Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Reframing Security in the Age of CLIMATE REfugees, A Comparative Study of Syria and Bangladesh Through Security Perspectives

Universiteit Gent
2025
ilkay
kesebir
This thesis examines how climate change reshapes security and mobility by comparing two distinct pathways of climate-related displacement: rapid-onset drought and agricultural collapse in Syria, and slow-onset sea-level rise and salinization in Bangladesh. Building on Environmental Security, Human Security, and Securitization Theory, the study argues that these frameworks illuminate important mechanisms—such as climate change as a “threat multiplier” and the political construction of (in)security—but remain limited by state- and anthropocentric assumptions. To address these limits, the thesis advances a Green Theory–informed perspective that centers ecological integrity and climate justice as core security referents. Methodologically, the research employs a comparative case design with process-tracing and pattern-matching across secondary data (peer-reviewed studies, attribution science, displacement statistics, and policy reports). The Syria case links multi-year drought, rural–urban migration, and governance failures to heightened social unrest and onward displacement. The Bangladesh case shows how chronic inundation, salinity intrusion, and livelihood erosion generate primarily internal, incremental mobility with long-term human security risks. Cross-case synthesis demonstrates convergent vulnerabilities (exposure, adaptive capacity, and institutional response) alongside divergent temporal dynamics and policy needs. The thesis contributes in two ways: empirically, by integrating visual and quantitative evidence on climate impacts and mobility patterns across contrasting contexts; and normatively, by proposing elements of a sui generis protection regime for climatedisplaced persons (eligibility criteria for planned relocation, responsibility-sharing formula, and dedicated financing and monitoring). Overall, it reframes security in the Anthropocene toward ecocentric and justice-oriented protection that better aligns with the lived realities of climate-affected populations.
Meer lezen

The effects of probiotic treatments on Laminaria ochroleuca Assessing their potential to enhance kelp resilience under heat stress

Universiteit Gent
2025
Axelle
Defossez
Kelpwouden – de weelderige onderwaterbossen die kustlijnen beschermen, CO₂ opslaan en onderdak bieden aan talloze zeeorganismen – staan onder druk door klimaatverandering en steeds hittegolven in de oceanen die alsmaar toenemen. Maar gelukkig is er hoop te vinden in de wateren van de oceanen. Nieuw onderzoek laat zien dat probiotische, oftewel “goede”, bacteriën kelp kunnen helpen om beter bestand te zijn tegen warmte en stress. Door samen te werken met deze natuurlijke microben versterken we de veerkracht van kelpwouden – van binnenuit, met de kracht van het leven zelf.

Verandering kunnen we helaas niet meer tegenhouden. Wat we wel kunnen doen? We kunnen leren ermee mee te bewegen. In de samenwerking tussen kelp en zijn microscopische bondgenoten schuilt misschien wel een blauwdruk voor hoe mens en natuur sámen de toekomst kunnen trotseren.
Meer lezen

STANDALONE ON-SITE LIGHTING MEA- SUREMENTS FOR INSECT STUDIES

Vrije Universiteit Brussel
2025
Zakaria
El Gharbaoui Ben Mekki
Voortgaande verstedelijking en de wereldwijde overstap naar energiezuinige LED-
verlichting vergroten de blootstelling aan kunstlicht ’s nachts, wat bezorgdheid
wekt over de effecten op gemeenschappen van nachtactieve insecten. De meeste
bestaande veldstudies zijn kort van duur en beperkt in ruimtelijke dekking van-
wege de arbeidsintensieve aard van traditionele bemonstering. Dit proefschrift
pakt deze lacune aan door het ontwerpen, implementeren en valideren van een
goedkope, op camera’s gebaseerde, op afstand werkende monitoringsunit voor
seizoenslange inzet in diverse buitenomgevingen. Het systeem registreert weerpa-
rameters (temperatuur, relatieve vochtigheid), locatie (GPS), verlichtingsparame-
ters (gecorreleerde kleurtemperatuur) en tijdgestempelde beelden van aangetrokken
insecten.
Om classificatiestrategieën te evalueren zonder grootschalige inzet, werd in een
kleinschalige casestudy het gebruik van twee algemene vision–language modellen
getest op zorgvuldig geselecteerde insectenbeelden met gezaghebbende ObsIdentify-
bepalingen. De resultaten positioneren vision–language modellen als effectieve
hulpmiddelen voor voorlopige tagging, triage en kwaliteitscontrole, terwijl geza-
ghebbende labels afkomstig moeten zijn van specialisten of gespecialiseerde soorten-
herkenningsdiensten.
Toekomstig werk dient eerst de minimaal vereiste taxonomische diepte voor ALAN-
impactstudies vast te stellen en vervolgens herkenningstools aan te passen om
aan deze eis te voldoen. Verdere stappen omvatten het uitbreiden van de pij-
plijn naar tellingen en abundantiematen, het ontwikkelen van een robuuste con-
tainergebaseerde implementatie-architectuur, het migreren van de database naar
een beveiligde cloud- of NAS-infrastructuur en het implementeren van sterke
cyberbeveiligingsmaatregelen voor externe units. Deze verbeteringen zullen ge-
standaardiseerde, seizoenslange, multisitecampagnes mogelijk maken die robu-
uste beoordelingen van ALAN-effecten onder door LED gedomineerde lichtom-
standigheden opleveren.
Meer lezen

Circulair gebruik van natuurmaaisel: Een case study voor veengebied De Zegge

Universiteit Antwerpen
2025
Lien
Van Breda
Het beheer van veengebied De Zegge genereert jaarlijks een aanzienlijke hoeveelheid natuurmaaisel, die tegen hoge kosten wordt afgevoerd naar composteringsinstallaties. Tegelijkertijd wordt natuurmaaisel in Vlaanderen erkend als biomassareststroom met circulair potentieel. Deze masterproef onderzoekt welke circulaire waardeketens toepasbaar en rendabel zijn voor De Zegge.
De jaarlijkse maaiselopbrengst wordt geschat op 94,5 ton droge stof. Een brede inventarisatie brengt tien mogelijke waardeketens rond natuurmaaisel in beeld, waarbij de ketens rond veenvrije potgrond, grasisolatie en graspapier het meeste perspectief bieden. Ook is er toekomstpotentieel voor boerderijcompostering, zodra het nieuwe wettelijk kader hiervoor wordt uitgerold. Belangrijke knelpunten voor circulaire inzet van natuurmaaisel zijn biologische stabilisatie, een efficiënte logistiek en de ontwikkeling van verdienmodellen die aantrekkelijk zijn voor alle partijen binnen een strikt en complex regelgevend kader. De vier geselecteerde waardeketens demonstreren echter voldoende technologische maturiteit, ecologische meerwaarde en economisch potentieel om deze knelpunten te overkomen.
Meer lezen

Stitching Streams

KU Leuven
2025
Ijeoma
Ruben
In de Spaanse Pyreneeën vertelt herder Diego Ipas hoe hij jaarlijks met zijn kudde langs de Veralrivier trekt, van laaglandweiden naar bergweiden. Zijn praktijk toont de verwevenheid tussen seizoenscycli, landschap en lokale fauna. Toen beren dichter bij het dorp kwamen, moest hij zijn manier van kuddebeheer aanpassen. Dit vormde de basis voor een landschappelijk en architecturaal ontwerp dat natuurlijke ritmes inzet om mens, dier en omgeving in balans te brengen. Met bosopeningen, waterstructuren en herbestemde stallen ontstaat een rijker landschap dat biodiversiteit én gemeenschapsleven versterkt.
Meer lezen

The ecological impact of rock climbing on cliff-face vegetation: Diversity, functional traits, and microclimate in Freyr, Belgium

Universiteit Antwerpen
2025
Sarane
Coen
Deze thesis onderzoekt de invloed van rotsklimmen en abiotische kenmerken op de vegetatie van kalksteenrotsen van Freyr in België, een ecosysteem dat ondanks zijn hoge biodiversiteit weinig wetenschappelijke aandacht krijgt. Vegetatiegegevens werden verzameld op 248 subplots van 1 m² verspreid over 13 transecten met verschillende klimintensiteiten. De studie analyseert zowel soortenrijkdom, bedekking en diversiteit als functionele eigenschappen van planten (Grime CSR-strategieën, pH- en temperatuuraffiniteit) en meet microklimaatverschillen tussen noord- en zuidgerichte kliffen.

De resultaten tonen dat vegetatiepatronen vooral worden bepaald door abiotische kenmerken van de rotsen, met hogere soortenrijkdom op kliffen met lage klimintensiteit en veel microtopografische variatie. Klimmen leidt tot een vermindering van competitieve soorten en een verschuiving naar meer ruderale soorten, terwijl stress-tolerante soorten dominant blijven. Noordgerichte kliffen hebben over het algemeen hogere bedekking en diversiteit, maar temperatuurvoorkeuren van de vegetatie veranderen niet ondanks microklimaatverschillen.
Meer lezen

Creatie van een AI Bill of Materials voor veilige, transparante en conforme modeltraining

Universiteit Gent
2025
Wiebe
Vandendriessche
AI-systemen worden steeds complexer, maar de ontwikkeling van tools om hun transparantie en veiligheid te waarborgen blijft achter. Deze scriptie introduceert de AI Bill of Materials (AIBOM), een uitbreiding op de Software Bill of Materials (SBOM), als een gestandaardiseerd en verifieerbaar overzicht van getrainde AI-modellen en hun omgevingen. Het proof of concept platform AIBoMGen automatiseert het aanmaken van ondertekende AIBOMs door tijdens de training datasets, modelmetadata en omgevingsdetails vast te leggen. Het platform fungeert als neutrale derde partij en garandeert dat elke trainingssessie een verifieerbare AIBOM oplevert. Met cryptografische hashing, digitale handtekeningen en in toto attestation wordt de integriteit beschermd tegen manipulatie. Evaluaties tonen aan dat AIBoMGen ongeautoriseerde wijzigingen betrouwbaar detecteert met minimale prestatie-impact. De resultaten laten zien dat AIBoMGen een belangrijke stap vormt richting veilige en transparante AI-ecosystemen die voldoen aan regelgeving zoals de Europese AI Act.
Meer lezen

De opkweek van darmbacteriën van de honingbij (Apis mellifera) optimaliseren aan de hand van verschillende media

Hogeschool VIVES
2025
Dina
Schevernels
De studie richt zich op het optimaliseren van groeimedia voor darmbacteriën van honingbijen, die een cruciale rol spelen in de gezondheid van bijen en hun kolonies. Omdat standaard kweekmedia vaak niet geschikt zijn, is onderzocht welke aangepaste media nodig zijn voor verschillende bacteriesoorten zoals Commensalibacter, Gilliamella, Snodgrasella, Apibacter en Bombella.

Uit de resultaten blijkt dat toevoeging van charcoal de groei kan bevorderen door schadelijke stoffen te binden, maar dat elke bacteriesoort zijn eigen voorkeur heeft voor specifieke media. Er bestaat dus geen universeel groeimedium. Dit betekent dat toekomstig onderzoek zich moet richten op soorten-specifieke media of co-culturen die de natuurlijke darmomgeving nabootsen.

Het onderzoek is niet alleen technisch relevant, maar draagt ook bij aan betere inzichten in bijengezondheid, mogelijke probiotica voor bijen en breder microbioomonderzoek. De kernconclusie: de gezondheid van bijen begint bij hun darmmicroben, en hun bestudering begint bij het juiste groeimedium.
Meer lezen

Een duurzaamheidstoets van het nieuwe goederenrecht in relatie tot ondernemingen: was duurzaamheid écht een belangrijke doelstelling?

Universiteit Gent
2025
Noor
Buyssens
Samenvatting van mijn thesis:

Duurzaamheid was een belangrijke doelstelling bij de totstandkoming van het nieuwe goederenrecht. Bijgevolg onderzoekt dit werk het nieuwe goederenrecht, dat sinds 2021 in werking trad, door de lens van duurzaamheid, met een bijzondere focus op ecologische duurzaamheid. Centraal staat daarbij steeds de rol van de onderneming. Deze focus op ondernemingen vormt een nieuwe invalshoek binnen bestaande literatuur over duurzaamheid in relatie tot het nieuwe goederenrecht.

Vertrekkend vanuit de onderwerpen die in bestaande literatuur over duurzaamheid in relatie tot het nieuwe goederenrecht aan bod komen, gaat deze bijdrage verder op die onderwerpen die in het bijzonder relevant zijn voor ondernemingen: res communes, opstalrechten (waarbij zijn rol in de circulaire vastgoedeconomie en bij het recent ingevoerde volume-eigendom wordt besproken), en ten slotte de milieu-erfdienstbaarheid.

Voor elk van deze onderwerpen worden de tekortkomingen en obstakels geanalyseerd die ertoe leiden dat zij duurzaamheid belemmeren of onvoldoende ondersteunen. Telkens wordt onderzocht hoe en op welke manier duurzaamheid nu precies wordt tegengewerkt. Zo wordt aangetoond hoe de figuur van de res communes juridisch is uitgehold en daardoor in de praktijk nauwelijks bescherming biedt, hoe het eenheidsbeginsel – en meer bepaald het zelfstandigheidsbeginsel – de ontwikkeling van een circulaire economie binnen de vastgoedsector tegenwerkt, en hoe de invoering van (eeuwigdurend) volume-eigendom grote risico’s creëert op ongebreidelde vastgoedgroei, waarbij duurzaamheid slechts een voorwaardelijk en toevallig neveneffect blijkt te zijn. Ook de milieu-erfdienstbaarheid blijkt onder het huidige goederenrecht onwerkbaar.

Na het analyseren van deze knelpunten worden telkens mogelijke oplossingen of, minstens, suggesties en denkpistes aangereikt die kunnen bijdragen tot verdere verbetering. Kritiek wordt hier immers niet als destructief benaderd, maar juist als een eerste stap richting vooruitdenken.

Het werk sluit af met een filosofische noot waarin de rode draad tussen de besproken onderwerpen wordt blootgelegd. Diep onder de juridische spanningen die zich voordoen rond duurzaamheid blijkt een “structureel” probleem te schuilen: het goederenrecht is historisch gebouwd op liberale en kapitalistische fundamenten, wat duurzame ontwikkeling structureel belemmert. Dit werk eindigt dan ook met een oproep tot structurele verandering en geeft een eerste stap in de richting van dergelijke verandering.
Meer lezen

Development of a multi-sensor data-acquisition and computer vision system for honeybee colony health monitoring

Universiteit Gent
2025
Dieter
Van Hove
  • Lowie
    Coussée
Deze thesis presenteert een geïntegreerd systeem voor geautomatiseerde monitoring van honingbijen (Apis mellifera L.), waarin computervisie, op maat gemaakte hardware en webgebaseerde datavisualisatie worden gecombineerd. Het systeem omvat een op computervisie gebaseerde arenatest, een studie met geluidsstimulus, een opstelling voor pollenmonitoring en thermische beeldvorming om het gedrag van bijen binnen de kast te volgen.

De arenatest volgt vijf bijen en een Varroa destructor-mijt. Door middel van thresholding en contouranalyse worden de posities van bijen en mijt geïdentificeerd en geanalyseerd met gedragsmaten om potentiële varroaresistentie te beoordelen. Voor de pollenmonitoring werd een op maat gemaakte opstelling ontwikkeld die terugkerende bijen van onderaf registreert. Kleurgebaseerde segmentatie en contouranalyse detecteren pollenladingen, terwijl kleurcorrectie de nauwkeurigheid verbetert. Dit maakt het mogelijk de foerageeractiviteit en efficiëntie van de kolonie te kwantificeren.

Een geluidsstimulus-experiment onderzoekt of de gezondheid van een bijenvolk kan worden afgeleid uit de respons van bijen op een korte geluidspuls. Audiofeatures werden geëxtraheerd en geanalyseerd met behulp van ANOVA, PCA en MANOVA, waarbij significante reacties aan het licht kwamen die kunnen correleren met de toestand van de kolonie. Thermische beeldvorming onder de kast registreert de bewegingen van bijen en de temperatuurverdeling. Door de beelden in zones te verdelen kan de activiteit in specifieke delen van de kast gevolgd worden, wat inzichten biedt in koloniegrootte en -gedrag zonder de kast te openen.

Alle data wordt opgeslagen en gevisualiseerd via een op maat gemaakte website, gehost op een Raspberry Pi. Ondanks het gebruik van deels gesimuleerde data werd de volledige systeemarchitectuur getest. De resultaten tonen aan dat deze niet-invasieve benadering van monitoring waardevol is voor zowel wetenschappelijk onderzoek als de praktische bijenteelt.
Meer lezen

HYBRIDIZATION AND MICROBIOME COMPATIBILITY OF LAMINARIA OCHROLEUCA AND LAMINARIA DIGITATA

Universiteit Gent
2025
Kato
De Clercq
Laminaria ochroleuca and Laminaria digitata are two economically and ecologically important kelp species found along European coasts. These brown macroalgae play vital roles in marine ecosystems as habitat formers and primary producers. Climate change is driving shifts in their distributions, increasing the potential for natural hybridization between these species. This study investigates whether L. ochroleuca and L. digitata can form viable and fertile hybrids and explores how hybridization may influence their associated microbiomes. Although previous studies indicated reproductive barriers, the possibility of successful hybridization under controlled conditions has not been clearly established. Using clonal gametophyte cultures, a series of intra- and interspecific crosses were performed and monitored for reproductive development, hybrid viability and morphological growth. Genetic analyses based on microsatellites confirmed successful hybridization in multiple crosses. Additionally, 16S rRNA gene sequencing showed that microbiome composition was primarily influenced by environmental origin, resulting in hybrid microbiomes largely shaped by laboratory conditions. These findings suggest that L. ochroleuca and L. digitata are reproductively compatible under specific conditions. This work contributes to kelp breeding research and positions hybridization as a potential strategy for reinforcing aquaculture sustainability in the context of climate change.
Meer lezen

Compensatie in Transnationale Infrastructuur - Een stedenbouwkundige lezing van de impact van de Brenner Basistunnel

KU Leuven
2025
Colomba
Guerzoni-Verschuere
De Alpen vervullen een dubbele rol: ze zijn tegelijk leverancier van water en energie voor een groot deel van Europa én een barrière in het hedendaagse verkeer van goederen en diensten. Vooral in doorgangen zoals de Brennerpas wordt dit zichtbaar. Jaarlijks passeren er meer dan twee miljoen vrachtwagens, waardoor de regio al begin jaren 2000 tot luchtsaneringsgebied werd uitgeroepen vanwege de hoge emissies en gezondheidsproblemen. Dit intensieve gebruik leidt niet alleen tot luchtvervuiling, maar ook tot aantasting van ecosystemen door de aanleg van steeds meer infrastructuur in het kader van handel en toerisme.
In een tijd waarin onze klimaatcrisis de nood aan duurzamere vervoersvormen benadrukt, wordt de spoorweg vaak naar voren geschoven als alternatief voor auto- en luchtverkeer. Zo ontstond ook de introductie van de Brenner Basistunnel (BBT), een 64 km lange spoorwegtunnel die Oostenrijk en Italië zal verbinden en het vrachtverkeer uit de Alpenvalleien wil halen. De BBT maakt deel uit van het algehele Europese TEN-T-netwerk dat een samenhangende, grensoverschrijdende infrastructuur moet creëren tegen 2050. Toch kampt het project met jarenlange vertragingen en hoge complexiteit en rijzen er fundamentele vragen op over de daadwerkelijke bijdrage aan ecologische en sociale vooruitgang, in vergelijking met politieke en economische belangen.
Hoewel spoorwegen vaak als ‘groen’ alternatief worden gepresenteerd, brengen megaprojecten als de BBT een enorme ecologische voetafdruk met zich mee. De bouw vraagt energie-intensieve materialen, breekt ecosystemen af en veroorzaakt fragmentatie van habitats. Ze lijken ingebed te zijn in een neoliberaal systeem waarin economische groei en snelheid vaak boven duurzaamheid en algemeen belang worden geplaatst. De belofte van emissiereductie staat dus tegenover de realiteit van natuurvernietiging, sociale spanningen en versterking van consumptie en toerisme, in een kwetsbare regio dat de gevolgen niet zal kunnen dragen.
Onderzoeken en interviews tonen aan dat de maatschappelijke aanvaarding van het project verdeeld is. Terwijl sommigen de tunnel zien als noodzakelijk voor duurzame mobiliteit, vrezen anderen een toename van toeristische druk, verlies van natuur en twijfels rond de modal shift. De paradox is er; een project dat ecologische versnippering wil vermijden, draagt er door zijn bouwproces zelf al decennialang aan bij.
De problematiek van de BBT overstijgt de Alpen en raakt aan bredere vraagstukken over hoe grootschalige infrastructuurprojecten onze leefomgeving vormgeven. Ze belichamen de spanning tussen restauratie en destructie, tussen economische ontwikkeling en ecologische draagkracht. Natuurcompensatie wordt in deze gevallen steeds vaker ingezet als strategisch instrument om maatschappelijke aanvaarding te verkrijgen. Deze ‘ruilhandel’ met landschappen roept echter de vraag op of natuur werkelijk vervangbaar is, en wat dit betekent voor mens én niet-menselijke actoren.
De casus van de BBT toont aan dat infrastructuur geen neutrale ingreep is, maar een ideologische praktijk die diep ingrijpt in ecologische, sociale en politieke structuren. Vergelijkbare projecten beloven elk een duurzamere toekomst via infrastructuur. Maar de kernvraag blijft; rechtvaardigt het doel de middelen? Kunnen we bouwen zonder af te breken?
Meer lezen

Afval: cultuur en natuur in de prullenbak?

Universiteit Antwerpen
2024
Roos
van der Zaan
Deze masterthesis onderzoekt het natuur-cultuuronderscheid in relatie tot afval, met bijzondere aandacht voor de filosofische perspectieven van het nieuw materialisme en het historisch materialisme. Het doel van het onderzoek is om aan te tonen dat de studie van afval een nieuw licht werpt op de relevantie van dit onderscheid ten tijde van de ecologische crisis. De methodiek van deze masterthesis omvat een vergelijking tussen de monistische ontologie van het nieuw materialisme en de dualistische ontologieën van het symbolisch-structuralisme en het economisch-materialisme, in relatie tot de studie van afval. Er wordt daarbij een kritische evaluatie geboden van de cultuurfilosofische these dat de materialiteit van afval het natuur-cultuuronderscheid ondermijnt en enkel begrepen kan worden vanuit de monistische ontologie van het nieuw materialisme.
Meer lezen

Comparison of leaf-level photosynthetic capacity of tropical lowland forests from the Congo and Amazon Basin

Universiteit Gent
2024
Warre
Demuynck
Winnaar Vlaamse Scriptieprijs
Winnaar Eosprijs
Genomineerde shortlist NBN Sustainability Award
De fotosynthetische capaciteit van verschillende boomsoorten en lianen werd voor de allereerste keer vergeleken tussen twee sites in het Amazonewoud enerzijds en één site in het Centraal-Afrikaanse regenwoud anderzijds. De fotosynthese was opvallend hoger in het Afrikaanse bos. We zouden dus best verschillende parameters gebruiken voor beide regenwouden in vegetatiemodellen. Zo kunnen we klimaatverandering en de impact ervan beter voorspellen. Dit onderzoek kan helpen om meer aandacht te vestigen op het vaak vergeten Afrikaanse regenwoud.
Meer lezen

Woonvoedsellandschap

Universiteit Hasselt
2024
Sien
Vandebon
  • Leen
    Vansteenkiste
  • Bjorn
    Ernens
  • Laurence
    Cloots
  • Mathias
    Herbots
  • Matthias
    Pieters
  • Memhet
    Basaran
  • Natasja
    Varlamoff
  • Niels
    Moermans
  • Pieter
    Thijs
  • Stephanie
    Remels
  • Tim
    Borgers
  • Yasin
    Can
Het woonlandschap van Kermt staat voor de uitdaging van een toenemend aantal huishoudens door gezinsverdunning en vergrijzing. Het binnengebied van het bouwveld heeft de status van woonuitbreidingsgebied, maar ontwikkeling hiervan zou de laatste groene ruimte in Kermt doen verdwijnen. De privatisering van verkavelingen belemmert bovendien elke verbinding met dit groene binnengebied. Voedsel als common wordt voorgesteld als programmatorsiche strategie om dit versnipperde woonlandschap te transformeren. Een systeem waarin voedsel als common wordt beschouwd, verbetert niet alleen de toegang tot lokaal geproduceerd voedsel, maar versterkt ook de sociale cohesie. De Abdij van Herkenrode, opgericht door cisterciënzers in de 13e eeuw, bood een zelfvoorzienend landbouwmodel dat natuur en voedselproductie verenigde. Dit historische "voedsellandschap" dient als inspiratie voor de herintroductie van duurzame landbouwstrategieën, die bijdragen aan de huidige woonbehoefte en behoud van groene ruimte. Daarom wordt onderzocht of een synergie tussen wonen en voedsel de groene ruimte in het binnengebied kan behouden en toch voldoen aan de woningvraag.
De onderzoeksvraag luidt:
WOONVOEDSELLANDSCHAP: HOE KAN EEN VERKAVELINGSWIJK BIJDRAGEN AAN EEN HERINTRODUCTIE VAN HET HISTORISCHE VOEDSELLANDSCHAP VAN HERKENRODE?
Om een woonvoedsellandschap tot stand te brengen zijn er ontwerpsystemen nodig. Een eerste ontwerpsysteem dat onderzocht wordt is de patronentaal van permacultuur. De patronentaal biedt de opportuniteit om de statische kavel te transformeren naar een dynamische kavel door middel van een synergie tussen wonen en voedsel. De patronen, in lijn met natuurlijke ecosystemen, geven weer hoe dit gerealiseerd kan worden. De nomade zal een tweede ontwerpsysteem vormen dat inspeelt op de verschillende noden van het toenemende aantal huishoudens. Het is een adaptief en flexibel ontwerpsysteem dat fluctueert met de seizoenen. Het zal een nieuwe vorm van wonen introduceren die de synergie tussen wonen en voedsel bevordert. Deze beide ontwerpsystemen zullen een antwoord bieden op de onderzoeksvraag.
Door deze ontwerpprincipes te integreren in het ontwerp en de ontwikkeling van het woonvoedsellandschap, kan een veerkrachtig en dynamisch landschap gecreëerd worden. De introductie van een woonvoedsellandschap bewaard de groene open ruimte in Kermt, maar voldoet ook aan de toekomstige woningvraag. Dit landschap voldoet niet alleen aan de behoeften van de bewoners, maar draagt ook bij aan een meer verbonden samenleving. Bovendien versterkt het de klimaatbestendigheid en leidt het tot een hoger ruimtelijk rendement. De laatst overgebleven groene ruimte in de kern van Kermt kan door middel van een woonvoedsellandschap bewaard blijven. Door de introductie van een woonvoedsellandschap kan een verkavelingswijk bijdragen aan de herintroductie van het voedsellandschap van de Abdij van Herkenrode.
Dit pilootproject van een woonvoedsellandschap heeft het potentieel om als voorbeeld te dienen in Vlaanderen voor vergelijkbare bouwvelden met een groen binnengebied. De ontwerpprincipes van het woonvoedsellandschap kunnen namelijk specifiek worden afgestemd per locatie, en de voedselproductie zal steeds variëren. Hierdoor vormt het woonvoedsellandschap een waardevolle toolbox die kan worden toegepast in heel Vlaanderen. Het biedt een dynamische benadering die rekening houdt met de specifieke kenmerken van verschillende locaties, waardoor een geïntegreerd en dynamisch kavellandschap wordt bekomen.
Meer lezen

Rethinking Anthropocene Architecture At Altitude

KU Leuven
2024
Marthe
Van Rompaey
De totale hoeveelheid door de mens gemaakte massa heeft de totale hoeveelheid biomassa op aarde ingehaald. Een nieuw tijdperk waarin de mens domineert, het Antropoceen, kondigt zich aan. Met 'sneller en meer' als religie, ontsnapt ook onze architectuurpraktijk niet aan de huidige tendens. Maar kan de tendens doorbroken worden en kan (interieur)architectuur een symbiotische relatie tussen mens en natuur vormgeven?

Marthe neemt je aan de hand van zes paviljoenen mee op een scenografische wandeling doorheen de Aosta Vallei. Doormiddel van tekst, maquette en film wordt op zoek gegaan naar alternatieve ontwerppraktijken die ruimte maken voor mens én anders-dan-mens. Wie de bergtop bereikt, vindt geen absolute waarheden, maar leert gaandeweg in vraag stellen langs paviljoenen die bewegen tussen hyperartificiële poëzie en de taal van de natuur.
Meer lezen

Identifying inter-growth form differences and seasonal dynamics in leaf spectral and functional traits of lianas and trees in a tropical forest

Universiteit Gent
2024
Elise
Huysman
Lianen zijn structurele parasieten die bomen beklimmen om toegang te krijgen tot de bovenste bladerdaklaag. Hun abundantie en biomassa nemen toe in de Neotropen, wat waarschijnlijk de werking van deze tropische gebieden beïnvloedt. Lianen hebben minder structureel weefsel en beperken de groei van bomen, waar door de aangetaste bossen minder koolstof vastleggen. Hun bladreflectie is gemiddeld hoger dan die van bomen, wat de spectrale signatuur van de tropische bossen verandert.
Deze studie onderzoekt de structurele en biochemische bladkenmerken van lianen en bomen in een secundair tropisch regenwoud in Panama. De onderzochte kenmerken omvatten bladdikte, equivalente waterdikte (C), bladmassadichtheid (LMA) en koolstof- en stikstofgehalte, evenals hun stabiele isotopen δ13C en δ15N. Daarnaast wordt de bladreflectie tussen 350 en 2500 nm onderzocht, met de focus op verschillen tussen de twee groeivormen en hoe deze kenmerken variëren met seizoensveranderingen. Door een combinatie van bladkenmerkmetingen en hyperspectrale reflectiegegevens, werden statistische testen en lineaire gemengde effectenmodellen gebruikt om de gegevens te analyseren.
De resultaten onthullen significant lagere LMA, C en δ13C-gehalte voor lianen dan voor bomen. Seizoensgebondenheid heeft geen significant effect op de bladkenmerken. De reflectie van lianenbladeren is significant hoger dan die van bomen in twee van de vier waterbanden in het kortgolvig infraroodgebied en het groene gebied. Daarnaast beïnvloeden seizoensvariaties de reflectie-eigenschappen van bomen. Ze blijken significant verschillende reflecties te hebben tussen seizoenen in de twee overgebleven waterbanden en het nabij-infraroodgebied. Lianen daarentegen worden niet significant beïnvloed door seizoensgebondenheid in de vooraf bepaalde banden. De Kullback-Leiber divergentie van de reflectiespectra tussen seizoenen is meer dan 4 keer groter voor bomen dan voor lianen. Deze bevindingen suggereren dat onderzoek naar de reflectie van boombladeren seizoensgebondenheid in aanmerking moet nemen. Voor lianen daarentegen lijkt de reflectie weinig beïnvloed door seizoensgebondenheid. Zowel de bladkenmerken als de reflectie van lianen lijken stabiel te zijn gedurende het natte en droge seizoen.
Onze bevindingen suggereren dat de onderscheidende structurele en biochemische kenmerken van lianen en bomen een cruciale rol spelen in hun ecologische strategieën en interacties binnen het bosecosysteem. Verder benadrukt de studie het potentieel van hyperspectrale reflectie als een proxy voor het monitoren van blad v kenmerken. Deze inzichten dragen bij aan een beter begrip van de ecologische rollen van lianen en bomen en hun reacties op milieuveranderingen, wat essentieel is voor het voorspellen van de gevolgen van klimaatverandering voor tropische bosecosystemen
Meer lezen

Het diepzeedilemma van de Europese Unie: een analyse van de verschillende standpunten van EU-lidstaten met betrekking tot diepzeemijnbouw in internationale wateren (2017-2023)

Universiteit Gent
2024
Seppe
Dewulf
Sinds enkele jaren lopen de politieke spanningen rond de mogelijke goedkeuring van diepzeemijnbouw in internationale wateren hoog op. Meer dan 167 landen onderhandelen binnen de Internationale Zeebodemautoriteit (IZA) over de toekomst van zeebodemexploitatie, met uitgesproken voor- en tegenstanders van de praktijk. Hoewel ook de Europese Unie lid is van dit intergouvernementeel orgaan speelt het tot op heden geen actieve rol in deze onderhandelingen, desondanks de indiening van een voorstel van de Europese Commissie aan de Raad van de Europese Unie in januari 2021 (met het oog op het innemen van een gezamenlijke positie binnen de IZA) – dat onbeantwoord bleef. Vertrekkende vanuit de hypothese dat dit interinstitutioneel (bevoegdheids)conflict binnen de EU te wijten is aan te grote tegenstellingen tussen de standpunten van de EU-lidstaten, worden in dit onderzoek de standpunten van vier lidstaten – België, Duitsland, Frankrijk en Polen – op het vlak van diepzeemijnbouw onderzocht.
Meer lezen

Investigating vegetational survey efficiency using a long-term phenological survey along a subarctic elevation gradient

Universiteit Antwerpen
2024
Beau
Ramaekers
The warming of the global climate system, particularly pronounced in Arctic regions, poses significant challenges to plant species, communities and ecosystems. Understanding the dynamics of Arctic flora in response to this changing climate is crucial for predicting and mitigating its impacts. Long-term vegetational surveys are crucial monitoring tools to capture these dynamics in species diversity, distribution and phenology. Nevertheless, their observations and projections are frequently based on data lacking sufficient temporal and spatial resolution and often neglect the error caused by imperfect observations. Here, we show that species detection is influenced not only by the inherent dynamics of vegetation, including seasonal and year-to-year fluctuations and the broader context of long-term climate change, but also by other temporal, spatial and species-specific variation within the plant community. Interdependent effects of factors such as growing season temperature, seasonal timing of observation, elevation, total plot species richness, and species-specific traits were found to have a crucial impact on species observation accuracy, often manifesting through changes in phenology and morphology across different dimensions. As such, the changing climate directly and indirectly influences these factors through space and time, making it challenging to make a distinction between inherent species dynamics and inaccurate observations. Our findings highlight the need for multiple surveys per year, effective timing of monitoring within the growing season, year-to-year comparisons and adopting adequate spatial scales to account for imperfect observations, especially when studying species’ temporal dynamics. These insights contribute to broader discussions on the complexities of ecological monitoring and underscore the importance of adapting adequate survey methods to effectively capture species dynamics in a changing climate. This to avoid making misleading conclusions, resulting in over- or underestimations of species dynamics.
Meer lezen

Evolving Biofilm Communities: Insights into Biofilm Evolutionary Dynamics and Ecological Succession through Adhesion Modeling

KU Leuven
2024
Nele
Gorissen
Deze scriptie onderzoekt met behulp van een computersimulatie de invloed van verschillende omgevingsfactoren zoals nutriëntenniveaus en disrupties op de evolutie van cellulaire hechtingsterkte in bacteriële biofilms. Dit is relevant in de medische sector (o.a. besmetting van patiënten en medisch gereedschap), maar ook voor allerlei industriële toepassingen zoals corrosie van metalen installaties.
Meer lezen

Soil Biotic Complexity Shapes Grassland Bacterial Communities and Ecosystem Functioning

Universiteit Antwerpen
2024
Björn
Hendrickx
Genomineerde shortlist Vlaamse Scriptieprijs
Soils are everywhere and they are teeming with life. They contain over 59% of all biodiversity and these different species are in close contact with each other. Soil organisms interact with such a vast array of other soil organisms that they construct an intricate soil community network, which is still poorly understood. However, global change is pushing down on these smaller life forms and, by extent, threatening the world as we know it. The loss in soil biodiversity is tangible in the functional network and stunts the performance of entire ecosystems.

This thesis will point our gaze downwards, literally. We will explore the intricate soil network, comprised of life such as microscopic insects, worm-like organisms, fungi and bacteria. While largely invisible, the cooperation of these organisms keeps both the natural world and our civilisation running, as they deliver valuable ecosystem functions which shape our aboveground worlds. Bacteria are an essential cornerstone in soil networks. For instance, they are crucial in the decomposition process, in which they recycle organic matter and thus revitalise the ecosystem. This was our reason to further look into how Bacteria are impacted by the loss of whole groups from the soil network.

This research has found that subsequentially losing more and more different organism groups results in bacterial communities which differ significantly from each other. As their composition changes, the benefits they provide to the ecosystem change as well. We showed that the ability of bacteria to recycle nutrients is drastically impeded as the soil networks are degrading. This will in turn cause further decline in biodiversity as certain species will be unable to sustain their nutritional needs

Plant productivity was affected as well. While grasses seemed to be more resilient, herbs decreased in their performance, which could ultimately have important consequences for the ecosystems, such as a lower abundance of flowers for pollinators.

This study underlines the efficiency of a diverse soil system. Due to the disruption in the trophic and decomposition networks, the functioning of the overall soil network declines in its efficiency. This is alarming considering these belowground communities are the foundation of our aboveground world.
Meer lezen

AT THE MERCY OF THE STATE How nature's rights can reinstall (Indigenous) commons: a Te Urewera case study

KU Leuven
2024
Joanna
Wils
This master's thesis researches the governance aspect of New Zealand's Te Urewera Act. It answers the following question: 'What does a commons evaluation of the Te Urewera Act demonstrate about Rights of Nature's (RoN) potential to contribute to the reinstatement of (Indigenous) commons?' The research starts with a descriptive chapter, comprising an introduction to the Te Urewera Act, its historical background, the RoN movement and the commons framework, followed by a thorough legal analysis of the Act. Then, the paper determines the way in which the Te Urewera framework can be classified as a commons. Further on, Elinor OSTROM’s eight design principles for sustainable commons institutions are applied to the legal framework, revealing continued state involvement. The paper explains this particular feature through the founding principles of international law, and their continued influence on the international legal framework. Building on these findings, the concluding chapter communicates the role of the RoN aspect in Te Urewera's governance structure and the general potential of RoN for the reinstatement of (Indigenous) commons. The research paper concludes with a call to consider RoN and commons together more often, especially in the context of international law.
Meer lezen

Variability Of Water Column Denitrification and its Drivers in the Eastern Tropical Pacific Oxygen Deficient Zones

Universiteit Gent
2023
Andrea
van Langen Roson
Een studie in de variabilitieit van waterkolom denitrificatie in zuurstofminimumzones in de Oostelijke Tropische Stille Oceaan.
Meer lezen

Enhancing the restoration success of Laminaria ochroleuca through microbiome manipulation

KU Leuven
2023
Emma
Gouwy
Genomineerde shortlist NBN Sustainability Award
In een poging tot restauratie van gouden kelp populaties werd microbioom manipulatie uitgevoerd om jong kelp te bewapenen tegen hittegolven.
Meer lezen

'Vloethemveld' is a part of your life': A case study in balancing natural and cultural heritage at Vloethemveld (Zedelgem)

Universiteit Antwerpen
2023
Ruth
Kindt
Hoe ga je vandaag de dag om met de fysieke restanten van een oorlogsverleden? Passen deze nog in ons huidig landschap of moet er ruimte gemaakt worden voor elementen die wij vandaag net nodig hebben zoals meer groen en bossen?
Meer lezen

Bosveerkracht in tijden van klimaatverandering en biodiversiteitsverlies: analyse van het internationaal en regionaal rechtskader

Universiteit Gent
2023
ELINE
BRION
De scriptie kadert binnen het ruimer maatschappelijk kader omtrent de klimaat- en biodiversiteitscrisis. Zij omvat een grondige juridische analyse van het internationaal en regionaal rechtskader, dat een directe dan wel indirecte vrijwarende rol kan bekleden voor de veerkracht van bossen. Tot slot is de scriptie geschreven vanuit een multidisciplinaire invalshoek, waarbij recht en wetenschap elkaar afwisselen.
Meer lezen

Interieur als ecosysteem

KU Leuven
2023
Eveline
Van Landeghem
Interieur als ecosysteem verkent de mogelijkheden voor interieur van een other-than-human-perspectief vanuit het ontwerp van drie toiletten, verspreid over een berglandschap met een hoogteverschil van 1000m.
Hoewel naar het toilet gaan van de mens in onze cultuur gebruikelijk als een solitair gebeuren wordt beschouwd, is voor het ontwerpen van deze reeks toiletten de hoofdrol weggelegd voor minstens één ander organisme: plant (Larix Decidua), dier (koe) en medemens. Bevrijd van academische, artistieke of disciplinaire agenda’s verschijnen de toiletten als vernaculaire bouwsels in het landschap. Tegelijk gaan ze er ook helemaal in op. Hun interieurs geven ruimte aan een kleinschalig ecosysteem.
Meer lezen

Cryptic species diversity in Enteromius (Cyprinidae) from West Africa: a morphometric and molecular approach

KU Leuven
2023
Douwe
Bosmans
Onderzoek naar de cryptische diversiteit in Enteromius, een zoetwater barbeel, in West-Afrika met behulp van een morphologische en genetische methode op formaline gefixeerde specimens.
Meer lezen

The influence of maize (Zea mays L.) roots, mycorrhizal fungi and agricultural soil management practices on the emission of soil volatile organic compounds

Universiteit Antwerpen
2022
Alain
Clement
Vluchtige organische stoffen zijn secundaire metabolieten die geproduceerd worden door planten, dieren en microben. Hun uitstoot is goed onderzocht in bovengrondse ecosystemen, maar niet in de bodem. In dit onderzoek werd er geprobeerd een methode te vinden om deze stoffen te meten.
Meer lezen

Transfer of microplastics from ocean to atmosphere via sea spray aerosols: influence of polymer type and size of microplastics

Universiteit Gent
2022
Silke
Lambert
Wanneer golven in de oceaan breken, ontstaan
onder water luchtbellen. Als deze bellen aan de oppervlakte komen, barsten ze en worden aerosolen de lucht in geslingerd. Het doel van deze studie was de mogelijke aanwezigheid van micro- en nanoplastics in deze aerosolen te onderzoeken en de invloed van verschillende soorten en groottes van plastics op de aerosolisatie te bestuderen.
Meer lezen