Scriptiebank overzicht

De Vlaamse Scriptiebank is een vrij toegankelijke online databank. Het bevat intussen al meer dan 8.000 artikels en volledige scripties van bachelor- en masterstudenten die sinds 2002 hebben deelgenomen aan de Vlaamse Scriptieprijs.

Het/een/mijn huis als geconstrueerde grot

Hogeschool PXL
2026
Noa
Kuypers
In mijn project ‘Het/een/mijn huis als geconstrueerde grot’ onderzoek ik de spanning tussen verval en standvastigheid: hoe een gebouw transformeert en toch zijn kern behoudt, en hoe atmosfeer, dat ongrijpbare samenspel van licht, materiaal, geheugen en emotie, een lege schil omtovert tot een thuis. Het vertrekpunt is de observatie dat een huis nooit werkelijk leeg is; het draagt littekens van vroegere bewoning. Tijdens de renovatie van een woning uit 1830 leg ik deze verborgen lagen bloot, parallel aan een artistiek project waarin ik herinnering en materiaal met elkaar combineer. Door plattegronden te tekenen op basis van impressies, kleimodellen te stapelen en betonnen kubussen met uitgeholde gangen te gieten, vertaal ik het vluchtige van geheugen naar het tastbare van een fundament. Collage fungeert hierin als terugkerend ritueel, een proces van afbreken en herschikken dat het verbouwingsproces zelf weerspiegelt. Geïnspireerd door de praktijk van Do Ho Suh, Sara Bomans en Peter Zumthor, toon ik aan dat atmosfeer niet statisch is, maar draagbaar: een opeenstapeling van tijdlagen, materiële sporen en menselijke tussenkomst. Het resultaat is een visuele taal die het onzichtbare fundament en de dromerige invulling van een plek naast elkaar plaatst, en bevestigt dat een huis pas leeft in de spanning tussen wat was, wat is, en wat we met ons meedragen.
Meer lezen

Noot bij Cass. (1e k.) AR C.23.0112.N, 19 oktober 2023 (J.D.S. / K.S.): bestaan van een oorzaak - oorzaak van een beschikking bij testament - tijdstip van beoordeling

Universiteit Gent
2025
Benoît
Van Cauwenberghe
Het verval van een testament of legaat wegens het verdwijnen of wegvallen van de oorzaak, met bijzondere aandacht voor de rechtspraak van de hoven van beroep en het Hof van Cassatie. Daarnaast bevat de scriptie een rechtsvergelijkend luik met Frankrijk, het Groothertogdom Luxemburg en Nederland, met oog voor overeenkomsten, verschillen en mogelijke hervormingsinspiratie
Meer lezen

Politieke in(kt)vloed: Een vergelijkende visuele analyse van politieke cartoons uit De Roode Vaan, De Schelde, Volk en Staat, en De Standaard (1929-1945)

KU Leuven
2025
Pauline
Stofferis
Een vergelijkende visuele analyse van politieke cartoons uit het communistische blad De Roode Vaan, het Vlaams-nationalistische dagblad De Schelde en zijn opvolger Volk
en Staat, en de centrumrechtse krant De Standaard van 1929 tot 1945.
Meer lezen

Radiografisch protocol bij de aan- en verkoop van paarden

Odisee Hogeschool
2025
Fien
Ditvoorts
Radiografische keuringen zijn een essentieel onderdeel bij de aankoop en verkoop van paarden, omdat ze helpen om orthopedische aandoeningen zoals osteochondrose, artrose en botcysten tijdig op te sporen. In België bestaat echter geen uniform radiografisch protocol, waardoor dierenartsen elk hun eigen aanpak hanteren. Dit leidt tot verschillen in beeldvorming, interpretatie en tot mogelijke misverstanden tussen koper en verkoper. Deze bachelorproef stelt een gestandaardiseerd radiografisch protocol voor dat gebaseerd is op literatuurstudie, buitenlandse richtlijnen (Nederland en Duitsland) en een bevraging van Belgische dierenartsen over hun werkwijze. Het protocol is bedoeld om meer uniformiteit, transparantie en betrouwbaarheid in veterinaire keuringen te waarborgen, met aandacht voor zowel diagnostische kwaliteit als stralingsveiligheid.
Meer lezen

Claiming Responsibility, Narrating Solidarity: Discursive Legitimation of Turkey's Involvement in the Nagorno-Karabakh Conflict (1988–2020)

Universiteit Gent
2025
Görkem
Yavuz
Deze masterproef onderzoekt hoe Turkije tussen 1988 en 2020 zijn betrokkenheid bij het Nagorno-Karabachconflict discursief heeft geconstrueerd en gelegitimeerd. Het centrale uitgangspunt is dat politieke taal niet louter een communicatiemiddel is, maar een krachtig instrument dat legitimiteit creëert en internationale normen beïnvloedt. Het onderzoek hanteert een driedelig analytisch kader: (i) hoe Turkije zijn eigen discours opbouwde, (ii) hoe internationale actoren dit discours ontvingen en betwistten, en (iii) welke impact dit had op mondiale normen rond interventie. De bevindingen tonen een evolutie van voorzichtige diplomatieke steun naar een assertieve en veiligheidsgedreven retoriek. Deze verschuiving benadrukt hoe discursieve strategieën niet alleen de perceptie van legitimiteit vormgeven, maar ook bredere implicaties hebben voor internationale conflictoplossing en normontwikkeling.
Meer lezen

Hoe framen Europese populistisch radicaal-rechtse partijen het Israëlisch-Palestijns conflict na 7 Oktober?

Universiteit Gent
2025
Sien
Daeninck
Populistisch radicaal-rechtse partijen zoals Vlaams Belang (VB) en het Franse Rassemblement National (RN) gebruiken het Israëlisch-Palestijns conflict om hun kernboodschappen over migratie, veiligheid en islamitisch extremisme te versterken. Beide partijen kaderen het conflict als een bedreiging die door migratie naar Europa wordt overgebracht en sluiten zo aan bij de ideologische pijlers: nativisme, autoritarisme en populisme. Toch verschillen ze in hun benadering: RN kiest nadrukkelijk de kant van Israël, terwijl VB een neutralere, pragmatische houding aanneemt. Die verschillen tonen aan dat radicaal-rechts geen homogene groep is, maar hun discours aanpast aan nationale en geopolitieke contexten.
Meer lezen

Une vague de femmes françaises? Een studie naar professionele beroepsmigratie van buitenlandse sekswerkers in Antwerpen tijdens de periode november 1922 tot juni 1925

Universiteit Gent
2025
Helena
Van Hiel
Tussen november 1922 en juni 1925 was Antwerpen getuige van een opmerkelijke migratiegolf van buitenlandse vrouwelijke sekswerkers. Deze migratie werd niet alleen gekenmerkt door haar aanzienlijke omvang, maar ook door de homogeniteit van de migranten. Bijna al deze vrouwen kwamen uit dezelfde regio, werden binnen korte tijd geregistreerd bij de zedendienst van de stad, werkten in een beperkt aantal bordelen – voornamelijk gelegen in de Spuistraat, een straat die bekend stond om haar sekswerk – en verhuisden na een kort verblijf naar een andere stad, meestal Parijs. Deze gelijkenissen wijzen op georganiseerde beroepsmigratie binnen de gereguleerde seksindustrie.
Meer lezen

EEN ‘GROENE’ FAST-FASHION WAARDEKETEN: UTOPIE OF OPTIE?

KU Leuven
2025
Anna
Sato
Genomineerde longlist Vlaamse Scriptieprijs
Deze thesis met als titel “Een ‘groene’ fast-fashion waardeketen: utopie of optie?” heeft als overkoepelend onderwerp de ecologische duurzaamheid van de fast-fashion waardeketen. Het onderzoekt meer specifiek of het huidig juridisch kader van de Europese Unie een transparante en duurzame fast-fashion waardeketen mogelijk maakt. Het onderzoek focust zich hierbij op drie onderscheiden fases in de waardeketen, namelijk de productie-, communicatie- en afdankfase, waarrond ook de structuur van de thesis is opgebouwd. De keuze hiervoor is ingegeven door de situering in deze fases van de drie problemen uit de probleemstelling.

In de productiefase wordt meer bepaald gekeken naar het materiaal waarmee kleding geproduceerd wordt en de ecologische gevolgen ervan. In de communicatiefase krijgen greenwashing en misleidende groene claims vervolgens bijzondere aandacht. Ten slotte in de afdankfase staan kleding- en textielafval en de verwerking ervan of het gebrek eraan centraal. Voor elk van deze drie fases worden verschillende (nieuwe) Europese instrumenten nader besproken en wordt er vergeleken met de aanpak door Frankrijk, een koploper op het vlak van regelgeving over mode en duurzaamheid. Er wordt meer specifiek nagegaan of de EU- regelgeving ervoor zorgt dat de consument uiteindelijk verzekerd kan zijn dat hij een kledingstuk heeft aangekocht dat gemaakt is van recycleerbare materialen, zonder greenwashing claims op de markt is gebracht en op het einde van zijn levensduur niet op een afvalberg belandt. De evaluatiecriteria die hierbij de rode draad vormen, zijn: duurzaamheid, bescherming van de consument en rechtszekerheid. Door de verschillende instrumenten te beschrijven en daarna te evalueren, hoopt deze thesis zowel de successen als lacunes ervan in kaart te kunnen brengen. De evaluatie zal duidelijk maken dat ondanks stappen in de goede richting, er in elke fase nog tekortkomingen bestaan waardoor het lineaire bedrijfsmodel te weinig uitgedaagd wordt en de transitie naar een duurzamer model bemoeilijkt wordt.

Ten slotte heeft deze thesis als doel om op basis van de beoordelingsresultaten faseoverstijgende aanbevelingen te doen aan het huidig Europees regelgevend kader om het performanter te maken. Hoewel de werkelijke impact afhangt van de gedelegeerde handelingen, de effectieve implementatie en de kwaliteit van toezicht kunnen toch enkele suggesties gegeven worden.
Meer lezen

Van mode naar bouwmateriaal: Kledingafval als bron voor circulaire isolatie

Universiteit Gent
2025
Marth
Van Mierlo
Deze masterproef onderzoekt hoe kledingafval kan worden omgezet in een circulair isolatiemateriaal. Via een zelfontwikkeld en innovatief productieproces worden verschillende textielsoorten verwerkt tot isolatiematten met prestaties vergelijkbaar met commerciële producten, maar met veel minder milieuschade. Zo krijgt afgedankte kleding een tweede leven in de bouwsector. Mode en bouw worden zo bondgenoten in de strijd tegen afval en CO₂-uitstoot.
Meer lezen

Wearable Sensors for Indirect Assessment of Ground Reaction Forces and Moments in Human Movement Analysis

Vrije Universiteit Brussel
2025
Hanne
Willems
De grondreactiekracht en het grondreactiemoment zijn belangrijke variabelen om het blessurerisico tijdens het sporten in te schatten, maar konden tot nu toe enkel in gespecialiseerde laboratoria gemeten worden. In mijn scriptie ontwikkelde ik verschillende biomechanische modellen om de grondreactiekracht en het grondreactiemoment te berekenen op basis van draagbare sensoren die geïntegreerd werden in een loopbroek, zodat ze altijd en overal gemeten kunnen worden. Vervolgens werden de modellen zo accuraat mogelijk gemaakt, zowel met als zonder AI.
Meer lezen

Curating Alienation in the Pavillon des Sessions?

Universiteit Gent
2025
Rowena
Dossche
Kwalitatief onderzoek naar hoe de curatoriële keuzes in de Pavillon des Sessions (Louvre) vóór de huidige renovatie (ca. 2024–2025) ruimtelijke, contextuele en (koloniaal) historische vervreemding vermeden of in stand hielden.
Meer lezen

Ontwijken van oorlogsgeweld Hoe handelaars hun schepen veiligstelden door middel van neutralisatie in Oostende tijdens de Amerikaanse onafhankelijkheidsoorlog 1775-1783.

KU Leuven
2025
Robbe
Degroote
Deze scriptie behandelt de praktijk van “neutralisatie” van schepen in Oostende tijdens de Amerikaanse onafhankelijkheidsoorlog (1775-1783), met bijzondere aandacht voor de strategieën waarmee handelaars hun eigendommen probeerden te beschermen tegen de kaapvaart. Door te onderzoeken hoe schepen juridisch en praktisch “geneutraliseerd” werden, werpt dit onderzoek nieuw licht op de complexiteit van maritieme oorlogsvoering en handelsstrategieën in een Europa vol conflict.
Niet alleen wordt daarmee aangesloten bij het al bestaande onderzoek naar kapers, maritieme handel en neutraliteit, zoals dat van Parmentier, Farasyn en Schankenbourg. Deze thesis vult ook concrete gaten in de historiografie op. Zo focuste het onderzoek zich op onderbelichte aspecten zoals de naamsveranderingen van schepen; de praktische situatie aan boord van een geneutraliseerd schip en de band met de haven van registratie.
Methodologisch combineert dit onderzoek drie bronnen: de notariële akten opgemaakt in Oostende tijdens het conflict, scheepsbewegingen waarvan de gegevens met behulp van AI werden geëxtraheerd uit de Gazette van Gend; en de Prize Papers van het Engelse High Court of the Admiralty. Door deze bronnen systematisch te koppelen en te analyseren werd een beeld gevormd van de praktische werking van neutralisatie als de geografische netwerken erachter. In de verwerking werd gebruik gemaakt van AI voor datamining, met bijgevoegd een kritische reflectie over de betrouwbaarheid en inzetbaarheid van AI voor dit en toekomstig onderzoek.
De thesis bestaat uit drie inhoudelijke onderzoek hoofdstukken: een kwantitatieve analyse van de herkomst locatie en vaargeschiedenis naar Oostende van geneutraliseerde schepen; een semantische en taalkundige studie van naamsveranderingen; en een case study van de kaping van het schip “de Dageraad van Oostende”, waarbij de verborgen gezagsstructuur aan boord en de juridische verdediging nader onderzocht worden.
De conclusie toont aan dat neutralisatie in Oostende niet beperkt bleef bij het bekomen van scheepsdocumenten, maar dat er een complexe fictie gecreëerd werd om de schepen veilig te proberen stellen van kapers. Dit gebeurde aan de hand van naamsveranderingen en pragmatische organisatie. Daarnaast werd aangetoond dat geneutraliseerde schepen geen fysieke band met Oostende hoefden te hebben tijdens de neutralisatie. Hiermee levert deze scriptie een vernieuwende bijdrage aan de geschiedenis van zowel neutraliteit, handel en maritieme cultuur in de late 18de eeuw.

Meer lezen

Over dikke dozen op gevoelige grond

Universiteit Gent
2025
Senne
De Ridder
  • Cas
    Neels
Charleroi is een stad gevormd door haar industriële verleden en getekend door socio-economische breuken. Deze thesis onderzoekt hoe de industriële kavels – restanten van een cyclisch patroon van gebruik en verwaarlozing – opnieuw betekenis kunnen krijgen in het stedelijk weefsel. Via de lens van fytoremediatie, successie en typologisch onderzoek groeit een voorstel: de dikke doos. Deze grote vorm balanceert tussen industriële robuustheid en historische verfijning. Zo tekent zich een nieuw landschap af waarin vergeten gronden, architectuur en sociale relaties elkaar ontmoeten.
Meer lezen

Duurzaamheidsrapportering en de Erosie van het EU-Concurrentievermogen: Een Pad Naar Industriële Vernieuwing

Universiteit Gent
2025
LAURENZ MAXIMUS
BOURGONJON
Deze thesis onderzoekt de groeiende spanning tussen de ambitieuze duurzaamheidsagenda van de EU en het afnemende concurrentievermogen van haar kernindustrieën. De centrale vaststelling is dat niet de duurzaamheidsdoelen zelf, maar de diepgewortelde beleidsonzekerheid—veroorzaakt door inconsistente regels, hoge energiekosten en een gebrek aan een gelijk speelveld—de voornaamste rem op investeringen en concurrentiekracht is. Aan de hand van diepte-interviews met sleutelfiguren uit de industrie (ArcelorMittal), de politiek en de academische wereld, analyseert het onderzoek de concrete impact op strategische sectoren zoals staal, energie en kritieke grondstoffen. De conclusie is dat een succesvolle industriële heropleving enkel mogelijk is als de EU een proactief en voorspelbaar beleid voert dat een eerlijk speelveld garandeert, waardoor haar duurzaamheidsagenda een motor voor innovatie wordt in plaats van een bron van onzekerheid.
Meer lezen

Populierenhout als constructiehout

HOGENT
2025
Indy
Verheyen
Winnaar NBN Sustainability Award
Genomineerde longlist Vlaamse Scriptieprijs
Genomineerde shortlist Eosprijs
Deze bachelorproef onderzoekt hoe lokaal populierenhout kan worden ingezet als constructiehout in Vlaanderen. Populier is een van de meest voorkomende boomsoorten in het Vlaamse landschap, maar wordt slechts beperkt benut in de bouwsector. De heersende perceptie van lage kwaliteit, gecombineerd met onduidelijke normatieve kaders, belemmert een brede marktintroductie.
De centrale onderzoeksvraag luidt: Hoe kan lokaal populierenhout op een praktische en haalbare manier beschikbaar worden gesteld als constructiehout voor bouwbedrijven in Vlaanderen? Om deze vraag te beantwoorden werd een combinatie van methodes toegepast. Enerzijds werd een literatuurstudie uitgevoerd met focus op bosinventarisgegevens, mechanische eigenschappen en houtstromen. Anderzijds werden kwalitatieve gegevens verzameld via gesprekken, werkbezoeken en sectorale studiedagen, die inzichten boden in marktpercepties en praktische haalbaarheid. Bovendien werd een prototype ontwikkeld: een cross laminated timber (CLT)-paneel uit populier, opgebouwd uit drie kruislings verlijmde lagen en verbonden met Lignoloc®-houten nagels en een tand-en-groefverbinding. Dit prototype illustreert hoe de houtsoort kan worden toegepast in modulaire wandsystemen.
De resultaten tonen dat populierenhout mechanisch vergelijkbaar is met gangbare naaldhoutsoorten zoals vuren en grenen, mits correcte dimensionering en toepassing. Ecologisch scoort populier sterk dankzij de korte rotatieperiode, de hoge CO₂-opslag en de lokale beschikbaarheid. Toch blijven de praktische toepassingen beperkt door normatieve onzekerheden en een negatief imago in de sector.
Dit onderzoek bevestigt dat populier, mits verdere normatieve erkenning en bewustmaking bij bouwactoren, kan uitgroeien tot een waardevolle en duurzame grondstof in circulaire bouwmodellen.
Door de combinatie van lokale beschikbaarheid, korte rotatiecycli en de mogelijkheid tot verwerking in circulaire bouwsystemen draagt populier niet alleen bij aan een versterking van de Vlaamse houtsector, maar ook aan de realisatie van bredere klimaat- en duurzaamheidsdoelstellingen.
Meer lezen

Assisen in vraag gesteld: een kwantitatief onderzoek naar de publieke perceptie van lekenrechtspraak in België

Universiteit Gent
2025
Janne
Vandenberghe
Deze masterproef onderzoekt hoe het publiek het jurysysteem binnen het Belgische hof van assisen percipieert. Hoewel de assisenprocedure diep verankerd is in de Belgische rechtscultuur, staat zij steeds vaker onder druk door hedendaagse uitdagingen zoals budgettaire beperkingen en de roep om efficiëntie. Ondanks het fundamentele uitgangspunt van lekenparticipatie blijft de stem van de burger opvallend afwezig in academische en publieke debatten. Dit onderzoek vult die kenniskloof op door de centrale onderzoeksvraag te stellen: ‘Hoe wordt het systeem van de volksjury binnen het Belgische hof van assisen door het publiek ervaren?’

Om deze vraag te beantwoorden werd een gemengd juridisch-sociologisch kader ontwikkeld. De empirische kern van het onderzoek bestaat uit een kwantitatieve online survey (n=380). Deze survey onderzocht de houding van burgers tegenover de volksjury en hun voorkeuren inzake behoud of hervorming van het systeem. Sociodemografische kenmerken, juridische scholing en slachtofferschap werden meegenomen als verklarende variabelen. Het theoretisch kader werd opgebouwd via een kritische literatuurstudie en een vergelijkende rechtsanalyse met Frankrijk en Nederland.

De resultaten van de survey tonen een genuanceerde publieke houding. Enerzijds geniet de volksjury symbolische legitimiteit door haar democratisch karakter, anderzijds bestaan er aanhoudende twijfels over de juridische expertise van juryleden in complexe strafzaken. Twee derde van de respondenten steunt het systeem van de volksjury. Daarnaast verkiest maar liefst 83% een gemengd model waarin burgers en beroepsrechters samen beraadslagen. Juridische professionals en personen met een juridische opleiding stonden significant kritischer tegenover het huidige jurysysteem. Bovendien bleken attitudes ten aanzien van correctionele straffen een sterke voorspeller van steun voor de volksjury: respondenten die bestaande straffen te mild vonden, waren vaker voorstander van burgerparticipatie. Sociodemografische variabelen en slachtofferschap bleken daarentegen weinig verklarende waarde te hebben.

Dit onderzoek levert een bijdrage aan de juridische en criminologische literatuur door publieke houdingen tegenover het eeuwenoude instituut van participatieve justitie empirisch in kaart te brengen. Daarnaast is het beleidsmatig relevant, aangezien het de maatschappelijke steun voor hervormingsscenario’s in beeld brengt.
Meer lezen

De pluriformiteit van de overheid

Universiteit Hasselt
2025
Yorunn
Beeckelaers
Deze scriptie onderzoekt het overheidsbegrip binnen de Belgische rechtsorde met bijzondere aandacht voor de pluriformiteit ervan. De centrale vraag luidt: Wat is het juridische overheidsbegrip en hoe vertaalt de pluriformiteit ervan zich binnen de Belgische rechtsstaat?
Uit de analyse blijkt dat er geen eenduidige en alomvattende definitie bestaat, wat kan leiden tot rechtsonzekerheid en lacunes in de toepassing van het bestuursrecht. Daarnaast concluderen we echter ook dat het niet altijd wenselijk en mogelijk is om dit begrip volledig af te bakenen.
Deze scriptie bespreekt verschillende vormen waarin de overheid zich voordoet in onze staat. Zo
gaan we dieper in op de administratieve overheid, bestuursinstanties en overheidsinstanties en
openbare instellingen en diensten. Elk van deze begrippen kent een eigen juridische kwalificatie die
afhankelijk is van het toepassingsgebied. Ook behandelen we de toepassing van de
imperiumbevoegdheid binnen deze verschillende begrippen.
Daarnaast zullen we ook een rechtsvergelijking doen met onze buurlanden; Nederland en Frankrijk.
Dit toont de verschillende benaderingen en uitkomsten van beide landen en het verschil met België.
Nederland werkt met een functioneel overheidsbegrip in de Algemene wet bestuursrecht (Awb), wat
zorgt voor rechtszekerheid en ruime toepasselijkheid. Frankrijk leunt dan weer sterk op de jurisprudentie van de Raad van State. België blijft achter met een fragmentarische regelgeving en een gebrek aan systematische afbakening.
De conclusie van deze scriptie is dan ook dat het streven naar een alomvattende en omlijnde definitie van het overheidsbegrip in België niet wenselijk of haalbaar is. In plaats daarvan moet er sterk worden ingezet op een specifieke benadering waarbij men elke regelgeving individueel bekijkt en specifieke criteria opstelt. Enkel zo kan het overheidsbegrip worden afgestemd op de realiteit van een gelaagde en evoluerende bestuursstructuur.
Meer lezen

Recht op deconnectie of altijd verbonden?

Universiteit Gent
2025
Geert
Ostyn
Deze masterproef onderzoekt de Belgische aanpak van de verstoring van de work-life-balance door
techno-invasie, als vorm van technostress. Techno-invasie geeft de werknemer het gevoel dat hij
steeds bereikbaar moet zijn en draagt bij aan de vervaging van de grens tussen werk en privéleven. De
verstoring van de work-life-balance leidt tot een grote toename van burn-out en depressies bij
werknemers. De Belgische wetgever heeft als antwoord op dit probleem een ‘recht op deconnectie’
ingevoerd voor werknemers, met de daarbij horende verplichtingen voor ondernemingen. Het
onderzoek gaat in op de keuzes die de wetgever heeft gemaakt door geen specifieke bepalingen op te
nemen voor telewerkers en de verplichtingen voor de werkgevers te beperken tot ondernemingen die
20 of meer werknemers in dienst hebben.
Centraal staat de vraag wat het recht op deconnectie inhoudt en op welke wijze de ondernemingen
omgaan met hun verplichting om de modaliteiten overeen te komen tot toepassing van het recht op
deconnectie.
Om deze vraag te beantwoorden is eerst gekeken naar de vergelijkbare aanpak in het Franse recht en
het huidige en toekomstige kader van de Europese Unie. Vervolgens focust het onderzoek zich op het
Belgische recht en hoe het vandaag geldende recht tot stand is gekomen.
Het volgende deel van het onderzoek bevat enerzijds een analyse van de concrete inhoud van
ondernemingsakkoorden in de bankensector, en anderzijds de resultaten van een bevraging van
personeelsverantwoordelijken uit deze sector over de feitelijke toepassing van het recht op
deconnectie binnen hun bank.
Tot slot werpt deze masterproef een kritische blik over de Belgische aanpak. Enerzijds blijkt de
wetgeving onvoldoende duidelijk geformuleerd – zo ontbreekt een definitie van het recht op
deconnectie – en anderzijds lijkt er te weinig aandacht te gaan naar de opvolging en handhaving van
dit recht.
Op basis van de bevindingen uit het onderzoek worden daarom ook aanbevelingen aan de wetgever
geformuleerd, met als doel tegemoet te komen aan deze bemerkingen.
Meer lezen

Een kijk op dekolonisatie: Vlaamse en Franse media over tien jaar onafhankelijkheid in hun voormalige koloniën

KU Leuven
2025
Margeaux
De Borger
Deze masterproef onderzoekt hoe de dekolonisatie van Congo en Algerije gerepresenteerd werd in Vlaamse en Franse televisiereportages, tien jaar na de onafhankelijkheid van beide landen. Aan de hand van een kwalitatieve, multimodale framingsanalyse worden de twee driedelige reportagereeksen Kongo (1970) en L’Algérie dix ans après (1972) geanalyseerd.
Meer lezen

MOSLIMVROUWEN EN DE HIJAB: ACADEMISCHE LOOPBAAN EN LATERE LOOPBAANKANSEN IN RELATIE TOT HET LERAARSCHAP

Universiteit Gent
2024
Oumaima
El Achraki
Deze masterproef onderzoekt de academische loopbaan en latere carrièremogelijkheden van moslimvrouwen die een hoofddoek dragen in het Vlaams onderwijs. Voor het onderzoek werden 28 moslimvrouwen bevraagd die een hoofddoek dragen en momenteel een lerarenopleiding volgen of recent hebben afgerond aan een Vlaamse hogeschool. Er werd gebruik gemaakt van kwalitatieve onderzoeksmethoden, waaronder focusgroepen en diepte-interviews. Het onderzoek focust zich op het hoofddoekendebat en belicht hoe deze vrouwen hun ervaringen op dat vlak beleven met betrekking tot hun academische loopbaan en latere loopbaankansen, waarbij discriminatie een belangrijke rol speelt.
Meer lezen

A change of direction in the jurisprudence on wrongful birth claims

Vrije Universiteit Brussel
2024
Graciela
Pardo Burbano
In deze thesis wordt het onderwerp van schadevergoeding wegens een medische fout behandeld, in het bijzonder de zgn. 'wrongful life, wrongful birth en wrongful pregnancy' vorderingen. Na een analyse van Belgisch recht, een discussie over de debatten, en een vergelijking met andere rechtstelsels komt een voorstel van mogelijke artikels om dit onderwerp te reguleren.
Meer lezen

The Agency of Wives of Diplomats through Charity: The Belgian Relief Fund in First World War Japan

KU Leuven
2024
Katelijne
Voorbij
Deze scriptie bevat een historische studie naar liefdadigheid georganiseerd door vrouwen van diplomaten tijdens de Eerste Wereldoorlog. Hiervoor werd een liefdadigheidsorganisatie die uitging van de Belgische Legatie in Tokio, het Belgian Relief Fund, gebruikt als casestudy. Door gebruik te maken van een uitgebreide verzameling van primaire bronnen, werpt deze scriptie licht op verschillende aspecten van liefdadigheid binnen een diplomatieke context.
Meer lezen

Het diepzeedilemma van de Europese Unie: een analyse van de verschillende standpunten van EU-lidstaten met betrekking tot diepzeemijnbouw in internationale wateren (2017-2023)

Universiteit Gent
2024
Seppe
Dewulf
Sinds enkele jaren lopen de politieke spanningen rond de mogelijke goedkeuring van diepzeemijnbouw in internationale wateren hoog op. Meer dan 167 landen onderhandelen binnen de Internationale Zeebodemautoriteit (IZA) over de toekomst van zeebodemexploitatie, met uitgesproken voor- en tegenstanders van de praktijk. Hoewel ook de Europese Unie lid is van dit intergouvernementeel orgaan speelt het tot op heden geen actieve rol in deze onderhandelingen, desondanks de indiening van een voorstel van de Europese Commissie aan de Raad van de Europese Unie in januari 2021 (met het oog op het innemen van een gezamenlijke positie binnen de IZA) – dat onbeantwoord bleef. Vertrekkende vanuit de hypothese dat dit interinstitutioneel (bevoegdheids)conflict binnen de EU te wijten is aan te grote tegenstellingen tussen de standpunten van de EU-lidstaten, worden in dit onderzoek de standpunten van vier lidstaten – België, Duitsland, Frankrijk en Polen – op het vlak van diepzeemijnbouw onderzocht.
Meer lezen

Van de laatste kasteelvrouwe van Gaasbeek naar de Belgische Staat

KU Leuven
2024
Emma
Wouters
Dit onderzoek gaat na hoe het schenkingsproces van het Kasteel van Gaasbeek door markiezin Arconati Visconti aan de Belgische Staat verliep aan het begin van de twintigste eeuw. De schenking hield naast het kasteel ook het park, de gronden, de collecties en een bijkomende som van 200 000 frank in. In dit onderzoek wordt bestudeerd welke motieven ze had om het landgoed aan verschillende mogelijke ontvangstpartijen aan te bieden.

Het karakter van de markiezin werd getekend door haar antiklerikale, patriottische en republikeinse waarden. Een groot deel van haar tijd spendeerde ze aan corresponderen, salons organiseren en het bevorderen van wetenschappen en kunsten, met bijzondere aandacht voor historische wetenschappen. Ze stond bekend als gulle weldoenster door haar uitgebreide verzamel- en schenkingspolitiek. Dit was mogelijk door de aanzienlijke erfenis, waaronder het Kasteel van Gaasbeek, die ze in bezit had gekregen na de dood van haar echtgenoot markies Giammartino Arconati Visconti in februari 1876. Vooral vanaf de jaren 1890 hield ze zich hier frequent mee bezig. Tijdens het Brusselse burgemeesterschap van Émile De Mot (1899-1909), kreeg de markiezin voor het eerst het idee om haar geliefde Kasteel van Gaasbeek weg te schenken. Het schenkingsproces stuitte echter op enkele obstakels. Pas na drie mislukte schenkingspogingen aan respectievelijk de stad Brussel onder De Mot, de Belgische Staat en koning Albert I, kon de werkelijke schenking kon plaatsvinden. Toen de markiezin de Belgische Staat voor een tweede keer benaderde om het kasteel aan te bieden, had ze namelijk meer succes. Uiteindelijk kon de schenkingsakte op 30 augustus 1921 ondertekend worden.

De schenking en haar motieven daartoe passen binnen de bredere schenkingspolitiek van de markiezin. Ten eerste waren haar kinderloze status als weduwe, haar fysieke verzwakking en haar confrontatie met vergankelijkheid door de dood van enkelen van haar dierbaren, drijfveren om bij haar schenkingspolitiek een versnelling hoger te schakelen. Daardoor paste haar schenking eveneens binnen de algemene schenkingspolitiek uit die tijdsgeest. Meer specifiek voor de schenking van het Kasteel van Gaasbeek was een eerste motief haar bewondering voor België door de dappere bescherming van Frankrijk tijdens de Eerste Wereldoorlog die ze daaraan toeschreef. Door bij te dragen aan de opbouw van het Belgisch nationaal patrimonium wilde ze haar sympathie uiten, hoewel ze België bleef bekijken met haar Franse blik. Ten tweede wilde ze het behoud van het kasteel op lange termijn verzekeren. Verder wilde ze bijdragen aan de bevordering van kunsten en wetenschappen. Daarnaast wilde ze de herinnering aan overleden geliefden eren, en hoopte ze ook dat het museum voor haarzelf attent bleef. Omwille van dit alles wenste ze dat de schenking zou leiden tot de creatie van een publiek museum, waar alle objecten van de collectie tentoongesteld zouden blijven.

De schenking leverde de markiezin veel dankbaarheid op. Tot op de dag van vandaag wordt ze herinnerd omwille van haar vrijgevigheid. Na de afronding van het proces doken er toch nog enkele problemen op. Zo maakten er nog enkele nazaten van de Arconati Visconti’s aanspraak op een deel van de schenking. De uitkomst daarvan is echter onduidelijk. Daarenboven vormde de benoeming van de eerste conservator ook voor discussies binnen de Ministerraad. Vooral een machtsstrijd tussen twee betrokken ministers lagen aan de basis van die spanningen. Ondanks die discussies was het uiteindelijk Georges Lockem die de eerste conservator werd en die functie dan ook bekleedde bij de opening van het kasteel-museum voor het publiek op 11 februari 2024.
Meer lezen

Bouwen Aan Een Actief Agrarisch Grond- En Pandenbeleid

Universiteit Gent
2024
Bart
Laridon
Deze thesis verkent en ontwikkelt een duurzaam en actief agrarisch-ruimtelijk beleid, gericht op het versterken en beschermen van de Vlaamse agrarische structuur tegen toenemende verstedelijking en niet-agrarisch ruimtegebruik. De studie identificeert zowel tekortkomingen in het huidige beleid als de belangrijkste uitdagingen voor de agrarische sector. Er werd onderzocht welke instrumenten ingezet kunnen worden in zo’n beleid. Dit resulteert in een prototype voor een actief agrarisch grond- en pandenbeleid. Hiermee formuleert het thesisonderzoek concrete oplossingen die het behoud en optimalisatie van de Vlaamse agrarische structuur kunnen ondersteunen. De aanbevelingen onderstrepen de urgentie voor een geïntegreerde beleidsvisie en -aanpak, waarin omgevings- en landbouwbeleid nauw worden afgestemd. De betrokkenheid van lokale en regionale overheden en andere stakeholders is cruciaal voor de succesvolle implementatie en effectiviteit van dit beleid.
Meer lezen

Franse militaire interventies in de Sahel: verklaringen hoe Russische inmenging de Franse terugtrekking beïnvloedde

Universiteit Gent
2024
Aelön
Messiaen
Deze masterproef heeft als doel om verklaringen te vinden voor de impact van Russische
inmenging op de terugtrekking van Franse militaire interventies in de Sahel. Daarbij wordt
gefocust op interventies van de afgelopen tien jaar met als vertrekpunt de toegenomen
militarisering in de regio. Dit zal namelijk een proces in gang zetten dat leidde tot de Franse terugtrekking waarbij onderzocht wordt wanneer en in welke mate Rusland via o.a. huurlingen (PMSC’s) invloed uitoefende. Voor het onderzoek naar de geselecteerde cases Mali, Burkina Faso en Niger wordt gebruikt gemaakt van de methode theory-testing process-tracing. Concreet wordt aan de hand van bevindingen uit de literatuur en voorgaand onderzoek een model opgesteld dat de verhouding tussen de militarisering van de Sahel, de Franse terugtrekking en de Russische inmenging theoretiseert. Hieruit worden hypotheses afgeleid en getest aan de hand van observaties. Een eerste vaststelling is dat er aanwijzingen zijn dat Rusland invloed uitoefende bij de gemilitariseerde lokale bevolking wiens onvrede leidde tot een staatsgreep, vooral door het bestaande anti-regeringssentiment te exploiteren. Vervolgens werden observaties gevonden dat Rusland via PMSC’s en lokale pro-Russische organisaties uit de civil society een anti-Frans narratief verspreidde bij de junta. Ten slotte werd met de uiteindelijke ontplooiing van Russische PMSC’s bevestigd dat de nieuwe machtshebbers voluit voor het aanbod van Moskou hebben gekozen. De impact van Russische inmenging op de Franse militaire terugtrekkingen van Opération Barkhane, Opération Sabre en Les éléments français au Niger werd dus in redelijke mate bevestigd, waarbij Rusland vooral een bestaand ongenoegen succesvol capteerde.
Meer lezen

Mannelijk, ziek, gevaarlijk en vreemd. De representatie van lesbian-like vrouwen in de Belgische dagbladpers tijdens het interbellum.

KU Leuven
2024
Lea
Schiettecatte
Sinds het midden van de jaren 1970 besteden historici steeds meer aandacht aan de geschiedenis van lesbische vrouwen. Hoewel er sindsdien al veel invloedrijke werken verschenen, is er nog weinig historisch onderzoek gevoerd naar de geschiedenis van de representatie van vrouwelijke homoseksualiteit. Deze masterproef besprak daarom de representatie van lesbian-like vrouwen in de Belgische pers tijdens het interbellum. Daarbij werd een discoursanalyse toegepast op meer dan 150 krantenartikelen van 37 verschillende kranten. In de eerste plaats toonde dit onderzoek aan dat journalisten uitvoerig berichtten over vrouwen die zich mannelijk kleedden. Die vrouwen werden tijdens het interbellum ‘garçonnes’ genoemd. Journalisten gingen daarbij op zoek naar verschillende mogelijke oorzaken voor het bestaan van de garçonne, waarbij ze de Eerste Wereldoorlog en de emancipatie van de vrouw aanhaalden. Welke reden ze ook toeschreven aan hun bestaan, de verslaggevers waren het erover eens dat garçonnes onaantrekkelijk waren. Daarbij benadrukten socialistische en liberale journalisten dat de omgeving van de garçonne misnoegd was over haar uiterlijk en drukten katholieke journalisten hun bezorgdheid uit over de gezondheid van de vrouwen. Daarnaast benoemden verslaggevers de garçonne als een sociaal probleem, waarbij ze zich volgens hen ‘immoreel’ gedroeg. Daarnaast toonde dit onderzoek aan dat Belgische journalisten het pathologisch discours van medici overnamen. In die representaties was de lesbian-like vrouw een femme fatale, die roofdiergedrag vertoonde. Mogelijke slachtoffers van die femme fatale waren kinderen, maar ook volwassen vrouwen en mannen. Daarnaast geloofden de verslaggevers dat lesbian-like vrouwen een gevaar vormden voor de maatschappij, waarbij ze een bedreiging vormden voor gezinnen en bijgevolg de toekomst van het land. Afhankelijk van de ideologie van de krant waarvoor ze werkten, haalden journalisten de censuur van fictieve werken met lesbian-like personages aan als oplossing voor de bedreiging van de lesbian-like vrouwen. Ten slotte benoemden journalisten lesbian-like vrouwen consequent als ‘de andere’. Zo werden ze vereenzelvigd met de oudheid, waarbij ze zelfs als oorzaak van de val van het Griekse Rijk benoemd werden. Lesbian-like vrouwen werden echter ook vaak geassocieerd met het buitenland, met Frankrijk en Duitsland in het bijzonder. Die associatie was wellicht het gevolg van de imago’s van Berlijn en Parijs als steden met een sterke homoseksuele subcultuur. Daarnaast maakte specifiek de socialistische pers de associatie van lesbian-like gedrag met de hoogste klasse, wat gekaderd kan worden binnen het idee van de klassenstrijd. Het onderzoek toonde aan dat er zowel sprake was van gelijkenissen als verschillen tussen de berichtgeving per ideologie. Daarbij was er vaak sprake van meningsverschillen tussen de katholieke en socialistische pers en nam de liberale pers een meer ambigu standpunt in. Daarnaast kan de berichtgeving van België vergeleken worden met die van andere Europese landen. Daarbij kwamen bredere trends op het continent, zoals het pathologisch discours, het nationalisme en de afkeur ten opzichte van garçonnes, ook terug in Belgische pers. Toch verschilde de Belgische casus ook van andere Europese landen, bijvoorbeeld wat betreft de ideologische verschillen in het land en het uitzonderlijk verbod op censuur.
Meer lezen

Het Verzet tijdens de Tweede Wereldoorlog door de Spoorweglieden in de regio Mechelen en de aansluitende zones Leuven, Tienen en Landen

Universiteit Gent
2023
Ruben
Lateur
Verzet door de spoorweglieden in de regio's Mechelen, Leuven, Tienen, Landen en de tussenliggende zones tijdens WOII. Het onderzoek bestaat uit een prosopografie, een analyse van de verzetsactivititeiten en een netwerkanalyse. De erkenningsdossiers van het verzet vormen de empirische basis.
Meer lezen

Economische en milieueffecten van zware vrachtwagens op waterstofcellen in vergelijking met zware dieselvrachtwagens in Europa

Universiteit Hasselt
2023
Anke
Maes
De scriptie biedt een vergelijkende analyse van zware vrachtwagens op diesel en waterstof. Zowel economische als milieufactoren worden hierbij afgewogen.
Meer lezen

Pan-European News Media reporting on EU enlargement with Ukraine: a Frame Analysis comparing news articles by Politico Europe, Euractiv, Euronews and EUobserver in 2022-2023

Universiteit Gent
2023
Febe
De Brabanter
Oekraïne, een land vollop in oorlog, is sinds 2022 officieel kandidaat-lidstaat van de EU. Met welke bril kijken invloedrijke media hiernaar?
Meer lezen