Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Deze bevat alle artikels en full text scripties van deelnemende bachelors en masters aan de Vlaamse Scriptieprijs.

De gerechtelijke reorganisatie door collectief akkoord en de Herstructureringsrichtlijn: De controversiële invoering van een Europese Relative Priority Rule

Louis Destoop
Dit werkstuk bestudeert en beschrijft de verschillende voor- en nadelen die gepaard gaan met de relative priority rule, een regel die vanuit Europees initiatief in het nationaal recht kan worden opgenomen.

Het verbod op commercieel draagmoederschap bekeken vanuit mensenrechtelijk en rechtsvergelijkend perspectief

Tessa Quina
Er wordt onderzocht of een verbod op commercieel draagmoederschap noodzakelijk is vanuit mensenrechtelijk en rechtsvergelijkend perspectief. Uiteindelijk wordt een aanbevelend voorstel geschreven.

De belasting op tweede verblijven, een doorn in het oog van tweedeverblijvers en gemeentebesturen

Morgane De Pourcq
Mijn scriptie geeft een duidelijk overzicht in de totstandkoming en evolutie van het belastingreglement op tweede verblijven met inachtneming van de rechtspraak en rechtsleer. Een aanzienlijk deel van de juridische aspecten betreft de belasting op tweede verblijven van de Vlaamse kustgemeenten.

De BTW-hervormingen in het vastgoedlandschap: de concurrentiële handicap weggewerkt?

Charlotte Eraly
Deze scriptie biedt een overzicht van de BTW-aspecten inzake onroerende verhuur. Hierbij wordt ingegaan op de betekenis van onroerende verhuur voor de toepassing van de BTW, de hervormingen van de wet van 14 oktober 2018 (BS 25 oktober 2018, 81448) en hun impact.

Safety and feasibility of S‐Caine patch use in children under the age of three: a pilot study

Britt Anciaux
Kinderen jonger dan drie jaar die pijnlijke prikken of procedures moeten ondergaan zouden baat hebben bij adequate pijnverlichting, zoals de opwarmende S-Caine pleister die lidocaïne en tetracaïne bevat.

Neural Tree Distillation to explain Deep Reinforcement Learning Policies

Senne Deproost
Hoe kan je binnenkijken in het digitale brein van een AI? Dit werk focust zich op Explainable Artificial Intelligence (XAI) en een techniek om het gedrag van een Deep Reinforcement Learning (DRL) agent over te brengen naar een meer interpreteerbaar model. We verbeteren een recente techniek, dat van neurale bomen in combinatie met knowledge distillation, met een adaptieve vorm die ons kleinere en beter verstaanbare modellen oplevert.

Validatie van event-specifieke methode voor absolute en relatieve kwantificering van GGO’s - transfereerbaarheid van real-time PCR-formaat naar ddPCR-formaat

Joke De Greve
Het doel van de uitgevoerde validatie is nagaan of GGO’s ook met digital droplet PCR (ddPCR) op een betrouwbare manier gekwantificeerd kunnen worden, net zoals met real-time PCR. Er werd onderzocht of de real-time PCR-methoden in digital droplet PCR-formaat kunnen toegepast worden.

F*CK THE POLICE? PERCEPTIES VAN JONGEREN OVER DE POLITIE: Een kwalitatief onderzoek naar de meningen en houdingen van jongeren t.a.v. de politie sinds de coronacrisis

Lotte De Vos
Een kwalitatief onderzoek naar de mening en houding van jongeren t.a.v. de politie. Tijdens focusgrepen in klasverband bespraken ze eerdere ervaringen die zij of anderen hadden met de politie. Ook de invloed die de media en de coronacrisis had op de beeldvorming rond politie werd besproken. Tot slot gaven de jongeren aan weke veranderingen in hun ogen kunnen bijdragen aan een betere relatie tussen jongeren en de politie.

Glyfosaat en recht

Anaïs Renard
Deze masterproef beoogt twee basisvragen te beantwoorden. Ten eerste, wat is het juridisch kader rond glyfosaat? Ten tweede, zou een vordering ingesteld kunnen worden voor de milieuschade veroorzaakt door glyfosaathoudende gewasbeschermingsmiddelen?

Algemene vervoersvoorwaarden: een analyse van de verhouding tussen de algemene voorwaarden van Belgische transportmaatschappijen en het consumentenrecht

Alexander Debouck
Onderzoek naar de algemene vervoersvoorwaarden van de Belgische transportmaatschappijen. In de scriptie is nagegaan of de bepalingen voldoen aan alle vereisten die opgelegd worden ter bescherming van de consument-reiziger.

ANALYSE EN EVALUATIE VAN DE WIJZIGINGEN AANGEBRACHT AAN HET FISCAAL STRAFRECHT DOOR DE WET VAN 5 MEI 2019 EN HET KB VAN 9 FEBRUARI 2020

Justine Hendrickx
Deze masterproef analyseert en evalueert de wijzigingen door de wet van 5 mei 2019 en het Koninklijk Besluit van 9 februari 2020 in het licht van de door de wetgever opgestelde doelstellingen. Meer bepaald worden de eerste drie wijzigingen (una via-overleg, strategisch overleg en meldingsplicht van de procureur des Konings) in detail behandeld. Er wordt summier ingegaan op de nieuwe rol van de strafrechter.

In dialoog tijdens detentie

Shanti Heijkants
Deze studie brengt in kaart hoe de communicatie met anderstalige gedetineerden in Vlaamse en Brusselse gevangenissen tot stand komt. Daarnaast peilt het onderzoek naar de gevoelens en perceptie die taalbarrières bij de gevangenisdirectie en het gevangenispersoneel teweegbrengen. Hiervoor werden semi-gestructureerde interviews gehouden, dewelke aan de hand van de kwalitatieve inhoudsanalyse geanalyseerd werden.

Bewegingsanalyse als tool voor een automatische en objectieve differentiatie van twee bewegingsstoornissen bij kinderen met een dyskinetische vorm van hersenverlamming

Ellen Van Wonterghem Sophie Gardyn
Evaluatie en differentiatie van dystonie en choreoathetose loopt moeizaam in de populatie met een dyskinetische vorm van hersenverlamming. Inzet van technologie in staat gedetailleerd data te bekomen en verwerken kan leiden tot meer accurate diagnosticering en behandeling, alsook een toegenomen kennis omtrent deze zeldzame aandoening. Deze studie was pionier in het valideren van een automatische differentiatie van dystonie en choreoathetose tijdens functionele taken van het bovenste lidmaat. Hiervoor werd gebruik gemaakt van innovatieve technieken zoals driedimensionale bewegingsanalyse en machine learning.

Ouderschap en ontwikkeling van kinderen in niet-traditionele gezinnen.

Sanne Goossen
In deze systematic review willen we een overzicht geven van alle bestaande literatuur rond opgroeien in een niet-traditioneel gezin en hoe afwijken van traditionele gezinsvormen de (ervaren) opvoedingscompetentie, ouder-kindrelatie en het welzijn en de ontwikkeling van kinderen (fysiek, emotioneel en gedragsmatig) kan beïnvloeden.

Improving ammonia secretion by Bacillus subtilis via model-driven genome network analysis and optimisation

Lucas De Vrieze
Met behulp van een metabolische netwerkmodel werden de beste genetische ingrepen gezocht die het metabolisme van de bacterie Bacillus subtilis optimaliseren voor biologische ammoniakproductie uit proteïnes. Op die manier kan dit bijdragen aan het sluiten van de menselijke stikstofcyclus.

Een criminele kamer ter vervanging van een hof van assisen: tussen ambitie en traditie

Emilie Hermans
Het hof van assisen is een instelling die sinds oudsher uitwerking kent in het Belgische rechtssysteem en de hervorming ervan is een gegeven dat al gedurende ruime tijd de politieke gemoederen verhit. Eén van de meest recente voorstellen is het initiatief van voormalig minister van Justitie Koen Geens om het huidige hof van assisen te vervangen door criminele kamers. Mijn masterthesis tracht een ontwerptekening te maken van hoe dergelijke criminele kamers vormgegeven kunnen worden, rekening houdend met specifieke kenmerken alsook waarborgen die de huidige assisenprocedure kentekenen.

Een last en een leerkans? De rollen van adolescente vluchtelingen in het gezin

Emily Debaes
Een kwalitatief onderzoek omtrent de rollen die adolescente vluchtelingen opnemen in het gezin en hoe ze deze beleven.

(Tijdelijk) op kantoor wonen

Laura Lo Bue
Onderzoek naar de integratie van microappartementen in leegstaande kantoorgebouwen in Vlaanderen en Brussel waardoor deze gebouwen ingezet kunnen worden als (tijdelijk) opvangcentrum voor verzoekers om internationale bescherming.

OPLEIDINGEN VOOR JEUGDADVOCATEN IN VLAANDEREN: EEN OPTIE OF EEN VEREISTE OM MINDERJARIGE DELINQUENTEN BIJ TE STAAN

Lisa Vercruysse
Deze studie reflecteert kritisch over de opleiding van jeugdrechtadvocaten in Vlaanderen als antwoord op de behoefte voor de bescherming van de rechtspositie van de jeugddelinquent. Opleidingen voor advocaten van minderjarigen blijken noodzakelijk omdat het bijstaan van jeugddelinquenten specialisatie vereist in alle invalshoeken van het jeugdrecht. Desondanks er opleidingen bestaan, tonen de resultaten aan dat er nog ruimte is voor verbetering.

Burgerparticipatie in de Europese Unie: De juridische impact van verordening 788/2019 op het ‘Europees burgerinitiatief’

Gide Van Cappel
De recente verandering binnen het Europees burgerinitiatief wordt onderzocht, met name de impact van verordening 788/2019. De focus ligt op de implicaties die deze nieuwe regels hebben voor de artikelen 1,10 en 11 van het verdrag betreffende de Europese Unie. De onderzoeksvraag luidt :

" Slaagt verordening 788/2019 erin om het EBI toegankelijker, gebruiksvriendelijker en minder omslachtig te maken "

In lijn met de onderzoeksvraag zal ook de rol van de Europese commissie onder de loep genomen worden. Hierbij zal er gepeild worden naar de legislatieve rol van de Commissie.

Eenheid in verscheidenheid: Een vergelijkend onderzoek van Belgische en Britse rechtspraak inzake wapenuitvoer naar Saoedi-Arabië

Elias Viaene
In deze masterproef worden twee onderzoeksvragen beantwoord aan de hand van de functionele rechtsvergelijkende methode. Enerzijds wordt er onderzocht op welke manier de Belgische en Britse rechtspraak inzake wapenuitvoer naar Saoedi-Arabië kan worden beschreven, en anderzijds op welke manier deze rechtspraak kan worden vergeleken. De relevantie van deze onderzoeksvragen kan vanuit juridisch standpunt onderschreven worden door inhoudelijke en pragmatische lacunes in de rechtsleer, en vanuit maatschappelijk standpunt kan er een bijdrage geargumenteerd worden aan een verantwoordelijk wapenuitvoerbeleid. De conclusie van deze masterproef is vierledig, en bestaat uit twee globale conclusies en twee conclusies ter beantwoording van de onderzoeksvragen. Een eerste globale conclusie is dat de rechtspraak inzake wapenuitvoer naar Saoedi-Arabië opvallend onderbelicht blijft in de rechtsleer. Ten tweede kan er een incrementele regelgevende en bindende tendens worden waargenomen in de internationale en Europese regelgeving inzake wapenhandel, hoewel de tweespalt in Europees wapenuitvoerbeleid naar Saoedi-Arabië illustreert dat soevereiniteit (gemotiveerd door economische en geostrategische belangen) nog steeds primeert in deze juridische context. Ter beantwoording van de eerste onderzoeksvraag kan er besloten worden dat de Belgische en Britse rechtspraak best beschreven wordt als gekenmerkt door drie incrementele tendensen: receptief, (beperkt) publiek, en humanitair. Daarmee wordt bedoeld dat respectievelijk de ontvankelijkheid incrementeel receptief werd beoordeeld, de vertrouwelijkheid van de vergunningsdossiers benaderd werd met een beperkte publieke tendens, en de beoordelingen ten gronde gekenmerkt worden door een incrementele humanitaire tendens in verwijzing naar het internationaal humanitair recht. Ter beantwoording van de tweede onderzoeksvraag kan besloten worden dat er sprake is van eenheid in verscheidenheid wanneer de Belgische en Britse rechtspraak in vergelijkend perspectief wordt geplaatst. De eenheid blijkt uit de gelijkenissen die voortkomen uit de vergelijking, zoals de vergelijkbare receptieve tendens en de gelijkende mate waarin het internationaal humanitair recht een struikelblok vormde voor de wapenuitvoer naar Saoedi-Arabië, en de verscheidenheid wordt ingebed door de verschillen in de rechtspraak die maken dat de gelijkenissen niet absoluut zijn. Voorbeelden daarvan zijn de verschillende mate waarin de vertrouwelijkheid van de vergunningsdossiers werd gehandhaafd en het onderscheid in de visies betreffende de bindende kracht van Europese regelgeving inzake wapenhandel. De masterproef wordt besloten met enkele vooruitblikken op toekomstige gerechtelijke procedures evenals enkele juridische en beleidsmatige aanbevelingen. Op juridisch vlak wordt aandacht voor dit thema in de rechtsleer aangemoedigd, en beleidsmatig wordt er onder meer gepleit voor minder ambiguïteit in de regelgeving betreffende wapenhandel.

Robuuste Schatting en Compensatie van Semi-Periodieke Fysiologische Bewegingen voor Robotchirurgie

Florian De Clercq Gianni Borghesan
Betreft de ontwikkeling van een bewegingsschattings en -compensatiesysteem dat minder-invasieve hart procedures moet toelaten. Het systeem wordt geïntegreerd in een chirurgische robot en moet de chirurg toestaan te opereren op het hart alsof het stilligt, terwijl in feite de robot de beweging van het hart volledig compenseert.

Een schuldenvrije toekomst na de collectieve schuldenregeling

Lara Dhondt
Deze bachelorproef wil nagaan op welke manier vermeden kan worden dat personen nieuwe schulden maken na de collectieve schuldenregeling.

MOF-808 and UTSA-120a based mixed matrix membranes for carbon dioxide separations

Daan Van Havere Raymond Thür
Mixed matrix membranen bestaan uit een polymeer en een nano-vulmateriaal. Deze membranen zijn veelbelovend voor het scheiden van CO2 uit het gasmengsel geproduceerd door energiecentrales. Welke nanomateriaal/polymeer combinaties resulteren in goede membranen is echter nog een vraagteken. In deze thesis wordt een stap genomen in de richting van rationeel design van deze mixed matrix membranen.

Solliciteren bij een algoritme: De perceptie van waargenomen eerlijkheid, betrouwbaarheid en emotionele beleving van sollicitanten op algoritmische beslissingen binnen een wervingsprocedure.

Lisa Willems
Kunstmatige intelligentie (AI) is niet weg te denken uit de moderne bedrijfswereld. Binnen werving en selectie wordt algoritmische besluitvorming gebruikt om nieuwe kandidaten sneller op te sporen en te selecteren. Ondanks deze effectieve prestaties van AI, is het niet duidelijk hoe sollicitanten deze beslissing percipiëren. Om dit verder te exploreren werd er een online experiment uitgevoerd, waarbij de deelnemers (fictieve sollicitanten) een scenario te lezen kregen waarin de verzamelaar van de informatie (HR medewerker of algoritme) en de besluitvormer (HR medewerker of algoritme) binnen het wervingsproces werden gemanipuleerd. De uitkomst van de beslissing was telkens negatief, namelijk de sollicitant werd niet geschikt bevonden voor de job. Daarna volgde een vragenlijst die de perceptie van de deelnemers op het gebied van waargenomen eerlijkheid, betrouwbaarheid en emotionele beleving bij het besluit onderzocht. Uit de resultaten bleek dat de deelnemers de informatieverzameling die voor de beslissing gebruikt werd belangrijker vonden dan hoe het besluit zelf tot stand kwam. Zolang het verzamelen van informatie door een HR medewerker gebeurde, ervaarden de deelnemers het besluit eerlijker, betrouwbaarder en emotioneel positiever.
De beslissing is minder relevant, zolang de gegevens geanalyseerd en verwerkt werden door een HR medewerker. Zo is er geen verschil in eerlijkheid, betrouwbaarheid en emotionele reacties gevonden tussen een algoritmische of een menselijke beslissing. Deze studie onthult de perceptie van algoritmische versus menselijke beslissingen binnen het wervingsproces en suggereert dat het verzamelen van informatie sterker doorweegt op de perceptie van sollicitanten dan de uiteindelijke beslissing.