisenzaken zijn geweest waarin de jury zich over een persmisdrijf heeft moeten uitspreken, zijn er in de naoorlogse periode - met uitzondering van drie gevallen - vrijwel geen voorbeelden te vinden. Dat persmisdrijven decennialang nauwelijks vervolgd zijn voor het hof van assisen houdt verband met uiteenlopende inhoudelijke, beleidsmatige en organisatorische redenen.
Door middel van een analyse van wetgeving, rechtspraak en literatuur ging deze rechtshistorische studie op zoek naar een antwoord op de vraag waarom er vandaag geen persprocessen meer voor de jury komen. Het onderzoek steunde hierbij deels op archiefonderzoek, waarbij drie niet eerder geanalyseerde archiefdossiers van het Oost-Vlaamse hof van assisen zijn bestudeerd.
Meer lezen

De grijze zone tussen misdaad en genot: het verband tussen seksuele toestemming, de acceptatie van verkrachtingsmythes en antiverkrachtingsattitudes bij Vlaamse jongvolwassenen.

Universiteit Gent
2024
Caro
Maes
Deze thesis richt zich op de rol van wederzijdse instemming bij het onderscheiden van gezonde seksuele interacties van misbruik. Het onderzoekt hoe verschillen in gender en communicatie de opvattingen en intenties over seksuele instemming beïnvloeden. Door middel van een multivariate regressieanalyse wordt gekeken naar de invloed van anti-verkrachtingsattitudes en het accepteren van verkrachtingsmythes op kennis en houding ten opzichte van instemming. De resultaten laten zien dat positieve houdingen ten opzichte van instemming en het herkennen van seksueel geweld sterk samenhangen met anti-verkrachtingsattitudes. Ook worden verschillen tussen genders en seksuele oriëntaties in het vaststellen en waarderen van instemming geanalyseerd.
Meer lezen

EU asylum and border policies as a determinant of maternal and perinatal health in applicants for international protection: bridging the gap between migration management and health as a human right

Universiteit Gent
2023
Bavo
Hendriks
Europa voert een steeds strenger migratiebeleid en draagt daardoor bij tot ongelijke zwangerschapsuitkomsten bij verzoekers om internationale bescherming. Zorgverleners kunnen zelf het verschil maken in het voorzien van een meer toegankelijke, gecoördineerde en continue zorgverlening door in te zetten op lokale, gemeenschaps- en patiëntgerichte zorginitiatieven.
Meer lezen

Aantasting van de seksuele integriteit en verkrachting in het nieuw Belgisch seksueel strafrecht, mede vanuit rechtsvergelijkend perspectief

Universiteit Hasselt
2023
Mariet
Stiers
Het seksueel strafrecht werd op 1 juni 2022 hervormd. Deze scriptie evalueert de hervorming van twee misdrijven: verkrachting en aantasting van de seksuele integriteit (vroeger: aanranding van de eerbaarheid).
Meer lezen

Abortus: een grondrecht of een vergiftigd geschenk? Een juridische evaluatie van de Belgische abortuswetgeving vanuit rechtsvergelijkend perspectief

Universiteit Hasselt
2022
Daisy
Szulc
Het onderwerp van deze masterscriptie kadert in het teken van het recht op abortus. Concreet wordt het zelfbeschikkingsrecht inzake abortus bestudeerd met een focus op de evolutie ervan sinds de ontstaansgeschiedenis van de Belgische, Nederlandse en Poolse abortuswetgeving. Deze benadering maakt het mogelijk om te komen tot een verklarende analyse van de verschillen en gelijkenissen in de abortusregelgeving van de drie vergeleken landen. Hieruit kan zowel de huidige als toekomstige positie van België op het vlak van de abortusrechten in Europa worden afgeleid.
Meer lezen

Angstige sukkel of manipulatieve narcist? Vertelstrategieën voor onsympathieke personages. Een vergelijking van Een nagelaten bekentenis (1894) van Marcellus Emants en De opdracht (1995) van Wessel te Gussinklo

Vrije Universiteit Brussel
2022
Margo
Destrijcker
Deze masterproef onderzoekt hoe vertelstrategieën de lezer zodanig manipuleren dat die een personage als onsympathiek interpreteert.
Meer lezen

Is het vermogen om pijn en genot te ervaren vanuit een Kantiaans standpunt voldoende om dieren te benaderen als doelen op zichzelf en niet louter als middel?

KU Leuven
2022
Julie
Bastijns
Een filosofische blik op de morele status van dieren en hoe deze een plaats kan krijgen binnen het Kantianisme, zoals vertolkt door Christine Korsgaard,
Meer lezen

De seksuele autonomie als leidinggevend principe in het nieuwe seksueel strafrecht? Een analyse van de hervormde wetgeving.

Universiteit Gent
2022
Maxime
Castermans
In mijn masterproef onderzocht ik of het door de wetgever geproclameerde principe van de seksuele autonomie als basis voor de hervorming van het seksueel strafrecht ook als dusdanig neerslag vindt in de concreet ingevoerde wetteksten. Het onderzoek toont aan dat dit toch enige nuance verdient.
Meer lezen

De impact van #MeToo op beeldvorming van seksueel grensoverschrijdend gedrag in krantenberichtgeving

Universiteit Gent
2022
Emma
Lenaert
Onderzoek op basis van een kritische discoursanalyse naar verkrachtingsmythes in Vlaamse krantenberichtgeving en de impact van #MeToo.
Meer lezen

Het dichotoom mediabeeld van Bart de Pauw: representatie van seksueel ongewenst gedrag in de Vlaamse media

Universiteit Gent
2022
ellen
thorisaen
In oktober 2017 ging #MeTo viraal na het opkomen van
beschuldigingen van ongewenst seksueel gedrag tegen
verschillende bekende personen in de entertainmentsector. Dit online feministisch protest vond zijn weg tot in Vlaanderen met de rechtszaak tegen de bekende tv-maker Bart De Pauw als voortrekker. Aan de hand van een kritische discoursanalyse komt in deze scriptie aan bod hoe de Vlaamse media seksueel ongewenst gedrag in deze rechtszaak representeerden. Er wordt gekeken hoe de kranten Het Laatste Nieuws De Standaard de #MeToo-zaak rond Bart De Pauw weergeven. Uit dit onderzoek blijkt dat de Vlaamse nieuwsmedia vast zit tussen het representeren van seksueel ongewenst gedrag als ernstig, problematisch enerzijds en als triviaal, normaal anderzijds. Zo dienen de Vlaamse media zowel als obstakel en als rugsteun voor de #MeToo-beweging.
Meer lezen

Brengt de ideologie van de existentiële band tussen ouders en kinderen de jeugdhulp en jeugdbescherming in moeilijkheden?

Erasmushogeschool Brussel
2021
Laetitia
De Bruyn
De wet bepaalt dat een plaatsing van een kind alleen als laatste redmiddel en met het oog op gezinshereniging mag plaatsvinden, om de grondrechten van zowel ouders als kinderen te eerbiedigen. Het onderhouden van familiebanden is een gevestigde norm in de Belgische jeugdhulp en ligt aan de basis van ons jeugdbescherming systeem. Maar zou het hoofddoel van het werk van de jeugdbeschermers niet eerder moeten gesteld worden in functie van wat het kind in staat stelt zich goed te ontwikkelen, verre van pure ideologische verklaringen rond het belang van de familieband?
Meer lezen

De victim-offender overlap bij seksueel geweld: een vergelijkende studie bij slachtoffers, daders, en slachtoffer-daders.

Universiteit Gent
2021
Joke
Geeraert
Onderzoek naar personen die zowel slachtoffer als dader zijn van seksueel geweld focust doorgaans op de gemeenschappelijke kenmerken van de personen. Echter, om beleid en hulpverlening beter te kunnen aanpassen, is het van belang om te weten op welk vlak ze verschillen. Uit het thesisonderzoek bleek vooral de mentale gezondheid een rol te spelen om een onderscheid te maken tussen slachtoffers, daders en slachtoffer-daders.
Meer lezen

The Rape of the Rohingya: Road towards Gender Justice?

KU Leuven
2021
Clara
Van Thillo
De scriptie onderzoekt of het seksueel geweld dat tegen de Rohingya in Myanmar werd gepleegd, kan worden vervolgd voor het Internationaal Strafhof in Den Haag.
Meer lezen

Ze heeft het zelf gezocht: de grijze zone van seksueel grensoverschrijdend gedrag vanuit genderrolperspectief

Universiteit Gent
2021
Marjan
Suffys
Genderrolstereotypen spelen een belangrijke rol in de perceptie van toestemming, het kernelement in de strafbaarstelling van seksueel gedrag. Het begrip "toestemming" is echter complex en soms zeer dubbelzinnig, waardoor we ons in het vaarwater van een soort grijze zone bevinden waar toestemming niet altijd duidelijk aanwezig is en voor interpretatie vatbaar is. Aangezien bepaalde aspecten, zoals alcohol, ook de tolerantie voor seksueel geweld verhogen, probeert deze studie te beantwoorden of deze stereotypen dan samenhangen met factoren die de tolerantie verhogen voor meer ambigue vormen van seksueel geweld. In een online vragenlijst die aan studenten werd voorgelegd, werden enkele sociodemografische
kenmerken gevraagd, werd een genderschaal afgenomen en werden vijf vignetten gepresenteerd. In de vignetten werden kenmerken die de tolerantie voor seksueel geweld kunnen verhogen, willekeurig gevarieerd
en werd gevraagd hoe aanvaardbaar het scenario werd geacht. Op deze manier maakt de studie gebruik van een factorial survey design. Verschillende lineaire regressieanalyses werden uitgevoerd op
de dataset met behulp van SPSS. De resultaten tonen aan dat wie meer genderstereotiep denkt, meer
toleranter staat tegenover ambigue vormen van seksueel geweld. Bovendien is deze tolerantie groter wanneer het
vrouwelijk slachtoffer aandacht besteedt aan de man die haar probeert te verleiden en wanneer deze dubbelzinnige
vormen van aanranding in de huiselijke sfeer plaatsvinden. Deze aspecten maken de interpretatie van toestemming moeilijker en vaak wordt het verkeerd geïnterpreteerd. Daarom is het nodig aandacht te besteden aan de bewustwording van gendervraagstukken en van de verstrekkende gevolgen die genderstereotypering
kunnen hebben.
Meer lezen

(Not) Part Of The Job: een exploratief onderzoek naar de ervaringen van gekleurde vrouwelijke journalisten en opiniemakers in Vlaanderen en Brussel met online intimidatie

KU Leuven
2021
Aida
Macpherson
Online intimidatie tegen vrouwen heeft zorgwekkende proporties aangenomen. Deze masterproef onderzoekt vanuit een intersectioneel perspectief de specifieke ervaringen van gekleurde vrouwelijke journalisten en opiniemakers in Vlaanderen en Brussel met online intimidatie.
Meer lezen

When They See Us as the Central Park Jogger Case’s Monsters: Changing the Narrative from Villain to Victim

Universiteit Antwerpen
2021
Vicky
Van Hemelrijck
De Central Park Jogger Case kent twee narratieven. Die uit 1989 gecreëerd door de krant, en de 2019 Netflix-serie When They See Us. In deze vergelijkende narratologische analyse wordt onderzocht hoe één misdaad twee tegenstrijdige narratieven kan uitlokken en een verschillend "personage" als schurk kan voorstellen.
Meer lezen

Gender en Strafrecht, implicaties van het nieuwe Geslacht X

Universiteit Gent
2020
Cyrine
M'Sadek
Scriptie inzake de impact van een derde geslacht (X) op de Belgische strafwetgeving.
In hoeverre zal een genderneutraal strafrecht wenselijk worden?
Meer lezen

Europese organisaties! Voor of tegen de EU-wet tegen ‘conflictmineralen’?

Universiteit Antwerpen
2020
Jessy Thomas
Ohanu Kalonda
De nieuwe Europese wetgeving tegen conflictmineralen die van kracht gaat op 1 januari 2021 heeft enkele gaten. In dit werkstuk worden de sterktes en de zwakheden beschreven.
Meer lezen

Toestemming tot seksuele handelingen

Universiteit Gent
2019
Laura
Byn
Deze scriptie introduceert een nieuw toestemmingsbegrip in het seksueel strafrecht. Het stelt strengere vereisten aan de toestemming tot seksuele handelingen opdat deze rechtsgeldig gegeven zou zijn.
Meer lezen

Rape myth acceptance: een experiment onder politieagenten in opleiding

Universiteit Gent
2019
Charlotte
Decrock
Studie naar de mate van mytheaanvaarding over mannelijk slachtofferschap van seksueel geweld onder inspecteurs in opleiding met als doel de vaak onderbelichte populatie van mannelijke slachtoffers van seksueel geweld onder de aandacht te brengen.
Meer lezen

Seksualiteitsbeleving bij mannelijke gedetineerden in België. Een cross-sectionele studie.

Vrije Universiteit Brussel
2019
Glenn
Boulanger
Onderzoek naar de seksuele gezondheid in de gevangenis negeert vaak andere aspecten dan seksuele dwang en deprivatie. In deze studie proberen we de seksualiteitsbeleving en seksuele activiteit van gedetineerden in België in kaart te brengen, net als factoren die samenhangen met het seksuele welzijn en tevredenheid tijdens detentie.
Meer lezen

Oblivion or Prosecution? The Search for the International Legal Framework on Individual Criminal Responsibility for Cultural Heritage Crimes in Armed Conflict

KU Leuven
2018
Kit
De Vriese
Deze thesis beantwoordt de vraag of er een consistent, duidelijk en efficiënt rechtskader bestaat voor misdaden tegen cultureel erfgoed.
Meer lezen

School-related gender-based violence in Cambodia - A baseline study in 20 VVOB target schools in Battambang

KU Leuven
2018
Karen
Van Horen
Karen Van Horen deed onderzoek naar gender-gerelateerd geweld op scholen in Cambodja. Ze onderzocht de prevalentie van gender-gerelateerd pesten, fysieke straffen en seksueel geweld. Haar onderzoek geeft de beginsituatie weer voor een project van VVOB vzw, waarin lokale leerkrachten en directeurs zullen opgeleid worden in gender-responsief onderwijs.
Meer lezen

Praatgroepen en plezierreisjes: De vrouwenhuizen van Brussel en Amsterdam in vergelijkend perspectief (1972-1982)

KU Leuven
2018
Els
Vochten
De vrouwenbeweging van de jaren zeventig werd gekenmerkt door een grote verscheidenheid aan initiatieven. Deze masterscriptie vergelijkt de standpunten van het vrouwenhuis in Brussel met die van het vrouwenhuis in Amsterdam aan de hand van de tijdschriften die de groepen uitgaven.
Meer lezen

Het externe beleid van de EU inzake democratie en mensenrechten in relatie tot de mensenrechtensituatie in de ‘failed state’ Somalië

KU Leuven
2018
Daisy
Daniels
Ondanks miljoenen euro's steun van de EU loopt er volgens verschillende rapporten nog steeds veel mis op democratisch en mensenrechtelijk vlak in Somalië. In deze scriptie wordt de vraag gesteld in hoeverre en in welke mate het externe beleid van de EU een impact heeft op de mensenrechtensituatie in Somalië.
Meer lezen

#MeToo? Het verband tussen pornografiegebruik enerzijds en genderstereotypen, de acceptatie van verkrachtingsmythes en een negatieve attitude tegenover de #MeToo beweging bij Vlaamse adolescenten anderzijds.

KU Leuven
2018
Chelly
Maes
Een kwantitatief onderzoek naar het pornografiegebruik bij Vlaamse adolescenten. Dit werd in verband gebracht met het koesteren van genderstereotypen, de acceptatie van verkrachtingsmythes en een negatieve attitude tegenover de #MeToo beweging .
Meer lezen

Insights into Belgian and Ugandan counselling culture - A case study on trauma counselling for adolescent girls fleeing war

Karel de Grote Hogeschool
2018
Charlotte
Nietvelt
In mijn onderzoek schenk ik aandacht aan de concepten conflict en trauma en vergelijk ik hoe counselors in België en in Oeganda omgaan met adolescente vluchtelingenmeisjes die door de oorlog getraumatiseerd en kwetsbaar zijn.
Meer lezen